AP 5. raadsvoorstel VVGB Bovenweg 87
Tekst van het document
Raadsvoorstel 848645 Agendapunt: Nummer: Datum college: Raadsvergadering: Commissie Datum commissie: Portefeuillehouder: Onderwerp:
5 681 17 december 2024 30 januari 2025 Ruimte en Wonen 13 januari 2025 J. Groothuis Afgifte (ontwerp) verklaring van geen bedenkingen Bovenweg 87 in Nunspeet
Voorstel De benodigde (ontwerp) verklaring van geen bedenkingen afgeven om af te wijken van het geldende bestemmingsplan voor het realiseren van de paardenhouderij inclusief de daarbij behorende bouwwerken buiten het bouwvlak, voorzieningen en inrit op het perceel Bovenweg 87 te Nunspeet, overeenkomstig de ingediende aanvraag omgevingsvergunning.
Geachte raad, Inleiding Aan de Bovenweg 87 te Nunspeet is Paardenhoudeij ‘de Klinkenberg’ gelegen. Op 30 september 2022 is er een aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor het planologisch wijzigen van de agrarische gronden (agrarisch bedrijf) naar een paardenhouderij, bestaande uit een opfokbedrijf voor (sport)paarden en een bijbehorende pensionstalling/gebruiksgerichte paardenhouderij inclusief bijbehoren bouwwerken en voorzieningen zoals een nieuwe overdekte piste, longeercirkel, uitbreiding huidige paardenbak en stapmolen. Daarnaast bestaat de aanvraag uit het realiseren en exploiteren van een Bed & Breakfast binnen een gedeelte van de bestaande bedrijfswoning, dagbesteding voor ca. drie cliënten en de verkoop van streekproducten, naast de hoofdfunctie paardenhouderij, en het realiseren van een inrit. Sinds enkele jaren hebben de huidige eigenaren als doel om de in onbruik geraakte paardenhouderij nieuw leven in te blazen en te ontwikkelen naar een moderne paardenhouderij (opfokbedrijf voor (sport)paarden en met daarbij behorende pensionstalling/gebruiksgerichte paardenhouderij). In de huidige situatie beschikt het bedrijf over een melding Activiteitenbesluit waarin het houden van 12 zoogkoeien, 36 paarden en 10 paarden in opfok, evenals 200 schapen, is opgenomen.
Momenteel zijn er naast de bedrijfswoning een tweetal grotere stallen aanwezig en een paar kleine gebouwen voor de opslag van zowel privé als bedrijfsdoeleinden. Daarnaast is er ook een mantelzorgwoning aanwezig. In de beoogde situatie worden er 32 volwassen paarden en 19 opfokpaarden gehuisvest. Hiervoor zijn ook voorzieningen nodig zoals een nieuwe overdekte piste circa 21x41 meter, longeercirkel, stapmolen en een paardenbak van 20x60 meter met lichtmast. Deze bouwwerken/voorzieningen vallen buiten het bestemmingsvlak.
-2-
Op 16 december 2010 hee@ de Raad categorieën van gevallen aangewezen waarvoor geen verklaring van geen bedenkingen (hierna: vvgb) nodig is in het kader van een uitgebreide afwijkingsprocedure. De onderhavige aanvraag omgevingsvergunning valt deels niet onder 1 van deze categorieën. Hierdoor dient afzonderlijk voor de ontwikkelingen ten behoeve van de paardenhouderij een vvgb te worden afgegeven door de raad. De beoogde nevenactiviteiten dagbesteding, de verkoop van streekproducten en Bed & Breakfast kunnen via een binnenplanse afwijkingsbevoegdheid worden gerealiseerd. Argumenten/overwegingen Overwegingen 1. Planologische regeling Paardenhouderij inclusief bijbehorende bouwwerken Binnen de vigerende planologische regeling “Buitengebied 2019” hee@ de planlocaCe de enkelbestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’ De omliggende gronden hebben de bestemming ‘Agrarisch’. Verder is er een dubbelbestemming voor archeologie opgenomen en de gronden buiten de agrarische bedrijfsbestemming hebben de dubbelbestemming ‘Waarde – Dekzandrug’. Binnen de regels van de regeling zijn er mogelijkheden opgenomen om een agrarisch bedrijf waar in de huidige situaCe schapen, paarden, pony’s en zoogkoeien worden gehouden om te schakelen naar een paardenhouderij waar in dit geval enkel volwassen paarden en opfokpaarden worden gehouden.
Op basis van arCkel 4.7.1 van de planologische regeling is het mogelijk om de bestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’ om te zeGen naar ‘Agrarisch – Paardenhouderij’. Hierbinnen zijn de acCviteiten paardenpension en paardenfokkerij toegestaan. Een Paardenhouderij hee@ een lagere milieucategorie dan een rundveebedrijf. Het omzeGen van de bestemming naar een paardenhouderij is daardoor geen onlogische omzeIng en is passend in het landelijk gebied. De complete ontwikkeling inclusief de beoogde overdekte rijhal/piste, longeercirkel en stapmolen buiten het bouwvlak worden op een juiste manier landschappelijk en ruimtelijk ingepast, waarbij voldoende rekening is gehouden met zichtlijnen en (nieuw aan te leggen/te behouden) beplanCng en houtopstanden. Hiermee wordt rekening gehouden met het behoud van doorzichten naar de bosrand en naar het grootschalige open landschap. Inrit Op dit moment vindt de ontsluiCng van onderhavig perceel nog plaats via het perceel van de buren. Gezien de impact van de beoogde ontwikkelingen is dit niet langer wenselijk. De realisaCe van een nieuwe inrit met een aansluiCng op de Bovenweg is wenselijk en begrijpelijk. Deze gronden hebben de bestemming Agrarisch met de aanduiding Dekzandrug. Daarnaast is een bomenrij en houtwal aanwezig en hee@ dat gedeelte de bestemming Natuur-Landschap en de aanduiding Waarde-Archeologie.
De inrit is op een duidelijke manier uitgewerkt in een inrichCngsplan. Aangezien de aansluiCng van de inrit op de Bovenweg op gemeentegrond ligt en het behoud van de landschappelijke waarden niet in geding komt, wordt er een erfdienstbaarheid gevesCgd waar wij als gemeente aan meewerken omdat wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: de kosten van de notaris inclusief alle verdere kosten (Kadaster, volmachten etc.) zijn voor rekening van de iniCaCefnemer; de aanleg van de inrit is voor rekening en risico van iniCaCefnemer; een inritvergunning is aangevraagd door iniCaCefnemer;
-3-
de situering van de inrit is uitgewerkt in een inrichCngsplan en rekening is gehouden met de bomen en de bijzondere waarde van de houtwal; na aanleg het beheer, onderhoud en vernieuwing van de inrit volledig voor rekening van de iniCaCefnemer komt. Snoeien e.d. van de houtwal is niet gestaan. Hiervoor wordt een boetebeding in de overeenkomst opgenomen.
2. Omgevingsvisie Nunspeet De locaCe ligt binnen ‘Deelgebied 2: Gemengd kleinschalig overgangsgebied’ van de Omgevingsvisie Nunspeet. Dit gebied kenmerkt zich door de ‘Rug van Wessinge’ en een coulisselandschap als overgang van het boslandschap van de Veluwe naar het open landschap van de randmeren. De uitgangspunten van dit gebied zijn onder meer het tegengaan van leegstand ter voorkoming van de vermindering van de ruimtelijke kwaliteit, ruimte voor verbrede landbouw waarbij (her)gebruik van bestaande agrarische bedrijven. Dit sluit aan bij de Thema’s 2 en 3 van de Omgevingsvisie. Hierin worden het versterken en behouden van de diversiteit in het buitengebied, het faciliteren van iniCaCeven met name gericht op verbreding en verdieping binnen de agrarische sector benoemt. Door het ontwikkelen van het agrarisch bedrijf tot een paardenhouderij inclusief de (ondergeschikte) nevenacCviteiten, funcCes en voorzieningen wordt ingespeeld op een verdieping binnen de paardensector. Dit in combinaCe met de bed and breakfast en dagbestedingsacCviteiten wordt een combinaCe gelegd tussen een vitaal agrarisch gebied en de verbinding met de omwonenden door middel van de verkoop van streekproducten. Het vergroten van recreaCef gebruik in het gebied wordt gesCmuleerd, dit maakt ook het wonen in de omgeving aantrekkelijker.
Door middel van een goede landschappelijke inpassing en bereikbaarheid wordt dit op een juiste manier gewaarborgd. In de Omgevingsvisie wordt de samenleving tevens uitgenodigd om met passende, vernieuwende ideeën te komen. Met dit complete plan wordt hieraan een bijdrage geleverd. Gesteld kan worden dat het plan een kwaliteitsimpuls levert in het gebied en dat het plan past binnen het relevante ruimtelijke beleid van de gemeente Nunspeet. 3. Goede ruimtelijke onderbouwing Bij de aanvraag is door middel van een ruimtelijke onderbouwing en bijbehorende onderzoeken aangetoond dat het plan in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Er is getoetst aan alle relevante beleidskaders, milieu-hygiënische aspecten en planologische aspecten. Hiermee is aangetoond dat met de aanvraag geen nadelige gevolgen ontstaan voor milieu, mens en omgeving. Geadviseerd wordt om de raad te vragen om de vvgb af te geven. In eerste instanCe wordt om een ontwerpverklaring gevraagd. Deze gaat gelijkCjdig met het ontwerpbesluit op de aanvraag omgevingsvergunning ter inzage. In het bijgevoegde raadsvoorstel wordt echter ook voorgesteld om, indien er geen zienswijzen worden ingediend en de omgevingsvergunning ongewijzigd wordt verleend, deze verklaring van geen bedenkingen als definiCef te beschouwen. De omgevingsvergunning kan dan direct na afloop van de inzagetermijn worden verleend.
Worden er wel zienswijzen ingediend, dan zal het plan, inclusief zienswijzen, opnieuw aan de raad worden voorgelegd. Dit geldt ook wanneer de omgevingsvergunning inhoudelijk wordt gewijzigd ten opzichte van het ontwerp. 4. Omgevingsdialoog Bij de aanvraag omgevingsvergunning is geen omgevingsdialoog gevoerd aangezien de aanvraag voortvloeit uit een principeverzoek dat is ingediend vóór 1 januari 2021.
-4-
Alternatieven, kanttekeningen en risico’s 1. Inrit/weg In het definiCeve besluit wordt de voorwaarde opgenomen dat het verleggen van de weg als eerste moet plaatsvinden alvorens de voorgenomen bedrijfsacCviteiten gaan plaatsvinden. 2. Nevenac viteit dagbesteding Voor onderhavig iniCaCef is afstemming gezocht met team Samenleving voor wat betre@ de nevenacCviteit ‘dagbesteding’. Team Samenleving is posiCef over het iniCaCef, maar er is (nog) geen raamovereenkomst gesloten met de gemeente Nunspeet. 3. Zienswijzen Tegen het ontwerpbesluit bestaat de mogelijkheid om zienswijzen in te dienen. Indien dit gebeurt zullen de zienswijzen worden beoordeeld en voor verdere besluitvorming worden voorgelegd aan uw college en vervolgens de raad. Standpunt commissie Dit onderwerp is in de commissie Ruimte en Wonen tijdens haar vergadering van 13 januari 2025 aan de orde geweest. Stukken ter inzage Geen. Bijlage(n) Conceptraadsbesluit; Ruimtelijke onderbouwing met bijlagen (11). Burgemeester en wethouders van Nunspeet, de secretaris, de burgemeester, mr. A. Heijkamp
C.W.J. Blom