BP Herziening Buitengebied Papenvoortse Heide 3 - Bijlage 2 (regels) en Bijlage I (toelichting) Landschappelijke inpassing en beeldkwaliteitsplan
Tekst van het document
WONEN IN DE BOSRAND PAPENVOORTSE HEIDE NUENEN LANDSCHAPPELIJKE INPASSING EN BEELDKWALITEIT
17 APRIL 2025
20
PRIKKELENDE LANDSCHAPSONTWERPEN.
PRIKKELENDE LANDSCHAPSONTWERPEN.
COLOFON
INHOUDSOPGAVE
Titel document:
1 Inleiding
3
2 Landschap
6 6 8 9
3 Voorstel
11 11 12 14 14 18 21 22 26
WONEN IN DE BOSRAND PAPENVOORTSE HEIDE NUENEN Datum:
17 april 2025
Status:
Landschappelijke inpassing en beeldkwaliteit Projectlocatie: Papenvoortse Heide 3 Nuenen
Auteur/Adviseur: RELAND Burgemeester Verdijkplein 1, 5835AR Beugen T: 085-0431949 E: info@reland.nl
HOESBERGEN STEDENBOUW Tuinstraat 32, 5611 PL Eindhoven T: 06-12342207 E: info@Hoesbergenadvies.nl
VAN DOOREN LANDSCHAP Derpt 15, 4576 VW Vorstenbosch T: 06-26949922
2
E: info@vandoorenlandschap.nl
2.1 Huidige situatie 2.2 Historische ontwikkeling 2.3 Bebouwingsconcentratie
3.1 Visie 3.2 Inrichtingsvoorstel 3.3 Beeldkwaliteitsplan 3.3.1 3.3.2
Uitgangspunt 1 - Landschap Uitgangspunt 2 - Architectuur
3.4 Meerwaarde groen 3.5 Beplantingsplan 3.6 Kwaliteitsverbetering
Bijlage I Bijlage II Bijlage III Bijlage IV Bijlage V
1 INLEIDING Aan de rand van het bos De Papenvoortse Heide te Nuenen ligt een intensief agrarisch bedrijf. Initiatiefnemer is voornemens de schuren te amoveren via de Ruimte-voor-Ruimte regeling en in ruil hiervoor 4 kavels met vrijstaande woningen uit te geven. Daarnaast wordt de bedrijfswoning omgezet naar een burgerwoning. Het college van B&W van de gemeente
de Papenvoortse Heide. De overgang
Nuenen staat positief tegenover deze
naar de omgeving, de inrichting van het
omwikkeling en heeft dit uitgesproken
kavel en de architectonische expressie
door middel van een principeakkoord.
worden van richtlijnen voorzien.
Om de wensen te kunnen realiseren dient een separate bestemmings-
Voor het beeldkwaliteitsplan zijn de
planprocedure te worden doorlopen.
richtlijnen aanvullend op het bestem-
Het ontwerp en de landschappelijke
mingsplan. De richtlijnen zijn niet gericht
inpassing vormen daar een belangrijke
op het belemmeren van individuele
basis voor. Samen met de dorpsbouw-
wensen, maar op het tot stand brengen
meester, Team Ruimtelijke Kwaliteit
van de gezamenlijke overkoepelende
(TRK) en provincie Brabant is dit voorstel
kwaliteit van de directe omgeving van
uitgewerkt tot een landschapsplan met
de vier woningen. De regels moeten
verkaveling en beeldkwaliteitsplan voor
vooral inspireren en het vertrouwen
de woningen. Deze notitie is daar een
bieden dat het gemeenschappelijke
uitwerking van.
ambitiebeeld ook gerealiseerd en beheerd wordt, zodat de wens van de
3
Met de voorliggende rapportage wordt
individuele bewoners een fijne in eigen
invulling gegeven aan de landschap-
beheer gerealiseerde woning, in deze
pelijke , st edenbou w kundige en
karakter volle omgeving bereikbaar
architectonische kwaliteiten van het
wordt.
wonen in de rand van het bosgebied aan
Topografische ondergrond. Plangebied aangeduid in oranje (bron:topotijdreis.nl)
1.3 Locatie Het plangebied ligt op 200 meter ten noorden van de ruimtelijke bebouwde kom van Nuenen, aan de Papenvoortse Heide 6. Het staat kadastraal bekend als gemeente Nuenen, sectie C, perceelnummers 3900 en 3901. Op de naastgelegen luchtfoto is de kadastrale situatie weergegeven.
4
Bestaande situatie op luchtfoto met kadastrale ondergrond. Plangebied aangeduid in oranje (bron:google.nl/maps.nl)
LANDSCHAP
2 LANDSCHAP 2.1
Huidige situatie
In de huidige situatie ligt binnen het plangebied een varkensbedrijf met 4 grootschalige bedrijfspanden. Het grootste gebouw heeft een lengte van 50 meter. Het bedrijf kent geen positieve uitstraling naar de omgeving. De straat Papenvoortseheide is een
aan de Papenvoortseheide, opgenomen
mooie groene rechte weg met aan beide
in een bosachtige omgeving met grote
zijden een rij van Amerikaanse eiken.
bomen. De bedrijfsbebouwing bestaat
Aan de oostzijde grenst deze weg aan
uit lage stallen. Het bedrijfskavel is
een gemengd loof- en dennenbos. Aan
omrand met bomen, maar de bebouwing
de westzijde ligt de overgang naar een
is zichtbaar vanaf de Papenvoortseheide
agrarisch gebied met gras- en bouwland
en vanaf het landschap ten westen van
en diverse (agrarische) bedrijven en
de planlocatie.
burger woningen. Deze kavels zijn opvallend groen omkaderd door singels, hagen en bomenrijen.
Boven: beeld huidige situatie plangebied met lage schuren zichtbaar vanaf Papenvoortse Heide. Locatie: ingang
Het plangebied ligt op circa 250 meter van de kern Nuenen. Op het terrein ligt in de zuidpunt aan de weg een bedrijfswoning. De woning ligt op een mooie wijze
6
weide Naast: Beeld huidige situatie hooiland aan de Papenvoortse Heide
7
Beeld huidige situatie Papenvoortseheide met laanbeplanting Amerikaanse eiken
Beeld huidige situatie begroeiing bosplantsoen naast Papenvoortseheide
Beeld huidige situatie bedrijfswoning met inrit
Beeld huidige situatie bedrijfswoning met inrit
Beeld huidige situatie bedrijfswoning met inrit (andere zijde)
2.2
Historische ontwikkeling
Tussen het beekdal van de Aa en de Dommel ligt een brede
De laatste decennia is de dorpskern Nuenen sterk gegroeid
dekzandrug waar de dorpen Lieshout, Gerwen, Nuenen en
richting de Papenvoorste Heide. Het gebied tussen de kern
Stiphout zijn ontwikkeld. Diversiteit aan landschapstypen
en het bos is vrij smal geworden met akker- en weilanden
ontstonden op deze ruggen, naar gelang de bodem- en
en diverse bebouwing (300m). Het groene karakter van dit
watersituatie.
gebied is daarmee belangrijk en dient zorgvuldig te worden geconserveerd/versterkt met nieuwe ingrepen in het
Op de gemene gronden is op de voormalige heidevelden en
gebied.
stuifzanden in de jaren ‘20 van de 20e eeuw bos geplant. Met name zijn de Grove den en diverse sparrensoorten geplant met als doel houtproductie. In combinatie met dit grondgebruik werden diverse kaarsrechte lanen aangelegd om het hout te kunnen afvoeren. De Papenvoortse Heide vormt het zuidelijke deel van het
Topografische weergave situatie in 1900 (Bron: topotijdreis.nl)
grotere bosgebied op grondeigendom van de gemeente Nuenen. In dit gebied komen nog grote stukken heidegebied en enkele vennen voor. Aan de westzijde van de weg Papenvoortse Heide zijn grote landbouwenclaves ontgonnen in de jaren ‘70. Door gebruik te maken van tractoren, kunstmest en irrigatie waren ook deze gronden geschikt voor landbouw. Het betroffen grote rechte kavels met weinig tot geen randbeplanting. Begin jaren ‘90 zijn aan de Papenvoortseheide diverse bedrijven gevestigd. Dit waren van oorsprong voornamelijk intensieve varkensbedrijven, die niet direct gerelateerd zijn aan het omringende landgebruik. Deze hebben een introvert karakter door aanplant van singels en bomenrijen.
8
Topografische weergave situatie in 1970 (Bron: topotijdreis.nl)
Topografische weergave situatie in 2021 (Bron: topotijdreis.nl)
2.3
Bebouwingsconcentratie
De bebouwingsrand van Nuenen Oost word gevormd door ’t Gouden Kalf en Tweerijten. Hier vindt de afronding van Nuenen plaats. Maar tegelijkertijd is duidelijk dat in de loop der jaren in het gebied rond de Papenvoortse Heide een eigen ontwikkeling heeft plaatsgevonden die heeft geresulteerd in een groot aantal gebouwen en bedrijfspercelen, geconcentreerd aan de Papenvoortse Heide, met name in de hoek met Prinsenweier. Er is, wellicht onbedoeld, een bebouwingscluster ontstaan die een grote afbreuk doet aan het landschapsbeeld. De concentratie van bedrijfsbebouwing en -activiteiten is een belasting voor het landschap. Het huidige beeld is rommelig en grootschalig en verstoort de overgang tussen bebouwde kom, open landschap en het bosperceel.
9
Landschapskenmerken en bebouwingsconcentratie
VOORSTEL
3 VOORSTEL Het inrichtingsvoorstel is uitgewerkt in samenwerking met de dorpsbouwmeester en Team Ruimtelijke Kwaliteit namens de gemeente Nuenen. Daarnaast is provincie Brabant in beginstadium betrokken bij de uitwerking van dit plan. Vanuit landschappelijk oogpunt wordt de voorgestelde ontwikkeling gezien als het begin van een herontwikkeling van de dorpsrand
Dorpskern Nuenen
nabij het bos Papenvoortse Heide. Door de bestaande agrarische schuren binnen het plangebied te vervangen door woningen en het bijbehorende groen omzoomde tuinen, wordt het beeld van de
Weide- en akkergrond
(oost)zijde van Nuenen sterk verbeterd. Bovendien kan de realisatie van de woningen gezien worden als een aanmoediging om ook de Boskamer
naastgelegen percelen op te schonen. Het is waardevol om een begin te maken met een ruimtelijke, milieutechnische en planologische kwalitatieve verbetering van dit gebied.
Bos
3.1
Visie
De ruimtelijke ambitie is het bos te verlengen/vergroten aan de westzijde van de Papenvoortse Heide. Hierdoor vormt het plangebied onderdeel van
De grens met het open landschap wordt daarmee groen aangezet. Het open landschap vormt een waardevolle buffer tussen de dorpskern en bosrand.
het bos. De woningen liggen in een ‘boskamer’; een open ruimte binnen het
11
bosgebied.
Visiekaart
Binnen de boskamer liggen 4 individuele woningen op een ruime kavel, die opgaan in het landschap. Bomen spelen hierin een belangrijke rol. Vanaf de weg Papenvoortseheide zijn de woningen zichtbaar, maar speelt groen de overhand.
3.2
Inrichtingsvoorstel
De bestaande bossingels, die het plangebied omkaderen, blijven gehandhaafd. De oost- en westrand worden versterkt met aanplant van nieuw inheems struweel en bomen, om de uitloop van het bos aan te zetten. Binnen deze brede boszoom worden nieuwe bossingels aangeplant als raamwerk voor de nieuwe structuur. Vanaf de Papenvoortseheide worden twee landelijke bospaden gemaakt waaraan ieder twee nieuwe woningen worden gevestigd. Hierdoor wordt de bebouwing geconcentreerd in de boskamer en ervaart men vanaf de Papenvoortse Heide voornamelijk groen (bos). De bospaden van halfverharding zijn smal en worden aan de zuidzijde begeleid door een bossingel met struweel en kruidenrijke grasbermen. De paden liggen op bestaande inritten, namelijk de huidige bedrijfsinrit ten noorden van de bedrijfswoning en een bestaande weideingang. Hierdoor ondervinden de bestaande bomen aan de Papenvoortse Heide zo min mogelijk hinder van de nieuwe verhardingsingrepen in relatie tot worteldruk door verkeer. Insteek is daarmee ook geen bomen te kappen aan de Papenvoortseheide.
Ruimtelijke ambitie Papenvoortse Heide, projectie
De woningen zijn georiënteerd aan de bospaden en de massa is zoveel mogelijk geconcentreerd. De twee woningen aan
12
ieder bospad verspringen trapsgewijs, zodat er aan het eind
nieuwe kavels. (zie bijlage I voorstel op maatvaste ondergrond)
van het bospad zicht is op de singel met het achterland. De woningen staan parallel aan het bospad. Bijgebouwen altijd ontwerpen als familie van het hoofdgebouw zodat er een gelede compositie van bouwvolumes op het kavel ontstaat Het effect is dat aan de Papenvoortseheide zo min mogelijk gevels worden gebouwd. Achter de woningen ligt een ruime tuin. Alle tuinen worden omzoomd door een bossingel met struweel. Deels is dit bestaand en deels nieuw aangelegd. Indien men behoefte heeft aan een dichte wand, wordt dit zoveel mogelijk opgelost met natuurlijke materialen of elementen uit de omgeving. Er is voldoende ruimte om te parkeren op eigen terrein (minimaal 2 parkeerplaatsen). De twee noordwestelijke woningen hebben zicht op het open
Referentiebeeld bossingel met struweel
landschap door behoud van bestaande kleine openingen in de westelijke boszoom. Deze opening is alleen mogelijk indien op het naastgelegen perceel lage teelt wordt gehanteerd. Bij hoge teelt (zoals laagstam fruit) wordt de singel gesloten in verband met mogelijke drift richting de woningen. De huidige bedrijfswoning wordt omgezet naar burgerwoning met eigen tuin en bestaande inrit. De huidige landschappelijke beplanting blijft zoveel mogelijk gehandhaafd. Achter de woning wordt een nieuwe schuur gebouwd voor opslag van agrarisch werktuig en schuilgelegenheid van kleindieren, die gebruik maken van de achterliggende weide. De schuur is toegankelijk via het bospad van de nieuwe woningen.
13
Referentiebeeld bossingel met struweel
Referentiebeeld halfverharding in combinatie met kruidenrijke berm
3.3
Beeldkwaliteitsplan
Wonen in de boskamer is de inzet van de opgave en hiervoor is een zorgvuldige regulering van de woningen en tuin noodzakelijk. Deze ambitie is vertaald in een aantal regels in een ‘beeldkwaliteitsplan’. Deze zijn nadrukkelijk gericht op de landschappelijke inpassing: het creëren van een bos en het vormgeven van boskamers. De tweede ambitie, het organiseren van architectonische individualiteit is gericht op het creëren van een basiskwaliteit waarbinnen een grote mate van architectonische vrijheid bestaat. Het idee is om een omgeving te creëren waarin de vier woningen opgaan in de omgeving en juist daardoor op het niveau van de individuele woning een grote mate van vrijheid ontstaat met betrekking tot de woningtypologie en de architectuur.
3.3.1
Uitgangspunt 1 - Landschap
Aan de zijde van de Papenvoort se
westzijde komt een extra brede groene
gebouwd moet worden binnen het
Heide zal het beeld ontstaan van smalle
strook met bomen en struweel. De
aangegeven bouwvlak met de voorzijde
bospaden met bebouwing in het groen.
bestaande bomen blijven zoveel mogelijk
op de lijn met ‘zichtzijde nieuwe woning’
De bospaden worden begeleid door een
gehandhaafd en op de kavelgrenzen
(zie inrichtingsplan pagina 12). Het
bossingel met struweel en kruidenrijke
worden nieu we inheem se bomen
bouwvlak ligt geconcentreerd bij het
berm. Deze beplanting bepaalt het beeld
en struweel en kruidenrijke bermen
bospad en heeft voldoende afstand tot
vanaf de weg.
toegevoegd. De totale indruk van het
de gewenste groene omkadering van
gebied oogt groen, robuust en natuurlijk.
ieder kavel.
De kavelgrenzen en de overgangen
14
van privéterrein naar openbaar gebied
De woningen staan als individuele
zijn vanaf de Papenvoor t se Heide
eenheden op het kavel op relatief grote
niet of nauwelijks zichtbaar. Parallel
afstand van de Papenvoortse Heide. Het
aan de Papenvoortse Heide en aan de
is de bedoeling dat het hoofdgebouw
Criteria Inrit Beide bospaden zijn uniform tot aan de bebouwingslijn. Sfeer/uitstraling is een bospadverharding. Uitvoering in een halfverharding van Achterhoeks Padvast heeft de voorkeur.
na aanplant inzaaien met kruidenrijk mengsel. Aangevulde singel bestaat uit minimaal 5 verschillende
Erfafscheiding voortuin
inheemse soorten. Een lage wal in de singel is mogelijk tot
Bossfeer doorzetten in voortuin met een diffuse scheiding
maximaal 1 meter hoogte.
tussen openbaar en privé door aanplant van gazon, heesters, vaste planten en/of siergrassen. Een eventueel
Afscheiding achtertuin (buiten bossingel)
hekwerk voor de woning mag maximaal 1 meter hoog zijn.
Overige grenzen tuin ter hoogte van nieuwe kavelgrenzen
Entree terrein mag benadrukt worden met transparante
beplanten met inheems bosplantsoen in een strook
poort met maximale hoogte van 1,5m. Hekwerk en poort
woning buiten de bospaden bestaan uit halfverharding.
van minimaal 8m breed. Singel bestaat uit minimaal 5
in donkere natuurlijke- of naturel kleuren.
De straatverlichting is ondergeschikt aan de omgeving. De
van grondwal in aan te leggen singel mogelijk tot maximaal
Alternatieven zijn een karrespoor van Oud Hollandse klinkers of asfaltverharding met slijtlaag van Moraine steenslag. Het pad is maximaal 3,5m breed. Overige verharding oovr de
armaturen zijn laag en van natuurlijk of donker materiaal. Bewegingssensors helpen om het gebied donker te houden, maar toch veilig.
verschillende soorten en 10% boomvormers. Lichte verhoging 1m hoogte. Buitenste beplanting staat minimaal 1,5m uit grens. Bodem
Afwatering en infiltratie op naastgelegen kruidenrijke berm. Bossingel Bestaande bossingel parallel aan de Papenvoortse Heide behouden en aan tuinzijde aanvullen met inheems bosplantsoen (minimale breedte vanaf kavelgrens is 20m). Bestaande bossingel parallel aan het agrarisch gebied (westzijde) behouden en aan tuinzijde aanvullen met inheems bosplantsoen (minimale breedte vanaf kavelgrens is 12,5m). Binnen 6m met de buitengrens (westgrens) worden geen nieuwe bomen aangeplant. Midden in deze singel wordt een doorlopende rij ‘wintergroen bosplantsoen’ geplant, om mogelijke drift van het agrarische perceel richting de woonkavels tegen te houden. Zicht op de woning ter hoogte van bospaden behouden; geen
15
struweel aanplanten en inzaaien met kruidenrijk grasland.
Principeprofiel AA’
Principeprofiel BB’
C A
C’ A’ B’
Wintergroen bosplantsoen
B
16
Principeprofiel CC’
Aanduiding principeprofielen
Armatuur
Referentiebeelden: kavelinrichting.
Sfeerimpressies beeldkwaliteit landschap
17
16
3.3.2 Uitgangspunt 2 - Architectuur
Criteria
Binnen het plangebied ontstaan 4 ruime boskavels met robuuste randen. De afgeschermde kavels laten veel vrijheid toe op het niveau van de individuele expressie. Deze vrijheid wordt vooral aangereikt voor de situering op het kavel en de vorm van de hoofdmassa. Het hoofdgebouw is een boswoning en bestaat uit geschakelde deelvolumes die samen een eenheid vormen. Wel of geen kap is een vrije keuze. Bijgebouwen altijd ont werpen als familie van het hoofdgebouw, zodat er een gelede compositie van
Hoogte
• • •
Goothoogte maximaal 4 meter voor woningen met kap Nokhoogte hoofdgebouw maximaal 9 meter Nokhoogte bijgebouw maximaal 6 meter
Beeldvorming
• • •
Eenheid in verscheidenheid Ingetogen en sober; opgaan in de sfeer van het bos Woning per kavel uniek, geen zichtbare herhaling
bouwvolumes op het kavel ontstaat. Met aan- en opbouwen van de kap en met dakkapellen dient zeer terughoudend te worden omgegaan. Insnoeringen en uitsparingen in het volume van het hoofd- en bijgebouw zijn mogelijk, maar bij voorkeur niet of nauwelijks zichtbaar vanaf de openbare
Materiaalkeuze
• •
weg of ze zijn een verbijzondering van het groter geheel (en daardoor zo rustig van uitstraling dat een toevoeging niet storend is). In de gevel zichtbare gebinten en andere constructieve onderdelen dienen daadwerkelijk een constructieve functie te hebben. Met betrekking tot de architectonische uitwerking worden richtlijnen aangereikt. De richtlijnen hebben vooral tot doel om de panden op te laten gaan in het bos. Het kleurgebruik is terughoudend en het materiaalgebruik natuurlijk.
18
Natuurlijke materialen, zoals steen, hout, riet, grasdak en glas Zonnepanelen dienen geïntegreerd te worden in de daken, bij voorkeur op het bijgebouw
Kleur:
•
Terughoudende kleuren met een natuurlijke uitstraling
V oorbeeld v an mooie rustige v ormgev ing en materialisering.
9
Sfeerimpressies wonen in de boskamer
19
Referentiebeelden: ‘wonen in de bosrand’
18
Sfeerimpressies natuurlijke materiaalgebruik
20
Referentiebeelden: ‘natuurlijk materiaalgebruik’
19
3.4
Meerwaarde groen
Met de inrichting van nieuw groen wordt een meerwaarde geboden voor de lokale biodiversiteit. Door de nieuwe bomenlaag in combinatie met nieuw struweel wordt het areaal bos uitgebreid voor kleine vogels en kleine zoogdieren (zoals eekhoorns). Zij hebben meer ruimte om te nestelen, schuilen en voedsel te zoeken. Daarnaast biedt het bladerdak in de warme dagen verkoeling in de tuin en biedt het schaduw. De aanleg van kruidenrijk gras biedt meer biodiversiteit voor diverse insecten als bijen en vlinders. We kiezen bewust voor sterke soorten die van nature in het gebied voorkomen.
21
Referentiebeeld bijenmengsel
3.5
Beplantingsplan
Voor wat betreft de robuuste groenstructuren is een beplantings- en beheerplan opgesteld. Onderstaand een opsomming per landschapselement:
Bestaande bossingel 444x6m
Afbakening •
•
•
Een bossingel is een vrij liggend lijnvormig en aaneengesloten landschapselement met een opgaande begroeiing van inheemse bomen en struiken. Het doel van het beheer van het element is het behoud van natuurlijke waarde en boskwaliteit. Dit kan worden bereikt door de buitenrand (pleksgewijs) periodiek af te zetten en te snoeien. Doel van het onderhoud is het behoud van het ecosysteem en indien nodig herstel hiervan.
Beheervoorschriften • • •
Overhangende takken kunnen gedurende het gehele jaar worden teruggesnoeid. Het element wordt voor maximaal 80% beheerd als bos met opgaande bomen. Snoeihout mag op stapels of rillen in het element verwerkt worden voor zover het de stoven die opnieuw uit moeten lopen niet schaadt. Als snoeihout versnipperd wordt mogen de snippers niet verwerkt worden in het element. Beplantingsplan (zie bijlage II voorstel op maatvaste ondergrond)
22
Vervolg beheervoorschriften •
•
• •
Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan, m.u.v. pleksgewijze (max. 10% van de oppervlakte) en driftvrije bestrijding van Japanse duizendknoop. Ongewenste houtsoorten, zoals Amerikaanse vogelkers, robinia en ratelpopulier mogen mechanisch (uitgraven, afzagen, uitfrezen) worden bestreden. Grondbewerking van aanliggende tuin en landbouwgrond mag niet leiden tot schade aan het element. Niet branden in of in de directe omgeving van het element.
• •
Beheervoorschriften •
Nieuwe bossingel 86x6m en 125x6,5m
•
Afbakening •
•
•
Een bossingel is een vrij liggend lijnvormig en aaneengesloten landschapselement met een opgaande begroeiing van inheemse bomen en struiken. Het doel van het beheer van het element is het behoud van natuurlijke waarde en boskwaliteit. Dit kan worden bereikt door de buitenrand (pleksgewijs) periodiek af te zetten en te snoeien. Doel van het onderhoud is het behoud van het ecosysteem en indien nodig herstel hiervan.
Inrichtingsvoorschriften
•
23
Aanplant met 2- en/of 3-jarig inheems bosplantsoen met soorten uit bijlage III. 6m buiten de erfgrens worden geen nieuwe boomvormers geplant. Aanpassing van het assortiment mogelijk met beoordeling van een deskundige en op basis van inheems plantmateriaal.
Kruislings plantverband van minimaal 1,25 m x 1,25 meter. De singel aan de westzijde heeft over de volle lengte (inclusief openingen) een rij met wintergroen 3- jarig bosplantsoen als driftreducerende maatregel. Deze worden groepsgewijs met 5 soorten in een rij met een onderlinge afstand van 0,3 meter geplant met soorten uit bijlage III.
•
•
•
Overhangende takken kunnen gedurende het gehele jaar worden teruggesnoeid, door zowel de eigenaar van de grond als de naastgelegen buur. De buur moet dit wel voorafgaand aan de werkzaamheden overleggen met de eigenaar. Het element (buiten de strook wintergroen bosplantsoen) wordt voor maximaal 80% beheerd als bos met opgaande bomen. Snoeihout mag op stapels of rillen in het element verwerkt worden voor zover het de stoven die opnieuw uit moeten lopen niet schaadt. Als snoeihout versnipperd wordt mogen de snippers niet verwerkt worden in het element. De strook met wintergroen bosplantsoen blijft behouden tegen mogelijke drift naar de woningen. De hoogte wordt bepaalt door het te telen gewas. De strook is minimaal 1m hoger dan het te telen gewas. De breedte is minimaal 1,5m breed. Onderhoud aan de strook wordt één keer in de 3 jaar uitgevoerd. Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan, m.u.v. pleksgewijze (max. 10% van de oppervlakte) en driftvrije bestrijding van Japanse duizendknoop.
•
•
Ongewenste houtsoorten, zoals Amerikaanse vogelkers, robinia en ratelpopulier mogen mechanisch (uitgraven, afzagen, uitfrezen) worden bestreden. Grondbewerking van aanliggende tuin en landbouwgrond mag niet leiden tot schade aan het element.
Houtsingel 194x8m
Afbakening •
•
Een houtwal of houtsingel is een vrij liggend lijnvormig en aaneengesloten landschapselement, al dan niet groeiend op een aarden wal, met een opgaande begroeiing van inheemse bomen en/of struiken. Het doel van het beheer van het element is het behoud van de karakteristieke uitstraling en natuurlijke waarde door het element als hakhout te beheren en het periodiek afzetten van het element (cyclisch beheer). De cyclus varieert tussen de 10 en 25 jaar.
Inrichtingsvoorschriften •
•
Aanplant met 2- en/of 3-jarig inheems bosplantsoen met soorten uit bijlage IV. Aanpassing van het assortiment mogelijk met beoordeling van een deskundige en op basis van inheems plantmateriaal. Kruislings plantverband van minimaal 1,25 m x 1,25 meter.
Beheervoorschriften •
• • 24
Ten minste 75% van de oppervlakte van het element wordt als hakhout beheerd. De gemiddelde diameter van het hakhout, behoudens de eventuele overstaanders, is maximaal 15 cm op 1 m boven de hakhoutstoof (beheereenheden met grotere dikte dienen afgezet te worden). Er mag maximaal één overstaander per 75m2 worden behouden. Snoeiwerkzaamheden worden uitgevoerd in de periode tussen 1 november en 15 maart; takken die over aangrenzende percelen hangen mogen
•
•
•
• • •
het hele jaar worden teruggesnoeid, door zowel de eigenaar van de grond als de naastgelegen buur. De buur moet dit wel voorafgaand aan de werkzaamheden overleggen met de eigenaar. Snoeihout mag op stapels of rillen in het element verwerkt worden voor zover het de stoven die opnieuw uit moeten lopen niet schaadt. Als snoeihout versnipperd wordt mogen de snippers niet verwerkt worden in het element. Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan, m.u.v. pleksgewijze (max. 10% van de oppervlakte) en driftvrije bestrijding van Japanse duizendknoop. Ongewenste houtsoorten, zoals Amerikaanse vogelkers, robinia en ratelpopulier mogen mechanisch (uitgraven, afzagen, uitfrezen) worden bestreden. Grondbewerking van aanliggende tuin of landbouwgrond mag niet leiden tot schade aan het element. Tuinafval mag niet verwerkt worden in het element. Niet branden in of in de directe omgeving van het element.
Boom 194x8m
Afbakening •
Een boom is een inheemse soort wat duurzaam uit kan groeien tot een volwassen soort.
Inrichtingsvoorschriften • 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
•
Aanplant van inheemse laanbomen, minimaal maat 12-14 in de volgende soorten (afkorting verwijst naar locatie op de plankaart): Bp-Betula pendula/Ruwe berk (17 stuks) Cs-Castanea sativa/Tamme kastanje (4 stuks) Pa-Prunus avium/Zoete kers (12 stuks) Ps-Pinus sylvestris/Grove den (18 stuks) Tc-Tilia cordata/kleinbladige linde (2 stuks) Qr-Quercus robur/Zomereik (4 stuks) Fs-Fagus sylvatica/Groene beuk, Tilia Platyphyllos/Grootbladige linde, Ulmus laevis/ Steeliep, Juglans regia/Okkernoot of Prunus avium cv/Kers (4 stuks) Boom bij aanplant goed verankeren en eerste jaren water geven in droge periodes.
Beheervoorschriften • •
•
25
De bomen worden minimaal éénmaal in de 10 jaar gesnoeid. Na het snoeien beslaat de kroon minimaal 60% van de lengte van de boom. Overhangende takken mogen het gehele jaar gesnoeid worden. De werkzaamheden mogen door zowel de eigenaar van de grond als de naastgelegen buur worden uitgevoerd. De buur moet dit wel voorafgaand aan de werkzaamheden overleggen met de eigenaar. Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan, m.u.v. pleksgewijze (max. 10% van de oppervlakte) en driftvrije bestrijding van akkerdistel, brandnetel, ridderzuring, jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop.
• • •
Grondbewerking van aanliggende tuinen mag niet leiden tot schade aan het element. Tuinafval mag niet verwerkt worden in de beheereenheid. Niet branden in of in de directe omgeving van het element.
Kruidenrijk gras 45 are (schatting)
Afbakening •
Kruidenrijk gras is een rand die niet beweid en bemest wordt.
Inrichtingsvoorschriften •
De rand wordt eenmalig ingezaaid met een zaadmengsel uit bijlage V.
Beheervoorschriften • • • • •
De rand wordt gemaaid na 1 juli en het maaisel wordt binnen 14 dagen afgevoerd. De rand wordt niet beweid. De rand wordt niet bemest. Tuinafval mag niet verwerkt worden in de beheereenheid. Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan, m.u.v. pleksgewijze (max. 10% van de oppervlakte) en driftvrije bestrijding van akkerdistel, brandnetel, ridderzuring, jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop.
3.6
Kwaliteitsverbetering
Op basis van een ingediende zienswijze van de Provincie Brabant is, in het kader van het terinzage gelegde ontwerp-bestemmingsplan, gebleken dat er nog een aanvullende kwaliteitsverbetering in het kader van de Maatwerkregeling Omgevingskwaliteit Noord-Brabant nodig was. Dit betrof een ruimtelijke kwaliteitsinvestering van €1.250,-. Deze fysieke tegenprestatie kan/zal geleverd worden in het toevoegen van extra landschapselementen. Hierbij mogen de kosten voor de realisatie en het onderhoud van deze elementen voor de komende 6 jaar worden berekend. Met de aanleg/voortzetting van de voorziene groenblijvende haag (ook op enkele wat meer open delen) wordt een extra fysieke tegenprestatie geleverd (aangeduid op de verbeelding hiernaast met gele cirkels). Deze landschapselementen zijn berekend op een bedrag van €1.471,77 conform de berekening uit de figuur hiernaast, waarmee wordt
Aanduiding op beplantingsplan welke hagen onderdeel vormen van de kwaliteitsverbetering
voldaan aan de, volgens de provinciale zienswijze, benodigde extra ruimtelijke kwaliteitsinvestering van €1.250,-.
De eenheidsprijzen landschap zijn gebaseerd op de subsidie stimuleringsregeling landschap Noord-Brabant. (STILA 11-12-2024)
omschrijving
eenheid
Bijdrage/ eenheidsprijs
frequentie in beheertermijn
totaal
Aanplant groenvoorzieningen Aanplant gemengde groenblijvende haag
100 st
€
2,30
€
229,77
€
229,77
6 €
1.242,00
€ €
1.242,00 1.471,77
aanplant van het bosplantsoen inclusief grondwerk en grondverbetering TOTAAL AANLEG Instandhouding groenvoorzieningen Onderhoud gemengde groenblijvende haag
30,00 m
€
6,90
1x per 3 jaar snoeien snoeisel afvoeren TOTAAL BEHEER
Totaal tegenprestatie
26
Berekening tegenprestatie groen
BIJLAGE I Inrichtingsvoorstel op maatvaste ondergrond
27
BIJLAGE II Beplantingsplan op maatvaste ondergrond
28
STIMULERINGSREGELING LANDSCHAP Subsidieregeling stimuleringsregeling landschap Noord-Brabant
BIJLAGE III
Project: Papenvoortse Heide Nuenen
Soorten bosplantsoen bossingel - 802 stuks
Totaal
Bosplantsoen 2-3 jarig inheems plantmateriaal (B=boomvormers) Aalbes / Ribes rubrum
50
Amerikaans krentenboompje / Amelanchier lamarckii
75
Gelderse roos / Viburnum opulus
50
Gele kornoelje / Cornus mas
75
Gewone vlier / Sambucus nigra
25
Grove den/ Pinus sylvestris
25
Hazelaar / Corylus avellana
50
Inlandse vogelkers / Prunus padus
25
Kardinaalsmuts / Euonymus europaeus
25
Meidoorn 2-stijlig / Crataegus laevigata
75
Mispel / Mespilus germanica
50
Rode konoelje / Cornus sanguinea
25
Ruwe berk / Betula pendula (B)
50
Tamme kastanje / Castanea sativa (B)
25
Vuilboom / Rhamnus frangula
50
Wegedoorn / Rhamnus catharticus
25
Wilde appel / Malus sylvestris (B)
25
Zoete kers / Prunus avium (B)
30
STIMULERINGSREGELING LANDSCHAP Zomereik / Quercus robur (B) Subsidieregeling stimuleringsregeling landschap Noord-Brabant
25 22
Zwarte bes / Ribes nigrum
Totaal aantal stuks bosplantsoen
Project: Papenvoortse Heide Nuenen Soorten strook wintergroen in bossingel - 140m - 466 stuks
802 Totaal
Bosplantsoen 3 jarig inheems plantmateriaal 233
Hulst / Ilex aquifolium
233
Liguster / Ligustrum vulgare Totaal aantal stuks bosplantsoen
29
466
BIJLAGE IV
STIMULERINGSREGELING LANDSCHAP
Soorten bosplantsoen houtsingel Subsidieregeling stimuleringsregeling landschap Noord-Brabant
Project: Papenvoortse Heide Nuenen
Totaal
Bosplantsoen 2-3 jarig inheems plantmateriaal (B=boomvormers) Aalbes / Ribes rubrum
50
Amerikaans krentenboompje / Amelanchier lamarckii
100
Gelderse roos / Viburnum opulus
75
Gele kornoelje / Cornus mas
100
Gewone vlier / Sambucus nigra
25
Grove den/ Pinus sylvestris
25
Hazelaar / Corylus avellana
75
Hulst / Ilex aquifolium
75
Inlandse vogelkers / Prunus padus
25
Kardinaalsmuts / Euonymus europaeus
25
Liguster / Ligustrum vulgare
50
Meidoorn 2-stijlig / Crataegus laevigata
75
Mispel / Mespilus germanica
50
Rode konoelje / Cornus sanguinea
50
Ruwe berk / Betula pendula (B)
15
Tamme kastanje / Castanea sativa (B)
15
Vuilboom / Rhamnus frangula
50
Wilde appel / Malus sylvestris (B)
25
Wilde peer / Pyrus pyraster
25
Zoete kers / Prunus avium (B)
25
Zomereik / Quercus robur (B)
16
Zwarte bes / Ribes nigrum
22 Totaal aantal stuks bosplantsoen
30
993
BIJLAGE V Zaaimengsel
G2, G3 hooiland rand / wilde bijenrand oppervlakte strook in m2
4500 m2
zaaihoeveelheid 1,0 gr/m2 : 10 kg/ha
in het gele vakje de opp.invullen in m2
norm landbouw 35 kg/ha
samenstelling mengsel Ned. Naam kruiden Rode klaver rolklaver Smalle weegbree
1000korrelg ewicht
wetenschappelijke naam
Trifolium pratense Lotus corniculatus Plantago lanceolata Chrysanthemum leucanthemum Centaurea jacea Daucus carota Lotus pedunculatus Anthoxanthum odoratum Cynosurus cristatus
Margriet Knooppkruid Wilde peen moerasrolklaver Gewoon reukgras Kamgras scherpe boterbloem Ranunculus acris Duizendblad Achillea millefolium Vertakte (= herfst) Leeuwentand Leontodon autumnalis Biggenkruid Hypochaeris radicata Echte koekoeksbloem Silene flos-cuculi
31
percentage gewicht eenheid 36,0% 20,0% 15,0%
1,62 0,9 0,675
kg kg kg
10,0% 5,0% 3,0% 2,0% 2,0% 2,0%
0,45 0,225 0,135 0,09 0,09 0,09
kg kg kg kg kg kg
2,0% 1,5%
0,09 0,0675
kg kg
0,16
0,5% 0,5%
0,0225 0,0225
kg kg
0,7
0,5% 100,0%
0,0225
kg
0,1
4,5 kilogram
2 1,2 2 0,4 1,2 0,85 0,8 0,6 0,65 1,6
0,7
WONEN IN DE BOSRAND PAPENVOORTSE HEIDE NUENEN LANDSCHAPPELIJKE INPASSING EN BEELDKWALITEIT 26 maart 2025
20
PRIKKELENDE LANDSCHAPSONTWERPEN.