CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 4a. Overzicht schr. vrg en antw. commissie Ruimte en Wonen 7 oktober 2024

Commissie Ruimte en Wonen 7 oktober 2024, gemeente NunspeetBij agendapunt: Mededelingen (burgemeester) college en commissie7.253 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht schriftelijke vragen Ruimte en Wonen 7 oktober 2024 per agendapunt. ☐3.

Rondvraag.

M. van Klompenburg (SGP) Mededelingsbrief weth. Van de Bunte aan commissie Maatschappij en Middelen betreft Grondwater de Wiltsangh Vraag 1: De wethouder stelt dat er wordt gewerkt aan een structurele oplossing waarbij diverse scenario’s en oplossingsrichtingen zijn uitgewerkt. Kan de wethouder aangeven uit welke oplossingsrichtingen een keuze is gemaakt en waarom dit volgens de wethouder de beste keuze is? Antwoord: In eerste instantie zijn er vier oplossingsrichtingen bekeken voor het grondwaterprobleem bij de Wiltsangh: tijdelijke bronnering handhaven, een nieuw drainagegemaal, afvoer via drainageleiding of de constructie sporthal waterdicht maken. Op basis van investering- onderhoudskosten, levensduur, duurzaamheid en complexiteit is de keuze gemaakt om een voorlopig ontwerp (VO) te maken aangaande de oplossingsrichtingen ‘een nieuw drainagegemaal en afvoer via een drainageleiding’. Binnen het VO zijn weer drie scenario’s uitgewerkt: een drainagegemaal en permanente bronnering met lozing op de zakvijvers met één puntbron (scenario 1) en twee puntbronnen (scenario 2) of een drainageleiding met afvoer benedenstrooms (scenario 3). In scenario 3 is uiteindelijk de groenzoom tussen de Wiltsangh en de Kuyperstraat als lozingspunt bepaald. De nadrukkelijke voorkeur gaat uiteindelijk uit naar afvoer bovenstrooms, om niet het waterprobleem (in de toekomst) te verplaatsen.

Benedenstrooms is tevens een zogenaamde grondfluctuatiezone. Bovenstrooms naar de zakvijvers hebben we een huidig tracé die gebruikt kan worden (juridisch recht) waarbij we het waterprobleem niet verplaatsen. Vraag 2: Waarom is er gekozen voor een permanente bronnering op huidige locatie? De huidige bronnering staat behoorlijk in het zicht en past ook niet bij het mooie ontwerp van het geheel. Is het ook mogelijk om het op een andere locatie bij de Wiltsangh deze permanente bronnering te plaatsen? Antwoord: De huidige locatie is de meest geschikte locatie, zodat er zo min mogelijk opbreekwerkzaamheden hoeven plaats te vinden. Een andere locatie zou kunnen maar dat betekent een forse extra kostenlast, werkzaamheden en het opbreken van de huidige inrichting. In het ontwerp van de permanente bronnering wordt gekeken om zo veel als mogelijk onder de grond / het maaiveld te plaatsen. Vraag 3: De tijdelijke bronnering wordt door een dieselmotor aangedreven en is op een behoorlijk afstand hoorbaar. Hoe wordt deze permanente bronnering aangedreven en past dit bij een All Elctric Sportcentrum? Antwoord: Dit is volledig elektrisch. Binnenkort wordt door Liander een nieuwe elektriciteitsaansluiting gerealiseerd waar de permanente bronnering op aangesloten wordt.

Vraag 4: Voordat de definitieve oplossing wordt gerealiseerd op welke wijze wordt de gemeenteraad dan nog geïnformeerd over kosten die hiermee zijn gemoeid? Heeft deze oplossing ook gevolgen voor de begroting van de komende jaren? Antwoord: De kosten passen binnen de geraamde projectbegroting voor sportief recreatiecentrum de Wiltsangh en heeft derhalve geen invloed op de begroting voor de komende jaren. Na de aanbestedingsfase kunnen de definitieve (investerings)kosten gedeeld worden, dit wordt ook meegenomen in de verantwoording van project de Wiltsangh in Q1 2025. A.J. Timmerman (PvdA/GroenLinks) De fractie van PvdA/GroenLinks heeft de volgende vragen over de Berkenhorst: Vraag 1: Heeft de Berkenhorst bij de gemeente Nunspeet melding gemaakt van het gaan aanleggen van drie bovengrondse kleiduifschietbanen? Zo ja, wanneer is deze melding gedaan en wanneer gaat de aanleg beginnen? Antwoord: Wij zijn op de hoogte dat Berkenhorst binnenkort wil beginnen met grondverzet ten behoeve van een bovengrondse kleiduivenbaan. Een exacte planning is niet gegeven maar de start is waarschijnlijk in oktober.

Vraag 2: Is er grond die is afgegraven bij De Kijktuinen naar de Berkenhorst verplaatst? Zo ja, is dat conform de regelgeving omtrent het verplaatsen van grond? Antwoord: In de periode april-juni 2022 is er ca 5500m3 grond die vrijgekomen is bij het afgraven van het project Kijktuinen naar Berkenhorst overgebracht. Het betreft grond die op basis van de Bodemkwaliteitskaart en de verrichte keuring (bodemonderzoek) bij Berkenhorst toegepast mag worden. Voor dit transport is destijds de vereiste Melding Besluit Bodemkwaliteit ingediend. Vraag 3: De gemeente heeft aan de Berkenhorst een krediet van € 500.000,- voor bodemsanering ter beschikking gesteld. Tot nu toe wordt er door de Berkenhorst jaarlijks bekalkt. Wanneer gaat de Berkenhorst beginnen met de bodemsanering? Antwoord: Op dit moment wordt de laatste hand gelegd aan het saneringsplan. Zodra de laatste opmerkingen van de adviseurs van de Omgevingsdienst zijn verwerkt kan het plan ter vaststelling worden voorgelegd aan het college van B en W en aan het college van GS van de provincie Gelderland. Vraag 4: Heeft de gemeente Nunspeet al een samenwerkingsovereenkomst en een erfpachtovereenkomst met de Berkenhorst afgesloten. Zo ja, kunnen deze overeenkomsten aan de Commissie Ruimte en Wonen worden toegezonden?

Antwoord: De stukken zijn in concept gereed, het college heeft zich hierover positief uitgesproken. Wanneer ook het bestuur van Berkenhorst instemt, kunnen de documenten ondertekend worden. Naar verwachting gebeurt dit nog in 2024. ☐6a.

Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan “Herontwikkeling Landgoed De Grote Bunte – Chw”.

A. Harteveld (ChristenUnie) 1. Visie op dementiezorg. Voor de ChristenUnie geldt dat dit plan niet in de eerste plaats gaat om vastgoed, woningen en bos etc. maar om de mensen die er komen wonen, zeker de kwetsbare groep van mensen die lijden aan dementie. Wij willen het plan ook vanuit dat perspectief beoordelen. Vragen: 1a. Welke visie op mensen die lijden aan dementie ligt ten grondslag aan het plan om hier een woonzorgcomplex te realiseren? Waar is die visie in de onderliggende stukken terug te vinden? 1b. Welk gevolg heeft die visie voor het programma van eisen voor deze woonvorm? 1c. Is dat programma van eisen ergens terug te vinden in de onderliggende stukken? Bijvoorbeeld het, wat ons betreft, zeer belangrijke uitgangspunt per hoeveel bewoners een huiskamer beschikbaar is, om een echt kleinschalige woonvorm te realiseren. Antwoorden: 1a. De gemeente heeft geen visie opgesteld specifiek met betrekking tot mensen die lijden aan dementie. De visie is daarom niet in de onderliggende stukken terug te vinden. In de toelichting op het bestemmingsplan is de behoefte aan een woonzorgcomplex voor de beoogde doelgroep overigens wel onderbouwd. (Zie paragraaf 2.1.4.3 van de Toelichting, met betrekking tot de toets aan de Ladder voor duurzame ontwikkeling) en zie Bijlage 3 van de Toelichting). 1b.

Omdat er geen visie is, heeft deze ook geen gevolg voor het programma van eisen voor deze woonvorm. 1.c. Omdat er geen visie is, is deze ook niet terug te vinden in de onderliggende stukken. Wat betreft het uitgangspunt per hoeveel bewoners een huiskamer beschikbaar is het volgende. Een bestemmingsplan heeft niet het karakter dat het dergelijke specifieke eisen stelt. Het schept een ruimtelijk kader waarbinnen ontwikkelingen mogelijk zijn. Plattegrondtekeningen zijn een indieningsvereiste bij een omgevingsvergunning bouw. De vergunning voor de verbouw van het landhuis is in 2022 al verleend. De plattegrondtekeningen – de bouwtekeningen – zijn te vinden in de Bijlagen 37, 38, en 39 bij de Toelichting van het bestemmingsplan. Vraag: 2. De noodzaak van nog weer een woonzorglocatie. Heeft het college gedegen onderzoek verricht om er zeker van te zijn dat er in Nunspeet inderdaad nog een woonzorglocatie bij moet? Wat waren de bevindingen?

Antwoord: Als gevolg van de vergrijzing is er een almaar toenemende behoefte aan woonzorgvoorzieningen voor ouderen. Zo is het landelijke programma Wonen en Zorg voor Ouderen opgesteld om in deze behoefte te kunnen voorzien. Dit programma werkt regionaal en lokaal door in de woondeal en de (nog op te stellen) woonzorgvisie. Per gemeente geldt komende jaren een flinke realisatieopgave. De noodzaak voor een woonzorglocatie is daarmee evident. Vraag: 3. Uit de praktijk blijkt dat de kans van slagen van een nieuwe woonzorglocatie in sterke mate wordt bepaald door de huurprijs. En de huurprijzen van dit soort woonvormen verschillen zeer sterk, ook in onze regio. Van rond de € 850 per maand (voor een kwalitatief uitstekende kleinschalige woonvorm voor mensen die lijden aan dementie in Nunspeet), tot bijvoorbeeld € 3050,00 / € 5100,00 per maand bij een woonzorglocatie in Harderwijk. Daar komt nog bij dat bewoners naast deze huur ook nog een zgn. eigen bijdrage moeten betalen (afhankelijk van inkomen en vermogen) van minimaal € 200,40 per maand tot maximaal € 1052,20 per maand! Onze vragen hierbij: 3a. welke zorgaanbieder gaat in deze nieuwe locatie zorg verlenen? en 3b. vooral wat gaat de huur worden? Antwoord: 3a. Het is nog onbekend welke zorgaanbieder precies zorg gaat verlenen op de nieuwe locatie.

Dit moet een zorgaanbieder zijn die voldoet aan de bestemmingsomschrijving uit het vast te stellen bestemmingsplan “Herontwkkeling Landgoed De Grote Bunte - Chw”. 3b. Er is een vertrouwelijke notitie waarin één en ander vermeld wordt over de hoogte van de huur. Deze notitie is in te zien bij de griffie. Er moet van worden uitgegaan dat de huur zich in het middenhuur segment zal bevinden. Overigens is een bestemmingsplan niet het instrument om afspraken te maken over de hoogte van huurprijzen. Het bestemmingsplan is dat bij uw Raad voorligt ter besluitvorming. Meer informatie hierover is te vinden in de stukken met betrekking de financiële en economische uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan die aan de gemeente vertrouwelijk zijn overhandigd en die voor de commissieleden en de raadsleden ter inzage liggen bij de griffie, zoals ook uit het voorgestelde raadsbesluit blijkt. Vraag: 4. Is deze woonvorm (ook en wat ons betreft vooral) gericht op inwoners van Nunspeet met alleen AOW en eventueel een klein pensioentje? Of richt het college zich op (zeer) vermogende inwoners (van buiten Nunspeet)? Antwoord: De woonvorm is beschikbaar voor ouderen met een zorgvraag (dementerend of anderszins). Het is afhankelijk van de uiteindelijke zorgpartij wat voor zorg dit precies gaat zijn.

Het type zorg zou van invloed kunnen zijn op de huurprijs, maar de woonzorglocatie richt zich niet specifiek op inwoners met een bepaalde beurs. Bovendien is de gemeente geen partij in de afspraken die de eigenaar met de gekozen zorgpartij maakt.

Vraag: 5. Heeft het college overwogen wat de gevolgen van een extra woonlocatie zijn voor de huisartsenzorg, omdat er 36 cliënten bijkomen met een grotere zorgvraag en heeft het college hierover overleg gehad met de huisartsen? Antwoord: Nee, het college heeft dit niet overwogen. De overweging speelt ook geen rol in het kader van een goede ruimtelijke ordening, en kan daarom geen rol spelen bij de vaststelling van het onderhavige bestemmingsplan “Herontwikkeling Landgoed De Grote Bunte – Chw”. U veronderstelt dat de 36 cliënten allemaal afkomstig zijn van buiten de gemeente Nunspeet, en dit hoeft uiteraard niet het geval te zijn. In dit laatste geval heeft men al een huisarts. Vraag: 6. Heeft het college mee gewogen dat door een extra woonlocatie mogelijk ook een groter beroep gedaan zal worden op WMO voorzieningen. Antwoord: Of er daadwerkelijk een groter beroep zal worden gedaan op WMO-voorzieningen is van verschillende factoren afhankelijk. Onder andere van het type zorg dat de client nodig heeft. Wanneer er sprake is van WLZ-zorg dan komt dit niet ten laste van de WMO-voorzieningen. Bovendien is een woonzorgvoorziening met centrale voorzieningen gunstig voor de totale druk op WMO-voorzieningen. Door de bewoners ervan zullen namelijk geen individuele aanvragen op het gebied van de WMO worden gedaan. Vraag: 7. Het bestemmingsplan spreekt over een maatschappelijke bestemming.

Nu is de bestemming ‘mensen die lijden aan dementie’, maar vallen ook andere groepen onder de bestemming maatschappelijk? Ook arbeidsmigranten? Antwoord: Volgens de bestemmingsomschrijving worden de voor “Maatschappelijk” aangewezen gronden bestemd voor maatschappelijke voorzieningen in de vorm van zorgappartementen voor dementerende / zorgbehoevende ouderen ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van maatschappelijk – zorgappartementen’. Dat is ter plaatse van het Landhuis De Grote Bunte en de geplande uitbreiding daarvan. Volgens de specifieke gebruiksregels (artikel 5.3 van de Regels) is een ander gebruik dan een gebruik voor maatschappelijke voorzieningen in de vorm van zorgappartementen voor dementerende / zorgbehoevende ouderen niet toegestaan. Volgens artikel 15, de Algemene gebruiksregels van de Regels van het bestemmingsplan, artikel 15, lid 15.1 “is het verboden de gronden en bouwwerken te gebruiken, te laten gebruiken, of in gebruik te geven op een wijze of tot een doel, strijdig met de in het plan aan de grond gegeven bestemmingen”. Dat wil zeggen dat bijvoorbeeld het gebruik ten behoeve van logies voor arbeidsmigranten niet is toegestaan. Van belang hierbij is dat “logies voor arbeidsmigranten” geen maatschappelijke voorziening is, en dus niet is toegestaan bij de nieuwe bestemming volgens het onderhavige nieuwe bestemmingsplan.

Vraag: 8. T.a.v. het principeverzoek, geeft het college in de beantwoording van de zienswijzen op blz. 93 aan dat dat plan aan de orde is geweest in de raadscommissie Ruimte en Wonen van 30 juni 2020, maar niet in een raadsvergadering. 8a: Is een besluit rechtsgeldig wanneer dat niet door de raad genomen is? 8b: in dezelfde vergadering werd ook besloten dat de commissie de raad adviseerde om geheimhouding op te leggen op de onderliggende financiële stukken. Is deze geheimhouding toen wel bekrachtigd door de raad? Of was dat in dit geval niet noodzakelijk? Zo nee: waarom niet? Antwoord: 8a.Hoe de “besluitvorming” binnen de raadscommissies plaatsvinden ten opzichte van de besluitvorming in de gemeenteraad is wettelijk niet geregeld. In de wet is bijvoorbeeld wel geregeld dat het vaststellen van bestemmingsplannen door de gemeenteraad moet gebeuren, en dat gaat op 24 oktober 2024 ook gebeuren met het onderhavige bestemmingsplan “Herontwikkeling Landgoed De Grote Bunte – Chw” (volgens de Wet ruimtelijke ordening [Wro], op grond van het overgangsrecht), als alles volgens de planning verloopt. Hoe met de besluitvorming omtrent “principeverzoeken” moet worden omgegaan is niet wettelijk geregeld, maar vindt binnen de gemeente Nunspeet sinds jaar en dag plaats via de afspraken die daarover zijn gemaakt in de gemeenteraad en in de raadscommissie Ruimte en Wonen.

Over principeverzoeken vindt besluitvorming plaats in het college van Burgemeester en Wethouders, na advies daarover in de raadscommissie Ruimte en Wonen. Dat is in 2019/2020 ook gebeurd over het principeverzoek voor de Herontwikkeling van het Landgoed De Grote Bunte. Uit het voorgaande volgt dat het principeverzoek niet in de gemeenteraad kon worden behandeld. Uit het voorgaande volgt ook dat het principeverzoek in het college van Burgemeester en Wethouders en in de Raadscommissie Ruimte en Wonen is behandeld en er over het voorstel is besloten. Het besluit over het principeverzoek is dus rechtsgeldig. 8b.In de vergadering van de raadscommissie is besloten om de raad te adviseren om geheimhouding op te leggen op de onderliggende financiële stukken, naast het feit dat de raadscommissie voor wat betreft de raadscommissie zelf geheimhouding heeft opgelegd op de financiële stukken. De gemeenteraad zou geheimhouding opleggen, zodra het onderwerp van het plan “Herontwikkeling Landgoed De Grote Bunte” in de gemeenteraad aan de orde zou komen, dat is bij de vaststelling van het bestemmingsplan. De verwachting in 2020 was dat dat spoedig na het principebesluit zou plaatsvinden.

Door verschillende omstandigheden (zoals de Covid pandemie) is de bestemmingsplanprocedure vertraagd, zodat het bestemmingsplan in 2023/2024 als ontwerpbestemmingsplan ter inzage heeft gelegen in de periode van 20 december 2023 tot en met 30 januari 2024 en dat het bestemmingsplan nu volgens de planning op 24 oktober 2024 door de gemeenteraad zal worden vastgesteld. Op 24 oktober 2024 zal ook verder door de gemeenteraad worden besloten over de geheimhouding van de financiële stukken (zie het commissievoorstel en zie het raadsvoorstel en het concept-raadsbesluit). Vraag: 9. Op bladzijde 92 van de zienswijzen gaat het over het verzoek van De Nederlandse Tuinenstichting (de Commissie Groen Erfgoed Nts), De vereniging Heemschut en het Cuypergenootschap om het landhuis en het landgoed aan te doen wijzen als cultureel erfgoed. Het college heeft dit toen afgewezen. Hierover hebben we een aantal vragen : 9a. Op welke datum kwam bovengenoemde aanvraag binnen? 9b. Heeft het college de commissie omgevingskwaliteit (toen nog monumentencommissie) gevraagd advies te geven en zo ja: op welk moment? 9c. Heeft deze commissie inderdaad advies uitgebracht? En wat was hun advies?

9d. T.a.v. de afwijzing geeft het college aan dat dit een collegebevoegdheid is. Waar hebben we dat vastgelegd? 9d. Met welke argumentatie heeft het college de aanvraag van de Nederlandse Tuinenstichting etc. afgewezen? Kunnen we de bijbehorende stukken krijgen/inzien? 9e. N.a.v. een ingediend bezwaar op de afwijzing heeft de Commissie bezwaarschriften advies uitgebracht op 28 november 2023. Kunnen wij dit advies ter inzage krijgen? 9f. Het college geeft aan dat nog ‘een besluit op bezwaar’ genomen dient te worden. We zijn nu 10 maanden verder. Is dat besluit nu wel genomen? Wanneer kan het anders verwacht worden? Waarom zo laat? 9g. Is het gebruikelijk dat er zoveel tijden tussen zit? Welke afspraken zijn hier over gemaakt in de verordening? Antwoorden: 9a. Het verzoek is op 31 mei 2022 ingediend. 9b. Het verzoek is besproken tijdens de vergadering van de monumentencommissie op 2 november 2022. 9c. De commissie heeft advies uitgebracht, de commissie heeft geadviseerd om een redengevende beschrijving op te stellen en om deze vervolgens voor advies voor te leggen aan de monumentencommissie. 9d. Het aanwijzen van een gemeentelijk monument is een collegebevoegdheid die is vastgelegd in de door de Raad vastgestelde Erfgoedverordening. 9d.

De reden hiervoor is dat wij van mening zijn dat er op het Landgoed De Grote Bunte nog maar beperkt sprake is van een bos/tuin die onderdelen bevat die een hoge monumentale waarde bezitten. Deze beperkte aanwezigheid van onderdelen met een hoge monumentale waarde is reden geweest om het advies van de monumentencommissie niet op te volgen. Het collegebesluit dateert van 22 juni 2023 en is via de reguliere route op te vragen. 9e. Het advies van de Commissie bezwaarschriften is beschikbaar echter wij stellen dit eerst beschikbaar nadat eerst de bezwaarmakers hiervan kennis hebben kunnen nemen. Dit achten wij de meest zorgvuldige route. 9f. Inmiddels hebben wij op 24 september 2024 een besluit genomen. 9g. Er zijn geen concrete afspraken vastgelegd over de termijn, anders dan een redelijke termijn waarop het bezwaar afgehandeld dient te worden.

Vraag: 10. Vraag over geheimhouding. Het college vraagt de raad om op grond van artikel 5.1, tweede lid om vanwege op grond van artikel 87 van de Gemeentewet juncto artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b van de Wet open overheid vanwege financieel en economisch belang van de gemeente Nunspeet te besluiten om geheimhouding op te leggen voor wat betreft het gestelde in de documenten m.b.t. de "financiële en economische onderbouwing van het project / het bestemmingsplan voor de 'Herontwikkeling van het Landgoed De Grote Bunte - Chw' ", en om de inhoud van deze documenten als geheim te verklaren (einde citaat). Vraag: Gaat het hier om het financieel en economisch belang van de gemeente Nunspeet of ook om het financiële belang van de ontwikkelaar. Antwoord: Het gaat om de financiële en economische toetsing die de gemeente heeft laten verrichten mede op basis van gegevens van de ontwikkelaar. Vraag: 11. De commissie bewaarschriften heeft in juli jl. inzage gevraagd in de stukken van de Grote Bunte waarop geheimhouding rust, om te beslissen in een WOO verzoek. Het college heeft die stukken verstrekt.

Vraag: heeft de commissie al uitspraak gedaan? Zo nee, wanneer is de uitspraak te verwachten? Antwoord: Het college van Burgemeester en Wethouders heeft op 3 september 2024 besloten om “te voldoen aan het verzoek van de Commissie Bezwaarschriften om de geheim verklaarde documenten m.b.t. de financiële onderbouwing van het principeverzoek (2019/2020) en van het bestemmingsplan voor de herontwikkeling van Landgoed De Grote Bunte voor de leden van de Commissie Bezwaarschriften ter inzage teleggen op het gemeentehuis”. De commissie heeft d.d. 1 oktober 2024 deze stukken ingezien. De commissie zal naar verwachting binnen enkele weken advies uitbrengen aan het college van Burgemeester en Wethouders. Daarna zal het college naar verwachting binnen enkele weken het “besluit op bezwaar” kunnen nemen. Vraag: 12. In de zienswijzen zit een vraag over de verkoop van grond van de gemeente aan de projectontwikkelaar. Op een vraag over de toepassing van het Didamarrest geeft het college als antwoord: daar zal een ‘advertentie’ over verschijnen. Hierbij hebben we ook een aantal vragen: 12a: is die grond dan nog niet verkocht? / c.q.

is er nog geen verkoopakte opgesteld? 12b: Op welk moment is/wordt de prijs bepaald? 12c: Wanneer gaat het college de advertentie plaatsen? Antwoord: 12a.Over de verkoop van de grond is tussen de gemeente en ontwikkelaar overeenstemming bereikt onder het voorbehoud dat de verkoop volgens de richtlijnen van het Didam-arrest nog moet worden gepubliceerd. 12b.De prijs is in 2019 tot stand gekomen: op het moment dat partijen overeenstemming over de verkoop hadden bereikt (nog voordat het Didam-arrest op 21 november 2021 is gewezen): hierover is de Commissie Ruimte destijds vertrouwelijk geïnformeerd. 12c. Op korte termijn.

Vraag: 13. De ontwikkelaar geeft aan dat ‘Landgoed De Grote Bunte, een prachtig landgoed is, met als kroonjuweel het grote landhuis met bijbehorend koetshuis. Na de volledige restauratie van het landhuis in combinatie met de bouw van een complex ten behoeve van dementerende ouderen zal het landgoed opnieuw worden ingericht, waarbij het weer zal worden opengesteld voor publiek’ (Citaat van de site van de NOM) Dat was destijds ook al toegezegd bij de behandeling van het principe verzoek in 2020. We hebben hierover 2 vragen: 13a: Welk deel van het landgoed wordt weer opengesteld voor het publiek? 13b: Bij de behandeling van het principeverzoek was niet alleen het openbaar toegankelijk park toegezegd, maar specifiek ook ‘met dierenweide’. Is die dierenweide nog steeds onderdeel van het plan? Antwoord: 13a. De voorzijde van het plangebied (het gebied tussen de Elburgerweg en het Landhuis De Grote Bunte), dat voornamelijk de bestemming “Groen” heeft, zal, volgens het voornemen van de initiatiefnemers, worden opengesteld voor het publiek. 13b.met name binnen de genoemde bestemming “Groen” zou eventueel ook een dierenwijde kunnen worden gerealiseerd. De exacte plannen van de initiatiefnemers voor dit gebruik zijn ons niet bekend. Vraag: 14. Parkeerruimte. Over parkeerruimte hebben we 2 vragen: 14a. Hoeveel parkeerruimte is er ingepland voor bewoners, bezoekers, en personeel? 14b.

Welke afspraken hebben we daarvoor gemaakt in de parkeerverordening? 14c. Mocht er meer parkeergelegenheid nodig zijn (bijv. op zon- en feestdagen), is daar dan buiten de Grote Bunte mogelijkheid voor? Antwoord: 14a.De parkeerplaats voor het zorgcomplex, en het kantoor met faciliterende voorzieningen (in hetKoetshuis), is ten westen van het zorgcomplex gelegen en telt 35 parkeerplaatsen. Voor het zorggebouw is gerekend met 26 parkeerplaatsen; bij het kantoor (in het Koetshuis) is gerekend met 7 parkeerplaatsen; en voor de beheerderswoning is gerekend met 2 parkeerplaatsen; in taal is dat 26 + 7 + 2 = 35 parkeerplaatsen. Het aantal benodigde parkeerplaatsen is berekend inclusief het bezoekersparkeren. Zie voor de berekeningen het rapport “Verkeerskundig onderzoek Landgoed De Grote Bunte Nunspeet” d.d. 7 april 2022, zie Bijlage 22 bij de Toelichting van het bestemmingsplan. 14b.Er bestaat geen parkeerverordening. Wel is er een Parkeernota. De verwachte parkeervraag is vastgesteld aan de hand van de parkeernormen zoals beschreven in de Parkeernota van de gemeente Nunspeet (zie blz. 18 van het rapport “Verkeerskundig onderzoek Landgoed De Grote Bunte Nunspeet” d.d. 7 april 2022, volgens Bijlage 22 bij de Toelichting van het bestemmingsplan). 14c. De parkeerruimte moet binnen het plangebied van het bestemmingsplan “Herontwikkeling Landgoed De Grote Bunte – Chw” worden gerealiseerd.

S.M. Kouwenberg (PvdA/GroenLinks) PvdA GroenLinks verzoekt, om een goed oordeel te kunnen vormen over voorliggend plan, om de volgende zaken openbaar te maken en toe te voegen aan het bespreekstuk: (noot griffie: reactie college is cursief) -

De nu nog vertrouwelijke externe toetsing van voorliggend plan; Het college van Burgemeester en Wethouders stellen uw raadscommissie en de gemeenteraad voor om geheimhouding op te leggen aan de documenten die onder andere van doen hebben met de externe toetsing van het plan. Dat betekent dat wij deze documenten niet openbaar kunnen maken.

-

Het besluit op bezwaar van de gemeentelijke Commissie Bezwaarschriften aangaande de afgewezen gemeentelijke monumentale status van het gehele landgoed, indien dit nu (2-10-2024) of uiterlijk de ochtend van 7-10-2024 in collegehanden is; Inmiddels hebben wij op 24 september 2024 een besluit op het bezwaar genomen. Het collegebesluit en het advies van de Commissie bezwaarschriften is beschikbaar, echter wij stellen wij dit beschikbaar nadat eerst de bezwaarmakers hiervan kennis hebben kunnen nemen. Dit achten wij de meest zorgvuldige route.

-

Alle schriftelijke communicatie* van de toenmalige monumentencommissie over de Grote Bunte van 2011 t/m heden; De beantwoording hiervan zal bij voorkeur mondeling plaatsvinden.

-

Alle schriftelijke communicatie* van de huidige commissie Omgevingskwaliteit over de Grote Bunte; De beantwoording hiervan zal bij voorkeur mondeling plaatsvinden.

-

Alle schriftelijke communicatie* van de dorpsbouwmeester aangaande de Grote Bunte van 2011 t/m heden; De beantwoording hiervan zal bij voorkeur mondeling plaatsvinden.

-

Alle schriftelijke communicatie* van de regioarcheoloog aangaande de Grote Bunte van 2011 t/m heden; De beantwoording hiervan zal bij voorkeur mondeling plaatsvinden .

-

De volledige beoordeling van het alternatief plan door de dorpsbouwmeester. Bijlage 2 nota zienswijzen is namelijk onvolledig en er is geen onderscheid tussen de bevindingen van de dorpsbouwmeester en Baljon. De beantwoording hiervan zal bij voorkeur mondeling plaatsvinden . Wat betreft uw vragen over het aanleveren van diverse schriftelijke informatie vanaf 2011 tot en met heden: Wij gaan ervan uit dat u zich beseft dat wat u vraagt een behoorlijke tijdsinvestering vergt en om die reden geven wij alvast aan dat deze informatie niet voor de commissievergadering van 7 oktober beschikbaar is. Wij kunnen ook geen toezegging doen dat de informatie voor de raadsvergadering van 24 oktober beschikbaar is.

U dient zich ook te beseffen dat de door u gevraagde informatie er deels er niet meer zal zijn omdat medewerkers vertrekken en hun emailboxen worden afgesloten. Daarnaast zullen ook niet alle verslagen van vergaderingen et cetera even goed gedocumenteerd zijn. Er zal daardoor niet een compleet beeld ontstaan van de periode 2011 tot en met heden. *met schriftelijke communicatie worden alle documenten, verslagen, rapportages en inhoudelijke emails over dit onderwerp bedoeld. Vragen: Monumentale staat: 1.

Is er in 1991, bij de toekenning van een gemeentelijke monumentale status van het landhuis, een rapport opgemaakt over de staat van het landhuis? Indien ja, graag toevoegen. Antwoord: Voor de aanwijzing is een zogenoemde redengevende beschrijving opgesteld, deze ontvangt u als bijlage 1. bij de beantwoording van deze vragen. 2.

Is er in 1991, bij de toekenning van een gemeentelijke monumentale status van het landhuis, overwogen het gehele landgoed deze status toe te kennen? Antwoord: Het is onzes inziens niet relevant voor het agendapunt dat nu voorligt om de overwegingen uit 1991 hierin te betrekken. 3.

Is er in 1991, bij de toekenning van een gemeentelijke monumentale status van het landhuis, ook een rapport opgesteld over de staat van het landgoed? Indien ja, graag toevoegen. Antwoord: Intern wordt uitgezocht of en welke documentatie nog beschikbaar is, anders dan de redengevende beschrijving. Echter wij zijn ook hier van mening dat het onzes inziens niet relevant is voor het agendapunt dat nu voorligt om de rapportages uit 1991 hierin te betrekken. 4.

Heeft er sinds de toekenning van de status van gemeentelijk monument in 1991 verval plaatsgevonden in/op/aan het landhuis? Indien ja, graag een chronologisch overzicht. Antwoord: De intentie van de huidige eigenaar is om het Landhuis te restaureren, wat bijdraagt aan de instandhouding van dit gemeentelijke monument. Het is onzes inziens niet relevant voor het agendapunt dat nu voorligt om een chronologisch overzicht op te stellen van het verval van het Landhuis. 5.

Heeft er sinds de toekenning van de status van gemeentelijk monument in 1991 verval plaatsgevonden in/op/aan het landgoed? Indien ja, graag een chronologisch overzicht. Antwoord: Het Landgoed als geheel betreft geen gemeentelijk monument. Om die reden ligt er geen verplichting vanuit de gemeente om toe te zien op het onderhoud dan wel de onderhoudstoestand van het Landgoed. 6.

Is er sinds de toekenning van de status van gemeentelijk monument in 1991 handhavend opgetreden om verder verval van het landhuis te voorkomen? Indien ja, graag een chronologisch overzicht. Antwoord: Voor zover wij dit hebben kunnen nagaan is hiervan geen sprake.

7.

Is de gemeente Nunspeet sinds de toekenning van de status van gemeentelijk monument in 1991 in gebreke gebleven bij het beschermen van de monumentale waarden van het landhuis? Antwoord: Voor zover wij dit hebben kunnen nagaan is dit niet het geval. 8.

Op pagina 76 van de nota zienswijzen wordt gesteld dat er geen sprake is van "totale omkering van het beleid”. In de Welstandsnota 2015 staat over "de Grote Bunte:" Het beleid is er op gericht om de buitenplaats als ensemble van gebouwen en landschapsinrichting met zichtlijnen, lanen en andere objecten te behouden. Hoe verhoudt zich het voorliggend plan met dit genoemde beleid en wat is de onderbouwing dat hier geen sprake is van "totale omkering van het beleid?" Antwoord: Het beleid om de buitenplaats als ensemble van gebouwen en landschapsinrichting met zichtlijnen, lanen, en andere objecten te behouden is ook neergelegd in het “Definitief Ontwerp-Inrichtingsplan Landgoed De Grote Bunte” d.d. 26 juli 2024. Dit Inrichtingsplan ligt ten grondslag aan het vast te stellen bestemmingsplan “Herontwikkeling Landgoed De Grote Bunte – Chw”. Indien dit Inrichtingsplan wordt uitgevoerd, zoals wordt voorgesteld, past dit in het hiervoor beschreven beleid en is er dus geen sprake van een “totale omkering van het beleid”. De Welstandsnota 2015 is geldend beleid dat van toepassing is op bouwplannen. Het bestemmingsplan dat ter vaststelling voorligt bij uw raad, is het ruimtelijk kader waarbinnen een bouwontwikkeling mogelijk is. De welstandsnota en het bestemmingsplan zijn en blijven naast elkaar van toepassing.

De vergunningaanvragen voor bouwactiviteiten moeten te zijner tijd aan beide voldoen. Ten overvloede wordt nog vermeld dat in het voorliggende bestemmingsplan door middel van een Beeldkwaliteitsplan met Kavelpaspoorten aan het beleid uit de welstandsnota extra handen en voeten wordt gegeven. 9.

Heeft de huidige eigenaar sinds de aankoop van het landgoed voldaan aan de instandhoudingsplicht gemeentelijk monument als genoemd in artikel 12 van de erfgoedverordening 2018? Antwoord: De huidige eigenaar is sinds 2018 eigenaar van het Landgoed. Sindsdien is de eigenaar voornemens om het Landhuis te restaureren en om het Landgoed te herontwikkelen. Met de voorliggende plannen probeert de eigenaar ook te voldoen aan de instandhoudingsplicht van het Landhuis als gemeentelijk monument. Financiën: 10. In de beantwoording van de zienswijzen wordt gesteld dat de 14 bouwkavels noodzakelijk zijn om de herontwikkeling van het landgoed financieren. Graag een financiële onderbouwing van deze stelling. Antwoord: Een samenvatting van de financiële onderbouwing is in de Nota zienswijzen opgenomen (zie Bijlage 1 bij de Nota zienswijzen d.d. 28 augustus 2024). Uit het rapport van de externe deskundige, dat vertrouwelijk voor de leden van de raadscommissie en voor de leden van de gemeenteraad ter inzage ligt bij de griffie, blijkt de financiële onderbouwing. 11. De alternatieve financiële onderbouwing wordt in de beantwoording van de zienswijzen door het college als irreëel gezien. Graag ontvangen wij de doorrekening waaruit dit blijkt. Antwoord:

Zie voor de beantwoording van de vorige vraag voor de onafhankelijke doorrekening. Daaruit blijkt tevens dat de alternatieve berekening een te rooskleurig beeld geeft en geen rekening houdt met verschillende kostenposten die wel onderdeel zijn van de businesscase. 12. In de beantwoording van de zienswijzen wordt weerlegd dat hier sprake is van een buitenproportioneel verdienmodel. Graag ontvangen wij de door het college gehanteerde kaders van deze proportionaliteit en een cijfermatige onderbouwing waaruit blijkt dat hier geen sprake is van een buitenproportioneel verdienmodel. Antwoord: Het is niet aan het college om kaders te stellen aan de proportionaliteit van het verdienmodel van de ontwikkelaar. Uit de samenvatting die is openomen in de Nota zienswijzen d.d. 28 augustus 2024 (Zie Bijlage 1 bij de Nota zienswijzen d.d. 28 augustus 2024) blijkt dat het opbrengend vermogen € 148.500 bedraagt op een investering van bijna € 18 mln. Dit is 0,8%. In objectieve zin is dit niet buitenproportioneel. 13. Op pagina 36 van de nota zienswijzen stelt het college dat de aankoop van het landgoed door de gemeente niet wenselijk en niet mogelijk is. Op pagina 42 wordt gesproken over een "dergelijk kostbaar plan." Waaruit blijkt de financiële onmogelijkheid van het door de gemeente Nunspeet aankopen van het landgoed? Graag een financiële onderbouwing.

Antwoord: Wij verwijzen naar het vertrouwelijke rapport van de extern deskundige waarin een oordeel is gegeven van de businesscase. Het risicoprofiel en het investeringsniveau past niet in de kerntaken van de gemeente. Hierbij rekening houdend dat de kosten voor de baten uitgaan en de gemeente eerst bijna € 18 mln. moet investeren om te verwachten iets meer dan € 18 mln. in de toekomst aan opbrengsten wordt ontvangen, is dit een onaanvaardbaar risico dat de gemeente niet wil lopen. Dit, vooropgesteld dat de gemeente ten behoeve van een zorgfunctie het Landgoed wil aankopen. De gemeente heeft voor het Landgoed geen andere ambities die een aankoop en restauratie rechtvaardigen. Bomen: 14. Welke stappen heeft de huidige eigenaar sinds de aankoop ondernomen om verder verval van de op het landgoed aanwezige bomen te voorkomen? Antwoord: Sinds eigendomsverkrijging in 2018 heeft de huidige eigenaar plannen om aan het Landgoed een nieuwe invulling te geven. Onderdeel daarvan is een Inrichtingsplan om de bomen juist te verbeteren. 15. Hebben er sinds de aankoop door de huidige eigenaar kap/snoeiwerkzaamheden plaatsgevonden op landgoed de Grote Bunte die strijdig zijn met de lokale wet- en regelgeving? Antwoord: Nee, de bomen staan er nog. Oftewel er hebben geen werkzaamhden plaatsgevonden zonder omgevingsvergunning. 16. Heeft het College het rapport van de Bomenconsulent d.d.

Maart 2020 vrijwel direct nadat deze naar de commissie is gestuurd, ontvangen van één van deze fracties? Antwoord: Nee, deze is destijds niet vrijwel direct doorgestuurd. Echter het antwoord op deze vraag is niet meer relevant, omdat het desbetreffende rapport van de Bomenconsulent inmiddels is verwerkt in het Inrichtingsplan en in het daarbij behorende Beheerplan. Zie ook het rapport van Duifhuizen Boomadviesbureau d.d. 1 augustus 2024, volgens Bijlage 3 bij de Nota zienswijzen.

17. Indien ja, kan in dat geval redelijkerwijs worden verwacht dat dit rapport tijdig door het college beschikbaar is gesteld aan de behandelende ambtenaren? Antwoord: Zie antwoord bij vraag 16. 18. De verordening en monumentale bomenlijst zijn nog niet definitief. Naar verluidt zal dit een langdurig proces worden, aangezien in een ander dossier inwoners hebben aangegeven door te vechten tot de Raad van State. Wat heeft dit voor effect op de beschermingsstatus van de op het landgoed aanwezige bomen? Antwoord: De Bomenverordening 2021 van de gemeente Nunspeet is wel definitief van kracht. De Monumentale Bomenlijst is nog niet definitief omdat een inwoner bezwaar en beroep heeft aangetekend tegen een (niet aanwezige) boom. De monumentale bomen op het Landgoed De Grote Bunte zijn beschermd op grond van de Bomenverordening 2021 en door de Regels van het nieuwe bestemmingsplan ‚‘‘Herontwikkeling Landgoed De Grote Bunte – Chw“, nadat dit bestemmingsplan is vastgesteld; is gepubliceerd en ter inzage heeft gelegen voor de beroepstermijn. 19. In de beantwoording van de zienswijzen wordt gesteld dat door het sterk verminderen van het aantal bomen op het landgoed, de CO2 opname van het gehele 'bos' zal stijgen. Graag een cijfermatige onderbouwing.

Antwoord: Met de beantwoording van de zienswijze is beoogd duidelijk te maken dat uitvoering van het plan een impuls voor de kwaliteit van het op het landgoed aanwezige groen betekent, en dat „in die zin“ sprake is van een verbetering en niet van een verslechtering. Er is dan ook geen cijfermatige onderbouwing van de CO2-opname voorhanden. Arbeidsmigranten: 20. Is het correct dat op De Grote Bunte onder de huidige eigenaar gedurende een periode arbeidsmigranten zijn opgevangen zonder (te voldoen aan de) hiervoor geldende vergunning? Antwoord: Dit is correct. Er was een periode dat er gebruik werd gemaakt van logies voor arbeidsmigranten in de gebouwen van en in de nabijheid van het Landhuis De Grote Bunte zonder dat er een vergunning was verleend voor de huisvesting van arbeidsmigranten. De gemeente heeft hiertegen handhavend opgetreden. Daarna is er een vergunning aangevraagd voor de tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten. Deze vergunning is verleend. 21. Is het correct dat op De Grote Bunte onder de huidige eigenaar gedurende een periode arbeidsmigranten zijn opgevangen terwijl niet aan de eisen m.b.t. brandveiligheid werd voldaan? Antwoord: Nadat de overtreding met de arbeidsmigranten is geconstateerd, is er door de gemeente gehandhaafd en is vervolgens een ruimtelijk traject/vergunningaanvraag gevolgd die wél aan de eisen voldoet.

De kwestie van het illegale gebruik speelt niet (meer). De vraag is niet relevant voor hetgeen nu voorligt: de vaststelling van het bestemmingsplan „Herontwikkeling Landgoed de Grote Bunte“, door uw Raad. Procedureel: 22. Is de vormvrije MER-beoordeling inmiddels opnieuw vastgesteld door het College? Antwoord:

Het college van Burgemeester en Wethouders heeft op 17 september 2024 besloten om “in te stemmen met het, gewijzigde, rapport “Vormvrije m.e.r.-beoordeling project De Grote Bunte te Nunspeet” d.d. 25 juli 2024, en op grond daarvan te besluiten om geen formele M.e.r.-beoordelingsrapport of een Project MER of een Plan-MER op te laten stellen.” 23. In de beantwoording op de zienswijzen wordt gesteld dat het niet mogelijk was om de commissie R&W om advies te vragen over de kruimelregeling. Waaruit blijkt deze onmogelijkheid? Volgens PvdA GroenLinks kan onze commissie, ook als het een collegebevoegdheid is, altijd om advies worden gevraagd. Antwoord: Een vergunning op grond van de Kruimelregeling moet de reguliere voorbereidingsprocedure van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) doorlopen, dat is de korte procedure. Deze procedure dient volgens artikel 3.9 Wabo binnen acht weken te worden doorlopen. De beslistermijn kan volgens artikel 3.9, lid 2 Wabo eenmaal met zes weken worden verlengd. De totale termijn is derhalve maximaal veertien weken. Over het algemeen zijn dergelijke termijnen tekort om dan advies van de raadscommissie te vragen. Er is geen verklaring van geen bedenkingen voorgeschreven, en een vergunning die via de Kruimelregeling dient te worden verleend is een zuivere collegebevoegdheid. Het is om die reden ook dat het een “Kruimelregeling” wordt genoemd.

Theoretisch zou in een dergelijk geval aan de raadscommissie om advies kunnen worden gevraagd, maar dat is niet de gebruikelijke procedure. 24. Naar welke jurisprudentie wordt op pagina 10 van de nota zienswijzen verwezen, waaruit zou blijken dat terinzageleggingstermijnen niet kunnen worden verlengd? Voetnoot ontbreekt hier. Antwoord: Volgens het boek “Algemene wet bestuursrecht” (twaalfde druk), blz. 148 is geen verlenging mogelijk van de zienswijzentermijn. Citaat: “geen verlenging mogelijk”. “Het staat het bestuursorgaan niet vrij de termijn voor het indienen van een zienswijze te verlengen. Dit zou strijdig zijn met het artikel [artikel 3:16 Awb] en met het systeem van de u.o.v [uniforme openbare voorbereidingsprocedure], zo volgt uit de uitspraak ABRvS d.d. 28 april 2004, JB 2004/240.” 25. Naar welke jurisprudentie wordt op pagina 125 van de nota zienswijzen verwezen? Dit betreft de onderbouwing van de zin "Dit is echter juridisch toegestaan volgens jurisprudentie." Antwoord: Het gaat hier over de kwestie of je een bestemmingsplan als ontwerp ter inzage mag leggen, terwijl de ontheffing/ of vergunning op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) nog niet is verleend. Daarover zijn veel uitspraken gewezen door rechtbanken en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Een voorbeeld van een dergelijke uitspraak is de uitspraak d.d.

18 november 2020 gemeente Gemert-Bakel: bestemmingsplan “Partiële herziening Gemert-Bakel Stedelijke gebieden, oktober 2018”, zaaknummer 201903169/1/R2 en 201902204/1.ECLI:NL:RVS:2020:2773, zie rechtsoverweging 10.1. “De vragen of voor de uitvoering van het bestemmingsplan een vrijstelling dan wel een ontheffing op grond van het soortenbeschermingsregime in de Wnb nodig is en zo ja, of deze ontheffing kan worden verleend, komen in beginsel pas aan de orde in een procedure op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb). Dat doet er niet aan af dat de raad het plan niet heeft kunnen vaststellen, indien en voor zover hij op voorhand in redelijkheid heeft moeten inzien dat het soortenbeschermingsregime in de Wnb aan de uitvoerbaarheid van het plan in de weg staat”. Dit laatste is bij het onderhavige bestemmingsplan “Herontwikkeling Landgoed De Grote Bunte – Chw” niet aan de orde omdat de ontheffing door de provincie Gelderland is verleend d.d. 13 juni 2024, voordat het bestemmingsplan wordt vastgesteld op 24 oktober 2024.

26. Op pagina 47 van de nota zienswijzen wordt over de kavelpaspoorten gesteld dat deze langdurig zullen moeten worden gehanteerd bij bouwaanvragen/omgevingsvergunningen. Wat is de definitie van langdurig in deze? En geldt dit ook voor een eventuele volgende eigenaar bij verkoop? Antwoord: In het bestemmingsplan is geregeld dat de regels die volgen uit de Kavelpaspoorten in de bouwregels en in de gebruiksregels van het bestemmingsplan zijn opgenomen. Zolang het bestemmingsplan “Herontwikkeling Landgoed De Grote Bunte – Chw” van kracht zal zijn, na de vaststelling daartoe door de gemeenteraad, dienen deze regels te worden nagekomen. Bovendien maakt het Beeldkwaliteitplan met Kavelpaspoorten na het voorgestelde besluit daartoe door de gemeenteraad onderdeel uit van de Welstandsnota van de gemeente. De welstandsaspecten van de Kavelpaspoorten worden op die manier geborgd. Privaatrechtelijk is het zo, dat er een afspraak is gemaakt met de ontwikkelaar dat de verplichtingen uit de kavelpaspoorten via een kettingbeding / kwalitatieve verplichting worden doorgelegd aan de opvolgende eigenaren van de bouwkavels. 27. Op pagina 204 van de nota zienswijzen wordt gesteld dat het advies van de nationale ombudsman d.d. oktober 2023 onbekend is bij het college.

Vooropgesteld, een ieder die de woorden "ombudsman, oktober 2023, vinkje" intypt op google komt uit bij het rapport: https://www.nationaleombudsman.nl/publicaties/onderzoeken/inspraak-mag-geen-vinkje-zijn . Aangezien redelijkerwijs verwacht mag worden dat het college deze informatie zonder enige moeite tot zich had kunnen nemen, het verzoek om alsnog inhoudelijk in te gaan op dit onderdeel van de zienswijze. Antwoord: In de ingediende zienswijze van de Stichting Behoud Landgoed De Grote Bunte d.d. 29 januari 2024 staat dat ‘‘De Nationale Ombudsman heeft in een advies van Oktober 2023 nog aangegeven dat participatie geen vinkje kan zijn in een proces“. De titel van het rapport wordt niet genoemd. Om die reden konden wij het rapport niet vinden. De heer S.M. Kouwenhoven heeft nu de titel van het rapport wel gevonden. De titel van het rapport is ‘‘Inspraak mag geen vinkje zijn! Een onderzoek naar participatie en invloed van de burger in de Participatiewet“. Hoewel het in dit rapport niet gaat over participatie in het omgevingsrecht maar participatie onder de Participatiewet, een wet die is opgesteld en is vastgesteld voor het sociaal domein, zullen wij dit rapport van de Ombudsman, gezien het belang van het instituut Ombudsman, alsnog bespreken in de Nota zienswijzen.

Dit betekent dat de Nota zienswijzen op dit punt nog wordt gewijzigd voordat deze Nota zienswijzen door de gemeenteraad zal worden vastgesteld in de vergadering van 24 oktober 2024. 28. In de zienswijze van ARAG SE is er overduidelijk een schrijffout ingeslopen waardoor abusievelijk wordt verwezen naar irrelevante jurisprudentie. In plaats van deze fout te benadrukken, verzoekt PvdA GroenLinks het college alsnog contact op te nemen met de indiener van de zienswijze om te achterhalen welke jurisprudentie wél bedoeld werd, en hier alsnog inhoudelijk op in te gaan. Antwoord: De zienswijze is ingediend door een professionele partij, een advocaat van ARAG. Er wordt in deze zienswijze verwezen naar een uitspraak met ECLI nummer: ECLI:NL:RVS:2022:3444 (rechtsoverweging 22.3). Deze genoemde uitspraak gaat over vreemdelingenrecht en de door de indieners van de zienswijzen genoemde rechtsoverweging 22.3 bestaat niet. Het kan zijn dat er een schrijffout is gemaakt, maar dat is niet zeker. Het is in de rechtspraak zo “dat wie stelt bewijst”. Dat laatste houdt ook in dat indien een advocaat zich beroept op een uitspraak van de Afdeling rechtspraak van de Raad van State, hij of zij verantwoordelijk is voor de verwijzing naar deze uitspraak. Het is niet de taak van de gemeente om als een detective na te gaan welke andere uitspraak eventueel bedoeld

zou kunnen zijn. Overigens geeft de indiener van de zienswijze niet bij deze verwijzing naar de betreffende uitspraak precies weer welke relevantie de uitspraak zou hebben voor de inhoud van de ingediende zienswijze. De gemeente hoeft dit niet na te gaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14606321/1