Zienswijze ontwerpbegroting Blink 2027 - Bijlage Begroting Blink 2027
Tekst van het document
Begroting 2027
Versie 12-03-2026
Inhoudsopgave Leeswijzer ........................................................................................................................................... 3 1. Inleiding ............................................................................................................................................... 4 Kaders en uitgangspunten .................................................................................................................. 4 De begroting op hoofdlijnen ................................................................................................................ 5 2. Beleidsbegroting ............................................................................................................................... 11 Algemeen .......................................................................................................................................... 11 Strategie ............................................................................................................................................ 11 Productgroep Afvalinzameling .......................................................................................................... 12 Productgroep Reiniging.....................................................................................................................
14 Overige dienstverlening .................................................................................................................... 15 3. Paragrafen ........................................................................................................................................ 17 Weerstandsvermogen en risicobeheersing....................................................................................... 17 Onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................................................... 18 Financiering ....................................................................................................................................... 19 Bedrijfsvoering .................................................................................................................................. 20 Openbaarheidsparagraaf op grond van de Wet Open Overheid ...................................................... 21 Verbonden partijen ............................................................................................................................ 21 4. Meerjareninvesteringsbegroting ........................................................................................................ 23 5.
Balans ............................................................................................................................................... 24 6. Kasstroomoverzicht ........................................................................................................................... 25 7. EMU saldo ......................................................................................................................................... 26 8. Overzicht van de lasten per gemeente per productgroep................................................................. 27 Bijlage 1 Productbladen per gemeente ................................................................................................. 29
2
Leeswijzer De indeling van deze begroting voldoet aan de meest recente eisen van het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV). Wij hebben gestreefd naar een zo beknopt mogelijk boekwerk.
Hoofdstuk 1 bevat de inleiding en beschrijft de belangrijkste uitgangspunten voor de begroting en de begroting op hoofdlijnen. Hoofdstuk 2, de beleidsbegroting, bevat de inhoudelijke doelstellingen, beschrijft de te behalen resultaten en geeft de begrote bedragen per onderdeel van de dienstverlening. In hoofdstuk 3 zijn de paragrafen opgenomen. Hierin beschrijven wij de voor onze GR verplichte onderdelen. De inhoud van de paragrafen voldoet aan de eisen van het BBV en sluit zo goed mogelijk aan op de informatiebehoefte van de deelnemende gemeenten. In hoofdstuk 4 tot en met 7 vindt u de meerjareninvesteringsbegroting en de voor het BBV verplichte onderdelen zoals de meerjarenbalans, kasstroomoverzicht en het EMU-saldo. Hoofdstuk 8 geeft inzicht in de geraamde bijdrage per gemeente per programma-onderdeel. Hierbij zijn de instructies gevolgd van het Financieel Fundament 2020. In bijlage 1 zijn de productbladen per gemeente opgenomen.
3
1. Inleiding Kaders en uitgangspunten De begroting 2027 en meerjarenraming 2028-2030 is opgesteld volgens onderstaande uitgangspunten: 1. De hoeveelheden voor de afvalstromen zijn geraamd op basis van de realisatie 2025, gecombineerd met het inzicht van de coördinatoren milieustraten en inzameling over de te verwachten effecten. 2. De CAO TLN, waar onze medewerkers onder vallen, is vastgesteld met een looptijd tot 3112-2026. Voor de loonontwikkeling over 2027 en verder is gerekend met een indexatie van 3,8% over de jaren 2027-2030. (Bron: website CPB actualisatie Verkenning middellange termijn tot en met 2033.) 3. Tarieven zijn berekend op basis van de prijzen/tarieven 2026, verhoogd met een algemene indexatie van 2,4% over de jaren 2027-2030. (Bron: website CPB actualisatie Verkenning middellange termijn tot en met 2033.) 4. Voor de kapitaallasten hanteren wij een rentepercentage van 3,4%, in lijn met de actuele rentepercentages op onze leningen. 5. De in de begroting opgenomen concept meerjareninvesteringsbegroting is gebaseerd op de vervanging van bestaande assets op grond van de technische levensduur. 6. De kosten van de nieuwe huisvesting zijn opgenomen conform de aangepaste planning (afronding december 2026). Dat wil zeggen dat de nieuwe (kapitaal)lasten starten in 2027 en de huidige huisvestingskosten doorlopen in 2026.
4
De begroting op hoofdlijnen
Blink Mutatie absoluut mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 26.820 25.619 29.101 30.301 3.482 1.200 14% 4%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 31.122 32.208 33.263 821 1.086 1.055 3% 3% 3%
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 26.819 25.619 29.101 30.301 995 917 1.017 1.024 1.852 1.720 1.932 2.050 3.071 2.772 3.248 3.463 1.047 1.037 1.107 1.143 11.725 11.436 13.136 13.473 1.970 1.838 2.081 2.262 2.529 2.456 2.662 2.762 1.891 1.715 2.009 2.145 1.738 1.728 1.908 1.978 3.481 1.200 14% 4%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 31.122 32.208 33.263 1.053 1.092 1.130 2.106 2.177 2.246 3.556 3.677 3.795 1.174 1.214 1.253 13.841 14.339 14.820 2.322 2.398 2.473 2.836 2.936 3.032 2.202 2.275 2.347 2.031 2.099 2.166 821 1.086 1.055 3% 3% 3%
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 26.819 25.619 29.101 30.301 19.718 18.697 21.655 22.908 6.348 6.328 6.614 6.605 408 345 373 387 324 250 175 100 283 300 22 3.481 1.200 14% 4%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 31.122 32.208 33.263 23.528 24.337 25.124 6.790 7.050 7.298 400 414 429 104 108 112 300 300 300 821 1.086 1.055 3% 3% 3%
Begroting per gemeente
Blink Asten Deurne Gemert-Bakel Heeze-Leende Helmond Laarbeek Nuenen Someren Son en Breugel Mutatie absoluut Mutatie in %
Begroting per programma
Blink Inzameling Reinging Diensten Projecten Onvoorzien Kosten extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Het totale bedrijfsresultaat van de Gemeenschappelijke regeling wordt doorbelast aan de deelnemende gemeenten, waardoor het geraamde saldo van baten en lasten € 0,- bedraagt. Het begrotingstotaal 2027 is met € 1.200.000 (4%) gestegen ten opzichte van 2026, van € 29.101.000 naar € 30.301.000.
5
Begroting per kostensoort
Blink Personeel Materieel Blink dienstverlening Inkoop Werk Derden Transport Verwerkingslasten Totaal Directe kosten Indirecte kosten Projectkosten Onvoorzien Mutatie absoluut Mutatie in %
Herindeling Meerjaren Meerjaren Meerjaren Begroting Begoting raming raming raming 2026 2027 2028 2029 2030 29.101 30.301 31.122 32.208 33.263 7.965 8.008 8.313 8.628 8.956 4.737 4.989 5.114 5.487 5.778 556 720 748 776 806 1.983 1.497 1.524 1.561 1.598 1.637 2.671 2.601 2.591 2.654 2.717 2.782 1.644 1.579 1.500 1.536 1.573 1.610 5.097 5.162 5.430 5.560 5.693 5.830 24.096 24.096 24.763 25.485 26.474 27.400 4.547 4.547 5.138 5.234 5.327 5.452 175 175 100 104 108 112 283 283 300 300 300 300 3.482 3.482 1.200 821 1.086 1.055 14% 14% 4% 3% 3% 3%
Realisatie Begroting Begroting 2025 2025 2026 26.820 25.619 29.101 7.170 7.711 7.965 4.032 3.888 4.737 1.389 2.756 1.654 4.772 21.773 4.727 320 -
2.038 2.587 1.135 4.111 21.471 3.898 250 -
De begroting 2027 bevat diverse herindelingen tussen kostensoorten binnen de directe kosten ten opzichte van de begroting 2026. Deze herindelingen hebben de volgende achtergrond: vanaf 2027 worden de diensten die Blink voor gemeenten uitvoert ondergebracht in de nieuwe kostensoort ‘Blink dienstverlening’. Deze diensten worden voortaan rechtstreeks aan de betreffende gemeente doorbelast, en niet via inzeturen als doorbelastingssleutel. Hierdoor verschuiven bepaalde kostenposten in de begroting 2027 ten opzichte van 2026. Deze herindelingen hebben geen effect op het totaal van de directe kosten, noch op de kosten per gemeente. Om een goede vergelijking mogelijk te maken, is voor de directe kostensoorten een herindeelde kolom van de begroting 2026 toegevoegd, die aansluit op de indeling zoals toegepast in de begroting 2027. In onderstaande tabel worden daarom uitsluitend de werkelijke kostenmutaties boven 50.000 euro toegelicht tussen de herindeelde begroting 2026 en de begroting 2027. De belangrijkste oorzaken van deze werkelijke kostenmutaties staan toegelicht op de volgende pagina.
6
Kostensoort
Toelichting
Mutatie
Personeel
Voor de inzameling van huisvuil wordt uitgegaan van een normale en gewenste bezetting van voertuigen en personeel. Door uitbreiding van de dienstverlening (textielinzameling voor Nuenen en Laarbeek) en begroting op basis van volle bezetting neemt het aantal inzeturen toe. Hierdoor blijven zowel eigen medewerkers als uitzendkrachten nodig, waarbij het aantal 43 N uitzendkrachten vergelijkbaar blijft met begroting 2026. Door een recente aanbesteding vallen de kosten van uitzendkrachten lager uit dan in de begroting 2026 was geraamd. De stijging van de personeelslasten wordt verder veroorzaakt door de CAO loonsverhoging (3,8% per 01-01-2027 op basis van CPB).
Materieel
Blink investeert continu in het wagenpark. Na de overname van het wagenpark van PreZero is sprake van een verouderde vloot, waardoor vervangingsinvesteringen noodzakelijk zijn. De kapitaallasten van deze investeringen zijn opgenomen in de materieellasten en worden op basis van ingezette uren aan gemeenten doorbelast. De totale kosten van het wagenpark stijgen met 5%, mede door hogere aanschafprijzen en indexeringen op onderhoudskosten.
253 N
Blink dienstverlening
Dit betreft diensten die Blink uitvoert voor gemeenten, maar die niet via inzeturen worden doorbelast. De kosten worden direct aan de betreffende gemeente gealloceerd. Het gaat onder meer om de dienst Klantenservice Blink (tot eind 2025 via Inovim), de monteursdienst voor beheer ondergrondse containers en de kapitaallasten voor investeringen in milieustraten en ondergrondse containers. De investeringen in vervanging en 164 N uitbreiding ondergrondse containers worden voor alle Blink-gemeenten m.u.v. gemeente Helmond per 2027 opgenomen en deze kosten zijn gerubriceerd onder Blink dienstverlening. De kosten voor kapitaallasten ondergrondse containers zijn dus nieuw in deze begroting en vallen weg uit de gemeentelijke begrotingen.
Transport
Sinds de aanbesteding van de verwerking van milieustraatstromen (april 2025) worden diverse afvalstromen verwerkt door een andere eindverwerker, dat geografisch gunstiger ligt dan de vorige eindverwerker. Hierdoor is minder extern transport nodig, wat een positief effect heeft op de begroting. Ook vallen de kapitaallasten voor afzetcontainers lager uit ten opzichte van 79 V de begroting 2026 door lagere afschrijvingskosten. De transport- en overslagtonnages in 2027 zijn gebaseerd op de realisatie 2025, wat een licht positief effect heeft t.o.v. begroting 2026, met name door lagere tonnages in GFT.
Verwerkingskosten De stijging wordt veroorzaakt door hogere verwerkingstarieven, vooral voor afvalstromen op de milieustraten. Sinds de aanbesteding van april 2025 worden diverse stromen – zoals grof huisvuil, hout B/C, bouw- en sloopafval en harde kunststoffen – verwerkt door een andere eindverwerker. In begroting 2026 werd nog gerekend met tarieven van de vorige eindverwerker, waardoor de tarieven in 2027 hoger uitvallen.
268 N
Indirecte kosten
591 N
Indirecte kosten worden toegelicht op de volgende pagina’s.
7
Ondersteunend personeel en management Subtotaal ondersteunend personeel en management
2026
2027
2028
2029
2030
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
3.276
3.267
3.379
3.507
3.641
103
89
104
103
103
Huisvesting Gerstdijk
185
15
-
-
-
Faciliteiten locatie Gerstdijk
158
13
-
-
-
Faciliteiten locatie Beemdweg
-
173
177
181
186
Voertuigen teamleiders, poolauto's Sutotaal voertuigen teamleiders, poolauto's Huisvesting Blink
Kapitaallasten inventaris Kapitaallasten huisvesting excl zoutloods
10 -
32
31
30
29
641
632
622
613
Faciliteiten locatie 't Cour
25
2
-
-
-
Verdieping Hal Gerstdijk
6
1
-
-
-
Huur 't Cour
47
4
-
-
-
Servicekosten 't Cour
24
2
-
-
-
Subtotaal huisvesting Blink
455
883
840
834
828
Diverse kosten ICT
246
371
379
388
397
Kapitaallasten software
31
31
30
16
5
ICT
Kapitaallasten hardware
-
66
61
28
18
Subtotaal ICT
277
468
471
432
420
Kantoorbenodigdheden
15
15
16
16
16
Drukwerk
20
20
21
21
22
Telefonie
52
78
79
81
83
Lidmaatschap Midwaste
60
63
64
66
67
Abonnementen/contributies/KvK
98
63
64
66
67
Bedrijfsverzekeringen
50
73
75
77
78
Accountantskosten
60
61
63
64
66
Bankkosten
5
5
5
5
Overige Indirecte kosten
Rentebaten Schatkistbankieren
-
-
-
5
-
-
Communicatie en branding
50
26
27
27
28
Bestuurs- en vergaderkosten
10
10
10
11
11
Kosten OR
15
15
16
16
16
Overige kosten
-
-
-
-
-
Subtotaal overige indirecte kosten
435
430
440
450
461
4.547
5.138
5.234
5.327
5.452
8
Toelichting indirecte kosten De indirecte kosten nemen toe met € 591k (13%). De indirecte kosten worden intern doorbelast en zijn daardoor onderdeel van de kosten per programma. Hieronder zijn de belangrijkste ontwikkelingen en mutaties toegelicht. Voor 2027 is uitgegaan van 3,8% indexering voor personeelsgerelateerde kosten en 2,3% indexering voor overige kosten. Deze indexeringen zijn gebaseerd op de prijs- en loonindexcijfers van het CBS. Ramingen zijn gebaseerd op realisatie 2025 en de jaarlijkse indexering. Alle ramingen zijn met de afdelingen afgestemd en waar nodig bijgesteld. De indirecte kosten blijven beheersbaar, met uitzondering van de kosten voor de huisvesting (besluit nieuwbouw in 2025) en de kosten voor de ICT omgeving. Deze kosten stijgen met name vanwege een grotere vraag naar informatie (ICT). De kosten voor de huisvesting zullen helaas hoger uitvallen dan nu in de begroting vanuit gegaan is. Aangezien de bouw met minimaal 9 maanden vertraagd zal worden, doordat de flora-fauna vergunning niet toelaat dat er voor 1 september 2026 iets gaat gebeuren, zullen de kosten hoger uitvallen. Dat geldt eveneens voor de grondaankoop zelf. Het effect daarvan is nog niet bekend, dit zal onderdeel worden van een begrotingswijziging, die later dit jaar zal worden opgesteld.
Ook de huidige geopolitieke situatie is dermate verstoord, dat effecten daarvan nog niet duidelijk zijn, maar ongetwijfeld wel effect zullen gaan hebben, ook in 2026 al. Ondersteunend personeel en management (indirect personeel, externe inhuur en overige indirecte personeelskosten) – impact t.o.v. B2026: -€9K ( -0,3%) De personeelskosten blijven in vergelijking met de begroting 2026 vrijwel ongewijzigd. De personeelsraming is opgesteld met HR en gebaseerd op het actuele organogram en de organisatieontwikkeling tot 2027. Salarissen zijn met 3,8% geïndexeerd. Nieuwe functies zijn gewaardeerd conform CAO TLN. Het opleidingsbudget bedraagt 2% van de loonsom en dekt verplichte opleidingen, teamtrainingen en individuele ontwikkeling. Voor enkele functies, waaronder de kwartiermaker, blijft externe inhuur noodzakelijk. Specialistische parttime werkzaamheden worden structureel extern belegd, zoals AVG-taken, HSE, diftarbeheer, IT-projecten en archiefbeheer. Externe inhuur wordt daarnaast ingezet voor functies waarvoor slechts tijdelijk capaciteit nodig is. Mogelijke samenwerking met Cure wordt onderzocht om deze kosten te beperken. Jaarlijks is circa €100.000 nodig voor advieskosten aanbestedingsbegeleiding en juridische ondersteuning. Voertuigkosten – impact t.o.v. B2026: -€14K (-13,6%) De raming volgt realisatie 2025.
Blink stopt met huurvoertuigen; aanschaf veroorzaakt kapitaallasten. Brandstofkosten zijn neerwaarts bijgesteld naar het niveau van 2025. Huisvesting – impact t.o.v. B2026: +€428K (+94%) De huisvestingskosten stijgen in 2027 met €428.000. Deze toename wordt veroorzaakt doordat Blink in 2027 de nieuwbouw in gebruik neemt. De begroting bevat de kapitaallasten van de nieuwbouw en een overlap van één maand aan huur voor de locaties Gerstdijk en ‘t Cour. Directe kosten (zoutloods) en indirecte kosten (kantoor, energie, onderhoud) zijn gescheiden geraamd. De zoutloods wordt direct aan de betreffende gemeente gealloceerd. Vanaf 2028 dalen de huisvestingskosten met €40k doordat de overlap van één maand huur wegvalt. ICT – impact t.o.v. B2026: +€191K (+70%) Kosten zijn afgestemd met de informatiemanager en omvatten kapitaallasten, onderhoud en licenties van software en hardware. De ICT-kosten bestaan voornamelijk uit het onderhoud en de licentiekosten van de verschillende softwarepakketten die essentieel zijn voor de dienstverlening van Blink. Overige indirecte kosten – impact t.o.v. B2026: –€4K (-0,9%) 9
Gebaseerd op realisatie 2025 en de jaarlijkse indexering. Alle ramingen zijn met de afdelingen afgestemd en waar nodig bijgesteld. Projectkosten
Projectkosten (€100k) bestaan uit het budget voor onderzoek en ontwikkeling. Om de actuele ontwikkelingen in onze branche te vertalen naar onze organisatie nemen wij jaarlijks een budget op voor Onderzoek en 75 V ontwikkeling. In het uitvoeringsplan 2027 zullen wij een bestedingsplan hiervoor opstellen en ter vaststelling voorleggen aan het Algemeen bestuur.
Onvoorzien
Met de goedkeuring van actualisatie van het financieel fundament van Blink hebben de gemeenten ingestemd met de opname van de post onvoorzien binnen de Blink begroting. Mogelijke schade en risico’s van materieel belang kunnen niet binnen de eigen weerstandscapaciteit van Blink worden opgevangen. Dit komt omdat Blink een kostprijs-constructie kent en einde 17 N van het jaar alle kosten worden afgerekend met de gemeenten. Autonome externe ontwikkelingen, die invloed hebben op het resultaat, kunnen worden opgevangen via de post onvoorzien. Voor de nadere onderbouwing verwijzen wij naar de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing. In de begroting 2027 is een post onvoorzien opgenomen van €300k.
Heffing vennootschapsbelasting Wij laten jaarlijks onze begroting en dienstverlening toetsen op VPB-plicht. Wij verwachten hier geen kosten voor.
10
2. Beleidsbegroting Algemeen In 2027 betrekt Blink haar nieuwe huisvesting. Daarmee komen alle afdelingen weer bij elkaar, hetgeen de onderlinge band en communicatie zal verbeteren. Ook de wijziging van de GR, fase 2, zal per 1 januari 2027 zijn beslag krijgen. Daarmee is Blink voorbereid voor de uitdagingen die de komende jaren nog op ons afkomen. De afgelopen jaren stonden in het teken van de ontvlechting van PreZero en het opbouwen van het fundament voor Blink. Het fundament staat inmiddels, de komende tijd zal fase 2 en fase 3 van de business case van BDO verder invulling dienen te krijgen; bijvoorbeeld het verder uitbouwen van het kenniscentrum dat Blink wil staat hoog op de lijst.
Strategie De primaire dienstverlening van Blink richt zich op vier taken: 1. 2. 3. 4.
afvalinzameling, grondstoffenmanagement en -verwerking, beheer van de openbare ruimte en beleidsadvisering en -implementatie.
Blink streeft naar duurzaamheid, efficiëntie en effectiviteit bij het uitvoeren van deze taken. Blink wil daarbij de samenwerking met gemeenten versterken door het formaliseren van dienstverlening met DVO's en het investeren in personeel en materieel. Op de lange termijn wil Blink zich ontwikkelen tot een kennisorganisatie die gemeenten voorziet van deskundig advies en ondersteunt bij het ontwikkelen en implementeren van afvalbeleid. De missie luidt als volgt: “Het creëren van een schone leefomgeving voor onze inwoners en een verbindende partner zijn voor onze gemeente.” En de visie luidt: “regisseur van grondstoffen in een afvalloze maatschappij.” De lange termijnvisie van Blink is om naast de betrouwbare dienstverlening in afvalbeheer en BOR ook een centraal kenniscentrum te zijn. Om deze visie te realiseren is er een strategie opgedeeld in 5 thema’s: dienstverlening, randvoorwaarden dienstverlening, bedrijfsvoering, verbinding en duurzaamheid. De waarden voor Blink bestaan uit betrouwbaarheid, respect, duidelijkheid, en ontwikkeling. Aan de waarden zit zowel een intern als extern aspect.
11
Productgroep Afvalinzameling Wat willen we bereiken en wat gaan we daar voor doen? Afvalinzameling is de basisdienstverlening van Blink die alle gemeenten afnemen. Blink wil de inzameling kwalitatief, duurzaam en efficiënt uitvoeren. Ook wil Blink grondstoffenmanagement maximaliseren door het reduceren van restafval en meer recycling, en door het ontwikkelen van een visie op het be- en verwerken van huishoudelijke afval- en grondstofstromen. Blink streeft naar het vervullen van een belangrijke rol in beleidsadvisering en implementatie op het gebied van afval uitvoeringsbeleid en wil daarbij een nauwe samenwerking met gemeenten. Blink heeft momenteel niet alle contracten voor de afvalstromen in beheer, omdat contracten van een aantal afvalstromen (zoals gft en papier) worden beheerd door individuele gemeenten. Het streven van Blink is om exclusiviteit te krijgen over de afvalstromen, van afvalinzameling tot verwerking, om de mogelijkheden voor strategisch afval- en grondstofmanagement en inkoopvoordelen te vergroten. Met de wijziging van de GR 2 zal dit geregeld zijn. Hierbij houden wij rekening met de bestaande werkwijzen waarbij een rol is weggelegd voor maatschappelijk organisaties en het verenigingsleven.
Daar waar onder verantwoordelijk van Blink papierinzameling met een inzamelvoertuig plaatsvindt, wil Blink niet dat er vrijwilligers worden ingezet, tenzij ze een cursus hebben gevolgd. Dit vanwege de veiligheid, rechtmatigheid, professionaliteit en continuïteit van dienstverlening. Om de vrijwilligersorganisaties niet met extra kosten te belasten, verzorgt Blink deze cursussen. Vanaf 2026 en doorlopend in 2027 moeten we met de gemeenten in gesprek over de papierinzameling. Het werken met vrijwilligers komt namelijk steeds verder onder druk te staan, tegelijk willen we een slag maken in de kwaliteit van het oud papier. Ook wat betreft de textielinzameling zijn de uitdagingen in 2025 enorm toegenomen. Ondanks een UPV textiel, waardoor er een vergoeding wordt betaald voor het verwerken van textiel (niet voor het inzamelen), blijkt dat deze vergoeding de kosten niet dekt, met name ook door het wegvallen van exportmogelijkheden voor gebruikt textiel. Hierdoor haken steeds meer textielinzamelaars af. Blink lost dit graag op met en voor de gemeenten, maar de kosten hiervoor zullen de komende jaren stijgen. Om de toenemende kosten voor brengvoorzieningen, zoals de milieustraten beheersbaar te houden is Blink steeds op zoek naar alternatieven.
Hiertoe worden diverse middelen onderzocht, zoals meer synergie tussen de verschillende milieustraten, maar ook het afbuigen van bepaalde stromen naar herbruikbare stromen, zoals bijvoorbeeld meubels. De kosten voor verbranding stijgen de komende jaren met meer dan de gebruikelijke index, vanwege belasting- en CO2-maatregelen. Onvermijdelijk zullen daardoor de kosten voor verwerking van met name restafval gaan stijgen. Reden temeer, om deze stroom verder terug te dringen.
12
Wat mag het kosten?
Blink Inzameling Huis aan huisinzameling mini-containers Huis aan huisinzameling overigen Afval op afroep Inzameling verzamelcontainers Beheer verzamelcontainers Inzameling overigen Transport & overslag restafval Verwerking GFT Milieustraat CMS dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 19.718 18.697 21.655 22.908 4.650 4.467 5.111 5.170 4.071 4.212 4.341 4.258 5 5 5 5 2.106 1.699 2.129 2.363 179 207 342 446 69 55 74 83 620 615 501 753 2.192 2.316 2.645 2.864 5.294 4.311 5.711 6.203 533 810 797 764 2.958 1.253 16% 6%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 23.528 24.337 25.124 5.322 5.569 5.797 4.376 4.547 4.710 5 5 6 2.429 2.549 2.657 460 474 490 85 87 89 771 787 804 2.934 2.994 3.060 6.360 6.516 6.680 785 808 832 620 809 788 3% 3% 3%
Toelichting In de begroting verwachten we in 2027 een kostenstijging van € 1.253.000. Conform de financiële verordening lichten wij financiële afwijkingen groter dan € 50.000 toe. De bedragen hierboven omvatten zowel directe als indirecte kosten. De over- of onderschrijding van de directe kosten wordt hieronder toegelicht. De indirecte kosten worden via een verdeelsleutel toegerekend aan de verschillende activiteiten en zijn afzonderlijk verantwoord in hoofdstuk 1 onder ‘Begroting per kostensoort’.
Kostensoort
Toelichting
Mutatie
Inzameling verzamelcontainers
De inzamelkosten voor bovengrondse en ondergrondse verzamelcontainers nemen in 2027 toe. Deze stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere tarieven voor inzamelmiddelen en toenemende personeelskosten.
234 N
Beheer verzamelcontainers
In de begroting is rekening gehouden met de vervanging van ondergrondse containers.
104 N
Transport en op- en overslag
De kosten voor op- en overslag en het afvoertransport zijn op 1 juli 2025 verhoogd als gevolg van een nieuwe aanbesteding. Deze 252 N kosten zijn variabel en afhankelijk van de ingezamelde tonnages.
Verwerkingskosten GFT
De verwerkingskosten voor GFT laten een stijging zien die direct samenhangt met zowel de ingezamelde hoeveelheden als nieuwe 218 N verwerkingstarieven.
Milieustraat
De kosten van de milieustraat nemen toe door hogere verwerkings- en afvoertarieven die voortkomen uit geactualiseerde 492 N aanbestedingen van afvalstromen. De uiteindelijke kosten zijn afhankelijk van de afgevoerde tonnages per afvalsoort.
13
Productgroep Reiniging Wat willen we bereiken en wat gaan we daar voor doen? Blink speelt voor enkele gemeenten een actieve rol in het beheer van de openbare ruimte (BORtaken). Het streven van Blink is om de openbare ruimte op een efficiënte manier te beheren. De BORtaken zijn momenteel geen onderdeel van de basisdienstverlening van de GR, maar zijn onderdeel van het cafetariamodel, waarbinnen gemeenten keuzes hebben. Doordat wij de BOR dienstverlening in ons dienstverleningspakket hebben opgenomen, kunnen wij doorstroommogelijkheden bieden voor de beladers bij Blink. Blink kan daarmee invulling geven aan haar ambitie als goed werkgever.
Wat mag het kosten? Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 6.348 6.328 6.614 6.605 2.110 2.008 2.150 2.128 1.329 1.510 1.550 1.471 1.890 1.830 1.890 1.743 448 464 456 708 571 516 568 555 286 -9 5% 0%
Blink Reiniging Wijkvegen Machinaal vegen Onkruidbeheersing Gladheidsbestrijding Calamiteitenbestrijding Mutatie absoluut Mutatie in %
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 6.790 7.050 7.298 2.192 2.275 2.356 1.510 1.580 1.643 1.792 1.853 1.913 727 760 790 569 582 595 184 260 249 3% 4% 4%
Toelichting In de begroting 2027 verwachten we een kostenverlaging van € 9.000. Conform de financiële verordening lichten wij financiële afwijkingen groter dan € 50.000 toe. De bedragen hierboven omvatten zowel directe als indirecte kosten. De indirecte kosten worden via een verdeelsleutel toegerekend aan de verschillende activiteiten en zijn afzonderlijk verantwoord in hoofdstuk 1 onder ‘Begroting per kostensoort’. Kostensoort
Toelichting
Mutatie
Machinaal vegen
De algemene voertuigkosten zullen naar verwachting lager uitvallen, waaronder de uitgaven voor onderhoud, reparaties en verzekeringen.
79 V
Onkruidbeheersing
De algemene voertuigkosten zullen naar verwachting lager uitvallen, waaronder de uitgaven voor onderhoud, reparaties en verzekeringen. Door de aanbesteding zijn de kosten voor de inhuur 147 V van derden gunstiger uitgevallen. Daarnaast leidt een lagere doorberekening van indirecte kosten tot een verdere verlaging van de totale kosten.
Gladheidsbestrijding Naar verwachting vallen de algemene voertuigkosten hoger uit, waaronder de kosten voor onderhoud, reparaties en verzekeringen. Daarnaast zijn de kapitaallasten voor de zoutloods hoger dan de 252 N huur van de vorige zoutloods. Deze lasten komen voor rekening van de gemeente Helmond. Door de toename van de directe kosten stijgen eveneens de indirecte kosten.
14
Overige dienstverlening Wat willen we bereiken en wat gaan we daar voor doen? Klantcontact centrum: Voor een aantal gemeenten verzorgen wij het KCC, zodat inwoners met vragen of klachten over de afvalinzameling direct bij Blink terecht kunnen. Beleidsadvisering en beleidsimplementatie: Blink streeft naar het vervullen van een belangrijke rol in beleidsadvisering en beleidsimplementatie op het gebied van afval uitvoeringsbeleid. Als kenniscentrum zorgt Blink ervoor dat gemeenten op de hoogte zijn van de trends en ontwikkelingen in bijvoorbeeld afvalscheiding, inkoop, gedragsverandering, wet- en regelgeving en innovatie in de sector. Blink adviseert gemeenten over de praktische (on)mogelijkheden voor realisatie van gemeentelijke afvalambities. Blink streeft naar een nauwe samenwerking en hecht veel waarde aan de input en kaders die gemeenten stellen voor de werkzaamheden. Blink adviseert de gemeenten over het uitvoeringsbeleid. De gemeente gaat over beleidsbepaling. Blink gaat vervolgens over tot het uitvoeren van beleid. De scheidslijnen tussen beleidsadvisering – beleidsbepaling – beleidsuitvoering worden nader afgestemd tussen de gemeenten en Blink. Projectkosten: Projectkosten (€100k) bestaan uit het budget voor onderzoek en ontwikkeling.
Om de actuele ontwikkelingen in onze branche te vertalen naar onze organisatie nemen wij jaarlijks een budget op voor Onderzoek en ontwikkeling. In het uitvoeringsplan 2027 zullen wij een bestedingsplan hiervoor opstellen en ter vaststelling voorleggen aan het Algemeen bestuur. Onvoorzien: Met de goedkeuring van actualisatie van het financieel fundament van Blink hebben de gemeenten ingestemd met de opname van de post onvoorzien binnen de Blink begroting. Mogelijke schade en risico’s van materieel belang kunnen niet binnen de eigen weerstandscapaciteit van Blink worden opgevangen. Dit komt omdat Blink een kostprijs-constructie kent en einde van het jaar alle kosten worden afgerekend met de gemeenten. Autonome externe ontwikkelingen, die invloed hebben op het resultaat, kunnen worden opgevangen via de post onvoorzien. Voor de nadere onderbouwing verwijzen wij naar de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing. In de begroting 2027 is een post onvoorzien opgenomen van €300k. Kosten extra dienstverlening: Wij ramen de kosten van werkzaamheden die vooraf door middel van DVO's zijn afgesproken. Gedurende het jaar kan het voorkomen dat gemeenten aanvullende wensen hebben, waar wij invulling aan kunnen geven. Als dergelijke afspraken worden gemaakt, worden de budgetten van Blink aangepast, waarbij de afgesproken aanvullende gemeentelijke bijdrage als budget wordt gehanteerd.
Uiteindelijk rekenen de gemeenten voor deze werkzaamheden af op basis van de werkelijke kosten.
15
Wat mag het kosten?
Blink Overigen Dienstverlening en advies en communicatie Projectkosten Onvoorzien Aanvullende dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 753 595 831 787 408 345 373 387 324 250 175 100 283 300 22 237 -44 40% -5%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 804 822 841 400 414 429 104 108 112 300 300 300 17 18 19 2% 2% 2%
Toelichting In de begroting verwachten we in 2027 een kostenverlaging van € 44.000. Conform de financiële verordening lichten wij financiële afwijkingen groter dan € 50.000 toe. De bedragen hierboven omvatten zowel directe als indirecte kosten. De indirecte kosten worden via een verdeelsleutel toegerekend aan de verschillende activiteiten en zijn afzonderlijk verantwoord in hoofdstuk 1 onder ‘Begroting per kostensoort’.
16
3. Paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) bevat deze paragraaf inzicht in: de relevante financiële risico’s; de financiële omvang daarvan; de kans van optreden; het totaal van de gewogen risico’s (benodigde weerstandscapaciteit); de beschikbare weerstandscapaciteit. Het doel van deze paragraaf is transparantie te bieden over de financiële robuustheid van GR Blink en de wijze waarop met onzekerheden wordt omgegaan. De gehanteerde kansinschattingen zijn gebaseerd op de management letter van de accountant, professionele oordeelsvorming en actuele interne beheersinformatie. Gewogen risico = maximaal financieel effect × kanspercentage Geïdentificeerde risico’s 2027 1. Fluctuatie in afvalhoeveelheden Risico-indicatie: Midden (40%) Afwijkingen in aangeleverde tonnages beïnvloeden direct de verwerkingskosten en kunnen leiden tot afwijkingen in de exploitatie. Maximaal financieel effect: € 300.000 Gewogen risico (40%): € 120.000 Beheersmaatregelen: Maandelijkse monitoring van tonnages Analyse van afwijkingen ten opzichte van de begroting Bijsturing van contractvolumes waar mogelijk 2. Prijsrisico afvalverwerking Risico-indicatie: Midden (40%) Marktontwikkelingen kunnen leiden tot prijsstijgingen boven de geraamde inflatiecorrectie, met mogelijke hogere verwerkingskosten.
Maximaal financieel effect: € 150.000 Gewogen risico (40%): € 60.000 Beheersmaatregelen: Actief contractmanagement Periodieke marktverkenning Verwerking van afwijkingen via begrotingswijzigingen 3. Investeringsprojecten (huisvesting en materieel) Risico-indicatie: Hoog (60%) Grote investeringen zijn gevoelig voor prijsontwikkelingen, renteontwikkelingen en vertraging in uitvoering. Dit kan leiden tot hogere kapitaallasten en budgetoverschrijdingen. Maximaal financieel effect: € 200.000 Gewogen risico (60%): € 120.000 Beheersmaatregelen: Projectmatig werken met fasering Tijdige aanbestedingsstrategie Voortgangsbewaking en periodieke rapportage
17
4. Organisatorische kwetsbaarheid / P&C-continuïteit Risico-indicatie: Midden (40%) Beperkte capaciteit en verlies van sleutelkennis kunnen leiden tot vertragingen of fouten in planning & control en financiële processen. Maximaal financieel effect: € 75.000 Gewogen risico (40%): € 30.000 Beheersmaatregelen: Procesdocumentatie en kennisborging Tijdelijke capaciteitsversterking indien nodig Beschikbare weerstandscapaciteit GR Blink beschikt per begrotingsjaar 2027 niet over een eigen algemene reserve of vrij aanwendbare bestemmingsreserves. Beschikbare weerstandscapaciteit: € 0 Weerstandsratio: 0 / 330.000 = 0,0 Financiële borging: GR Blink heeft geen eigen weerstandsvermogen. Eventuele financiële tegenvallers worden conform de Gemeenschappelijke Regeling volledig gedekt door de deelnemende gemeenten. Hiermee voldoet het bestuur aan de BBV-verplichting tot transparante risicobeheersing en inzicht in het benodigde weerstandsvermogen.
Onderhoud kapitaalgoederen Algemeen De paragraaf kapitaalgoederen geeft inzicht in het beleid van GR Blink ten aanzien van de materiële vaste activa en de financiële consequenties daarvan. Vanaf 2027 beschikt GR Blink over de volgende kapitaalgoederen:
Wagenpark Huisvesting Containers Inventaris Hardware Software
Deze activa zijn opgenomen op de balans onder de materiële vaste activa en worden geactiveerd conform de financiële verordening en BBV-richtlijnen. Beheer en onderhoud Het onderhoud van voertuigen, containers, huisvesting en overige bedrijfsmiddelen is gericht op continuïteit en veiligheid van de dienstverlening.
Exploitatiekosten onderhoud: Deze worden direct verwerkt in het jaar waarin ze zich voordoen; er wordt geen gebruik gemaakt van onderhoudsvoorzieningen. Vervanging en investeringen: Deze worden gepland via een meerjarig investeringsschema, dat jaarlijks door het bestuur wordt vastgesteld. Projectmatig onderhoud: voertuigen en huisvesting worden periodiek gecontroleerd, met preventief onderhoud om onvoorziene kosten te minimaliseren.
Financiële consequenties De kapitaallasten, bestaande uit afschrijvingen en rentekosten, worden structureel verwerkt in de begroting en meerjarenraming. 18
Afschrijvingen: gebaseerd op de economische levensduur van de activa en de vastgestelde termijnen in de financiële verordening 2023; Rente: voor investeringen gefinancierd via externe middelen wordt de rente opgenomen als onderdeel van de structurele lasten.
Door deze verwerking wordt inzichtelijk gemaakt wat de financiële impact van de kapitaalgoederen is op de begroting en meerjarenraming, conform BBV.
Financiering De financiering van de exploitatie van GR Blink vindt plaats via bijdragen van de deelnemende gemeenten. Voor investeringen in materiële vaste activa (met name wagenpark en huisvesting) worden langlopende leningen aangetrokken bij de BNG. De looptijd van de leningen wordt afgestemd op de economische levensduur van de onderliggende activa. Leningen bestaande portefeuille Hieronder een overzicht van reeds afgesloten leningen.
Lening
Hoofdsom
Stand per 31-12-2025
Rente%
Jaarlijkse aflossing
Laatste jaar aflossing
2024
2.000.000
€ 1.500.000
3,35%
€ 500.000
2028
2024
4.000.000
€ 3.000.000
3,29%
€ 1.000.000
2028
2025
5.000.000
€ 5.000.000
3,38%
€ 100.000
2075
Leningen nieuwe portefeuille Onderstaand overzicht toont de leningen die GR Blink in de komende jaren zal aantrekken ter financiering van de geplande investeringen.
Lening
Hoofdsom
Stand per 31-12-2025
Rente%
Jaarlijkse aflossing
Laatste jaar aflossing
2026
14.800.000
0
3,4%
€ 674.000
2048
2027
2.135.000
0
3,4%
€ 282.000
2035
2028
1.195.000
0
3,4%
€ 157.000
2036
2029
2.460.000
0
3,4%
€ 340.000
2036
2030
1.630.000
0
3,4%
€ 204.000
2038
Renterisico GR Blink voldoet volledig aan de bepalingen van de Wet financiering decentrale overheden (Wet FIDO) en aan de daarbij behorende renterisiconorm. Volgens de Wet FIDO mag het totaal van jaarlijkse aflossingen en renteherzieningen niet meer bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Voor 2027 komt deze 20%-norm uit op € 6,1 miljoen. 19
Met een geprognosticeerde aflossing van € 1,6 miljoen blijft GR Blink ruim binnen deze wettelijke grens. Ook in de daaropvolgende jaren blijft de organisatie binnen de norm. Door de verwachte nieuwe financieringen neemt de jaarlijkse aflossing in 2028 toe tot € 2,6 miljoen, maar dit bedrag blijft eveneens ruim onder de 20%-grens. Daarnaast maakt GR Blink geen gebruik van kortlopende leningen. Daarmee blijft de organisatie automatisch binnen de geldende kasgeldlimiet, zoals ook het treasury-beleid in andere decentrale overheden voorschrijft. Schatkistbankieren GR Blink neemt deel aan het verplicht schatkistbankieren conform de geldende regelgeving.
Bedrijfsvoering Om de gemeenten grip op de financiën en een betrouwbare dienstverlening te kunnen bieden, zorgt Blink voor een professioneel georganiseerde en gestructureerde bedrijfsvoering. Onderdeel van die doelstelling is de uitwerking van de volgende onderdelen:
Voor continuering van de betrouwbare dienstverlening streeft Blink naar rechtmatigheid van aanbestedingen, huisvesting, IT, personeel, het wagenpark en containers. Waar nodig wordt gebruik gemaakt van extern deskundig advies. Hiervoor wordt bij voorkeur gewerkt via de coöperatieve vereniging Midwaste of wordt ambtelijke samenwerking gezocht met gelijksoortige GR-en (zoals Cure), zodat externe inhuur beperkt kan worden tot vraagstukken die daar om vragen. Blink stelt accountmanagement op strategisch, tactisch en operationeel niveau aan om de juiste overlegstructuren in te regelen met de gemeenten. Blink professionaliseert HR, IT en afvalstroommanagement. Voor grip op de financiën zorgt Blink voor een verbetering van de financiële functie waaronder het opstellen van een duidelijke P&C cyclus en inrichting van de AO/IB van de organisatie.
Personeel Formatie In 2027 groeit de formatie met 9 fte, waarvan 6 fte direct en 3 fte indirect, waardoor de totale formatie uitkomt op 106,63 fte. Deze uitbreidingen zijn noodzakelijk om de toenemende werkdruk op te vangen en de continuïteit van de dienstverlening te waarborgen. Personeelskosten De totale personeelskosten voor 2027 worden geraamd op € 11,5 mln. Dit bedrag is berekend op basis van het huidige bruto jaarsalaris inclusief werkgeverslasten en houdt rekening met een verwachte cao-indexatie van 3,8%. De daadwerkelijke cao-stijging is op dit moment nog niet bekend. Verzuim Op basis van de verzuimontwikkeling in de afgelopen jaren en de huidige leeftijdsopbouw – met 24 medewerkers ouder dan 50 jaar en 22 medewerkers ouder dan 60 jaar – wordt uitgegaan van een verzuimpercentage van circa 9,5% voor 2027. De hogere leeftijdsopbouw brengt een verhoogd risico op langdurig verzuim met zich mee.
20
Opleidingen In de begroting van 2027 is een bedrag van € 145k opgenomen. De kosten voor direct personeel zit met name in de verplichte Code95-opleidingen. In de kosten voor indirect personeel zijn ook de opleidingskosten voor de OR opgenomen. Strategische personeelsontwikkeling Strategische personeelsontwikkeling binnen Blink richt zich op het aantrekken van jong talent om de effecten van de huidige leeftijdsopbouw op te vangen. We investeren in leiderschapsontwikkeling om de organisatie verder te professionaliseren. Naast de verplichte Code95-opleidingen ontwikkelen we individuele ontwikkelplannen met extra aandacht voor soft skills. Risico’s In de toekomst ontstaan aanvullende knelpunten door de toenemende digitalisering, waardoor functies meer data- en ICT-vaardigheden vereisen en het risico op een kloof in digitale competenties groter wordt. Ook zal de arbeidsmarktkrapte naar verwachting verder toenemen, waardoor het aantrekken en behouden van gekwalificeerd personeel nog uitdagender wordt. Bovendien vraagt de veranderende rol van teamleiders om continue ontwikkeling in coachend leiderschap, wat tijd, investering en structurele ondersteuning vanuit de organisatie vereist.
Openbaarheidsparagraaf op grond van de Wet Open Overheid GR Blink valt onder de werking van de Wet open overheid (Woo). De wettelijk voorgeschreven documenten, waaronder begroting, jaarstukken en vergaderstukken van het Algemeen en Dagelijks Bestuur, worden actief openbaar gemaakt via de website van GR Blink en via de landelijke voorziening voor officiële publicaties. De uitvoering van de Woo is organisatorisch belegd binnen de reguliere bedrijfsvoering. De hiermee samenhangende kosten zijn opgenomen in de begroting.
Verbonden partijen Beleid In de gemeenschappelijke regeling is het volgende vastgelegd over het beleid ten aanzien van verbonden partijen (art.4, lid 5-7):
Het Algemeen bestuur is bevoegd met het oog op het in artikel 3 benoemd belang en na verkregen toestemming van de raden van de deelnemende gemeenten tot het vaststellen of wijzigen van een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam en andere openbare lichamen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke regeling. Het Algemeen bestuur is bevoegd te besluiten tot de oprichting van of deelname in stichtingen, maatschappen, vennootschappen en coöperaties en verenigingen, dan wel de ontbinding daarvan of beëindiging van deelneming daaraan op voorwaarde dat de raden van de deelnemende gemeenten vooraf in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorgenomen besluit aan het Algemeen bestuur kenbaar te maken. Het Dagelijks bestuur is bevoegd met een of meer al dan niet deelnemende gemeenten of met privaatrechtelijke rechtspersonen samenwerkingsovereenkomsten te sluiten met betrekking tot ondersteunende dienstverlening voor taken waarmee het openbaar lichaam belast is
21
Huidige verbonden partijen Personeel Blink B.V. Vestigingsplaats
Helmond
Doel
De activiteiten van de vennootschap betreffen: - werkgever zijn voor personeelsleden van Blink en het detacheren van personeelsleden; - het doen van pensioenuitkeringen, stamrecht- en/of lijfrente- en/of andere periodieke uitkeringen; - het uitvoeren van afvalinzamelings- en reinigingstaken in de ruimste zin, alsmede het verrichten van al hetgeen met het vorenstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord.
Betrokkenen
De vennootschap is een volledige dochtermaatschappij van de Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink.
Bestuurlijk belang
De Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink is enig aandeelhouder van de BV. De directeur/bestuurder is van de Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink is tevens de directeur/bestuurder van de BV.
Financieel belang
De totale lasten van de BV worden doorbelast aan de Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink.
Risico's
Alle personeelsleden van de BV worden gedetacheerd naar de Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink. Binnen Personeel Blink B.V. bestaan normale werkgeversrisico’s. Deze worden beheerst door het management van de Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink, die de werkgeversrol invult 31-12-2024
Eigen vermogen
18.000
Vreemd vermogen
460.515
Resultaat
0
22
4. Meerjareninvesteringsbegroting Door diverse vertragingen schuift een aanzienlijk deel van de geplande investeringen uit 2025 door naar 2026. Het betreft vooral investeringen in huisvesting, waardoor de totale verschuiving voor dit onderdeel uitkomt op circa € 4,1 miljoen. De investeringsbegroting sluit aan op de technische levensduur van de huidige activa en is uitgebreid besproken met de afdeling Operations. Alle investeringen in de begrotingsperiode 2027–2030 hebben betrekking op vervangingsinvesteringen. Huisvesting en inventaris De in 2024 gecommuniceerde investeringsbegroting bedraagt in totaal € 11,5 miljoen. De volledige investering in huisvesting betreft een uitbreidingsinvestering. In deze begroting was voorzien dat € 4,5 miljoen in 2025 zou worden geïnvesteerd en € 7 miljoen in 2026, conform de eerder vastgestelde budgetten. Door vertraging in de realisatie schuift het grootste deel van de voor 2025 geplande investeringen door naar 2026. In 2025 is € 0,4 miljoen aan investeringen in huisvesting gerealiseerd; het resterende bedrag van € 4,1 miljoen wordt doorgeschoven naar 2026. De totale investering voor 2026 bedraagt hiermee € 4,1 miljoen (doorschuiving 2025), € 7 miljoen (oorspronkelijk budget) en een aanvullende € 0,4 miljoen in verband met hogere grondkosten. Bij het opstellen van de begroting zijn we uitgegaan van een grondprijs van € 175,00 per m2.
Zowel in 2025 als recent in 2026 is deze prijs verhoogd, het exacte getal is op dit moment nog niet bekend, maar zal hoger zijn dan de € 0,4 miljoen, e.e.a. ook in relatie tot de vertraging van de nieuwbouw (elders al vermeld onder indirecte kosten). Daarnaast is het tot nu toe niet mogelijk geweest om een definitieve offerte te ontvangen van de gemeente Helmond, in afwachting van de kosten voor het bouwrijp maken. Deze kosten zijn voor de gemeente, maar men wil pas een besluit nemen over de verkoop, als deze kosten inzichtelijk zijn, en dat wordt nu pas eind oktober 2026 verwacht. Dit resulteert in een totale investering van € 11,5 miljoen in 2026. In eerdere communicatie is geen onderscheid gemaakt tussen de investering in huisvesting en de investering in de zoutloods. In deze begroting worden de zoutloods en de zoutinstallatie daarom apart weergegeven. Dit is noodzakelijk omdat deze investeringen en de daarbij behorende kapitaallasten worden toegerekend aan de directe kosten in plaats van aan de indirecte kosten. Het gaat hierbij om een administratieve uitsplitsing van het bestaande budget en niet om een aanvullende investering. De afschrijving op de huisvestingsinvesteringen start in 2027, op het moment dat het nieuwe kantoor in gebruik wordt genomen. Naast de investeringen in huisvesting wordt eveneens geïnvesteerd in inventaris, met een omvang van € 130k.
De investeringsbudgetten, de specificatie van de zoutloods en de gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn afgestemd met Haskoning. De afschrijvingstermijnen zijn eveneens beoordeeld en goedgekeurd door de accountant. Overige investeringen (exclusief huisvesting) De investeringsbegroting is gebaseerd op de technische levensduur van alle huidige activa. Deze inventarisatie is afgestemd met Operations. In 2024 zijn vele activa van PreZero overgenomen. De technische staat hiervan was overwegend matig, waardoor vervanging in de komende jaren noodzakelijk is. De vervangingsinvesteringen richten zich met name op wagenpark (hoofdzakelijk kraakperswagens, winterdienst en wijkvegers) en containers. Voorheen maakte Blink gebruik van huurauto’s en poolauto’s. Blink zal de komende jaren eigen personenwagens aanschaffen, waardoor de investeringsbehoefte stijgt, maar toekomstige huurkosten dalen. Investeringen Containers Huisvesting Inventaris OGC Personenwagens Wagenpark Zoutloods Totaal
Afschrijving 20 jaar divers 10 jaar 20 jaar 8 jaar divers divers
Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030 67.200 57.600 19.200 44.600 55.000 10.328.223 130.000 494.244 334.500 269.000 248.500 243.000 100.000 100.000 100.000 2.473.650 1.925.300 963.000 2.508.000 1.556.333 1.119.820 14.713.137 2.417.400 1.351.200 2.801.100 1.854.333
23
5. Balans De meerjarenbalans geeft inzicht in het verloop van de vaste activa, liquide middelen en financiering. De balans 2025 is een concept en dient als uitgangspunt; de jaarrekening is bij het opstellen van de begroting nog niet definitief. De balans ondersteunt de kapitaallastenramingen en de financieringssystematiek in de begroting. Buiten investeringen en financieringen wordt aangenomen dat:
Kortlopende schulden stabiel blijven
Financiële vaste activa geen significante wijzigingen kennen
Vlottende activa (werkkapitaalcomponenten) op vergelijkbaar niveau blijven
Activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa Vlottende activa Liquide middelen Totaal Passiva Eigen vermogen Langlopende schulden Kortlopende schulden Totaal
Concept 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030 8.831.978 22.022.348 22.426.199 21.711.212 22.203.360 21.556.029 18.000 18.000 18.000 18.000 18.000 18.000 1.809.256 1.809.256 1.809.256 1.809.256 1.809.256 1.809.256 2.304.939 2.313.803 1.771.356 1.124.886 1.881.028 2.606.940 12.964.173 26.163.406 26.024.810 24.663.355 25.911.644 25.990.224
9.500.000 3.464.173 12.964.173
22.699.233 3.464.173 26.163.406
22.560.637 3.464.173 26.024.810
21.199.182 3.464.173 24.663.355
22.447.471 3.464.173 25.911.644
22.526.051 3.464.173 25.990.224
24
6. Kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht geeft inzicht in:
De ontwikkeling van de liquiditeitspositie. Of en wanneer aanvullende financiering nodig is. De kasstromen die verband houden met de nieuwbouw van de huisvesting, de vernieuwing van het wagenpark en overige investeringen.
Het overzicht sluit aan op de investeringsbegroting en de meerjarenbalans. Conclusie:
De in 2024 afgesloten financiering en het bijbehorende aflossingsschema sluiten niet aan op de afschrijving van de activa waarin is geïnvesteerd. De aflossingen liggen hoger dan de dekking die gemeenten betalen vanuit de afschrijvingen, waardoor de liquide middelen teruglopen in de begroting. Vanaf 2029 vervalt de hoge aflossingsdruk van de lening uit 2024. De in 2025 afgesloten financiering en het bijbehorende aflossingsschema sluiten ook niet aan op de afschrijving van de activa waarin is geïnvesteerd. De aflossingen liggen vele malen lager dan de dekking die de gemeenten betalen vanuit de afschrijving, waardoor de liquide middelen vanaf 2029 weer oplopen. De nieuwe investeringen en de bijbehorende financieringen zijn in de begrotingsjaren nagenoeg volledig op elkaar afgestemd. Hierdoor ontstaat voor de nieuwe investeringen een evenwichtige dekking van de afschrijvingen in relatie tot de verwachte aflossingen.
Kasstroomoverzicht
Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030
Resultaat Afschrijvingen Werkkapitaal Kasstroom uit operationele activiteiten
1.522.768 1.522.768
2.013.549 2.013.549
2.066.186 2.066.186
2.308.953 2.308.953
2.501.664 2.501.664
Investeringen Kasstroom uit investeringsactiviteiten
-14.713.137 -14.713.137
-2.417.400 -2.417.400
-1.351.200 -1.351.200
-2.801.100 -2.801.100
-1.854.333 -1.854.333
Aantrekking financiering Aflossing financiering Kasstroom uit financieringsactiviteiten
14.799.233 -1.600.000 13.199.233
2.135.258 -2.273.853 -138.596
1.194.540 -2.555.996 -1.361.456
2.460.945 -1.212.656 1.248.289
1.631.392 -1.552.811 78.581
8.864
-542.447
-646.470
756.142
725.912
2.304.939 8.864 2.313.803
2.313.803 -542.447 1.771.356
1.771.356 -646.470 1.124.886
1.124.886 756.142 1.881.028
1.881.028 725.912 2.606.940
Netto kasmutatie Beginstand liquide middelen Netto kasmutatie Eindstand liquide middelen
25
7. EMU saldo Conform de regels van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) rapporteert GR Blink over het EMU-saldo. Het EMU-saldo geeft het feitelijke financieringstekort of -overschot van de organisatie weer op transactiebasis. Voor een gemeenschappelijke regeling wordt dit saldo primair bepaald door het verschil tussen de investeringen in materiële vaste activa en de intern gegenereerde middelen (afschrijvingen), aangezien de begroting van GR Blink structureel sluit op een resultaat van € 0. Tabel: Verloop EMU-saldo 2026 – 2030 In duizenden euro's
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Afschrijvingen (A)
1.523
2.014
2.066
2.309
2.502
Investeringen (B)
-14.713
-2.417
-1.351
-2.801
-1.854
EMU-saldo (A - B)
-13.190
-403
715
-492
648
Toelichting op de ontwikkeling Het EMU-saldo vertoont in 2026 een aanzienlijk tekort van circa € 13,2 miljoen. Dit wordt veroorzaakt door het omvangrijke investeringsprogramma in dat jaar, met name de realisatie van de nieuwe huisvesting (€ 10,3 mln) en de zoutloods (€ 1,1 mln). In de daaropvolgende jaren stabiliseert het EMU-saldo zich. In 2028 en 2030 is er sprake van een positief EMU-saldo (overschot), wat betekent dat de afschrijvingslasten in die jaren hoger liggen dan de geplande investeringsuitgaven. Financiering van het saldo Aangezien GR Blink niet beschikt over een eigen vermogen om deze investeringen te dekken, wordt het negatieve EMU-saldo in 2026 en 2027 volledig gefinancierd door het aantrekken van externe langlopende geldleningen. De rentelasten en afschrijvingen die hieruit voortvloeien, zijn verwerkt in de operationele exploitatie en worden gedekt door de bijdragen van de deelnemende gemeenten. De financieringsbehoefte die voortvloeit uit de investeringen beïnvloedt het EMU-saldo niet, aangezien geldleningen conform BBV niet worden meegenomen in de berekening.
26
8. Overzicht van de lasten per gemeente per productgroep
Asten 1. Inzameling 2. Reiniging 3. Digitale Dienstverlening 4. Projectkosten 5. Onvoorzien Extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 995 917 1.017 1.024 581 596 664 689 349 272 297 283 38 33 36 36 27 15 11 6 9 10 100 7 11% 1%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 1.053 1.092 1.130 708 735 761 291 302 313 38 39 40 6 7 7 10 10 10 28 39 38 3% 4% 3%
Deurne 1. Inzameling 2. Reiniging 3. Digitale Dienstverlening 4. Projectkosten 5. Onvoorzien Extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 1.852 1.720 1.932 2.050 1.695 1.552 1.755 1.880 62 80 74 69 67 59 64 70 29 29 21 12 19 20 212 118 12% 6%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 2.106 2.177 2.246 1.931 1.997 2.062 71 72 74 73 75 78 12 13 13 20 20 20 56 71 70 3% 3% 3%
Gemert-Bakel 1. Inzameling 2. Reiniging 3. Digitale Dienstverlening 4. Projectkosten 5. Onvoorzien Extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 3.071 2.772 3.248 3.463 2.450 2.316 2.671 2.886 504 370 462 464 82 58 63 66 35 28 19 11 34 36 476 215 17% 7%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 3.556 3.677 3.795 2.964 3.066 3.165 477 493 509 68 71 73 11 12 12 36 36 36 93 121 118 3% 3% 3%
Heeze-Leende 1. Inzameling 2. Reiniging 3. Digitale Dienstverlening 4. Projectkosten 5. Onvoorzien Extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 1.047 1.037 1.107 1.143 915 931 972 1.010 69 61 82 82 31 30 32 35 19 15 10 6 10 11 12 70 37 7% 3%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 1.174 1.214 1.253 1.037 1.074 1.109 84 86 88 36 37 39 6 6 7 11 11 11 31 40 39 3% 3% 3%
Helmond 1. Inzameling 2. Reiniging 3. Digitale Dienstverlening 4. Projectkosten 5. Onvoorzien Extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 11.725 11.436 13.136 13.473 7.375 6.976 8.396 8.651 4.271 4.373 4.553 4.655 71 88 62 35 124 132 8 1.699 338 15% 3%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 13.841 14.339 14.820 8.885 9.196 9.497 4.788 4.973 5.152 37 38 39 132 132 132 368 498 481 3% 4% 3%
27
Laarbeek 1. Inzameling 2. Reiniging 3. Digitale Dienstverlening 4. Projectkosten 5. Onvoorzien Extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 1.970 1.838 2.081 2.262 1.681 1.594 1.809 2.006 196 180 190 177 48 44 46 48 44 20 14 8 21 22 243 181 13% 9%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 2.322 2.398 2.473 2.060 2.127 2.193 182 189 195 50 52 54 8 9 9 22 22 22 61 76 75 3% 3% 3%
Nuenen 1. Inzameling 2. Reiniging 3. Digitale Dienstverlening 4. Projectkosten 5. Onvoorzien Extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 2.529 2.456 2.662 2.762 1.868 1.741 1.963 2.137 564 641 600 535 61 52 57 52 37 22 15 9 27 29 207 100 8% 4%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 2.836 2.936 3.032 2.195 2.269 2.342 550 573 594 53 55 57 9 9 10 29 29 29 74 100 96 3% 4% 3%
Someren 1. Inzameling 2. Reiniging 3. Digitale Dienstverlening 4. Projectkosten 5. Onvoorzien Extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 1.891 1.715 2.009 2.145 1.476 1.309 1.597 1.752 331 350 340 324 44 39 41 42 41 18 12 7 19 20 294 135 17% 7%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 2.202 2.275 2.347 1.798 1.857 1.914 333 346 359 43 45 46 7 8 8 20 20 20 58 73 72 3% 3% 3%
Son en Breugel 1. Inzameling 2. Reiniging 3. Digitale Dienstverlening 4. Projectkosten 5. Onvoorzien Extra dienstverlening Mutatie absoluut Mutatie in %
Realisatie Begroting Begroting Begoting 2025 2025 2026 2027 1.738 1.728 1.908 1.978 1.676 1.682 1.828 1.899 3 16 14 37 30 34 37 21 16 11 6 20 21 1 180 70 10% 4%
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming raming raming 2028 2029 2030 2.031 2.099 2.166 1.950 2.016 2.081 15 15 15 39 40 42 7 7 7 21 21 21 53 68 67 3% 3% 3%
28
Bijlage 1 Productbladen per gemeente
29
Bijlage 1.1 productblad Asten
Totaal per gemeente
Gemeente Hoofdcategorie Asten Asten 1. Inzameling Asten 1. Inzameling Asten 1. Inzameling Asten 1. Inzameling Asten 2. Inzameling Asten 2. Inzameling Asten 2. Inzameling Asten 2. Inzameling Asten 2. Inzameling Asten 3. Inzameling Asten 3. Inzameling Asten 3. Inzameling Asten 4. Inzameling Asten 4. Inzameling Asten 4. Inzameling Asten 4. Inzameling Asten 4. Inzameling Asten 4. Inzameling Asten 4. Inzameling Asten 4. Inzameling Asten 4. Inzameling Asten 5. Inzameling Asten 5. Inzameling Asten 5. Inzameling Asten 6. Inzameling Asten 6. Inzameling Asten 6. Inzameling Asten 6. Inzameling Asten 7. Inzameling Asten 8. Inzameling Asten 9. Inzameling Asten 9. Inzameling Asten 9. Inzameling Asten 9. Inzameling Asten 9. Inzameling Asten 9. Inzameling Asten 9. Inzameling Asten 10. Inzameling Asten 10. Inzameling Asten 10. Inzameling Asten Reiniging Asten 1. Reiniging Asten 1. Reiniging Asten 1. Reiniging Asten 1. Reiniging Asten 2. Reiniging Asten 2. Reiniging Asten 2. Reiniging Asten 2. Reiniging Asten 3. Reiniging Asten 4. Reiniging Asten 4. Reiniging Asten 4. Reiniging Asten 5. Reiniging Asten Digitale Dienstverlening Asten Projecten, advies en communicatie Asten Projectkosten Asten Onvoorzien Asten Opbrengsten