CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 14. Samenwerkingsagenda Kop van de Veluwe 2024 - 2028 tbv besluitvorming raad

Raadsvergadering 21 december 2023, gemeente NunspeetBij agendapunt: Samenwerkingsagenda Kop van de Veluwe 2024 - 2028.26.263 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

21

Is daarmee het karakter van de Kop helemaal veranderd? Net als in heel Nederland is door de transitie van begin jaren twintig het buitengebied grondig veranderd. Stikstofniveaus zijn flink teruggebracht. Om de natuur te ontlasten is vliegen boven de Veluwe niet meer mogelijk. De nieuwe generatie energieparken is beter inpasbaar dan de windmolens en zonnevelden van weleer. Er zijn meer bossen aangeplant ten behoeve van houtbouw. Op voormalige boerenerven wonen veel meer mensen, al is het totaal aantal mensen vergelijkbaar met de jaren 60 van de twintigste eeuw, toen grote gezinnen gangbaar waren.

Natura 2100 In de Kop van de Veluwe denken we dat we, op de echt lange termijn, van Natura 2000 door moeten naar een ander type bescherming waarbij we ons hiervoor beschreven dilemma adresseren. We noemen dit Natura 2100. Dit omvat wat ons betreft een nieuwe visie op natuur waar andere regelgeving bij hoort en waarbij de effecten van klimaatverandering meewegen. We willen toe naar een hechtere relatie tussen mens en natuur. Dat willen we bereiken door het erkennen in toekomstige regels dat het vervlechten van natuur met stedelijke functies mogelijk is.

De kernen zijn dichter bebouwd. Rondom de hubs is de bebouwing compact en “dorps-stedelijk”. Binnen de kernen beheersen auto’s nauwelijks nog het straatbeeld. Op diverse plekken staat hoogbouw, met name daar waar het uitzicht zo mooi is dat mensen hiervan willen genieten. Ook Zwolle is flink gegroeid. De eerste bewoners hebben net hun appartement betrokken in het nieuwe stadsdeel Hattemer Eiland. Dit stadsdeel is ontwikkeld door experts van het Circulair Atelier uit Heerde. Hierbij is gebruik gemaakt van Veluws hout en van betonresten van gebouwen uit de Randstad die moesten worden gesloopt omdat daar ruimte gegeven moest worden aan de stijgende zeespiegel. De nieuwe bewoners hebben meegedacht met hun toekomstige woonwijk. Zij kozen voor ‘geheel autovrij’ met alle ruimte voor water en groen voor de deur. Het graven van de noodzakelijke bypass tussen Hattemerbroek en de IJssel is gebruikt om de oeverwallen langs de IJssel op te hogen. Dankzij de extra ruimte is de oude kern van Hattem gespaard gebleven, ook al zijn de dijken verzwaard en opgehoogd.

We zetten in op het vergroten van de biodiversiteit bij elke nieuwe ontwikkeling in het gebied. Dit behandelen we in paragraaf 3.3. Daarnaast willen we flexibeler met de begrenzing van het huidige Natura 2000 om kunnen gaan. Hierbij behoort volgens ons de mogelijkheid om kleine delen van natuurgebieden op te offeren als we daarmee bijdragen aan verduurzaming van het gebied. Compensatie voor deze opoffering zoeken we binnen ons gebied en waar mogelijk zo dicht mogelijk bij een ontwikkeling. Daarvoor verankeren we ‘meervoudig ruimtegebruik’ in onze omgevingsplannen.

Al deze ontwikkelingen hebben het karakter van de Kop van de Veluwe flink veranderd. Dat kon ook niet anders, gelet op de klimaatverandering en de noodzakelijke transities in de landbouw en de energievoorziening. Het siert de bestuurders en raden in de Kop van de Veluwe dat ze hier zorgvuldig over hebben nagedacht. Maar ook dat ze de lokale gemeenschappen hier stap voor stap nauw bij hebben betrokken. Ook in andere delen van Regio Zwolle is dit proces zorgvuldig doorlopen. Met kleine stappen zijn grote veranderingen gedegen uitgewerkt en is één van de meest aantrekkelijke Europese regio’s opgebouwd. Dit is de Kop van de Veluwe, dit is Regio Zwolle in 2063.

We weten dat dit voor nu nog echt toekomstmuziek is. We gebruiken daarom bewust de term Natura 2100 en niet Natura 2050 omdat het niet iets is voor de komende tien twintig jaar maar voor de langere termijn. Maar ook omdat we nadrukkelijk de langetermijneffecten van klimaatverandering willen opnemen in het denken over een andere relatie tussen mens en natuur. En daarmee het op termijn leefbaar houden van onze regio. Voor nu en voor wellicht lange tijd volgen we de wet en beschermen we onze Natura 2000 gebieden. Daar zetten we ons als Kop van de Veluwe volop voor in.

De natuur en de Kop van de Veluwe Met de toekomstdroom 2063 schetsen we een knelpunt van deze tijd en de jaren die komen gaan. Dat dilemma wordt gevormd door de status van de Veluwe, ons centraal gelegen natuurgebied. We denken dat voor de leefbaarheid van ons gehele gebied, voor de lange termijn een nieuwe visie op natuur van groot belang is. We benoemen dit als Natura 2100 in deze toekomstdroom, dit intermezzo. We benadrukken hiermee dat dit los staat van de opgaven en uitwerkingen die verder in deze agenda worden behandeld. We kunnen nu wel al stappen zetten, die er toe bijdragen dat een nieuwe visie zoals hier geschetst op termijn uitvoerbaar is. Het dilemma In de Kop van de Veluwe zijn Natura 2000-gebieden sterk vervlochten met het stedelijk netwerk. Het spoor, de stations, snelwegen en de energie-infrastructuur liggen in of pal aan Natura 2000-gebieden. Gevolg is dat duurzaam verstedelijken op veel locaties niet of nauwelijks mogelijk is.

22

23

HOOFDSTUK 3

3. Natuur en Landbouw De Veluwe krijgt veel aandacht in debatten over reductie van stikstof en het vergroten van de biodiversiteit in ons land. Daarbij is het doel de balans tussen natuur en landbouw bij te stellen. Om de natuur te kunnen herstellen, moet de landbouw volgens velen reduceren. In de Kop van de Veluwe zoeken we naar een aanpak die recht doet aan de historie en cultuur in het gebied. We verwachten in samenwerking met provincie Gelderland ruimte te vinden om de natuurdoelen te realiseren, zonder daarbij alleen in te zetten op reductie van de landbouw. In het Intermezzo: 2063 – Een toekomstdroom benoemen we het dilemma van ons centrale natuurgebied de Veluwe. In dit hoofdstuk formuleren we vier lijnen waarlangs we in de Kop beleid willen ontwikkelen voor het landelijk gebied. • We werken gebiedsgericht en ontwikkelen integrale opaven (zie 3.2). • We zetten ons in voor vergroting van de biodiversiteit (zie 3.3). • Onze ambitie is dat stikstofruimte die vrijkomt, regionaal wordt ingezet. Hierdoor blijft de ‘stikstofruimte’ zoveel mogelijk in de regio (stikstofbank) (zie 3.4). • We benutten kansen om landbouw in ons gebied toekomstbestendig te maken door nadruk op nieuwe verdienmodellen te leggen die in lijn zijn met de sturende principes uit hoofdstuk 2.

24

3.1. Algemeen beeld Het natuurlijke en agrarische karakter van de Kop van de Veluwe wordt gekoesterd. Op veel plekken in ons gebied is de herkenbaarheid van het landschap groot. Al is er veel verdwenen, oude kleinschalige structuren bestaan nog steeds. Denk aan oude landgoederen of de oude zeepolder Oosterwolde met zijn terpen. Maar ook aan de Hoenwaard langs de IJssel, de weidevogelgebieden, de waardevolle natte natuur langs IJssel en Randmeren en de wind- en watermolens op diverse plekken in ons gebied. De natuur en het agrarische landschap zijn nadrukkelijk aanwezig in de Kop van de Veluwe. Het landschap is divers en van groot belang voor eigen inwoners en bezoekers vanuit gemeenten net buiten ons gebied. Ook steeds meer toeristen van verder weg weten ons gebied te vinden en blijven hier graag overnachten. Daarnaast zijn er in ons gebied diverse agrarische ondernemers die hier in de toekomst willen blijven ondernemen. De gemeenten vragen provincie en Rijk om instrumenten die het mogelijk maken hierin te sturen. De vele vragen die momenteel spelen rond natuur, stikstof en landbouw zorgen ervoor dat we in deze agenda nog op hoofdlijnen moeten blijven over datgene wat er in het landelijk gebied te gebeuren staat. De uitkomsten van het Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG) gaan in de loop van 2023-2024 voor meer duidelijkheid zorgen.

Deze onzekerheid adresseren we in dit hoofdstuk. In deze agenda vragen we ruimte om te experimenteren, om anders te denken over natuur en landbouw als we vinden dat water en bodem sturend zijn.Uiteraard wordt er al volop gewerkt aan transformatie van landbouwbedrijven. Bedrijven kiezen voor grondgebonden landbouw. Agrarische bedrijven extensiveren om te kunnen voldoen aan strengere wetgeving. Bedrijven worden beëindigd, verhuizen of transformeren naar een meer natuurinclusief bedrijfsmodel. Denk aan het al lopende gebiedsproces GEUS (enclaves Garderen, Elspeet, Uddel, Speuld).

Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) Leidend zijn de doelen die geformuleerd zijn in het NPLG. Provincie Gelderland vertaalt deze in het programma VLGG. Het is van belang dat deze doelen (een goed beschermde natuur, een goed toekomstperspectief voor de landbouw, schoon en voldoende water, een gezonde bodem) worden gerealiseerd voor 2035. Deze doelen zijn omvangrijk en ingrijpend. Provincie Gelderland benoemt ze voor het VLGG als volgt: • Hierbij wordt gestuurd op reductie van emissies en areaaluitbreiding van natuur. Instandhoudingsdoelen voor natuurkwaliteit worden opgesteld. Natuurinclusieve en/of kringlooplandbouw conform de Kadernota Agrifood 20212030 als passend sociaaleconomisch toekomstperspectief voor de land- en tuinbouw. • Water en bodem zijn sturend in alle opgaven, in landelijk- en stedelijk gebied. Inzet op natuurherstel door robuust systeemherstel van de Natura-2000 gebieden, groenblauwe dooradering en extra maatregelen en middelen in overgangsgebieden. • Hierbij wordt gestuurd op schoner oppervlakte- en grondwater, het in goede toestand brengen van grondwaterlichamen, een goede zoetwaterbeschikbaarheid. Vanuit het BOVI is dit met name voor de Veluwe (inclusief IJsselvallei en Randmeerkust) een belangrijke opgave. • Voor het tegengaan of afremmen van klimaatverandering is reductie van uitstoot door broeikasgassen en koolstofvastlegging vooropgesteld.

Uitbreiding van het bosareaal is een maatregel die klimaateffecten kan dempen. • Klimaatopgave conform het Gelderse Klimaatplan 20212030 en het nationale Klimaatakkoord. • Sturen op ruimtelijke samenhang met de andere grote opgaven in het landelijk gebied, zoals energietransitie, gezonde en veilige leefomgeving, leefbaarheid en verstedelijkingsontwikkeling van stad en land.

25

VLGG De puzzel in de Kop van de Veluwe is complex door het grote areaal stikstofgevoelige Natura 2000 gebied. De gemeenten in de Kop van de Veluwe werken proactief mee aan het opstellen van zogenaamde gebiedsagenda’s voor het VLGG Veluwe. Denk daarbij aan het Gebiedsplan Noord Veluwe (in samenwerking met regio EHPZ) en het Masterplan IJsselvallei (in samenwerking met regio Stedendriehoek). Dit proces vindt parallel plaats aan het opstellen van deze samenwerkingsagenda. Welke gevolgen de uitwerking van het VLGG heeft op de samenwerkingsagenda zal in de nabije toekomst blijken. De VLGG puzzel voor Gelderland wordt eerst op hoofdlijnen voor drie gebieden uitgewerkt: Veluwe, Rivierengebied en Achterhoek. Daarna wordt het uitgewerkt voor de zeven regio’s, samen met de betrokken stakeholders (waterschap, gemeenten, terreinbeherende organisaties, landbouw e.d.).

Vanuit de eerste verkenningen blijkt dat we in ieder geval rekening moeten houden met maatregelen voor: • gebiedsgerichte stikstofreductie (alle sectoren) in aanvulling op generieke maatregelen; • zonering en normering voor stikstof rond Natura 2000-gebieden; • robuust natuurherstel in de overgangsgebieden rond Natura 2000-gebieden (hydrologie, natuurinclusieve landbouw en nieuwe natuur); • groenblauwe dooradering en extra bos; • klimaatadaptatie ten behoeve van voldoende zoetwater-zandgebieden; • waterberging in geval van wateroverschot; • kader Richtlijn Water (KRW) bufferzones en grondwaterbeschermingsgebieden; • reductie emissie broeikasgassen in de landbouw (methaan) en vastleggen broeikasgassen (onder andere bos). In Hoofdstuk 6 Gebiedsopgaven spelen de uitkomsten van het VLGG Veluwe een prominente rol. Pas als duidelijk is wat de kaders zijn voor landbouw en natuur kunnen deze gebiedsopgaven nader ingevuld worden. Neemt niet weg dat sommige processen al lopen (gebiedsproces GEUS, Oosterwolde). Deze kunnen bij dragen aan het VLGG Veluwe beleid.

26

3.2. Gebiedsgericht werken De Samenwerkingsagenda 2024 – 2028 richt zich op het integreren van opgaven die in het landelijk gebied en de kernen van de Kop van de Veluwe spelen. Daarbij staat gebiedsgericht werken voorop. Dit is ook wat we terugzien in het VLGG. Op de Noord Veluwe is dit door de gemeenten gehanteerd in het gebiedsplan Noord Veluwe, een belangrijke Noord Veluwse verdiepingsslag van het VLGG. Daarmee willen we in de toekomst onze bewoners en bezoekers een goede brede welvaart bieden, een vitaal natuurlijk kapitaal, het landelijk gebied van de Kop van de Veluwe. Daarvoor zijn de processen die parallel aan deze agenda lopen van groot belang en willen we deze zorgvuldig afronden. Daarnaast vestigen we in deze samenwerkingsagenda de aandacht op een aantal specifieke punten die urgent zijn en vooral op de lange termijn gaan spelen.

Wichert Stoffer, wethouder gemeente Nunspeet

3.3. Biodiversiteit Aan en in de randen van de Kop van de Veluwe zijn de laatste jaren veel maatregelen getroffen om het natuurareaal te laten toenemen. Bijvoorbeeld het nieuwe natuurgebied Bloemkampen in de gemeente Nunspeet of de Hoenwaard langs de IJssel. In Polder Oosterwolde ontwikkelen boeren een eigen plan voor meer natuur dat past bij het gebied en zorgt voor een flinke stikstofreductie. We steunen dergelijke initiatieven waar we kunnen. De toename van natuur in de Kop van de Veluwe is veelal natte natuur, grenzend aan het Natura 2000-gebied van de Randmeren en die van de IJsseluiterwaarden. Kenmerkend aan deze natuur is dat het veel soortenrijker is dan bos of heide, goed met extensieve vormen van landbouw kan samengaan en voor Europa zeldzamer is dan bijvoorbeeld de natuur op de Veluwse droge zandgronden. Vanuit het principe van bodem- en watersturend werken, zijn de hogere droge gronden van de Veluwe, ook rondom de hoofdinfrastructuur, het meest geschikt om te bebouwen, zeker in het licht van het veranderende klimaat. Voor de randen van de Kop van de Veluwe, de IJsselvallei en de Randmeerkust hebben we opgaven geformuleerd die in Hoofdstuk 7 Gebiedsopgaven verder worden toegelicht. We zien kansen aan de randen van de Kop van de Veluwe (de IJsselvallei en de Randmeerkust) voor een forse bijdrage in biodiversiteit in de Kop.

Vanuit de Veluwe en deze randen en de talloze al bestaande verbindingen in het gebied daartussen (in het buitengebied maar ook in onze kernen), ontstaat zo een versterkte natuurlijke leefomgeving.

bijdrage moeten leveren aan de oplossing van het pro-

‘We zijn trots op de boeren in ons gebied. We proberen hen waar mogelijk te helpen in de uitdagingen waar zij voor staan. Ze hebben vooral behoefte aan duidelijkheid. Een route die aangeeft op welke wijze we door een zorgvuldige en integrale aanpak uit de stikstofcrisis kunnen komen. Een aanpak die de boeren perspectief biedt en duidelijk maakt op welke wijze alle betrokken sectoren hun

bleem. Ik zet mij in om hierover met elkaar in gesprek te blijven. Vooral als wij, als samenwerkende gemeenten op de Veluwe, samenwerken aan een gebiedsgerichte aanpak die boeren en natuurbeheerders helpt om te investeren in hun bedrijf en hun gebied.’

27

HOOFDSTUK 4

3.4. Stikstofruimte De reductie in stikstofuitstoot die inmiddels in ons gebied op gang is gekomen, is in eerste instantie bedoeld voor het herstel van de natuur. De Kop van de Veluwe is voor Regio Zwolle een belangrijke groene long. Als gebied zijn we tevens onderdeel van het grootste natuurgebied van Nederland. Een groene long heeft baat bij schone lucht. In ons gebied denken we als bewoners, bedrijfsleven en overheden na over oplossingen die bijdragen aan het reduceren van stikstofuitstoot en stikstofdepositie en die een positief effect hebben op de natuur. Het realiseren hiervan vraagt experimenteerruimte, gelegenheid om aan te tonen dat het werkt. Ook als de oplossing ogenschijnlijk niet past binnen de bestaande regelgeving. Bij deze experimenteerruimte hoort ook de mogelijkheid om de in ons gebied gerealiseerde stikstofreductie (stikstofruimte), voor ons gebied te behouden. Zowel voor de bescherming van natuur als voor het kunnen benutten ervan voor de talloze opgaven waar we voor staan. Zoals het op orde brengen van de energie-infrastructuur en het bouwen van woningen. Over de ruimte om te kunnen experimenteren en het opzetten van een daarbij horende regionale stikstofbank, gaan we de komende tijd met partners in gesprek. We willen dit graag mogelijk maken.

De eerste stap daartoe is het met elkaar afwegen van de voor- en nadelen van de opzet van zo'n regionale stikstofbank. Dit ook in het licht van de maatregelen die vanuit het VLGG beleid voortkomen. Dat brengen we eerst in beeld voordat hierover enige besluitvorming binnen de Kop plaatsvindt.

3.5. Toekomstbestendige landbouw Landbouw moet natuurinclusief en circulair worden en meer grondgebonden zijn. De dynamiek binnen deze voor de Kop van de Veluwe belangrijke sector is enorm. Wij zetten in op een toekomstbestendige landbouw die is gebaseerd op duurzame langjarige verdienmodellen. De omringende natuur profiteert hiervan, de biodiversiteit neemt toe. De transitie naar toekomstbestendige landbouw pakken we op met de agrariërs uit onze gemeenschap. Zij zijn gewend gebiedsgericht te werken en zijn initiatiefrijk. In onze regio nemen we volop acties om agrarische bedrijven toekomstbestendig te maken. In het volgende hoofdstuk bij de paragraaf over economie stippen we dit aan en geven we aan hoe we daarin willen ondersteunen. Wat ons betreft nemen de agrariërs onlosmakelijk deel in de eerdergenoemde experimenteerruimte. We zien voor onze boeren naast voedselproductie een rol weggelegd in toekomstige oplossingen voor energievoorziening van onze dorpen en steden en een bijdrage in de bouwkolom. Zie ook het Intermezzo 2 Duurzaam bouwen.

4. Leefbare dorpen en steden Het begrip leefbaarheid gaat over de aantrekkelijkheid van een gebied of gemeenschap om er te wonen, leven, sporten, elkaar te ontmoeten, te spelen, elkaar hulp te vragen en meer. De term lijkt een containerbegrip voor allerlei kwaliteitskenmerken van een leefomgeving en is daarmee diffuus en multidimensionaal. Het gaat in ieder geval niet alleen over de fysieke aspecten van een leefomgeving maar ook over de sociale aspecten[1]. Voor de Samenwerkingsagenda 2024 – 2028 beperken we ons op het gebied van leefbaarheid tot de thema’s Menselijk kapitaal, Economie, Recreatie en Wonen.

4.1. Menselijk kapitaal Wanneer we het hebben over verduurzaming, circulair bouwen of het behalen van de klimaatdoelstellingen, denken we vaak als eerste aan technische oplossingen: windmolens, zonnepanelen, isolatie. Belangrijker zijn echter de vakmensen die de juiste kennis en vaardigheden bezitten om met deze technieken te werken. Dit geldt voor bijna elke sector: zonder kundige mensen ontstaan er problemen. Daarom vragen we in deze samenwerkingsagenda aandacht voor dit 'menselijk kapitaal'. Het belang van goed geschoold en vaardig personeel is in elke sector groot. We zijn enthousiast over de programma’s die Regio Zwolle heeft ontwikkeld. We doen hier actief aan mee. We ervaren dat bedrijven hier dankbaar gebruik van maken. Toch is er meer nodig dan het verwijzen naar de bestaande programma’s. Als we extra impulsen willen geven aan de arbeidsmarkt in de Kop van de Veluwe, zullen we een actieve rol moeten nemen in het schakelen tussen werknemers, werkgevers, het onderwijs en de programma’s van Regio Zwolle en provincie Gelderland.

28

Doelen We stellen ons de volgende doelen: • Een leven lang ontwikkelen bevorderen door de samenwerking tussen opleiders en ondernemers verder te stimuleren. • Het verder stimuleren van wendbaarheid van de arbeids markt, mensen begeleiden bij transitie van werk naar werk. We sturen op een optimale beschikbaarheid van werkne mers en werkzoekenden voor werkgevers. • Werken aan een inclusieve arbeidsmarkt: we vergro ten de arbeidsparticipatie van mensen die, om wat voor reden dan ook, een afstand tot de arbeidsmarkt ervaren. Brede welvaart Met deze doelen dragen we bij aan het vergroten van de brede welvaart door te werken aan passende opleidingen voor alle leeftijds- en carrièrecategorieën in alle levensfasen. Daarmee zorgen we voor persoonlijke groei en voor toegenomen kansen op de arbeidsmarkt voor onze inwoners. Door in te zetten op betere kinderopvang zorgen we eveneens voor gelijke kansen. Hierdoor zijn meer mensen actief op de arbeidsmarkt, waarmee het welvaartsniveau stijgt. Het realiseren van deze doelen vereist partnerschap en samenwerking tussen de gemeenten van de Kop van de Veluwe, provincie Gelderland, Regio Zwolle, onderwijs, bedrijfsleven en andere organisaties.

29

Opgaven Deze doelen realiseren we via de volgende opgaven: 1.   De programma’s Groei Vooruit en Upgrade Jezelf van Regio Zwolle brengen we actief onder de aandacht van bedrijven en werknemers. Hiervoor ontwikkelen we een communicatiecampagne. Dit doen we onder de noemer ‘een leven lang ontwikkelen’. 2.  Vanuit de arbeidsmarktregio(‘s) werken we samen aan werkzoekenden- en werkgeversdienstverlening. Hiervoor gaan we op zoek naar best-practises gericht op het ver kleinen van de mismatch tussen vraag en aanbod. Dit doen we onder de noemer ‘lerende regio’ met nadruk op inclusie. 3.  We werken samen met expertisepunten in Regio Zwolle op het gebied van social return, GGZ en statushouders. 4.  We organiseren samenwerking tussen de lokale dienstver lening aan ondernemers en het aanbod van de Regio Zwolle, waaronder Kennispoort. Dit is gekoppeld aan het thema Economie. 5.  We ontwikkelen de integrale ondernemersdienstverlening en brengen deze nog beter onder de aandacht bij onderne mers door het benutten van lokaal, subregionaal en regi onaal ondersteuningsaanbod. Liesbeth Vos, wethouder gemeente Oldebroek

‘Onze regio telt veel ondernemers. Zij voegen waarde toe aan de leefomgeving. Maar niet elke ondernemer vindt het juiste personeel om zijn organisatie te laten bloeien. Zoals niet elke werkzoekende een plek vindt waar hij tot zijn recht komt. In de Kop van de Veluwe helpen we inwoners om op een dynamische arbeidsmarkt hun plaats (opnieuw) te vinden, door te groeien in wendbaarheid en inzetbaarheid. We ondersteunen ondernemers bij het bekwaam maken en houden van hun medewerkers. Samen met opleiders, ondernemers en overheid werken we in Regio Zwolle aan een leven lang ontwikkelen. Een samenwerking waar ik trots op ben.’

Uitwerking Om bovenstaande opgaven te realiseren, organiseren we de volgende projecten: a) We nemen actief deel aan de sectortafels van Regio Zwolle: Bouw en Infra, Transport en Logistiek, Kind en Educatie, Techniek en Energietransitie, Zorg en Welzijn, Agri en Food. We stimuleren ondernemers om bij deze tafels aan te sluiten. b) We verkennen de mogelijkheden om statushouders ver sneld aan werk te krijgen dat past bij hun niveau. c) We ondersteunen initiatieven die gericht zijn op het ver sterken van de relatie tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Met name waar het gaat om zogenaamde doe-beroepen. Voorbeelden zijn het TechLab dat in 2022 is geopend, de plannen voor een ZorgLab, het dienjaar van Defensie[²]. d) We stimuleren initiatieven om wachtlijsten in de kinderop vang terug te dringen of te voorkomen. Kinderopvang is voor vele werkenden randvoorwaardelijk. Vanuit de tafel Menselijk Kapitaal richten we ons op het opleiden van medewerkers voor de kinderopvang. We stimuleren kinderopvangorganisaties om aan te sluiten bij de sectortafel Kind en Educatie. Mogelijk knellende wet- en regelgeving brengen we bij de daarvoor aangewezen instanties onder de aandacht.

e) We organiseren in de Kop van de Veluwe jaarlijks een net werkevent voor de partijen uit onderwijs, ondernemers, overheid en maatschappelijke organisaties om deze orga nisaties met elkaar te verbinden. f)  We stimuleren een nauwere samenwerking en kennisdeling tussen bedrijven en de accountmanagers werkgevers dienstverlening. 4.2. Economie Gemeenten spelen een faciliterende rol in de ontwikkeling van de lokale en regionale economie. Kernwoorden hierbij zijn ruimte, innovatie en menselijk kapitaal. Wij willen een goede balans houden tussen wonen en werken. De groei van het aantal inwoners zal gepaard moeten gaan met meer ruimte voor bedrijven, nodig om de groei van bedrijven te faciliteren. Bestaande bedrijventerreinen zijn zo goed als vol. Waar mogelijk zetten we in op herstructurering. Maar ook nieuwe locaties zijn nodig. Als we die niet kunnen bieden, vertrekken bedrijven. Dit betekent niet alleen een verlies van werkgelegenheid, dit raakt de brede welvaart in ons gebied. Door de samenwerking met het onderwijs te versterken, dragen we bij aan innovatie binnen de bedrijven. Die is van belang om in te spelen op nationale en internationale ontwikkelingen. Zoals de groeiende aandacht voor circulair ondernemen. Minder afval, meer gebruik van bestaande materialen. We zijn blij met bedrijven die hierin in onze regio vooroplopen.

We stimuleren andere bedrijven de samenwerking te zoeken en in te haken op nieuwe kansen en ontwikkelingen. Doelen We stellen ons de volgende doelen: • Bijdragen aan de ontwikkeling van een gezond en toe komstbestendig bedrijfsleven met voldoende ruimte om zich te ontwikkelen en te groeien. • Bevorderen van regionale samenwerking om lokale en regionale initiatieven te ondersteunen. • Kennisontwikkeling door lokale initiatieven en belangen samen te brengen waardoor slagkracht ontstaat. • Familiebedrijven versterken en ondersteunen in hun innovatie.

[1] https://www.movisie.nl/artikel/leefbaarheid-vraagt-versterken-sociale-kwaliteit [2] Jongeren die gemotiveerd en geschikt zijn, kunnen vanaf september 2023 kiezen voor een dienjaar bij Defensie. Ook mensen met werkervaring (zij-instromers) zijn welkom voor een jaar bij Defensie. Zij krijgen een opleiding, werkplek en salaris.

31

Brede welvaart Met deze doelen dragen we bij aan het vergroten van de brede welvaart door in te zetten op economische groei en voldoende kansen op werk voor onze inwoners. Ook stimuleren we hiermee innovatie en duurzaamheid, wat bijdraagt aan een verminderde druk op het milieu en de afhankelijkheid van grondstoffen. Het realiseren van deze doelen vereist partnerschap en samenwerking tussen de gemeenten van de Kop van de Veluwe, provincie Gelderland, Regio Zwolle, onderwijs, bedrijfsleven en andere organisaties. Opgaven Deze doelen realiseren we via de volgende opgaven: 1. Organiserend vermogen van het bedrijfsleven versterken: parkmanagement met regionale verbindingen. 2. Creëren van voldoende ruimte voor de groei en ontwik keling van gevestigde bedrijven. 3.  Energievoorziening op bedrijventerrein versterken onder meer door het ontwikkelen van smart energy hubs. 4.  Stimuleren van duurzaam ondernemen en innovatiekracht. 5. Levendig houden van lokale winkelgebieden in de centra, leren van elkaar en samenwerking op toeristisch vlak. 6. Ondersteunen van agrarische ondernemers door het ont wikkelen van lange termijn verdienmodellen, bedoeld om perspectief te bieden aan deze ondernemers. 7.  Verbinden van ondernemers. 8.  Continueren en verbeteren van de ondernemersdienstverlening.

Wolbert Meijer, wethouder gemeente Heerde

'Een aantal bedrijven in de Kop van de Veluwe kan met recht koploper circulair bouwen worden genoemd. Zij kunnen gemeenten helpen stappen te zetten naar een andere manier van bouwen. Een die past bij nieuwe eisen die hogere overheden stellen. Door realisatie van een Kenniscentrum Circulair Bouwen kan de Kop van de Veluwe een belangrijke positie innemen op dit onderwerp. Zowel binnen Regio Zwolle als de rest van Oost-Nederland. De betrokken bedrijven tonen aan dat hun wijze van bouwen bijdraagt aan het reduceren van emissies.'

Organiserend vermogen We zien dat samenwerking tussen ondernemers het slimst georganiseerd kan worden op de locaties waar ze zijn gevestigd. We stimuleren ondernemers te investeren in gezamenlijke faciliteiten op bedrijventerreinen, zoals beveiliging en energie. Inzet is om op alle terreinen een parkmanager aan te stellen. Deze verbindt de samenwerking tussen de bedrijventerreinen in de Kop van de Veluwe en de gemeenten. We ondersteunen de parkmanagers en/of samenwerkende bedrijven bij de uitvoering van projecten (subsidiestromen, kennisnetwerk, etc.) om samen te werken aan het doel om de bedrijventerreinen toekomstbestendig te maken. Ruimte De werklocaties in de Kop van de Veluwe zijn goeddeels vol. Herstructurering en optimalisering van bestaande gebieden levert enige ruimte op, maar naar verwachting zal dat niet voldoende zijn. Daarbij moet worden meegenomen wat inbreidingsmogelijkheden en vrijkomende agrarische locaties opleveren. Ook moet bekeken worden welk effect transformatie van bedrijventerreinen heeft op de beschikbare ruimte voor bedrijfsvestiging of uitbreiding (vervangingsvraagstuk/

32

uitruilen). Een duidelijk beeld van de werkelijke behoefte is er op dit moment nog niet. Dit onderzoeken en vertalen we nu naar concrete opgaven. Daarbij is het van belang dat het aantal mensen dat in ons gebied woont in balans blijft met het aantal mensen dat er werkt. We willen voorkomen dat de Kop van de Veluwe een gebied wordt waar mensen wonen en recreëren, maar elders werken. Het moet daarom inzichtelijk worden wat de effecten van onze woningbouwambities zijn op het werkgelegenheidsaanbod. Bij een groeiend inwoneraantal horen ook meer werklocaties. Het is volgens ons belangrijk om experimenteerruimte te reserveren die nodig is voor ontwikkelingen in circulair en duurzaam ondernemen. Tenslotte moet er aandacht zijn voor de uitbreidingsvraag van bestaande lokale bedrijven. Daarbij gaat het om ontwikkelingen van start-ups naar scale-ups, van thuiswerkende zzp-ers naar mkb-ers met personeel en bedrijfsruimte. Deze verschillende ruimtelijke aandachtspunten worden meegenomen in een nieuw Regionaal Programma Werklocaties (RPW) voor de Kop van de Veluwe. Dit programma stemmen wij af op de behoefte aan bedrijventerreinen in de regio Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde (EHPZ), de regio Stedendriehoek en Regio Zwolle.

33

Energievoorziening Een belangrijk punt dat aandacht en actie vraagt van zowel ondernemers als overheden, is de levering van elektriciteit. Ook bedrijven in ons gebied hebben te maken met netcongestie. Het niet kunnen krijgen van voldoende elektriciteit is vooral voor maakbedrijven een groot probleem. Om die reden zetten we ons de komende tijd gezamenlijk in om op bedrijventerreinen smart energy hubs te ontwikkelen, die bedrijven minder afhankelijk maken van het elektriciteitsnet. Uitbreiding van de netcapaciteit blijft nodig om de bedrijven in onze regio te faciliteren. Duurzaam ondernemen We zijn enthousiast over innovatieve plannen van bedrijven in ons gebied, zoals de ontwikkeling van een Kenniscentrum Circulair Bouwen. We zijn blij met bedrijven die inzetten op het ontwikkelen van duurzame producten en investeren in duurzaam transport. Gemeenten zetten zich in voor het realiseren van bouwprojecten met inzet van emissieloos bouwmaterieel. Initiatieven die goed passen bij het karakter van de Kop van de Veluwe: een gebied met een hoge kwaliteit leefomgeving en hoge natuurwaarden. Onze vertegenwoordiger in de Economic Board Regio Zwolle zet zich in voor het thema circulair ondernemen. Met hem kunnen we bijdragen aan de duurzaamheidsagenda van Regio Zwolle. Bij het stimuleren van duurzaam ondernemen werken we samen met Kennispoort Regio Zwolle.

Winkelgebieden In 2022 zijn ondernemers in de detailhandel uit de Kop van de Veluwe samengebracht. Dit leverde enthousiaste initiatieven op, en tegelijk hulpvragen bij het organiseren van gezamenlijke activiteiten. We gaan een vervolg geven aan deze ondernemersbijeenkomst en de resultaten die deze oplevert, in de overtuiging dat goede winkelvoorzieningen van vitaal belang zijn voor de brede welvaart in ons gebied. Levendige winkelcentra zijn aantrekkelijk voor bewoners en toeristen, en zorgen voor aanloop bij diverse voorzieningen. Dit helpt bovendien bij het verlagen van de druk op de natuurgebieden op de Veluwe. Samenwerking met de Veluwe Alliantie binnen de gebiedsopgave Veluwe-op-1 en de ondernemers in de winkelgebieden kan leiden tot nieuwe producten en arrangementen. Tenslotte willen we inwoners en ondernemers stimuleren zoveel mogelijk fysiek en lokaal te kopen.

34

Agrarische ondernemers We zijn nauw betrokken bij onze agrariërs en dat willen we blijven door met de agrarische sector mee te denken over hun bedrijfsprofiel. Daar waar agrariërs eigen initiatief tonen voor een robuuste toekomst, zullen we met hen kijken wat kan. We zijn dienstverlenend bij initiatieven voor neven- of andere activiteiten van agrarische ondernemers. Denk daarbij aan recreatieve ontwikkelingen of aan circulair ondernemen, waarbij agrariërs natuurinclusieve leveranciers worden van tal van landbouwproducten. Wij willen op basis van voortdurende gesprekken met agrarische ondernemers blijven peilen hoe wij hen kunnen helpen met het ontwikkelen van een duurzaam toekomstperspectief.

Verbinden van ondernemers We vinden het belangrijk dat er een toegankelijke kennis- en netwerkinfrastructuur bestaat tussen ondernemers in de Kop van de Veluwe, zodat gezamenlijk grote transitieopgaven kunnen worden opgepakt en/of vraagstukken met elkaar kunnen worden uitgewisseld. In het verlengde daarvan is het belangrijk dat er een netwerkinfrastructuur ontstaat tussen de 4 O’s (Ondernemers, Overheid, Onderwijs en Organisaties) om samen de Kop van de Veluwe te kunnen laten groeien in haar economische kracht. Hiervoor organiseren wij in ieder geval één keer per jaar samen met de tafel Menselijk Kapitaal een netwerkevent voor de 4 O’s in de Kop van de Veluwe.

Jacob Westerink, biologisch melkveehouder in Nunspeet

Ondernemersdienstverlening Het is belangrijk dat de gemeentelijke ondernemersdienstverlening goed is georganiseerd. De ondersteuning moet laagdrempelig en toegankelijk zijn voor alle ondernemers. Wij gaan uit van een ‘basis op orde’. De gemeente fungeert als eerstelijns loketfunctie voor ondernemersvragen. Specifieke vragen over innovatie, financiering of internationalisering worden doorgeleid naar de adviseurs van Kennispoort Regio Zwolle. Zij vormen de verbinding naar het groter kennisnetwerk in Regio Zwolle. Voor het verder ontwikkelen van de ondernemersdienstverlening verkennen wij de conclusies uit het recente VNG-onderzoek naar het ‘Landschap van Ondernemersdienstverlening’ (januari 2023). Wij gaan met de aanbevelingen aan de slag voor het verbeteren van de dienstverlening in de Kop van de Veluwe. Dit doen we in samenspraak met de ondernemers.

Uitwerking Om bovenstaande opgaven te realiseren, ondernemen we in de periode 2024-2028 de volgende activiteiten: • We stimuleren het organiserend vermogen van onder nemers op bedrijventerreinen door het introduceren van parkmanagement en het aanstellen van een park manager. Daarbij werken we samen met provincie Gelderland. • We maken een Regionaal Programma Werklocaties (RPW) voor de Kop van de Veluwe, waarin we toekomstige vraag en aanbod van bedrijfsruimte in beeld brenggen en op elkaar laten aansluiten. • We werken samen met ondernemers en parkmanagers aan het organiseren van smart energy hubs op bedrij venterreinen. Daarbij putten we onder meer uit ervarin gen met projecten die in de regio al zijn gerealiseerd. • We stimuleren en faciliteren bedrijven bij hun route richting duurzaam en innovatief ondernemerschap. • We organiseren een continue samenwerking tusse winkeliersverenigingen en lokale VVV’s om informatie te delen en nieuwe producten te ontwikkelen. • We ondersteunen agrarische ondernemers, op basis van maatwerk, bij de invulling van hun economisch toekomstperspectief. • We organiseren jaarlijks een netwerkevent voor de 4 O’s in de Kop van de Veluwe om deze organisaties met elkaar te verbinden.

• We verbeteren onze ondernemersdienstverlening aan de hand van de aanbevelingen uit het VNG-rapport ‘Landschap van Ondernemersdienstverlening’ en de samenwerking in de Regio Zwolle.

35

4.3. Recreatie De aantrekkingskracht van onze regio danken wij voor een groot deel aan de Veluwse natuurwaarden in ons gebied. In feite liggen onze dorpen en steden in of aan de rand van dit unieke natuurgebied. Behalve de Veluwe zijn ook het Randmeergebied en de IJsselvallei aantrekkelijk om te recreëren. Ook zijn er in ons gebied twee karakteristieke Hanzesteden, te weten Elburg en Hattem. Bewoners en bezoekers genieten van deze gebieden door hier te fietsen, te wandelen en diverse andere vormen van ontspanning te zoeken. We beseffen onze verantwoordelijkheid: een goede balans houden tussen gebruik en beheer van de kwetsbare natuurgebieden. Hiervoor zetten we in op een zo goed mogelijke spreiding van de recreatiedruk. We werken daarom mee aan het gebiedsprogramma Veluwe-op-1 en dragen bij aan het Masterplan IJsselvallei. In deze agenda richten wij ons vooral op recreatie. Dit vanuit het besef dat tachtig procent van het recreatieve gebruik van de natuurgebieden gerelateerd is aan bewoners; toeristen zijn goed voor de overige twintig procent. Het goed organiseren van recreatie is van vitaal belang voor ons gebied. We beseffen dat de verstedelijkingsdruk binnen Regio Zwolle automatisch leidt tot intensiever gebruik van onze recreatiegebieden. Dit vraagt extra aandacht voor het landelijk gebied.

Door recreatie te spreiden, willen we mensen bewegen vaker het landelijk gebied op te zoeken. Daarmee ontzien we de kwetsbare Veluwse natuur en wordt tegelijkertijd het landelijk gebied een nieuw economisch perspectief geboden. Binnen het gebiedsprogramma Veluwe-op-1 is de VeluweAgenda 2030 leidend. In 2022 is het masterplan Veluwse Belevingsgebieden vastgesteld. Door beleving van een gebied centraal te stellen (vanuit soms nog onderbelichte thema’s), is de doelstelling meer variatie in beleving en recreatie aan te bieden op en rondom de Veluwe. Dit moet de beoogde spreiding van recreanten en toeristen bevorderen. Aanvullend op de provinciale recreatiezonering, is er door Veluwe-op-1 aandacht voor bestemmingsmanagement in bredere zin. Dat gebeurt langs lijnen van Ontvangstlocaties, Routes en Beleving.

Ontvangstlocaties Voor dit thema leggen wij een verbinding tussen de Leidraad Veluwse Ontvangstlocaties van Veluwe-op-1 en ons bereikbaarheidsprogramma. Hierin zetten we in op versterking van hubs. Deze zijn strategisch gelegen aan de randen van de natuurgebieden. Hier ontvangen we bezoekers en bieden we ze een slimme routestructuur aan. Hubs bieden bezoekers mogelijkheden om eenvoudig over te stappen van de auto naar de fiets of een ander duurzaam vervoermiddel. Hubs stimuleren het gebruik van het openbaar vervoer. Nunspeet heeft een goed bekend Transferium waar forse investeringen plaatsvinden voor onder andere de Poort van de Veluwe. Voor station Wezep zijn er plannen om een hub te ontwikkelen, onder andere als ontvangstlocatie voor recreanten. Hub ’t Harde kan deze functie ook krijgen, als we de investeringen in dit gebied kunnen realiseren. Langs de A50, bij Heerde, onderzoeken we eveneens de haalbaarheid van een Veluwse ontvangstlocatie.

Beleving Naast het aanbieden van ontvangstlocaties en routes, is de juiste beleving voor de recreant belangrijk. Wij zien waarde in de verhaallijnen die in 2022 zijn opgesteld in het Masterplan Belevingsgebieden[³]. Van de tien verhaallijnen spelen er vijf binnen de Kop van de Veluwe. Vaak lopen zij over in andere regio’s op de Veluwe. Deze verhaallijnen zijn: » Ambachtelijke Veluwe Oogsten, verwerken en genieten: Een belevingsgebied dat plekken aaneenrijgt waar op ambachtelijke wijze agrarische producten worden verwerkt. » Veluwse kust Van cultuurhistorie tot watersport en natte natuur. » Veluwse Natuurgeheimen Natuur die zich pas na enige moeite prijsgeeft. » Veluws Verleden De ontstaansgeschiedenis van de Veluwe. » Veluwe Remembers De Joodse geschiedenis op de noordelijke Veluwe. Bron: Masterplan Belevingsgebieden Veluwe

Routes Om het platteland recreatief aantrekkelijk te maken, is de ontwikkeling nodig van nieuwe recreatieve routes die verbonden zijn met ontvangstlocaties. Voor de ontwikkeling van deze routes maken de samenwerkingspartners gebruik van Routebureau Veluwe. Zij ontwikkelt en beheert in opdracht van gemeenten en terreineigenaren de Veluwebrede routenetwerken voor fietsen, MTB, wandelen en paardrijden.

Masterplan IJsselvallei Het Gelderse deel van het Masterplan IJsselvallei valt onder gebiedsopgave Veluwe-op-1. Het draagt bij aan de noodzakelijke spreiding van bezoekers. Samen met onder meer het Overijsselse deel van de IJssel, onderzoeken we hoe we de recreatieve en toeristische kansen van de IJsselvallei nog beter benutten. Uitgangspunt is het ontwikkelen van het belevingsverhaal van de grote rivieren mede in relatie tot de klimaatverandering. Thema’s die aan bod komen, zijn ruimte voor de rivier, vernatting en verdroging. In “Nederland als waterland” spelen drie grote waterverhalen een rol. De eerste is de overwinning op de Zee, de tweede de Waddenzee. Deze beide waterverhalen zijn recreatief al stevig ontwikkeld. Dit in tegenstelling tot het derde waterverhaal: de grote rivieren. Uit onderzoek is gebleken dat juist de IJsselvallei geschikt is om dit derde waterverhaal beleefbaar te maken. Neemt niet weg dat delen van het Masterplan IJsselvallei al ten uitvoer worden gebracht. De werkwijze van dit plan, dat eveneens gericht is op spreiding van recreatiedruk, kan een voorbeeld zijn voor de Randmeerkusten. Toch zeker in combinatie met de in deze agenda benoemde hubs/ontvangstlocaties aan het spoor en langs de rijkswegen.

[3] https://www.veluweop1.nl/wp-content/uploads/2022/11/Masterplan-Veluwse-Belevingsgebieden-1.pdf

36

37

Speerpunten We zien voor het thema recreatie de volgende speerpunten: • Bij het ontwikkelen van gebiedsopgaves besteden we aandacht aan het thema recreatie, bijvoorbeeld door aantrekkelijke routes en goede ontsluiting van onze natuurgebieden. Hierbij sluiten we aan bij de Veluwe-op-1-aanpak langs de lijnen ontvangstlocaties, routes en belevingsgebieden. • Voor de Randmeren ontwikkelen we een masterplan Veluwse Kust, in samenwerking met de andere gemeenten langs de Randmeren (met name Ermelo, Harderwijk, Zeewolde en Putten). • We richten ons op de vraag wie de gebruikers zijn van het gebied. Meer en meer horen daar ook de steden Zwolle en Kampen bij en op termijn ook de kernen in Flevoland. De bewoners van die gemeenten gaan de natuur en landschappen van de Kop vaker bezoeken. Veluwe-op-1 stelt voor te onderzoeken in hoeverre deze steden en kernen ook kunnen gaan bijdragen aan de opgave die de Kopgemeenten hebben in het kader van het bestemmingsmanagement: versterken en beheren van het uitloopgebied van die aan de Kop grenzende steden.

• Hubs/ontvangstlocaties met daaraan gekoppeld aantrekkelijke recreatieve routes en belevingen spelen een belangrijke rol. Die liggen op de randen van de Veluwe, veelal tussen de recreatieve hoogtepunten van de Kop van de Veluwe. Het zijn daardoor in de toekomst aantrekkelijke aankomstplekken van waaruit recreanten de keuze maken voor bos, heide, rivier of Veluwe kust, Hanzesteden en andere aantrekkelijke vitale dorpskernen. • We verbinden de centra van onze kernen in een samenhangend programma, zodat de kwetsbare natuur wordt beschermd; de veelzijdigheid van ons gebied beter tot uiting komt en bezoekers verleid worden langer te verblijven en meer te besteden in de Kop van de Veluwe (zie opgaven Economie). • We zoeken naar combinatie van functies. We denken onder meer aan de ontwikkeling van multifunctionele landbouw zoals bijvoorbeeld de verbinding tussen landbouw en recreatie of landbouw en landschapsbeheer. Veel agrarische bedrijven ontwikkelen nevenactiviteiten, die voor recreanten interessant zijn. Deze activiteiten versterken de aantrekkingskracht van het landelijk gebied.

4.4. Wonen Het realiseren van woningen is van vitaal belang voor de Kop van de Veluwe. Zo kunnen we noodzakelijke investeringen in het gebied doen om de leefbaarheid te versterken, de bereikbaarheid te verbeteren en het voorzieningenniveau op orde te houden. Vanuit de Gebiedsverkenning 2022 weten we dat we de groei van de bevolking en daarmee ook groei van het aantal woningen goed kunnen opvangen, tot aan 2030. We verwachten dit ook te kunnen voor de periode tot 2050. Dit kan binnenstedelijk, zoals Nunspeet nu voorbereidt nabij het station en Hattem in ’t Veen realiseert. Het kan ook in het buitengebied op boerenerven. Ook compacter en hoger bouwen biedt kansen voor uitbreiding van het aantal woningen. Bruto aantallen

Waarvan

woningen

sleutelprojecten

tot 2030 Nunspeet

1380

• Feitenhof

500

• ’t Hul Noord

600

Elburg

764 225

• Horstkamp Oldebroek

994

• Centrum

100

• OW3

200

Hattem

1134

• ’t Veen

640

• WZC Geldersedijk

120

Heerde

1010

• Uitbreiding Wapenveld

Doelen We hebben een viertal doelen geformuleerd: 1.  Voor iedereen een passende woning realiseren. 2.  Onze bijdrage leveren aan de landelijke doelstelling van versnelling van de woningbouwproductie. 3.  Woningbouw inzetten als hefboom voor investeringen in onze leefomgeving. 4.   Plannen voor de korte termijn (tot aan 2030) doorvertalen naar opgaven voor de langere termijn (tot aan 2050). Daar mee blijven we in lijn met de verstedelijkingsstrategie Regio Zwolle.

190

en Heerde • Centrum Heerde,

165

Veessen, Wapenveld Totalen Kop van de Veluwe

Toch zullen we voor de periode na 2030 ook moeten zoeken naar geschikte uitbreidingslocaties om te voldoen aan de vraag naar nieuwe woningen. De gemeenten in de Kop van de Veluwe hebben met provincie Gelderland in twee woondeals een gezamenlijke opgave van ruim 5000 woningen geformuleerd. Dit zijn de woondeal Noord-Veluwe en de woondeal Stedendriehoek. De woondeals zijn voor de periode tot en met 2030 afgewogen sets van afspraken tussen gemeenten, Provincie, Rijk, corporaties en marktpartijen. Een belangrijk deel van de opgave bestaat uit betaalbare woningen. De woondeals op de Noord-Veluwe en in de Stedendriehoek zijn voor de Kop van de Veluwe leidend. Hierin zijn per deal afspraken gemaakt over aantallen en woningcategorieën en zijn sleutelprojecten benoemd. In de woondeals is aandacht voor kritische succesfactoren die met name voor de Veluwe gelden, zoals de stikstofproblematiek, energieproblematiek (lees: netwerkcongestie), de bereikbaarheid van locaties, aandacht voor onrendabele toppen en de capaciteit en kennis om projecten daadwerkelijk te realiseren. Vanuit de woondeals zijn gemeenten volop actief oplossingsrichtingen voor knelpunten te vinden zodat de gewenste versnelling in bouwen ook te realiseren valt.

5282

2740

Tabel: aantallen (bruto) woningen te bouwen tot 2030 (bron: woondeals met provincie Gelderland)

38

39

Opgaven In het verlengde van de algemene doelen uit hoofdstuk 1: • We treden meer op als Kop van de Veluwe en pakken op regioniveau verstedelijkingsopgaven integraal op. We onderzoeken samen en werken dit op passende wijze uit. Dit is voor de Kop dè manier om een volwaardige gesprekspartner te zijn van de stad Zwolle. • Extra woningen toevoegen na 2030 vereist aanpassingen van het onderliggend wegennet. In hoofdstuk 6 komt dit nader aan bod bij de uitwerking van de gebiedsopgaven. • We brengen een balans aan tussen de woondeals van provincie Gelderland en de verstedelijkingsstrategie van Regio Zwolle. De woondeals gaan over de woonopgaven op korte termijn (2030) en de verstedelijkingsstrategie over integrale opgaven voor de lange termijn (2050). • Kwaliteit van leven (brede welvaart) staat ook bij wonen centraal. Als Kop van de Veluwe trekken we samen meer op als het gaat om onderzoek en studie, om zo kosten te delen en gezamenlijk een Kopse kwaliteit te ontwikkelen. Voorzetten hiervan zijn al benoemd in de Gebiedsverkenning 2022. We versterken en behouden onze hoge kwaliteit van leven in een prettige leefomgeving. Een goed ontwikkelde brede welvaart in onze regio staat hierbij voorop. • Daarbij gelden ook voor wonen de sturende principes: inzetten op ruimtelijke kwaliteit, bodem en water sturend en brede welvaart. Hier houden we bij alle projecten rekening mee.

• Binnen de Kop van de Veluwe brengen we samen de woningbouwproductie en programmering met elkaar in balans zodat we naar behoefte voor alle doelgroepen bouwen. Dit in aanvulling op de woondeals en al met een eerste blik gericht op de periode na 2030.

• We pakken gezamenlijk prangende opgaven op. Zoals de groeiende vraag naar woningen voor bijvoorbeeld statushouders, uitstroom vanuit instellingen en andere personen die met spoed een woning zoeken. Dit doen we binnen de Kop en als het nuttig is met buurgemeenten in de Noord-Veluwe. Denk hierbij aan het programma ‘een thuis voor iedereen’ (richt zich op het huisvesten van een aantal bijzondere doelgroepen -een urgentieregeling voor die doelgroepen is verplicht) waarbij we als regio met elkaar samenwerken. • We realiseren woningen, net als bedrijven en voorzieningen, nabij infrastructuur die goed bereikbaar is per fiets en openbaar vervoer. Zo komt het daily urban system Zwolle optimaal tot zijn recht. Daarbij zien we toe dat we in woonopgaven zoveel mogelijk het STOMP-ontwerpprincipe (CROW) [⁴] volgen. Wonen en werken houden we dicht bij elkaar. Mensen met weinig reistijd houden zo meer tijd over voor hun hobby’s, hun gezinsleven. Of zij zijn in staat bij te dragen aan de samenleving door het verrichten van vrijwilligerswerk of mantelzorg. We investeren daarom in hubs. Ook hiervoor hebben we op termijn meer ontwikkelruimte en flexibiliteit nodig als het gaat om bijvoorbeeld Natura2000 wetgeving. Zie hiervoor Hoofdstuk 3, Natuur en landbouw. • We zoeken naar extra financiële middelen die nodig zijn om te investeren in een hoogwaardige leefomgeving.

We benutten investeringen in woningbouw om de kwaliteit van de natuurwaarden op peil te houden. Tegelijk houden we de impact van extra woningen zo laag mogelijk. • Vaak is wonen het vertrekpunt voor een gebiedsontwikkeling. Investeringen in woningbouw benutten we voor verhoging van de ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid binnen gebieden. Hiervoor is het nodig dat we alle investeringen in beeld brengen en afstemmen. Zie hiervoor de gebiedsopgaven in Hoofdstuk 6.

Uitwerking • We nemen een actieve rol in het opzetten van het programma ‘Vitale kernen’ van Regio Zwolle. We hebben hierop aangedrongen in onze reactie op de Verstedelijkingsstrategie. We zijn daarom bereid hierop te investeren, in de verwachting dat het een belangrijke opgave wordt in het NOVEX-programma Regio Zwolle. • We starten een of enkele pilots voor erfdeling. We hebben dit als pilot benoemd in onze Gebiedsverkenning 2022. Samenwerking tussen gemeenten draagt bij aan het stroomlijnen van vergunningaanvragen. Belangrijke overweging bij erfdelen: erfdeel-projecten zijn niet afhankelijk van nieuwe stroomvoorziening. Nieuwbouwprojecten zijn onzeker vanwege netcongestie. Ook de waterhuishouding is lokaal oplosbaar. • We verdiepen de verkenning naar hoogbouw en compacter bouwen. Het zijn mogelijkheden om te verdichten. We zoeken een stijl die past bij de Kop van de Veluwe. Daarbij houden we rekening met de diversiteit en verscheidenheid van onze kernen. • We beoordelen als Kop van de Veluwe of we de gemeente Heerde en Oldebroek kunnen volgen in het bieden van mogelijkheden van woningsplitsing. We beseffen dat ook deze optie kansen biedt voor het verruimen van het aantal woningen. Ook hierbij proberen we lokaal beleid te harmoniseren en kennis te delen.

• We onderzoeken wat we voor elkaar kunnen betekenen als het gaat om de (sociale) woningbouwopgave. Gemeentegrenzen bestaan binnen de woningmarkt nu eenmaal in veel gevallen niet. We bekijken mogelijkheden en onmogelijkheden van verevening, waarbij de ene gemeente een deel van sociale woningbouw opvangt voor de andere. De voor- en nadelen om op dit vlak meer samen op te trekken brengen we in beeld. • De samenwerking in de Kop van de Veluwe zetten we met name in om mogelijke oplossingen voor woningbouwproductie na 2030 in beeld te krijgen. We stemmen met regelmaat de regionale verstedelijkingsopgave in de Kop af en beoordelen waar verstedelijking plaatsvinden kan. • Programmering en woningbouwproductie stemmen we op elkaar af in aantallen, typologie en tijd. We onderzoeken of we op termijn meer samen kunnen doen. Dit doen we ter aanvulling op de gesloten woondeals (2030 en verder). • We onderzoeken of het gezamenlijk oppakken van woningbehoeftenonderzoeken lonend kan zijn. Vanuit een gezamenlijk overzicht kan op voorhand veel gerichter gewerkt worden aan toekomstige programma’s wonen.

[4] Stap 1 S Stappen-voetganger; Stap 2 T Trappen-fietser; Stap 3 O-Openbaar vervoer; Stap 4 M-Mobility as a Service; Stap 5 P- Privéauto

40

41

Intermezzo: Duurzaam bouwen We zitten in ons land gevangen in een bijzondere klem die stikstofreductie heet. Bedoeld om te komen tot herstel van natuurwaarden. Echter, deze klem stopt ook diverse plannen die bijdragen aan duurzaamheid en reductie van emissies en daarmee ook aan natuurherstel. Veel bedrijven willen verduurzamen. Bedrijven in de Kop van de Veluwe investeren fors in de opwekking van duurzame energie. Om deze te kunnen gebruiken, zijn ze afhankelijk van energievoorzieningen. Die kunnen vaak niet gerealiseerd worden door netcongestie: de vraag naar transport van elektriciteit (zowel bij de aanbieder als de afnemer) is groter dan de transportcapaciteit van het net. Uitbreiding van de transportcapaciteit van energie kan niet meteen worden gerealiseerd als gevolg van de door de Rijksoverheid genomen stikstofmaatregelen. Zo kunnen onderstations in Harderwijk en Hattem niet worden uitgebreid vanwege de uitstoot van stikstof bij de bouw ervan. Een voorbeeld van de klem waarin we vastzitten. De vraag is wie opent deze en komt met oplossingen? Wij denken dat we als regio een stap kunnen zetten in de goede richting. In de stikstofaanpak wordt tot op heden een vorm van ‘micromanagement’ gehanteerd. Voor de realisatie van een bouwproject wordt stikstofruimte gewonnen, vaak door de rechten van een agrarisch bedrijf te kopen dat haar activiteiten stopt.

Dit leidt de afgelopen tijd tot een ongewenste ontwikkeling. Rechten van boeren op de Veluwe worden benut om projecten buiten onze regio alsnog te realiseren (rijkswegen, vliegvelden). Gemeentelijke bestuurders geven er de voorkeur aan zelf de regie te houden over het beheer van stikstofrechten.

Biobased materialen De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening wil het bouwen met biobased materialen stimuleren. Hoe precies, is nog niet bekend. Wel heeft het ministerie een subsidie van 1,8 miljoen euro uitgetrokken voor Building Balance[⁵]. Vanaf januari 2024 start de overheid met dit programma waarbij op dertien plekken verschillende biobased grondstoffen worden verbouwd en verwerkt tot bouwmaterialen. Hiermee onderzoeken de betrokkenen (agrarische sector, de industrie en de bouw) de mogelijkheden voor regionale ketens en wordt onderzocht hoe de teelt van de grondstoffen en verwerking zo goed mogelijk is uit te voeren. Houtbouw is een voor de hand liggende kans. Meer gebruik van hout bij de bouw van huizen en andere gebouwen is een reële optie, die goed past bij het karakter van de gemeenten rondom de Veluwe. Een combinatie met gewassen als vlas en hennep levert een natuurlijk concept op. Op diverse locaties in het land wordt met boeren ingezet op kweek van deze gewassen, zodat er een natuurlijke aanwas komt van materialen die gebruikt kunnen worden voor de bouw en isolatie van woningen. Wellicht liggen hier kansen voor boeren in ons gebied. Circulair bouwen Een aantal bedrijven in de Kop van de Veluwe kan met recht koploper circulair bouwen worden genoemd. Zij kunnen gemeenten helpen stappen te zetten naar een andere manier van bouwen.

Een die past bij nieuwe eisen die hogere overheden stellen. Door realisatie van een Kenniscentrum Circulair Bouwen kan de Kop van de Veluwe een belangrijke positie innemen op dit onderwerp. Zowel binnen Regio Zwolle als de rest van Oost-Nederland. De betrokken bedrijven tonen aan dat hun wijze van bouwen bijdraagt aan het reduceren van emissie. Een andere manier voor het reduceren van emissie, is de inzet van emissieloos materieel tijdens de bouw. De komende jaren werken partijen uit overheid en de bouwsector aan schoon en emissieloos bouwen. Hiervoor hebben ze het programma De Groene Koers ontwikkeld. Als gemeenten zich hieraan verbinden, durven bedrijven sneller en vaker te investeren in emissieloos materieel. Grote steden werken al aan deze aanpak; kleinere gemeenten kunnen er ook op inzetten. In Nunspeet wordt een project emissieloos gerealiseerd. Ook Defensie investeert hierin, onder andere op de Tonnet kazerne in ’t Harde.

Wij werken liever toe naar een gebiedsgerichte aanpak, waar we zelf aan meewerken. Hierin maken we afspraken tussen regio, provincie en wellicht ook het Rijk. In deze aanpak benoemen we zelf maatregelen die we nemen om reductie van emissie te realiseren. In ruil hiervoor vragen we ruimte voor het bouwen van met name die voorzieningen die uiteindelijk bijdragen aan een beter klimaat. En die nauwelijks of geen uitstoot veroorzaken. Wellicht biedt dit perspectief voor het vlottrekken van het probleem en het creëren van ruimte voor de bouw van woningen. We zien de volgende kansen:

⁵ Het programma Building Balance heeft als doel de teelt en het gebruik van biobased materialen in de bouw te versnellen en op te schalen. De ambitie is om een landelijk transitieprogramma te ontwikkelen met sterk regionaal georiënteerde fieldlabs

42

43

HOOFDSTUK 5

5. Netwerken 5.1. Bereikbaarheid Een goede bereikbaarheid is belangrijk voor het behouden en zo mogelijk verbeteren van de brede welvaart. Om werk, school, winkel, theater, sportclub, horeca of zorginstellingen te kunnen bereiken, zijn goede verbindingen nodig. Ten behoeve van een beter milieu zet deze agenda in op een zo duurzaam mogelijk functionerend mobiliteitssysteem. Doelen 1.  Goede bereikbaarheid, zowel voor onze inwoners, ondernemers, werknemers als voor bezoekers van onze regio. 2.  De druk op de rijkswegen verminderen en tegelijk aandacht blijven vragen voor doorstroming van het verkeer. 3.  Het gebruik van het openbaar vervoer stimuleren, vooral door woningbouw zo dicht mogelijk bij bus- en treinstations te organiseren (woon-werk en woon-studie verkeer). 4.  Gebruik van de fiets aantrekkelijker maken door het beter en slimmer verbinden van opstappunten. 5.  De groei van het autoverkeer afremmen door zowel bewoners als bezoekers goede alternatieven aan te bieden. 6.   Verkeersveiligheid verbeteren, vooral op de binnenwegen. 7.  Tegengaan van sluipverkeer. Opgaven 1.     Daily Urban System Als Kop van de Veluwe zijn we onderdeel van het Daily Urban System van Zwolle. Daardoor is er veel interactie tussen de Kop van de Veluwe en de rest van Regio Zwolle.

Ons mobiliteitssysteem dient vooral een goede bereikbaarheid van ons gebied te bevorderen, maar wel aansluitend op de ontwikkelingen in Regio Zwolle. Voor de bereikbaarheid van Zwolle heeft de regio in de verstedelijkingsstrategie een regionale mobiliteitsstrategie opgesteld, waarbij het doel benoemd is: ‘de bereikbaarheid van huidige en toekomstige economische toplocaties behouden op zowel regionaal en nationaal niveau, in combinatie met een goed functionerend daily urban system.’ De nadruk ligt op het verbeteren van bereikbaarheid met openbaar vervoer en fiets. Het realiseren van nieuwe wegen of het verbreden van wegen voor een betere doorstroming van autoverkeer ligt niet voor de hand. Naast verkeer rich-

ting Zwolle hebben we ook te maken met verkeer richting Apeldoorn, Harderwijk en Amersfoort. Om die reden blijven we investeren in de corridor-aanpakken die ook binnen Regio Zwolle een belangrijke pijler zijn in het bereikbaarheidsbeleid. Met het programma Noord-Veluwe Bereikbaar werken we samen met alle Gelderse gemeenten langs de A28 aan een mobiliteitsaanpak die bedoeld is het verkeer op de A28 te ontlasten. We zetten in op een corridoraanpak A50, voor het traject Zwolle-Apeldoorn. Ook hier investeren we in diverse vormen van vervoer. 2.     Minder auto, meer fiets en openbaar vervoer Om als Kop ruimte te hebben voor meer inwoners en arbeidsplaatsen, zonder dat de automobiliteit evenredig meegroeit, zetten we in op drie thema’s: a)  Het verkorten van de afstand tussen wonen en werken. Dit beperkt niet alleen de verplaatsingsafstand, maar zorgt er ook voor dat meer forensenverplaatsingen binnen het bereik van de (elektrische) fiets komen. b) Het stimuleren van het gebruik van duurzame vervoermiddelen, met name het openbaar vervoer en de fiets. c) Het stimuleren om een deel van de verplaatsing niet met de eigen auto af te leggen, maar met duurzame vervoermid delen. a.     Verminderen verplaatsingsafstand Ons gebied kenmerkt zich door een significant grotere beroepsbevolking dan het aantal arbeidsplaatsen. Dat veroorzaakt veel forensenverkeer.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13616312/1