C3 VRBZO - Bijlage 2 - Concept 1e wijziging begroting 2025
Tekst van het document
Concept eerste wijziging begroting 2025 Veiligheidsregio
Provincie
Dienstjaar
Nr.
Brabant-Zuidoost
Noord-Brabant
2025
1
Het Algemeen Bestuur van voormelde gemeenschappelijke regeling
BESLUIT: Gehoord de Commissie Financiën en Bedrijfsvoering van Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost d.d 20 november 2024; de begroting van Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost voor bovengenoemd dienstjaar te wijzigen als hierna is aangegeven. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het Algemeen Bestuur d.d. 12 december 2024. Het Algemeen Bestuur voornoemd,
De voorzitter
De heer J.R.V.A. Dijsselbloem
Inhoudsopgave 1.
2.
Verwerking bestuurlijke opdracht ............................................................................................................................. 3 1.1
Deelopdracht 1......................................................................................................................................................... 3
1.2
Deelopdracht 2 en 3................................................................................................................................................. 5
Financieel effect.......................................................................................................................................................... 5
Bijlage 1: Exploitatiebegroting ............................................................................................................................................ 6
Bijlage 2: Staat van gemeentelijke bijdragen ..................................................................................................................... 7
Versie:
2
1. Verwerking bestuurlijke opdracht In deze eerste wijziging 2025 verwerken we de bestuurlijke deelopdracht 1 in de begroting 2025. In de Kadernota 2026 verwerken we het meerjarenperspectief. Om deze begrotingswijziging zelfstandig leesbaar te laten zijn hebben we ervoor gekozen de tekst over de bestuurlijke opdracht gelijk te maken aan die in de Kadernota 2026.
1.1
Deelopdracht 1
Voor diverse onderwerpen is geïnventariseerd welke wettelijke bepalingen gelden, welke brancherichtlijnen of -normen (moeten) worden gehanteerd, wat de status is van uitvoering en implementatie binnen VRBZO en wat nodig is om het uitvoeringsniveau te laten voldoen aan wet- en regelgeving. Aan de hand van deze informatie en afwegingen door het management is een document voor het bestuur opgesteld. Hierin staan constateringen die relevant zijn voor beantwoording van deelopdracht 1: het gaan voldoen aan wet- en regelgeving. Ook staat in dit document wat nodig is om blijvend te kunnen voldoen aan wet- en regelgeving. Op hoofdlijnen gaat het hierbij om de volgende thema’s: Taakuitvoering primair proces De Wet veiligheidsregio’s is duidelijk in wat de taken en verantwoordelijkheden van een veiligheidsregio zijn en waaraan ook VRBZO moet voldoen. Maar we willen zeker ook komen tot deze verbeteringen omdat het gaat om het voorkomen en beperken van levensbedreigende situaties en het in belangrijke mate bijdragen aan de maatschappelijke continuïteit. Het op orde hebben van de primaire taakuitvoering is van groot belang. Een verhoging van de formatie van vrijwilligers en beroepsbrandweer is daarvoor noodzakelijk. We kunnen momenteel onze repressieve taken nog uitvoeren, maar het piept en het kraakt. De limiet van wat nog verantwoord is, is bereikt of wordt hier en daar al overschreden.
Dankzij de loyale inzet van onze medewerkers lukt het nog de primaire taken uit te voeren en de bedrijfscontinuïteit en veiligheid te borgen, maar zowel in kwalitatieve als kwantitatieve zin loopt het systeem vast. Veranderingen in veiligheidsrisico’s vragen om andere vormen van opgeleid worden en opgeleid blijven. Inzet van moderne methoden en didactische inzichten zijn nodig om de vakbekwaamheid van onze mensen op peil te brengen en houden, aangezien het traditioneel oefenen te beperkt in mogelijkheden is en aanloopt tegen praktische en milieutechnische grenzen. Mede vanwege de komst van de Omgevingswet wordt een steeds hoger kennisniveau van onze veiligheidsadviseurs gevraagd. En een heel belangrijke constatering is dat voor het uitvoeren van alle taken binnen het primair proces beschikbaarheid van de juiste, op de taken van de veiligheidsregio toegespitste informatie, steeds belangrijker is. Ook hiervoor ontbreekt het aan de juiste middelen. Huisvesting en materieel In de laatste fase van de regionalisering van de brandweer in 2014 zijn ook de huurafspraken voor gebruik van brandweerkazernes vastgelegd. Duidelijk was daarbij welk deel van de huurovereenkomst de verantwoordelijkheid is van verhuurder en van huurder.
Inmiddels is duidelijk dat ook aan huurderszijde een goede beheersorganisatie moet worden ingericht om toekomstbestendige huisvesting te kunnen blijven garanderen. Dit vraagt om samenwerking tussen gemeenten en deskundige inbreng vanuit VRBZO en beschikbaarheid van voldoende middelen. Verduurzaming is ook aan de orde bij het beheren en vervangen van materialen en materieel. De organisatie is niet in staat om de verzwaringen in eisen en processen, de toename in werkzaamheden en de kostenverhogingen bij vervangingen op te vangen. En dit terwijl de onvoorwaardelijke beschikbaarheid van materialen en materieel essentieel is voor het veilig en effectief kunnen uitvoering van de hulpverleningstaken, zoals goed functionerende communicatiemiddelen tijdens brandweerinzetten.
3
Personele zorg De loyaliteit van onze medewerkers aan het vak en aan de inwoners en bedrijven waar ze het allemaal voor doen is groot. De samenwerking binnen de organisatie is sterk en dienend aan de gezamenlijke missie ‘Zorg voor veiligheid’. Met die instelling zijn we tot op heden in staat gebleken om de taken van een veiligheidsregio in voldoende mate te kunnen uitvoeren. Maar als werkgever bieden we lang niet altijd datgene, waar onze medewerkers recht op hebben en wat onontbeerlijk is voor hun werk en inzet; een veilige en gezonde werkomgeving, goede implementatie van arbeidsvoorwaarden en voldoende begeleiding bij rechtspositionele vraagstukken. Juist een veiligheidsorganisatie als VRBZO zou de arbeidsomstandigheden goed op orde moeten hebben om het risicovolle werk veilig te kunnen uitvoeren en een goed voorbeeld te kunnen stellen. Een risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) heeft echter aangetoond dat er een groot aantal tekortkomingen zijn. Die kunnen alleen worden opgepakt met behulp van voldoende deskundig personeel en beschikbaarheid van voldoende financiële middelen. Ondersteuning organisatie Het primair proces binnen de Veiligheidsregio kan alleen goed functioneren als het kan leunen op de goede ondersteuningsprocessen en ondersteunende middelen. Een essentieel onderdeel is het kunnen werken met betrouwbare hard- en software, netwerken en informatiebronnen.
Voor veel aspecten is deze ondersteuning niet gegarandeerd; het netwerk valt met regelmaat uit, applicaties vertonen storingen en de informatie en werkomgevingen zijn onvoldoende beschermd tegen aanvallen van buitenaf. De bedrijfscontinuïteit is niet altijd te garanderen, terwijl dat juist van een hulpdienst en crisisorganisatie mag worden verwacht. Elke overheidsorganisatie, dus ook VRBZO, wordt geacht een goede bedrijfsvoering te voeren, die voldoet aan de specifieke wettelijke eisen. We streven ernaar een transparante organisatie te zijn die aan kan tonen in control te zijn en informatie kan delen met inwoners, media en gemeenteraden. Dat vraagt om capaciteit en deskundigheid die momenteel onvoldoende aanwezig is. Om op deze onderwerpen te kunnen voldoen aan wet- en regelgeving is structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage nodig. Ervan uitgaande dat overhead meegroeit met de rest van de organisatie kunnen de vereiste maatregelen met betrekking tot bedrijfsvoeringstaken worden gefinancierd uit de generieke opslag voor overhead. Uitzondering hierop zijn kosten voor het versterken van informatievoorziening en ICT-middelen die grotendeels behoren tot middelen voor het primair proces. Het financiële effect voor gemeentelijke bijdragen staat in hoofdstuk 2 Financieel effect.
4
1.2
Deelopdracht 2 en 3
Het besluit over deelopdracht 1 vindt plaats in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 12 december 2024. Dan wordt tevens besloten of deelopdracht 2 en 3 in elkaar worden geschoven. In deze deelopdrachten worden onder anderen ook de meer strategische thema’s meegenomen.
1.2.1
Regionaal beleidsplan
In het verlengde van deelopdracht 2 en 3 willen we in 2026 werken met een meerjarig regionaal beleidsplan zoals bedoeld in de Wet veiligheidsregio’s. In dit beleidsplan staat de koers van de organisatie voor de komende jaren. De richting van de koers wordt in het voorjaar van 2025 door het bestuur besproken. Na ambtelijke uitwerking van de koers in een regionaal beleidsplan zal het plan voor verdere besluitvorming worden ingebracht. Voorafgaand aan vaststelling door het bestuur overlegt de burgemeester met de gemeenteraad over de inhoud van het ontwerp-beleidsplan.
2. Financieel effect Het financiële effect voor 2025 van bestuurlijke deelopdracht 1 is de onderstaande tabel opgenomen. De overige jaren zijn opgenomen in de Kadernota 2026. Waarvan: Jaar 2025
Uit Totaal prijspeil 2025 onderbesteding € 3.130.000 € 1.000.000
Uit reserve
Van gemeente € 2.130.000
Voor 2025 nemen de exploitatielasten met € 2.130.000 toe, omdat een bedrag van € 1.000.000 gedekt wordt uit onderbesteding. De gemeentelijke bijdrage wordt verhoogd met € 2.130.000 .
5
Bijlage 1: Exploitatiebegroting
Onderdeel Brandweerzorg Crisisbeheersing Ondersteuning organisatie Bdur uitkering Rijk Bijdrage gemeenten Financiering & Alg Dekkingsmiddelen Bestuurlijke opdracht Financiering Toevoeging/Onttrekking Reserves Eindtotaal
2025 primair € 47.825.511 € 5.263.313 € 11.506.354
Lasten 1e wijziging 2025
€ 699.659 € 699.659
€ 2.130.000 € 2.130.000
€ 65.294.837
€ 2.130.000
2025 na wijziging 2025 primair € 47.825.511 -€ 721.246 € 5.263.313 -€ 32.000 € 11.506.354
€ 699.659 € 2.130.000 € 2.829.659 €0 € 67.424.837
-€ 10.594.376 -€ 53.847.215 -€ 100.000
Baten 1e wijziging 2025
-€ 2.130.000
-€ 64.541.591 -€ 65.294.837
€0 -€ 2.130.000
2025 na wijziging -€ 721.246 -€ 32.000 €0 -€ 10.594.376 -€ 55.977.215 -€ 100.000 €0 -€ 66.671.591 €0 -€ 67.424.837
De bestuurlijke opdracht is hier voor €2.130.000 opgenomen. Een bedrag van €1.000.000 realiseren we door onderbesteding op kapitaalslasten en is daarom tabel verwerkt.
6
niet in deze
Bijlage 2: Staat van gemeentelijke bijdragen Aandeel in bijdrage 2025
Bijdrage 2025 primaire begroting
1e wijziging 2025
Bijdrage na 1e wijziging
Asten
2,03%
€ 1.097.282
€ 43.222
€ 1.140.504
Bergeijk
2,68%
€ 1.445.439
€ 57.037
€ 1.502.476
Gemeente Best
3,39%
€ 1.826.341
€ 72.152
€ 1.898.492
Bladel
2,73%
€ 1.476.042
€ 58.251
€ 1.534.293
Cranendonck
2,59%
€ 1.396.334
€ 55.089
€ 1.451.422
Deurne
3,75%
€ 2.018.595
€ 79.780
€ 2.098.375
Eersel
2,55%
€ 1.375.510
€ 54.262
€ 1.429.772
Eindhoven
34,79%
€ 18.681.790
€ 740.989
€ 19.422.779
Geldrop-Mierlo
4,57%
€ 2.460.533
€ 97.317
€ 2.557.850
Gemert-Bakel
3,59%
€ 1.933.672
€ 76.411
€ 2.010.082
Heeze-Leende
1,90%
€ 1.028.219
€ 40.482
€ 1.068.700
Helmond
10,82%
€ 5.816.310
€ 230.477
€ 6.046.787
Laarbeek
2,72%
€ 1.465.876
€ 57.848
€ 1.523.724
Nuenen c.a.
2,79%
€ 1.508.270
€ 59.530
€ 1.567.800
Oirschot
2,19%
€ 1.185.852
€ 46.737
€ 1.232.589
Reusel-De Mierden
1,73%
€ 937.449
€ 36.880
€ 974.329
Someren
2,39%
€ 1.291.332
€ 50.922
€ 1.342.254
Son en Breugel
1,85%
€ 998.785
€ 39.314
€ 1.038.099
Valkenswaard
3,78%
€ 2.037.304
€ 80.523
€ 2.117.827
Veldhoven
5,23%
€ 2.817.334
€ 111.475
€ 2.928.809
Waalre Totaal
1,94% 100,0%
€ 1.048.948 € 53.847.215
€ 41.304 € 2.130.000
€ 1.090.252 € 55.977.215
Gemeente
7