CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 4a. Overzicht schr. vragen en antwoorden commissie Ruimte en Wonen 11 november 2024

Commissie Ruimte en Wonen 11 november 2024, gemeente NunspeetBij agendapunt: Mededelingen college en commissie1.146 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht schriftelijke vragen en antwoorden commissie Ruimte en Wonen 11 november 2024. ☐ 3.

Rondvraag.

M. Klein (SGP) Inleiding: Naar aanleiding van de schriftelijke vragen (7 maart 2024) van onze fractie over de LBV+ regeling, heeft het college het voornemen geuit het functieveranderingsbeleid te evalueren en zo nodig te herzien. In de beantwoording van het college (16 april 2024) is aangegeven in de commissie vergadering van september het te agenderen. In eerdere commissievergaderingen heeft het college in de mondelinge rondvraag laten weten september niet te redden en het wellicht oktober of november wordt. Aangezien het deze commissie (november) vergadering niet op de agenda staat: Vraag 1: Wat is de verwachting van het college wanneer het wordt geagendeerd? Antwoord: De verwachting is in december 2024. Vraag 2: Wat is de reden dat de evaluatie op zich laat wachten? Antwoord: Met name de complexheid omdat in Nunspeet er diverse ondernemers zijn die tot nu toe aan één regeling hebben deelgenomen (hetzij functieverandering hetzij beëindigingsregeling) en daarbij geen mogelijkheid hebben gehad om te stapelen. Daarbij komt dat in zijn algemeenheid de agrarische sector door het college als een waardevolle economische sector en onderdeel van een leefbare samenleving wordt gezien en een te snel of gemakkelijk meegaan in saneringsregelingen zeker niet alleen voordelen heeft.

Vraag 3: Is het college op de hoogte dat de evaluatie van het functieveranderingsbeleid voor een agrarisch ondernemer een belangrijke (en wellicht doorslaggevende) variabele is in de afweging welke (des)investeringen ondernemers doen? Antwoord: Ja. Dat is bekend bij het college. Vraag 4: In vervolg op voorgaande en de beantwoording van vraag 6a van de schriftelijke vragen (d.d. 7 maart 2024, 16 april 2024): op welke manier zijn belanghebbenden of betrokkenen bij de evaluatie, bijvoorbeeld agrariërs die keukentafelgesprekken hebben gevoerd binnen het GEUS-proces en LBV+ aanvragers, geïnformeerd over de uitloop van het geschetste tijdpad? Antwoord: De individuele agrariërs zijn tot nog toe niet actief geïnformeerd over dit specifieke tijdspad.

☐6a.

Ontwerp Verklaring van geen bedenkingen (VVGB) Van Marleplantsoen.

A.J. Timmerman (PvdA/GroenLinks) Vraag 1: Er wordt een boomveiligheidsplan voorgelegd vóór start bouw. Waarom wordt dit plan opgesteld en wat komt er in te staan? Antwoord: In het kader van groen zijn alle bomen op de locatie ingemeten. Een aantal bomen worden gekapt. De rest van het plan is opgezet júist om alle bomen te ontwijken. Daarnaast worden er gelijkwaardig weer bomen aangeplant. De twee grote bomen in het hart van het plan blijven behouden. De nieuwbouw blijft uit de kroonprojectie. Een Boomveiligheidsplan wordt opgesteld om tijdens de werkzaamheden rekening te houden met eventuele aandachtspunten die voorvloeien uit een Boom Effect Analyse (BEA). Vraag 2: In de ruimtelijke onderbouwing Van Marleplantsoen staat op pagina 32 dat de voorgenomen ontwikkeling 464 (afgerond) verkeersbewegingen met zij meebrengt. Een toename van 242 verkeersbewegingen ten opzichte van de huidige situatie. Voor de Elburgerweg is dat een toename van 2%. De toename voor de Secretaris Mulderweg wordt niet genoemd. Hoeveel procent is die toename? Antwoord: Bij de berekening voor de Elburgerweg is getoetst aan de gegevens van het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit. Dit “instrument” kent geen cijfers voor wat betreft de Secretaris Mulderweg en is om die reden niet expliciet benoemd in de ROB. ☐6b.

Principeverzoek Oude Garderenseweg 9 – 9a te Elspeet.

M. Klein (SGP) Vraag 1: Het principeverzoek is ‘eind 2022’ ingediend. Op dit moment is het nagenoeg ‘eind 2024’. Wat is de reden dat behandeling (in de commissie) niet eerder heeft plaatsgevonden? Antwoord: De behandeling van het principeverzoek heeft tot circa mei/juni 2024 stilgelegen door het ontbreken van een omgevingsdialoog. In de periode tussen indiening van het principeverzoek en opnieuw in behandeling nemen (juni 2024) is meerdere keren contact geweest tussen gemachtigde en de gemeente omtrent de stand van zaken. Vraag 2: Bij eerdere plannen in de molenbiotoop, zijn verschillende bevindingen, meningen of visies van belanghebbenden, als het gaat om het al dan niet ‘(on)evenredig schaden van de molenbiotoop’. Is het volgens het college zinvol om bij het principeverzoek (kwantitatieve/cijfermatige) kaders mee te geven wat (on)evenredig is, om verschil van inzicht achteraf te voorkomen? Antwoord: Het college acht het niet zinvol om bij een principeverzoek kwantitatieve en cijfermatige kaders mee te geven over wat (on)evenredig is, omdat dit niet op voorhand cijfermatig is te onderbouwen. Om te bepalen of de molenbiotoop (on)evenredig wordt geschaad door een bouwplan moet allereerst aan-

sluiting gezocht bij de geldende planologische regeling, omdat de ‘molenbiotoop’ planologisch is verankerd. Wanneer een bouwplan niet voldoet aan de bouwregels binnen die molenbiotoop kan binnenplans worden afgeweken, mits de windvang van de molen niet onevenredig wordt geschaad. Of de windvang onevenredig wordt geschaad is gekoppeld aan de binnenplanse afwijkingsbevoegdheid uit de geldende planologische regeling. Hiervoor zal er een advies moeten worden opgevraagd bij een molenbeheerder of andere adviseur omtrent de molenbiotoop. Wanneer een bouwplan wel past binnen de bouwregels van de molenbiotoop mag worden gesteld dat de windvang van de molen niet onevenredig wordt geschaad. ☐6c.

Wijziging omgevingsplan Eperweg (Zandenplas).

Over dit agendapunt zijn geen schriftelijke vragen gesteld. ☐6d.

Nota Grondbeleid 2024.

A.J. Timmerman (PvdA/GroenLinks) Vraag 1: Hoe beoordeelt de gemeente een ruimtelijk initiatief op het niet economisch uitvoerbaar zijn zonder inzet van gemeentelijke middelen? Antwoord: Bij een plan waarbij de gemeente faciliterend grondbeleid toepast wil de gemeente niet meewerken als het initiatief objectief aantoonbaar niet zelfstandig economisch uitvoerbaar is. Dit om te voorkomen dat er nadelige ruimtelijke gevolgen zijn van een bouwplan dat niet uitvoerbaar is en er nadelige financiële gevolgen zijn voor belanghebbenden (waardedaling van nabijgelegen onroerende zaken). In de praktijk komt dit zelden veel voor (want waarom zou een initiatiefnemer een plan indienen dat niet economisch uitvoerbaar is?) en het wordt geen standaard praktijk om alle plannen van derden hier uitgebreid op te toetsen. Maar mocht het op voorhand duidelijk zijn dat een plan niet economisch uitvoerbaar is dan verleent de gemeente geen medewerking. Bij twijfel kan er aanvullende informatie opgevraagd worden bij de initiatiefnemer of zelf schaduwberekeningen worden gemaakt. Vraag 2: Op pagina 29 van de nota grondbeleid staat: Bij privaatrechtelijke rechtshandelingen die ingrijpende gevolgen kunnen hebben voor de gemeente, geeft het college de raad vooraf de mogelijkheid om wensen en bedenkingen in te brengen. Daarbij wordt verwezen naar artikel 169, lid 4 van de Gemeentewet.

In dit artikellid staat ook: indien de raad daarom verzoekt. Waarom wordt dit niet vermeld? Antwoord: Deze zin is opgenomen om te benadrukken dat het college de raad altijd vooraf informeert bij privaatrechtelijke handelingen die ingrijpende gevolgen kunnen hebben voor de gemeente. Dit gebeurt uiteraard ook indien de raad daar zelf om verzoekt, in lijn met het genoemde artikel van de gemeentewet. ☐6e.

Mandaat- en machtigingsbesluit MER-procedure (Milieu Effect Rapportage).

Over dit agendapunt zijn geen schriftelijke vragen gesteld.

☐6f.

Toetreden centrumregeling UVT (UitVoeringsTeam) meten en monitoring (afval)waterketen.

Over dit agendapunt zijn geen schriftelijke vragen gesteld. ☐6g.

Vervanging uitkijktoren Stakenberg.

Over dit agendapunt zijn geen schriftelijke vragen gesteld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14784763/1