CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 5a. Bijlage Pakket 3 Vitale Vakantieparken

Commissie Ruimte en Wonen 8 december 2025, gemeente NunspeetBij agendapunt: Principeverzoek Functiewijziging Bospark Nuwenspete (Elspeterweg 34, Nunspeet).1.245 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Pakket 3 | Verstedelijkingspark

Vitale Vakantieparken | oktober 2022

Er zijn een aantal parken warbij vanuit het gebied en/of het park gezien een transformatie

Brand en bouwveiligheid

naar wonen een passend en soms enig ontwikkelperspectief is. Onder verstedelijkingsparken wordt het volgende verstaan: parken waarbij de hoofdstructuur, situering en bebouwing grotendeels behouden blijft en waarbij ‘slechts’ de bestemming wordt veranderd naar wonen. Voor deze parken is het noodzakelijk om een goed uitgewerkt parkplan te ontvangen. In dit parkplan dienen op deze pagina uitgelichte uitgangspunten te worden verwerkt en zal men moeten aantonen hoe men dit wil borgen en uitvoeren. Na een goedgekeurd parkplan zal

Brandveiligheid •

• •

een overeenkomst met de gemeente worden gesloten en zal een bestemmingsplanprocedure worden doorlopen. Gedurende dit proces zal ook gekeken worden naar de behoefte van ondersteuning van de parkeigenaren en VvE’s.

Functies en doelgroepen •

• •

•

Het aantal om te zetten woningen moet zoveel als mogelijk passen binnen de woonbehoefte zoals dat in de woonvisie is benoemd en zoals dat wordt afgewogen t.o.v. andere woningbouwplannen. De doelgroep is met name gericht op één/twee persoonshuishoudens, bijvoorbeeld starters, senioren en specifieke doelgroepen. De omvang van de woningen dienen kleinschalig te blijven om te kunnen voldoen aan de bovenstaande eis voor één/twee persoonshuishoudens (zie ook uitgangspunten ‘Stedenbouwkundig/ruimtelijke kwaliteit’). Specifieke doelgroepen huisvesten door afzonderlijke afspraken met parkeigenaren/ VvE’s te maken.

• • • • • • • • • •

•

Stedenbouwkundig/ruimtelijke kwaliteit

• •

• •

•

Waardevol groen dat moet verdwijnen geldt herplantplicht met nieuw groen.. Minimaal 5 meter brede rand van het park groen inrichten, passend bij het landschap, met streekeigen beplanting. Geen bebouwing toegestaan. Maximale bouwmogelijkheden conform geldend bestemmingsplan en voldoen aan beeldkwaliteitseisen (zie ook woonmilieu 2 ‘kleinschalig wonen in groen’ bijlage 1). Enige verruiming bouwmogelijkheden: Goothoogte maximaal 3 m en bouwhoogte maximaal 7 meter en oppervlakte bijbehorende bouwwerken maximaal 10 m2, vergunningsvrij bouwen wordt van toepassing. Toepassen van groene erfafscheidingen (geen schutting of coniferen) van maximaal 1 meter hoog voor de voorgevel en tot maximaal 2 meter achter de voorgevel. Circa 3 procent van het terrein wordt ingericht met collectief verblijfsgroen met bijvoorbeeld bos, speelplek en ruimte voor ontmoeten. Dit kan ook in gezamenlijkheid met andere transformaties worden opgepakt. Er dient een bomeninventarisatie en beeldkwaliteitsplan inclusief een groenplan/ bomenplan te worden opgesteld

Openbare orde, veiligheid en handhaving • • •

De reguliere wettelijke kaders op het gebied van openbare orde, veiligheid en handhaving. Een veiligheidsstandaard zoals dat ook voor woningen geldt conform het politiekeurmerk veilig wonen (PKVW). Ten behoeve van de sociale veiligheid in de omgeving van de recreatiewoning kunnen de ZETA-vuistregels worden gehanteerd (zichtbaarheid, eenduidigheid, toegankelijkheid, aantrekkelijkheid)

•

• •

•

• •

•

Bodem: Voor de plaatsen waar transformatie plaats gaat vinden is nader historisch onderzoek conform NEN 5725 nodig, en wellicht daaruit voorvloeiend (aanvullend) bodemonderzoek conform NEN 5740. Op basis van de verdenkingen van het voorkomen van asbest kan gericht bodemonderzoek worden uitgevoerd conform NEN 5707. Akoestiek: Binnen de akoestische onderzoekszones dient een akoestisch onderzoek naar wegverkeers-, spoor- en industrielawaai te worden uitgevoerd. Bedrijven en milieuzonering: Binnen de bedrijven en milieuzones dient een onderzoek naar het effect van de ontwikkeling op de bestaande bedrijfsvoering van de omliggende bedrijven en vice verca te worden uitgevoerd. Externe veiligheid: Binnen de contour van het plaatsgebonden externe veiligheidsrisico van het LPG-tankstation en gasleidingen zijn geen nieuwe woningen toegestaan. Binnen het invloedsgebied van de genoemde risicobronnen dient een aanvullend onderzoek te worden uitgevoerd. Geur: Binnen de berekende geurcontouren of contour vast afstandsdieren geldt dat hier niet zonder een nadere motivering/verantwoording een verblijfsfunctie is toegestaan. Hoogspanning: Bij de ontwikkeling van het gebied moet rekening gehouden worden met de aanwezige hoogspanningslijnen en een indicatieve zone. Geadviseerd wordt om in deze zone geen woningen mogelijk te maken.

Met een nader onderzoek en verantwoording van de risico’s kan het bevoegd gezag bepalen of sprake is van een goed woonmilieu. Luchtkwaliteit: Dit aspect vormt naar verwachting geen belemmering. Hiervoor dient gericht per locatie een onderbouwing te worden opgesteld.

Bouwveiligheid

•

• •

Voldoen aan de eisen bouwbesluit 2012 bestaande bouw voor woonfuncties en daar waar verbouwing noodzakelijk is bouwbesluit 2012 voor verbouw (gedeeltelijk/geheel) van toepassing. Brandveiligheidsvoorschriften van bouwbesluit 2012 nieuwbouw. Tussen de openbare weg en de toegang van een bouwwerk voor het verblijven van personen een verbindingsweg aanwezig zijn die geschikt is voor het te verwachten verkeer, zoals brandweervoertuigen en voertuigen van andere hulpverleningsdiensten. Voorkom bebouwing binnen 5 meter van de grens van het park. Realiseren van een veilige ontsluitingsstructuur. Bij doodlopende wegen is de voorkeur om een 2e (calamiteiten)uitgang voor voetgangers en hulpdiensten te realiseren. Goede huisnummering en verwijzing voor hulpdiensten bij inritten. Hekken, slagbomen en paaltjes die de routes blokkeren moeten snel en gemakkelijk geopend of verwijderd kunnen worden bij een calamiteit. Parkeerverbod op doorgaande wegen op en naar het park. Het park dient een geoefend ontruimingsplan te hebben. De afstand tussen woningen is minimaal 5 meter. Informeer bij de brandweer naar bluswatervoorzieningen in de omgeving in relatie tot de omgeving/omvang van het park. Behoud voldoende afstand tot een propaangastank. Hiervoor gelden richtafstanden. Voorkeur geen coniferenhagen.

Milieuaspecten

Voldoen aan de eisen bouwbesluit 2012 bestaande bouw voor woonfuncties en daar waar verbouwing noodzakelijk is bouwbesluit 2012 voor verbouw (gedeeltelijk/geheel) van toepassing. Daar waar redelijkerwijs mogelijk ook voldoen aan de eisen bouwbesluit 2012 nieuwbouw.

Verkeersveiligheid en parkeren • •

•

Overzichtelijke verkeersstructuur door voorkomen van doodlopende straatjes langer dan 50 meter. Parkeernorm van het bestemmingsplan parkeernormen toepassen. Van recreatiewoning naar reguliere woning wordt aangemerkt als ‘vrijstaande woning’ met 2,5 pp per woning. Bij het parkplan zal uiteindelijk moeten worden aangegeven of er een verantwoorde parkeersituatie is. Geen parkeerplaatsen in de openbare ruimte buiten het park (gemeentegrond) of op de verbindingswegen voor calamiteiten.

Infrastructuur en hemelwaterafvoer • • • • • • •

Op de verstedelijkingsparken zijn de grondeigenaren zelf verantwoordelijk voor de ondergrondse infra (gas, water, riool en elektra). Gemeente is samen met netbeheerders verantwoordelijk voor de hoofdinfrastructuur in openbare ruimte. Toetsing van toename gebruik op infrastructuur (bijv. riolering). Inzichtelijk maken of en waar knelpunten zitten en zorgen voor een passende oplossing. Afkoppelen hemelwater en bergen op eigen terrein en/of infiltreren in de grond. Geen watergangen, meren of sloten dempen zonder vergunning waterschap/gemeente Voldoen aan de Keur van het waterschap waaronder bebouwingsvrije zones en onderhoudspaden langs watergangen.

Duurzaamheid en natuur Duurzaamheid en klimaatadaptatie •

•

Klimaatadaptatie (afkoppelen regenwater, wateroverlast voorkomen, hittestress voorkomen door streven 85% met groen te bedekken, droogte voorkomen) hangt samen met aspect natuur en infrastructuur. Inzicht krijgen in toekomstige energiebesparing en opwekmogelijkheden van eigenaren door bijvoorbeeld de volgende maatregelen/alternatieven: individuele warmtepompen, biomassa, biogas, isolatiemaatregelen, zonnecollectoren/panelen op daken of collectieve zonnepanelen/windenergie.

Natuur • • • • • • •

Behoud waar mogelijk lijn- en vlakvormige boomstructuren en bomen. Bij sloop bestaande panden dient uitgesloten te worden dat het geschikt is/bewoond wordt door o.a. huismussen en/of vleermuizen. Voor alle beschermde soorten, dus ook voor de soorten die zijn vrijgesteld van de ontheffingsplicht, geldt een zogenaamde ‘algemene zorgplicht’ (art. 1.11 Wnb). Bescherming bomen, kapverbod en herplantplicht borgen in bestemmingsplan. Natuurinclusief bouwen en inrichting met hoge biodiversiteit. Natuurwaarde waar mogelijk versterken. Bij toename van het aantal vervoersbewegingen en programma is een onderzoek naar de stikstofdepositie op de omliggende Natura-2000 gebieden nodig.

Organisatorisch/overeenkomst • • • • • •

De eigenaren stellen een parkplan op. Afspraken maken tussen gemeente en parkeigenaren en VvE’s in intentieovereenkomst over eisen en wensen en vervolgens anterieure overeenkomst voor bestemmingsplan-traject. Communicatie plan opstellen over de wijze van informeren van betrokkenen. Zeggenschap realiseren van het bestuur van de VvE’s. Streven naar 90 procent van de huiseigenaren in te stemmen met het parkplan. Er kunnen aanvullende afspraken over financiële bijdragen van bovenwijkse projecten worden gevraagd om ook op gebiedsniveau een kwaliteitsslag te maken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16248675/1