AP 20 Mededelingenbrief cie. R&W weth. J. Groothuis REL 7 juni 2024
Tekst van het document
Markt 1 Postbus 79 8070 AB Nunspeet Telefoon (0341) 25 99 11 Internet www.nunspeet.nl E-mail gemeente@nunspeet.nl IBAN NL05 BNGH 0285 0135 21 Datum 7 juni 2024
Ons kenmerk 1072438
De leden van de commissie Ruimte en Wonen
Collegebesluit
Behandeld door P.N. Kokkes
Bijlage
Onderwerp: Mededelingen wethouder J. Groothuis 10 juni 2024 Geachte commissie, Hierbij informeer ik u over het volgende: Regionaal Energieloket (REL) Tijdens de Raadsvergadering van 30 juni 2024 is er een motie ingediend door de fractie van PvdA/GroenLinks, mede ingediend namens de ChristenUnie en CDA Lokaal over het contract met het Regionaal Energieloket (REL). In 2022 hebben de gemeenten Elburg, Ermelo, Harderwijk, Hattem, Oldebroek, Putten en Nunspeet gezamenlijk een Europese aanbesteding moeten doen voor ons regionaal duurzaamheidsloket. De vele wettelijke bepalingen van het aanbestedingsrecht waren en zijn van toepassing op deze aanbesteding. Zowel ten tijde van de aanbesteding (gunning) als ook nu tijdens de uitvoering én als er sprake is van wijzigingen, verlengingen, et cetera. Om de kosten enigszins binnen de perken te houden, is er indertijd in de uitvraag gekozen voor een goed online energieloket. De gedachte hierachter was dat de gemeenten de offline benadering zelf vorm gingen geven om de kosten te drukken. De uitvraag voor het regionaal energieloket kende in feite dus drie “uitvoeringssporen”: 1. Een online regionaal energieloket voor onze inwoners. 2. Een online regionaal water & klimaatadaptatieloket voor onze inwoners. 3. Een verder in te vullen offline plus benadering. Op deze aanbesteding is ingeschreven door twee partijen.
Uiteindelijk kwam het Regionale Energie Loket te Amsterdam (verder REL) als beste uit de bus. Het REL had het beste aanbod voor de online benadering. Sinds 1 maart 2023 is REL uitvoerder van dit loket. Voor het derde (lokale) uitvoeringsspoor: het benaderen van de lokale doelgroep, ligt de regie dus bij de gemeente. De invulling hiervan kende in Nunspeet door personeelswisselingen in 2023 een vertraging. Nunspeet heeft qua werkwijze gekozen voor de begeleiding van de energiecoaches, en een goede samenwerking met de energiecoöperatie. De kracht zit hierbij in een goede samenwerking tussen het online platform van het REL, wat dient als kennisbank en centraal aanmeldplatform, en de lokale benadering door de energiecoaches en -coöperatie. De gemeente had op deze manier in het verleden al succesvol een project uitgevoerd rond de gezamenlijke inkoop van zonnepanelen.
-2-
De bovenstaande uitvraag was qua opdracht en budget niet te vergelijken met de opdracht zoals deze eerder door Veluwe Duurzaam werd uitgevoerd. De resultaten van beide trajecten zijn om die reden dan ook niet met elkaar te vergelijken. Daar komt nog bij dat we vanaf 2023 in een ander tijdperk zitten door de netcongestie en de weer enigszins genormaliseerde energieprijzen na een sterke stijging als gevolg van de oorlog in de Oekraïne. Aangezien in het contract met het REL is bepaald dat de regio een half jaar voor de gegunde periode van twee jaar een besluit neemt over de verlenging, is er ambtelijk een tussentijdse evaluatie uitgevoerd. De ambtelijke evaluatie is uitgevoerd aan de hand van het Programma van Eisen dat leidend was (en is) voor de gegunde aanbesteding. Vele van de genoemde organisatorische en administratieve aspecten worden door het REL conform het Programma van Eisen uitgevoerd. Wij staan als college dus nog steeds achter de gunning van de aanbesteding. In het derde kwartaal van 2024 zal er bestuurlijk een weloverwogen besluit genomen worden over welk vervolg wij wenselijk achten voor het Duurzaamheidsloket Noord-Veluwe. Mocht blijken dat er niet gekozen wordt voor verlenging van het contract met REL, maar voor een nieuwe aanbesteding, dan staat het alle lokale duurzaamheidspartners uiteraard vrij om zich in te schrijven.
Vergunningen in het kader van de Omgevingswet Door de heer G. Pluim is in de vergadering van 8 april jl. de vraag gesteld wanneer de termijn van afhandeling van de vergunning uit het systeem te halen valt. De vergunningenapplicatie is een cloudoplossing en heeft een zeer beperkte rapportagetool. Het generen van een overzicht van de afhandelingstermijn van vergunningen is niet mogelijk en de leverancier heeft aangegeven dit ook niet te gaan ontwikkelen. Capaciteit treinverkeer traject Utrecht-Zwolle v.v. In de raadsvergadering van 25 april 2024 heeft de heer Kouwenberg aandacht gevraagd voor de overvolle treinen op het traject Utrecht-Zwolle. Ik heb toegezegd dit aan de orde te stellen in het volgende overleg “Noord Veluwe Bereikbaar”. Vooruitlopend op dit overleg heb ik van NS onderstaand antwoord ontvangen en dit antwoord deel ik graag met u. Antwoord NS op de geschetste problematiek: “Inleiding: We horen uw zorgen over de drukte in de treinen en de beperkte dienstregeling in de avonduren. Graag nemen we u mee in onze beelden, afwegingen en oplossingen die wij zien op het traject Zwolle-Utrecht. Druktebeeld Sprinter Zwolle-Utrecht • Wanneer de treinen in de Sprinterdienst tussen Zwolle en Utrecht (serie 5600) volgens plan rijden passen de reizigers in de trein. Dit geldt zowel voor de spits als voor het dal en voor beide richtingen.
• In de spits is het wel druk, zeker tussen Utrecht Centraal en Utrecht Overvecht (en v.v.) en tussen Amersfoort Centraal en Amersfoort Schothorst (en v.v.). • Helaas treden in de praktijk verstoringen op, bijvoorbeeld een voorgaande trein die uitvalt, of ritten die qua materieelsamenstelling door logistieke uitdagingen te klein worden uitgevoerd.
-3-
•
•
Voorbeeld: op 25 mei 2024 reed rit 5622 van Zwolle naar Utrecht, met vertrek Harderwijk om 07u50, is gepland met SNG11 (is een sprintertype met 11 bakken met een capaciteit van 793 reizigers). In de uitvoering reed deze echter met SNG7 (is een sprintertype met 7 bakken met een capaciteit van 507 reizigers). NS herkent dan ook het beeld dat bij uitval en/of tekort uitgevoerde treinen deze overvol kunnen zijn en dat reizigers hierover klagen.
Inzet dubbeldekker • De terugkeer van de dubbeldekker op de Sprinterdienst tussen Utrecht en Zwolle is jammer genoeg niet mogelijk, ook niet in de toekomst, zonder negatief effect op de dienstregeling (zoals extra reistijd en inpassing van de spitspendel). • Een dubbeldekker is namelijk een aanzienlijk trager dan regulier Sprintermaterieel, vooral bij treindiensten met veel stops. De Sprinterdienst Zwolle-Utrecht kent maar liefst 13 stops. • Als de NS toch een dubbeldekker op deze sprinterdienst zou inzetten, zou de huidige (en toekomstige) dienstregeling niet langer haalbaar zijn. • Ter vergelijking: NS zet met ingang van dienstregeling 2020 enkeldeks sprintermaterieel in op de Sprinterdienst tussen Utrecht en Zwolle. NS heeft hierdoor de dienstregeling met circa 2-3 minuten kunnen versnellen. Oplossing: inzet langere treinen • NS plant op dit moment - waar nodig en mogelijk - de drukste Sprintertreinen tussen Zwolle en Utrecht op dit moment maximale lengte enkeldeks materieel, ofwel SNG11 (dit is een sprintertype met 11 bakken met een capaciteit van 793 reizigers). • NS heeft ProRail gevraagd om de perrons Utrecht Overvecht, Den Dolder en Bilthoven geschikt te maken voor het rijden met langere enkeldeks materieel. • ProRail is voornemens in het najaar van 2024 deze perrons te verlengen zodat ingaande dienstregeling 2025 - waar nodig - met langere treinen gereden kan worden.
• NS kan vanaf dat moment - waar nodig en mogelijk - de drukste Sprintertreinen planmatig tussen Zwolle en Utrecht verlengen tot maximaal SNG12 (is een sprintertype met 12 bakken met een capaciteit van 859 reizigers). Oplossing: herintroductie pendel Amersfoort-Harderwijk • Om nog meer extra capaciteit te creëren gaat NS graag over tot de herintroductie van de pendel Harderwijk-Amersfoort. • Deze pendel zorgt er namelijk ook voor dat reizigers van de reguliere Sprinter ZwolleUtrecht overstappen naar de pendel zodat de reguliere Sprinter rustiger wordt. • Hierdoor komt er ook meer (zitplaats)capaciteit beschikbaar voor reizigers van en naar Ermelo en Nunspeet. • NS wil de pendel Harderwijk-Amersfoort graag weer (grotendeels) herintroduceren. Zoals wellicht bekend, geldt hierbij helaas wel de disclaimer dat op basis van een eerdere risicoanalyse is gebleken dat vanwege de overwegveiligheid tussen Amersfoort en Harderwijk (nog steeds) een compensatiepakket nodig is. Zonder (zicht op) financiering hiervan kan de spitspendel niet worden geherintroduceerd. • NS hoopt dat ProRail, IenW en regio tot een oplossing komen zodat de pendel weer kan gaan rijden.
-4-
Uitbreiding bedieningsuren: • Met ingang van Dienstregeling 2025 treedt de nieuwe HRN-concessie in werking. • Tussen NS en het ministerie van IenW zijn duidelijke afspraken gemaakt over de reikwijdte van de dienstregeling inclusief de bijbehorende businesscase en bedieningsuren. • Binnen de gemaakte afspraken ziet NS geen mogelijkheid om de bedieningsuren van de Sprinterserie tussen Zwolle en Utrecht in de avond en het weekend uit te breiden.” Tot zover het antwoord van NS. Spookwoningen Op 4 januari 2024 zijn door de fractie van Gemeentebelang vragen gesteld over spookwoningen in Nunspeet. De reden voor deze vragen was een onderzoek door RTL Nieuws waaruit bleek dat het aantal zogenoemde spookwoningen in Nederland fors is toegenomen. Spookwoningen binnen dit onderzoek zijn aangeduid als woningen waar langer dan een jaar niemand stond ingeschreven maar waar sprake is van onverklaarbaar energieverbruik. Uit dat onderzoek bleek dat er zich ongeveer 30 spookwoningen in de gemeente Nunspeet zouden bevinden. In de beantwoording is aangegeven dat naar aanleiding van het onderzoek door RTL Nieuws er intern een zogenaamde bestandsvergelijking uitgevoerd zou worden dat zich specifiek richt op "spookwoningen". De gegevens vanuit het BAG(Basisregistratie Adressen Gebouwen) en het BRP(Basisregistratie Personen) zijn met elkaar vergeleken.
Dit om te beoordelen of de wijze waarop een pand is vergund in overeenstemming is met het gebruik van het pand. Uit de bestandsvergelijking is naar voren gekomen dat er uiteindelijk 6 woningen aangemerkt zijn als potentiële “spookwoningen”. Vanuit OOV/ondermijning is naar 5 woningen een nader onderzoek ingesteld.
Wethouder voor de commissie Ruimte en Wonen,
J. Groothuis