CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

9. AP 6 Bijlagen bij de toelichting Bijlage 6 Geuronderzoek

Raadsvergadering 25 april 2024, gemeente NunspeetBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan en exploitatieplan 't Hul Noord.5.061 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ONDERZOEK GEURHINDER VEEHOUDERIJEN NUNSPEET 'T HUL NOORD

1

De Roever Omgevingsadvies Rembrandtlaan 4 5462 CH Veghel T 073 594 10 11 E info@deroever.nl W www.deroever.nl NL97 RABO 0122 6903 11 Advies- en ingenieursbureau J.G. de Roever B.V. KvK 16068733 BTW NL 8015.63.136.B.01

Titel document: Referentie: Datum: Opdrachtgever:

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord 20230823.v02 24 juli 2023 Buro SRO

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

2

INHOUDSOPGAVE 1.

INLEIDING ....................................................................................................................................... 4

1.1. 1.2.

Situatie ......................................................................................................................................... 4 Vraagstelling ................................................................................................................................ 5

2.

WETTELIJK KADER ...................................................................................................................... 6

2.1. 2.2. 2.3.

Wet geurhinder en veehouderij ................................................................................................... 6 Wijziging Activiteitenbesluit met betrekking tot landbouwactiviteiten .......................................... 6 Ruimtelijke plannen en geurhinder van veehouderijen ............................................................... 6

3.

UITGANGSPUNTEN EN ACHTERGRONDEN .............................................................................. 8

3.1. Uitgangspunten veehouderijen .................................................................................................... 8 3.2. Geuremissie en geurimmisie ....................................................................................................... 8 3.3. Verschillende beoordelingen ....................................................................................................... 8 3.3.1. Voorgrondbelasting.............................................................................................................. 8 3.3.2. Afstanden ............................................................................................................................. 9 3.3.3. Achtergrondbelasting ........................................................................................................... 9 3.4. 3.5. 3.6.

Geurbelasting versus geurhinder .............................................................................................. 10 Geurgevoelig object ................................................................................................................... 11 Bebouwde kom .......................................................................................................................... 12

4.

GEURBEREKENINGEN ............................................................................................................... 13

4.1. 4.2. 4.3. 4.4.

Afstanden ................................................................................................................................... 13 Voorgrondbelasting ................................................................................................................... 15 Achtergrondbelasting ................................................................................................................. 16 Beoordeling woon- en leefklimaat ............................................................................................. 18

5.

CONCLUSIE.................................................................................................................................. 19

BIJLAGE BIJLAGE BIJLAGE BIJLAGE

I. II. III. IV.

AFSTANDEN ............................................................................................................. 20 VOORGRONDBELASTING ...................................................................................... 21 ACHTERGRONDBELASTING ................................................................................. 22 VEEHOUDERIJGEGEVENS .................................................................................... 23

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

3

1.

INLEIDING

1.1.

Situatie

De initiatiefnemer heeft het voornemen het plan Nunspeet 't Hul Noord te ontwikkelen. Hiertoe is een wijziging van het bestemmingsplan noodzakelijk. Onderdeel van de bestemmingswijziging is dit geurrapport. Het plan omvat 600 woningen en een school en kleinschalige buurtfuncties. Het plangebied is aangegeven op afbeelding 1.

Afbeelding 1. Plangebied

In de omgeving van het plangebied liggen enkele veehouderijen. In dit rapport wordt het onderzoek naar de ligging van de geur- en afstandscontouren en naar de overige geuraspecten voor de ruimtelijke ontwikkeling beschreven.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

4

1.2.

Vraagstelling

Bij het beoordelen van een ruimtelijk plan spelen standaard de volgende vragen: 1. Is ter plaatse van de gewenste ruimtelijke ontwikkeling een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gegarandeerd? 2. Worden omliggende bedrijven (onevenredig) in hun belangen geschaad? Het onderzoek dat in dit kader is uitgevoerd beperkt zich tot geur afkomstig van veehouderijbedrijven. De meest recente milieuhygiënische inzichten liggen vast in de Wet geurhinder en veehouderij. In hoofdstuk 2 wordt het wettelijk kader toegelicht. Hoofdstuk 3 beschrijft de uitgangspunten en achtergronden die in dit onderzoek worden gebruikt. De beoordeling van de geursituatie wordt beschreven in hoofdstuk 4. Ten slotte volgen in hoofdstuk 5 de conclusies.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

5

2.

WETTELIJK KADER

2.1.

Wet geurhinder en veehouderij

In de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) staan standaard, landelijk geldende, afstanden en normen waaraan de ligging en geurbelasting van dierenverblijven getoetst moeten worden, in het geval van een aanvraag om milieuvergunning. De Wgv is nader uitgewerkt in de Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv). De normen gelden ter plaatse van geurgevoelige objecten (bijvoorbeeld woningen) en de afstanden gelden tot deze geurgevoelige objecten. De geurbelasting wordt berekend en getoetst met het verspreidingsmodel V-Stacks Vergunning. Dit verspreidingsmodel geldt alleen voor dieren waarvoor geuremissiefactoren zijn opgenomen in de Rgv. Voor dieren zonder geuremissiefactor gelden minimaal aan te houden afstanden. Enkele begrippen uit de Wgv die relevant zijn en gebruikt worden in dit rapport, zijn nader toegelicht in hoofdstuk 3.

2.2.

Wijziging Activiteitenbesluit met betrekking tot landbouwactiviteiten

Op 1 januari 2013 is een grote wijziging van het Activiteitenbesluit en de bijbehorende regeling in werking getreden. Met de wijziging zijn meer veehouderijen onder de regels van het Activiteitenbesluit komen te vallen. Daarbij is onder meer de beoordeling van geur conform de Wet geurhinder en veehouderij (zoals toegelicht in hoofdstuk 3 van dit rapport) meegenomen. De toetsing aan middels geurverordeningen aangepaste geurnormen en afstanden geldt ook voor veehouderijen die onder de regels van het Activiteitenbesluit vallen.

2.3.

Ruimtelijke plannen en geurhinder van veehouderijen

Bij het opstellen van ruimtelijke plannen moet worden gewaarborgd dat sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat op plaatsen waar het vestigen van een (geur)gevoelig object mogelijk wordt gemaakt. Verder moet worden voorkomen dat bestaande veehouderijen onevenredig in hun belangen worden geschaad. Om de milieucontouren te bepalen moet worden uitgegaan van de ‘omgekeerde werking’ van de milieuregelgeving. In de bestemmingsplantoets wordt daartoe getoetst of ter plaatse van de te bestemmen geurgevoelige objecten voldaan wordt aan de eisen die de milieuregelgeving stelt. Voor het aspect geur van veehouderijen moet een toets op grond van de Wgv worden uitgevoerd. Bij de toets moet worden uitgegaan van de omvang van de veestapel volgens de verleende vergunning of ingediende melding. Uit jurisprudentie1 blijkt dat voor de geurcontouren of aan te houden afstanden in principe moet worden uitgegaan van de randen van het bouwvlak. De rand van het bouwvlak wordt aangehouden omdat de veehouderij in principe het recht heeft om overal binnen het bouwvlak te bouwen. In sommige gevallen kan niet het volledige bouwvlak worden benut, vanwege de ligging ten opzichte van reeds bestaande geurgevoelige objecten. In dergelijke gevallen wordt uitgegaan van het reëel te benutten bouwvlak.

1

ABRvS 201205174/1/R4, 22 januari 2014

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

6

Alleen in het geval dat sprake is van een overbelaste situatie (in de betreffende richting), kan van deze werkwijze worden afgeweken. Van een overbelaste situatie is sprake als in de vergunde situatie niet wordt voldaan aan de geurnorm of afstand. In dat geval kan een veehouderij de ‘geurrechten’ in de betreffende richting niet anders gebruiken dan in de vergunde situatie het geval is (het gaat daarbij om stallen en emissiepunten). Voor het bepalen van de geur- en afstandscontouren kan dan worden uitgegaan van de ligging van de vergunde stallen en emissiepunten. Hiermee wordt invulling gegeven aan het uitgangspunt dat een bestaande veehouderij niet onevenredig in haar belangen mag worden geschaad. Deze werkwijze staat ook beschreven in de Handreiking bij de Wet geurhinder en veehouderij. Als uitgangspunt geldt dat in beginsel binnen de geur- en afstandscontouren rond de (bouwvlakken van de) veehouderijen geen sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Indien geurgevoelige objecten worden toegestaan binnen de afstandscontouren van een veehouderij, moet volgens jurisprudentie2 worden afgewogen of sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en of de veehouderij in haar belangen wordt geschaad.

Het woon- en leefklimaat in een gebied wordt behalve door de geurbelasting per veehouderij (voorgrondbelasting) ook bepaald door de achtergrondbelasting, de geurbelasting ten gevolge van alle veehouderijen samen. Het is aan de gemeente om te beoordelen of de geurbelasting en geurhinder in een specifiek gebied acceptabel zijn.

2

AbRS 24 oktober 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY1045, r.o. 2.4.9 en AbRS 16 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:3014

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

7

3.

UITGANGSPUNTEN EN ACHTERGRONDEN

3.1.

Uitgangspunten veehouderijen

Het onderzoek naar de geursituatie gaat uit van de aanwezige veehouderijen en de bestaande en te realiseren geurgevoelige objecten. In het onderzoek wordt zowel de vergunde geursituatie als de worst-case geursituatie beschouwd. De geurbelasting wordt bepaald op grond van geurberekeningen voor de voor- en achtergrondbelasting. Aan de hand hiervan kan ook het woon- en leefklimaat bepaald worden. Voor de huidige situatie worden de vergunde of gemelde bedrijfssituaties gehanteerd. In de worst-case situatie wordt aangehouden dat alle bestaande bebouwing wordt afgebroken en zodanig wordt teruggebouwd dat de geur- en afstandscontouren zo veel mogelijk richting het te bestemmen geurgevoelige object komen te liggen.

3.2.

Geuremissie en geurimmisie

De geuremissies worden uitgedrukt in Europese odour units (Europese geureenheden) per tijdseenheid: ouE/s. Deze geuremissies zijn bepaald op basis van metingen aan de geurconcentraties uit stallen. De emissiefactoren per dier staan weergegeven in bijlage 1 van de Rgv. De geurbelastingen (geurimissies) worden uitgedrukt in odour units per kubieke meter lucht: ouE/m3. Hiermee wordt het 98-percentiel van de geurconcentratie bedoeld. Dat is de geurconcentratie, berekend met een verspreidingsmodel, welke gedurende 2 procent van een jaar wordt overschreden.

3.3.

Verschillende beoordelingen

3.3.1.

Voorgrondbelasting

Met behulp van verspreidingsmodellen kan de geurbelasting vanuit dierenverblijven op geurgevoelige objecten worden berekend. De geurbelasting van een individuele veehouderij wordt ‘voorgrondbelasting’ genoemd. De geurbelasting is afkomstig van dieren waarvoor in de Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv) een omrekeningsfactor is vastgesteld, zoals varkens, vleesvee, pluimvee, schapen en geiten. De maximaal toegestane geurbelasting van veehouderijen op geurgevoelige objecten is afhankelijk van de ligging (concentratiegebied of geen concentratiegebied en binnen of buiten de bebouwde kom). De standaardnormen uit de Wgv zijn in tabel 1 opgenomen. Tabel 1. Geurnormen volgens de Wet geurhinder en veehouderij Ligging geurgevoelig object3*

Binnen bebouwde kom

Buiten bebouwde kom

3 ouE/m3 2 ouE/m3

14 ouE/m3 8 ouE/m3

Concentratiegebied Geen concentratiegebied * de gemeente Nunspeet ligt in een concentratiegebied.

3

gebied als aangegeven in bijlage I bij de Meststoffenwet

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

8

De Wgv biedt gemeenten de mogelijkheid de standaardnormen aan te passen middels een gemeentelijke verordening. Het plangebied ligt niet in een gebied waarvoor de gemeente Nunspeet in de ‘Verordening inzake geurhinder vanwege tot veehouderijen behorende dierenverblijven’ aangepaste geurnormen heeft vastgesteld. Daarom gelden bovenstaande wettelijke geurnormen. Bij het beoordelen van vergunningaanvragen is voor het bepalen van de geurbelasting het gebruik van het verspreidingsmodel V-Stacks Vergunning voorgeschreven. Hiermee kan op vooraf ingegeven locaties de geurbelasting worden berekend. Om een goed beeld van de geurbelasting te verkrijgen is het wenselijk om geurcontouren te kunnen berekenen en tekenen. Dit is mogelijk met het verspreidingsmodel V-Stacks Gebied.

3.3.2.

Afstanden

Naast geurnormen stelt de Wgv ook eisen aan de (vaste) afstanden van veehouderijen tot geurgevoelige objecten. De afstanden gelden voor dieren waarvoor in de Rgv geen omrekeningsfactoren zijn vastgesteld, zoals melkrundvee, vrouwelijk jongvee en paarden. De minimaal aan te houden afstand bedraagt 50 meter tot een geurgevoelig object buiten de bebouwde kom en 100 meter tot een geurgevoelig object binnen de bebouwde kom. Deze afstanden gelden ongeacht het aantal dieren dat er gehouden wordt en worden gemeten vanaf het dichtstbijzijnde emissiepunt van een stal waarin de betreffende dieren worden gehouden. De Wgv biedt gemeenten de mogelijkheid de standaard afstanden aan te passen middels een gemeentelijke verordening. Het plangebied ligt niet in een gebied waarvoor de gemeente Nunspeet in de ‘Verordening inzake geurhinder vanwege tot veehouderijen behorende dierenverblijven’ aangepaste afstandseisen heeft vastgesteld. Daarom gelden bovenstaande wettelijke afstandseisen. Daarnaast moet afstand van de buitenzijde van een dierenverblijf (onafhankelijk van de diersoort die er gehouden wordt) minimaal 25 meter bedragen tot een geurgevoelig object buiten de bebouwde kom en 50 meter bedragen tot een geurgevoelig object binnen de bebouwde kom (gevel-gevel afstand). De bedrijfswoning die tot dezelfde veehouderij behoort wordt overigens niet aangemerkt als geurgevoelig object.

3.3.3.

Achtergrondbelasting

De normen op grond van de Wgv gelden voor de geurbelasting van een individuele veehouderij. De (hoogste) geurbelasting van een individuele veehouderij op een geurgevoelig object wordt ook wel ‘voorgrondbelasting’ genoemd. De geurbelasting van alle veehouderijen samen op enige locatie wordt ‘achtergrondbelasting’ genoemd. Dit is vergelijkbaar met het begrip cumulatieve stankhinder uit de ‘stankrichtlijnen’. Het verschil tussen voorgrondbelasting en achtergrondbelasting wordt toegelicht in de op afbeelding 2.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

9

Voorgrondbelasting Achtergrondbelasting 3 ouE/m3 11 ouE/m3

4 ouE/m3 6 ouE/m3

Afbeelding 2. Voorgrondbelasting versus achtergrondbelasting

De Wgv kent geen normen voor de achtergrondbelasting of de mogelijkheid dergelijke normen te stellen. De achtergrondbelasting die optreedt of op kan treden is dan ook een gevolg van de aanwezige veehouderijen en de individuele geurbelasting. De gemeenteraad beoordeelt of de milieukwaliteit (de mate van geurhinder) die behoort bij een bepaalde achtergrondbelasting acceptabel is en of deze past binnen de doelstellingen voor een gebied.

3.4.

Geurbelasting versus geurhinder

In de Handreiking bij Wet geurhinder en veehouderij is beschreven hoe kan worden bepaald hoeveel geurhinder kan worden verwacht in een gebied, gelet op de geurbelasting die daar is berekend. Op grond van de berekende geurbelastingen wordt met behulp van de tabellen A (achtergrondbelasting) en B (voorgrondbelasting) uit bijlage 6 van de Handreiking de te verwachten geurhinderpercentages bepaald. Het hoogste geurhinderpercentage (voorgrondbelasting of achtergrondbelasting) is maatgevend voor de geursituatie. Deze percentages zijn bedoeld om een vertaalslag te maken tussen de waarden voor de geurbelasting en de milieukwaliteit. De percentages zijn afkomstig uit het ‘Geuronderzoek stallen intensieve veehouderij’ (PRA Odournet, 2001). De geursituatie wordt beschreven in termen van milieukwaliteit, onderverdeeld in acht categorieën van ‘zeer goed’ tot ‘extreem slecht’. Deze termen zijn afkomstig uit de ‘GGD-richtlijn geurhinder (oktober 2002)’. Dit is beschreven in bijlage 7 van de Handreiking. Een overzicht van de geurbelasting in relatie tot de geurhinderpercentages en de milieukwaliteit is te zien in tabel 2.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

10

Tabel 2. Woon- en leefklimaat versus geurgehinderden versus geurbelasting Milieukwaliteit Geurgehinderden Voorgrondbelasting* Achtergrondbelasting* Zeer goed 0–5% 0 – 1,5 ouE/m3 0 - 3 ouE/m3 3 Goed 5 – 10 % 1,5 – 3,7 ouE/m 3 - 8 ouE/m3 3 Redelijk goed 10 – 15 % 3,7 - 6,5 ouE/m 8 – 13 ouE/m3 3 Matig 15 – 20 % 6,5 – 10 ouE/m 13 – 20 ouE/m3 3 Tamelijk slecht 20 – 25 % 10 – 14 ouE/m 20 – 28 ouE/m3 Slecht 25 – 30 % 14 – 19 ouE/m3 28 – 38 ouE/m3 Zeer slecht 30 – 35 % 19 – 25 ouE/m3 38 – 50 ouE/m3 Extreem slecht 35 – 40 % 25 – 32 ouE/m3 50 – 65 ouE/m3 * deze waarden gelden alleen voor concentratiegebieden, voor niet-concentratiegebieden bestaan andere waarden. De gemeente Nunspeet ligt in een concentratiegebied.

De omschrijving van de milieukwaliteit kan niet op zichzelf worden gezien. De beleving van deze aanduidingen sluit het beste aan bij woongebieden. Ook dan is er in de beleving van geur een hele stap tussen de twee opeenvolgende categorieën, zoals ‘redelijk goed’ en ‘matig’. Het verschil in geur tussen twee klassen kan nabij de grens daartussen (op korte afstand) niet worden waargenomen. Het ‘gat’ bestaat alleen tekstueel, omdat de geurbelastingen en hinderpercentages op elkaar aansluiten.

3.5.

Geurgevoelig object

Een geurgevoelig object is in de Wgv gedefinieerd als: 'gebouw, bestemd voor en blijkens aard, indeling en inrichting geschikt om te worden gebruikt voor menselijk wonen of menselijk verblijf en die daarvoor permanent of een daarmee vergelijkbare wijze van gebruik, wordt gebruikt'. Alleen een gebouw kan een geurgevoelig object zijn. Duidelijk is dat een woning een geurgevoelig object is, mits deze een positieve planologische bestemming heeft en feitelijk geschikt is en gebruikt wordt om in te wonen. Of een ander gebouw (niet zijnde een woning), bijvoorbeeld een bedrijfsgebouw een geurgevoelig object is moet worden beoordeeld aan de hand van de criteria die in de definitie verder zijn opgenomen. Het gebouw is bestemd voor menselijk verblijf. Gezien de toelichting op de Wgv betekent dit dat de locatie volgens een geschikte planologische bestemming een functie moet hebben voor menselijk verblijf. In een kantoorgebouw, werkruimte of expeditieruimte kunnen zich mensen ophouden. Het gebouw is blijkens aard, indeling en inrichting geschikt om te worden gebruikt voor menselijk verblijf. Het gebouw moet zodanig zijn (aard, indeling en inrichting) dat het feitelijk gezien ook mogelijk is om in het gebouw te verblijven. Als aan het voorgaande wordt voldaan zal dit in de praktijk normaliter ook het geval zijn.

Het gebouw wordt daarvoor (menselijk verblijf) permanent of een daarmee vergelijkbare wijze van gebruik, gebruikt. Onduidelijk is wat onder permanent of een daarmee vergelijkbare wijze van gebruik wordt verstaan. Waar de grens ligt in de mate van gebruik zal uit de jurisprudentie moeten blijken.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

11

Gelet op de definitie wordt er van uitgegaan dat gebouwen, waarin zich gedurende langere tijd, vrijwel dagelijks (meerdere) mensen verblijven (ook werken) aangemerkt worden als geurgevoelig object. Dit wordt bevestigd in jurisprudentie (onder andere ABRvS 200709155/1 van 24 december 2008, ABRvS 200801961/1 van 11 maart 2009, ABRvS 200902795/5/R3 van 14 oktober 2009 en ABRvS 201202274/1/A1 van 10 oktober 2012). Het plan voorziet in de realisatie van geurgevoelige objecten.

3.6.

Bebouwde kom

Het begrip bebouwde kom is in de Wgv niet gedefinieerd, evenmin als in de Wet op de Ruimtelijke Ordening (Wro). In de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel van de Wgv is aangegeven dat de grens van de bebouwde kom ‘niet wordt bepaald door de Wegenverkeerswetgeving, maar evenals in de ruimtelijke ordening door de aard van de omgeving’. Binnen een bebouwde kom is de op korte afstand van elkaar gelegen bebouwing geconcentreerd tot een samenhangende structuur. Als bebouwde kom wordt beschouwd: ‘het gebied dat door aaneengesloten bebouwing overwegend een woon- en verblijffunctie heeft’ en waarin (dus) veel mensen per oppervlakte-eenheid daadwerkelijk wonen of verblijven. InfoMil concludeert in haar handleiding behorend bij de Wgv dat het voor de hand ligt om voor de grenzen van de bebouwde kom aan te sluiten bij wat in de ruimtelijke ordening (het plaatselijke bestemmingsplan) daaronder wordt verstaan. Of een bepaalde omgeving een bebouwde kom is zal per geval moeten worden bepaald. Zoals gezegd is dit niet eenduidig gedefinieerd. De volgende zaken spelen in deze afweging en rol: - dichtheid bebouwing; - aard en structuur van de omgeving en bebouwing; - planologische karakter. Mogelijk dat ook de historische situatie een rol speelt.

Voor woningen gaan wij uit van een bebouwde kom, als deze in een woonwijk of woongebied zijn gelegen, waarbij de erven aan meerdere zijden aan elkaar aansluiten. Woningen die geconcentreerd zijn gelegen in een op zichzelf staande lintbebouwing beschouwen wij niet als bebouwde kom. Deze opvatting sluit aan bij de jurisprudentie over het begrip bebouwde kom zoals dat werd gehanteerd in de brochure veehouderij en Hinderwet (één van de 'stankrichtlijnen') en in de Stankwet. Het plangebied maakt na realisatie van de beoogde geurgevoelige objecten onderdeel uit van een bebouwde kom.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

12

4.

GEURBEREKENINGEN

In de omgeving van het plangebied liggen veehouderijen. Deze veehouderijen en de totale geuremissies zijn aangegeven op afbeelding 3.

Afbeelding 3. Veehouderijen en geuremissies

4.1.

Afstanden

In paragraaf 3.3.2 is toegelicht dat voor dieren waarvoor in de Rgv geen geuremissiefactoren zijn vastgesteld een afstand van 100 meter tussen het emissiepunt van een dierenverblijf en de gevel van een geurgevoelig object binnen de bebouwde kom in acht moet worden genomen. Binnen de afstand van 100 meter rondom het plangebied ligt de veehouderij aan Oude Zeeweg 2. Voor deze veehouderij is op 13 december 2018 een melding op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer ingediend voor het houden van 116 melkkoeien (A1.100) en 90 stuks vrouwelijk jongvee (A3.100). Voor melkkoeien en vrouwelijk jongvee zijn in de Rgv geen geuremissiefactoren vastgesteld.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

13

Daarnaast geldt een gevel-gevelafstand van 50 meter tussen de gevel van enig dierenverblijf (ongeacht of voor de betreffende dieren in de Rgv een geuremissiefactor is vastgesteld of niet) en de gevel van een geurgevoelig object binnen de bebouwde kom. Op afbeelding 4 en de kaart in bijlage I is de afstandscontour van 100 meter rondom de betreffende dierenverblijven weergegeven. Omdat de veehouderij in noordelijke richting niet overbelast is op bestaande geurgevoelige objecten, moet in het kader van de maximale planologische mogelijkheden worden uitgegaan van de rand van het bouwvlak. Daarom is op afbeelding 4 ook de afstandscontour van 100 meter rondom het bouwvlak weergegeven (stippellijn).

Afbeelding 4. Afstanden

Wanneer bij verdere planvorming de bouwvlakken voor beoogde geurgevoelige objecten buiten de maximale afstandscontour (de stippellijn) worden geprojecteerd is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en worden de veehouderijen niet in de belangen geschaad. Hierbij is rekening gehouden met de maximale planologische mogelijkheden van de veehouderijen.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

14

4.2.

Voorgrondbelasting

Gelet op de totale geuremissie en de afstand tot het plangebied en gelet op resultaten van de berekening van de achtergrondbelasting (zie paragraaf 4.3) is de veehouderij aan Oude Molenweg 1 maatgevend voor de voorgrondbelasting. Andere veehouderijen hebben een lagere totale geuremissie en zijn verder weg gelegen. Voor deze veehouderij is een geurberekening uitgevoerd op basis van de omgekeerde werking van de Wgv, uitgaande van de rand van het bouwvlak zo dicht mogelijk bij het plangebied. Verder is uitgegaan van standaard parameters behorende bij mechanische ventilatie. De geurbelasting is berekend met het rekenprogramma V-Stacks vergunning 2020 (meest recente milieuhygiënische inzichten). De geurberekening is opgenomen in bijlage II. De emissiepunten en toetspunten zijn aangegeven op afbeelding 5.

Afbeelding 5. Emissiepunten en toetspunten

De geurbelasting op de rand van het plangebied bedraagt op zijn hoogst 1,7 ouE/m3. Er wordt voldaan aan de geurnorm van 3,0 ouE/m3 voor geurgevoelige objecten in een bebouwde kom. De veehouderij wordt niet in haar belangen geschaad. Het woon- en leefklimaat wordt afgewogen in paragraaf 4.4.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

15

4.3.

Achtergrondbelasting

De achtergrondbelasting wordt gevormd door de geurbelasting van alle veehouderijen samen (zie paragraaf 3.3.3). De geuremissie is afkomstig van dieren waarvoor in de Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv) een omrekeningsfactor is vastgesteld, zoals varkens, vleesvee, pluimvee, schapen en geiten. Bij een onderzoek naar de achtergrondbelasting worden alle veehouderijen binnen een straal van twee kilometer van het plangebied betrokken. Op basis van KRD Gelderland (export 1 mei 2023) zijn de relevante veehouderijen geselecteerd en zijn de totale geuremissie en de overige (algemene) parameters voor de geurberekeningen bepaald. De veehouderijgegevens zijn opgenomen in bijlage IV. De achtergrondbelasting is berekend met het verspreidingsmodel V-Stacks Gebied. De rekeninstellingen zijn als volgt:

De achtergrondbelasting is weergegeven op afbeelding 6 en op de kaart in bijlage III. De achtergrondbelasting is weergegeven in verschillende klassen van het woon- en leefklimaat (zie tabel 2 paragraaf 3.4).

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

16

Afbeelding 6. Achtergrondbelasting

De berekende waarden voor de achtergrondbelasting op de toetspunten bedragen: Cumulatieve geurbelasting op receptorpunten, zoals berekend RecepID X-coor Y-coor Geurnorm Geurbelasting [OU/m3] 101 181188 489165 10.00 1.01 TP01 102 181451 489280 10.00 1.06 TP02 103 181553 489311 10.00 1.16 TP03 104 181864 489428 10.00 1.43 TP04 105 181882 489151 10.00 1.12 TP06 106 181852 488886 10.00 0.79 TP07 107 181567 488675 10.00 0.70 TP08 108 181241 488550 10.00 0.86 TP09 109 181078 488964 10.00 1.18 TP10 Het woon- en leefklimaat wordt afgewogen in paragraaf 4.4.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

17

4.4.

Beoordeling woon- en leefklimaat

Uit voorgaande paragrafen blijkt dat: - een deel van het plangebied binnen de afstandscontour van 100 meter rondom het bouwvlak van de veehouderij aan Oude Zeeweg 2 ligt; - de voorgrondbelasting op zijn hoogst 1,7 ouE/m3 bedraagt; - de achtergrondbelasting op zijn hoogst 1,4 ouE/m3 bedraagt. De achtergrondbelasting is lager dan de voorgrondbelasting vanwege een ander rekengebied (andere waarde voor de ruwheidslengte). Wanneer bij verdere planvorming de bouwvlakken voor beoogde geurgevoelige objecten buiten de maximale afstandscontour (de stippellijn op de kaart in bijlage I) worden geprojecteerd is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ten aanzien van afstanden. De hoogst berekende voorgrondbelasting bedraagt 1,7 ouE/m3. Deze waarde voor de voorgrondbelasting komt volgens tabel 2 in paragraaf 3.4 overeen met een ‘goed’ woon- en leefklimaat. In paragraaf 3.3.1 is toegelicht dat de geurnorm voor geurgevoelige objecten binnen het plangebied 3,0 ouE/m3 bedraagt. Aan deze geurnorm (die overeenkomt met een ‘goed’ woon- en leefklimaat) wordt voldaan. De hoogst berekende achtergrondbelasting van 1,4 ouE/m3 komt overeen met een ‘zeer goed’ woon- en leefklimaat. Het woon- en leefklimaat op grond van de achtergrondbelasting is daarom beter dan het ‘goed’ woon- en leefklimaat dat op grond van de individuele geurnorm voor de voorgrondbelasting aanvaardbaar wordt geacht.

Als vuistregel geldt dat de achtergrondbelasting maatgevend is als deze meer dan het dubbele bedraagt van de voorgrondbelasting. Dat is hier niet het geval, de voorgrondbelasting is maatgevend. Gelet op het bovenstaande is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

18

5.

CONCLUSIE

In dit onderzoek is de geur van veehouderijen ter plaatse van het plan Nunspeet ’t Hul Noord onderzocht. In deze conclusie wordt antwoord gegeven op de onderzoeksvragen, zoals gesteld in paragraaf 1.2. In hoofdstuk 4 van dit rapport is toegelicht dat sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en dat de belangen van veehouderijen niet worden geschaad. Voorwaarde hierbij is dat bij verdere planvorming de bouwvlakken voor beoogde geurgevoelige objecten buiten de maximale afstandscontour (de stippellijn op de kaart in bijlage I) worden geprojecteerd.

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

19

BIJLAGE

I. AFSTANDEN

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

20

BIJLAGE

II. VOORGRONDBELASTING

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

21

Gegenereerd op: 8-05-2023

berekend met : V-Stacks Vergunning 2020 Release juli 2020

(c) DNV GL

Page 1

Naam van de berekening: Oude Molenweg 1 Doornspijk Gemaakt op: 2023-05-08 16:23:41 Rekentijd: 0:00:19 Naam van het bedrijf: Oude Molenweg 1 Doornspijk Berekende ruwheid: 0,065 m

Brongegevens: Volgnr. BronID 1

Rand bouwvlak

X-coord. 181 638

Y-coord. 490 053

EP Hoogte 5,0

EP Diam. 0,5

Geur gevoelige locaties: Volgnr. BronID

X-coord.

Y-coord.

Geurnorm

Geurbelasting

2

TP01

181 188

489 165

3,0

0,7

3

TP02

181 451

489 280

3,0

1,0

4

TP03

181 553

489 311

3,0

1,1

5

TP04

181 864

489 428

3,0

1,7

6

TP06

181 882

489 151

3,0

1,0

7

TP07

181 852

488 886

3,0

0,6

8

TP08

181 567

488 675

3,0

0,4

9

TP09

181 241

488 550

3,0

0,4

10

TP10

181 078

488 964

3,0

0,5

EP Uittr. snelh. E-Aanvraag 4,00

34 995

Geb. Hoogte 6,0

Gegenereerd op: 8-05-2023

berekend met : V-Stacks Vergunning 2020 Release juli 2020

(c) DNV GL

Page 2

BIJLAGE

III. ACHTERGRONDBELASTING

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

22

BIJLAGE

IV. VEEHOUDERIJGEGEVENS

Onderzoek geurhinder veehouderijen Nunspeet 't Hul Noord Datum: 24 juli 2023 ; Referentie: 20230823.v02

23

Bijlage IV - Veehouderijgegevens IDNR

X 1001 1002 1003 1004 1005 1006 1007 1008 1009 1010 1011 1012 1013 1014 1015 1016 1017 1018 1019 1020 1021 1022 1023 1024 1025 1026 1027 1028 1029 1030 1031 1032 1033 1034 1035 1036 1037 1038 1039

Y 180668 183140 179260 180524 180021 179306 179882 181774 180158 179672 180772 180632 183589 181012 179126 182783 179701 179216 180748 182702 180056 179435 179817 181354 182240 183025 180310 179969 180811 182920 182370 182793 182039 181340 181685 181377 182159 182679 181412

EPH 488133 489996 488251 488249 487660 489066 487976 489967 487621 488090 489648 488060 489850 488346 488753 489811 487660 488338 487852 489821 487446 487968 489160 488511 489537 489994 489119 487937 489745 490286 490511 490793 490338 490842 490130 490312 490385 490816 490899

GEBH 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5

DIAM 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6

UITTR 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5

4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4

EVERG EMAX ADRES 5624.8 5624.8 Waterweg 48 8071RT Nunspeet 0 0 Elburgerweg 108 8071TB Nunspeet 0 0 Vreeweg 98 8071SK Nunspeet 0 0 Waterweg 47 8071RS Nunspeet 0 0 Vicarieweg 22 8071SL Nunspeet 63724 63724 Kolmansweg 95 8071SP Nunspeet 14030 14030 Hardenbrinkweg 46 8071SM Nunspeet 0 0 Molenweg 116 8071TG Nunspeet 19600 19600 Hardenbrinkweg 25 8071SM Nunspeet 13573.5 13573.5 Vicarieweg 58 8071SL Nunspeet 0 0 Pangelerweg 5 8071SR Nunspeet 0 0 Waterweg 41 b 8071RR Nunspeet 0 0 Bovenweg 87 8072PG Nunspeet 0 0 Rietenweg 25 8071RW Nunspeet 195 195 Vreeweg 120 8071SK Nunspeet 418.5 418.5 Elburgerweg 95 8071TA Nunspeet 390 390 Vreeweg 51 8071SJ Nunspeet 0 0 Vreeweg 107 a 8071SJ Nunspeet 0 0 Waterweg 35 8071RR Nunspeet 390 390 Veelhorsterweg 29 8071SX Nunspeet 6049 6049 Vreeweg 26 8071SK Nunspeet 36330.7 36330.7 Vreeweg 78 8071SK Nunspeet 0 0 Kolmansweg 38 8071SG Nunspeet 0 0 Oude Zeeweg 2 8071TM Nunspeet 390 390 Bovenweg 17 8071ST Nunspeet 22499.2 22499.2 Elburgerweg 107 8071TA Nunspeet 1137.6 1137.6 Kolmansweg 71 8071SP Nunspeet 20220.8 20220.8 Hardenbrinkweg 55 8071SM Nunspeet 0 0 Pangelerweg 14 8071SR Nunspeet 29851.6 29851.6 Zuiderzeestraatweg West 162 8085AK Doornspijk 11229.9 11229.9 Mezenbergerweg 30 8085SV Doornspijk 2116 2116 Mezenbergerweg 11 8085ST Doornspijk 0 0 Mezenbergerweg 34 8085SV Doornspijk 0 0 Knibbelweg 7 A 8085TA Doornspijk 34994.8 34994.8 Oude Molenweg 1 8085SW

Doornspijk 8363.5 8363.5 van Norelsweg 1 8085SX Doornspijk 0 0 Mezenbergerweg 32 8085SV Doornspijk 15219.7 15219.7 Mezenbergerweg 20 8085SV Doornspijk 1459.6 1459.6 Knibbelweg 5 A 8085TA Doornspijk

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14055422/1