AP 13 Zienswijzennota bestemmingsplan Weversweg fase 2 geanonimiseerd
Tekst van het document
Integrale Ruimtelijke Toekomstvisie Nunspeet (2003). Ook uit dit doeument blijkt dat het volledige plangebied (zowel fase 1 als ook fase 2) al langer in beeld was voor woningbouw.
23
Op onderstaande afbeelding welke afkomstig is uit de Integrale Ruimtelijke Toekomstvisie zijn de contouren
van het plangebied
(zowel Weversweg fase 1 als ook Weversweg
Nunspeet
fase 2) duidelijk
zichtbaar.
Hulshorst
inbreiding / utbreiding
In de Integrale Ruimtelijke Toekomstvisie Nunspeet wordt uitgegaan van de bouw van 40 woningen in het plangebied n de periode 2003 tot en met 2015. In de praktijk is gebleken dat hiermee nog niet voldaan kon worden aan de woningbehoefte, vandaar dat dit aantal in de eerste fase is verhoogd naar 60 woningen. Het totale plangebied is groot genoeg om te voorzien in de bouw van ongeveer 100 woningen.
De
afbeelding
laat evenwel
duidelijk zien
dat het totale
plangebied
in beeld
was
voor
ontwikkeling ten behoeve van woningbouw. Nu blijkt dat met de bouw van 60 woningen niet voldaan kan worden aan de aanwezige woningbouwbehoefte wordt de overige capaciteit n het plangebied voor een deel benut. Het gaat hierbij om 60 woningen in fase 1 + 37 woningen in fase 2. In totaal gaat het om 97 woningen. Dit is nog steeds passend binnen de plancapaciteit van het plangebied.
Op het moment van de ontwikkeling/realisatie van Weversweg fase 1 was (intern) echter niet duidelijk of Weversweg fase 2 ooït gerealiseerd zou worden. De woningbehoefte was op dat moment anders dan in de huidige periode. Integrale Ruimtelijke Toekomstvisie Nunspeet (2003) Indiener stelt dat er geen
behoefte
is aan
seniorenwoningen.
Deze veronderstelling
is onjuist. Zoals
reeds onder ad3 toegelicht blijkt uit het Woonbehoefteonderzoek dat n opdracht van de gemeente Nunspeet door Atrivé is uitgevoerd dat er juist behoefte is aan woningen voor (vitale) ouderen. Dit beeld wordt tevens bevestigd door de in juli 2022 uitgezette enquête m.b.t. de aanwezige woonbehoefte onder de inwoners van Hulshorst. Van de 253 respondenten geeft 20% aan op zoek te zijn naar een seniorenwoning/levensloopbestendige woning met slaap/badkamer op de begane grond.
De beoogde woningtypologieën welke zijn opgenomen bij de aanwezige woningbehoefte.
in voorliggend plan sluiten daarmee goed aan
Ad5
Indiener
plaatst
kanttekeningen
bij de
locatiekeuze
en
is van
oordeel
dat
de
locatie
VVE/Groen
plangebied
is reeds
onder
Hulshorst geschikter was. De vraag waarom
de Gemeente
heeft gekozen
voor voorliggend
ad4
beantwoord.
Indiener vraagt waarom er niet is gekozen voor het initiatief van VVE/Groen
Hulshorst. Al in 2010 heeft
het college van burgemeester een negatief besluit genomen over het ingediende principeverzoek van WEIGroen Hulshorst. In 2022 heeft VVE/Groen Hulshorst nogmaals een principeverzoek ingediend waarop wederom een negatief besluit is genomen.
24
De percelen VVE/Groen grond
daarvan
de
Hulshorst vallen in het bestemmingsplan
bestemming
Agrarisch
en de
Buitengebied 2019 en hebben op
dubbelbestemming
Waarde
- Overgangszone.
Op
gronden met de bestemming Agrarisch mogen geen gebouwen worden gebouwd. De voor Waarde Overgangszone aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud, de bescherming en/of het herstel van de natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden zoals deze tot uitdrukking komen in vorm van landgoederen, de bestaande houtwallenstructuur en de doorzichten en zoals deze zijn vastgelegd in paragraaf 3.3.1. in Bijlage 6 bij de toelichting behorend bij het bestemmingsplan
Buitengebied 2019. De gemeenteraad van Nunspeet heeft op 29 november 2018 de Omgevingsvisie vastgesteld. In de Omgevingsvisie is in de ambitie voor de kern Hulshorst gesteld dat het oorspronkelijke agrarisch en open karakter behouden moet worden en waar mogelijk dient te worden versterkt. De plannen voor de bouw van 56 woningen naast Landgoed Groeneveld voldoen hier niet aan en passen niet binnen de
Omgevingsvisie Nunspeet. In de Omgevingsvisie wordt duidelijk gesteld dat de toegankelijkheid en de zichtrelatie met Landgoed Groeneveld verbeterd moet worden. Weversweg
fase
gepositioneerd
2 sluit aan
tussen
de
op
het bestaande
Harderwijkerweg,
de
deel
van
Klarenweg
de woonwijk
Weversweg
en het Molenpad.
De
fase
locatie kan
1 en
is
gezien
worden als inbreidingslocatie aan het bebouwingslint in Hulshorst. Het bebouwingsgebied sluit aan op de kern
van
Hulshorst.
Met verzoeken om woningbouw in het buitengebied wordt terughoudend omgegaan. Reden is om het agrarische karakter van het buitengebied te behouden. Wanneer sprake s van functieverandering, kan medewerking worden verleend aan kleinschalige woningbouw: En zelfs bij
functieverandering is in het nieuwe functieveranderingsbeleid vastgesteld dat bij sloop van agrarische opstallen er geen woningen worden teruggebouwd ten noorden van de Harderwijkerweg, omdat een verdere vermenging van agrarische functies en woonfuncties daar ongewenst is. Voorliggend plangebied sluit hier perfect op aan. Het noordelijk weidegebied wordt gekenmerkt door diverse agrarische bedrijven. Het beperken van deze
bedrijven op deze locatie is uiterst onwenselijk. Uit het initiatief van VVE/Groen Hulshorst is onvoldoende naar voren gekomen hoe omgegaan wordt met deze agrarische bedrijven en of deze bedrijven niet beperkt worden in hun bedrijfsactiviteiten. Stedenbouwkundig gezien wordt gekeken naar het toevoegen van ruimtelijke kwaliteit bij het instemmen met nieuwe
woningbouwinitiatieven.
Waarbij
het bij Weversweg
fase 2 gaat om
het toevoegen
van
bebouwing tussen bestaande bebouwing en aansluitend op bestaande bebouwing, gaat het bij het initiatief van VVE/Groen Hulshorst om het toevoegen van nieuwe bebouwing in een gebied dat wordt gekenmerkt door een agrarische uitstraling waarbij verbinding is met het naastgelegen landgoed. Door het realiseren van nieuwe bebouwing gaan de zichtlijnen met het landgoed verloren, iets dat in strijd is met de Omgevingsvisie. Ad6
Indiener vraagt in het bijzonder aandacht voor paragraaf 2.2. bij de toelichting en dan met name de laatste zin bij Groen en Waterstructuur. Hier staat dat het mogelijk is dat de vrijblijvende gronden later nog worden gebruikt. Hiermee handelt de Gemeente in strijd met beginselen van een goede ruimtelijke ordening. Het kan niet zo zijn dat een bestemming Groen wordt maar dat n een tussenzin mogelijk woningbouw wordt vastgesteld.
De bestemming van het gebied ten zuiden van de Vlakken Eng is en blijft onder het huidige bestemmingsplan “Agrarisch”. Het nieuwe bestemmingsplan maakt op dit deel van het plangebied geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk. Wij achten het wel van belang om in de toelichting bij het bestemmingsplan alvast een doorkijk te geven naar mogelijke toekomstige ontwikkelingen. Deze zinsnede is, net zoals dit in het bestemmingsplan Weversweg — Hulshorst is gedaan, opgenomen om
aan te geven dat woningbouw op dit deel van het plangebied in de toekomst niet is uitgesloten. Wetgeving en rechtspraak staan niet in de weg aan de beschrijving van een dergelijk potentieel toekomstperspectief in de toelichting bij een bestemmingsplan.
25
Ad7
Indiener is van mening dat er geen goede ruimtelijke onderbouwing bestaat om één van laatste groene
open gebieden binnen de kern van Hulshorst te bebouwen. Zoals reeds onder ad4 aangegeven is het plangebied
zowel
in de
Woonvisie
als
ook
in
het
Landschappelijk ontwikkelingsplan uit 2005 benoemd. Er zijn in en rondom de kern van Hulshorst nog diverse open, groene gebieden die behouden blijven. Denk bijvoorbeeld aan de Hulshorster Enk, de weilanden rondom landgoed Groeneveld en het landeijk gebied ten noorden van de Harderwijkerweg. Wij volgen dus niet het standpunt van indiener dat een goede ruimtelijke onderbouwing ontbreekt.
Voor zover indiener aanvoert dat de noodzaak voor woningbouw ontbreekt en dat de locatie VVE/Groen Hulshorst passender was, merken wij het volgende op. Zoals reeds onder ad5 is aangegeven is het initiatief van VVE/Groen Hulshorst veel punten strijdig met het gemeentelijk- en regionale beleid. Het college van burgemeester en wethouders heeft daarom zowel
in 2010 als ook in 2022 besloten geen medewerking te willen verlenen aan het initiatief. Ten aanzien van de noodzaak wijzen wij op de opmerkingen over de ladder voor duurzame verstedelijking (ad3). Indiener meent dat het plan niet past bij de ruimtelijke uitstraling van Hulshorst. Wij volgen hierin niet. Fase 2 sluit aan op fase 1, maar met een langere bebouwingsdichtheid dan fase 1
indiener
De belangrijkste punten uit het stedenbouwkundig concept zijn: ° De nieuwe buurt oriënteert zich op de Weversweg. Door in het noordoosten van het gebied de hoogste dichtheid te realiseren en deze naar het zuidwesten te laten aflopen, sluit de bebouwing op logische wijze aan op de kemn.
e
Het dorpse karakter wordt benadrukt door de openheid van de omgeving nadrukkelijk in het plangebied voelbaar te maken. Met name in zuidelijke richting, maar ook in westelijke richting opent de bebouwing zich, waardoor het contact met het landschap vanuit het hart van de buurt tot stand wordt gebracht.
e «
Langelijnen in noord-zuidrichting vormen de dragers van de hoofdstructuur. Deze lijnen hebben soms een landschappelijk karakter en zijn soms van verkeerskundige aard. Korte verbindingen en looproutes in oostelijke richting, richting het dorpshuis en de kerk maken het mogelijk op een natuurlijke manier aan te sluiten op het bestaande stratenpatroon.
Naar aanleiding van de uitgangspunten is een schetsontwerp opgesteld voor Weversweg
Fase 2. Eris
gestreefd naar een ruim opgezette woonbuurt met een groene uitstraling. Dit doet recht aan de dorpse structuur van Hulshorst maar ook aan de langzame overgang naar het groene buitengebied. In het plan is een afwisselend bouwprogramma opgenomen, passend bij de maat en schaal van Hulshorst. Centraal in het plan ligt een sterke groenstructuur die de relatie legt tussen de Harderwijkerweg aan de noordzijde
en
de
bossen
van
de
Veluwe
ten
zuiden
van
het
plangebied.
Tevens
verwijst
deze
groenstructuur naar de houtsingels die hier van oorsprong in de omgeving voorkwamen. Het plan is dan ook passend bij de schaal en grote van Hulshorst en sluit qua inricht goed aan bij de bestaande omgeving. Ad8
Indiener vreest voor verkeersproblematiek en onveilige situaties. Wij merken op dat de wegen in Weversweg fase 1 zijn ingericht overeenkomstig de inrichting horende bij een woonwijk (erftoegangswegen, 30 km/u). De bestaande wegen zijn qua capaciteit toereikend voor het toevoegen van 37 extra woningen; dit wordt bevestigd door de verkeerskundige van de gemeente Nunspeet. De inrichting van de weg (het wegprofiel) zorgt ervoor dat er niet te hard gereden kan worden.
Op het moment dat de weg verbreed wordt kan dit leiden tot een ongewenste toename van het aantal te hard rijdende bewoners. Er zijn ter hoogte
van
de reeds
aanwezige
belemmerende voorzieningen aanwezig. voldoende zicht is op de openbare weg.
speeltuin
en ter hoogte
van
Braambosch
5 snelheid
De zichtlijnen n het nieuwe ontwerp zijn zo gesitueerd dat er
De huidige ontsluiting s toereikend voor het toevoegen van het beoogde aantal woningen. 26
Verder vraagt indiener zich af of de door de Gemeente gestelde parkeernormen kloppen. Indiener stelt
dat de normen niet juist zijn en dat er derhalve onvoldoende parkeermogelijkheden zijn in het gebied. Om aan te tonen dat het plan voorziet in voldoende parkeerruimte, is aangesloten bij de normen zoals opgenomen n de Parkeernota Nunspeet 2014. Deze Parkeernota is ook als bijlage bij de regels van het bestemmingsplan gevoegd. Navolgende tabel geeft een berekening van de toekomstige parkeerbehoefte.
[Type woning
geoogd
_
[Parkeernorm
Benodigd aantal parkeerplaatsen
24
144
|aantal
[Twee-ondereen-kapwoning
|6
|Rijwoning
|21
22
|46,2
[Sociale huurwoning
10
18
18
[Totaal Navolgende
178,6 tabel toont het aantal
parkeerplaatsen
waarin
het plan voorziet.
Deze
parkeerplaatsen
worden zoveel mogelijk geclusterd n parkeerkoffers. Bij drie van de vier de hoekwoningen van de starterswoningen en bij de twee-onder-&én-kap woningen is ruimte voor parkeren op eigen terrein.
|Type parkeerplaats
Beoogd aantal
[Parkeernorm
|Regulier
|67
H
|Langeoprit metgarage
|9
13
ITotaal aantal |parkeerplaatsen
|67
147
[Totaal
1787
Het aandeel “bezoeker’ van 0,3 parkeerplaats is ook opgenomen en meegenomen
in de berekening
van het benodigde aantal parkeerplaatsen. Het bezoekersaandeel is onderdeel van de parkeernorm per
woning.
Koop, vrijstaand
2
3
Koop, twee-onder-een-kap
24
0,3
Koop, tussen/hoek Koop, etage, duur Koop, etage, midden
22 23 21
0,3 0,3 0,3
Koop, etage, goedkoop
18
0,3
Huurhuis, vrije sector
22
0,3
Huurhuis, sociale huur
18
0,3
Huur, etage, duur
21
0,3
Kamerverhuur,
zelfstandig |0,7
02
Kamerverhuur,
studenten, | 0,3
0,2
Aanleunwoning en serviceflat | 1,3
0,3
Huur,
goedkoop
etage,
(niet studenten)
niet zelfstandig
midden | 1,6
Zoals reeds aangegeven zijn de bestaande wegen in Weversweg fase 1 (Braambosch en Vlakken Eng richting de Harderwijkerweg) qua capaciteit toereikend voor het toevoegen van 37 extra woningen in het plangebied.
27
Navolgende tabel toont een indicatie van het totaal aantal verkeersbewegingen in de toekomstige situatie. Omdat in de huidige situatie geen verkeersaantrekkende functies in het plangebied gevestigd
zijn, betreft navolgende tabel tevens de totale toename aan verkeersbewegingen, gemiddeld per dag. Er is uitgegaan van 'Niet stedelijk! gebied met ligging in 'Rest bebouwde kom'. Type woning
Aantal
|Maximaal aantal verkeersbewegingen
|Totaal
Koop, twee-onder-een-kap
|6
82
49,2
Koop, tussenhoek
21
78
1638
Sociale huur
10
6
60 273
Naast de focus op gemotoriseerd verkeer wordt ook aandacht besteed aan voetpaden en verbindingen voor
langzaam
verkeer
binnen
het
plangebied.
Dit draagt
bij aan
een
evenwichtige
verdeling
van
verkeersstromen
In het ontwerp van Weversweg fase 2 is ook een extra ontsluiting ingetekend voor langzaam verkeer (fiets- en voetgangers) richting het Molenpad. Hiermee worden de verkeersstromen in het plangebied nog beter gescheiden. Ook is er vanuit Weversweg fase 1 reeds een doorgang voor langzaam verkeer richting de kern van Hulshorst.
De aanwezigheid van meerdere ontsluitingen voor langzaam verkeer geeft aan dat er alternatieve routes beschikbaar zijn voor deze verkeersdeelnemers, waardoor de verkeersdruk op specifieke wegen in het plangebied niet onevenredig toeneemt. Binnen
het
plangebied
worden
erftoegangswegen
opgenomen,
die
vooral
bedoeld
bestemmingsverkeer. Dit draagt bij aan het minimaliseren van de impact op doorgaand benadrukt het type van de bestaande wegen voor hun specifieke functie. Wij merken dan ook op dat de bestaande wegen
voldoende
capaciteit hebben om
zijn
voor
verkeer en
de toegenomen
verkeersgeneratie als gevolg van het nieuwe project te accommoderen. Het gebruik van meerdere wegen, erftoegangswegen en aandacht voor verschillende verkeersstromen draagt biij aan een
evenwichtige verkeersstructuur binnen het plangebied. In dat wat de indiener heeft aangevoerd bestemmingsplan niet kunnen vaststellen
zien wij geen
aanleiding
om
te concluderen
dat we
het
Ad9
Indiener plaatst kritische kanttekeningen bij het uitgevoerde stikstofonderzoek. Wij merken daarover het volgende op. Voor het stikstofdepositieonderzoek voor dit bestemmingsplan is voor de aanlegfase gebruik gemaakt van (emissie)kengetallen. De in het onderzoek gehanteerde kengetallen zijn afgeleid van gedetailleerde gegevens
van
de
werkelijke
inzet
van
mobiele
werktuigen
en
vrachtverkeer
bij enkele
tientallen
woningbouwprojecten. Inbegrepen bij de kengetallen is het bouwrijp maken van het terrein, de aanleg van kabels en leidingen, het bouwen van de woningen en de aanleg van het openbaar gebied (bestrating, groen, etc.). Dit staat ook zo beschreven in bijlage | van het rapport (zie bijlage 9 bij de toelichting bij het vastgestelde bestemmingsplan). Verder is van het opruimen van de bestaande situatie (sloop) hier geen sprake. Overigens wordt een update van het rapport bij het vast te stellen bestemmingsplan
gevoegd,
aangezien
er recentelijk
een
nieuwe
versie
van
AERIUS-Calculator
is
uitgekomen. De conclusies van de update zijn overigens niet anders dan in het rapport zoals bij het ontwerpbestemmingsplan gevoegd. Ad10
Volgens indiener staan beschermde diersoorten (steenuil en kerkuil) in de weg aan de tenuitvoerlegging van dit bestemmingsplan. De mogelijke gevolgen van het plan ten aanzien van
28
soortenbescherming zijn getoetst in de Quickscan Wet natuurbescherming. De Quickscan is als bijlage 8 bij de toelichting van het vastgestelde bestemmingsplan gevoegd
In de omgeving van het plangebied is een nestplaats van de steenuil vastgesteld. Om effecten zoveel mogelijk te voorkomen zijn mitigerende en/of compenserende maatregelen nodig. Deze zijn uitgewerkt in een activiteitenplan welke is ingediend bij het aanvragen van een ontheffing. Dit activiteitenplan is voorzien van een onderbouwing met betrekking tot het ontbreken van alternatieven en dat het plan een in de wet genoemd belang dient. Als het bevoegd gezag akkoord gaat hiermee, verleent deze de
ontheffing. Er is gezien het onderzoek geen reden om aan te nemen dat, indien de te treffen maatregelen worden genomen, de ontheffing niet verkregen zou kunnen worden. Gelet op het voorgaande is het plan uitvoerbaar met betrekking tot soortenbescherming. Indiener merkt verder op dat ook vleermuizen en meikevers zijn waargenomen. Wij merken op dat er naar deze diersoorten ook onderzoek is verricht. In de door Tauw uitgevoerde
Quickscan Ecologie is het volgende opgenomen over vleermuizen: '3.6.3.1 Verblijfplaatsen In het plangebied zijn geen gebouwen of bomen aanwezig. Daarnaast zijn geen geschikte verblijfplaatsen voor vleermuizen aangetroffen in de bomen aan de rand van het plangebied.
De
beoogde ontwikkeling vindt niet plaats nabij geschikte verblifplaatsen van vleermuizen. De werkzaamheden leiden niet tot het verstoren en/of vernietigen van verblijfplaatsen van vleermuizen of het doden van dieren (overtreding Wnb, artikel 3.5 lid 1, 2 en 4). Een nader vleermuisonderzoek en het aanvragen van een ontheffing Wnb zijn niet nodig. 3.6.3.2 Foerageergebieden
Foerageergebieden van vleermuizen zijn onder andere groen- of waterstructuren zoals struweel, bomenrijen, andere opgaande begroeiing en watergangen. De bomen, heggen en struweel aan de rand van het plangebied kunnen gebruikt worden als foerageergebied voor vleermuizen. Deze foerageergebieden zijn mogelijk essentieel voor het behoud van lokale vleermuispopulaties. Omdat deze elementen niet worden aangetast door de werkzaamheden zijn effecten op essentiële foerageergebieden uitgesloten. Daarnaast bieden de tuinen en het buitengebied nog genoeg
alternatief foerageergebied voor vleermuizen om te foerageren. De werkzaamheden Ieiden niet tot het aantasten van essentieel foerageergebied. Nader onderzoek en het aanvragen van een ontheffing Wnb zijn niet nodig. 3.6.3.3 Vliegroutes Vliegroutes worden gevormd door lijnvormige elementen zoals bomenrijen, randen van bebouwing en
watergangen. In het plangebied zijn dergelijke lijnvormige elementen in de vorm van bomenlanen, watergangen, gebouwen en kunstwerken niet aanwezig. Effecten op essentiële vliegroutes zijn uitgesloten. Een nader onderzoek naar vliegroutes is niet nodig. Het aanvragen van een ontheffing in het kader van de Wnb is ook niet nodig.” Er zijn geen beschermde functies zoals verblijfplaatsen, vliegroutes, foerageergebieden in het
plangebied of aangrenzend aan het plangebied vastgesteld. De ontwikkeling heeft daarom geen invloed op eventuele aanwezige vleermuizen in de rest van het gebied. De meikever is niet beschermd via de Wnb, maar in het kader van de zorgplicht is het niet toegestaan meikevers opzettelijk te doden.
Indien er meikevers worden aangetroffen voorafgaande aan de start van bouwwerkzaamheden dienen er conform de zorgplicht maatregelen genomen te worden om schadelijke gevolgen (zoveel mogelijk) te voorkomen. De zorgplicht geldt niet alleen voor de meikever, maar voor alle in het wild levend dieren Er wordt voor de start van de bouwwerkzaamheden een ecologisch werkprotocol opgesteld waarin de zorgplicht en de te nemen maatregelen om aan deze zorgplicht te voldoen worden opgenomen Ad11
De indiener betwijfelt of het bestemmingsplan economisch uitvoerbaar is In hoofdstuk 4.7 van de toelichting is beschreven dat de plankosten worden gedragen door de Gemeente en daarvoor voldoende budget beschikbaar is. Het plan wordt gedekt vanuit de reserve
29
grondexploitaties. Eventuele planschade als gevolg van onderhavig bestemmingsplan komt voor rekening van de Gemeente.
Gelet op het bovenstaande is het bestemmingsplan economisch uitvoerbaar. Conclusie
Verbeelding: Planregels:
_ Geen aanpassingen _ Geen aanpassingen
Toelichting:
_ Geen aanpassingen
30
(geanonimiseerd) Samenvatting Ad1
Indiener geeft aan gezamenlijk (ook namens buren) een zienswijzen ingediend te hebben. Indiener geeft aan bezorgd te zijn over de voorgestelde ontsluiting via de Braambosch vanwege de verwachte grote hoeveelheid verkeersbewegingen die deze wijziging met zich meebrengt. Hij verwacht
dat dit aanzienlijke druk zal leggen op de lokale infrastructuur en de veiligheid van de dorpsbewoners in gevaar kan brengen Ad2
De grootste zorg van indiener betreft het zuidelijke deel van het plangebied tussen de Vlakken Eng en het Molenpad. Dit gebied heeft momenteel een agrarische bestemming, en het behoud van deze
agrarische bestemming is van essentieel belang om de natuurlijke overgang tussen de Enk en het Weversplan te behouden, zoals vastgelegd in eerdere structuurvisies aldus indiener. Indiener geeft aan in de veronderstelling te zijn dat het gebied niet verder ontwikkeld zou worden voor woningbouw, om de natuurlijke schoonheid en ecologische waarde van het gebied te behouden. Ad3
Indiener voert als suggestie aan om de bestemmingsplanwijziging te beperken tot het westelijke deel van de Weversweg en het zuidelijke deel tussen de Vlakken Eng en het Molenpad buiten beschouwing te laten. Hierdoor kan aan de woningbehoefte in het gebied worden voldaan zonder afbreuk te doen aan de natuurlijke en agrarische waarde van het zuidelijke deel. Ad4
Indiener geeft aan een dringend verzoek te doen om deze gezamenlijk ingediende zienswijzen en de aanwezige zorgen serieus te nemen en daarnaast de voorgestelde bestemmingsplanwijzing aan te passen om rekening te houden met de lokale bezorgdheden en de eerder vastgestelde visies met betrekking tot de natuurlijke overgang tussen de Enk en het Weversplan. Reactie AdT
De indiener vreest voor de verkeersgevolgen van het onderhavige bestemmingsplan. Wij merken hierover op dat de wegen in Weversweg fase 1 zijn ingericht overeenkomstig de inrichting horende bij een woonwijk (erftoegangswegen, 30 km/u). De bestaande wegen zijn qua capaciteit toereikend voor het toevoegen van 37 extra woningen, dit wordt bevestigd door de verkeerskundige van
de gemeente Nunspeet. De inrichting van de weg (het wegprofiel) zorgt ervoor dat er niet te hard gereden kan worden. Op het moment dat de weg verbreed wordt kan dit leiden tot een ongewenste toename van het aantal te hard rijdende bewoners. Er zijn ter hoogte van de reeds aanwezige speeltuin en ter hoogte van Braambosch 5 snelheid belemmerende voorzieningen aanwezig. De zichtlijnen n het nieuwe ontwerp zijn zo gesitueerd dat er
voldoende zicht is op de openbare weg. De huidige ontsluiting via de Braambosch op de Harderwijkerweg is toereikend voor het toevoegen van het beoogde aantal woningen. De beoordeling van het bestemmingsplan laat zien dat er geen nadelige verkeersgevolgen door het onderhavige bestemmingsplan worden verwacht. Ad2
De grootste zorg van indiener betreft het zuidelijke deel van het plangebied tussen de Vlakken Eng en het Molenpad. De bestemming van het gebied ten zuiden van de Vlakken Eng is en blijft onder het huidige bestemmingsplan “Agrarisch”. Het nieuwe bestemmingsplan maakt op dit deel van het plangebied geen nieuwe
ontwikkelingen
mogelijk
Wij
achten
het
wel
van
belang
om
in
de
toelichting
biij
het
bestemmingsplan alvast een doorkijk te geven naar mogelijke toekomstige ontwikkelingen. Dit is in de toelichting ook verwoord, net zoals dit in het bestemmingsplan Weversweg — Hulshorst is gedaan. Indiener geeft verder aan dat er in eerdere structuurvisies vastgelegd zou zijn dat het van essentieel belang is om een natuurlijke overgang tussen de Enk en het Weversplan te behouden. 31
Voor het plangebied zijn geen structuurvisies opgesteld. Uit diverse beleidsdocumenten is op te maken
dat het plangebied al langer in beeld is als potentiele woningbouwiocatie. Bijvoorbeeld in het Landschappelijk ontwikkelingsplan uit 2005. Verwezen wordt naar onze reactie ad4 bij de zienswijze met
nummer
4.
Ad3
Indiener voert als suggestie aan om de bestemmingsplanwijziging te beperken tot het westelijke deel
van de Weversweg en het zuidelijke deel tussen de Vlakken Eng en het Molenpad buiten beschouwing te laten. Hierdoor kan aan de woningbehoefte in het gebied worden voldaan zonder afbreuk te doen aan de natuurlijke en agrarische waarde van het zuidelijke deel Zie beantwoording ad2. Ad4
Indiener doet
een dringend verzoek om deze gezamenlijk ingediende zienswijzen en de aanwezige
zorgen serieus te nemen. Vanaf
december
2021 is er een uitgebreid participatietraject doorlopen met direct omwonenden
van het
plangebied, zo ook met indiener. Er hebben meerdere gesprekken plaatsgevonden met direct omwonenden van het plangebied van Weversweg fase 2 waarin is gesproken over voorliggend initiatief. Naar aanleiding van deze gesprekken is het schetsontwerp meerdere malen op diverse aangepast. In onderstaande alinea's wordt het doorlopen participatieproces toegelicht.
punten
In december 2021 is het project Weversweg fase 2 formeel gestart. In deze maand zijn alle omwonenden van het plangebied middels een brief op de hoogte gesteld van de voorgenomen ontwikkelingen, is de projectwebsite gepubliceerd en een persbericht verspreid. In de brief is ook de gelegenheid geboden aan omwonenden om zich aan te melden voor een persoonlijk gesprek.
Tijdens
dit gesprek
konden
bewoners
zich
laten
informeren
over
het
project
maar
ook
aangeven welke kansen of juist zorgen er leefden. Een aantal bewoners van de Vlakken Eng heeft aangegeven gezamenlijk in gesprek te willen gaan met de Gemeente Nunspeet, ditzelfde geldt voor een aantal bewoners van de Klarenweg en het Molenpad. Op
maandag
19 januari 2022
heeft er via MS
Teams
een
digitaal overleg
plaatsgevonden
omwonden van de Vlakken Eng. Tijdens dit gesprek hebben de bewoners aangegeven overvallen te zijn door de plannen voor Weversweg fase 2.
van
met vijf
de Vlakken
Eng
Naar aanleiding van de online gesprekken met de omwonenden van de Vlakken Eng, de Klarenweg en het Molenpad is het eerste schetsontwerp dat is opgesteld nader uitgewerkt. De uitgangspunten van dit aangepaste ontwerp zijn:
-
Een ruim opgezette woonbuurt met groene en dorpse uitstraling; Een geleidelijke overgang tussen dorp en buitengebied; Centrale groenstructuur; Groene uitstraling van het plan.
Ook is gekeken naar hoe tegemoet gekomen
kon worden aan de wensen van de omwonenden.
Zo is
de bebouwingsdichtheid in het aangepaste schetsontwerp verlaagd ten opzichte van het eerste schetsontwerp. Ook is er in de uitwerking van het schetsontwerp meer aandacht voor een betere overgang tussen de bestaande bebouwing en het nieuwe plangebied. Daamaast is op verzoek van de omwonenden van de Vlakken Eng de bestaande groenstrook aan de zuidzijde van de Vlakken Eng ingetekend n schetsontwerp.
Om de omwonenden bij te praten over de aanpassingen in het schetsontwerp en de voortgang van het project toe te lichten is op woensdag 6 juli 2022 een informatieavond georganiseerd. Deze avond is opgesplitst in twee delen, een voor de omwonenden van de Klarenweg en het Molenpad en een voor de omwonenden van de Vlakken Eng. Er i bewust gekozen voor het opdelen van de avond om op die manier zo goed mogelijk recht te doen aan ieders belangen.
32
Naar aanleiding van eerdere overleggen waren
er al bebouwingsvrije
zones opgenomen
in het plan.
Ook is de indeling van de woningen ten zuiden van de Vlakken Eng al zo aangepast dat de privacy geoptimaliseerd is en er een aantal doorkijken ontstaan In het definitieve ontwerp is tegemoet gekomen aan diverse wensen van direct omwonende. Het totaal aantal woningen in het plan is afgenomen van in eerste instantie 42 woningen naar 37 woningen in het definitieve ontwerp. Hiermee is de bebouwingsdichtheid aanzienlijk verlaagd. Ook wordt het zuidelijk deel van het plangebied (het deel ten zuiden van de Vlakken Eng) in dit bestemmingsplan niet tot
ontwikkeling gebracht). Uit het doorlopen participatietraject valt op te maken dat de wensen en zorgen van de omwonenden aan de Vlakken Eng serieus genomen zijn en dat dit heeft geresulteerd in diverse aanpassingen van het ontwerp. Conclusie
Verbeelding: Planregels: Toelichting:
_ Geen aanpassingen _ Geen aanpassingen _ Geen aanpassingen
33
…
(geanonimiseerd) E op 3 oktober 2023.
Samenvatting Ad1
Indiener geeft aan zich niet te kunnen vinden in voorliggend bestemmingsplan. Indiener verzoekt de volgende zin uit paragraaf 2.2 uit de toelichting van het bestemmingsplan te verwijderen; op deze gronden waren met de eerste stedenbouwkundige opzet voor Weversweg fase 1 en fase 2 ook woningen beoogd. Mogelijk worden deze gronden hier in de toekomst nog voor gebruikt.” Deze zin voegt
namelijk niets toe aan de toelichting van het bestemmingsplan en is zeer suggestief aldus indiener. Wat mogelijk is in de toekomst is speculeren, tenzij er al voornemens zijn. Als deze voornemens er zijn wordt indiener hier graag van op de hoogte gesteld. Ad2
Indiener voert aan dat in paragraaf
3.4.1
van
de toelichting van
onderhavig
bestemmingsplan
staat
aangegeven dat de omgevingsvisie, deze locatie als zoekgebied woningbouw duidt. Ditis feitelijk onjuist en de conclusie dat het plan hiermee passend is binnen de omgevingsvisie is dan ook feitelijk onjuist. Het gebied wordt geduid als woningbouw door transformatie (zie afbeelding vanuit de legenda van de omgevingsvisie). Indiener verzoekt een correcte onderbouwing van deze paragraaf aan te leveren. Ad3
Indiener uit zijn zorgen over de ontsluiting van het verkeer in het totale gebied. Zonder de geplande uitbreiding van de wijk heeft indiener regelmatig problemen n te krappe bochten. Regelmatig moet indiener of tegenliggers plaats maken door achteruit te rijden om ruimte te geven voor vrije doorgang. Bij toenemende
verkeersintensiteit zal dit frequenter gaan
gebeuren.
Tevens
zijn de bochten
veelal
onoverzichtelijk. Tegenliggend verkeer is pas zichtbaar als de bocht ingereden wordt, wat lijdt tot gevaarlijke situaties. De huidige stedenbouwkundig opzet (kleine rooilijnen) heeft mede voor deze situatie gezorgd. Ook wordt er nog 'ouderwets' op straat gespeelt en gewandeld en bij een toenemende verkeersfreguentie is het een kwestie van tijd, dat er ongelukken gaan gebeuren. Indiener voert aan dat parkeren op straat veelvuldig plaatsvind. De huidige zeer smalle wegen geven
regelmatig een uitdaging om te passeren in combinatie met een krappe bocht nabij. Deze situaties zullen gaan toenemen. Theoretisch zullen de verkeerstechnische berekeningen kloppen, in de praktijk vindt er regelmatig hinder plaats door bovenstaande. Graag ziet indiener een herziening van het ontwerp bestemmingsplan op bovenstaande punten Reactie Ad1
Indiener verzoekt om uit de toelichting de opmerking te verwijderen dat de zuidelijk gelegen gronden in de toekomst mogelijk ook voor woningbouw zullen worden ontwikkeld. Als reactie hierop verwijzen wij naar onze reactie ad1 bij zienswijze 4. Ad2:
Indiener voert aan Omgevingsvisie. De aanduiding agrarische
dat
het
‘woningbouw
bebouwing
plangebied
niet
is
aangeduid
als
zoekgebied
woningbouw
in
de
door transformatie” heeft betrekking op transformatie van vrijkomende
en stoppende
recreatieve
voorzieningen
(campings
en
chaletparken).
In het
plangebied zelf zijn geen agrarische of recreatieve bedrijven aanwezig, in de omgeving van het plangebied wel. De aanduiding “woningbouw door transformatie” heeft dan ook geen betrekking op het plangebied, maar op de omgeving van het plangebied. Dat het plangebied op deze kaart feitelijk niet is aangeduid met de term ‘zoekgebied woningbouw” heeft er mee
te
maken
dat woningbouw
op
deze
gronden
al gepland
was
voor
het
opstellen
van
de
Omgevingsvisie. Het plangebied was in feite geen “zoekgebied’.
34
In de Omgevingsvisie zijn diverse “Idee kaarten” opgenomen.
Deze idee kaarten benoemen voor de
deelgebieden het doel, het streven voor het gebied en de afweegbare ontwikkelingsmogelijkheden op
hoofdlijnen. Daarnaast zijn uitgangspunten met betrekking tot kwaliteit opgenomen. Dit zijn de uitgangspunten die van belang zijn voor het behoud en de versterking van de omgevingskwaliteit en identiteit van het gebied. Overzicht deelgebied 2 (Omgevingsvisie 2018)
Het
plangebied
kleinschalig
Weversweg
valt
onder
overgangsgebied)/kern
Overzicht deelgebied 5 (Omgevingsvisie 2018)
deelgebieden
Hulshorst.
De
2 en
5
in de
ambities/kwaliteit
Omgevingsvisie
(gemengd
uitgangspunten
voor
deze
deelgebieden zijn onder andere: e Zorgdragen voor geleidelijke en aantrekkelijke overgangen tussen de (nieuwe) bebouwingsclusters en het buitengebied. Kwaliteitsimpuls voorde (recreatieve)voorzieningen in het gebied. Behoud van het open landschap en agrarische karakter. Behoud van doorzichten naar de bosrand en naar het grootschalige open landschap Versterken van de landschapsstructuur; houtwallen in het coulisselandschap en de open enken Behoud van klein dorpse karakteristiek Hulshorst
°
Ruimtelijk versterken kern Hulshorst en aan recreatieve route Harderwijkerweg/ Zuiderzeestraatweg. Er dient met respect omgegaan te worden met de karakteristieke agrarische structuur, de monumenten, de beeldkwaliteit en belevingswaarde van aanwezige bebouwing en van de inrichting van de openbare ruimte en de aanwezige groene en blauwe elementen
°
in het dorp
en zorggedragen worden voor het behoud van een goede verweving met het omringende buitengebied. Het verbeteren van de toegankelijkheid van en zichtrelatie met landgoed Groeneveld
In bovengenoemde toelichting wordt al gesproken over het toevoegen van (nieuwe) bebouwingsclusters
waarbij het van belang is dat zorggedragen wordt voor een geleidelijke en aantrekkelijke overgang tussen de nieuwe bebouwingsclusters en het buitengebied. Bij het opstellen van het schetsontwerp voor het plan Weversweg fase 2 is zoveel mogelijk rekening gehouden met bovengenoemde uitgangspunten. De belangrijkste punten voor het stedenbouwkundig concept voor Weversweg fase 2 zijn:
°
De nieuwe buurt oriënteert zich op de Weversweg. Door in het noordoosten van het gebied de hoogste dichtheid te realiseren en deze naar het zuidwesten te laten aflopen, sluit de bebouwing op logische wijze aan op de ker.
e
Het dorpse karakter wordt benadrukt door de openheid van de omgeving nadrukkelijk in het plangebied voelbaar te maken. Met name in zuidelijke richting, maar ook in westelijke richting
e
opentde bebouwing zich, waardoor het contact met het landschap vanuit het hart van de buurt tot stand wordt gebracht. Lange lijnen in noord-zuidrichting vormen de dragers van de hoofdstructuur. Deze lijnen hebben soms een landschappelijk karakter en zijn soms van verkeerskundige aard.
35
e
Korte verbindingen en looproutes in oostelijke richting, richting het dorpshuis en de kerk maken
het mogelijk op een natuurlijke manier aan te sluiten op het bestaande stratenpatroon. Hiermee voldoet het bestemmingsplan uitgangspunten voor het plangebied. In de Omgevingsvisie bevonden
Weversweg
wordt de volgende
fase 2 aan de in de Omgevingsvisie genoemde
toelichting geven
op de vraag
of een
initiatief passend
kan worden:
‘Of een initiatief of plan passend is, is afhankelijk van de verdere uitwerking. Voor een verdere uitwerking van een goede landschappelijke inpassing is het Landschapsontwikkelingsplan van belang.” In de Omgevingsvisie wordt verder verwezen naar een aantal relevante opstellen van de Omgevingsvisie zijn geraadpleegd, zo ook het ontwikkelingsplan) en de Integrale Ruimtelijke Toekomstvisie Nunspeet). Al
in 2005
was
woningbouwlocatie.
het
volledige Dit
wordt
plangebied toegelicht
in
(Weversweg
fase
hoofdstuk
3.4.3
bestemmingsplan Weversweg fase 2 en is weergegeven is uit het Landschappelijk ontwikkelingsplan uit 2005:
1 en van
beleidsnota's die LOP (Landschappelijke
2) in beeld de
toelichting
als
toekomstige
horende
bij
het
in onderstaande afbeelding welke afkomstig
Een andere relevante beleidsnota welke is geraadpleegd bij het opstellen van de Omgevingsvisie is de Integrale Ruimtelijke Toekomstvisie Nunspeet. Ook uit dit document blijkt dat het volledige plangebied (zowel fase 1 als ook fase 2) al langer in beeld was voor woningbouw. Op onderstaande afbeelding welke afkomstig is uit de Integrale Ruimtelijke Toekomstvisie Nunspeet zijn de contouren van het plangebied (zowel Weversweg fase 1 als ook Weversweg fase 2) duidelijk zichtbaar.
Hulshorst
inbreiding / utbreidng
36
In de Integrale Ruimtelijke Toekomstvisie Nunspeet wordt uitgegaan van de bouw van 40 woningen in het plangebied in de periode 2003 tot en met 2015. In de praktijk is gebleken dat hiermee nog niet
voldaan kon worden aan de woningbehoefte, vandaar dat dit aantal in de eerste fase is verhoogd naar 60 woningen. Het totale plangebied is groot genoeg om te voorzien in de bouw van ongeveer 100 woningen.
Nu blijkt dat met de bouw van 60 woningen niet voldaan kan worden aan de aanwezige woningbouwbehoefte wordt de overige capaciteit in het plangebied voor een dee! benut. Het gaat hierbij
om 60 woningen n fase 1 + 37 woningen n fase 2. In totaal gaat het om 97 woningen. Dit is nog steeds passend binnen de plancapaciteit van het plangebied. Op het moment van de ontwikkeling/realisatie van Weversweg fase 1 was (intern) echter niet duidelijk of Weversweg fase 2 ooit gerealiseerd zou worden. De woningbehoefte was op dat moment anders ‘dan in de huidige periode.
De in het bestemmingsplan opgenomen toelichting met betrekking tot de Omgevingsvisie wordt aangepast. Ad3
Indiener uit zijn zorgen over de ontsluiting van het verkeer in het totale gebied. Voor de beantwoording wordt verwezen naar onze reactie ad8 bij de zienswijze met nummer 4. Conclusie
Verbeelding:
_ Geen aanpassingen
Planregels: Toelichting:
_ Geen aanpassingen _ Paragraaf 3.4.1. wordt aangepast conform bovenstaande toelichting.
37
..
(geanonimiseerd) O
v g
op 4 oktober
2023.
Samenvatting Ad1
Indiener geeft aan eerder een inspraakreactie te hebben ingediend met betrekking tot voorliggend bestemmingsplan. Indiener geeft aan dat aan deze inspraakreactie niet, althans niet voldoende tegemoet is gekomen. Indiener is van mening dat wat er nu ter inzage is gelegd betekent, gelet op wat destijds met de inspraakreactie werd beoogd, feitelijk een verslechtering plaatsvindt.
Indiener voert aan dat de hiervoor bedoelde inspraakreactie werd ingediend mede naar aanleiding van het op 20 september 2022 ter inzage gelegde kaartje. Uit da kaartje blijkt dat het (destijds) de bedoeling was langs een deel van de achtergrens van het perceel, in het plangebied, een groenstrook van ongeveer 6 m1 breed te realiseren. De essentie van de hiervoor bedoelde inspraakreactie was te bereiken dat een dergelijke groenstrook, dus een groenstrook van een voldoende diepte, over de volle
breedte van het achterperceel mogelijk te maken en ook daadwerkelijk te realiseren. Ad2
Indiener benoemt een aantal verschillen m.b.t. het voorontwerp en het huidige bestemmingsplan:
e _ Inplaats van 37 woningen is het nu de bedoeling 32 woningen te realiseren (in de plantoelichting wordt overigens nog een aantal van 37 woningen genoemd, zie par. 3.3. aan het eind onder kopje planspecifiek). ° De bebouwing (woonbestemming) wordt dichter op het perceel van indiener geprojecteerd. Indiener geeft aan dat dit te maken zal hebben met de verdichting van 8 naar 9 woningen haaks op zijn perceel.
e _ En de verkeersbestemming komt dichter op het perceel van indiener aldus indiener. e En daardoor blijft er minder ruimte over voor het realiseren van een afschermende groenstrook de breedte van deze groenbestemming is nu 1 of 1,5 meter aldus indiener. Ad3
Uit de planverbeelding in combinatie met de planvoorschriften maakt indiener op dat de achter het perceel lopende groenbestemming voor een deel (namelijk langs de woonbestemming) is voorzien van de functieaanduiding specifieke vorm van groen-groene erfafscheiding. Indiener geeft aan hier een aantal opmerkingen over te hebben:
e _ een groenstrook met een diepte van 1 of 1,5 m langs de verkeersbestemming zal niet opleveren dat er vanwege die verkeersbestemming geen hinder met betrekking tot de woonfunctie op het
perceel (geanonimiseerd) —zal ontstaan. In de paragrafen 4.1.3 (aspect geluid) en 4.1.4. (aspect
geur) wordt daar, naar mening van indiener ten onrechte, geen aandacht aan besteed. Betwijfeld wordt of er, zonder dat er maatregelen worden genomen, een goed woon- en
leefklimaat voor de woning (geanonimiseerd) n
de orde zal zijn;
« _ in het bestemmingsplan is geen waarborg opgenomen (bijvoorbeeld door het opnemen van een voorwaardelijke verplichting) dat de gekozen groenbestemming en de daarbij deels behorende functieaanduiding ook daadwerkelijk wordt gerealiseerd; e _ via de plantoelichting en de planvoorschriften kan niet worden nagegaan wat wordt beoogd met een groene erfafscheiding. Ad4
Indiener verzoekt de woonbestemmingen
en de verkeersbestemming
ongeveer
4 meter verder in
zuidelijke richting te projecteren. De groenbestemmingen langs de Vlakken Eng worden dan met circa 4 meter versmald. Dat levert op dat er langs de westelijke rand van het plangebied een bredere
groenbestemming functieaanduiding planverbeelding.
kan worden zal dan ook
geprojecteerd. De nu langs langs de verkeersbestemming
de woonbestemming beoogde moeten worden geduid op de
Reactie Ad1
Indiener geeft aan dat er onvoldoende is gedaan met de eerder ingediende inspraakreactie en dat dit plan in feite een verslechtering vormt.
38
Op 20 september 2022 hebben wij een concept inrichtingsschets bekend gemaakt ter voorbereiding op de inloopavond van 27 september 2022. Zie onderstaand concept ontwerp:
GONGEPT *
tm
B
Bij de nadere uitwerking van het plan is gebleken dat rekening gehouden moest worden met diverse relevante belangen, zo ook van indiener. Er heeft een
integrale
bestemmingsplan gebied.
afweging
is vastgelegd.
plaatsgevonden
welke
heeft
geleid
tot de
inrichting
Dit heeft geleid tot een passende en zorgvuldige
die
nu
in het
invulling van het
Ten opzichte van bovenstaand ontwerp is er in het huidige ontwerp één doorlopende groenstrook opgenomen over de volledige breedte van het perceel van indiener. Deze groenstrook heeft een breedte van 2 meter. Deze maat is ruim voldoende voor het aanplanten en onderhouden van een groenstrook Ad2
Indiener benoemt een aantal verschillen m.b.t. het voorontwerp en het huidige bestemmingsplan. De veronderstelling dat er 32 woningen worden gerealiseerd in plaats van 37 woningen is onjuist. Er worden gerealiseerd: 10 rug-aan-rugwoningen, onder-een-kapwoningen.
12 rijwoningen, 9 levensloopbestendige woningen en 6 twee-
Zoals onder ad1 reeds is aangegeven is mede naar aanleiding van de in juli 2022 uitgezette enquête met betrekking tot de woningbouwbehoefte in Hulshorst en de reactie naar aanleiding van de inloopavond gekozen voor het toevoegen van een extra levensloopbestendige woning. Dit heeft geresulteerd in het verkleinen van de tuin van de meeste linker levensloopbestendige woning.
Ten opzichte van het op 22 september 2022 gepubliceerde ontwerp is er in het huidige ontwerp één doorlopende groenstrook in het ontwerp opgenomen over de volledige breedte van het perceel van indiener. Deze groenstrook heeft een breedte van 2 meter. Deze maat is ruim voldoende voor het aanplanten van een groenstrook. Indiener geeft aan dat de verkeerbestemming dichter op het perceel komt in het nieuwe schetsontwerp.
De verkeersbestemming is iets opgeschoven richting het perceel van indiener. Dit gaat om een zeer beperkte afstand wat niet resulteert in een toename van te verwachten overlast. Zoals eerder aangegeven heeft er een integrale afweging plaatsgevonden welke heeft geleid tot de inrichting die nu in het
bestemmingsplan
is vastgelegd.
Deze
minimale
verschuiving
stuit niet op
onoverkomelijke
bezwaren
Ad3
Indiener plaatst kritische kanttekeningen bij de groenbestemming en de verkeersbestemming. De afstand tussen de woning van indiener en de aan te leggen parkeerplaatsen betreft minimaal 15 meter. Dit is ruim voldoende om te kunnen spreken van een goed woon- en leefklimaat. Dit s zelfs meer dan op veel andere plekken het geval i. In het bestemmingsplan wordt dan ook terecht geconcludeerd 39
dat sprake
is van
onderbouwd
in de toelichting bij het bestemmingsplan.
een goed woon-
Indiener stelt dat er geen
en leefklimaat. Ook de aspecten
voorwaardelijke
verplichting
geur en geluid zijn voldoende
is opgenomen
waar vermeld
wordt dat de
groenstrook tussen de bestaande woningen en de nieuw te bouwen woningen in het plan Weversweg
fase
2
ook
daadwerkelijk
gerealiseerd
instandhouding wordt opgenomen
wordt.
Deze
voorwaardelijke
verplichting
tot
aanleg
en
in de planregels
In de planregels zal verder worden aangegeven wat mag worden verstaan onder een groene erfafscheiding, met als strekking: een groene afscheiding welke in volgroeide (volwassen staat) 2 à 2,5 meter zal bedragen en bestaat uit streekeigen soorten overeenkomstig de soorten welke beschreven zijn in het beplantingsplan. Ad4
Indiener verzoekt de woonbestemmingen zuidelijke richting te projecteren.
en de verkeersbestemming
ongeveer
4 meter verder in
Het met vier meter inkorten van de groenstrook richting de Vlakken Eng achten wij niet wenselijk. Dit heeft e mee te maken dat deze groenstrook bewust breder is aangezet om ruimte te kunnen bieden
aan wadi's, container opstelplaatsen en de reeds aanwezige bomen. Tevens fungeert deze groenstrook als zichtlijn. Reactie:
Zoals onder ad3 aangegeven zal een voorwaardelijke verplichting worden opgenomen in de planregels voor de te realiseren groenstrook tussen de bestaande woningen langs de Klarenweg/Molenpad en de
nieuw te bouwen woningen in het plangebied Weversweg fase 2. Deze groenstrook heeft een breedte van 2 meter en een hoogte van 2 à 2,5 meter in volwassen (volgroeide) staat. De aanplant hoogte van het groen bedraagt 1 à 1,5 meter. De beplanting zal streekeigen zijn overeenkomstig de soorten uit het opgestelde beplantingsplan Conclusie
Verbeelding: Planregels: Toelichting:
_ Opnemen voorwaardelijke verplichting groenstrook Klarenweg/Molenpad — Weversweg fase 2 _ Opnemen voorwaardelijke verplichting (inclusief toelichting) groenstrook Klarenweg/Molenpad — Weversweg fase 2 _ Geen aanpassingen.
40
…
(geanonimiseerd)
Samenvatting Ad1
Indiener wijst op paragraaf 2.2 van de toelichting, waarin is vermeld dat het zuidelijke deel van het plangebied in de toekomst mogelijk voor woningbouw wordt gebruikt. Naar mening van indiener moet bovenstaande tekst uit het ontwerpbestemmingsplan
gehaald worden,
omdat het onjuist en onvolledig is. Indiener voert daarbij het volgende aan: ° _ Op 5 december 2016 heeft indiener een optie genomen op de kavel waar indiener sinds februari 2018 met veel plezier woont. De reden voor indiener om voor deze kavel te kiezen was de grootte van de kavel en het vrije uitzicht richting de weilanden en bosrand. Bij de indeling van de kavel heeft indiener rekening gehouden met dit vrije uitzicht door ruimte voor een zitplek te
e
creëren aan de voorzijde van de woning. Op 7 december 2016 heeft indiener een gesprek gehad op het gemeentehuis om de plannen te laten toetsen aan het beeldkwaliteitsplan en bestemmingsplan. Tijdens dit gesprek is naar indiener toe bevestigd dat er geen woningen gebouwd zouden worden. Eveneens is benoemd
e
dat aan de linkerzijde van de kavel geen bebouwing (garage of veranda) geplaatst mocht worden in verband met de zichtlijn naar de weilanden en bosrand die vrij moest blijven. Op9 februari 2017 heeftindiener van de gemeente een verkavelingsvoorstel van de CPO-groep ontvangen, welke uiteindelijk niet is gerealiseerd. In een van de gemeente afkomstige mail wordt eveneens het weids uitzicht bevestigd aldus indiener.
e
Verder wijst indiener op een Weversweg — Hulshorst.
aantal onderdelen
uit de toelichting
bij het bestemmingsplan
Ad2
Indiener verzoekt verder om het zuidoostelijk deel, het agrarisch stuk grond tussen de Vlakken Eng en het Molenpad, uit het plangebied te verwijderen.
Naast bovengenoemd bezwaar maakt indiener zich ook zorgen over de ontsluiting van de wijk via de Braambosch. Het aantal verkeersbewegingen via éên reeds bestaande ontsluiting zal aanzienlijk toenemen, wat mogelijk tot onveilige situaties kan leiden. Indiener onderstreept het cultuurhistorisch belang van een natuurlijke overgang van de woonwijk naar de Enk. Reactie
Ad1
Indiener verzoekt om het mogelijke toekomstige gebruik van het zuidelijke deel van het plangebied te verwijderen uit de toelichting.
Ter bespreking van dit onderdeel van de zienswijze verwijzen wij allereerst naar de reactie ad 1 bij zienswijze 4. Verder refereert indiener aan een e-mailwisseling en een gesprek met de Gemeente. In deze emailwisseling wordt gesproken over een weids uitzicht vanaf de kavel. Op het moment van de
ontwikkeling/realisatie van Weversweg fase 1 was het nog niet duidelijk of Weversweg fase 2 ooit gerealiseerd zou worden. De woningbehoefte was op dat moment — in 2009/2010 — ook anders dan nu. Dat er bij de realisatie van fase 1 sprake was van een vrij uitzicht wil niet zeggen dat dit vrije uitzicht altijd gehandhaafd blijft. Uit diverse beleidsstukken blijkt dat het gehele plangebied (zowel Weversweg fase 1 als ook fase 2) al
langer in beeld is voor woningbouw. Verwezen wordt naar onze reactie ad 4 bij de zienswijze met nummer
4.
Tevens is bij het opstellen van het bestemmingsplan Weversweg — Hulshorst is rekening gehouden met Weversweg fase 2. Zo is in bijlage A van het bestemmingsplan Weversweg — Hulshorst bij punt 10 beschreven dat de agrarische grond gelegen in het plangebied in de toekomst gebruikt kan worden ten
behoeve van uitbreiding van de woonwijk:
a1
‘Op de bestemmingsplankaart heeft een groot deel de bestemming Agrarisch. Wat wordt er met deze grond
van
de
gemeente
gedaan?
Deze
grond
kan
welicht
in de
toekomst
worden
uitbreiding van de woningbouw. Nu zal deze grond niet bebouwd worden, archeologisch vervolgonderzoek is vereist, wat de nodige tijd in beslag zal nemen.’
gebruikt
voor
aangezien
eerst
Op pagina 11 van de toelichting van het bestemmingsplan Weversweg — Hulshorst wordt in paragraaf 2.1 de ligging en begrenzing van het plangebied beschreven. Hieruit valt op te maken dat het plangebied groter is dat de huidige bebouwing. Dit wordt als volgt beschreven:
‘Verder loopt de plangrens achter de lintbebouwing aan de Harderwijkerweg en achter de meer verspreide woonbebouwing aan de Klarenweg langs. Het plangebied reikt voor een klein deel tot aan de Klarenweg. In het zuiden is het landelijke Molenpad de uiterste plangrens. Hier heeft het verder relatief besloten landschap direct contact met het buitengebied.’
In het bestemmingsplan Weversweg fase 2 worden de zichtlijnen zoals beschreven in het bestemmingsplan Weversweg Hulshorst zoveel mogelijkheid gehandhaafd, bijvoorbeeld door de centrale groenstrook die in het midden van het plangebied is ingetekend. In onderstaande afbeeldingen zijn de zichtlijnen in het plangebied weergegeven zoals deze zijn
opgenomen in het bestemmingsplan Weversweg — Hulshorst (linker afbeelding) en in het ontwerp van het bestemmingsplan Weversweg fase 2 (rechter afbeelding). In de rechter afbeelding is te zien dat drie van de zichtlijnen volledig in stand blijven (rood weergegeven in rechter afbeelding). Een zichtlijn (zwart weergegeven in rechter afbeelding) is reeds niet meer aanwezig door nieuwe bebouwing aan de Klarenweg, welke geen onderdeel uit maakt van het bestemmingsplan Weversweg fase 2. Wel is in het ontwerp van het bestemmingsplan Weversweg fase 2 zoveel mogelijk rekening gehouden met
deze zichtlijn door de achtertuinen van de woningen te laten grenzen aan deze zichtlijn waardoor een groene zone ontstaat.
Ad2
Indiener verzoekt het zuidoostelijk deel, het agrarisch Molenpad, uit het plangebied te verwijderen.
stuk grond
De
Vlakken
bestemming
van
het
gebied
ten
zuiden
van
de
Eng
tussen
de Vlakken
Eng
en het
is en
blijft onder
het
huidige
bestemmingsplan “Agrarisch”. Het nieuwe bestemmingsplan maaktop dit deel van het plangebied geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk, de bestemming van dit deel van het plangebied is in het
bestemmingsplan Weversweg — Hulshorst “Agrarisch” en blijft ook in het voorliggende bestemmingsplan “Agrarisch”. Verwezen wordt naar onze reactie ad 1 bij de zienswijze met nummer 4. Reactie:
Indiener maakt zich ook zorgen over de ontsluiting van de wijk via de Braambosch. Voor de beantwoording wordt verwezen naar onze reactie ad 8 bij de zienswijze met nummer4. 42
Conclusie
Verbeelding: Planregels: Toelichting:
Geen aanpassingen Geen aanpassingen Geen aanpassingen
43