AP 4a. Overzicht schr. vrg. en antw. cie. Ruimte en Wonen 12 juni 2023
Tekst van het document
Overzicht schriftelijke vragen commissie Ruimte en Wonen 12 juni 2023. ☐ 3.
Rondvraag.
C. Jansen (Gemeentebelang) Vraag: Tijdens het inspreken gaven belanghebbenden aan dat zij te weinig tijd hadden om te reageren op plannen die in de commissie op de agenda stonden. Wij vragen ons af of dit anders kan. Misschien door al eerder aan te geven dat de stukken hoogst waarschijnlijk op de agenda komen? Antwoord: De huidige procedure afspraken zijn gevolgd. Als er verbeteringen mogelijk zijn, lijkt de aangewezen weg om dat via presidium of commissie te bespreken. ☐6a.
Lijst dynamisch programma woningbouw 2023/2024, Woningbouw op Maat.
C. Jansen (Gemeentebelang) Wij zouden graag op onderstaande plannen wat meer toelichting zien: Vraag 1: Punt 1. Er lijken verwachtingen geschapen en naar aanleiding van opmerkingen van de wethouder en dorpsbouwmeester is een plan ontwikkeld. Wat is er aan het straatbeeld niet wenselijk dat deze aanvraag negatief beoordeeld is. Antwoord: Tijdens de vorige behandeling van Woningbouw op Maat is extra aandacht gevraagd voor behoud van het bijzondere karakter van de F.A Molijnlaan en het voorkomen dat deze dichtslibt door het toestaan van individuele woningen. De F.A. Molijnlaan is immers van oorsprong een ruim opgezette laan en karakteriseert zich door de parkachtige structuur van de laan met veel groen en bomen en de ruime opzet van de wijk. Vanuit de omgeving en de gemeente is vaak de wens geuit en daarbij ook gesteld om de F.A. Molijnlaan vooral de F.A. Molijnlaan te laten met de hiervoor genoemde uitgangspunten. Dit plan is in strijd met deze uitgangspunten. Verwachtingen kunnen er altijd zijn bij indieners, maar er wordt altijd gecommuniceerd dat de besluiten van college en commissie bepalend zijn. Het college neemt echter geen besluiten op basis van individuele verwachtingen maar beoordeelt aan de hand van het beleid en het algemeen belang. Vraag 2: Punt 2.
Is er met initiatiefnemer ook gesproken of er meer woningen op dat stuk konden komen? Antwoord: In het verkennend gesprek met de initiatiefnemers omtrent dit plan is ook gesproken over eventueel meer woningen op het perceel. Initiatiefnemers gaven tijdens dit gesprek echter aan daar niet veel voor te voelen mede vanwege het feit dat het een huidige situatie betreft als solitaire bedrijfsbestemming met een benodigde terugverdienwaarde en in te willen zetten op het realiseren één vrijstaande levensloopbestendige woning. Vraag 3: Punt 6. Kan de zin "de huidige situatie is ruimtelijk gezien goed en behoeft geen aanpassing" toegelicht worden?
Antwoord: De huidige situatie betreft een aantal woningen en bijbehorende tuinen, waar ruimtelijk gezien geen aanpassingen noodzakelijk zijn en wat ruimtelijk gezien ook niet slecht is waardoor het vanuit ruimtelijke kwaliteit geen aanpassing behoeft. Met het realiseren van 11 levensloopbestendige woningen ontstaat er ten opzichte van de bestaande situatie dus geen substantiële ruimtelijke kwaliteitsverbetering waarbij een grote kwaliteitsslag wordt gemaakt (bijvoorbeeld de verplaatsing van een bedrijf uit een woonwijk). Vraag 4: Punt 9. Kan de bestemming commercieel in stand blijven eventueel met toevoeging van appartementen? Antwoord: Initiatiefnemers hebben onderhavig plan ingediend wat een uitwerking is van meerdere gedachtegangen waardoor uiteindelijk door initiatiefnemers de afweging is gemaakt om voor onderhavig plan een aanmelding in te dienen. Het zal lastig zijn om een verdienmodel te verkrijgen met commerciële bestemmingen die voldoende inkomsten genereren voor een goede herbouw. S.M. Kouwenberg (PvdA/GroenLinks) Vraag 1a: Belvederelaan 1: PvdA GroenLinks is in de veronderstelling dat de bouw van een pré-mantelzorgwoning in principe vergunningsvrij is. Is het correct dat deze aanvraag alleen meegenomen is in Woningbouw op Maat, vanwege "het straatbeeld van de Molijnlaan?" Antwoord: In principe kan elke woning worden gebruikt voor mantelzorg.
Maar juridisch betreft het hier een aanvraag voor een zelfstandige woning die ook gebruikt kan worden als normale woning. Onder voorwaarden is het mogelijk om buiten Woningbouw op Maat via regulier beleid plaatsing van een mantelzorgunit toe te staan. Vraag 1b: Vanuit de inspraak vernamen we dat de initiatiefnemer gedurende het gehele proces geen signalen heeft ontvangen dat het ingediende plan afgewezen zou kunnen worden. In tegendeel. Hoe verhouden zich de procedure van de aanvraag van de pré-mantelzorgwoning en de toetsing van "het straatbeeld van de Molijnlaan" met elkaar? Antwoord: Verwachtingen kunnen er altijd zijn bij indieners maar er wordt altijd gecommuniceerd dat de besluiten van college en commissie bepalend zijn. Het college neemt echter geen besluiten op basis van individuele verwachtingen maar beoordeelt aan de hand van het beleid en het algemeen belang. Vraag 2: Zwolsewegje nabij 74: Voorliggend plan is o.a. afgewezen omdat de te bouwen woningen vallen binnen het dure segment. Mocht ditzelfde plan huizen betreffen in het middensegment, was de aanvraag dan positief uitgevallen?
Antwoord: Nee. Dan hadden er ook diverse woningen in de categorie sociale koop of huur moeten zijn toegevoegd. ☐6b. Projectuitvoeringsbesluit-Chw voor het project F.A. Molijnlaan 166 en 172 te Nunspeet, Verklaring van geen bedenkingen. A.J. Timmerman (PvdA/GroenLinks) Vraag 1: De omwonenden project Molijnlaan 166-172 hebben op 27 februari 2023 een brief aan de gemeente gezonden. De Commissie Ruimte en Wonen heeft deze brief ter inzage ontvangen. Is deze brief door de gemeente beantwoord? Zo nee, waarom niet? Zo ja, dan het antwoord graag ter inzage aan de Commissie Ruimte en Wonen verstrekken. Antwoord: In de stukken, die aan de gemeenteraad zijn aangeboden ter besluitvorming voor de gemeenteraadsvergadering van 29 juni 2023, en waarover wordt vergaderd in de vergadering van de raadscommissie Ruimte en Wonen van 12 juni 2023, is op bladzijde 5 van de "Zienswijzennota Bouwplan / Project F.A. Molijnlaan 166-172 gemeente Nunspeet" (d.d. 19 mei 2023) het volgende geschreven: "Nadien is door een aantal bewoners aan de Boterdijk, namelijk de fam.(Griffie: namen verwijderd in verband met privacy), per emailbericht een niet ondertekende en niet van adressen voorziene brief met zienswijzen d.d. 27 februari 2023 ingediend.
Deze brief met zienswijzen is ver buiten de termijn van terinzagelegging (woensdag 27 juli 2022 tot en met dinsdag 6 september 2022) ontvangen, is niet ondertekend en is niet van adressen voorzien, en deze brief is vanwege deze redenen derhalve niet-ontvankelijk.” Zodra de gemeenteraad op 29 juni 2023 aanstaande een besluit heeft genomen over de zienswijzennota en het voorstel, dat daarin verwoord is, om de genoemde brief met zienswijzen van 27 februari 2023 niet ontvankelijk te verklaren, overneemt, wordt van dat besluit ook mededeling gedaan aan de indiener van de onderhavige brief met zienswijzen van 27 februari 2023. Aan de gemeenteraad wordt in de genoemde “Zienswijzennota Bouwplan / Project F.A. Molijnlaan 166-172 gemeente Nunspeet” van 19 mei 2023 voorgesteld om de genoemde brief met zienswijzen van 27 februari 2023 niet-ontvankelijk te verklaren (zie blz. 5 van de Zienswijzennota). Het is gebruikelijk om pas te antwoorden op brieven met ingediende zienswijzen na de behandeling van de zienswijzennota in de gemeenteraad, het bevoegde bestuursorgaan in dezen. Dat gebeurt ook met de antwoorden op de zienswijzen die zijn ingediend in verband met het onderhavige plan/project, waarvan de periode van terinzagelegging was van 27 juli 2022 tot en met 6 september 2022. De beantwoording van de zienswijzen vindt plaats volgens de “Zienswijzennota Bouwplan / Project F.A.
Molijnlaan 166-172 gemeente Nunspeet” van 19 mei 2023. In het geval van de onderhavige brief van 27 februari 2023 leek het ons raadzaam om hierover aan de indiener van de brief van 27 februari 2023 toch een informerende brief te zenden die bij de indiener van deze brief binnen moet zijn vóór de vergadering van de raadscommissie Ruimte en Wonen van 12 juni 2023. Deze brief was nog in bewerking, en deze brief is d.d. 8 juni 2023 verzonden (deze voorlopige en informerende antwoordbrief van 8 juni 2022 is in te zien bij de Griffie).
Vraag 2: Tijdens het gezamenlijk fractieberaad van 5 juni werd door insprekers gemeld dat ze pas begin juni bericht ontvingen van de gemeente dat het project Molijnlaan 166-172 op 12 juni op de agenda staat van de Commissie Maatschappij en Middelen en daarbij zijn gewezen op de mogelijkheden om in te spreken. Wanneer heeft de gemeente de omwonenden geïnformeerd? De fractie van PvdA/GroenLinks vindt dat de omwonenden minimaal twee weken voor een Commissievergadering dienen te worden geïnformeerd. Is het College het daarmee eens? Zo, nee waarom niet? Antwoord: Het college van Burgemeester en Wethouders heeft met een brief gedateerd 25 mei 2023 alle indieners van de zienswijzen geïnformeerd. Wij hebben erop gelet dat deze brief enkele dagen voor Pinksteren ter post werd bezorgd, zodat de geadresseerden deze brief voor Pinksteren hebben ontvangen (op 26 mei 2023). In de onderhavige brief van de gemeente van 25 mei 2023 is onder andere de volgende alinea opgenomen: “De behandeling van de bestuursvoorstellen voor het bouwplan/project F.A. Molijnlaan 166-172 zal nu naar verwachting plaatsvinden in de vergadering van de raadscommissie Ruimte en Wonen van 12 juni 2023 en in de vergadering van de gemeenteraad van 29 juni 2023. Voor de vergadering van de raadscommissie van 12 juni 2023 zult u worden uitgenodigd door de griffie van de gemeenteraad.
Tevens zult u door de griffie van de gemeenteraad worden uitgenodigd voor het "fractieberaad commissies", dat volgens de planning op 5 juni 2023 zal plaatsvinden. Tijdens de vergadering van de raadscommissie Ruimte en Wonen en tijdens het "fractieberaad commissies" krijgt u de gelegenheid om in te spreken.” (Deze uitgaande brief van 25 mei 2023 is bij de griffie in te zien). Begin juni werden de indieners van de zienswijzen door de griffie uitgenodigd voor het gezamenlijke fractieberaad en voor de vergadering van de raadscommissie Ruimte en Wonen, maar de indieners van de zienswijzen waren door het college van Burgemeester en Wethouders reeds een week eerder op de hoogte gesteld van de data van het fractieberaad en van de vergadering van de raadscommissie Ruimte en Wonen. Dit betekent in dit geval dat de brief van ons college van 25 mei 2023 10 dagen voor 5 juni 2023 (het fractieberaad) en 17 dagen voor 12 juni 2023 (de vergadering van de raadscommissie Ruimten Wonen) bij de indieners van de ingediende brieven met zienswijzen binnen was. De indieners van de zienswijzen zijn derhalve 17 dagen voor de vergadering van de raadscommissie Ruimte en Wonen van 12 juni 2023 over deze vergadering geïnformeerd door het college van Burgemeester en Wethouders.
A. Harteveld (ChristenUnie) Vraag: Om visueel een voorstelling te kunnen maken van het appartementengebouw aan de Laan zou het mooi zijn wanneer we de maten weten van de voormalige huishoudschool. Zijn die maten (hoogte en breedte) bekend? Antwoord: Van de oorspronkelijke bouwtekeningen van de oude huishoudschool is de hoogte van het gebouw van dat gebouw gemeten. De nokhoogte van het gebouw is circa 10,50 meter. De hoogte van het gebouw met schoorstenen is 11,60 meter. De goothoogte van het gebouw van de oude huishoudschool is circa 7,65 meter. De breedtes van de hoofdgebouwen zijn gemiddeld circa 10 meter. De oude bouwtekeningen zijn in te zien bij de Griffie.
Van belang hierbij is verder nog dat het bouwvlak volgens de Verbeelding (de bestemmingsplankaart) van het vigerende bestemmingsplan “Nunspeet Noord en Oost” veel groter is dan de bebouwing van de oude huishoudschool, dus volgens het bestemmingsplan zou er een veel groter gebouw (met een maatschappelijke bestemming) op deze plaats kunnen worden gerealiseerd. Zie hiervoor de website www.ruimtelijkeplannen.nl. ☐6c.
Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Veluwe.
A.J. Timmerman (PvdA/GroenLinks) Vraag: Gemeld wordt dat het onderwerp “adviescommissie” niet specifiek is opgenomen in de gemeenschappelijke regeling. Het College vindt het op dit moment nog te vroeg om over te gaan tot het oprichten van een adviescommissie. Waarom? Bij de wijziging gemeenschappelijke regeling GGD Noord- en Oost-Gelderland, die op de agenda staat van de Commissie Maatschappij en Middelen van 8 juni a.s., geeft het College aan de mogelijke meerwaarde te zien van een adviescommissie om de positie van de raad te versterken en de raad daarin zo maximaal mogelijk ruimte te geven. Vindt het College dat deze meerwaarde niet geldt voor een adviescommissie Omgevingsdienst Veluwe? Antwoord: De ODVeluwe is net als de huidige ODNV primair een uitvoeringsdienst die veelal wettelijke taken op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving uitvoert. In de regel zijn er dus beperkt kaderstellende onderwerpen waarover een adviescommissie zou kunnen adviseren. Momenteel zitten we in een proces om te komen tot de oprichting van de ODVeluwe per 1 januari 2024. Daar komt bij dat per genoemde datum de Omgevingswet in werking treedt wat kan leiden tot verandering in de werkzaamheden en processen. Om die reden wordt voorgesteld eerst de ontwikkeling van de ODVeluwe af te wachten en te volgen.
Bij de evaluatie van de GR (artikel 27 GR) – of eerder op initiatief van de raden – zal hieraan aandacht worden besteed. Mocht uw raad toch besluiten een zienswijze in te dienen en te pleiten voor de oprichting van een adviescommissie per 1 januari 2024 dan dient u er rekening mee te houden dat alle raden dan in dienen te stemmen het instellen van een adviescommissie. ☐6d.
GEUS Startnotitie en Intentieovereenkomst.
A.J. Timmerman (PvdA/GroenLinks) Opmerking: In de Commissie Ruimte en Wonen van 11 april jl. is het beschikbaar stellen van een krediet van € 100.000 ten behoeve van gemeentelijke cofinanciering van LEADER GEUS besproken en in de raadsvergadering van 20 april jl. is daarmee ingestemd. Nu ligt het voorstel voor om de gemeentelijke cofinanciering tot een bedrag van € 175.000 te dekken uit de algemene reserve. De fractie van PvdA/GroenLinks heeft twee vragen: Vraag 1: Wat is de reden van de verhoging met € 75.000?
Antwoord: Er is geen sprake van een verhoging van het bedrag van de cofinanciering van de LEADER subsidie voor het project GEUS. Het bedrag van € 100.000,-- waarmee de gemeenteraad heeft ingestemd in de vergadering van 20april 2023 ging alleen over de LEADER subsidie aanvraag voor het gebied GEUS, Datgene wat nu op de agenda staat voor de raadsvergadering van 29 juni 2023, en van de raadscommissie Ruimte en Wonen van 12 juni 2023, gaat over het gebiedsproces voor GEUS dat veel breder en uitgebreider is dan de (Europese) LEADER subsidie aanvraag. Dit gebiedsproces GEUS houdt nauw verband met het NPLG (Nationaal Programma Landelijk Gebied, van het Rijk) en het VLGG (Vitaal Landelijk Gebied Gelderland, van de provincie Gelderland). Ook houdt dit gebiedsproces nauw verband met het bedrag van 24 miljard dat de regering (na goedkeuring door het parlement) beschikbaar stelt waarmee de transitie van het agrarisch gebied kan plaatsvinden. Eén en ander is van groot belang om als gemeente vinger aan de pols te houden als er grootschalige uitkoopregelingen uit Den Haag worden gelanceerd. In punt 2 van het raadsvoorstel hebben wij de relatie van het gebiedsproces GEUS en het LEADER project GEUS uiteengezet.
Hierin staat: “In de raadsvergadering van 20 april 2022 heeft uw Raad besloten om in te stemmen met de Samenwerkingsovereenkomst Aanvraag LEADER GEUS om zodoende gebruik te kunnen maken van de LEADER subsidieregeling [een Europese subsidieregeling] voor het gebied GEUS. Deze aangevraagde LEADER-subsidie hangt nauw samen met het onderhavige gebiedsproces GEUS, zoals in de bijgaande Startnotitie en in de Intentieovereenkomst is beschreven. Maar deze aangevraagde LEADER-subsidie kan ook los van het gebiedsproces GEUS aangewend worden. Het beste kan het zo worden verwoord: de Aanvraag Leader-subsidie GEUS is een aanvulling op het gebiedsproces voor GEUS en kan als een vliegwiel gaan werken op dit gebiedsproces.” Vraag 2: Bestaat het risico dat er nogmaals een verhoging volgt, bijvoorbeeld omdat de dekking door andere deelnemers niet rondkomt? Antwoord: De dekking van de andere deelnemende overheden is reeds rond. Met name is van belang dat het provinciaal bestuur van Gelderland (Gedeputeerde Staten) heeft ingestemd met de dekking vanwege de provincie. De gemeente Nunspeet is het laatste overheidsorgaan dat nog moet instemmen met de cofinanciering, zoals wordt voorgesteld.
Dit heeft als oorzaak dat bij de gemeente Nunspeet voor dergelijke bedragen, als € 175.000,-- voor cofinanciering van het gebiedsproces GEUS, de besluitvorming via de gemeenteraad moet gaan, vanwege met name de begrotingswijziging die noodzakelijk is. Onzes inziens is dat een juiste en zorgvuldige procedure. Of er op een later tijdstip meer geld noodzakelijk is voor het gebiedsproces GEUS daarover kunnen nog geen uitspraken worden gedaan.
☐6e.
Vaststellen bestemmingsplan “Functieverandering Omgeving Veelhorsterweg 21/23”.
A. Harteveld (ChristenUnie) Vraag 1: In de anterieure exploitatieovereenkomst staat dat de exploitant eigenaar is van ‘gronden gelegen aan de Veelhorsterweg 21-23’. Als ik de stukken goed lees betreft het een weiland tussen Veelhorsterweg 21 en 23. Vraag: Waarom wordt niet gewoon gesproken over kavels tussen Veelhorsterweg 21-23? Antwoord: De term ‘gronden’ is een gebruikelijke juridische terminologie. Vraag 2: In dezelfde overeenkomst wordt, onder b, gesproken over ‘dat de exploitant op deze percelen functieverandering wenst toe te passen, waarbij voor de beëindiging van het agrarisch bedrijf ter compensatie een burgerwoning mag worden gebouwd’(citaat). Vraag: Welk agrarisch bedrijf wordt door betreffende exploitant beëindigd? Antwoord: Het voormalig bedrijf aan de Veelhorsterweg 21/23. Vraag 3: Op pagina 2 van het concept raadsvoorstel (6e) wordt in de derde alinea gesproken over het plangebied waarop voorheen een agrarisch bedrijf was gevestigd. Vragen: a. Gaat het hier om de betreffende kavel tussen Veelhorsterweg 21 en 23? b. Stonden daar ook de voormalige agrarische gebouwen die inmiddels zijn gesloopt? c. In dezelfde alinea wordt gesproken over bedrijfsbeëindiging, blijkbaar meer dan 6 jaar gele den. Is dat zelfde bedrijfsbeëindiging als waarover gesproken wordt in de anterieure exploitatie overeenkomst? (zie vraag 2). Antwoorden: a.
Veelhorsterweg 21/23 is een gesplitste woning dus ik begrijp de vraag niet. b. Op het perceel Veelhorsterweg 21/23 stonden inderdaad diverse agrarische gebouwen die inmiddels zijn gesloopt. c. ja Vraag 4: Ook vanuit dezelfde overeenkomst, onder h: ‘dat tussen partijen er tevens een overeenkomst voor grondaankoop wordt gesloten. Deze zal slechts doorgang vinden als de voornoemde ruimtelijke procedure doorgang vindt. Vragen: a. Is er een einddatum aan deze clausule? b. Is het gebruikelijk dat er bij noodzakelijke grondaankopen door de gemeente zulke (in onze ogen forse) toezeggingen worden gedaan? c. Schept dit geen precedenten? d. Was er geen andere mogelijkheid om deze zeer noodzakelijke gronden te verwerven?
Antwoorden: Het voorgenomen besluit om in te stemmen met de aankoop van de gronden aan de Bovenweg en in principe planologische medewerking te verlenen aan het verzoek van dhr. Krooneman is op 15 oktober 2020 tijdens vergadering van de commissie Ruimte en Wonen besproken en geaccordeerd. Op 27 oktober 2020 heeft ook de gemeenteraad ingestemd met deze strategische aankoop. Naast minnelijke verwerving is altijd ook onteigening mogelijk maar de raad was met het college van mening dat dit destijds een goede ‘deal’ was. Er is een einddatum betreffende onherroepelijkheid van eind 2024 opgenomen in de overeenkomst maar dat betekent niet dat afhankelijk van de omstandigheden de gemeente niet gehouden kan zijn om te verlengen. De gemeente had goede – aan het maatschappelijk belang ontleende – redenen om met dhr. Krooneman in onderhandeling te gaan over de aankoop van een aantal percelen grond zodat er geen precedentwerking is. Vraag 4: In de derde alinea van het conceptraadsvoorstel staat: ……….behalve aan de voorwaarden dat het verzoek om functieverandering binnen 6 jaar na de bedrijfsbeëindiging moet zijn ingediend en dat het plangebied een agrarische bedrijfsbestemming moet hebben. Vraag: Moeten we dit zo lezen dat het bedrijf meer dan 6 jaar geleden door de exploitant is beëindigd? Antwoord: Ja.