CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 5c Beantwoording schr. vrg. Algemeen Bestuur KvdV

Commissie Algemeen Bestuur 13 mei 2025, gemeente NunspeetBij agendapunt: Jaarverslag 2024 en Jaarplan 2025 Kop van de Veluwe.1.743 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht schriftelijke vragen commissie Algemeen Bestuur 8 april 2025. ☐3.

Rondvraag.

H.J. Polinder (SGP) Betreffende de stukken ter kennisname m.b.t. het jaarverslag 2024 en het jaarplan 2025 Kop van de Veluwe: Vraag: 1. Waar blijkt in het jaarplan 2025 concreet dat rekening is gehouden met de specifieke positie van Nunspeet binnen de samenwerking, conform de voorwaarden die de gemeente Nunspeet stelde toen het alsnog instemde met het regio-arrangement? Antwoord: In relatie tot het jaarplan 2025 heeft Nunspeet geen specifieke positie. Vraag: 2. Welke onderdelen van het jaarverslag en jaarplan zijn aangepast of ingericht op basis van de voorwaarden die de gemeenteraad van Nunspeet in juni 2024 heeft gesteld? Antwoord: De specifieke voorwaarden voor Nunspeet zijn alleen van toepassing op de gebiedsopgaven. Vraag: 3. Op welke manier behoudt Nunspeet binnen de gebiedsopgave Randmeerkust regie op de koppeling met het lokale project ‘Nunspeet aan Zee’? Antwoord: Het project Nunspeet aan Zee maakt geen onderdeel uit van de preverkenning van de gebiedsopgave Randmeerkust. Vraag: 4. Is de koppeling tussen de gebiedsopgave Randmeerkust en ‘Nunspeet aan Zee’ ergens inhoudelijk uitgewerkt of benoemd? Antwoord: Het is onze intentie om de verbinding met de gebiedsopgave Randmeerkust versterkend te laten werken voor het project Nunspeet aan Zee. Vraag: 5.

Welke positie nemen de portefeuillehouders momenteel in aan de diverse bestuurlijke tafels? Welke invloed heeft de eerdere terughoudendheid bij de ondertekening van de Samenwerkingsagenda daarop? Antwoord: Nunspeet is aan de diverse bestuurlijke tafels volledig betrokken. Wij stellen ons alleen terughoudend op als het gaat om de oorspronkelijke set gebiedsopgaven. Vraag: 6. Zijn er afwijkende afspraken gemaakt over besluitvorming of stemverhoudingen waarin de positie van Nunspeet expliciet wordt meegenomen? Antwoord: Nee, dat is niet het geval. Vraag: 7. Hoe wordt geborgd dat provinciale middelen daadwerkelijk worden ingezet voor gebiedsopgaven die aansluiten bij de prioriteiten van Nunspeet?

Antwoord: Provinciale middelen zijn toereikend als dekking voor inzet van extra formatie voor uitwerking van de gebiedsopgaven. Voor Nunspeet betreft het nu alleen de preverkenningen voor nieuwe gebiedsopgaven. Vraag 8. Wordt het eerdere verzoek van Nunspeet – om provinciale middelen primair te gebruiken voor uitwerking van gebiedsopgaven – zichtbaar gehonoreerd in de begroting of projectplannen? Antwoord: In verslagen van Kopgroepvergaderingen rondom terugtreden en herintreden van Nunspeet is vastgelegd dat Nunspeet niet meebetaalt aan uitbreiding van formatie voor uitwerking van gebiedsopgaven. In de praktijk zijn de middelen van provincie en waterschap voldoende om deze kosten af te dekken. Vraag: 9. Welke concrete evaluatiemomenten zijn voorzien om te toetsen of de samenwerking voor Nunspeet werkbaar en effectief blijft? Antwoord: Herziening van de gebiedsopgaven is aangemerkt als concreet evaluatiemoment. Met betrekking tot de lichte netwerksamenwerking is geen evaluatiemoment voorzien. Vraag: 10. Hoe wordt de herkenbaarheid en zichtbaarheid van de inbreng van Nunspeet geborgd in de communicatie en verslaglegging van de Kop van de Veluwe? Antwoord: Dit is afhankelijk van de inbreng van de portefeuillehouders van Nunspeet in de bestuurlijke overleggen en de ambtelijke inbreng aan de ambtelijke tafels. Vraag: 11.

Wordt in de monitoring van de samenwerking ook expliciet gekeken naar het borgen van de aparte positie van Nunspeet? Antwoord: Dit wordt alleen gedaan in relatie tot de gebiedsopgaven. Vraag: 12. Hoe verhoudt de invulling van het regiobureau in het jaarplan zich tot de wens van Nunspeet voor een smalle, lichte netwerksamenwerking, gezien de functies en omvang van het stafbureau zoals benoemd in de financiële paragraaf? Antwoord: De extra functies zijn tijdelijk ingesteld, in relatie tot de huidige gebiedsopgaven. Bij herziening van de gebiedsopgaven wordt de omvang van het stafbureau opnieuw vastgesteld. Vraag: 13. Betekent de benoemde personele invulling dat Nunspeet nu meebetaalt aan een stafbureau waar we eerder principieel tegen waren? Antwoord: De extra personele invulling is financieel gedekt door de bijdragen van de provincie en het waterschap. Vraag: 14. Wat is het concrete nut van deze personele inzet voor Nunspeet en hoe verhoudt dit zich tot de voorwaarden waaronder wij juni 2024 alsnog met de strekking van de Samenwerkingsagenda hebben ingestemd? Antwoord: De preverkenningen van de gebiedsopgaven worden breed uitgezet en gelden dus ook voor Nunspeet.

P.V. van Rossen (Gemeentebelang) Inleiding. Vorige maand berichtte onder andere De Stentor over het voornemen van Noord Veluwse gemeentes en woningcorporaties, waaronder gemeente Nunspeet, om bij het toewijzen van woningen voorrang te blijven geven aan statushouders en daarmee geen gehoor te geven aan het verbod hierop dat het kabinet bij monde van minister Keijzer heeft aangekondigd. De raad heeft dit in de media moeten vernemen. Dit gegeven brengt ons tot de volgende vragen: Vraag: 1) Is het college bekend met de diverse berichtgevingen in de media waarin ook specifiek de gemeente Nunspeet is benoemd? Antwoord: Het college is bekend met de genoemde berichtgeving. Vraag: 2) Is het college zich bewust van het gegeven dat deze raad (als ook andere raden in de regio, zo hebben wij begrepen) dit standpunt uit de media heeft moeten vernemen? Antwoord: Het college is zich bewust van het gegeven dat uw raad net als de andere gemeenteraden het standpunt uit de media heeft moeten vernemen. Wij hebben ons echter onvoldoende gerealiseerd dat een reactie op een internetconsultatie tot deze ophef zou leiden.

Vraag: 3) Is het college zelf op de hoogte of betrokken geweest bij dit (regionale) besluit en het opstellen van de brief naar de minister? Antwoord: Tijdens het Bestuurlijk Overleg Wonen regio Noord-Veluwe is afgesproken om als regio te reageren op de internetconsultatie om de voorrang voor statushouders stop te zetten. De inhoud van de reactie is, voordat deze is geplaats, ter goedkeuring voorgelegd aan deelnemers van het bestuurlijk overleg. Vraag: 4) Indien het antwoord op vraag 3 bevestigend is: Wat is de reden dat het college de raad niet bij de totstandkoming van dit – politiek en maatschappelijk gevoelige – standpunt heeft betrokken en/of vooraf geïnformeerd? Antwoord: De realisatie van de huisvestingstaakstelling statushouders betreft een uitvoerende taak die is neergelegd bij het college. De voorgenomen wetgeving heeft gevolgen voor de uitvoering van deze taak. Vraag: 5) Wil het college de betreffende brief aan de minister delen met de raad? Antwoord: Als bijlage bij deze beantwoording treft u de reactie aan vanuit de regio Noord-Veluwe op de internetconsultatie.

Vraag: 6) Wil het college het ingenomen standpunt inhoudelijk toelichten en motiveren? Antwoord: De reden om namens de regio Noord-Veluwe een reactie te sturen op het wetsvoorstel om de voorrang voor de huisvesting van statushouders te schrappen is omdat we van mening zijn dat je niet deze voorrangsmogelijkheid kunt intrekken zonder de wettelijke huisvestingstaakstelling eraf te halen. Daarnaast blijft er de toezichthoudende van rol van provincie Gelderland op de realisatie van de taakstelling. De gemeente/het college krijgt hiermee een onuitvoerbare taak.

S.M. Kouwenberg (PvdA/GroenLinks) Vraag: Het college heeft de toezegging gedaan om de mogelijkheden te onderzoeken van het aangaan van een internationale steden/dorpenband. Dit mogelijk in Canada, gezien Canada ons heeft bevrijd. Inmiddels zijn we maanden en maanden verder en vieren we over ruim twee weken onze 80 jarige vrijheid. Wat is momenteel de stand van zaken? Antwoord: Wat betreft de beantwoording van deze vraag hebben we het niet zo opgevat dat dit ten tijde van 19 april 2025 al bekend moest zijn. We starten het onderzoek op nu als eerste stap de contacten weer extra zijn aangehaald met onze ‘Canadese bevrijders’. Dit via een uitnodiging voor en aanwezigheid van veteranen van het regiment Lord Strathcona’s Horse in Nunspeet tijdens de herdenking van de bevrijding op 19 april 2025 en een uitnodiging aan de Canadese ambassadeur. Deze contacten willen we nauw houden en gebruiken om de mogelijkheden voor een vervolgstap in de vorm van een stedenband met een Canadese stad nader te verkennen, en te inventariseren of dit zowel inhoudelijk als financieel haalbaar is.

Vraag: Kan het college aangeven hoe het nieuwe horecaconvenant tot stand is gekomen, inclusief het gehele tijdspad, de overlegmomenten, etc.? Hierbij doelt PvdA/GroenLinks niet zozeer op alleen de meest recente ontwikkelingen, maar vanaf het eerste moment dat het college in beantwoording op vragen van PvdA/GroenLinks aangaf dat er aan gewerkt werd. Antwoord: Het ‘oude’ horecaconvenant liep af eind 2018 af en is stilzwijgend verlengd. Het lokaal horecaconvenant is gebaseerd op het regionaal bestuursconvenant horeca. Deze is in 2019 in de driehoek Veluwe Noord opnieuw vastgesteld. In 2019 is met de deelnemers gewerkt aan een herzien van het convenant. Deze zou begin 2020 opnieuw worden ondertekend met een looptijd van 4 jaar. Deze ondertekening is opgeschort in verband met de coronacrisis. In de raadsvergadering van 29 september 2022 heeft de burgemeester toegezegd dat het lokaal horecaconvenant geactualiseerd zal worden. In de vergadering van de commissie Algemeen Bestuur van 8 december 2022 heeft de burgemeester aangegeven dat er gewerkt wordt aan een nieuw horecaconvenant. In dat kader vindt in het tweede kwartaal van 2023 overleg plaats met de horecaondernemers. Dit overleg met de horeca stond met name in het teken van kennismaking. Begin 2024 is 2 x overleg gevoerd met de horecaondernemers over de tekst van het convenant.

Door onderbezetting (ziekte) en het nader prioriteren van de OOV-werkzaamheden binnen het cluster Veiligheid heeft de afwerking vertraging opgelopen en is 17 maart 2025 het lokaal horecaconvenant ondertekend. Wel is met de verschillende horecaondernemers in de tussentijd regelmatig goed contact geweest over de gang van zaken. Denk hierbij ook aan de uitgevoerde pilot cameratoezicht Stationslaan in 2023 en 2024. Het convenant is opgesteld vanuit het openbare orde motief (horeca met een uitgaansfunctie en een glijdende sluitingstijd) en bevat afspraken over excessief alcohol- en drugsgebruik, horeca-ontzeggingen, bijeenkomsten van motorbendes (OMG) en uiterlijke OMG kenmerken en het toezicht. Dit convenant is ondertekend door: 1. Bar Pub de Zaak en de Buuren 2. Pool en snooker café Shooters 3. Eetcafé de Stoof 4. Café de Blokhut Een afschrift van het convenant is ter info bijgevoegd. In de beleidsagenda voor 2023 was in het 4e kwartaal herziening van het horecaconvenant voorzien. Dit is toen doorgeschoven naar het 2e kwartaal 2024.

Vraag: Toen PvdA/GroenLinks aan het college vroeg of het college op de hoogte was van licht verstandelijk beperkte jongeren die dealden in het Nunspeetse drugscircuit, werd dit ontkend vanuit het college en later via de woordvoerder naar de pers. De vraag van PvdA/GroenLinks leek dus uit de lucht gegrepen, dan wel uit de duim gezogen en zodoende stond mijn partij een beetje voor joker. Onlangs was er een bijeenkomst in het gemeentehuis over ondermijning. De politie, die aanwezig was, sprak over licht verstandelijk beperkte jongeren die dealden in het Nunspeetse drugscircuit. Graag een rectificatie vanuit het college. Antwoord: Tijdens de commissievergadering wordt hierop teruggekomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15406269/1