CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 5. Bijlage Ruimtelijke onderbouwing Bovenweg 87

Raadsvergadering 30 januari 2025, gemeente NunspeetBij agendapunt: Afgifte (ontwerp) Verklaring van geen bedenkingen Bovenweg 87 in Nunspeet. (hamerstuk)12.322 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Hieruit kan worden geconcludeerd dat er ten aanzien van het aspect bodem geen bezwaren zijn voor de gewenste ontwikkeling. Er is derhalve geen sprake van onaanvaardbare risico’s voor de huidige en toekomstige gebruikers van de bodem. Ten aanzien van het aspect bodem zijn er derhalve geen bezwaren voor de gewenste ontwikkeling. Een nader onderzoek naar de bodemgesteldheid is dan ook niet noodzakelijk. 4.6. Bedrijven en milieuzonering De handreiking ‘Bedrijven en Milieuzonering’ (editie 2009) is een publicatie van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en dient als hulpmiddel voor milieuzonering in de ruimtelijke planvorming. Milieuzonering zorgt ervoor dat nieuwe bedrijven een passende locatie in de nabijheid van woningen

Pagina 26 van 38

krijgen en dat nieuwe woningen op een verantwoorde afstand van bedrijven gesitueerd worden. Het waar nodig ruimtelijk scheiden van bedrijven en woningen bij nieuwe ontwikkelingen dient twee doelen: ▪ Het al in het ruimtelijke spoor voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar voor woningen; ▪ Aan bedrijven voldoende zekerheid bieden dat zij hun activiteiten duurzaam binnen aanvaardbare voorwaarden kunnen uitvoeren. De VNG-publicatie is een hulpmiddel om de afstanden tussen bedrijvigheid en woningen concreet in te vullen. Gemeenten beslissen uiteindelijk zelf over een bepaalde locatie. De handreiking geeft informatie over de ruimtelijk relevante milieuaspecten (geur, stof, geluid en veiligheid) en bijbehorende richtafstanden van een scala aan bedrijfsactiviteiten. Deze richtafstanden zijn afgestemd op de omgevingskwaliteit. Er wordt onderscheid gemaakt in de omgevingstypen: ▪ Rustige woonwijk en rustig buitengebied: een woonwijk (of vergelijkbaar omgevingstype) die is ingericht volgens het principe van functiescheiding. Er komen enkel wijkgebonden voorzieningen voor en er is weinig verstoring door verkeer. ▪ Gemengd gebied: een gebied met matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen functies zoals winkels, horeca en kleine bedrijven voor of er is sprake lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid.

Ook gebieden die direct naast de hoofdinfrastructuur liggen behoren tot het omgevingstype gemengd gebied, hier is sprake van verhoogde milieubelasting door geluid. Hier zijn dan ook kleinere richtafstanden te rechtvaardigen (behalve voor het aspect veiligheid). De projectlocatie ligt conform de definitie in de VNG-publicatie in het omgevingstype ‘rustig buitengebied’. In de directe omgeving vindt geringe functiemenging plaats. Tevens is er weinig verstoring door verkeer. Qua aanvaardbare milieubelasting is dit omgevingstype dus vergelijkbaar met een rustige woonwijk. Een paardenhouderij behoort tot milieucategorie 3.1. Voor een bedrijf uit deze milieucategorie, liggend in rustig gebied, is de richtafstand 50 meter. De dichtstbij liggende woning van derden Bovenweg 93 bevindt zich op een afstand van circa 50 meter van de gebouwen en voorzieningen ten behoeve van het bedrijf op het perceel Bovenweg 87 te Nunspeet. De dichtstbijzijnde veehouderij en tevens het dichtstbijzijnde bedrijf is de rundveehouderij aan de Bovenweg 101 te Nunspeet. Een rundveehouderij behoort tot een milieucategorie 3.2 met een minimale afstand van 100 meter in rustig gebied. Het bouwvlak van de Bovenweg 87 ligt op circa 230 meter afstand van het bouwvlak van de Bovenweg 101. Op grond hiervan kan worden gesteld dat wordt voldaan aan de richtafstanden. 4.7.

Geur De Wet geurhinder en veehouderij betreft een wet waarmee de nationale regels betreffende geurhinder ten opzichte van de tot veehouderijen behorende dierenverblijven vastgesteld staan. Voor kleinere bedrijven zijn deze regels opgenomen in het Activiteitenbesluit. De wetgeving heeft tot doel het beschermen van mens en milieu tegen de negatieve effecten van geurbelasting door het opnemen van geurnormen of vaste afstanden. Hierbij is het mogelijk dat de gemeenteraad afwijkende normen vaststelt in een gemeentelijke geurverordening. Met deze opgenomen normen moet rekening gehouden worden bij beslissingen in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. De gemeente Nunspeet heeft een verordening vastgesteld om af te wijken van deze wettelijke normen. In de geurverordening staat dat voor de diercategorieën zonder geuremissie vaste afstanden gelden. In de beoogde situatie worden er geen nieuwe geurgevoelige bebouwing gerealiseerd. Voor paardenhouderijen zoals opgenomen binnen de projectlocatie zijn geen emissiefactoren voor geur vastgesteld. Conform artikel 4.1 van de wet gelden voor deze bedrijven vaste afstanden tussen het dierverblijf en geurgevoelige objecten. De afstand dient minimaal 100 meter tot objecten binnen de kom en 50 meter naar objecten buiten de kom te bedragen.

Daarnaast dient op grond van artikel 5.1 binnen de bebouwde kom de afstand ten minste 50 meter van de gevel van het dierenverblijf tot het geurgevoelig object te bedragen. Buiten de bebouwde kom is deze afstand minimaal 25 meter.

Pagina 27 van 38

Het dichtstbijzijnde geurgevoelige object ligt buiten de bebouwde kom aan de Bovenweg 93. Het object ligt op meer dan 50 meter van de rand van het bestemmingsvlak. Hiermee wordt voor de bouw van een bouwwerk binnen het bouwvlak altijd voldaan aan de vaste afstanden gesteld in de Wgv. 4.8. Luchtkwaliteit In het kader van een planologische procedure dient te worden aangetoond dat voldaan wordt aan de wettelijke normen voor wat betreft luchtkwaliteit. Hierbij dient het effect op de luchtkwaliteit in de omgeving als gevolg van een nieuwe ontwikkeling, als ook de toetsing aan de Wet luchtkwaliteit in beeld te worden gebracht. Op 15 november 2007 is de Wet luchtkwaliteit in werking getreden en sindsdien staan de hoofdlijnen voor regelgeving rondom luchtkwaliteitseisen beschreven in de Wet milieubeheer (hoofdstuk 5 Wm). In de Wet luchtkwaliteit zijn luchtkwaliteitseisen opgenomen voor luchtverontreinigende stoffen in de buitenlucht. Met name de stoffen stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2,5) worden beleidsmatig relevant geacht. Er dient te worden aangetoond dat het woonen leefklimaat ten aanzien van deze stoffen ter plaatse aanvaardbaar is en als gevolg van de beoogde ontwikkeling in de omgeving aanvaardbaar blijft.

4.8.1. Niet in betekenende mate

Indien ontwikkelingen binnen de planlocatie gevolgen kunnen hebben voor de luchtkwaliteit moet aandacht worden besteed aan de gevolgen voor de milieukwaliteitseisen. Onderzoek moet worden verricht naar de gevolgen voor de in bijlage 2 van de Wet milieubeheer genoemde milieukwaliteitseisen voor de buitenlucht. Volgens de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 moeten de concentraties worden bepaald vanaf de grens van het terrein van de inrichting. Dit onderzoek kan echter achterwege blijven indien de nieuwe bestemming betrekking heeft op één of meer categorieën van gevallen als genoemd in de Regeling niet in betekende mate bijdragen. In die gevallen wordt aangenomen dat de toename van de concentratie in de buitenlucht van zowel zwevende deeltjes (PM10) als stikstofdioxide de 3% grens van de jaargemiddelde concentratie niet overschrijdt. Als sprake is van een beperkte toename van de luchtverontreiniging die ‘niet in betekenende mate’ (NIBM) bijdraagt aan de concentratie PM10 in de buitenlucht, hoeft een plan niet langer meer getoetst te worden. Dit volgt uit artikel 5.16, lid 1, sub c, van de Wet milieubeheer. Het Besluit NIBM legt vast wat geldt als niet in betekenende mate bijdragen.

Voor de volgende categorieën in de Regeling NIBM kan getoetst worden aan of een plan NIBM bijdraagt: ▪ Categorie woningbouwlocaties; ▪ Categorie kantoorlocaties; ▪ Combinatie van woningbouw en kantoren; ▪ Categorie inrichtingen. Er is dus geen relevantie als aannemelijk kan worden gemaakt, dat de luchtkwaliteit ‘niet in betekenende mate’ aangetast wordt. Daartoe is een algemene maatregel van bestuur ‘Niet in betekenende mate’ (Besluit NIBM) en een ministeriële regeling NIBM (Regeling NIBM) vastgesteld waarin de uitvoeringsregels vastgelegd zijn die betrekking hebben op het begrip NIBM. Het begrip 'niet in betekenende mate' is gedefinieerd als 3% van de grenswaarde voor NO2 en PM10. Voor het beoogde plan dient bepaalt te worden of de eventuele toename in het aantal verkeersbewegingen van en naar de inrichting invloed hebben op de luchtkwaliteit in de omgeving. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft hier in samenwerking met Kenniscentrum InfoMil een specifieke rekentool voor ontwikkeld. Met die tool kan op een eenvoudige en snelle manier worden bepaald of de verkeersaantrekkende werking van een functie ‘Niet In Betekenende Mate’ bijdraagt aan de concentratie van fijnstof in de buitenlucht. In de notitie ‘Invoergegevens AERIUS is uitgerekend dat de weekdaggemiddelde van de voertuigbewegingen circa 48 bedraagt.

Pagina 28 van 38

Worst-case berekening voor de bijdrage van het extra verkeer als gevolg van een plan op de luchtkwaliteit, GCN2022 Jaar van planrealisatie

2024

Extra verkeer als gevolg van het plan Extra voertuigbewegingen (weekdaggemiddelde)

48

Aandeel vrachtverkeer

1,0%

NO2 in μg/m3

0,03

PM10 in μg/m3

0,01

Maximale bijdrage extra verkeer 3

Grens voor "Niet In Betekenende Mate" in μg/m Conclusie

1,2

De bijdrage van het extra verkeer is niet-in-betekenende-mate; geen nader onderzoek nodig

Afbeelding 11: Uitsnede NIBM tool projectlocatie

De beoogde ontwikkeling heeft dus met zekerheid geen significant negatieve effecten op de luchtkwaliteit in de omgeving. Er kan worden geconcludeerd dat het aspect luchtkwaliteit geen belemmering vormt voor het initiatief.

4.8.2. Woon- en leefklimaat

Op grond van de Wet luchtkwaliteit zijn grenswaarden opgenomen voor de jaargemiddelde concentraties voor onder andere fijnstof (PM10). De grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie bedraagt 40 μg/m3. Vanaf 1 januari 2015 geldt daarnaast een grenswaarde voor PM 2,5 waaraan door het bevoegd gezag bij vergunningverlening moet worden getoetst. Deze grenswaarde is opgenomen in de Wet milieubeheer en bedraagt 25 μg/m3 voor de jaargemiddelde concentratie. Voor de kortdurende blootstelling van de mens aan piekconcentraties van NO 2 geldt een grenswaarde van 200 μg/m3 voor het uurgemiddelde van NO2. Indien aan deze grenswaarden wordt voldaan, mag worden aangenomen dat het woon- en leefklimaat ten aanzien van het aspect luchtkwaliteit aanvaardbaar is.

Pagina 29 van 38

Het RIVM heeft Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten van Nederland waarop de achtergrondconcentratie van fijnstof PM10, PM2,5 en NO2 ten aanzien van een goed woon- en leefklimaat geraadpleegd kan worden. De jaargemiddelde fijnstofconcentratie binnen de planlocatie is conform de GCN-kaart voor fijnstof PM10 13,46 μg/m3, voor PM2,5 6,9 μg/m3 en voor NO2 7,63 μg/m3, zie afbeelding 12, 13 en 14.

Afbeelding 12: Uitsnede GCN concentratiekaarten PM10

Pagina 30 van 38

Afbeelding 13: Uitsnede GCN kaart PM2,5

Afbeelding 14: Uitsnede GCN kaart NO2 Ten aanzien van de luchtkwaliteit zijn er dus geen belemmeringen voor de beoogde ontwikkeling.

Pagina 31 van 38

4.9. Geluid De Wet geluidhinder (Wgh) vormt sinds 1979 het juridisch kader voor het Nederlandse geluidsbeleid. Deze wet zorgt voor de bescherming van geluidsgevoelige bestemmingen tegen geluidhinder van wegverkeerslawaai, spoorweglawaai en industrielawaai. Hierbij wordt o.a. gebruik gemaakt van zonering en geluidsnormen. In de Wgh is bepaald dat voor locaties in een bestemmingsplan waar woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen kunnen worden gerealiseerd, de geluidbelasting dient te worden onderzocht binnen de zones behorende bij verkeersbewegingen, spoorwegen en industrieterreinen. In de omgeving van de projectlocatie liggen geen spoorwegen of industrieterreinen. Met de beoogde ontwikkeling wordt geen nieuw geluidgevoelige bebouwing gerealiseerd. De bed and breakfast en dagbesteding worden gerealiseerd in een reeds bestaand geluidsgevoelig object in het kader van de Wgh. Dit verandert met de beoogde ontwikkeling niet. Er hoeft derhalve geen onderzoek te worden gedaan naar de geluidsinvloed van industrieterreinen in de omgeving of omliggende wegen en spoorlijnen op geluidsgevoelige objecten binnen de projectlocatie. Momenteel beschikt het bedrijf over een melding Activiteitenbesluit van 16 april 2014. Hierin is het houden van 12 zoogkoeien, 36 paarden en 10 paarden in opfok, evenals 200 schapen, opgenomen.

In de beoogde situatie worden 32 volwassen paarden en 19 paarden in opfok gehuisvest en komen er lichte verkeersbewegingen bij ten behoeve van de productiegerichte paardenhouderij, de bed and breakfast, dagbesteding en verkoop van streekproducten, zie paragraaf 4.10. In de beoogde situatie wordt er een nieuwe inrit aangelegd en wordt de huidige inrit gesaneerd. In de beoogde situatie gaan al de verkeersbewegingen van en naar de projectlocatie via de nieuwe inrit waar geen geluidgevoelige objecten in de buurt zijn gelegen. Er kan worden geconcludeerd dat er voor wat betreft het aspect geluid geen belemmeringen zijn voor het initiatief. De effecten van het bedrijf naar de omgeving zijn onderbouwd in paragraaf 4.6 van deze onderbouwing. 4.10. Verkeer en parkeren Binnen de projectlocatie dient een adequate afwikkeling van personen- en goederenvervoer verzekerd te zijn, waaronder een goede aansluiting op de aanwezige infrastructuur van weg, water of spoor.

Verkeer

De projectlocatie ligt aan de Bovenweg. Een verharde weg die voornamelijk wordt gebruikt door bestemmings- en sluipverkeer. De weg wordt ontsloten door de Oosteinderweg en vervolgens door de Oostelijke randweg of Noordelijke randweg. Deze ontsluitingsroutes beschikken over voldoende capaciteit om verkeersbewegingen met voornamelijk lichte motorvoertuigen af te wikkelen. Er zullen in de beoogde situatie namelijk voornamelijk personenvervoersmiddelen van en naar de inrichting bewegen. In de beoogde situatie wordt een nieuwe inrit aangelegd met half verharding de bestaande inrit wordt gesaneerd. Door halfverharding te gebruiken wordt de natuurlijke uitstraling van de projectlocatie behouden. Halfverharding is een duurzaam alternatief voor asfvalt. Halfverharding is goed berijdbaar, is onderhoudsarm en hemelwater kan goed worden afgevoerd. In tabel 1 zijn de beoogde aantal vervoersbewegingen per jaar weergegeven.

Pagina 32 van 38

Tabel 1: Overzichtstabel vervoersbewegingen beoogde situatie Vervoersbewegingen per jaar Auto 17119 Tractor 0 Vrachtwagen 48

Vrachtwagen Vrachtwagen Auto Auto Auto Auto Auto Vrachtwagen

Aanvoer voer Afvoer mest Verkoop streekproducten Dagbesteding Bezoekers bedrijf Bed and breakfast Privegebruik Afvoer diverse

30,19 338,1 8 12 60 6,27 1 1

Hoeveelheid ton/jaar m3/jaar bezoekers per dag auto per week auto per week auto per week aantal woningen per maand

Vervoersbewegingen per dag Auto Tractor Vrachtwagen

30 36 365 52 52 52 8,6 12

47 0 0,13

aantal Kengetal bewegingen ton/vracht 2 m3/ vracht 2 dagen per jaar 2 weken/jaar 2 weken/jaar 2 dagen per jaar 2 verkeersgeneratie per dag per woning1 maanden/jaar 2

aantal vervoersbewegingen per jaar 4 20 5840 1248 6240 652 3139 24

aantal vervoersbewegingen per dag 0,0 0,1 16 3,4 17,1 1,8 8,6 0,1

Onderstaand worden de gebruikte hoeveelheden nader toegelicht. ▪ Voertransport Op jaarbasis wordt het voer zoals opgenomen in onderstaande tabel aangevoerd naar het bedrijf. Deze hoeveelheid is opgenomen in tabel 1. Diercategorie

Aantal

Totaal

32

Kg voer per dierplaats per jaar 700

Volwassen paarden (K 1.100) Opfok paarden (K 2.100) Totaal

19

410

7.790

22.400

30,19 ton

▪ Ophalen mest In de vergunde situatie wordt op het bedrijf vaste mest en drijfmest geproduceerd. De totale mestproductie van de uitgangssituatie is weergegeven in onderstaande tabel. Diercategorie

Aantal 32

Mestproductie per dier (in m³) 7,3

Volwassen paarden (vaste mest) Opfok paarden (vaste mest) Totaal

Totaal 233,6

19

5,5

104,5 338,1 m3

▪ Verkoop streekproducten De verkeersbewegingen van en naar de nevenfunctie zal gaan via de beoogde inrit. De verkeersgeneratie voor de verkoop van streekeigen producten in het buitengebied is in de worst case scenario gemiddeld 16 verkeersbewegingen per dag (8 bezoekers), in de zomermaanden zullen dit net iets meer bezoekers zijn en in de winter maanden minder. Ook is het mogelijk dat een deel van de bezoekers op de fiets de projectlocatie bezoeken. De verkeersbewegingen zullen gaan via de beoogde inrit. ▪ Dagbesteding In de beoogde situatie vindt op de locatie 3 dagen per week dagbesteding plaats met 1 begeleider en 3 cliënten. Dit zijn 8 bewegingen per dag x 3 dagen per week is 24 verkeersbewegingen per week. ▪ Bedrijfsbezoeken (adviseur, dierenarts etc.) Gemiddeld komen er twee erfbetreders per week naar het bedrijf (adviseur, dierenarts, vertegenwoordiger). Dit resulteert in 2 auto’s, 4 vervoersbewegingen. Ook komen er gemiddeld 28 erfbetreders langs voor het bezoek aan de paarden, dit zijn 56 verkeersbewegingen per week. De paarden zijn namelijk vaak in eigendom van andere mensen en worden op de locatie aan de Bovenweg 87 te Nunspeet getraind en gehuisvest.

Pagina 33 van 38

▪ Bed and breakfast Conform de CROW-publicatie toekomstbestendig parkeren is de verkeersgeneratie van een 3* hotel in het buitengebied 20,9 voertuigen per dag per 10 kamers. In de beoogde situatie zijn er 3 kamers aanwezig dit zijn 6,27 verkeersbewegingen per dag. ▪ Diversen Naast de specifieke vervoersbewegingen zijn er ook verschillende diverse bewegingen die enkele keren per jaar plaatsvinden. Op het bedrijf is dit bijvoorbeeld het ophalen van afval, ophalen kadavers. Aangenomen wordt dat 1x per maand een vrachtwagen het bedrijf bezoekt voor een van bovenstaande handelingen. ▪ Bezoek bedrijfswoning Conform de CROW-publicatie toekomstbestendig parkeren is de verkeersgeneratie van een woning in het buitengebied 8,6 voertuigen per dag. Op het bedrijf is één bedrijfswoning aanwezig. Binnen de projectlocatie is in de beoogde situatie een adequate afwikkeling van personen- en goederenvervoer verzekerd door de aanleg van een nieuwe inrit. Hierdoor is er een goede aansluiting op de aanwezige infrastructuur van de weg.

Parkeren

De gemeente Nunspeet heeft haar parkeerbeleid opgenomen in het bestemmingsplan ‘Parapluplan parkeren’ d.d. 29-04-2021. Hierin staat dat een omgevingsvergunning voor nieuw bouw of het wijzigen van het gebruik van een gebouw enkel kan worden verleend wanneer wordt voorzien in voldoende parkeerplaatsen en laad- en losruimte op het eigen terrein. Voor wat betreft de parkeernormen heeft de gemeente Nunspeet geen regels opgenomen en wordt er conform het bestemmingsplan aangesloten bij Parkeernota 2014. Hierin zijn voor uiteenlopende functies parkeernormen opgenomen. Voor een vrijstaande woning in het buitengebied geldt een norm van 2,5 parkeerplaatsen per woning. Bij de woning is voldoende ruimte aanwezig om te voorzien in minimaal 3 parkeerplaatsen. Op de projectlocatie aan de Bovenweg 87 te Nunspeet worden voldoende parkeervoorzieningen aangelegd voor de bezoekers van het bedrijf. De beoogde nevenactiviteit streekproducten (50 m2) ligt in het buitengebied. De bezoekers van de streekproductenwinkel stoppen enkel om een product uit de winkel te kopen, dus ze zijn nooit langdurig aanwezig op de projectlocatie. De streekproducten winkel kan worden vergeleken met een woonwinkel (overig) uit de parkeernota 2014 van de gemeente Nunspeet hiervoor gelden 2,0 parkeerplaatsen voor 100 m 2.

De parkeerbehoefte voor de streekwinkel bedraagt 1 parkeerplaats aangezien de streekwinkel een grootte heeft van 50 m2. Binnen het bouwvlak is voldoende ruimte aanwezig voor 1 parkeerplaats. Voor de nevenactiviteit dagbesteding worden er 3 dagen in de week 3 cliënten en 1 begeleider verwacht hiervoor zijn worst case 4 parkeerplaatsen benodigd. Voor het bezoek van de paarden wordt aangesloten bij een manage (paardenhouderij) hiervoor geldt 0,5 parkeerplaats per paardenbox. Op de projectlocatie zijn 21 paardenboxen aanwezig, zie plattegrondtekening. Dit betekend dat er 11 parkeerplaatsen gerealiseerd dienen te worden. Voor de beoogde bed and breakfast wordt aangesloten bij bungalowpark waarvoor 1,8 parkeerplaats per bungalow/eenheid geldt. Er dienen derhalve 6 parkeerplaatsen aanwezig te zijn. Er zijn namelijk in totaal 4 eenheden aanwezig waarin mensen kunnen verblijven. In totaal dienen er op de projectlocatie circa 26 parkeerplaatsen gerealiseerd te worden. Voor de beoogde nevenactiviteiten hoeft er dus niet op de openbare weg geparkeerd te worden. De beoogde ontwikkeling vormt dus geen belemmering voor wat betreft de aspecten verkeer en parkeren. Tabel 1: Parkeerplaatsen projectlocatie Activiteit Wonen Paardenhouderij Dagbesteding Verkoop streekproducten Bed and breakfast Totaal

Aantal parkeerplaatsen 3 11 4 1 6 25

Pagina 34 van 38

4.11. Externe veiligheid Men is voornemens om het terrein aan de Bovenweg 87 te Nunspeet te ontwikkelen tot een paardenhouderij met als nevenactiviteit de verkoop van streekproducten en dagbesteding. De bestaande bedrijfswoning wordt gesplitst voor de realisatie van een Bed & Breakfast. Voor de projectlocatie is door het bedrijf AVIV op 17 oktober 2023 een externe veiligheidsonderzoek uitgevoerd welke is toegevoegd in bijlage 11 van deze onderbouwing. De projectlocatie ligt binnen het invloedsgebied van een hogedruk aardgasleiding van de Gasunie. Inzicht in de externe veiligheidsrisico’s is daarom nodig. In deze rapportage worden de resultaten van de risicoberekeningen gepresenteerd. In verband met de ontwikkeling van een paardenhouderij met nevenfuncties in Nunspeet zijn de externe veiligheidsrisico’s van de nabij gelegen hogedruk aardgasleiding A-570 van de Gasunie beschouwd. De belangrijkste conclusies naar aanleiding van de resultaten worden onderdstaand benoemd.

Plaatsgebonden risico

Het plaatsgebonden risico vormt geen belemmering voor de ontwikkeling van de projectlocatie.

Groepsrisico

Het groepsrisico is kleiner dan 10% van de oriëntatiewaarde en wijzigt niet door de planontwikkeling. Volstaan kan worden met een beperkte verantwoording van het groepsrisico. De onderdelen a en b van deze verantwoording staan uitgewerkt in hoofdstuk 5 van bijlage 11 bij deze onderbouwing.

Belemmeringenstrook

De belemmeringenstrook legt geen beperkingen op aan de projectlocatie. Zoals eerder benoemt is het volledige externe veiligheidsonderzoek toegevoegd in bijlage 11 van deze onderbouwing. Uit het onderzoek blijkt dat externe veiligheid geen belemmering is voor de beoogde ontwikkeling.

Advies

Naar aanleiding van bovenstaand onderzoek is er advies gevraagd bij de omgevingsdienst Veluwe. Naar aanleiding van het advies is er overleg geweest met de Veiligheidsregio Noord-Oost Gelderland. Voor de inrichting/locatie acht de veiligheidregio het niet noodzakelijk om een bluswatervoorziening te eisen. Binnen het brandweerkorps zijn er voldoende waterauto’s om voldoende bluswater ter plaatse te krijgen. Ook de verharding, deels halfverharding, leidt niet tot problemen. De vrije doorgang dient circa 3500 mm x 4500 mm te zijn zodat de brandweer er zonder onnodig oponthoud door kan rijden. Ook de bereikbaarheid i.v.m. zelfredzaamheid geeft tevens geen problemen. Uit het bovenstaande blijkt dat er geen belemmeringen zijn ten aanzien van externe veiligheid.

Pagina 35 van 38

5. Planologische afweging

Deze ruimtelijke onderbouwing betreft de planologische verantwoording voor het mogelijk maken van de beoogde ontwikkeling op de Bovenweg 87 te Nunspeet, middels een projectafwijkingsbesluit (art. 2.12, eerste lid, sub a onder 3º van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht). Hiermee krijgt de aanvrager een vergunning om in afwijking van het bestemmingsplan de beoogde ontwikkeling te realiseren. De volgende buitenplanse afwijkingen worden aangevraagd: ▪ Nieuw te bouwen overdekte piste (21 x 41 meter), longeercirkel en stapmolen buiten het bestemmingsvlak; ▪ Nevenactiviteiten verkoop streekproducten en dagbesteding voor circa 3 cliënten binnen bestaande bebouwing (maximaal 50 m2 verkoop streekproducten); ▪ Uitbreiding paardenbak van 20x4 meter naar 20 x 60 meter met lichtmast; ▪ Enkelbestemming Agrarisch-paardenhouderij; ▪ Bed & breakfast met activiteitenruimte voor de dagbesteding cliënten in een gedeelte van de bestaande bedrijfswoning; De beoogde bed and breakfast wordt via een binnenplanse afwijking artikel 6.5.2 aangevraagd. De beoogde nevenactiviteiten dagbesteding en de verkoop van streekproducten worden ook via een binnenplanse afwijking artikel 6.5.4 van het vigerende bestemmingsplan aangevraagd. Door middel van deze ruimtelijke onderbouwing is aangetoond dat met de aanvraag geen nadelige gevolgen ontstaan voor milieu, mens en leefomgeving.

De aanvraag is getoetst aan alle relevante beleidskaders op provinciaal en gemeentelijk niveau. Het beleid op geen van deze niveaus vormt een belemmering voor de aanvraag. Tevens is de aanvraag getoetst aan alle relevante milieu-hygiënische en planologische aspecten. Hieruit is gebleken dat met de aanvraag geen nadelige effecten ontstaan voor de omgeving. De toetsingen aan de aspecten natuur, geluid en luchtkwaliteit tonen aan dat de aanvraag milieu-hygiënisch aanvaardbaar is. Met de toetsingen aan de aspecten natuur, omgevingskwaliteit en de bedrijven en milieuzonering wordt aangetoond dat de aanvraag planologisch aanvaardbaar is. Samenvattend kan worden geconcludeerd dat de aanvraag een verantwoord initiatief betreft. Daarom kunnen de voorgenomen ontwikkelingen op de projectlocatie aan de Bovenweg 87 te Nunspeet doorgang vinden.

Pagina 36 van 38

6. Bijlagen

Bijlage 1: Plattegrondtekening beoogde situatie Bijlage 2: Landschappelijke inpassing Bijlage 3: Invoergegevens AERIUS Bijlage 4: AERIUS verschilberekening Uitgangssituatie – beoogde situatie Bijlage 5: AERIUS verschilberekening Uitgangssituatie – beoogde situatie – Extra beoordeling Bijlage 6: AERIUS verschilberekening Uitgangssituatie – aanleg- en bouwfase Bijlage 7: AERIUS verschilberekening Uitgangssituatie – aanleg- en bouwfase – Extra beoordeling Bijlage 8: Quickscan Flora en fauna Bijlage 9: Bodemonderzoek Bijlage 10: Archeologisch onderzoek Bijlage 11: Externe veiligheid

Pagina 37 van 38

Pagina 38 van 38

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15059726/1