AP 5. Bijlage 10 Archeologische onderzoek
Tekst van het document
Transect-rapport 4982 Nunspeet, Bovenweg 87 Gemeente Nunspeet (GD) Een Inventariserend Veldonderzoek (verkennende en karterende fase)
Auteur
J. van der Kroon
Versie
Versie 1.1
Projectcode
23080081
Datum
24-11-2023
Opdrachtgever
Van Dun Advies
Uitvoerder
Transect b.v. Overijsselhaven 127 3433 PH Nieuwegein
Onderzoeksmelding
5472469100
Bevoegde overheid
Gemeente Nunspeet
Adviseur namens gemeente
Gemeente Putten, de heer M. Wispelwey
Beheer documentatie
Transect b.v., Nieuwegein
Autorisatie Naam T. Nales (Senior KNA Prospector)
Datum
Paraaf
24-11-2023
ISSN: 2211-7067
© Transect b.v., Nieuwegein Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Transect aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek.
Overijsselhaven 127 3433 PH Nieuwegein
T: 030-7620705 F: 030-7620706 E: informatie@transect.nl
Samenvatting In opdracht van de gemeente Nunspeet heeft Transect in november 2023 een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Bovenweg 87 in Nunspeet (gemeente Nunspeet; verkennende en karterende fase). De aanleiding voor het onderzoek vormt de aanvraag voor het wijzigen van het bestemmingsplan ten behoeve van de realisatie van een bedrijfswoning alsmede van een nieuwe overdekte piste, longeercirkel, uitbreiding huidige paardenbak en stapmolen in het gebied. Het plangebied bevindt zich volgens de archeologische beleidskaart van de gemeente Nunspeet in een zone met een hoge archeologische verwachting. Een archeologisch onderzoek is verplicht bij bouwwerken met een oppervlakte groter dan 120 m2 en dieper dan 50 cm -Mv. Dit betekent dat gezien de omvang van het te wijzigen gebied (9232 m2), een archeologische onderbouwing voor het toekomstige bestemmingsplan noodzakelijk is. Op basis van de resultaten van het veldonderzoek is de hoge archeologische verwachting naar laag bij te stellen. Het plangebied ligt op dekzand die zijn aangetroffen vanaf 20-40 cm -Mv (5,17-4,7 m +NAP) en vanaf 65-95 cm -Mv (4,72-4,13 m +NAP). De afzettingen zijn deels archeologisch intact aangetroffen, getuige de sporen van bodemvorming (E-, B-, BC-horizonten; boring 4, 8, 9, 10, 11 en 12).
In een deel van de boringen zijn geen sporen van bodemvorming aangetroffen (boring 1, 2, 3, 5, 6, 7). Hier mist het deel van het dekzand waarin bodemvorming plaatsvindt en is zodoende verstoord. Ter plaatse van boring 2 is het dekzand afgetopt. Hier is sprake van een diepe verstoring. Het onderzoek is karterend uitgevoerd. Hier zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. Daarom is de kans klein dat hier een archeologische vindplaats aanwezig is, ondanks de relatief intacte bodemopbouw. Advies Voor het plangebied bestaat het voornemen het bestemmingsplan te wijzigen ten behoeve van de realisatie van een nieuwe overdekte piste, longeercirkel, uitbreiding huidige paardenbak en stapmolen in het gebied. Op basis van het verkennend en karterend onderzoek geldt een lage archeologische verwachting voor resten uit de periode Laat-Paleolithicum – Nieuwe Tijd. Voor het plangebied zijn in het kader van de voorgenomen toekomstige ontwikkelingen geen aanvullende maatregelen nodig. Geadviseerd wordt het plangebied voor wat betreft archeologie vrij te geven. Op het moment dat onverhoopt toch archeologische zaken worden aangetroffen, geldt een wettelijke meldingsplicht conform de Erfgoedwet 2016, artikel 5.10 en 5.11, deze vondsten te melden bij de bevoegde overheid (gemeente Nunspeet). Bovenstaande vormt een advies.
Op grond van de resultaten van het rapport en het advies zal het bevoegd gezag (de gemeente Nunspeet) een selectiebesluit nemen over de daadwerkelijke omgang met eventueel aanwezige archeologische waarden binnen het plangebied. .
Inhoud 1.
Aanleiding
1
2.
Aard en doel van het archeologisch vooronderzoek
2
3.
Afbakening van het plangebied
3
4.
Planvorming en consequenties toekomstig gebruik
2
5.
Beleidskader
3
6.
Achtergrondinformatie en archeologisch verwachtingsmodel
4
7.
Werkwijze
6
8.
Resultaten veldonderzoek
7
9.
Beantwoording onderzoeksvragen
9
10. Conclusie en Advies
10
11. Geraadpleegde bronnen
11
Bijlage 1: Archeologische verwachtingskaart van de gemeente Nunspeet
12
Bijlage 2: Geomorfologische kaart
13
Bijlage 3: Bodemkaart
14
Bijlage 4: Hoogtekaart
15
Bijlage 5: Archeologische waarden-informatie
16
Bijlage 6: Boorpuntenkaart
17
Bijlage 7: Planvorming
18
Bijlage 8: Foto’s van de boringen
20
Bijlage 9: Boorbeschrijvingen
21
1. Aanleiding In opdracht van Van Dun Advies heeft Transect1 in november 2023 een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Bovenweg 87 in Nunspeet (gemeente Nunspeet). De aanleiding voor het onderzoek vormt de aanvraag voor het wijzigen van het bestemmingsplan ten behoeve van de realisatie van een bedrijfswoning alsmede van een nieuwe overdekte piste, longeercirkel, uitbreiding huidige paardenbak en stapmolen in het gebied. Het plangebied bevindt zich volgens de archeologische beleidskaart van de gemeente Nunspeet in een gebied met een hoge archeologische verwachting. Een archeologisch onderzoek is verplicht bij bouwwerken met een oppervlakte groter dan 120 m2 en dieper dan 50 cm -Mv. Dit betekent dat gezien de omvang van het te wijzigen gebied (13620 m2), een archeologische onderbouwing voor het toekomstige bestemmingsplan noodzakelijk is. Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de eisen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), versie 4.1 en het voor dit onderzoek opgestelde Plan van Aanpak (Van der Kroon, 2023; goedgekeurd door de heer Wispelwey).
1 Transect b.v. voldoet aan de eisen zoals gesteld in de kwaliteitsnorm ‘BRL SIKB 4000’, versie 4.1, en is gecertificeerd door
middel van een procescertificaat. Transect b.v. is certificaathouder van de volgende protocollen: ‘KNA Protocol 4001 Programma van Eisen’, ‘KNA Protocol 4002 Bureauonderzoek’, ‘Protocol 4003 Inventariserend Veldonderzoek, variant Overig’, ‘Protocol 4003 Inventariserend Veldonderzoek, variant Proefsleuven’ en ‘Protocol 4004 Opgraven’, en staat geregistreerd bij het RCE en de SIKB.
1
2. Aard en doel van het archeologisch vooronderzoek Het doel van het Inventariserend Veldonderzoek (IVO) is het toetsen en vaststellen van de archeologische verwachting van het gebied. Normaliter wordt een verwachting vastgesteld op basis van een archeologisch bureauonderzoek (BO), maar aangezien in het plangebied de verwachting niet meer gespecificeerd kan worden dan die op de gemeentelijke verwachtingskaart, geldt de verwachting op de kaart als uitgangspunt. Het huidige onderzoek betreft een verkennende en karterende fase. Tijdens de verkennende fase worden de bodemopbouw, bodemintactheid en bodemreliëf in kaart gebracht. Hiermee ontstaat inzicht in de landschapsvormende processen en landschappelijke eenheden uit het verleden. Op basis hiervan kan een oordeel worden gegeven over waar, wanneer en in hoeverre het gebied in het verleden geschikt was voor de mens. Aangezien dit onderzoek ook een karterende fase omvat, heeft dit onderzoek ook het doel om een archeologische vindplaats die wordt getypeerd door vondstmateriaal of cultuurlagen te lokaliseren. Het onderzoek probeert hiermee aan de hand van feitelijke informatie antwoord te geven op de volgende vragen: •
Hoe heeft het plangebied oorspronkelijk in het natuurlijk landschap gelegen?
•
Zijn er binnen de bodemopbouw archeologisch relevante bodemniveaus te onderscheiden en hoe diep liggen deze?
•
In hoeverre zijn de archeologisch relevante bodemniveaus nog intact (verstoring, erosie, afdekkend substraat)?
•
Wat is de archeologische verwachting van het plangebied en in hoeverre is deze te differentiëren in laag, middelhoog en hoog?
•
Zijn er archeologische indicatoren aanwezig?
Het resultaat van het archeologisch vooronderzoek is dit rapport met een conclusie omtrent het risico dat eventueel aanwezige archeologische waarden in het plangebied worden verstoord als gevolg van de voorgenomen plannen. Op basis van dit rapport neemt het bevoegd gezag een beslissing in het kader van de vergunningverlening of planprocedure. Het rapport bevat, waar mogelijk, gegevens over de – verwachte – aan- of afwezigheid, aard, omvang, ouderdom, gaafheid, conservering en (relatieve) kwaliteit van archeologische waarden. Het bureauonderzoek is uitgevoerd conform protocol 4002 van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.1 (KNA 4.1). Het inventariserend veldonderzoek, karterende is uitgevoerd conform protocol 4003 van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie versie 4.1 (KNA 4.1).
2
3. Afbakening van het plangebied Gemeente
Nunspeet
Plaats
Nunspeet
Toponiem
Bovenweg 87
Kaartblad
27B
Coördinaten
183.559 / 489.869
Het plangebied ligt aan de Bovenweg 87 in Nunspeet (gemeente Nunspeet). Kadastraal gezien ligt het plangebied binnen de percelen NST01 Sectie A nummers 5556, 4941, 4368, 5514 en 5689. De ligging van het plangebied is weergegeven in figuur 1. De begrenzingen van het plangebied worden gevormd door het vlak waarbinnen de toekomstige ontwikkeling zullen worden gerealiseerd. Het plangebied heeft een omvang van 13620 m2.
3
Figuur 1: Ligging van het plangebied (met rode lijnen aangegeven, bron: www.pdok.nl).
1
4. Planvorming en consequenties toekomstig gebruik Kader
Wijzigen bestemmingsplan
Oppervlakte plangebied
13620 m2
Planvorming
Een bedrijfswoning alsmede van een nieuwe overdekte piste, longeercirkel, uitbreiding huidige paardenbak en stapmolen in het gebied. Overdekte piste (861 m2)
Omvang verstoringen
Longeercircel (circa 255 m2) Uitbreiding huidige paardenbak (circa 400 m2) Stapmolen (circa 255 m2) Bodemverstorende werkzaamheden
Graafwerkzaamheden
Diepte verstoring
Onbekend (>50 cm)
Het voornemen bestaat om een nieuwe bedrijfswoning alsmede van een nieuwe overdekte piste (861 m2), longeercirkel (circa 255 m2), uitbreiding huidige paardenbak(circa 400 m2) en stapmolen (circa 255 m2) te realiseren in het gebied. De diepte van de verstoringen zijn nog niet bekend, aangezien de technische tekeningen nog warden opgesteld. Een inrichtingstekening van de toekomstige situatie is weergegeven in bijlage 7 Er zijn geen effecten op het grondwater voorzien.
2
5. Beleidskader Onderzoekskader
Wijzigen bestemmingsplan
Beleidskader
Gemeentelijke beleidskaart
Onderzoeksgrens
120 m2 en dieper dan 50 cm –Mv
In 1992 heeft Nederland het Europees Verdrag inzake de bescherming van het archeologisch erfgoed ondertekend; ook wel het Verdrag van Malta of Valletta genoemd, naar het eiland en de plaats waar het is ondertekend. Het Verdrag is in 1998 geratificeerd en op 1 september 2007 via de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (Wamz) geïmplementeerd. De Wamz is een wijzigingswet en omvat een wijziging van de Monumentenwet 1988, de Wet Milieubeheer, de Ontgrondingenwet en de Woningwet, op grond waarvan overheden onder andere bij bodemingrepen verplicht rekening moeten houden met het behoud van archeologische waarden. Sinds juli 2016 is het behoud en beheer van het Nederlandse erfgoed geregeld door één integrale Erfgoedwet. De omgang met archeologie in de fysieke leefomgeving zal in de nieuwe Omgevingswet worden geregeld, die (naar verwachting) in 2024 in werking zal treden. Volgens de beleidskaart van de gemeente Nunspeet heeft het plangebied Waarde – Archeologie 2 (bron: Gemeente Nunspeet). Dit betekent dat het plangebied een hoge archeologische verwachting heeft. Bij bouwwerken die groter zijn dan 120 m2 én dieper reiken dan 50 cm -Mv is daarom archeologisch (voor)onderzoek noodzakelijk. Bij grondwerkzaamheden die groter zijn dan 2500 m2 en dieper reiken dan 50 cm is archeologisch (voor) onderzoek noodzakelijk.
Gezien het grotere oppervlak (9232 m2) betekent dat in dit geval er in het kader van een wijziging van het bestemmingsplan, een archeologische (voor)onderzoek noodzakelijk is (zie hoofdstuk 4). In het kader van een wijziging van het bestemmingsplan dient de aanvrager een rapport aan de gemeente te overleggen, waarin de archeologische waarde van het plangebied naar het oordeel van Burgemeester en Wethouders in voldoende mate is vastgesteld. Afhankelijk van de uitkomsten van het archeologisch (voor-)onderzoek dat hiervoor nodig is, kunnen aan de ontwikkeling regels worden verbonden ter behoud van belangrijke archeologische waarden. Deze kunnen bestaan uit technische aanpassingen of een veiligstellende opgraving. Het archeologisch vooronderzoek kan hiertoe worden uitgebreid met een al dan niet gecombineerd karterend en waarderend onderzoek, zodat op basis van de KNA-waarderingssystematiek een waardestelling kan worden opgemaakt. Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de eisen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), versie 4.1.
3
6. Achtergrondinformatie en archeologisch verwachtingsmodel De archeologische verwachting in het plangebied is gebaseerd op de gemeentelijke verwachtingskaart van Nunspeet (bijlage 1). Hierop heeft het een hoge archeologische verwachting. Aangezien de verwachting niet verder gespecificeerd dient te worden dan de gemeentelijke beleidskaart, is ten behoeve van dit onderzoek uitsluitend een beknopte inventarisatie gemaakt van de beschikbare gegevens in en rondom het plangebied: 1.
2.
3.
4.
5.
6.
Het plangebied ligt grotendeels op een dekzandrug. Deze dekzandrug heeft een oost westelijke oriëntatie. Delen van het plangebied liggen op een vlakte van ten dele verspoelde dekzanden of löss. Deze vlakte sterkt zich ten noorden en ten zuiden van de dekzandrug uit (kaartcode 3B53 en 3M53). Volgens de bodemkaart zijn in het plangebied hoge zwarte enkeerdgronden en gooreerdgronden te verwachten (bijlage 3; kaartcode zEZ21 en pZn23). Hoge zwarte enkeerdgronden worden gekenmerkt door hun dikke humeuze bovenlaag van meer dan 50 cm dik die is ontstaan door menselijke ophoging door plaggenbemesting (De Bakker en Schelling, 1989). Enkeerdgronden worden als laag of hoog geclassificeerd, afhankelijk van de grondwatertrap.. Gooreerdgronden zijn met name gevormd op lage zandgronden met een zwarte, doorgaans humusrijke bovengrond met een dikte tussen 20 en 40 cm. De ondergrond bestaat uit grijs, niet roestig zand. Het totale bodem profiel is 65 cm dik tot de Cg horizont. Een duidelijke inspoelingshorizont ontbreekt (De Bakker en Schelling, 1989). Op basis van de bodemkaart wordt er in het plangebied een grondwatertrap VI en VII verwacht. Grondwatertrap VI houdt in dat de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) tussen 40 en80 cm -Mv voor kan komen. De gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG) kan daarentegen beneden 120 cm -Mv liggen.
De wisselingen in grondwaterstanden leiden ertoe dat organische resten, zoals bot- of plantenmateriaal, binnen 120 cm -Mv worden aangetast als gevolg van oxidatie. Binnen 120 cm -Mv kunnen wel anorganische resten, zoals vuursteen en aardewerk, of verbrande organische resten worden aangetroffen. Beneden 120 cm -Mv kunnen daarnaast theoretisch gezien ook onverbrande organische resten worden aangetroffen. De grondwatertrap VII duidt over het algemeen op relatief droge gronden, waarbij de grondwaterstand altijd beneden de 80 cm - Mv verwacht wordt. Met dergelijk lage grondwaterstanden en droge omstandigheden zullen in het plangebied alleen anorganische archeologische resten te verwachten zijn. Onverbrande organische resten zullen als gevolg van oxidatie (grotendeels) zijn verdwenen. Verbrande organische resten zoals crematieresten kunnen wel bewaard zijn gebleven. Op het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) ligt de omgeving van het plangebied relatief laag ten opzichte van de wat hogere dekzandrug ten zuiden en oosten van het plangebied (bijlage 4; bron: www.ahn.nl). Het plangebied zelf ligt op een lager gelegen welving van de dekzandrug. Delen van het plangebied in het westen en het zuiden liggen lagen doordat deze de dekzandrug niet onder het volledige terrein uitstrekt. Het maaiveld varieert in het plangebied door de liggen op een dekzandrug sterk.
Het hoogste punt van de dekzandrug in het plangebied ligt op circa 5,9 m +NAP. Het delen van het plangebied verder weg van de top liggen op circa 4,9 m +NAP. Een sloot is in het noordwesten van het plangebied zichtbaar als lager gelegen lijnelement. Op historische kaarten uit het begin van de 19e eeuw is het plangebied onbebouwd en ligt het in een gebied met vooral akkerpercelen. Ten oosten van het plangebied ligt wel bebouwing. In de tweede helft van de 20e eeuw wordt de bestaande bebouwing in het plangebied gerealiseerd. Volgens het kadaster dateert de bebouwing uit 1959, wat overeenkomt de historische kaarten (bron: bagviewer.kadaster.nl). In het plangebied heeft niet eerder archeologisch onderzoek plaatsgevonden (zie bijlage 5). In de omgeving echter wel. Bij een ontwikkeling aan de Bovenweg 106 is een vindplaats aangetroffen. Deze locatie is meermaals bewoond geweest sinds het Neolithicum tot de Late Middeleeuwen. Dit 4
7.
heeft geresulteerd in een zeer dicht vondststrooiing en meerdere grondsporen zoals paalsporen als onderdeel van huisplattegronden (onderzoeksnummer 3996333100: Kerkhoven e.a., 2020). Het is mogelijk dat in het plangebied bodemingrepen hebben plaatsgevonden. Deze hangen mogelijk samen met de aanleg en sloop van de huidige bebouwing en gebiedsindeling, waarbij wellicht ook graafwerkzaamheden in het plangebied hebben plaatsgevonden. Ook is het niet uitgesloten dat er graafwerkzaamheden hebben plaatsgevonden in het kader van agrarisch grondgebruik, maar concrete informatie hierover is niet voorhanden.
Op grond van bovenstaande informatie geldt volgens de gemeentelijke verwachtingskaart een hoge archeologische verwachting. Deze geldt voor resten uit de periode Paleolithicum tot LateMiddeleeuwen en betreffen zowel nederzettingsresten als sporen van landgebruik. De complexen worden naar verwachting getypeerd door vondsten en grondsporen. Deze verwachting is met name van toepassing indien er tijdens het onderzoek sprake is van een intacte bodemopbouw, landschappelijk relevante omstandigheden en de aanwezigheid van aanwijzingen van resten. Hierom is in het plangebied een verkennend en karterend booronderzoek uitgevoerd.
5
7. Werkwijze Methode
Verkennend en karterd booronderzoek
Aantal boringen
12 boringen, verdeeld in het plangebied
Techniek
Edelmanboor 7 cm en 15 cm
Boordiepte
150 cm –Mv
Dataverwerking
Conform NEN5104
Het onderhavig veldonderzoek bestond uitsluitend uit een verkennend booronderzoek. De verkennende boringen zijn daarbij gebruikt om de bodemopbouw en mate van intactheid van de bodem te bepalen. In totaal zijn verdeeld in het plangebied 12 boringen gezet tot een diepte van maximaal 150 cm -Mv. De boringen zijn verricht met behulp van een Edelmanboor met een diameter van 7 cm. Daarna is met een Edelmanboor met een diameter van 15 cm geboord. De beschrijvingen en verrichtingen zijn uitgevoerd conform de NEN5104 en de Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode (ASB; SIKB 2008). Na beschrijving is de grond meegenomen en gezeefd om de grond te doorzoeken op de aanwezigheid van archeologische indicatoren zoals bot, aardewerk en houtskool (2 mm zeef). De boringen zijn gelijkmatig verdeeld binnen de grenzen van het plangebied. De locaties van de boorpunten zijn opgenomen in bijlage 6. De coördinaten van de boorpunten zijn bepaald met een meetlint aan de hand van de bestaande topografie en de hoogte is aan de hand van het AHN bepaald (bron: www.ahn.nl).
6
8. Resultaten veldonderzoek Veldwaarnemingen Ten tijde van het onderzoek was het plangebied in gebruik als tuin, paardenweide, longeercircel, paardenbak en was het bebouwd met een huis en meerdere schuren. Het maaiveld binnen het plangebied vertoond sterke verschillen. Rondom de bebouwing ligt het maaiveld hoger. Ten westen en noorden van de bebouwing loopt het maaiveld af. Enkele foto’s van de situatie in het plangebied ten tijde van het veldonderzoek zijn weergegeven in figuur 4.
Figuur 2 Foto’s van het plangebied ten tijde van het onderzoek.
Bodemopbouw en lithologie Onderin de boringen is zwak siltig, geel tot bruin, matig fijn, kalkloos zand aangetroffen. Het kon door de mediane korrelgrootte, de kalkloosheid en de kleur worden geïnterpreteerd als dekzand. Het dekzand werd in boring 4, 5, 8, 9, 10 aangetroffen vanaf 20-40 cm -Mv (5,17-4,7 m +NAP). In boring 1, 2, 3, 6, 7, 11 en 12 werd het dekzand aangetroffen vanaf 65-95 cm -Mv (4,72-4,13 m +NAP). De voornaamste reden voor dit verschil is het ontbreken van de top van het dekzand. Waar het dekzand dieper ligt ontbreken sporen van bodemvorming of is alleen een BC-horizont aangetroffen. In de rest van de boringen bleek een B-horizont nog aanwezig. In boring 10 is ook een E-horizont aangetroffen. Hier bleek de bodem wel ligt omgewoeld (gebroken). Boven het dekzand in boring 3, 6 en 7 is vanaf 40-80 cm -Mv (4,92-4,28 m +NAP) is geelbruin zand met zandbrokken aangetroffen. Deze laag is geïnterpreteerd als een menglaag waarin een deel van de C-horizont van het dekzand is opgenomen. Boven het dekzand en boven de menglaag is zwak tot matig humeus, (donker)bruingrijs, matig fijn, zwak siltig zand aangetroffen. Door de humositeit is het zand geïnterpreteerd als een bouwlanddek. Boven het bouwlanddek in boring 6 is vanaf het maaiveld zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn zand aangetroffen. 7
Onderin boring 2 is vanaf 130 cm -Mv (3,97 m +NAP) dekzand aangetroffen. Hier was het dekzand grijs van kleur en volledig gereduceerd. Doordat de bovengrens van deze laag scherp is, het dekzand dieper ligt dan in de rest van het plangebied en het zand volledig is gereduceerd, kon worden afgeleid dat het dekzand hier is afgetopt. Het is een relatief diepe verstoring van het dekzand. Hier kant het dekzand niet als intact worden beschouwd. Boven het dekzand ligt zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn zand. Door de humositeit kon het zand worden geïnterpreteerd als een bouwlanddek. Hierboven ligt zwak siltig, zwak humeus, bruingeel, matig fijn zand met modern puin. Het is geïnterpreteerd als een antropogene ophooglaag. Archeologische indicatoren Tijdens het veldonderzoek en bij het zeven van de boorkernen zijn buitenom houtskoolbrokjes geen archeologische indicatoren aangetroffen. Op zichzelf zijn houtskoolbrokjes geen archeologische indicator aangezien het voorkomen van houtskool ook een natuurlijk verschijnsel is. Het houtskool is zodoende niet bewaard. Archeologische interpretatie Op basis van de resultaten van het veldonderzoek is de hoge archeologische verwachting naar laag bij te stellen. Het plangebied ligt op dekzand die zijn aangetroffen vanaf 20-40 cm -Mv (5,17-4,7 m +NAP) en vanaf 65-95 cm -Mv (4,72-4,13 m +NAP).
De afzettingen zijn deels archeologisch intact aangetroffen, getuige de sporen van bodemvorming (E-, B-, BC-horizonten; boring 4, 8, 9, 10, 11 en 12). In een deel van de boringen zijn geen sporen van bodemvorming aangetroffen (boring 1, 2, 3, 5, 6, 7). Hier mist het deel van het dekzand waarin bodemvorming plaatsvindt en is zodoende verstoord. Ter plaatse van boring 2 is het dekzand afgetopt. Hier is sprake van een diepe verstoring. Het onderzoek is karterend uitgevoerd. Aangezien hierbij geen archeologische indicatoren zijn aangetroffen is de kans klein dat hier een archeologische vindplaats aanwezig is, ondanks de relatief intacte bodemopbouw.
8
9. Beantwoording onderzoeksvragen Hoe heeft het plangebied oorspronkelijk in het natuurlijk landschap gelegen? Het plangebied ligt op een dekzandrug. Hierboven ligt een bouwlanddek. Zijn er binnen de bodemopbouw archeologisch relevante bodemniveaus te onderscheiden en hoe diep liggen deze? Het archeologische niveau wordt gevormd door de top van het dekzand. In hoeverre zijn de archeologisch relevante bodemniveaus nog intact (verstoring, erosie, afdekkend substraat)? De afzettingen zijn deels archeologisch intact aangetroffen, getuige de sporen van bodemvorming (E-, B-, BC-horizonten; boring 4, 8, 9, 10, 11 en 12). In een deel van de boringen zijn geen sporen van bodemvorming aangetroffen (boring 1, 2, 3, 5, 6, 7). Hier mist het deel van het dekzand waarin bodemvorming plaatsvindt en is zodoende verstoord. Ter plaatse van boring 2 is het dekzand afgetopt. Hier is sprake van een diepe verstoring. Wat is de archeologische verwachting van het plangebied en in hoeverre is deze te differentiëren in laag, middelhoog en hoog? Tijdens het karterend booronderzoek zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. Ondanks de intacte bodemopbouw is daarom de hoge archeologische verwachting op archeologische resten uit de periode Laat-Paleolithicum – Late Middeleeuwen vanaf de beleidskaart naar laag bij te stellen.
9
10. Conclusie en Advies Conclusie Op basis van de resultaten van het veldonderzoek is de hoge archeologische verwachting naar laag bij te stellen. Het plangebied ligt op dekzand die zijn aangetroffen vanaf 20-40 cm -Mv (5,17-4,7 m +NAP) en vanaf 65-95 cm -Mv (4,72-4,13 m +NAP). De afzettingen zijn deels archeologisch intact aangetroffen, getuige de sporen van bodemvorming (E-, B-, BC-horizonten; boring 4, 8, 9, 10, 11 en 12). In een deel van de boringen zijn geen sporen van bodemvorming aangetroffen (boring 1, 2, 3, 5, 6, 7). Hier mist het deel van het dekzand waarin bodemvorming plaatsvindt en is zodoende verstoord. Ter plaatse van boring 2 is het dekzand afgetopt. Hier is sprake van een diepe verstoring. Het onderzoek is karterend uitgevoerd. Hier zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. Daarom is de kans klein dat hier een archeologische vindplaats aanwezig is, ondanks de relatief intacte bodemopbouw. Advies Voor het plangebied bestaat het voornemen het bestemmingsplan te wijzigen ten behoeve van de realisatie van een nieuwe overdekte piste, longeercirkel, uitbreiding huidige paardenbak en stapmolen in het gebied. Op basis van het verkennend en karterend onderzoek geldt een lage archeologische verwachting voor resten uit de periode Laat-Paleolithicum – Nieuwe Tijd.
Voor het plangebied zijn in het kader van de voorgenomen toekomstige ontwikkelingen geen aanvullende maatregelen nodig. Geadviseerd wordt het plangebied voor wat betreft archeologie vrij te geven. Op het moment dat onverhoopt toch archeologische zaken worden aangetroffen, geldt een wettelijke meldingsplicht conform de Erfgoedwet 2016, artikel 5.10 en 5.11, deze vondsten te melden bij de bevoegde overheid (gemeente Nunspeet). Bovenstaande vormt een advies. Op grond van de resultaten van het rapport en het advies zal het bevoegd gezag (de gemeente Nunspeet) een selectiebesluit nemen over de daadwerkelijke omgang met eventueel aanwezige archeologische waarden binnen het plangebied. .
10
11. Geraadpleegde bronnen Archeologische kaarten en databestanden • Archeologische Monumenten Kaart (AMK), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2007. • Archeologisch Informatie Systeem III (Archis), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2016. • Verwachtingskaart van de gemeente Ermelo • www.ruimtelijkeplannen.nl • geo.gemeente.nl • www.topotijdreis.nl Literatuur • Alterra, 2005, de geomorfologische kaart van Nederland, Wageningen • Bakker, H. de, 1966. De subgroepen van het systeem voor bodemclassificatie voor Nederland. In: Boor en Spade. • Bakker, H. de en J. Schelling, 1989. Systeem van bodemclassificatie voor Nederland. De hogere niveaus. Wageningen. • Berendsen, H.J.A., 2000. Landschappelijk Nederland. Assen (Fysische Geografie van Nederland). 2e druk. • Berendsen, H.J.A., 2005. De vorming van het land. Assen (Fysische geografie van Nederland). Vierde, geheel herziene druk. • Mulder, E.F.J., M.C. Geluk, I.L. Ritsema, W.E. Westerhoff en T.E. Wong, 2003. De ondergrond van Nederland. Houten. • Kerkhoven, R. Houkes & F. van den Blink, 2020. Nunspeet-Bovenweg 106. Gemeente Nunspeet (GD). Een Archeologisch Inventariserend Veldonderzoek door middel van Proefsleuven (IVO-P) gevolgd door een Definitieve Opgraving (DO) van een steentijdvindplaats uit het Mesolithicum, het Neolithicum en de Bronstijd/IJzertijd. Transect-rapport 2582.
• Witte, N., 2012. Definitieve Opgraving Putterweg 21, Ermelo. BAAC-rapport. ’s-Hertogenbosch.
11
Bijlage 1: Archeologische verwachtingskaart van de gemeente Nunspeet
12
Bijlage 2: Geomorfologische kaart
13
Bijlage 3: Bodemkaart
14
Bijlage 4: Hoogtekaart
15
Bijlage 5: Archeologische waarden-informatie
16
Bijlage 6: Boorpuntenkaart
17
Bijlage 7: Planvorming
18
19
Bijlage 8: Foto’s van de boringen
Foto van boring 4
Foto van boring 10
20
Bijlage 9: Boorbeschrijvingen
21
Nunspeet Bovenweg 87
boring: 308081-1 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.497, Y: 489.898, hoogte: 5,09, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 5,09 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: bouwvoor Opmerking: matig gesorteerd
10 cm -Mv / 4,99 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: esdek Opmerking: Matig gesorteerd
90 cm -Mv / 4,19 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geelbruin, enkele leemlagen, matig fijn, interpretatie: dekzand Bodemkundig: C-horizont Opmerking: , verspoeld?
Einde boring op 100 cm -Mv / 4,09 m +
boring: 308081-2 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.545, Y: 489.904, hoogte: 5,27, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect, opmerking: Grondwater
0 cm -Mv / 5,27 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, zwak humeus, bruingeel, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond Opmerking: slecht gesorteerd
80 cm -Mv / 4,47 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: esdek
130 cm -Mv / 3,97 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, grijsgeel, matig fijn Bodemkundig: C-horizont, volledig gereduceerd Opmerking: Matig gesorteerd, afgetopt
Einde boring op 150 cm -Mv / 3,77 m +
boring: 308081-3 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.518, Y: 489.885, hoogte: 5,32, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 5,32 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruingrijs, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: esdek Opmerking: slecht gesorteerd
45 cm -Mv / 4,87 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, zwak humeus, bruingrijs, zandbrokken, matig fijn Opmerking: goed gesorteerd. Menglaag
65 cm -Mv / 4,67 m + Lithologie: zand, zwak siltig, donkergeelgrijs, matig fijn, interpretatie: dekzand Bodemkundig: B-horizont met verweringskenmerken (moderpodzolen) Opmerking: goed gesorteerd
80 cm -Mv / 4,52 m + Lithologie: zand, zwak siltig, lichtgeelgrijs, matig fijn, interpretatie: dekzand Bodemkundig: C-horizont Opmerking: goed gesorteerd
Einde boring op 120 cm -Mv / 4,12 m +
1
Nunspeet Bovenweg 87
boring: 308081-4 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.545, Y: 489.870, hoogte: 5,39, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 5,39 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruinzwart, matig fijn Bodemkundig: A-horizont, interpretatie: esdek Opmerking: slecht gesorteerd
20 cm -Mv / 5,19 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruinzwart, matig fijn, interpretatie: dekzand Bodemkundig: B-horizont Opmerking: goed gesorteerd
45 cm -Mv / 4,94 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, lichtbruin, matig fijn, interpretatie: dekzand Bodemkundig: BC-horizont Opmerking: goed gesorteerd
60 cm -Mv / 4,79 m + Algemeen: aard bovengrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, lichtgeel, matig fijn, interpretatie: dekzand Bodemkundig: C-horizont Opmerking: goed gesorteerd
Einde boring op 100 cm -Mv / 4,39 m +
boring: 308081-5 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.514, Y: 489.850, hoogte: 4,94, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect, opmerking: Grondwater
0 cm -Mv / 4,94 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, zwak humeus, donkergrijsbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: esdek Opmerking: Matig
35 cm -Mv / 4,59 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, zwak humeus, bruin, zandbrokken, matig fijn, interpretatie: dekzand Opmerking: goed gesorteerd, verploegd, restant oude A
60 cm -Mv / 4,34 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geeloranje, matig fijn, interpretatie: dekzand Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: Hangwater Fe vlekken
70 cm -Mv / 4,24 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, enkele leemlagen, matig fijn, interpretatie: dekzand Opmerking: Verspoeld
Einde boring op 100 cm -Mv / 3,94 m +
boring: 308081-6 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.590, Y: 489.896, hoogte: 4,84, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 4,84 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, sterk grindig, grijs, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond Opmerking: Puin
10 cm -Mv / 4,74 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond
50 cm -Mv / 4,34 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, zwak humeus, geelbruin, zandbrokken, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: esdek
80 cm -Mv / 4,04 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geelbruin, zandbrokken, matig fijn Opmerking: Meng
95 cm -Mv / 3,89 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, matig fijn Bodemkundig: C-horizont Opmerking: goed gesorteerd
Einde boring op 120 cm -Mv / 3,64 m +
2
Nunspeet Bovenweg 87
boring: 308081-7 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.618, Y: 489.915, hoogte: 4,65, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 4,65 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruingrijs, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: esdek Opmerking: slecht gesorteerd
45 cm -Mv / 4,20 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, zwak humeus, bruingrijs, zandbrokken, matig fijn Opmerking: goed gesorteerd. Menglaag
55 cm -Mv / 4,10 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Opmerking: goed gesorteerd, Mollengangen?
80 cm -Mv / 3,85 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, matig fijn Bodemkundig: C-horizont Opmerking: goed gesorteerd
Einde boring op 120 cm -Mv / 3,45 m +
boring: 308081-8 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.555, Y: 489.843, hoogte: 4,96, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 4,96 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: bouwvoor Opmerking: Matig gesorteerd, puin
30 cm -Mv / 4,66 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, zwak humeus, bruin, matig fijn Bodemkundig: B-horizont Opmerking: goed gesorteerd
40 cm -Mv / 4,56 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geelbruin, matig fijn Bodemkundig: BC-horizont Opmerking: goed gesorteerd
45 cm -Mv / 4,51 m + Algemeen: aard bovengrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, matig fijn Bodemkundig: C-horizont Opmerking: goed gesorteerd
Einde boring op 80 cm -Mv / 4,16 m +
boring: 308081-9 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.578, Y: 489.823, hoogte: 5,14, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 5,14 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruinzwart, matig fijn Bodemkundig: A-horizont, interpretatie: esdek Opmerking: slecht gesorteerd
20 cm -Mv / 4,94 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruinzwart, matig fijn, interpretatie: dekzand Bodemkundig: B-horizont Opmerking: goed gesorteerd
80 cm -Mv / 4,34 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, enkele leemlagen, matig fijn Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: Matig gesorteerd, verspoeld?
Einde boring op 120 cm -Mv / 3,94 m +
3
Nunspeet Bovenweg 87
boring: 308081-10 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.619, Y: 489.873, hoogte: 5,10, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 5,10 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: bouwvoor
30 cm -Mv / 4,80 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, witzwart, matig fijn Bodemkundig: E-horizont Opmerking: Gebroken
40 cm -Mv / 4,70 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, zwart, matig fijn Bodemkundig: B-horizont Opmerking: Gebroken
45 cm -Mv / 4,65 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, lichtbruin, matig fijn Bodemkundig: BC-horizont
60 cm -Mv / 4,50 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, lichtgeel, matig fijn Bodemkundig: C-horizont, enkele Fe-vlekken
Einde boring op 90 cm -Mv / 4,20 m +
boring: 308081-11 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.577, Y: 489.855, hoogte: 5,50, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 5,50 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: bouwvoor Opmerking: matig gesorteerd
30 cm -Mv / 5,20 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: esdek Opmerking: Matig gesorteerd
65 cm -Mv / 4,85 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, donkergeel, matig fijn, interpretatie: dekzand Bodemkundig: BC-horizont Opmerking: goed gesorteerd
70 cm -Mv / 4,80 m + Algemeen: aard bovengrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, lichtgeel, matig fijn Bodemkundig: C-horizont Opmerking: goed gesorteerd
Einde boring op 100 cm -Mv / 4,50 m +
boring: 308081-12 beschrijver: JVDK, datum: 22-11-2023, X: 183.594, Y: 489.838, hoogte: 5,70, provincie: Gelderland, gemeente: Nunspeet, opdrachtgever: Van Dun Advies, uitvoerder: Transect
0 cm -Mv / 5,70 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: bouwvoor Opmerking: matig gesorteerd
15 cm -Mv / 5,55 m + Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, matig fijn Bodemkundig: interpretatie: esdek Opmerking: Matig gesorteerd
65 cm -Mv / 5,05 m + Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, donkergeel, matig fijn Bodemkundig: BC-horizont Opmerking: goed gesorteerd
80 cm -Mv / 4,90 m + Algemeen: aard bovengrens: diffuus (3-10 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, lichtgeel, matig fijn Bodemkundig: C-horizont Opmerking: goed gesorteerd
Einde boring op 110 cm -Mv / 4,60 m +
4