CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 4a. Overzicht technische vragen programmabegroting

Commissie Maatschappij en Middelen 9 oktober 2025, gemeente NunspeetBij agendapunt: Mededelingen college en commissie3.330 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht technische vragen programmabegroting 2026-2029 J. van den Hoorn (SGP) Vraag 1 Punt 7 in het commissievoorstel: we begroten de baten voor CDOKE nu structureel. Welke specifieke lasten horen hierbij? Antwoord Een deel van de baten voor de specifieke uitkering Cdoke wordt structureel geraamd. Het bedrag is gelijk aan de personeelskosten die zijn geraamd in het kader van duurzaamheid. Vraag 2 punt 9 m.b.t de egalisatiereserve wegenonderhoud: na 10 jaar is de reserve uitgeput. Wat is het verwachte scenario na deze 10 jaar? Zijn er dan ook minder lasten te verwachten? Antwoord In de raadsvergadering van 17 april jl. heeft de gemeenteraad ingestemd met scenario 2 van het beleidsen beheerplan Wegen. Met vaststelling van dit scenario heeft de gemeenteraad ingestemd met een structurele budgetverhoging van € 520.000, -. Om deze stijging van het onderhoudsbudget wegen meer gespreid op te vangen wordt voorgesteld een bestemmingsreserve onderhoud wegen in te stellen. Jaarlijks wordt vanaf 2027 het onderhoudsbudget verhoogd en het resterende tekort aangevuld uit de reserve onderhoud wegen totdat over 10 jaar de gehele structurele verhoging van het onderhoudsbudget ad. € 520.000 in de begroting is gerealiseerd.

Vraag 3 Wat betreft het programma 1 Sociaal domein. Nemen de jaarlijkse lasten af in deze begroting? Is dat realistisch in vergelijking met de trend van de afgelopen jaren? Welke aannames zijn gedaan? Antwoord De lasten zijn als volgt geraamd:

De afname in 2027 komt doordat in 2026 incidenteel de jeugdkosten geraamd zijn voor minderjarige asielzoekers. (€ 600.000) en zijn er enkele incidentele lasten. In de jaarschijf 2028 zit een negatieve stelpost voor jeugd geraamd. Door de extra middelen in meicirculaire zijn de negatieve stelposten in de andere jaarschijven komen te vervallen. Vraag 4 " Uiterlijk in 2025 hebben we in samenwerking met de GGD nieuwe indicatoren opgesteld voor Volksgezondheid, gebaseerd op het gedachtegoed Positieve Gezondheid " staat er in de programmabegroting. Wat is de status van deze indicatoren?

Antwoord De GGD NOG werkt samen met de gemeenten aan het project Kengetallen & Indicatoren. Het doel van dit project is om kengetallen op te stellen die gerelateerd zijn aan de Producten-en Dienstencatalogus van de GGD NOG. Deze catalogus biedt actuele en praktische informatie over de GGD-dienstverlening. De producten en diensten uit deze catalogus worden gerelateerd aan de Bestuursagenda van de GGD NOG. De informatie die daarmee wordt opgehaald en weergegeven geeft inzicht in hoe inwoners worden ondersteund in hun preventieve en positieve gezondheid. Het streven is om alle relevante kengetallen en indicatoren op te leveren in december 2025. Na het AB GGD NOG van 27 november aanstaande zullen ook de raden geïnformeerd worden middels een informatiebrief. Gezien we in Gemeente Nunspeet ons lokale volksgezondheidsbeleid hieraan relateren, sluiten we aan bij deze ontwikkeling en zullen we daarna ook onze eigen indicatoren hierop aan laten sluiten. Vraag 5 Mbt indicator hernieuwbare elektriciteit staat een forse groei begroot. Waar is deze prognose op gebaseerd? Antwoord Deze volgt uit de vastgestelde ambitie. Vraag 6 Bijlage B : Voorziening eigenaars en vervangingsonderhoud de Wiltsangh, 2026 is reeds gedekt. In 2027 staat een ongedekte post van 165.000 EUR. Deze voorziening bestaat niet volgens de bijlage reserves en voorzieningen. Wat wordt hiermee bedoeld? Is dit voor een evt.

Exploitatietekort? Antwoord Het betreft een aanvullende storting in de voorziening onderhoud gebouwen. De huidige raming van het onderhoud voor de Wiltsangh bleek niet toereikend. Vraag 7 Bijlage B: Wat is de reden dat er voor wel 61.000 EUR aan schoonmaakkosten extra wordt begroot? Antwoord De schoonmaak gebeurde de laatste jaren aanzienlijk onder de marktprijs. Vraag 8 Verbonden partijen: Voor inclusief Groep en voor Sportbedrijf Nunspeet staat een 90% kans op faillissement in de risicoparagraaf. Dit klinkt alsof er zeer acuut maatregelen nodig zijn. Klopt dat, en hoe is tot een beoordeling van 90% gekomen? Antwoord De analyse gaat niet over de kans op faillissement, maar over de risicofactor in relatie tot financiële weerstand organisaties. Voor de beoordeling van de kans dat een risico daadwerkelijk optreedt hanteren we vijf klassen met de volgende referentiebeelden:

Klasse 1 2 3 4 5

Aantal keren dat een risico zich, naar verwachting voordoet < 1 x per 10 jaar 1 x per 5 - 10 jaar 1 x per 2 - 5 jaar 1 x per 1 - 2 jaar 1 x per jaar of <

Kans 10% 30% 50% 70% 90%

De financiële resultaten van de InclusiefGroep en het Sportbedrijf Nunspeet staan onder druk. De kans op een financieel risico schatten wij in op 90%. Vraag 9 Daarnaast is bij programmabegroting 2024-2027 besloten voor het 2026 een stijging van 6% door te voeren ter compensatie van de verlaging van de algemene uitkering" . In de huidige begroting ziet dit er iets anders uit voor 2026(+3% incrementeel). Kun u dit verschil toelichten? Antwoord De stijging van 6% is in de programmabegroting 2024-2026 verwerkt in de jaarschijf 2026. Zie bijgevoegde tabel.

Vraag 10 Bijlage D: Overhead, ondersteuning organisatie 690401 Aanpassen organisatiestructuur (HR21) kost 274k. Waar zijn deze kosten specifiek voor? Loonsverhoging , reorganisatiekosten? Antwoord In de bijstellingsbrief programmabegroting 2022-2025 heeft de raad ingestemd met het structureel reserveren van € 300.000 voor opvangen van onverwachte personele knelpunten en het verminderen van de inhuur derden. De huidige stand bedraagt € 274.000 K. Koers- van de Brake (Gemeentebelang) Algemene dekkingsmiddelen & Financiën : Vraag 1. Structureel vs. incidenteel: Kunt u in één overzicht bevestigen dat alle jaarschijven 2026–2029 structureel sluitend zijn (conform BBV), en daarbij aangeven welke incidentele posten in 2026 en 2027 nog een structurele dekking krijgen in 2028–2029? Graag in maximaal één tabel met per jaar: saldo structureel, saldo incidenteel en totaal. Dit met als doel dat de raad in 1 oogopslag het incidentele beslag op reserves ziet per programma per jaarschijf.

Antwoord Om het ravijnjaar 2026 te kunnen opvangen is bij vorige begrotingen voor de jaren 2025 tot en met 2027 het tekort in de begroting gedekt door een onttrekking aan de algemene reserve. De begroting 20252028 was alleen voor het jaar 2028 structureel sluitend. Dit was met instemming van de provincie. De begroting 2026-2029 is structureel sluitend voor de jaren 2028 en 2029 en de bedoeling is om daar elke volgende begroting een jaar aan toe te voegen. In de bijlage bij de begroting is dit jaar deze bijlage toegevoegd.

Vraag 2 ABP-premie: welke bandbreedte (%-punt) is financieel op te vangen als 2026 afwijkt van 0%? Antwoord Het ABP verwacht dat de premie voor ouderdoms-en nabestaanden in 2026 nagenoeg gelijkt blijft. De verwachte premie voor 2026 is 26,9. Dit jaar is de premie 27% . De definitieve premie wordt eind november bekend gemaakt. Het percentage daalt door de ontwikkeling van het deelnemersbestand. Het deelnemersbestand wordt jonger en de pensioensopbouw voor jongeren is goedkoper met als gevolg een dalende premie. Alle ambtenaren zijn aangesloten bij het ABP. Als er sprake is van een forse stijging van de premie dan zal dat in het accres bij de eerstvolgende meicirculaire gecorrigeerd worden.

Vraag 3 De SPUK CDoKE (€515k) is structureel in de begroting opgenomen. Hoe borgt het college dat er geen risico op structurele tekorten ontstaat als deze SPUK wegvalt? En hoe verhoudt deze structurele inzet zich tot de bestaande reserve Duurzaamheid (bijv. dubbeltelling of afbouwscenario). Antwoord Het structureel ramen van Coke gelden is als mogelijkheid opgenomen in begrotingsrichtlijnen 2026 van de provincie. De spuk Cdoke is voor een deel structureel in de begroting verwerkt(ca 55%) . De spuk Cdoke staat bij het rijk in de boeken tot en met 2030. Mocht dat in de loop van de jaren wijzigen dan is er tijd genoeg om daarop te anticiperen. De reserve duurzaamheid bedraagt naar verwachting eind 2025 € 3,3 miljoen. Vraag 4 OZB: Kunt u een overzicht aanleveren waarin de ontwikkelingen mbt woonlasten voor inwoners inzichtelijk en concreet wordt gemaakt. Hierin zien we graag het cumulatieve effect van indexatie, de extra OZB-stappen en volumegroei/WOZ, incl. meerjarenlijn 2026–2029. Concreet: Startpunt: huidige woonlasten (bijv. 2025) voor een huishouding met een koopwoning waarvan de waarde in 2024 bijvoorbeeld EUR 400.000 was. Vervolgens toon je per jaar (2026–2029) de effecten van: • • • •

Indexatie (inflatiecorrectie) Extra OZB-verhogingen (+1% in 2026–2027, +3% vanaf 2028) Eerdere besluiten (bijv. +1% voor onderwijshuisvesting) WOZ-waardeontwikkeling (volume-effect)

Antwoord Nadat de begroting is vastgesteld worden de tarieven (OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing) berekend en wordt een het woonlasten overzicht meegestuurd bij de vaststelling van de belastingverordeningen 2026 in de raad van december. Dan wordt ook gerekend met de actuele volumegetallen (WOZ-waarden, aantallen voor afvalstoffenheffing en rioolheffing), rekening houdend met 100% kostendekkendheid /mogelijke onttrekkingen uit egalisatievoorzieningen. Bij het woonlastendrukoverzicht in december worden dan enkele rekenvoorbeelden (huurders/eigenaren/bedrijven) weergegeven. Er is op dit moment nog geen woonlastendrukoverzicht. In het onderstaande overzicht is schematisch weergegeven welke stijging van de opbrengst OZB betrokken worden bij het woonlastendrukoverzicht:

Programma 1 Sociaal Domein Vraag 5 Minderjarige asielzoekers (Jeugd): Welk “plan B” geldt wanneer specifieke uitkeringen/gelabelde middelen achterblijven? Antwoord Er is een gelabeld bedrag in de Algemene Reserve en dit betreft gelden die onze gemeente heeft ontvangen in het kader van opvang Oekraïners, verstrekt vanuit Rijksmiddelen in het kader van de Tijdelijke wet Opvang Ontheemden Oekraïners i.v.m. opvang, leefgeld, onderwijs en werk. Van die gelden is een bedrag van € 600.000,= gelabeld voor de kosten van jeugdzorg die gerelateerd zijn aan AMV’ers. Er is op dit moment geen plan B m.b.t. de dekking van deze kosten als de kosten toch hoger uitvallen. De kosten zullen dan uit het jeugdbudget betaald worden waardoor het tekort op de begroting zal toenemen of er moet een aanvullend bedrag uit de gelabelde middelen uit de algemene reserve worden onttrokken. Vraag 6 Datagedreven jeugdsturing: Welke expliciete besparings- en kwaliteitsdoelen koppelt u aan de inzet van de data-analist jeugdhulp? Antwoord We willen het volgende bereiken: - Fouten, overschrijdingen en inefficiënties tijdig signaleren - Een betere aansluiting vinden op de zorgbehoefte van jeugdigen.

Door wat wij als gemeenten in het dashboard zien te koppelen aan de wetenschappelijke inzichten van onze partners, die experts zijn in bijvoorbeeld psychiatrie, jeugdbescherming of verblijf, geven wij concrete invulling aan ons streven om een lerend jeugdstelsel te zijn. - De gesprekken met de zorgaanbieders kwalitatief beter uitvoeren. Door de onderbouwing van data kunnen we beter sturen op de doelstellingen die bij de inkoop zijn vastgesteld. - De inspanningen en de kwaliteit van de zorg monitoren. Zo kijken we onder andere naar de doorlooptijden, hoge kosten en stapeling van zorg. - De scheiding tussen jeugdhulp en andere domeinen inzichtelijk te maken. De leeftijdsgrens van 18 jaar is daar een voorbeeld van. Door de data van een 18-jarige goed te monitoren, kan er beter een perspectief voor de toekomst bepaald worden. Ook vormen van ondersteuning die beter passen bij het onderwijs kunnen door middel van data beter inzichtelijk en gekaderd worden. Vraag 7 Wmo: De Wmo-uitgaven overschrijden al enkele jaren het budget. Hoe is dit structurele beeld verwerkt in de raming voor 2026–2029? Is er een trendcorrectie toegepast op basis van de realisatiecijfers, en zo ja, kunt u dit inzichtelijk maken in een korte tabel (raming vs.

realisatie afgelopen 3 jaar en nieuwe raming)? En zijn de tariefindexen (18,4% in 2025) en volumeverwachtingen consequent doorvertaald naar 2026 en verder? Antwoord De afgelopen jaren is de Wmo op hoofdlijnen budgettair neutraal uitgevoerd. Er waren geen structurele overschrijdingen. Wel deden zich incidenteel overschrijdingen voor binnen specifieke Wmo-producten, maar deze konden tot en met 2024 worden opgevangen door onderuitputting bij andere Wmoproducten.

De financiële druk manifesteert zich met name bij loongerelateerde deelproducten bij zorg in natura, zoals hulp bij het huishouden en individuele begeleiding. Zie hiervoor onderstaande tabel. Deze druk wordt voornamelijk veroorzaakt door vergrijzing, extramuralisering en de sterke stijging van Cao-lonen. Bij het opstellen van de begroting is rekening gehouden met de actuele tariefstelling voor 2025. Er is geen rekening gehouden met demografische ontwikkelingen en daarmee samenhangende volumeontwikkeling. De motivatie hiervoor is de volgende: - Vertaling in het gemeentefonds Groeiontwikkelingen binnen de Wmo worden structureel verwerkt in het gemeentefonds. Zo is in de septembercirculaire van 2025 extra budget beschikbaar gesteld vanwege stijgende Wmo-kosten. Deze middelen zijn meegenomen in de meerjarenbegroting. Hoewel dit geen garantie biedt voor volledige compensatie, wordt jaarlijks bij het opstellen van de meerjarenbegroting geanticipeerd op de ontwikkeling van het gemeentefonds. - Onvoorspelbaarheid van CAO-ontwikkelingen De afgelopen jaren zijn de cao-lonen uitzonderlijk sterk gestegen. Het is niet realistisch om in de meerjarenbegroting te anticiperen op (dergelijke) toekomstige uitkomsten van Cao-onderhandelingen. De huidige CAO VVT loopt tot en met 31 augustus 2026. In de volgende meerjarenbegroting zal opnieuw worden geanticipeerd op nieuwe Cao-afspraken.

- Beheersbaarheid en toekomstige stelselwijziging Het rijk en de VNG werken aan maatregelen om de uitgaven voor wettelijke Wmo-zorgtaken beter beheersbaar te maken. De verwachting is dat een deel van de Wmo-uitgaven in de toekomst niet langer via de algemene uitkering van het gemeentefonds zal verlopen. Door de val van het kabinet is het nog onzeker hoe en wanneer deze stelselwijziging vorm krijgt.

Aantal gebruikers hulp bij het huishouden Aantal uren hulp bij het huishouden Uitgaven hup bij het huishouden Aantal gebruikers individuele begeleiding Aantal uren individuele begeleiding Uitgaven individuele begeleiding

2022 675 49.673 € 1.520.007 336 21.437 € 1.350.560

2023 744 53.641 € 1.705.781 386 21.936 € 1.447.760

2024 780 56.806 € 1.990.478 392 23.797 € 1.709.081

Programma 3. Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Stedelijke Vernieuwing Vraag 8 De raad ontvangt jaarlijks het Meerjarenperspectief Grondexploitaties (MPG) met een uitgebreide financiële analyse. Voor grote projecten hebben we afgelopen voorjaar een tussentijdse voortgangsrapportage ontvangen, die zeer waardevol is voor inzicht in risico’s en planning. Gezien het grote financiële belang en de risico’s van de reserve grondexploitatie, is onze vraag: bent u bereid om – naast het jaarlijkse MPG – ook tussentijds een voortgangsrapportage op te nemen in de P&C-cyclus (bijvoorbeeld bij de Perspectiefnota), waarin de actuele stand van zaken, risico’s en effecten op de reserve grondexploitatie inzichtelijk worden gemaakt? Antwoord De financiële actualisatie van de grondexploitaties vindt één keer peer jaar plaats, conform BBVregelgeving, en de resultaten hiervan worden gepresenteerd in het MPG. In het MPG staat een uitgebreide tekstuele en financiële toelichting. De financiële gevolgen worden verwerkt bij de vaststelling van de jaarrekening.

Daarnaast is het zo dat als er tussentijds planinhoudelijke wijzigingen zijn, dan wel (autonome) wijzigingen met grote financiële gevolgen, de raad tussentijds wordt geïnformeerd en desnoods gevraagd wordt een geactualiseerde grondexploitatie vast te stellen. Via de paragraaf grondbeleid bij de programmabegroting wordt de raad in de loop van het jaar geïnformeerd over de ontwikkelingen in de grondexploitaties. Dit betreft een tekstuele toelichting over de voortgang van de projecten. Daarnaast zijn de meest omvangrijke grondexploitatieprojecten ook opgenomen in de voortgangsrapportage grote projecten, zoals ’t Hul Noord en Nieuw Feithenhof (grex in voorbereiding). Hiermee wordt voor de grondexploitaties voldoende tussentijds gerapporteerd en geldt voor de grexen met een grotere omvang dat deze al zijn opgenomen in de rapportage grote projecten. Programma 5. Verkeer, vervoer en waterstaat Vraag 9 Hoe borgt het college dat de structurele ophoging van het wegenonderhoud (nu tijdelijk gedempt via de egalisatiereserve) binnen 10 jaar volledig structureel in de begroting is opgenomen, en kunt u dit inzichtelijk maken in een eenvoudig overzicht met jaarschijven en resterende ophoging per jaar?” Antwoord In de raadsvergadering van 17 april jl. heeft de gemeenteraad ingestemd met scenario 2 van het beleidsen beheerplan Wegen.

Met vaststelling van dit scenario heeft de gemeenteraad ingestemd met een structurele budgetverhoging van € 520.000, -. Om deze stijging van het onderhoudsbudget wegen meer gespreid op te vangen wordt voorgesteld een bestemmingsreserve onderhoud wegen in te stellen. Jaarlijks wordt vanaf 2027 het onderhoudsbudget verhoogd en het resterende tekort aangevuld uit de reserve onderhoud wegen totdat over 10 jaar de gehele structurele verhoging van € 520.000 in de begroting is gerealiseerd.

Programma 7. Sport, cultuur, recreatie en openbaar groen Vraag 10 Hoe is in de begroting 2026–2029 rekening gehouden met de structurele onderhoudskosten van buitensportaccommodaties (inclusief vervanging kunstgrasvelden) en wat is de impact van de overdracht aan het Sportbedrijf op deze kosten? Antwoord De jaarlijkse onderhoudskosten (exploitatiekosten) van de buitensportaccommodaties zijn onderdeel van het onderhoudsbudget voor sportaccommodaties. Jaarlijkse onderhoudskosten (buiten) sport betreft alle reguliere jaarlijkse onderhoud aan natuurgrasvelden (incl. trapvelden, oefenhoeken) en onderhoud kunstgrasvelden (kurk en SBR rubber) en hybridemat Vierhouten. Hierbij moet je denken aan maaien, bemesting, water geven, jaarlijks groot onderhoud velden, bladruimen, mollenbestrijding, reinigingen en borstelen kurk en SBR rubber matten, onderhoud sportmeubilair, hekwerken enz. Voor dit totale onderhoudsbudget vragen we extra middelen aan bij de begroting 2026-2029, maar deze hebben geen relatie met het onderhoud van deze kunstgrasvelden. De vervanging van kunstgrasvelden (investeringskosten) vragen we bij een begroting aan zodra deze vervangen dienen te worden. Zo is voor 2027 een bedrag opgenomen voor het kunstgrasveld van MHC Nunspeet (begroting 2024-2027).

De impact op de kosten bij overdracht aan het Sportbedrijf is onbekend. In het nieuwe beleidsplan sport & bewegen, die eind 2025 aan de gemeenteraad wordt aangeboden, staat een nieuw voorstel voor overdracht aan het Sportbedrijf. Verbonden partijen & regionale samenwerking Vraag 11 Wij zien landelijk, regionaal, maar ook in Nunspeet dat meerdere verbonden partijen onder druk staan door financiële tekorten, taakuitbreidingen en stijgende kosten. Dit vergroot het risico voor onze gemeente. Daarom is het voor de raad belangrijk om niet alleen inzicht te hebben in de risico’s per verbonden partij, maar ook in de beheersmaatregelen die worden genomen om deze risico’s te beperken. Vraag: Wij begrijpen dat het BBV niet verplicht is om beheersmaatregelen in de begroting op te nemen, maar gezien de risico’s bij verbonden partijen vragen wij om een kort overzicht van de belangrijkste risico’s én de maatregelen die u neemt om deze te beheersen. Antwoord In de paragraaf Verbonden partijen geeft het college per partij een financiële risicoanalyse. Deze analyse wordt uitgedrukt in een solvabiliteitsratio. Deze ratio geeft aan in hoeverre een onderneming in staat is zijn schulden af te lossen met eigen middelen en wordt uitgedrukt in de verhouding eigen vermogen/totaal vermogen.

Voor de grote, nationale verbonden partijen (Alliander, Vitens en BNG) worden op dit moment geen grote risico’s ingeschat. Gemeenten worden via aandeelhoudersvergaderingen door middel van jaarrekeningen en/of tussentijdse rapportages geïnformeerd over de stand van zaken. Op basis van deze informatie en de berekende solvabiliteit wordt voor deze partijen in voorliggende geconstateerd dat het risico voor de gemeente laag is. Daarnaast wordt gesteund op de interne governance die bij deze grote partijen wordt gevoerd en door de onafhankelijke accountants wordt gecontroleerd. Sinds 2018 is Nunspeet aandeelhouder van Afvalsturing Friesland. Via jaarrekeningen en/of tussentijdse rapportages wordt de aandeelhoudersvergadering op de hoogte gebracht van de financiële situatie van het bedrijf. Gezien de solvabiliteit en de jaarlijkse resultaten wordt het risico voor de gemeente laag ingeschat. Ten aanzien van de lokale en regionale verbonden partijen worden de risico’s voor de Inclusief Groep en Sportbedrijf Nunspeet op hoog ingeschat. Zoals aangegeven in de paragraaf verbonden partijen heeft de Inclusief Groep het moeilijk: afnemende formatie en vergrijzing, stijgende ondersteuningsbehoefte waardoor de winstgevendheid van opdrachten verminderd en stijgende loonkosten.

Via bestuurlijke en ambtelijke overleggen met de Inclusief Groep worden deelnemende gemeenten op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen en de maatregelen die genomen worden om de risico’s te verminderen. Bij Sportbedrijf Nunspeet zit het grootste risico in de exploitatie van het bedrijf. Stijgende kosten en een hoge exploitatielast op sportcentrum De Wiltsangh zorgen voor negatieve jaarresultaten en een negatief eigen vermogen. Als beheersmaatregel is de gemeente met het bestuur bezig grip te krijgen op de kostenontwikkeling en de interen governance. De gemeente heeft hierin een nadrukkelijke regierol. Voor de overige verbonden partijen wordt het risico laag ingeschat. Gemeenten worden op de ambtelijk en bestuurlijk op de hoogte gebracht en gehouden van relevante ontwikkelingen door middel van overleggen die in de planning- en controlcyclus zijn vastgelegd. In deze overleggen worden planning- en controldocumenten besproken en vindt daar (na college- en raadsbehandeling bij de deelnemers)

besluitvorming over. Daarnaast krijgt de gemeenteraad op grond van de wet gemeenschappelijke regelingen de mogelijkheid een zienswijze in te dienen op kadernota’s, begrotingen en jaarrekeningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16075227/1