AP 13 Bijlagen bij de toelichting Bijlage 10 Nader onderzoek kerkuil en steenuil
Tekst van het document
Nader onderzoek steenuil en kerkuil Aanvullend onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming onderdeel Soortenbescherming 11 juli 2023
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Verantwoording Titel
Nader onderzoek steenuil en kerkuil
Opdrachtgever
Gemeente Nunspeet
Projectleider
Sanne Ketelaar
Auteur(s)
Rens de Graaf
Kwaliteitscontrole
Vincent Sanders en Berto van Dam
Uitvoering meet- en inspectiewerk
Bram Rijksen en Sarah Mahie
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Aantal pagina’s
17 (exclusief bijlagen)
Datum
11 juli 2023
Handtekening
Ontbreekt in verband met digitale verwerking. Dit rapport is aantoonbaar vrijgegeven.
Colofon TAUW bv Handelskade 37 Postbus 133 7400 AC Deventer T +31 57 06 99 91 1 E info.deventer@tauw.com
2/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Inhoud 1
2
3
Inleiding ..................................................................................................................................... 4 1.1
Aanleiding en doel onderzoek ............................................................................................ 4
1.2
Leeswijzer .......................................................................................................................... 4
Plangebied en beoogde ontwikkeling ........................................................................................ 5 2.1
Plangebied ......................................................................................................................... 5
2.2
Beoogde ontwikkeling ........................................................................................................ 6
Relevante soorten en mogelijke effecten en verbodsbepalingen .............................................. 7 3.1
Relevante soorten nader onderzoek .................................................................................. 8
3.2
Mogelijke effecten .............................................................................................................. 8
3.3
Relevante wetgeving .......................................................................................................... 8
4
Onderzoeksmethode ................................................................................................................. 9
5
Resultaten ............................................................................................................................... 10 5.1
5.1.1
Resultaten ................................................................................................................. 10
5.1.2
Effecten en verbodsbepalingen ................................................................................ 11
5.2
6
7
8
Steenuil ............................................................................................................................ 10
Kerkuil .............................................................................................................................. 11
5.2.1
Resultaten ................................................................................................................. 11
5.2.2
Effecten en verbodsbepalingen ................................................................................ 13
Vervolgstappen........................................................................................................................ 14 6.1
Mitigatie/compensatie ...................................................................................................... 14
6.2
Ontheffing ......................................................................................................................... 14
6.3
Overige maatregelen ........................................................................................................ 15
Conclusie ................................................................................................................................. 16 7.1
Aanleiding ........................................................................................................................ 16
7.2
Conclusie ......................................................................................................................... 16
Literatuur ................................................................................................................................. 17
3/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
1 Inleiding 1.1
Aanleiding en doel onderzoek
Gemeente Nunspeet is van plan een nieuwe woonwijk te ontwikkelen rondom de Weversweg in Hulshorst, in de gemeente Nunspeet en provincie Gelderland. TAUW heeft deze plannen reeds getoetst aan de Wet natuurbescherming in een natuurtoets (TAUW, 2022). De natuurtoets concludeert dat negatieve effecten op de beschermde soorten steenuil en kerkuil niet met zekerheid zijn uitgesloten. TAUW heeft daarom soortgericht onderzoek uitgevoerd om de functie van het plangebied voor steenuil en kerkuil te bepalen. Deze rapportage doet verslag van het soortgericht onderzoek en geeft antwoord op de vraag of een ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig is.
1.2
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 volgt een overzicht van het plangebied en de beoogde ontwikkeling. In de navolgende hoofdstukken staan de details en de resultaten van het ecologisch onderzoek. In hoofdstuk 3 volgt eerst een samenvatting van de conclusies uit de natuurtoets. In hoofdstuk 4 is de onderzoeksmethode uitgewerkt, waarna in hoofdstuk 5 de resultaten van het onderzoek zijn behandeld. Aan de hand van de resultaten is een effectbeoordeling uitgevoerd. In hoofdstuk 6 ‘vervolgstappen’ is aangegeven of mitigerende maatregelen van toepassing zijn, of een ontheffing nodig is en onder welke voorwaarden een ontheffing redelijkerwijs verleend kan worden. Tot slot vat hoofdstuk 7 alles in een conclusie samen.
4/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
2 Plangebied en beoogde ontwikkeling 2.1
Plangebied
Figuur 2.1 toont de ligging van het plangebied. Het plangebied ligt tussen de Klarenweg, het Molenpad, Braambosch en de Harderwijkerweg te Hulshorst in Nunspeet in de provincie Gelderland. Figuur 2.2 geeft een sfeerimpressie van het gebied. Het plangebied heeft in het bestaande bestemmingsplan Weversweg Hulshorst (onherroepelijk vastgesteld op 5 januari 2010) een agrarische enkelbestemming en wordt gebruikt als grasland. Rondom het plangebied zijn woonerven met bestaande woningen, boerderijen en tuinen gesitueerd. Grenzend aan het plangebied staan enkele grote eiken en berken (vooral aan de west- en zuidkant), afgewisseld met kleinere bomen en struweel. Aan de westkant wordt het plangebied op enkele plekken begrenst door hoge heggen met daarachter hoge bomen. Aan een van deze bomen hangt een nestkast. Iets noordelijker hangen vogelhuisjes aan een schuurtje. Het Natura 2000-gebied ‘Veluwe’ ligt ten zuidoosten van het plangebied en bevindt zich op 645 meter afstand (zie figuur 2.1).
Figuur 2.1 Ligging plangebied (globaal begrensd)
5/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Figuur 2.2 Impressie van het plangebied. Het plangebied bestaat alleen uit gras. Aan de rand van het plangebied staan (hoge) bomen, heggen en struiken. Aan de westkant zijn een nestkast van steenuil en andere vogelhuisjes opgehangen
2.2
Beoogde ontwikkeling
Figuur 2.3 geeft de beoogde ontwikkeling in concept weer. De beoogde ontwikkeling voorziet in de bouw van 37 woningen. Er wordt een mix aan woningtypen voorzien, bestaande uit rug-aan-rug woningen, starterswoningen, levensloopbestendige woningen en twee-onder-één-kapwoningen. Gemotoriseerd verkeer wordt ontsloten via de Harderwijkerweg en er worden diverse ontsluitingen gerealiseerd voor fiets- en voetgangers om optimaal verbonden te zijn met de omgeving.
6/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Figuur 2.3 De beoogde ontwikkeling als concept schetsontwerp
3 Relevante soorten en mogelijke effecten en verbodsbepalingen Dit hoofdstuk gaat kort in op de bevindingen uit de quickscan. In de natuurtoets is op voorhand niet uitgesloten dat beschermde soorten in het plangebied voorkomen en dat negatieve effecten op beschermde soorten tot een overtreding van verbodsbepalingen leidt (TAUW, 2022). Uit de natuurtoets komt naar voren dat het plangebied geen essentiële functies bevat voor beschermde planten, grondgeboden zoogdieren, vleermuizen, reptielen, vissen, vlinders, libellen en ongewervelde dieren. Voor amfibieën geldt dat er alleen mogelijke functies in het plangebied te vinden zijn voor rugstreeppad, wanneer geschikte omstandigheden ontstaan door werkzaamheden. Voor deze soortgroepen is nader onderzoek in het kader van de Wnb niet nodig, maar dienen wel maatregelen getroffen te worden om vestiging tijdens de bouwfase te voorkomen.
7/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Steenuil en kerkuil Betreffende steenuil en kerkuil kunnen zich mogelijk verblijfplaatsen bevinden in aanwezige nestkasten aan de randen van het plangebied. Naar verblijfplaatsen van steenuil en kerkuil is nader onderzoek uitgevoerd om te voldoen aan de onderzoek verplichting. Algemene broedvogels Voor koolmees, pimpelmees en andere broedvogels zijn geschikte nestplaatsen aanwezig in nestkasten, heggen, struiken en ander groen. Voor deze vogels is eventueel onderzoek aan de hand van een broedvogelcontrole voorafgaand aan de bouwfase voldoende om negatieve effecten te voorkomen. Rugstreeppad Om vestiging van rugstreeppad te voorkomen moet in de bouwfase worden voorkomen dat er ondiep water in bijvoorbeeld plassen of rijsporen blijven staan.
3.1
Relevante soorten nader onderzoek
De beoogde ontwikkeling is mogelijk strijdig met de Wnb vanwege het voorkomen van beschermde soorten. Het gaat hierbij om: Aantasten van nestplaatsen en leefgebied van steenuilen
3.2
Aantasten van nestplaatsen en leefgebied van kerkuilen
Mogelijke effecten
Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden zijn er verschillende effecten te verwachten op bovengenoemde soorten: Verstoring en vernietiging van leefgebied van steenuil en kerkuil
3.3
Aantasting van nestplaatsen van steenuilen en kerkuil
Relevante wetgeving
Steenuil en kerkuil zijn jaarrond beschermd onder de Wet natuurbescherming onderdeel Soortenbescherming. Dat wil zeggen dat vaste rust- en verblijfplaatsen en voortplantingsplaatsen zowel in als buiten het broedseizoen zijn beschermd. De functionele leefomgeving rond het nest is ook beschermd. Voor vernietiging van jaarrond beschermde verblijfplaatsen of dusdanige verstoring of vernietiging van de functionele leefomgeving dat deze niet als zodanig meer of in mindere mate functioneert, is een ontheffing nodig.
8/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
4 Onderzoeksmethode In dit hoofdstuk is de methode van het uitgevoerde onderzoek per verwachte soort beschreven. Het onderzoek van steenuil en kerkuil richt zich op het waarnemen van een volwassen individu of paar in broedbiotoop, nesten, territoriumroep van een mannetje en op ander gedrag dat een territorium of nest indiceert. Het ecologisch onderzoek is uitgevoerd conform de voorgeschreven onderzoeksinspanning als benoemd in het kennisdocument steenuil en het kennisdocument kerkuil (BIJ12, 2017). Hiervoor zijn drie inventarisatiemomenten uitgevoerd in de periode 15 februari tot en met 30 april, waarbij minimaal één maand zit tussen het eerste en laatste bezoek (zie tabel 4.1). Het onderzoek vond ’s avonds plaats, vanaf zonsondergang tot en met twee uur daarna, bij de juiste weersomstandigheden (droog, weinig wind). Geluidsopnames van uilen zijn afgespeeld om een reactie uit te lokken van eventueel aanwezige steen- of kerkuilen. Dit is alleen nodig wanneer er gedurende het bezoek voor langere tijd geen roepende steenuil of kerkuil is waargenomen. Verder is ook onderzoek gedaan naar nestkasten (aangetroffen bij enkele huizen) en naar aanwezigheid van braakballen en poepsporen. Tussen de veldbezoeken zat minimaal twee weken. Indien een steenuil of kerkuil is aangetroffen, is door expert judgement toe te passen bepaald of essentieel foerageergebied aanwezig is.
Tabel 4.1 Data, focus/doel en weersomstandigheden per veldbezoek Datum
Tijd
Aanwezige
Focus/doel
Weersomstandigheden
Aantonen verblijfplaatsen
Bewolkt (>80 %), droog, 6
steenuil en kerkuil
graden, 1 bft,
ecologen 15-02-2023
18:00 – 20:00 uur
2
zuidwestenwind 14-03-2023
18:45 – 20:45 uur
2
Aantonen verblijfplaatsen
Halfbewolkt (10-80 %),
steenuil en kerkuil
droog, 3 graden, 2 bft, westenwind
29-03-2023
19:45 – 21:50
2
Aantonen verblijfplaatsen
Halfbewolkt (10-80 %),
steenuil en kerkuil
droog, 5 graden, 3 bft, zuidenwind
9/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
5 Resultaten In dit hoofdstuk zijn de resultaten van het uitgevoerde onderzoek uitgewerkt. Tevens is bepaald wat de effecten van de beoogde ontwikkeling zijn op de aangetroffen soorten en functies en of/welke verbodsbepalingen (mogelijk) worden overtreden.
5.1
Steenuil
5.1.1 Resultaten Tijdens alle drie de veldbezoeken zijn steenuilen waargenomen in de omgeving van het plangebied (zie tabel 5.1 en figuur 5.1). De meeste steenuilen zijn roepend waargenomen in de velden ten zuidwesten van het plangebied. Tijdens het tweede veldbezoek is een roepende steenuil aangetroffen op een perceel ten noorden van de Harderwijkerweg. Deze steenuilen zijn niet in de buurt van het plangebied waargenomen en vertoonden geen binding met het plangebied. Er is alleen van relatief grote afstand geluisterd en zijn geen zichtwaarnemingen gedaan. De puntwaarnemingen in figuur 5.1 betreffen dan ook slechts een schatting van waar de steenuilen zich bevonden. De getekende stippellijn geeft de locatie aan waar een bezet territorium verwacht wordt. Direct naast het plangebied zijn baltsende steenuilen aangetroffen rondom de steenuilenkast aan de westkant van het plangebied en zijn verse poepsporen aangetroffen bij de uitgang van de kast. Ook is waargenomen dat een steenuil uit de nestkast vloog. Bewoners van het perceel waarop de nestkast is aangebracht beschikken over videobeelden waarop te zien is dat steenuilen gebruik maken van de nestkast. Figuur 5.1 geeft resultaten op kaart weer. Tabel 5.1 Resultaten steenuil onderzoek Datum
Steenuil
bezoek
aangetroffen
15-02-2023
Ja
Beschrijving
Interpretatie
Roepende steenuil (baltsroep) vlakbij nestkast ten westen van plangebied
Nestlocatie in nestkast aan rand van plangebied
Plangebied dient mogelijk als
Roepend paar (baltsroep) in
essentieel foerageergebied
velden ten zuidwesten van
voor bezette nestkast
plangebied
Allen nest indicerend gedrag vertonend
14-03-2023
Ja
Roepende steenuil (baltsroep)
gehoord in een veld ten zuidwesten van plangebied
Geen verblijfplaatsen in of rond het plangebied
Geen essentieel
Roepende steenuil (baltsroep) in
foerageergebied aanwezig in
broedbiotoop in veld ten
het plangebied
zuidwesten van plangebied
Geen binding met plangebied
10/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Datum
Steenuil
bezoek
aangetroffen
29-03-2023
Ja
Beschrijving
Interpretatie
Roepende steenuil wegvliegend bij nestkast.
steenuil aanwezig aan
Verse poep aanwezig bij
westkant van het plangebied
nestkast
In gebruik zijnde nestlocatie
Video’s van bewoners waarop
Plangebied dient mogelijk als essentieel leefgebied
duidelijk te zien is dat nestkast in gebruik is
5.1.2 Effecten en verbodsbepalingen Tijdens het laatste veldbezoek zijn baltsende steenuilen waargenomen naast de nestkast aan de rand van het plangebied. Ook zijn poepsporen aangetroffen bij de ingang van de nestkast en is een uitvliegende steenuil waargenomen. Deze waarnemingen geven aan dat de nestkast in gebruik is als vaste rust- en verblijfplaats en voortplantingsplaats. Deze nestkast wordt niet direct aangetast door de werkzaamheden. Door de ontwikkeling verdwijnt wel grasland dat mogelijk als foerageergebied van essentieel belang is voor de functionaliteit van de nestkast. Het verdwijnen van essentieel foerageergebied draagt mogelijk indirect bij aan het vernielen van de nestlocatie. Dit is een overtreding van de Wnb, artikel 3.1 lid 2 en 4. Ook kan niet met zekerheid worden uitgesloten dat de bouw- en gebruiksfase tot verstoring leidt. Tijdens twee van de drie veldbezoeken zijn baltsende steenuilen gehoord ten zuidwesten van het plangebied, ter hoogte van de adressen Oude Ermeloseweg 28 en 38, en is een roepende steenuil gehoord ten noorden van de Harderwijkerweg (zie figuur 5.1). Op twee locaties gaat het om een roepend exemplaar in geschikt broedbiotoop. Deze steenuilen vertoonden geen enkele binding met het plangebied. Effecten op die verblijfplaatsen en bijbehorend leefgebied als gevolg van het voornemen kunnen daarom worden uitgesloten.
Wel moet in acht worden genomen dat het hier gaat om een inschatting van de exacte nestlocatie op basis van de waarnemingen van roepende exemplaren.
5.2
Kerkuil
5.2.1
Resultaten
Tijdens het eerste veldbezoek is een nestkast voor kerkuil in een halfopen schuur op het terrein van Klarenweg 16 ten zuidwesten van het plangebied aangetroffen (zie figuur 5.1 en tabel 5.2). De bewoners van het perceel hebben aangegeven dat de kast al jaren in gebruik is door kerkuilen. Bij het tweede veldbezoek zijn twee kerkuilen waargenomen die uit de nestkast vlogen. Ook is meermaals een roepend paartje kerkuilen waargenomen in de omgeving van de nestkast (zie figuur 5.1). Het betrof hier exemplaren die richting de velden en akkers ten westen van het plangebied vlogen. Ook zijn poep en braakballen aangetroffen in de naastgelegen schuur. Daarom wordt aangenomen dat kerkuilen in de kast broeden.
11/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Tabel 5.2 Resultaten kerkuil onderzoek Datum bezoek
Kerkuil
Beschrijving
Interpretatie
aangetroffen 15-02-2023
Nee
Nestkast aangetroffen in halfopen schuur in woning ten
aanwezig ten westen van
westen van plangebied
14-03-2023
Ja
Krijgen volgens bewoners al
Klarenweg
Geen nestplaatsen of
jaren jongen in nestkast
essentieel leefgebied
Kerkuilen niet aangetroffen of
aanwezig binnen
gehoord
invloedssfeer van plangebied
Paartje kerkuilen zien
wegvliegen uit aanwezige
Wegvliegend richting velden en
In gebruik zijnde nestlocatie kerkuil ten zuidwesten
nestkast in halfopen schuur.
Mogelijke nestlocatie
plangebied
Geen nestplaatsen of
bosschages aan westkant van
essentieel foerageergebied
plangebied.
aanwezig in de invloedssfeer
Paartje kerkuilen twee keer
van het plangebied
roepend waargenomen in broedbiotoop.
Poep en braakballen aanwezig in naastgelegen schuur
Binding met omliggende velden, niet met plangebied
29-03-2023
Nee
Geen kerkuilen gehoord of
gezien.
Op basis van vorige bezoek nog steeds aannemelijk dat
Überhaupt weinig uilen gehoord
kerkuilen nestelen in nestkast
Geen kerkuilen in plangebied aanwezig
12/17
Kenmerk
5.2.2
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Effecten en verbodsbepalingen
Tijdens het eerste veldbezoek is een nestkast voor kerkuilen aangetroffen in een halfopen schuur op het terrein van Klarenweg 16. Volgens de buren nestelen deze al jaren succesvol in de nestkast. Bij het tweede veldbezoek zijn twee uilen waargenomen tijdens het uitvliegen van de kast. Ook zijn braakballen en poep gevonden in een naastliggende schuur op het terrein. Deze waarnemingen tonen aan dat kerkuilen broeden in de nestkast. Tweemaal zijn roepende kerkuilen waargenomen in de buurt van de nestkast. Omdat deze uilen in een kort tijdsbestek zijn gehoord, en zich allen bevonden in de nabijheid van de kerkuilenkast wordt verwacht dat het gaat om hetzelfde paartje dat nestelt in de nestkast. In en rondom het plangebied zijn geen kerkuilen waargenomen. Tijdens het veldbezoek zijn twee uilen waargenomen tijdens hun vlucht richting de landerijen ten zuidwesten van het plangebied. Volgens de terreineigenaren vliegen de uilen altijd richting de landerijen. In het plangebied zijn de uilen niet waargenomen. De landerijen ten westen en zuidwesten van het plangebied zijn veel groter en hebben een veel betere kwaliteit dan het grasveld binnen het plangebied. Bij het verdwijnen van het open veld in het plangebied blijft dus genoeg alternatief leefgebied over voor de kerkuilen om te foerageren. Het is hiermee uitgesloten dat voor kerkuilen essentieel leefgebied verdwijnt.
De nestplaats van kerkuil ligt niet ver van het huidige plangebied af. Door de aanwezigheid van bebouwing, meerdere tuinen en een ontsluitende weg tussen de kerkuilenkast en het plangebied in, zullen de effecten tijdens de bouwen gebruiksfase op de kast minimaal tot afwezig zijn. Overtreding van Wnb artikel 3.1 lid 2 en 4 is dan ook uitgesloten. Voor kerkuil is geen ontheffing van de Wnb nodig.
Figuur 5.1 Aangetroffen functies van kerk- en steenuil in en rond het plangebied
13/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
6 Vervolgstappen In dit hoofdstuk is aangegeven of mitigerende maatregelen van toepassing zijn, of een ontheffing nodig is en onder welke voorwaarden een eventuele ontheffing redelijkerwijs verleend kan worden.
6.1
Mitigatie/compensatie
In de steenuilenkast ten westen van het plangebied broedt steenuil. Door het beoogde voornemen verdwijnt voor steenuil geschikt kleinschalig landschap rondom deze kast. Mogelijk verliest de nestkast zijn functionaliteit deels of geheel. De werkzaamheden en de ontwikkeling leiden tot een overtreding van artikel 3.1 lid 2: vernielen of beschadigen van nesten, rustplaatsen en eieren van steenuil, en artikel 3.1 lid 4: het opzettelijk verstoren van individuen van steenuil. Dit geldt voor zowel de aanleg- als de gebruiksfase. Mitigerende en/of compenserende maatregelen en het aanvragen van een ontheffing van de Wnb zijn nodig. Compensatie dient plaats te vinden door het aanbieden van minimaal twee nestkasten in geschikt leefgebied, minimaal drie maanden voorafgaand aan werkzaamheden die het leefgebied van steenuil aantasten of verstoren. Het heeft de sterke voorkeur om de nestkasten binnen het huidige territorium en dus binnen 100 tot 150 meter van de huidige nestkast maar buiten de invloedsfeer van het voornemen te plaatsen. Zo kan het broedpaar binnen het huidige leefgebied aanwezig blijven. Als nestkasten op grotere afstand van het huidige territorium geplaatst worden, kan het nodig zijn om aan de hand van een eenmalig veldbezoek of nader onderzoek in het broedseizoen, vast te stellen dat de locatie nog niet bezet is door een ander broedpaar.
6.2
Ontheffing
Voor steenuilen dient een ontheffing voor het overtreden van verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming aangevraagd te worden. Om een ontheffing aan te vragen moet een activiteitenplan opgesteld worden. In het activiteitenplan moet ingegaan worden op de volgende onderdelen: De beoogde ontwikkeling en de planning hiervan De aanwezige soorten, de beschermde ecologische functies en hoe die zijn onderzocht
De te overtreden verbodsbepalingen De mitigerende en compenserende maatregelen Het wettelijk belang van de ontwikkeling
De staat van instandhouding van de soort Een alternatievenafweging
Als het bevoegd gezag akkoord gaat met de alternatievenafweging, het wettelijk belang en de maatregelen die getroffen worden om negatieve effecten te verzachten of te voorkomen, verleent deze een ontheffing. In dat geval zijn er vaak in de verleende ontheffing voorwaarden beschreven.
14/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
Meestal is één van die voorwaarden het opstellen van een werkprotocol waarin de mitigerende en compenserende maatregelen uitgewerkt worden en wordt de aanwezigheid van ecologische begeleiding vereist. Bij formele ontheffingsaanvragen dient rekening gehouden te worden met een proceduretijd. De provincie Gelderland hanteert een proceduretijd van 6 maanden.
6.3
Overige maatregelen
Naast uit het nader onderzoek voortkomende maatregelen zijn er ook algemene maatregelen waar aan gehouden dient te worden:
Er dient een broedvogelcontrole door een ter zake kundige ecoloog te worden uitgevoerd wanneer de werkzaamheden plaatsvinden in het broedseizoen (globaal de periode maart t/m augustus). Afhankelijk van het wel of niet aantreffen van een broedgeval moet de deskundig ecoloog over de verdere voortgang van de werkzaamheden een beslissing nemen Voorkomen dat tijdens de uitvoeringsfase situaties ontstaan met ondiep water en/of bulten vergraafbaar zand. Zo kan vestiging van rugstreeppad worden voorkomen. Als dit niet voorkomen kan worden, adviseren we het plangebied af te schermen met een amfibieënscherm Voorkomen van extra verlichting door alleen overdag werkzaamheden uit te voeren, en in de nachtperiode geen verlichting naar de omgeving uit te stralen
In het kader van de zorgplicht dienen er enkele aanvullende maatregelen genomen te worden, om schade aan niet beschermde soorten te voorkomen. Deze maatregelen bestaan uit: Tijdens het bouwrijp maken van het terrein de werkzaamheden vanuit één richting uitvoeren. Hierdoor kan aanwezige fauna het gebied tijdig ontvluchten
Wanneer fauna niet zelfstandig het plangebied kan verlaten dient deze op een veilige plaats buiten het plangebied geplaatst te worden
15/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
7 Conclusie In dit hoofdstuk zijn de conclusies en gevolgen voor de beoogde ontwikkeling samengevat.
7.1
Aanleiding
Gemeente Nunspeet is van plan een nieuwe woonwijk te ontwikkelen aan de Weversweg in Hulshorst, in de gemeente Nunspeet. TAUW heeft een natuurtoets uitgevoerd, gevolgd door nader onderzoek naar verblijfplaatsen van steenuil en kerkuil.
7.2
Conclusie
In de omgeving van het plangebied zijn nestplaatsen van steenuil en kerkuil vastgesteld. Eén van de nestplaatsen van steenuil, in een tuin direct naast het plangebied, bevindt zich binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden. De functionaliteit van deze verblijfplaats gaat mogelijk gedeeltelijk of geheel verloren. Dit betreft een overtreding van de Wet natuurbescherming waarvoor een ontheffing nodig is. Om effecten zoveel mogelijk te voorkomen zijn mitigerende en/of compenserende maatregelen nodig. De belangrijkste maatregel is het tijdig aanbieden van minimaal twee alternatieve nestkasten in geschikt leefgebied en buiten de invloedsfeer van het voornemen. Bij voorkeur worden de nestkasten binnen het huidige leefgebied, en dus binnen 100 á 150 meter van de huidige nestkast, geplaatst. Voor het aanvragen van een ontheffing moet een activiteitenplan worden opgesteld waarin is uitgewerkt op welke manier deze maatregelen getroffen worden. Ook moet in een alternatievenafweging worden onderbouwd dat er ten aanzien van de planning, werkwijze, inrichting en locatie geen alternatieven voorhanden zijn die gunstiger uitpakken voor het broedpaar steenuilen. Ook moet worden onderbouwd dat het voornemen een in de wet genoemd belang dient, waardoor de overtreding te rechtvaardigen is.
Op erven in de ruime omgeving van het plangebied zijn ook twee nestplaatsen van steenuil en een nestplaats van kerkuil aangetroffen. Omdat deze verblijfplaatsen en de functionele leefomgeving van de nestplaatsen zich buiten de invloedssfeer van de werkzaamheden bevinden, hoeven voor deze nestplaatsen geen maatregelen te worden getroffen. Voorafgaand en tijdens de bouwfase moet verder rekening gehouden worden met de mogelijke aanwezigheid van algemene broedvogels en moet vestiging van rugstreeppad in het plangebied voorkomen worden. Tabel 7.1 Samenvatting resultaten soortgericht onderzoek Soort
Aanwezig in het plangebied?
Ontheffing nodig?
Steenuil
Ja
Ja
Kerkuil
Nee
Nee
16/17
Kenmerk
R002-1287995RJG-V02-kst-NL
8 Literatuur BIJ12, 2017. Kennisdocument Steenuil. Athene noctua. Versie 1.0, juli 2017 BIJ12, 2017. Kennisdocument Kerkuil. Tyto alba. Versie 1.0. juli 2017 TAUW. (2022, oktober). Natuurtoets woningbouwlocatie Weversweg fase 2 te Hulshorst in Gelderland; Quickscan in het kader van de Wet natuurbescherming. TAUW-rapport met kenmerk R001-1287995RJG-V01-kzo-NL
17/17