WSD Wijziging GR - Bijlage 7 Adviesrapport Koers
Tekst van het document
naar € 0,7 miljoen per jaar. In 2024 zou het exploitatieresultaat dan vrijwel nihil zijn en in 2027 ongeveer € 0,3 miljoen positief.
“Anders kijken naar uitdagingen” In het 80 procent scenario zakt het doelgroep volume naar circa 1.850 medewerkers in 2024 en circa 1.770 in 2027. Ook in de jaren daarna blijft het aantal medewerkers geleidelijk afnemen.
Afbeelding 4: Overzicht aantal doelgroepmedewerkers met werk in het 80 Procent scenario
32
7 Juridisch
Het besluitvormingsproces dat voor ligt heeft gevolgen voor de inhoud van de GR WSD. Na de besluitvorming is helder welke opdracht bij WSD komt te liggen. In de loop van 2020 wordt, op basis van die besluitvorming en de nadere invulling van de samenwerking tussen gemeenten en WSD, een voorstel gedaan tot wijziging van de statuten van de GR. Daarin kan tevens de aanpassing als gevolg van de opsplitsing van Haaren worden verwerkt.
Dit is een apart besluitvormingstraject dat eind 2020 wordt aangeboden aan de raden van de 10 gemeenten.
“WSD is een gespreid bedje, het dekentje moet je zelf terugslaan.”
33
Bijlage 1: Beschrijving prototypen uit
‘Van transitie naar transformatie’
Uitwerking Prototype 1: Hèt Participatiebedrijf Elke inwoner naar vermogen laten participeren in onze samenleving, dat is de opdracht voor Hèt Participatiebedrijf (HPB). Inwoners die dat niet op eigen kracht kunnen, worden door HPB ondersteund. De gemeente beoordeelt of een inwoner aanspraak kan maken op inkomensondersteuning. Is dat het geval, dan wordt betrokken inwoner aangemeld bij HPB. Met uitzondering van die inwoners die de weg naar de reguliere arbeidsmarkt op eigen kracht en op korte termijn kunnen vinden. Voor hen is er mogelijk ondersteuning vanuit het Regionale Werkbedrijf / Werkgever Service Punt en uitzendbureaus. HPB richt zich dus specifiek op de doelgroep met een afstand tot de arbeidsmarkt met een loonwaarde kleiner dan 80 procent van het wettelijk minimum loon (WML). Participeren naar vermogen is het uitgangspunt, zo regulier mogelijk het doel. Werk is vaak de beste zorg is de achterliggende gedachte. Werk werkt preventief. Het hebben van werk kan problemen voorkomen. Een garantie op werk en / of dagbesteding kan gezien worden als een belangrijke innovatie in het sociale domein. De gemeente voelt zich verantwoordelijk voor alle inwoners en wil elke inwoner naar vermogen laten participeren.
De opdracht voor HBP is dan ook om een oplossing te vinden voor elke inwoner met een verminderde loonwaarde (tot 80 procent WML), variërend van (arbeidsmatige)dagbesteding tot regulier werk met loonkostensubsidie. HPB ondersteunt, samen met verbonden partners, deze inwoners op alle leefgebieden, bij het wegnemen van belemmeringen in relatie tot arbeid, en het vinden en
behouden van een passende participatieplek. Daarnaast genereert HPB omzet uit de markt (verzilveren van de loonwaarde). De beleidsregie ligt bij de gemeente en de regie op de uitvoering ligt bij HPB. De gemeente stelt daartoe de benodigde middelen uit de PW, de Wmo en de Jeugdzorg beschikbaar. Op deze wijze geeft de gemeente op een vernieuwende manier invulling aan haar opdracht, waarbij de eigen kracht van inwoners en partners (zowel werkgevers) voorop staat. De gemeente wil niet ‘zorgen voor’ maar ‘zorgen dat’. HPB speelt een belangrijke spilfunctie bij het voltrekken van deze transformatie op het gebied van werk en participatie, zij beweegt werkgevers om met innoverende business cases of showcases te komen, waarbij de doelgroep excelleert, en werkgevers zich verantwoordelijk voelen voor het in dienst nemen van deze doelroepen. Inclusiviteit op de arbeidsmarkt is het streven. Elementen voor het maken van een keuze De HPB oplossing kent de volgende elementen: • De gemeente wordt volledig ontzorgd in de uitvoering van de doelmatigheid PW. • Alle door de gemeente naar het HPB verwezen inwoners vinden een oplossing om naar vermogen te participeren, maatwerk per persoon. • Begeleiding is gericht op werk en participatie en op alle leefgebieden die dat in de weg staan. • De ‘kaartenbak’ is leeg.
• Is lokaal georiënteerd en waar mogelijk lokaal georganiseerd (Het Goed, zorgboerderijen, lunchroom, enz.). 34
Is lokaal bekend bij inwoners, instanties en hulpverleners en is laagdrempelig. Cliënten beoordelen de diensten met tenminste een 8 gemiddeld. Heeft een sluitend netwerk van (zoveel mogelijk lokale) ketenpartners op alle benodigde terreinen van zorg en participatie, die bewezen kwaliteit leveren. Lokale initiatieven, experimenten en innovatieve dienstverlening worden gestimuleerd. Wordt uitgevoerd binnen de bestaande budgetten. Is in staat om partners, zoals werkgevers maar ook gemeenten, te bewegen naar vernieuwende concepten en constructies om meer mensen naar werk te begeleiden. Is onderscheidend in de markt, met name in de vernieuwende wijze waarop zij weten in te spelen op het naar werk begeleiden van de doelgroep.
Het HPB kan een belangrijke vindplaats zijn voor multi probleem situaties die vervolgens worden doorgeleid naar de wijkteams.
Met de gemeente die kiest voor dit prototype zullen afspraken worden gemaakt over de nadere invulling. Het betreft dan de overdracht van bevoegdheden en (financiële) middelen, de inhoud van de gezamenlijke activiteiten, de organisatievorm, de afspraken in de vorm van bijvoorbeeld een service level agreement (SLA), rapportage, e.d. HPB heeft de lead en werkt samen met alle, al dan niet door de gemeente gecontracteerde, partijen die een bijdrage kunnen leveren in het realiseren van de doelstelling van HPB.
Plaats/locatie Mogelijke uitvalsbasis voor het HPB zijn de Het Goed-vestigingen in de diverse gemeenten. Hiernaast is de locatie en toegangspoort naar welzijn, wonen en zorg ook een logische locatie of in/nabij het gemeentehuis.
• • •
•
• •
•
Partners HPB is een nieuwe zelfstandige organisatie, waarin de kwaliteiten vanuit gemeente(n) en WSD samenkomen. Met name die personen die actief zijn op het terrein van doelmatigheid, trajecten, account¬management, ontwikkeling, toeleiding, matching en begeleiding, vinden hun werkplek binnen HPB. Daarnaast ontwikkelt het HPB nieuwe vormen van (arbeidsmatige)dagbesteding.
Strategische samenwerkingspartners zijn: • sociale wijkteams, toeleiders en sociale diensten. • lokale aanbieders van zorg, jeugdzorg, welzijn, maatschappelijk werk die bewezen kwaliteit hebben geleverd. • regionale zorg en welzijnspartners voor met name de 2e lijns hulpverlening voor zorg en welzijn. • het Regionale Werkbedrijf, waarin wordt samengewerkt op het terrein van de regionale werkgeversbenadering en de invulling van de banenafspraak. • mogelijk Het Goed (als aanbieder van werk en participatieplaatsen voor de doelgroep) en mogelijke locatie waar het HPB zich kan vestigen.
Inschatting haalbaarheid en risicofactoren De inhoud van de SLA is doorslaggevend voor de haalbaarheid. Daarin zullen helder en haalbare afspraken geformuleerd moeten worden. Het grootste afbreukrisico zit in de positie die gemeente(n) geven aan HPB. De overdracht van de uitvoeringsregie moet helder en zonder terughoudendheid zijn. Enkel vanuit een sterke positie kan HPB andere partijen aan zich binden en een integrale oplossing over alle leefgebieden aanbieden. Uiteraard is ook de kwaliteit van de HPB medewerkers van doorslaggevend belang.
35
Uitwerking Prototype 2: 3D Ketensamenwerking De gemeente streeft naar een situatie waarin inwoners zelfredzaam zijn en meedoen in de samenleving. Bij voorkeur in een betaalde baan, maar wanneer dat (nog) niet mogelijk is via vormen van maatschappelijke participatie. Er wordt gestreefd naar integrale oplossingen op de gebieden jeugdzorg, zorg, educatie en participatie en inkomensvoorziening. Experts en betrokkenen trekken gezamenlijk op bij het vinden en inzetten van de noodzakelijke oplossingen. De gemeente is verantwoordelijk en heeft de regie op beleid en uitvoering. Naast de expertise die de gemeenten al in huis hebben en inzetten op het gebied van zorg, jeugdzorg, welzijn, inkomensondersteuning en bijstand, wordt de expertise van WSD op het gebied van werk en werkgelegenheid en participatie toegevoegd. Werk en participatie zal in veel gevallen onderdeel zijn van het in te zetten traject, vanuit de gedachte dat werk de beste zorg is. Het doel is om inwoners integraal te ondersteunen vanuit het principe één gezin, één plan, één regisseur. Hierbij wordt uitgegaan van zoveel mogelijk zelfredzaamheid. De meeste inwoners zijn in staat om zichzelf te redden, of hebben incidenteel lichte ondersteuning nodig. Wanneer dit aan de orde is spreken we over enkelvoudige hulp of ondersteuning.
Vaak is er dan ook sprake van een eenvoudig traject en kan de ondersteuning direct ingezet worden. Op het gebied van enkelvoudige ondersteuning naar werk (met name voor de doelgroep met verminderde loonwaarde, minder dan 80% van het WML) is WSD een belangrijke partner. Naast de enkelvoudige problematiek is er ook sprake van meervoudige problematiek, in ongeveer 20 procent van de gevallen is sprake van mensen en gezinnen met een complexe en/of meervoudige problematiek. Zij hebben bredere en multidisciplinaire ondersteuning
nodig. Vanuit de gedachte één gezin, één plan en één regisseur wordt alle hulp op het gebied van zorg, jeugdzorg en welzijn zoveel mogelijk integraal georganiseerd. Op dit moment ontbreekt het bij de integrale ondersteuning nog vaak aan expertise op het gebied van arbeid en participatie bij de intake/ diagnose van deze multiprobleemgevallen. Hier kan WSD een belangrijke rol spelen. Van WSD wordt ook verlangd dat zij (evt. met zorgpartners) vanuit hun expertise en ervaring arbeidsplaatsen en participatieplaatsen organiseren voor mensen die aangewezen zijn op arbeidsmatige dagbesteding. Elementen voor het maken van een keuze De 3D oplossing kent de volgende elementen: • Het beleid op het terrein van de 3D’s wordt integraal vorm gegeven. • Lokaal georganiseerd rekening houdend met buurten/dorpen binnen een gemeente. • Lokaal bekend bij inwoners, instanties en hulpverleners. • Laagdrempelig - Cliënten beoordelen de diensten met tenminste een 8 gemiddeld. • Heeft een sluitend netwerk van (zoveel mogelijk lokale) ketenpartners op alle benodigde terreinen van zorg en participatie, die bewezen kwaliteit leveren. • Lokale initiatieven, experimenten en innovatieve dienstverlening worden gestimuleerd. • Daar waar nodig wordt, zoveel mogelijk lokaal, aangepast werk georganiseerd, bijvoorbeeld in het groen, schoonmaak of beheer e.d.
• Er wordt een (zoveel mogelijk lokale) vorm van arbeidsmatige dagbesteding opgezet door WSD voor een door de gemeente aan te wijzen groep WMO cliënten. • De dienstverlening wordt binnen de gestelde PW, Wmo en Jeugdzorg budgetten, volgens gemeentebegroting uitgevoerd. 36
De verantwoordelijkheid voor de ketensamenwerking ligt bij de partners in de keten. De gemeente is eindverantwoordelijk vanwege haar wettelijke verplichtingen en budgetverantwoordelijkheid. De gemeente is voor specifieke hulpverlening afhankelijk van partners (zoals zorgaanbieders, hulpverleners en expertisepartners) bij het inzetten van passende hulp en ondersteuning. De gemeente voert regie en laat de uitvoering over aan de ketenpartners, waaronder WSD. WSD is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de geleverde expertise die zij inbrengt in het sociaal wijkteam. WSD is verantwoordelijk voor een doelmatige uitvoering van PW en SW trajecten, georganiseerd werk en arbeidsmatige dagbesteding (ook wanneer het gaat om WMO en evt. Jeugdzorg cliënten is WSD een van de partners) binnen de door de gemeente gestelde (financiële) kaders en doelen. Partners Strategische samenwerkingspartners voor de gemeente zijn: In het voortraject/diagnose/intake Sociaal Wijk Team, Team Jeugd en Sociale Zaken van de gemeente en WSD, evt. aangevuld met experts van maatschappelijk werk en welzijn. • In de uitvoering van PW en SW trajecten en arbeidsmatige dagbesteding • WSD is hoofduitvoerder en de basis is het Transitiearrangement. Dat wil zeggen dat WSD de Wsw, Beschut werken en de PW uitvoert voor tenminste een gelijk aantal als de uitstroom Wsw.
Indien er specialistische kennis en expertise nodig is die WSD niet kan bieden, worden gespecialiseerde instellingen of re-integratiebedrijven ingehuurd. •
• Kringloopbedrijf Het Goed als aanbieder van lokaal werk en participatieplaatsen voor de doelgroep. • Nieuw is het opzetten van een voorziening arbeidsmatige dagbesteding door WSD. Ook hiervoor geldt dat WSD eventueel gespecialiseerde partners kan inzetten voor de uitvoering van onderdelen. • WSD verzorgt op verzoek maatwerk voor de gemeente (bijvoorbeeld voor vergunninghouders) en werkt daarin samen met betrokken partijen. • In de uitvoering van zorg, jeugdzorg en welzijnsondersteuning Lokale aanbieders van zorg, jeugdzorg, welzijn, maatschappelijk werk die bewezen kwaliteit hebben geleverd. Regionale specialistische zorg en welzijnspartners voor met name de 2e lijns hulpverlening voor zorg en welzijn. Plaats/locatie Het 3D prototype wordt uitgevoerd binnen de gemeenten die hiervoor kiezen. De lokale vestiging van de wijkteams/zorgloket en/of Sociale zaken is het portaal waar de expertise van WSD ingebracht wordt. Mogelijk dat de lokale vestiging van kringloopbedrijf Het Goed (een gezamenlijk initiatief van WSD en Het Goed Nederland) kan worden gezien als de lokale thuisbasis voor de uitvoering van de PW trajecten en mogelijk (een deel van) de arbeidsmatige dagbesteding. Inschatting haalbaarheid en risicofactoren Het financiële risico wordt beperkt geacht (zie hoofdstuk 6 en 7). De investeringen in mensen en middelen zijn beperkt.
Het grootste risico van de 3D oplossing is de betrokkenheid en de wil ervoor te gaan in alle geledingen. Is er voldoende daadkracht en acceptatie: zijn betrokken uitvoerders van gemeente en WSD en evt. andere partners bereid elkaars expertise 37
te accepteren. En zijn zij bereid door te pakken, ook als de oplossing afwijkt van de eigen aanpak uit het verleden? De kwaliteit van alle betrokkenen, het management, de uitvoerende professionals, de beleidsmedewerkers, de experts in de diagnose/
intaketeams (zowel van WSD, gemeente als andere partners) en die van het lokale netwerk van strategische partners, is van doorslaggevend belang. WSD zal snel de expertise moeten ontwikkelen (of samenwerken met partners) die nodig is bij het opzetten van professionele arbeidsmatige dagbesteding.
Uitwerking Prototype 3: Het Cafetariamodel Door gericht in te kopen biedt de gemeente de beste ondersteuning aan haar inwoners om optimaal te participeren. Dit doet zij vanuit haar positie als regisseur binnen het brede sociale domein. Alle activiteiten op het terrein van de Participatiewet worden door de gemeente per individu of in groepsverband ingekocht bij de aanbieder met het financieel en kwalitatief beste aanbod. Gemeente voelt zich verantwoordelijk voor alle inwoners en wil elke inwoner naar vermogen laten participeren. Daarbij streeft de gemeente naar zo regulier mogelijk werk. Het bieden van een zelfstandig inkomen met de inzet van loonkostensubsidie is voor de inwoners met een verminderde loonwaarde het maximaal haalbare. Gemeente koopt activiteiten in die inhoud geven aan deze opgave. Vanuit de behoefte om de kennis en infrastructuur van WSD beschikbaar te houden voor de doelgroep en vanuit overwegingen van solidariteit in de regio van samenwerkende gemeenten is het transitiearrangement de basis. Daar bovenop worden diensten ontwikkeld en ingekocht als WSD hiervoor kwalitatief en prijstechnisch het beste aanbod heeft.
Elementen voor het maken van een keuze Deze aanpak kent de volgende elementen: • •
•
• •
Gemeente biedt lokaal de beste diensten en producten voor haar inwoners. Bij de inkoop van diensten of producten staat ontwikkeling van de loonwaarde voorop; WSD is een van de ontwikkelaars en aanbieders van diensten. De diensten en producten worden zoveel mogelijk lokaal georganiseerd (binnen de infrastructuur van de gemeente en in samenwerking met het bedrijfsleven). Het transitiearrangement is de basisafspraak. De uitvoering van Beschut Werken wordt bij WSD worden ondergebracht.
Partners Gemeente werkt samen met alle aanbieders die haar inwoners ondersteunen op alle leefgebieden. Daarbij wordt gestreefd naar een klant-leverancier relatie tussen de gemeente en die aanbieders. WSD is op basis van het transitiearrangement een vaste partner voor de invulling van Participatiebanen en Beschut werken.
38
Plaats/locatie De uitvoering vindt zoveel mogelijk lokaal plaats. Dit biedt maximale mogelijkheden om inwoners dicht bij huis te ontwikkelen. Inschatting haalbaarheid en risicofactoren De gemeente daagt WSD uit om de financieel en kwalitatief beste producten en diensten te ontwikkelen. Op basis van het aanbod van WSD en het mogelijk aanbod van andere aanbieders, besluit de gemeente tot inkoop van producten en diensten. Daarbij beoogt de
gemeente een klant-leverancier relatie met haar belangrijkste aanbieder(s). De omvang van deze inkoop bij WSD is moeilijk in te schatten en sterk afhankelijk van mogelijke andere aanbieders. Omdat het Transitiearrangement de basisafspraak is onder dit prototype is het risico voor WSD beperkt omdat volume en budgetten op het niveau van de bijdragen vanuit het rijk gegarandeerd zijn.
39
Bijlage 2: Uitwerking financiële paragraaf Financiële doorrekening Gezamenlijk doorontwikkelen
Uitgangspunten met betrekking tot de bezetting Wsw en PW 1. Na besluitvorming is naar verwachting drie tot maximaal vijf jaar nodig om naar deze eindsituatie toe te groeien. Bij de ene gemeente zal dat sneller gaan dan bij de andere. De financiële raming van het Doorontwikkelscenario betreft de eindsituatie in 2024 en een geleidelijk ontwikkeling daar naartoe. 2. WSD voert voor de tien deelnemende gemeenten de Wsw uit en WSD ontvangt evenals in voorgaande jaren het Wsw budget een-op-een. 3. In de eindsituatie is de omvang van de basisdienstverlening volledig bereikt: a. De totale omvang van de totale doelgroep (Wsw en PW) werkzaam via WSD is 110% van het begrote aantal in de begroting WSD 2020. b. Hiervan is de doelgroep Wsw afgenomen volgens het natuurlijk verloop (begroting WSD 2020) 4. Bij alle gemeenten is een lokale infrastructuur ingericht met tenminste twee basisfuncties: a. De kennis en kunde van de gemeente en van WSD mbt intake, diagnose en planregie is in een samenwerkingsver band ondergebracht. b. De uitvoering van werk is zoveel mogelijk lokaal ingericht, b.v. in een vestiging van Het Goed, of andere lokale vestiging.
5. De expertise community en centrale back office is ondergebracht bij WSD. De kosten hiervan worden (evenals in voorgaande jaren) gedekt in de totale exploitatie van WSD. 6. De plusdiensten zijn de diensten die bovenop de basisdienstverlening komen en betreffen maatwerk per gemeente. Van oudsher verricht WSD Plusdiensten. De totale omzet hiervan is de afgelopen decennia redelijk stabiel. In de prototypen zijn verschillende nieuwe Plusdiensten ontwikkeld. Aangenomen is dat deze in de eindsituatie stijgen tot 150% van de huidige omvang. Deze stijging is een beoogd en geraamd effect van verbeterde intake en diagnose en het nabij en laagdrempelig organiseren, alsmede van het streven om meer ondersteuning in de eerste lijn te bieden.
40
Specifieke uitgangspunten voor de financiële doorrekening 1. Berekend wordt de exploitatie van WSD inclusief de samen met de gemeenten nieuw te vormen lokale vestigingen. 2. Uitgegaan wordt van de bezetting zoals weergegeven in bovenstaand overzicht, met uiteindelijk een totale bezetting van 2.300 doelgroepmedewerkers. 3. Met betrekking tot de lokale samenwerkingsverbanden wordt het volgende aangenomen. Gemeenten en WSD (en evt. derde partijen) brengen hun bestaande expertise op het gebied van intake, diagnose etc. om niet in. Daarmee is dat onderdeel voor gemeenten en WSD kosten neutraal. Er is een uitbreiding van de kosten voorzien van 10%, inclusief de kosten van staf en kader met taken als intake en diagnose en met begeleiding op het werk. Dit komt overeen met de groei van 10% van de doelgroepmedewerkers. Efficiencywinst wordt behaald doordat in de back-office en het expertisecentrum slechts zeer beperkte uitbreiding van de capaciteit nodig is als gevolg van de 10% groei van de doelgroep. Er is rekening gehouden met een uitbreiding van de (grotendeels flexibele) capaciteit aan professionals om de groei van de uitvoering van nieuwe Plusdiensten te kunnen uitvoeren.
4. In de lokale samenwerkingsverbanden tussen gemeenten en WSD wordt ook de component werk zoveel mogelijk onder gebracht. Experimenten met b.v. Het Goed tijdens de prototype periode hebben laten zien dat dit binnen de krappe marges van de PW budgetten uitvoerbaar is en zelfs rendabeler kan zijn dan de huidige exploitatie. Dat laatste als gevolg van lagere huisvestingskosten en minder vervoerskosten. Voorzichtigheidshalve is gerekend met een gelijkblijvend rendement als in de huidige situatie. De afbouw van frictiekosten, zoals b.v. huisvesting, ICT kosten bij gemeenten en WSD worden geacht in drie tot maximaal vijf jaar afgebouwd te kunnen worden. WSD en gemeenten dragen hiervan zelf de kosten. Deze kosten moeten nader onderzocht en onderbouwd worden, zodra per gemeente nadere invoeringsplannen opgesteld worden. Vooralsnog wordt in de exploitatie van WSD een bedrag van € 200.000 per jaar meegenomen, dat na 2024 geleidelijk afneemt. Als gevolg van de afbouw van een deel van de centrale locatie bij WSD nemen de afschrijvingslasten van o.a. huisvesting geleidelijk af.
41
5. De kosten van de expertise community bij WSD worden geacht grotendeels budget neutraal te zijn. Het gaat enerzijds om het handhaven van de huidige kennis, kunde, innovatie en lobbyfunctie van WSD. Anderzijds worden deze verbonden met de kennis, kunde, innovatie en lobby van de tien gemeenten (en evt. derde partijen zoals zorginstellingen, onderwijs en werkgevers). Zowel WSD, gemeenten als eventuele derden brengen hun expertise om niet in. Wel zal er geïnvesteerd moeten worden om de community op gang te brengen (eenmalige investering in b.v projectleiding) en gefaciliteerd moeten worden met passende huisvesting en ICT/communicatiemiddelen. Deze extra kosten maken onderdeel uit van het invoeringsplan en het investeringsbudget. In de exploitatie is gerekend met extra kosten van € 150.000 per jaar. De kosten van de bestaande kennis, innovatie en lobby capaciteit van WSD wordt, evenals in het verleden, gedekt in de exploitatie van WSD.
8. Extra kosten als gevolg van de invoering van het Doorontwikkelscenario worden begroot op € 500.000 per jaar en zijn als volgt geraamd: a. Meerkosten als gevolg van afbouw frictiekosten (zie hierboven bij punt 4) huisvesting, systemen e.d.: € 200.000 per jaar. b. Kosten extra capaciteit om community op gang te brengen (zie hierboven bij punt 5): € 150.000 per jaar. c. Onvoorzien: € 150.000 per jaar. In de periode na 2025-2026 worden deze kosten afgebouwd tot nihil. In de periode 2021 tot en met 2026 gaat het in totaal om ca. € 2,6 mln. De gevolgen voor de exploitatie worden uiteraard verminderd als een deel van de reserves van WSD ingezet worden voor deze investering. 9. Bij de exploitatie van LKS-banen is uitgegaan van de huidige vergoeding van de verminderde loonwaarde en de begeleiding.
6. De Plusdiensten bestaan uit diensten die van oudsher door WSD worden aangeboden, zoals intake en diagnose, re-integratietrajecten e.d.. Deze dienstverlening heeft al jarenlang ongeveer dezelfde omvang. In de raming wordt dan ook uitgegaan van stabilisatie hiervan. 7. Daarnaast bestaan de plusdiensten uit nieuwe en innovatieve diensten en methodes die ontwikkeld zijn door gemeenten en WSD gezamenlijk. Het gaat om b.v. inburgering en taal tijdens het werk, jeugdtrajecten, ontwikkelgerichte arbeidsmatige dagbesteding etc. De verwachting is dat deze diensten fors zullen groeien, omdat deze inspelen op urgente lokale behoeften van gemeenten. Voorzichtigheidshalve is aangenomen dat de dienstverlening met 50% zal groeien t.o.v. de huidige situatie. 42
Bijlage 3: Beschikbare middelen
1. Voor de uitvoering van de Wsw ontvangen de gemeenten van het rijk een specifieke uitkering, het Wsw-budget. Aangezien de instroom van de Wsw per 1-1-2015 is gestopt en er t/m 2020 bezuinigd wordt op het budget per arbeidsplaats neemt dit budget steeds verder af.
6. Voor de uitvoering van de Jeugdzorg beschikt de gemeente over het Jeugdzorg budget.
2. Voor de uitkeringen van de mensen in de bijstand en voor de betaling van de loonkostensubsidie van mensen met een baan met loonkostensubsidie of Beschut werk op basis van de Participatiewet, beschikt de gemeente over het zogenaamde BUIG-budget.
8. Door het verzilveren van de verdiencapaciteit van de mensen die werken met loonkostensubsidie, wordt een deel van de kosten terug verdiend. Dit is ook de basis van de positieve ontwikkeling van het bedrijfsresultaat van WSD.
3. Voor de begeleiding en werkplek aanpassing van de mensen die werken in een baan met loonkostensubsidie beschikt de gemeente over het Begeleidingsbudget nieuwe doelgroep. 4. Voor de re-integratie van mensen uit de bijstand (sollicitatietrainingen, re-integratietrajecten) beschikken de gemeenten over het Begeleidingsbudget klassieke doelgroep. 5. Voor de uitvoering van de Wmo, inclusief het onderdeel arbeidsmatige dagbesteding, beschikt de gemeente over het Wmo budget.
7. Tot slot ontvangt de gemeenten middelen in de algemene uitkering voor de uitvoering van de diverse beleidsterreinen.
9. Ook is er sprake van communicerende vaten tussen budgetten, die bij het effectief en efficiënt inzetten ervan tot besparingen op de uitgaven leiden. Zo kost een uitkering de gemeente per jaar ca. € 13.000. Als deze inwoner via bijvoorbeeld een baan met loonkostensubsidie aan het werk gaat, bespaart dat de gemeente € 3.000 tot € 4.000 per jaar. Daarnaast krijgt de gemeente € 3.000 meer uitvoeringskosten. 10. Dit uiteraard naast het bredere maatschappelijke rendement. Mensen die werken maken minder gebruik van zorg, hebben minder schulden, zijn gelukkiger en maken ook minder gebruik van andere ondersteuning.
44
Bijlage 4: Citaten
Citaten uit de interviews
“Dat kunnen gemeenten niet alleen, nog nie bekant.” Ed Mathijssen
“De samenwerking is ultiem.” Nadine van de Griendt en Mieke Hellings
“Je doet er weer toe.”
“Beweging is vooruitgang.”
Stan van der Heijden
Marlou van Osch
“Werken is een middel en niet een doel op zich.” Saskia Jansen
“Alles wat aandacht krijgt wordt mooier.” ASD Son en Breugel
“Gewoon doen!” Esther Langens
“Een beperking hebben is gewoon!” ASD Son en Breugel
“Anders kijken naar uitdagingen.” Gina van Bree & Jos van Dijk
“WSD is een gespreid bedje, het dekentje moet je zelf terugslaan.” Ralf Stultiëns
“Je hebt mekaar nodig.” Esther Langens
45