CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 4a. Beantwoording schriftelijke vragen commissie Ruimte en Wonen 15 mei 2023

Commissie Ruimte en Wonen 15 mei 2023, gemeente NunspeetBij agendapunt: Mededelingen (burgemeester, college en commissie)2.304 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht schriftelijke vragen en antwoorden commissie Ruimte en Wonen 15 mei 2023. ☐ 3.

Rondvraag.

Er zijn geen schriftelijke vragen gesteld voor de rondvraag.

☐6a. Principeverzoek natuurontwikkeling Landgoed Huize De Vennen, Mythsteelaan in Nunspeet. Er zijn geen schriftelijke vragen gesteld over dit agendapunt.

☐6b. Principeverzoek Uitbreiding kwekerij De Bloemkampen Hullerweg 120 in Nunspeet. Er zijn geen schriftelijke vragen gesteld over dit agendapunt.

☒6c.

Biogasinitiatief Nunspeet.

H. Zijlstra (CDA Lokaal) Vraag 1: Gezien het grote aantal verwachte verkeersbewegingen van- en naar de vergistingsinstallatie: Wordt de Kolmansweg dan ook breder en veiliger gemaakt zodat fietsers en toeristisch verkeer er veilig gebruik van kan maken? Antwoord: Het verkeerskundig aspect wordt meegenomen in de uitwerking van het initiatief. Daarnaast loopt er in het kader van het Hul Noord een onderzoek naar de verkeersveiligheid van de Bovenweg en in het kader van Vitale Vakantieparken is er nieuwe beleid budget voor onderzoek van de Kolmansweg. Hierin wordt de verkeersveiligheid integraal meegenomen. Vraag 2: In het voorstel is alleen sprake van gas-opbrengt. Is het niet de bedoeling dat er (ook) elektriciteit wordt opgewekt? Antwoord: In eerste instantie is gekeken naar de mogelijkheid voor de opwek van biogas. Er is een scenario mogelijk waarin er een omzetting plaatsvindt naar elektriciteit. Eventueel ook voor eigen gebruik van de installatie. Vraag 3: Kan er aangegeven worden wat de verwachte opbrengst is in m3 bruikbaar gas of het aantal huishoudens dat voorzien kan worden in hun gasbehoefte? Antwoord: De verwachte opbrengst is ongeveer 16.000.000 m3, dit staat gelijk aan 10.000 tot 16.000 huishoudens (1 huishouden verbruikt gemiddeld tussen de 1000-1500m3 gas)

Vraag 4: Bij Bemmel werden aangevoerde afvalstoffen buiten opgeslagen wanneer de opslagruimtes vol waren. Dit was een voorname oorzaak van stankoverlast. Kunnen er garanties worden gegeven dat dit niet gebeurt? Antwoord: Uitgangspunt is om de opslag te beperken tot inpandige opslag. Dit is te reguleren in de vergunningen die uitgegeven worden. Vraag 5: Is het nog steeds de bedoeling dat er alleen reststoffen uit de regio worden gebruikt? Dus uit een straal van 50-100km? Antwoord: Ja dit is nog steeds de bedoeling. Alleen is het gebruik van reststoffen verder dan 100km niet uit te sluiten. Alleen hoogwaardige energetische reststromen zouden buiten de regio kunnen komen. Vraag 6: Kan nog eens aangegeven worden waarom de voormalige GPS en de Kalvergier bij Elspeet niet geschikt zijn als locatie? Antwoord: Het voormalige GPS terrein ligt dicht bij stikstofgevoelige natuur en is niet in bezit van de gemeente Nunspeet. Bij de Kalvergier is het invoeden op het gasnet een grootte uitdaging. Bovendien is transport van de grondstoffen naar deze locatie een uitdaging. Zie ook kop Locatiekeuze op pagina 5 van de voortgangsrapportage. C. Jansen (Gemeentebelang) Vraag 1: Welke andere vormen om biogas of nieuwe energie in de vorm van gas produceren zijn er al onderzocht? Antwoord: In het voortraject zijn verschillende varianten onderzocht. Ook de mogelijkheid met mest.

Door te kiezen voor energetisch hoogwaardige reststromen en vergisting zonder mest worden de transportbewegingen beperkt en overlast verminderd. Uitgangspunt zijn de grondstoffen zoals benoemd in bijlage 4. Vraag 2: Wanneer kunnen wij de RES 2.0 verwachten? Antwoord: De RES 2.0 voortgangsrapportage kunt u verwachten in de raadscyclus van juni. S.M. Kouwenberg (PvdA/GroenLinks) Vraag 1: In het commissievoorstel wordt melding gemaakt van een "wezenlijke bijdrage aan de duurzaamheidsdoelstellingen die de gemeente Nunspeet heeft vastgesteld." 1. Hoeveel procent van onze duurzaamheidsopgave kan worden verwezenlijkt met deze biogasproductie/voorliggend voorstel?

Antwoord: Ten aanzien van de warmtevraag staat de productie op de locatie gelijk aan in ieder geval 75% van het energieverbruik van de woningen. Vraag 2 en 3: In het commissievoorstel staat: "Ondiepe geothermie lijkt een redelijk kans te bieden, maar dient nader onderzocht te worden. In dat verband dient tevens onderzocht te worden in hoeverre de woningvoorraad zich leent voor verwarming middels geothermie." 2. Is dit onderzoek inmiddels opgestart? 3. Kan ondiepe geothermie een wezenlijke bijdrage zijn aan onze duurzaamheidsdoelstellingen? Antwoord: 2. Ja 3. Het merendeel van de woningen is nog niet geschikt voor lage temperatuurverwarming. We verwachten dat dit nog niet op midden-lange termijn inzetbaar is, omdat het een nieuwe techniek is en bij een eerste scan kwam ons gebied niet bij de meest gunstige gebieden in de Noord-Veluwe. Vraag 4 en 5: In het commissievoorstel staat: De omgevingsdialoog zal inzoomen op direct en indirect betrokken. De ruimtelijke impact (uitzicht) is naar verwachting beperkt tot een tiental woningen binnen een straal van 500 meter afstand en enkele tientallen wanneer de transportbewegingen worden meegenomen. De milieu-invloed zal beperkt zijn tot 100 à 200 meter, waarbinnen 0 respectievelijk 5 woningen vallen. 4.

Waarom is in de eerste communicatie gekozen om alleen de direct betrokkenen en niet de indirect betrokkenen te informeren over voorliggend plan? 5. De insprekers van afgelopen maandag waren onder andere direct aangrenzende inwoners. Zowel naast als tegenover deze locatie. Deze gaven aan binnen de grens van 100 meter te wonen, daar waar in dit voorstel melding wordt gemaakt van 0 woningen binnen de 100-meter-grens. Hoe valt dit te verklaren? Antwoord: 4. Er is gekozen om direct aanwonenden middels een brief te informeren over het feit dat dit onderwerp in de commissie Ruimte & Wonen besproken wordt. De omgevingsdialoog en het particiapatietraject worden later opgestart. 5. Er staat tot 100 a 200 meter. Hierbinnen vallen 0 resp. maximaal 5 adressen (zie onderstaande kaart)

Vraag 6: Over de locatiekeuzematrix de volgende vragen: 6. Als ik de punten van de matrix bij elkaar optel en de minpunten er afhaal, kom ik uit op de volgende scores: GPS: 10 Gemeenteperceel: 10 Kolmansweg: 12 Zijn per abuis de minpunten opgeteld bij de pluspunten of snap ik de berekening niet? Antwoord: De constatering klopt deels. Gemeenteperceel is 9. Neemt niet weg dat locatie Kolmansweg er alsnog als beste uit komt. Daarnaast bleef deze locatie op basis van beschikbaarheid uiteindelijk ook als enige over. Vraag 7 en 8: 7. Waarom zijn uitbreidingsmogelijkheden opgenomen in de matrix? Naar verluidt betreft dit al een grotere fabriek dan de bedrijven die bezocht zijn door een deel van de raad. 8. Waarom is Maatschappelijk draagvlak voor alle locaties met 0 ingevuld? Antwoord: 7. De ervaring is dat er weleens veranderingen zijn in regelgeving en markt omstandigheden dan is het goed om rekening te houden met uitbreidingsmogelijkheden. 8. Deze is niet gescoord, deze is voor de commissie om te beoordelen.

Vraag 9 en 10: Enkele aanvullende vragen: 9. Waarom is CO2-reductie als beleidsindicator gekozen? 10. In een eerdere bijeenkomst heeft PvdA GroenLinks zorgen geuit over de toevoer van stoffen voor de biogasproductie. In hoeverre is het aannemelijk dat resten uit de regio worden aangevuld met opgekochte mislukte oogsten uit verre landen? Antwoord: 9. Omdat die destijds samen met een commissie vanuit de raad gekozen is als beleidsindicator voor het programma duurzaamheid. Afgelopen januari is dit nogmaals besproken. Door de productie van groen gas draagt de gemeente bij aan de verduurzaming van de energieproductie waardoor er minder grijs gas gebruikt wordt wat bijdraagt aan de reductie van CO2. 10. Dat is niet aannemelijk. Er is een verregaande duurzaamheidscertificering op CO2 waarde van de toegevoerde stoffen. Ook transport wordt daarin meegenomen. De groenwaarde van het gas is afhankelijk van de CO2 footprint van de input en die wordt zo laag mogelijk gehouden en dat betekent zo min mogelijk transport. M. Klein (SGP) Vraag 1: Op pagina 3 van de Tweede voortgangsrapportage Nieuwe Energie Nunspeet wordt geschreven (onder ‘Projectfasering en -planning’) dat op basis van voortschrijdend inzicht het logisch is om de planning aan te passen (besluitvorming over locatiekeuze naar voren halen).

Wat is dat voortschrijdend inzicht? Antwoord: Omdat op alle onderdelen de benodigde informatie inmiddels beschikbaar was is er voor gekozen om beslispunten in één cyclus naar de raad te brengen. Vraag 2: In de locatiematrix staan een aantal onderdelen in, waarbij subjectief een oordeel moet worden gevormd (bijv. draagvlak of eigenaar) en waarbij feitelijk een oordeel kan worden gevormd (bijv. afstanden). Waar is de matrix op gebaseerd? Kan er een duiding gegeven worden van de totstandkoming? Antwoord: Er is gekeken naar de relevante aspecten. Bij draagvlak is overal 0 gescoord omdat dit subjectief is en aan de commissie om te beoordelen. Eigenaar is gescoord op het feit of de gemeente eigenaar is van de locatie. Uiteindelijk is het aan de raad om een afweging te maken. Vraag 3: In hoeverre is het advies van de provincie doorslaggevend geweest in de totstandkoming van de locatiematrix? Antwoord: Is niet als doorslaggevend meegenomen, maar als een van de indicatoren. Vraag 4: Wat zijn de huidige mogelijkheden op het perceel binnen de geldende (milieu)vergunningen? Met andere woorden: wat is het referentiebeeld aan functie, uitstoot en mogelijkheden (voor juiste beeldvorming van huidige situatie vs. beoogde situatie)?

Antwoord: Op dit moment is op de locatie en kalverhouderij gevestigd met de daar bijbehorende uitstoot. In de nieuwe situatie neemt de stikstofuitstoot af. Een beperkte hoeveelheid van de huidige stikstof zal gebruikt worden voor de ontwikkeling. De emissies op de locatie worden lager. De emissies als gevolg van de vervoersbewegingen worden hoger. Vraag 5: Welke belangenafweging heeft plaats gevonden om de ‘ontsluiting/logistiek’ op de KGBI locatie op ‘slecht’ en de locatie Kolmansweg ‘neutraal’ te beoordelen? Antwoord: Wegennet en overlast. Verder van de snelweg en door woonwijk. Vraag 6: In welke mate is het succes van een bio-vergister (ongeacht locatie Kolmansweg of KGBI) afhankelijk van (het vinden van/leveren aan) een grootverbruiker? Antwoord: Als het gaat om de afname van gas niet Vraag 7: Er wordt 150 duizend euro beschikbaar gesteld. Hoe is dit bedrag opgebouwd, c.q. betreft dit een worst-case benadering? Antwoord: Dit is een lumpsum bedrag voor diverse kosten als het maken van bestemmingsplan, uitvoeren van onderzoeken, planologische procedure, opstellen erfpachtovereenkomst. Het is geen worst case scenario. Dit is een realistische inschatting met de kennis van nu. Vraag 8: Ondiepe geothermie (lage temperatuur aardwarmte (LTA)) is potentieel een heel interessante warmtebron, zo is letterlijk vermeld in 2021 in de Regionale Structuur Warmte.

In het raadsvoorstel wordt het enkel genoemd dat het nader onderzocht moet worden, zonder besluit tot onderzoek. Wat is daarvan de planning? Antwoord: Inmiddels is er een eerste onderzoek door de provincie uitgevoerd. Daar kwam ons gebied niet bij de meest gunstige gebieden in de Noord-Veluwe. Of ondiepe geothermie een reële kans heeft, daar is nader onderzoek voor nodig. Dit is inmiddels opgestart. We verwachten dat dit nog niet op middenlange termijn inzetbaar is, omdat het een nieuwe techniek is en het merendeel van de woningen is nog niet geschikt voor lage temperatuurverwarming. ☐6d. Meerjarenperspectief Grondexploitatie (MPG) 2023. Er zijn geen schriftelijke vragen gesteld over dit agendapunt.

☐6e. Vaststellen verordening afvoer hemel- en grondwater gemeente Nunspeet. Er zijn geen schriftelijke vragen gesteld over dit agendapunt.

☐6f.

Vaststellen aansluitverordening riolering gemeente Nunspeet.

A.J. Timmerman (PvdA/GroenLinks) Vraag 1: In de aansluitverordening wordt niets gezegd over de termijn waarbinnen op een aanvraag tot aansluiting wordt besloten. Er zijn gemeenten die een termijn van 8 weken in de aansluitverordening hebben opgenomen. Waarom wordt daar in Nunspeet niet voor gekozen? Antwoord: In artikel 6 is opgenomen dat een aanvraag ten minste 8 weken van te voren gemeld moet worden. Daarin wordt de aanvraag behandeld. Vraag 2: In de aansluitverordening wordt niets bepaald over de kosten van de aansluiting. Betekent dit dat de kosten van de aansluiting door de gemeente Nunspeet worden betaald? Antwoord: In artikel 6 is opgenomen dat er aan een aanvraag kosten verbonden zijn en dat is vastgesteld in de verordening aansluitrecht. ☐6g.

Beleids- en beheerplan Water en Riolering.

A.J. Timmerman (PvdA/Groen/Links) Vraag: Op pagina 37 van het beleids- en beheerplan Water en Riolering wordt gemeld dat er voor vragen een Waterloket is, dat wordt uitgevoerd door Veluwe Duurzaam. De gemeente Nunspeet maakt vanaf 1 maart 2023 gebruik van Duurzaamheidsloket Noord-Veluwe. Is bij dit loket ook het Waterloket ondergebracht? Zo nee, waar kunnen inwoners van Nunspeet dan terecht met vragen over water? Antwoord: Ja dit is ook ondergebracht bij Duurzaamheidsloket Noord-Veluwe. ☐6h.

Jaarstukken 2022 en begrotingsvoorstellen 2023 Omgevingsdienst Noord-Veluwe (ODNV).

A.J. Timmerman (PvdA/GroenLinks) Vraag: In de stukken komt de (beoogde) fusie van ODNV met OVIJ regelmatig aan de orde. In het jaarprogramma 2023 wordt de datum 1 januari 2024 genoemd. De fractie van PvdA/GL vindt het een gemis dat in het Commissievoorstel de stand van zaken van het fusieproces niet wordt gemeld. Daarom hierbij het verzoek om dat alsnog te doen. Antwoord: In de commissievergadering van 12 juni 2023 zal de fusie tussen de ODNV en OVIJ afzonderlijk behandeld worden.

P.V. van Rossen (Gemeentebelang) Inleiding: Uit de stukken maken we op dat het (niet kunnen oplossen van) achterstanden (mede?) komt doordat er niet genoeg personeel aangetrokken kon worden. Ook lezen we dat hier al eerder financiële middelen voor zijn vrijgemaakt, maar om hierboven genoemde reden niet uitgenut konden worden. Daarover de volgende vragen: Vraag 1: Is het niet uitnutten van bovengenoemde financiële middelen onderdeel van het positieve resultaat? Antwoord: Ja. Zie bijlage ‘ODNV-Jaarstukken 2022’, pagina 7 onder 1. Vraag 2: Zo nee: waarom is op dit onderdeel opnieuw financiering nodig? Antwoord: Vraag 3: Zo ja: zijn er ook andere oorzaken van de huidige achterstanden? Antwoord: Ja. Voor de motivering wordt verwezen naar bijlage ‘AB besluit Repareren achterstanden ODNV incl. bijlage’. Vraag 4: Wat maakt dat men, in de nog altijd krappe arbeidsmarkt, nu wél voldoende mensen kan aantrekken om achterstanden weg te werken? Antwoord: De afgelopen periode is het de ODNV gelukt om de vele openstaande vacatures in te vullen. Vanuit deze gedachte bestaat het vertrouwen dat er voor het wegwerken van achterstanden externe capaciteit wordt gevonden. Dat dit gaat lukken is alleen niet 100% te garanderen. Vandaar dat in de bijlage ‘AB besluit Repareren achterstanden ODNV incl.

bijlage’ de kanttekening wordt geplaatst: Voorwaarde hierbij is dat de hierbij benodigde extra capaciteit ook daadwerkelijk gevonden kan worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12749183/1