CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 4a. Tussentijdse meded. br. weth. L. van der Maas juni 2021

Commissie Maatschappij en Middelen 9 september 2021, gemeente NunspeetBij agendapunt: Mededelingen(burgemeester) college en commissie.1.519 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NUNSPEET

ELSPEET

HULSHORST

VIERHOUTEN

De leden van de commissie Maatschappij en Middelen

datum 25 juni 2021 M

ons kenmerk 0302123220

collegebesluit

behandeld door de heer P.N. Kokkes (0341) 25 99 11

bijlage 0

onderwerp:

mededeling wethouder L. van der Maas

Geachte commissie, Hierbij informeer ik u over het volgende: Meicirculaire Gemeentefonds 2021 Het is gebruikelijk dat u geïnformeerd wordt over de uitkomsten van de circulaires door het ter kennisname aanbieden van het collegevoorstel en het collegebesluit. De eerstvolgende vergadering van de commissie Maatschappij en Middelen staat gepland in september a.s. Gezien deze lange termijn informeer ik u over de uitkomsten van de meicirculaire 2021 voor Nunspeet via deze mededelingenbrief. In de meicirculaire 2021 is een aantal ontwikkelingen verwerkt die ten opzichte van de meicirculaire 2020 en de maartbrief 2021 effect hebben op de begroting 2021, maar ook op de begrotingsvoorbereiding voor de jaren 2022-2025. Het gaat met name om de effecten van de accressen, de loon en prijsontwikkelingen en een aanpassing van de voorschotregeling bij het BTW compensatiefonds. De huidige circulaire is nog op de oude leest geschoeid. De herverdeling van het Gemeentefonds is uitgesteld en wordt pas in de meicirculaire van 2022 verwerkt. De Meicirculaire is de belangrijkste van de drie circulaires die jaarlijks verschijnen. Daarin worden de gemaakte afspraken vertaald naar de manier van aanpak van de diverse maatschappelijke opgaven waar de overheden gezamenlijk voor staan. De circulaire informeert over de gemeentefondsuitkeringen (algemene uitkering, integratie- en decentralisatie uitkeringen).

De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt hoofdzakelijk bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven (netto gecorrigeerde rijksuitkering). Volgens de normeringssystematiek (trap op, trap af) hebben wijzigingen in de rijksuitgaven direct invloed op de omvang van de algemene uitkering. De compensatie voor de corona effecten leidt tot enkele cijfermatige aanpassingen in deze circulaire. Als onderdeel van het compensatiepakket Coronamaatregelen zijn VNG en het Rijk overeengekomen de accressen 2020 en 2021 te fixeren op de stand van de meicirculaire 2020. Voor die jaren wordt dat dus ook de afrekening, tenzij er nog grote afwijkingen volgen. De accressen 2023 t/m 2025 komen negatief uit, met name als gevolg van lager geraamde rijksuitgaven.

-2-

Nr.

Uitkeringsjaar 2020 De mutaties in de algemene uitkering die worden veroorzaakt door wijzigingen in de maatstafgewichten en de wegingsfactoren als gevolg van door de gebruiker ingebrachte basisgegevens heeft per saldo een positief effect van € 87.800,--. De begrotingsaanpassing wordt meegenomen bij de eerstvolgende hoofdlijnenrapportage 2021. Uitkeringsjaar 2021 Inkomsten Na verwerking van de meicirculaire 2021 Na verwerking van de maartbrief 2021 (corona) Hogere uitkering

Totaal € 44.597.780 € 43.011.213 € 1.586.567

Het verschil wordt veroorzaakt door: Sociaal domein  Participatie  Jeugdhulp  WMO Stelposten  Jeugd aan zet (corona)  Heroriëntatie zelfstandigen (corona)  Kerkenvisies  Maatschappelijke begeleiding (inburgering)  Inburgering (wijziging)

€ € €

45.921 816.266 137.386

€ € € € €

10.000 11.869 25.000 16.590 2.198

Bijstelling Algemene uitkering

€

521.337

Totaal

€ 1.586.567

(Sociaal domein) ( € 16.709.152) ( € 15.677.710) ( € 1.031.442)

Uitgaven Sociaal domein Bij het onderdeel Sociaal Domein worden de middelen, berekend volgens de circulaires, budgettair neutraal geraamd. Vanaf 2020 is boven de uitkering structureel een bedrag van € 850.000,-- extra geraamd. Hiervoor is in 2021 een reserve-onttrekking van € 250.000,-- voorzien. Bij de taakvelden 1.6-WMO, 1.72-Jeugd en 1.5 Participatie worden de begrotingsbedragen 2021 respectievelijk verhoogd met € 137.386,--, € 816.266,-- en € 45.921,--. Bij gelijkblijvende uitgaven voor het onderdeel Jeugd kan een groot deel van de opgelegde taakstelling worden gerealiseerd. Via een raadsinformatiebrief wordt over de werkelijke stand en de prognose maandelijks gerapporteerd. Stelposten In afwachting van beleidsvorming wordt het opnemen van stelposten voorgesteld vanwege de ontvangen gelden via de integratie- en decentralisatie uitkeringen voor Maatschappelijke begeleiding, Jeugd aan zet, Kerkenvisies, Heroriëntatie zelfstandigen en Inburgering voor de hierboven genoemde bedragen. Bijstelling Algemene uitkering In de septembercirculaire 2020 is aan gemeenten een voorschot verstrekt van de afrekening BCF plafond 2020. In deze meicirculaire vindt de afrekening plaats. De onderschrijding van het plafond is groter geworden met voor Nunspeet een voordelige afrekening van ruim € 132.000,--.

Het resterende verschil wordt naast de mutaties in de maatstafgewichten en de wegingsfactoren als gevolg van beleidsmatige maatregelen veroorzaakt door de hogere uitkeringsfactor ten opzichte van de maartbrief.

-3-

Nr.

Voor de Algemene uitkering is in de 1e managementrapportage 2021 op grond van de maartbrief 2021 en de effecten uit de september- en decembercirculaire 2020 al het nodige aan begrotingsaanpassingen verwerkt. Voorgesteld wordt het resultaat van het uitkeringsjaar 2021 en de verdeling over het Sociaal domein en het algemene deel te verwerken in de eerstvolgende hoofdlijnenrapportage. Uitkeringsjaren 2021 en verder Er bestaat in de meicirculaire 2021 een stabiel beeld over de reële accressen. Alle jaren zijn positief. Dat betekent dat gemeenten die in de meerjarenraming tegen constante prijzen ramen er in deze circulaire ook reëel op vooruit gaan. Het kabinet heeft besloten de extra uitgaven die gerelateerd zijn aan corona niet mee te nemen in de berekening van het accres. Inkomsten vergelijk meicirculaire 2021 - meicirculaire 2020 2022

2023

2024

2025

Volgens de meicirculaire 2021

43.303.711

42.478.100

42.266.035

42.301.106

Volgens de meicirculaire 2020

42.334.926

42.290.459

42.247.636

42.247.636

verschil

968.785

187.641

18.399

53.471

Bijstelling BCF

130.000

130.000

130.000

130.000

“Nieuwe” stelposten

-135.998

-133.064

-141.761

-143.973

Jeugd Voogdij/18+

695.407

695.407

695.407

695.407

Jeugd regulier

-583.879

-46.829

-20.534

-47.409

Participatie

-61.116

-56.279

-72.729

65.256

WMO

-169.766

-134.747

-113.153

-121.791

Beschikbaar voor loonprijscompensatie

843.433

642.129

495.629

630.960

Totaal uitkering

Uitgaven In afwachting van beleidsvorming wordt het opnemen van een stelpost voorgesteld vanwege een wijziging in de te ontvangen gelden Inburgering. Voor de jaren 2022-2025 worden de bedragen respectievelijk verhoogd met € 17.184,--, € 9.297,--, € 5.990,-- en € 2.400,--. Voor Omgevingsveiligheidsdiensten is € 6.000,-- structureel beschikbaar. Op 26 januari 2021 heeft de Tweede Kamer de Wet open overheid (Woo) aangenomen. Het betreft een initiatiefwet uit de Tweede Kamer die beoogt de gehele overheid transparanter en toegankelijker te maken. Met het beschikbaar stellen van extra financiële middelen worden de gemeenten ondersteund bij de implementatie en uitvoering van de Woo. Incidenteel is tot 2026 jaarlijks € 57.263,-- beschikbaar en structureel is voor de jaren 2022-2025 respectievelijk € 48.314,--, € 60.504,--, € 72.508,-- en € 84.310,-- beschikbaar. Deze gelden zijn als stelpost opgenomen in afwachting van verdere uitwerking. Voor de begroting 2022 met bijbehorende meerjarenraming is in deze circulaire een advies opgenomen dat voor het BCF plafond de raming maximaal gelijk mag zijn aan de afrekening van 2020, zijnde macro € 192,6 miljoen in alle jaren. De provinciaal toezichthouders hebben aange-

-4-

Nr.

geven dit advies als richtlijn te gebruiken bij het beoordelen van de begroting. Voor Nunspeet gaat het hierbij om een bedrag van € 280.000,-- structureel. Er was al een bedrag van € 150.000,-- structureel verwerkt. Voor de jaren 2022 t/m 2025 geeft dit een positieve bijstelling van € 130.000,--. Ontwikkeling sociaal domein 2022 t/m 2025 Bij het onderdeel Sociaal Domein worden de middelen volgens de circulaires budgettair neutraal geraamd. Wel is aanvullend boven deze uitkering structureel een bedrag van € 850.000,-- extra geraamd. Het verschil tussen 2022 en 2023 e.v. is de verlenging van de maatregel van 2019-2021 (totaal € 1 miljard) voor het jaar 2022 met € 300 miljoen als compensatie voor de extra groei in de jeugdzorg. De financiële effecten van de uitspraak van de arbitragecommissie zijn niet structureel in deze opzet opgenomen. Met ingang van 2022 is voor de kostentoerekening van jeugdzorgcliënten het zogenaamde woonplaatsbeginsel van toepassing. De gemeente waar de ouders van een cliënt oorspronkelijk waren ingeschreven krijgen het hierbij behorende uitkeringsdeel, maar moeten dit ook betalen aan de jeugdzorgverleners. Dit geeft voor Nunspeet is de jaren 2022-2025 een lagere bijdrage van ongeveer € 695.000,-- structureel. Het is op dit moment nog niet duidelijk hoeveel voor- of nadeel dit voor de gemeente gaat betekenen.

In de verwerking van de septembercirculaire zal hier waarschijnlijk meer duidelijkheid over zijn. Het rijk heeft voor de jaren 2022-2025 nog inzicht gegeven in de bedragen die voor het sociaal domein zijn overgeheveld naar de algemene uitkering. Via Pauw (de applicatie die de gemeente gebruikt voor de berekeningen van het gemeentefonds) is ook nog meerjarig inzicht te berekenen. Op termijn, zeker nu vanaf 2022 de herijking van het Gemeentefonds wordt doorgevoerd, zal inzicht in de rijksmiddelen voor het sociaal domein verdwijnen. In feite past dit ook niet bij de gedachte van een algemene uitkering (algemeen dekkingsmiddel). In onderstaand overzicht samengevat de financiële consequenties in het sociaal domein (Integratieuitkeringen en in Algemene uitkering; basis PAUW).

Meicirculaire 2021 Meicirculaire 2020 Verschil

2022

2023

2024

2025

15.160.471 15.041.118 119.353

14.512.079 14.969.632 -457.553

14.414.727 14.903.718 -488.991

14.312.254 14.903.718 -591.464

De uitkomsten op basis van de Meicirculaire 2021 worden verwerkt in de Programmabegroting 2022-2025.

Wethouder voor de commissie Maatschappij en Middelen,

L. van der Maas

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10466988/1