CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bouwgids Bijlage 6 - Discussienota onderzoek Hoger bouwen in de kern Nuenen

Gemeenteraad 18 april 2024, gemeente NuenenBij agendapunt: Bouwgids5.861 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

G E fl\ff E E NTE F{ H,J E [S E N, G E RWE [S E N N E D E RWETTF N

GEWIJZIGD

Onderwerp: Hoger bouwen in Nuenen.

De Raad van de gemeente Nuenen c.a.; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. l5 juni 1999; gehoord de commissie voor Ruimtelijke Ordening, Verkeer, Milieu en Volkshuisvesting;

BESLUIT: de discussienota onderzoek hoger bouwen in Nuener¡ waarin criteria voor beleid zijn opgenomen, als leidraad te aanvaarden bij de expliciete beoordeling van plannen binnen de kern Nuenen, welke voorzien in de bouw van bebouwing in meer dan 3 bouwlagen.

Aldus

in zijn openbare

t I ll!"f $m

vergadering

.f

DE RAAD

{-,i

ROSERBOl RO/SE/GE

58-132

GEMEENTE NUENEN, GERWEN EN NEDERWEfiEN DISCUSSIENOTA ONDERZOEK HOGER BOI.JWEN IN DE KERN NUENEN

)

3O iun¡ 19eg

l I

l

)

I

__i

)

I

BLZ

INHOUD 1.

1.1. 1.2.

INLEIDING

3

Aanleiding Opbouw rapport

RUIMTELIJKE ANALYSE ......... 2.1. Deelgebieden en kenmerken 2.

2.2. 2.3"

2.4.

Bijzondere gebieden lnf rastructurele dragers......... Kernranden en entrees

WAAROM HOGER BOUWEN? Aanleidingen tot hoger bouwen 3.1. W-at is bouwen in meer bouwlagen precies?...... 3.2. 4. MOGELIJKHEDEN VOOR HOGER BOUWEN..... 4.1. Aanleidingen vanuit ruimtelijk oogpunt 4.2. Overige mogelijkheden .............. 4.3. Geen mogelijkheden voor hoger bouwen........... 5. CRITERIA VOOR HOGER BOUWEN Algemene criteria........ 5.1. 5.2. Specifieke criteria 3.

Nijmegen, juni 1999 POUDEROYEN COMPAGNONS

Vormgeving van Stad en Land bv St Stevenskerkhof 2 Postbus 156 6500 AD NIJMEGEN Tel: 024 - 3 22 45 79 Fax:024 - 3 24 12 40 E-mail: info @ pouderoyen.nl

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouw€n

58-132 juni 1999

PG

ó .)

5 5 o

)

)

Kern grenzend aan groen buiiengebÌed

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hog€r

bouwen

5B-132 mei 1999

PG

2

1. INLEIDING 1.1. Aanleiding Voor u ligt de discussienota "Onderzoek hoger bouwen in Nuenen" mei een studie naar de mogelijkheden om in de kern Nuenen hoger te bouwen dan drie bouwlagen. Het onderzoek vloeit voort uit het beleidsprogramma van de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Het onderzoek is primair gericht op de vraag of er aanleidingen zijn om hoger te bouwen en op de ruimtelijke consequenties hiervanTot nu toe ging het ruimtelijk beleid uit van maximaal drie bouwlagen met als doel het dorpse karakter te behouden. Nuenen is echter inmiddels dusdanig uitgebreid, dat er zeker geen sprake meer is van een overzichtel ijke plattelandskern. Wij ken als N uenen-Zuid ziin wel erg groen, maar ook groot en missen daardoor voldoende oriëntatiemogelijkheden. De kerktoren kan het hele dorp niet meer ruimtelijk "beheersen". Ook kan het meer concentreren van bebouwing binnen het bestaande dorpsgebied voorkomen dat het fraaie buitengebied rond Nuenen onnodig verder wordt geoccupeerd door extensieve laagbouw, die bovendien steeds verder van voorzieningen af komt te liggen' Dergelijke ruimtelijke overwegingen pleiten ervoor te onderzoeken of hoger bouwen binnen het bestaande bebouwde gebied mogelijk is en wellicht zelfs een versterking zou kunnen betekenen in de ruimtelijke structuur van de kern.

Daarbij dient wel een aantal randvoorwaarden geformuleerd te worden met betrekking tot behoud van de ruimtelijke karakteristiek van Nuenen.

1.2. Opbouw rapport Dit onderzoek is als volgt opgebouwd:

.

¡

Nadere definiëring en een visueel ruimtelijke analyse van de kern Nuenen als "groene woongemeente" (thematiek uit structuurplan Nuenen, Gerwen en Nederwetten). Nuenen is geen agrarische plattelandskern, maar ook geen stad c'q. Nuenen heeft geen stedelijke uitstraling. Nuenen heeft wel oude en nieuwe structuurdragers; Nuenen heeft wel landelijke en stedelijke kanten.

Wat kunnen ruimteliike aanleidingen zijn tot hoger bouwen? - Behoefte aan meer ruimtelijke herkenningspunten binnen het sterk uitgedijde dorp; versterkingiverduidelijking ruimtelijke structuur' - Tegenover compact bouwen staat meer open (groene) ruimte in en rond het dorp.

- Woningbehoefte: comfortabel wonen zonder tuin in groene omgeving en met goed voorzieningenniveau vlakbij" - Streven naar intensief ruimtegebruik (rijks- en provinciaal beleid);

POUDEROYEN COMPAGNONS bouwen 58'132 juni '1999

nota hoger

3

PG

groei zonder aantasting buitengebied. - Financiële haalbaarheid (bijvoorbeeld dorpvernieuwingsprojecien). a

a

Wat is bouwen in meer bouwlagen precies? Situering, massaopbouw en omvang (bundeling) van hogere bebouwing kan tot geheel verschillende effecten leiden. Hoge, lange blokken geven een veel stedelijker beeld dan incidentele, ranke torentjes. Ook de architectonische vormgeving is bepalend voor het eindresuliaat. Verschillende effecten zullen rnet referentiebeelden worden geillustreerd. Wat zijn de mogelijke locaties voor hoger bouwen? Primair worden de locaties aangegeven waar versterking van de ruimtelijke structuur van Nuenen mogelijk is middels hogere bebouwing. Daarnaast wordt aangegeven waar opname van hogere bebouwing mogelijk is in de ruimtelijke structuur, zonder deze wezenlijk aan te tasten. Ook is aangegeven waar hogere bouwvormen niet moeten worden toegestaan binnen de kern, met name om het historische dorpscentrum niet aan te tasten. ln het slothoofdstuk zijn criteria opgesomd die de beoordeling van bouwplannen op potentiële locaties kan ondersteunen.

)

nranà

rY)

) '

.:!.

Historische wegenstructuur Nuenen

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

5B-132 jun¡ 1999

PG

4

2. RU¡MTELIJKE ANALYSE De kern Nuenen is de laatste tientallen jaren aanzienlijk in omvang toegenomen" Rond het historische centrum is de kern langzaam gaan groeien; eerst langs de toenmalige invalswegen, vervolgens zijn rond het centrum woonwijken gebouwd. ln samenhang daarmee is een nieuw stelsel van hoofdwegen ontwikkeld. Op wijkniveau gaan deze over in ontsluitingswegen. Alle wijken hebben een voor de tijd waarin ze gebouwd zijn kenmerkende structuur van openbare ruimte en groen.

2

1

1. Voor de oorlog: intensivering van historische kern. Tendens van één naar incidenteel twee bouwlagen. Grote elementen zijn kerk, klooster en molen.

2. Na de oorlog: uitgroei naar Nuenen-West ('60), -Zuid ('70180) en -Oost ('80/90). Wel grotere elementen als Andrieskerk, sporthal, winkelcentrum, maar niet meer in de hoogte. De hoofdentrees van de kern liggen aan de noord-, zuid- en westzijde. Voor de typering van de kern zijn hierna de bestaande ruimtelijke structuurdragers nader beschreven.

2.1. Deelgebieden en kenmerken Binnen de kern Nuenen is een driedeling herkenbaar welke is ontstaan door de fasegewijze groei van de kern. Deze fasen zijn onderling gescheiden door de hoofdinfrastructuur Europalaan en Smits van Oyenlaan. De eerste woonwijken zijn voor de jaren '70 gerealiseerd rond en ten westen van het oude centrum. Vervolgens zijn omvangrijke uitbreidingen gerealiseerd in Nuenen-Zuid. De meest recente uitbreidingen vonden plaats in Nuenen-Oost. Het h istorische dorpshart

Rond Park en Berg heefi aan open wigvormige ruimten en langs de invalswegen centrumvorming plaatsgevonden. De veelal historische bebouwing is laag, met uitzondering van de kerk en het klooster. De gebouwen staan dicht opeen met de voorgevel dicht op de straat. De openbare binnenruimtes zijn parkachtig ingericht. Door de laagbouw zijn deze ruimten zeer open en kenmerkend voor Brabantse dorpen. Aan de rand van het historische centrum ligt achter het klooster het gebied Kloostertuin met momenteel een groen karakter.

POUDEROYEN COI\¡PAGNONS nola hoger

bouwen

58-132 juni 1999

PG

STEDEBOUWKUND¡GE STRUCTU U R

)

)

Centrum

Nuenen-West

Nuenen-Zuid

ffi

I

. :" :'

(w6

Groene/stenen kernrand

Nuenen-Oost Sportterrein Openbaar groen

Hoofdontslu itingsweg

o o

Entree Kerktoren

Wijken voor de jaren '70 Binnen de wijken zijn twee typerende verkavelingen en bouwvormen te onderscheiden. De meest noordelijke wijken bestaan uit ruime kavels met vrijstaande villa's en bungalows. Mede door de ouderdom van de beplanting hebben de straten een groen karakter. Er is nauwelijks sprake van begrenzing van de ruimte door gevels, waardoor vele doorzichten bestaan naar achterliggend groen. De straten zijn open van karakter. Een tweede typerend straatprofiel is ontstaan door de bouw van uniforme rijtjeswoningen in twee bouwlagen. De gevels en daken vormen grote rechte vlakken langs vrij smalle straatprofielen. Ze zijn sober en eenduidig vormgegeven en goed zichtbaar vanaf de straat. De meeste straten hebben geen of onopvallende straatbeplanting. Alle wegen worden door bebouwing begeleid. De oriëntatie in de wijk is helder door de structuur van rechte woonstraten waarvan de meeste gericht zijn op de oude toegangswegen Boordseweg en Weverstraat. Deze zijn weer gericht op het centrum en zijn voorzien van oude laanbeplanting. Wijken vanaf de jaren '70

Nuenen-Zuid bestaat uit een veelheid aan geschakelde woonvormen, deels aan woonstraten (noordelijk) en deels binnen woonerven (zuidelijk). Kenmerkend is de verspringende gevellijn, wisselende oriëntatie van woningen en de getrapte ontsluitingsstructuur, bestaande uit wij kontsl uitingswegen (zoals Vallestap), buurtontsluitingswegen (zoals Wederikdreef) en woonstraten. De kleine buurtjes hebben een introvert karakter en zijn vrij besloten door de relatief veel voorkomende openbare groenstroken, parkjes en de opgaande beplanting in tuinen. Hierdoor zijn vrijwel nergens doorzichten naar omliggende buurten mogelijk. Op wijkniveau is Nuenen-Zuid met een openbare groen- en waterstructuur dooraderd. De oost- en zuidzijde van de wijk zijn voorzien van geluidswallen.

Ondanks de hiërarchie in het stratenpatroon is de oriëntatie binnen de wijk matig doordat het moeilijk is om de locatie van bijvoorbeeld centrumvoorzieningen en scholen binnen de wijk te herkennen. De hoofdstructuur heeft zelf geen herkenbare vorm. Ook het vrijliggende langzaamverkeersnet door de wijk kent het probleem van herkenning en oriëntatie; er is niei aan gebouwd. Daarnaast bestaat door het introverte karakter nauwelijks een ruimtelijke relatie met de omliggende wijken en het centrum van Nuenen.

POUDEROYEN COMPAGNONS nola hoger

bouwen

58-132 juni 1999

rS =\/?

7

Woonbuurt Nuenen-West

Woonbuurt Nuenen-Zuid

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

58-132 juni 1999

PG

B

Wijken vanaf de jaren '80

ln Nuenen-Oost is in de jaren '80 op grote schaal begonnen met de bouw van verschillende woonvormen, zoals vrijstaand, tweekappers en rijwoningen, vrijwel zonder uitzondering bestaande uit twee bouwlagen en een kap. Het noordelijk deel bestaat uit lange woonstraten ontsloten door een wijkontsluitingsweg. De buurten zijn gegroepeerd rond de Hooidonkse beek welke de groene drager is van de wijk. De woningen staan veelal op ruime kavels en door de nochtans ontbrekende hoge beplanting en door de oriëntatie van woningen naar de wegen zijn de woonbuurten open van structuur. Er zijn duidelijke overgangen naar het buitengebied. Het zuidelijk deel bestaat uit korte woonstraatjes met een meer compacte bebouwing. De huurten liggen aan brede groenzones waarin vrijliggende langzaamverkeersroutes zijn aangelegd, zoals Kremerspad en Varenpad. Rond de in de Beekstraat aangelegde rotonde heeft zich enige ruimtelijke centrumvorming op wijkniveau voorgedaan. Meer zuidelijk heeft zich enige functionele centrumvorming voorgedaan. De wijkontsluitingswegen Beekstraat, Papenvoortsedijk, Nuenderbeekselaan, Laan ter Catten en Laan van Nuenhem zijn opgespannen tussen het wijkcentrum en de Smits van Oyenlaan. De hiërarchie van wegen is duidelijk aanwezig door profielverschillen. Door de hoge variatie in woningtypes is herkenning in de wijk mogelijk.

De oriëntatie wordt soms bemoeilijkt door de richtingveranderingen van de wijkontsluitingswegen. De Smits van Oyenlaan vormt een ruimtelijke

barrière naar het centrum.

2.2. Biizondere gebieden Naast woonstraten, buurten en wijken bestaat Nuenen ook uit een aantal kenmerkende gebieden welke niet primair op wonen zijn gericht, maar welke uit (deels openbare) voorzieningen bestaan. Hierna zijn de drie belangrijkste soorten gebieden beschreven, te weten centra, sportterreinen en parken. De centra

Oostelijk van het oude centrum heeft nieuwe centrumvorming plaatsgevonden. Rond het stenen Vincent van Goghplein zijn dichte aaneengesloten bouwmassa's van drie lagen gerealiseerd met een sterke gevelwerking. Hierdoor heeft dit centrumgedeelte een meer 'stedelijk' karakter dan het historische centrum. De forse bouwmassa's lopen door tot aan de Smits van Oyenlaan en begeleiden deze nieuwe entree van het centrum.

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

58-132 iun¡ 1999

PG

I

ffi

ffi Ë* Irf

) ,)

Kernkwartier Nuenen-Zuid

)

Historische parkruimte Nuenen-Wesi

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

58-132 juni 1999

PG

10

ln Nuenen-Zuid is rond het winkelcentrum Kernkwartier sprake van clustering van voorzieningen, echter zonder dat nadrukkelíjk sprake is van centrumvorming. De concentratie van vrijstaande bebouwing ligt verdekt in de groenstructuur. De basisscholen zijn verspreidt in de wijk en liggen eveneens verdekt nabij de wijkontsluitingswegen. ln Nuenen-Oost vormt de rotonde in de Beekstraat het wijkcentrum waaromheen drie-lagenbouw is gesitueerd. Het centrum is zowel functioneel als ruimtelijk manifest gemaakt. De twee basisscholen in de wijk liggen buiten dit centrum. Sportterreinen Binnen de grenzen van de kom van Nuenen zijn drie sportparken gesitueerd; Lissevoort en Wettenseind aan de kernrand en De Luistruik centraal aan de Europalaan en Smits van Oyenlaan. De terreinen zijn omplant waardoor ze grotendeels besloten zijn. Vanaf de hoger gelegen Smits van Oyenlaan is ruim zicht richting het centrum, met de kerktoren als herkenningspunt. Met name aan de noord- en oostzijde van het sportpark liggen brede zones zonder een specifieke functie, op het busstation met busbaan na. Mede dankzij de open ruimte is hier de dorpsstructuur nog "leesbaa/'.

Parken en groen ln de wijken van voorl970 is het oppervlak aan openbare parken gering. Slechts op enkele straathoeken is enige groenvoorziening. Bijzondere groene elementen zijn de eerder genoemde Weverstraat en Boordseweg, maar bijvoorbeeld ook de splitsing van beiden.

Ten zuiden van het gemeentehuis ligt nog een aantalfraaie groene ruimten met historische waarden, zoals Houtrijk. De parkstrook langs de Hooidonkse beek vormt tevens de kernrand" De woonwijk Nuenen-Zuid bestaat uit een aaneenschakeling van

langgerekte parkachtige ruimten die onderling verbonden zijn. Deze zijn veelal besloten van karakter. Door de intensieve begroeiing is echter weinig samenhang tussen de parkstroken; op het kaartbeeld is de parkstructuur helder, in de wijk is deze echter nauwelijks herkenbaar. Op enkele plaatsen is de woonbebouwing op de parkruimte gericht. Delen van de wijkontsluitingsstructuur vallen samen met de groenzones" ln Nuenen-Oost is de groene openbare ruimte geconcentreerd rond de Hooidonkse beek en langs de vrijliggende fietsroutes en wijkontsluiting" De omliggende woningen zijn deels op de groenzones gericht. Naast de recreatieve waarde van de parkzones, ligt aan de inrichting van de beekzone ook een ecologische doelstelling ten grondslag. De beek vormt het bindend element in zowei functioneel als ruimtelijk opzicht.

POUDEROYEN COMPAGNONS bouwen 58.132 juni 1999

nota hoger

PG

11

) j I

.=l

Historisch centrumdeel Parkstraat

)

Recente centrumvorming Vincent van Goghplein

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwsn

58-132 juni 1999

12

PG

2.3. lnfrastructurele dragers Op kernniveau zijn de Geldropsedijk, Smits van Oyenlaan, Beekstraat, Europalaan en ParkstraaVBerg (in afnemende mate) de toegangswegen Deze hebben allen een verschillend ruimtelijk karakter: Geldropsedijk Met name de zuidzijde van de Geldropsedijk heeft een zeer ruim profiel en is omgeven door brede groenzones met dichte boomgroepen. Hierdoor bestaat vanaf de weg vrijwel nergens een visuele relatie met de omliggende woonbebouwing. Smits van Oyenlaan De Smits van Oyenlaan is vrijwelvolledig aan weerszijde begrensd met geluidswallen. Hierdoor ontbreekt een directe visuele relatie met de achterliggende woonbuurten. Uitzondering hierop is het traject tussen de Vincent van Goghstraat en de Europalaan waar in westelijke richting doorzicht is naar achtereenvolgens de gevels aan de Vincent van Goghstraat, de centrumcontour met de kerk en de beplanting van het sportterrein Luistruik.

Beekstraat De beekstraat vertoont een kenmerkende afwisseling van historische panden en recentelijk gebouwde panden als onderdeelvan NuenenOost. De weg heeft een ruim groen profiel behouden en onderscheid

zich mede hierdoor van de wijkontsluitingswegen. Europalaan De Europalaan verandert van profiel; van oost naar west neemt de breedte van het groene profieltoe. Overalstaan dichte boomgroepen langs de weg maar er bestaan ook enkele doorzichten naar aangrenzende bebouwing die aan parallelwegen is gesitueerd. Ten westen van de kruising met de Geldropsedijk wordt de weg begeleidt door zeer brede bermen en tonen zich plaatselijk bedrijfsgebouwen.

Parkstraat/Berg De ParkstraaVBerg is de oudste structuurdrager, wat ook duidelijk zichtbaar is aan het straatprofiel en de aanliggende bebouwing. Deze is zeer wisselend in maatvoering. De oudste bebouwing bestaat uit één bouwlaag met kap, de minder oude bebouwing uit twee bouwlagen met kap en de jonge bebouwing is soms drie bouwlagen hoog. Aan de weg liggen enkele eerder beschreven parkachtige ruimten. De bebouwing is in gebruik voor wonen en verschillende bedrijfsfuncties. De route is geen infrastructurele drager meer, maar een ontsluiting van een het centrum van Nuenen.

POUDEFOYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

58J132 juni 1999

Sì/,

Éfq

13

)

Hoofdinf rastructuur Europalaan

Wükontsluiting met groen karakter Nuenen-Zuid

POUDEROYEN COMPAGNONS

notahogêrbouwen 58-132 juni 1999

PG

14

2.4, Kernranden en entrees De belangrijkste toegangswegen vanuit de omgeving naar Nuenen liggen op de plaatsen waar de hiervoor beschreven infrastructurele dragers de kernrand kruisen. Belangrijk voor de aard en sfeer van Nuenen is hoe de weggebruiker de verschillende entrees ervaart. Daarbij is enerzijds de ruimtelijke verschijning van de kernrand van belang, anderzijds het

zichtbare silhouet van de kern. Deze aspecten zijn voor de randen en voor afzonderlijke entrees beschreven. Kernranden Opvallend is dat de contour van de kern lang niet altijd zichtbaar is, wat met name wordt veroorzaakl door wegbegeleidende beplanting langs de invalswegen. Daarnaast is het omliggende landschap veelal ook kleinschalig en dicht van structuur. Hierdoor wordt bij benadering van de kern het silhouet veelal pas laat zichtbaar. Kenmerkend voor Nuenen is dat de randen onder te verdelen zijn in drie typen. De noord- en westzijde bestaan uit opgaande plantmassa's waar incidenteel de bebouwing doorsteekt. De oostzijde van de kern wordt gekenmerkt door een aaneenschakeling van vrijstaande en semivrijstaande woningen met verschillend georiënteerde kappen en heeft daardoor een relatief steen-achtig karakter (mede omdat de tuinen nog jong zijn). Met name aan de zuidzijde van Nuenen bestaat de kernrand uit grondlichamen die deels groen ingeplant zijn. Hier is geen bebouwing zichtbaar vanuit het buitengebied en vanaf de wegen naar Nuenen.

ln navolgende tekst zijn de entrees naar de kern beschreven. Zuidzijde G eld rops edij k Komend vanaf Eeneind, wordt het wegprofiel bepaald door de singel- en boombeplanting in de bermen aan beide zijden van de weg. Het profiel ten noorden en zuiden van het viaduct over de Helmondweg is nauwelijks verschillend van karakter. De snelweg is hier beeldbepalend. De dorpsentree na de passage van de snelweg wordt als zodanig minder

duidelijk ervaren.

Zuidzijde Smits van Oyenlaan Nabij de afslag vanaf de Helmondweg is de kernrand nog niet te ervaren. Pas ter hoogte van de Klamperlaan is een verbinding met het achterliggende woongebied. De wegbegeleidende geluidswallen bepalen het zicht ter plaatse waardoor ook hier geen sprake is van een heldere entree van het een dorp.

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

58-132 jun¡ 1999

rl\

=\/?

15

) l I

Groenen noordelijke kernrand rond Hooidonkse beek

)

Karakteristieke entree via noordzijde Berg

POU D EROYEN CO[,4 PAGNONS nota hoger

bouwen

58-132 junì 1999

PG

16

Noordzijde Smits van Oyenlaan Komend uit de richting Gerwen ligt de kern lange tijd verscholen achter hoogopgaande beplanting aan de noordelijke kernrand, met uitzondering van een enkelvooruitgeschoven pand. Wegbegeleidende beplanting en erf- en kavelbeplanting ontnemen veelal het zicht naar Nuenen. Echter nabij de kern wordt de contour van verschillende kappen van de wijk Nuenen-Oost zichtbaar. Kenmerkend is de fijne korrelvan de kernrand en het gedrukte profiel. Gesproken kan worden van een duidelijke entree van het dorp. Noordzijde Berg De overgang van het Nuenens Broek naar de kern is vrij geleidelijk. Aan de Broekdijk staat zware laanbeplanting waardoor er alleen enkele doorzichten zijn in oostelijke richting. Aan de wesizijde van de weg staat vooruitgeschoven bebouwing. Nabij de kruising met de Gerwenseweg en Berg vormt de windmolen een belangrijk herkenningspunt. Deze steekt nadrukkelijk af tegen het groene decor van beplanting aan de noordelijke kernrand van Nuenen. Bij de passage van de Hooidonkse beek gaat het open landschap abrupt over in een visueel waardevol straatprofiel. Vanuit historisch perspectief is dit de meest karaktervolle entree van Nuenen. Westzijde Europalaan De entree vanaf de Europalaan wordt bepaald door de relatief grootschalige bebouwing van het bedrijventerrein Berkenbos aan de zuidzijde van de weg.

De rotonde ter plaatse is een aanduiding voor de benadering van de kern. Het zicht in noordelijke richting naar Boord is op deze plek zeer waardevol en toont het 'dorpse' karakter van Nuenen. Het verdere tracé wordt bepaald door de opgaande wegbeplanting.

Oostzijde Beekstraat Een entree van lokaal belang is de Beekstraat aan de oostzijde van Nuenen met een verbinding naar Mierlo. Bepalend voor het ruimtelijk beeld is het ritme van kappen van de verschillende typen woningen aan de rand van Nuenen-Oost. Bij benadering van de kern wordt de kernrand langzaam zichtbaar door de semi-transparante bomenrijen in het buitengebied. Bijzondere details vormen de oude voormalig agrarische gebouwen langs het oude profielvan de Beekstraat.

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hogêr

bouwên

58-132 juni 1999

=-\/) ÉS

17

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

5B-132 iunì 1999

=\/2 rl\

1B

3. WAAROM HOGER BOUWEN? 3.1. Aanleidingen tot hoger bouwen Vanuit zowel ruimtelijk als functioneel oogpunt is de behoefte ontstaan om de mogelijkheden voor hogere bouwvormen in de kern Nuenen te bestuderen. Hierna is beschreven vanuit welke invalshoeken deze wens voortkomt.

Beleidsveranderingen Vanuit zowel de Rijksoverheid als de Provincie wordt nadrukkelijk gestreefd naar meer intensief ruimtegebruik. Dit betekent voor gebieden

I

binnen de kern dat de groei bij voorkeur zonder aantasting van het buitengebied dient plaats te vinden. Hieruit volgt dat het wenselijk is om binnen de kern meer compacte bouwvormen toe te passen. De gemeente spreekt ook de voorkeur uit voor inbreiding in de kern boven uitbreiding in het buitengebied. Door compact bouwen kan bovendien meer open (groene) ruimte worden gereserveerd als openbaar parkgebied.

I Cu..,"act bouwen tegenover 'traditioneel bouwen; ruimte voor openbaar groen.

Behoefte aan structurerende elementen

Tot nu toe heeft de uitbreiding van Nuenen in lage bouwvormen plaatsgevonden met verdichting en concentratie naar het dorpscentrum toe. Er is een sterk uitgedijde kern ontstaan. ln sommige wijken ontbreekt de relatie met ruimtelijke structuurdragers die de buurten met het dorp verbinden. ln die delen van de kern bestaat de behoefte aan meer ruimtelijke accenten binnen de woonomgeving die onder andere middels hogere bebouwing gerealiseerd zou kunnen worden. Dorpsvernieuwing

)

Met name in oudere delen van dorpskernen ontstaat na verloop van tijd een verandering in de functionele behoeften. Hierdoor is het wenselijk om delen van de kern te herinrichten op een wijze die ruimtelijk aansluit bij de structuur, maar ook financieel haalbaar is. Compacte bouwvormen kunnen de aankoop en uitplaatsing van bestaande functies daarbij compenseren. Variabele woonvormen De woningbehoefte in de kern Nuenen is naast kwantitatief ook

kwalitatief. Binnen de kern zijn relatief weinig comfortabele en compacte woonvormen, zonder tuin en geënt op een groene omgeving, met een goed voorzieningenniveau vlakbij. Het is daarom met name interessant om op plaatsen die beide kenmerken vertonen de mogelijkheden voor compacte en in dit geval ook hogere bouwvormen na te gaan. Binnen Nuenen bestaat een substantiële vraag naar appartementen in de prijsklasse van 3 tot 5 ton.

POUDEROYEN COMPAGNONS bouwen 58'132 juni 1999

nota hogêr

PG

19

j

.¡ I

)

Criterium voor bouwhoogte: kerk als baken van Nuenen

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

58-132 juni 1999

20

PG

3.2. Wat is bouwen in meer bouwlagen precies? Situering, massaopbouw en omvang (bundeling)van hogere bebouwing kan tot geheelverschillende effecten leiden. Hoge, lange blokken geven een veel meer stedelijk beeld dan incidentele, ranke torentjes. Ook de architeófonische vormgeving van o.a. de gevelen kap is bepalend voor het eindresultaat. Hoger bouwen in Nuenen moet passen in de dorpse karakteristiek:

lltt

Toepassi ng i ncidenteel Hogere bebouwing mag niet als regelvoorkomen in Nuenen, maar als uitzondering. Het is niet wenselijk dat de omvang van hogere gebouwen gaat neigen naar de vorming van een flatwijk.

.

)

Situering informeel Bij realisatie van hogere bebouwing dient complexvorming voorkomen te worden. Het doel dient te zijn om los van elkaar staande elementen te realiseren, zo veel mogelijk in een groene setting.

.

"zachte" vormgeving De expressie van de gevel moet passend zijn in de karakteristiek van bestaande omringende bebouwing. Dit betekent o.a. dat bijvoorkeur gekozen dient te worden voor een zachte bovenbeêindiging, verjonging in de bouwmassa en een herkenbare architectonische

geleding en schaal.

. )

-

Beperkte hoogte Als relevante maatstaven kunnen worden genoemd: De kerktoren Deze dient uiteraard het dominante oriëntaliepunt in Nuenen te blijven. Uitgaande van de opbouw van de toren kan de zone waar de eerste verjonging optreedt worden aangernerkt als richtinggevende hoogte voor volumes die zeker niet in concurrentle met de toren zullen treden. Deze maat bedraagt een kleine 2û meter. De toren zelf is bijna 50 meter hoog. De boomgrens Een tweede voor Nuenens silhouet wezenliike hoogte is de boomgrens. De kruinhoogte van een volwassen boom is 1B à 20 meter. Bebouwing dient deze grens niet te doorbreken.

Uit beide maatstaven kan een maximale nokhoogte u¡orden afgeleid van 1B meter, gemeten vanaf maaiveld. Deze maat maakf maximaal 6 woonlagen van 2,70 meter mogelijk, afgerond rnet een kap. Uiteraard dient de nokhoogte per locatie nog nader te worden getoetst aan praktische aspecten als inkijk bij buurpanden, schaduwnerking e.d. Per gevalzal de specifieke inpassing moeten worden onderzocht. De criteria in hoofdstuk 5 bieden daarvoor aanknopingspunten"

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

5;W bouwên 58-f32 juni 1999 LT\

21

MOGELIJKHEDEN HOGER BOUWEN

)

)

Binnenterreinen Historisch centrum

,=

I

Andrieskerk

Structu u rdragers N.-Zuid

o o

Kernkwartier N .-Zuid

@

Buslus N.-Oost

o o

Wijktoegangen

Luistruik

Geluidswalzone

Vinkenhofjes

Entrees

4. MOGELIJKHEDEN VOOR HOGER BOUWEN Uitgaande van de ruimtelijke analyse zullen de onderscheiden structuren nu nogmaals worden belicht op de ruimtelijke mogelijkheden om hogere bebouwing te realiseren. ln paragraaf 4.1 wordt geschetst op welke plaatsen hoger bouwen bij kan dragen aan een verbetering van de ruimtelijke structuur. ln paragraaf 4.2 wordt ingegaan op locaties waar hoger bouwen eveneens denkbaar is zonder de stedebouwkundige

structuur wezenlijk te beinvloeden. Naast de hoogte van nieuwe bebouwing zijn ook andersoortige gegevens bepalend voor de ruimtelijke kwaliteit die met nieuwbouw wordt nagestreefd. Daarom zijn in het vervolghoofdstuk ruimtelijk criteria aangegeven die gehanteerd dienen te worden bij de concrete vormgeving. ln dit hoofdstuk zijn slechts potentiële bouwlocaties aangeduid. De bij dit hoofdstuk behorende afbeelding 'mogelijkheden hoger bouwen' is een weergave van potentiële locaties. Het is echter niet wenselijk om alle locaties en met name alle zones uitputtend te benutten. Ook moet niet worden uitgesloten dat nog andere locaties in beeld komen. Voor geheel Nuenen kan gesteld worden dat hogere bouwvormen kwaliteit toe kunnen voegen aan de ruimtelijke structuur indien ze een incident daarin vormen. Zodra de hogere bebouwing een structuur op zich gaat vormen, ontstaat een al te zeer stedelijk beeld dat niet gewenst is.

4.1. Aanleidingen vanuit ruimtelijk oogpunt Deze paragraaf is de opsomming van locaties waar hogere bebouwing een bijdrage zou kunnen leveren aan de ruimtelijke structuur van Nuenen. Ke rnkwartie r e n parkstructu u r N uen en-Zu id

De ruimtelijke herkenbaarheid van het centrum in Nuenen-Zuid kan versterkt worden waarbij hogere bebouwing als middel ingezet kan worden. Doelstelling daarbij ís dat het functionele centrum met name zichtbaar wordt vanaf toevoerroutes. Het bestaande torentje boven de supermarkt heeft een te gering ruimtelijk effect. Gedeeltelijke nieuwbouw op en om bestaande bebouwing met een centrumfunctie vormt een

versterking. De groenzones in Nuenen-Zuid bieden de mogelijkheid om incidenteel plaats te bieden aan hogere bebouwing. Te denken valt aan plekken in

Nuenen-Zuid waar hogere gebouwen langs de wijkontsluitingswegen herkenningspunten gaan vormen. Het zou goed zijn een nadere analyse te maken van de structuur in Nuenen-Zuid, gericht op mogelijke structuurversterking middels hogere bebouwing. Het gebrek aan oriëntatiemogelijkheden in de wijk kan hiermee worden opgeheven.

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger bouwen

58-132 juni 1999

PG

23

Sporlpark De Luistruik Gezien de centrale ligging van sportpark De Luistruik in de kern Nuenen is het niet denkbeeldig dat op termijn de functie wordt verplaatst in ruil voor bebouwing, waarbij hoger bouwen zeq wel mogelijk is. De locatie wordt momenteel omgeven door hoofdinfrastructuur en door hogere bebouwing en opgaand groen aan de noord- en zuidwestzijde. Hogere bebouwing hoeft op deze plaats niet te conflicteren met de omgeving. Hier bestaat de mogelijkheid om middels de realisatie van compacte i.c. hogere bouwvormen het open karakter van het gebied te behouden. Hierdoor kan De Luistruik een sterk structurerende ruimte blijven in het uitgedijde dorp, dat kan functioneren als centraal parkgebied dat in

evenwicht is met de omvang van de woonkern. Volledige bebouwing van de locatie is vanwege de groene karakteristiek niet wenselijk. Gedacht kan daarom worden aan enkele woontorentjes in een ruime groene omgeving. Het is daarbij van belang de zichtlijnen vanaf de kruispunten van de Smits van Oyenlaan met de Europalaan en de Vincent van Goghstraat naar de kerk vrij te houden. Daardoor blijft de oriëntatie op het historische centrum behouden. Hoofdinfrastructuur Vanaf de hoofdinfrastructuur zijn met name de toegangen tot de wijken Nuenen-Zuid en -Oost ruimtelijk matig herkenbaar. Hogere bebouwing zou een middel kunnen zijn om de toegangen tot wijkontsluitingswegen te markeren. Bijde Smits van Oyenlaan en Europalaan is het wellicht mogelijk om op plaatsen waar ruimte is bebouwing te realiseren achter of op de geluidswallen, waardoor vanaf de weg toch enige bebouwing van aanliggende woonbuurten zichtbaar wordt. Met name langs het tracé grenzend aan Nuenen-Zuid besiaat mogelijk ruimte hiervoor. Hoger bouwen direct aan de oude structuurdragers Parkstraat, Beekstraat en Berg is niet wenselijk.

Accent in Nuenen-Oost Een belangrijk punt in de verkeersstructuur van Nuenen-Oost wordt gevormd door de "buslus" aan de Laan van Nuenhem. Accentuering van deze plek aan de wijkontsluiting is zeer goed mogelijk middels een wat hoger gebouw. Hier bestaat momenteel de fysieke ruimte om hogere bebouwing te realiseren. Zuide I ijke ke rn-e nt rees

De entrees aan de zuidzijde via de Smits van Oyenlaan en de Geldropsedijk bieden eveneens mogelijkheden voor markante bouwvormen. Bij de Smits van Oyenlaan zou de al eerder genoemde mogelijkheid van gebouwen achter de geluidswal een versterking vormen van de entree. Daarnaast bestaan aan de oostzijde van de Smits van Oyenlaan (omgeving Boschhoeve) en de westzijde van de Geldropsedijk

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwsn

58-132 jun¡ 1999

PG

24

mogelijkheden om binnen een groene setting enkele hogere elementen te realiseren die de entree accentueren. Het groene karakter van de kernrand dient echter onaangetast te blijven,

4.2. Overige mogeliikheden ln deze paragraaf zijn de locaties opgenomen waar hogere bouwvormen in de ruimtelijke structuur opgenomen kunnen worden zonder deze wezenlijk van karakter te laten veranderen Bin nente rre i ne n e n Klooste rtu i n

Met name rond het historisch centrum liggen op enkele plaatsen zeer ruime binnenterreinen, welke wellicht in de toekomst hun functie verliezen. Een voorbeeld is het binnenterrein Berg-Weverstraat. Dit zijn geschikte locaties voor de inpassing van compacte woonbebouwing met een accent op appartementen. De woonfunctie in de nabijheid van de voorzien ingen wordt h iermee im mers versterkt. De bestaande omringende bebouwing is veelal met de achterzijde naar het binnenterrein gericht. Deze bebouwing zal het zicht vanaf de omliggende wegen op de nieuwbouw grotendeels ontnemen. Mits zeer zorgvuldig ingepast is hier ook hogere bebouwing denkbaar. Hogere bebouwing dient daarbij bij voorkeur niet in het verlengde van een zichtlijn gerealiseerd te worden, maar mag slechts een accent vormen binnen het kader van het binnenterrein. And rieske rk, N u e n en-W est

ln Nuenen-West bestaat reeds een hogere bouwmassa in de vorm van de Andrieskerk. Op langere termijn is een ander eveneens hoger gebouw op of rond het terrein van de kerk niet denkbeeldig, vanzelfsprekend op voorwaarde dat de functie van de kerk vervalt. V i n ke n hofj es, N u e n en-Zu id

De woonbuurten in Nuenen-Zuid en Nuenen-Oost zijn vrijwel zonder

uitzondering dermate dicht van structuur dat realisatie van nieuwe hogere bebouwing niet mogelijk is zonder bestaande bebouwing te verwijderen. Vooralsnog lijken hiervoor alleen enkele mogelijkheden te bestaan rond de te herziene Vinkenhofjes. Europalaan Bij de Europalaan bestaat direct ten oosten van het bedrijventerrein Berkenbos de mogelijkheid om achter de groene laanbeplanting incidenteel hogere bebouwing te plegen zonder het ruimtelijk karakter wezenlijk te veranderen. Hier ligt bebouwing in de sfeer van bedrijven voor de hand.

POUDEROYEN COMPAGNONS þouwen 58'132 Jun¡ 1999

nola hog€r

PG

25

)

Geen hogere bebouwing gewenst in groenstructuur Nuenen-Oost

,)

Geen hogere bebouwing gewenst in profiel Parkstraat en Berg

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

58-132 juni 1999

26

PG

4.3. Geen mogelijkheden voor hoger bouwen ln deze paragraaf zijn gebieden beschreven waar hogere bouwvormen vanuit ruimtelijk oogpunt uitgesloten worden geacht.

Historisch centrum De parkachtige ruimten van het oude dorpscentrum (Park en Berg) en de historische straten dienen vrijte blijven van hogere bebouwing. De

ruimtelijke kwaliteit wordt bepaald door het historische karakter en de gedrukte bouwvolumes die de ruimtes omgeven. Het streven is gericht op een beschermd dorpsgezicht. Hogere bebouwing zou in dit gevalte zeer disharmoniëren in het ritme van de gevels.

)

Parken en historische entrees De parken in de wijken van voor de jaren '70 zijn te gering van omvang ofwel hebben een bijzondere cultuurhistorische waarde. Uit dit oogpunt is hoger bouwen op deze plaatsen niet gewenst. De noordelijke entrees van de kern met een historisch karakter en de oostelijke entree zijn ongeschikt voor het plaatsen van hogere bebouwing omdat deze te veel zou contrasteren met het huidige dorpsbeeld of het uitdrukkelijke groene karakter van entrees aan deze bij uitstek landelijke kant van het dorp.

Landelijke kernranden Karakteristiek voor Nuenen zijn de kernranden die een massief groen karakter hebben, dan wel bestaan uit een opeenvolging van afwisselende, kleinschalige daken. Dit beeld dient behouden te blijven. Er is dan ook geen aanleiding om aan de randen van de kern hogere bebouwing te realiseren, met uitzondering van plaatselijk entreeversterkende accenten aan de zuid- en westzijde (europalaan, Geldropsedijk en Smits van Oyenlaan).

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

58-132 juni 1999

PG

27

ALGEMENE CRITERIA

nieuwe situatie

bestaande situatie

+> goed

fout )

1) inpassing in silhouet

2) geen plaatsing in zichtlijn

3) maximale bouwhoogte met kaP

.)

goed

fout

4) geen massieve uitstraling

goed

5) inpassing omgeving

I

5. CRITERIA VOOR HOGER BOUWEN Naast de afweging of een locatie geschikt is voor hoger bouwen, is het ook van belang criteria te beschrijven waaraan hoger bouwen zou moeten voldoen, wil deze binnen de stedebouwkundige structuur van Nuenen passen. Deze criteria kunnen als toetsingskader dienen bij individuele bouwinitiatieven welke bij de gemeente worden ingediend. Hierna zijn voor de mogelijke locaties voor hoger bouwen in de kern Nuenen de algemeen geldende criteria genoemd waaraan hoger bouwen moet voldoen. Daarnaast zijn per locatietype specifieke criteria toegevoegd welke een goede nadere invulling moeten sturen. De criteria hebben alleen betrekking op de ruimtelijke kwaliteit. Aanvragen dienen ook op andere aspecten getoetst te worden, zoals woningbehoefte, geluidsbelasting locatie en financiële haalbaarheid.

5.1. Algemene criteria

1. lncidenteelkarakter hogere bebouwing als uitzondering

2. lnformele situering

vrijstaande elementen in groene setting

3. Zachte vormgeving bovenbeëindiging (middels een kap), verjonging, geleding en schaal

4. Beperkte hoogte nokhoogte van maximaal 18 meter (boomkruinen en onderbouw kerktoren als grens)

5.2. Specifieke criteria Hierna zijn voor de verschillende typen potentiële locaties voor hogere bebouwing de specifiek op de locaties van toepassing zijnde criteria beschreven. Bi n ne nte rrei n e n oude re wijke n

r . .

Plaatsing grotendeels buiten zichtlijn vanuit entree naar binnenterrein

Onzichtbaar vanaf omliggende straten Handhaven voldoende afstand tot bestaande gebouwen (schaduw en inkijk)

Locaties Andrieskerk, Luistruik en entrees Europalaan, Geldropsedijk en zuidzijde Smits van Oyenlaan (Boschhoeve)

. Streven naar markante objecten o Verticale geleding van de bouwmassa . Vrijhouden ruime zichtlijnen vanaf kruisingen rond Luistruik richting historisch centrum en kerktoren

o Accenten in primair groene ruimten

POUDEROYEN COMPAGNONS nota hoger

bouwen

58-132 ¡uni 1999

PG

29

Wijkcentra en parken Nuenen-Zuid, buslus Nuenen-Oost en toeg ang en n aar wijkontsl u iti ng sweg en

¡ .

Ondergeschikt aan parkstructuur en sfeer Landmark nabij kruisingen wijkontsluitingswegen en wijkcentra (afwijkende gevel, opvallende en herkenbare ligging)

Achter de geluidswallen

.

Zicht vanaf de weg op de gebouwen

Het is duidelijk dat de maximaaltoelaatbare hoogte per locatie nader dient te worden bepaald met als maximum de genoemde nokhoogte van 18 meter, afgeleid van kerktoren en boomkruin.

')

POUDEFOYEN COMPAGNONS

notahogerbouwon 58-132 juni 1999

PG

30

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13991978/1