AP 4a. Mededelingbrief wethouder Stoffer aan commissie MM inzake meicirculaire 2022
Tekst van het document
De leden van de commissie Maatschappij en Middelen
datum 19 juli 2022
ons kenmerk
collegebesluit 27 juni 2022
behandeld door de heer J. Veldkamp (0341) 25 93 12
bijlage(n)
onderwerp:
Mededeling aan de commissie Geachte commissie, Hierbij informeer ik u over het volgende: Meicirculaire Gemeentefonds 2022 Het is gebruikelijk dat u geïnformeerd wordt over de uitkomsten van de circulaires door het ter kennisname aanbieden van het collegevoorstel en het collegebesluit. De eerstvolgende vergadering van de commissie Maatschappij en Middelen staat gepland in september a.s. Gezien deze lange termijn informeer ik u over de uitkomsten van de meicirculaire 2022 voor Nunspeet via deze mededelingenbrief. De Meicirculaire is de belangrijkste van de drie circulaires die jaarlijks verschijnen. Daarin worden de gemaakte afspraken vertaald naar de manier van aanpak van de diverse maatschappelijke opgaven waar de overheden gezamenlijk voor staan. De circulaire informeert over de gemeentefondsuitkeringen (algemene uitkering, integratie- en decentralisatie uitkeringen). De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt hoofdzakelijk bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven (netto gecorrigeerde rijksuitkering). Volgens de normeringssystematiek (trap op, trap af) hebben wijzigingen in de rijksuitgaven direct invloed op de omvang van de algemene uitkering. In de meicirculaire 2022 zijn ontwikkelingen verwerkt die ten opzichte van de decembercirculaire 2021 de nodige financiële effecten tot gevolg hebben.
Het gaat hierbij om de fors hogere accressen tot en met 2025 en een aanpassing van de voorschotregeling bij het BTW compensatiefonds. Ook de herverdeling van het Gemeentefonds is in deze circulaire verwerkt en gaat in met ingang van 2023. Dit betreft een wijziging met een forse impact waarbij het vergelijken met circulaires van voorgaande jaren niet meer mogelijk is door het fors verminderen van het aantal maatstaven waarop de berekening van de uitkering is gebaseerd. Het jaar 2023 kan als nieuwe start worden gezien waarmee de toekomstige circulaires kunnen worden vergeleken.
Financiële gevolgen van de meicirculaire 2022 (t.o.v. de decembercirculaire 2021 voor 2022-2026) Uitkeringsjaar 2021 De mutaties in de algemene uitkering die worden veroorzaakt door wijzigingen in de maatstafgewichten en de wegingsfactoren als gevolg van door de gebruiker ingebrachte basisgegevens heeft per saldo een negatief effect van € 16.700,--. De begrotingsaanpassing wordt meegenomen bij de eerstvolgende kwartaalrapportage 2022. Uitkeringsjaar 2022 Inkomsten Na verwerking van de meicirculaire 2022 Na verwerking van de decembercirculaire 2021 Hogere uitkering
Totaal € 49.729.485
(Sociaal domein) € 18.148.236
€ 47.013.997
€ 17.740.497
€ 2.715 488
€
407.739
Het verschil wordt veroorzaakt door: Sociaal domein Participatie Jeugdhulp WMO Stelposten Jeugdhulp kinderen in een AZC Extra capaciteit BOA’s Uitvoeringskosten klimaatakkoord Einde lening inburgeringplichtig (ELIPs) Energietoeslag
€ € €
44.050-/272.280 179.509
€ € € € €
2.265 33.554 216.860 5.695 742.382
Bijstelling Algemene uitkering Uitbetaling onderschrijding BFC plafond Totaal
€ 1.306.993 € 166.981 € 2.715.488
Uitgaven Sociaal domein Bij het onderdeel Sociaal Domein worden de middelen, berekend volgens de circulaires voor 2022 nog budgettair neutraal geraamd. Vanaf 2020 is boven de uitkering structureel een bedrag van € 850.000 extra geraamd. Bij de taakvelden 1.6-WMO, 1.72-Jeugd en 1.5 Participatie wordt de begroting 2022 respectievelijk aangepast met -/-€ 44.050,--, € 272.280,- en € 179.509,--. Bij gelijkblijvende uitgaven voor het onderdeel Jeugd kan een groot deel van de opgelegde taakstelling worden gerealiseerd. Via een raadsinformatiebrief wordt over de werkelijke stand en de prognose periodiek gerapporteerd. Stelposten In afwachting van beleidsvorming wordt het opnemen van stelposten voorgesteld vanwege de ontvangen gelden via de integratie- en decentralisatie uitkeringen voor Jeugdhulp kinderen in een AZC, Extra capaciteit BOA’s, Uitvoeringskosten klimaatakkoord en Einde lening inburgeringplichtig (ELIPs).
Via het algemene deel van de uitkering is een bedrag voor de dekking van de eenmalige energietoeslag lage inkomens toegekend. De bedragen voor de betreffende onderdelen zijn hierboven opgenomen. Bijstelling Algemene uitkering In de septembercirculaire 2021 is aan gemeenten een voorschot verstrekt van de afrekening BCF plafond 2021. In deze meicirculaire vindt de afrekening plaats voor een bedrag van € 166.981,--. De onderschrijding van het plafond is groter geworden met voor Nunspeet een voordelige afrekening. Het resterende verschil van € 1.306.993,-- wordt naast de mutaties in de maatstafgewichten en de wegingsfactoren als gevolg van beleidsmatige maatregelen veroorzaakt door de hogere uitkeringsfactor ten opzichte van de decembercirculaire 2021, omdat in deze circulaire een nieuwe accresraming is opgenomen voor het jaar 2022 en verder, berekend conform de systematiek zoals deze is vastgesteld in het Coalitieakkoord en de daaruit volgende Startnota. Voor 2022 tot en met 2025 wordt de bestaande normeringssystematiek toegepast. Dat leidt ten opzichte van 2021 tot een forse toename, door onder andere de hogere inflatie. Voorgesteld wordt het resultaat van het uitkeringsjaar 2022 en de verdeling over het Sociaal domein en het algemene deel te verwerken in de eerstvolgende kwartaalrapportage.
Uitkeringsjaren 2023-2026 Vanaf 2023 worden de uitkeringen Gemeentefonds berekend volgens een gewijzigde methodiek. Er is sprake van een vermindering van maatstaven en bovendien een herijking op basis van diverse onderzoeken om te komen tot een eerlijker verdeling van de rijksmiddelen over de gemeenten. Bovendien hebben de accressen uit het regeerakkoord een forse invloed op de hoogte van de uitkering. Volgens onze extern deskundige (Pauw Inergy) die ons voorziet van alle financiële data is er moeilijk een verband te leggen met de circulaires van voorgaand jaar. Voor 2023-2026 is een 2-traps berekening gemaakt om de effecten van de herijking en het accres bij benadering in beeld te brengen. Voor de herijking is de decembercirculaire hiervoor als basis gehanteerd. Voor de effecten van het accres is een vergelijking gemaakt van de stand na de herijking. Gezien de huidige economie waarin tekorten aan grondstoffen en personeel zijn, is het de vraag in hoeverre het Rijk de voorgenomen ambities kan waarmaken. Als de uitgaven dan fors achterblijven ten opzichte van de raming zal er zeker een aanpassing in het accres komen en het geheel naar beneden toe worden bijgesteld. Vanuit de VNG wordt ook geadviseerd om terughoudend te zijn met het structureel inzetten van de middelen die het gevolg zijn van de hogere accressen in 2023-2025.
Voorgesteld wordt om voorzichtigheidshalve het totaal bedrag van het accres 2026 als richtlijn te gebruiken bij de invulling van het structureel nieuw beleid en de bestuurlijke wensen. De fors hogere bedragen van 2023-2025 kunnen dan deels worden ingezet voor incidenteel beleid. Voorzichtigheidshalve wordt het effect van de herverdeling niet aangewend als dekkingsmiddel in de financiële verkenning van de programmabegroting 2023-2026. Bij de uitwerking van de septembercirculaire 2022 is meer duidelijkheid over de herverdeeleffecten en kan er alsnog een bijstelling plaatsvinden. Inkomsten vergelijk meicirculaire 2022 - decembercirculaire 2021 2023 Totaal uitkering Herijking uitkering Gemeentefonds Volgens de decembercirculaire 2021 Effect herijking
2024
2025
2026
44.706.792 45.490.056 45.595.053 45.835.487 43.911.803 43.802.653 43.566.005 43.699.020 904.139 1.924.051 1.896.033
1.923.683
Totaal meicirculaire 2022 Totaal na herijking Effect accres Jeugd incidenteel Participatie Bijstelling BCF “Nieuwe” stelposten Beschikbaar voor loonprijscompensatie, bestuurlijke wensen en nieuw beleid
51.659.392 51.407.468 52.541.627 48.405.289 44.706.792 45.490.056 45.595.053 45.835.487 6.952.601 5.917.412 6.946.573 2.569.802 -1.964.000 100.000 100.000 100.000 100.000 150.000 150.000 150.000 150.000 -35.819 -35.819 -35.819 -35.819
5.202.782
6.137.510
7.160.754
2.783.983
De uitkomsten op basis van de Meicirculaire 2022 worden verwerkt in de Programmabegroting 2023-2026. Namens het college van burgemeester en wethouders,
W. Stoffer, wethouder