CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Raad Nuenen - Zienswijze begroting en werkprogramma MRE (Ondertekening aanpassen)

Gemeenteraad 17 mei 2023, gemeente NuenenBij agendapunt: Zienswijze begroting 2024 en werkprogramma 2023-2024 Metropoolregio Eindhoven1.773 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Metropoolregio Eindhoven t.a.v. het Dagelijks Bestuur Postbus 985 5600 AZ Eindhoven

Jan van Schijnveltlaan 2 Postbus 10.000, 5670 GA Nuenen T (040) 2631 631 www.nuenen.nl

Behandeld door : Marije Stoltenborg Doorkiesnummer : 06 278 637 24

Uw brief van Uw kenmerk

: 14 maart 2023 : 1005972891\DRO\HLE

E-mailadres Onderwerp

Ons kenmerk Bijlage(n)

: 1597691 : -

Verzenddatum

: m.stoltenborg@nuenen.nl : Zienswijze begroting 2024 en werkprogramma 2023/2024 MRE : 18 mei 2023

Geachte bestuur, Op 15 maart 2023 ontvingen wij de concept Begroting 2024 en het concept Werkprogramma 2023/2024 Metropoolregio Eindhoven en de bijbehorende aanbiedingsbrief met het verzoek om voor 8 juni 2023 een zienswijze kenbaar te maken met betrekking tot beide concepten. Wij bespraken beide concepten in onze raadsvergadering van 17 mei 2023. Hierbij onze zienswijze op de concept begroting en het concept werkprogramma. Samenwerking binnen de regio Wij onderschrijven het belang, nut en noodzaak om regionaal samen te werken. De samenwerking binnen de regio heeft ons gebracht waar we nu staan en de erkenning door het Rijk met de mainport-status. Om deze positie te behouden vraagt blijvende inzet van alle stakeholders, waaronder die van gemeenten. Daarnaast staan we als regio ook voor andere grote uitdagingen, zoals het in goede banen leiden van de schaalsprong die we als regio doormaken, de energietransitie en de transitie landelijk gebied. Dit vraagt om regionale afstemming en koersbepaling om zodoende alles ingepast te krijgen binnen de beschikbare ruimte en om zoveel mogelijk (rijks)gelden naar de regio te halen. Onze samenwerking binnen de Metropoolregio Eindhoven (MRE) kan hieraan bijdragen mits de gemeenten, de subregio’s en de MRE-organisatie, ieder vanuit hun eigen rol en verantwoordelijkheden, een actieve bijdrage leveren en de gemaakte afspraken nakomen.

Willen we als regio echt een extra stap zetten dan is extra capaciteit binnen team MRE alleen van meerwaarde als ook binnen de gemeenten extra capaciteit wordt vrijgemaakt voor de regionale opgaven. Binnen de gemeente wordt immers de inhoudelijke inbreng, lokale standpunten, (politiek) draagvlak, verankering in lokaal beleid en de uitvoering georganiseerd. Voor de werkzaamheden van team MRE is het essentieel dat dit goed is georganiseerd anders kan dit team niet verder. Bovendien verwachten we dat een groter team MRE meer initiatieven neemt, waardoor er meer pagina 1 van 5 1597691

werk op gemeenten afkomt. Voor ons is de vraag of alle 21 gemeenten bereid zijn en de mogelijkheden hebben om binnen de eigen organisatie voldoende capaciteit te kunnen vrijmaken voor (sub)regionale samenwerking. Zienswijze ten aanzien van de begroting Financiering formatie-uitbreiding We constateren dat de inwonersbijdrage conform afspraken wordt geïndexeerd. Tegelijkertijd blijkt uit de begroting dat er fors geïnvesteerd wordt in formatie-uitbreiding. Deze formatie-uitbreiding wordt grotendeels gefinancierd door rijksgelden en vanuit de inwonersbijdrage Stimuleringsfonds. Wij lezen in de risicoparagraaf nieuwe potentiële risico’s ten opzicht van de begroting 2023 in verband met het niet ontvangen van externe financiële middelen en bezuinigingen bij gemeenten met als gevolg een lagere inwonersbijdrage. De forse formatie-uitbreiding neemt extra risico’s met zich mee en dit achten wij niet wenselijk. Gelet op het bovenstaande verzoeken wij u een pas op de plaats te maken met betrekking tot de formatie-uitbreiding en deze te beperken tot het hoogst noodzakelijke. Het is onwenselijk om formatie-uitbreiding te financieren met incidentele inkomsten (lees: rijks- en provinciale gelden). Daarom verzoeken wij u om incidentele inhuur of detachering vanuit de gemeenten te overwegen in plaats van het werven van nieuwe medewerkers.

Deze inhuur/detachering zou gefinancierd kunnen worden vanuit de rijksen provinciale gelden waarvan zeker is dat de MRE deze gelden ontvangt. Wij zijn verbaasd te lezen dat vanuit het stimuleringsfonds formatie-uitbreiding wordt gefinancierd. Deze inwonersbijdrage is immers beoogd voor een ander doel. Is dit niet oneigenlijk? Wat zijn de gevolgen nu de hoogte van het Stimuleringsfonds naar beneden wordt bijgesteld? Is er in het verleden door gemeenten niet te veel bijgedragen aan het Stimuleringsfonds nu deze gelden niet nodig zijn voor het eigenlijke doel? We missen een nadere toelichting hierop in de concept begroting. Verschuivingen in werkbudgetten In het Samenwerkingsakkoord is een nieuw thema, Wonen en Ruimte, opgenomen. Om werkbudget voor dit thema vrij te maken, is het werkbudget van andere thema’s naar beneden bijgesteld. Uit het werkprogramma kunnen wij niet opmaken dat de ambities op deze andere thema’s naar beneden zijn bijgesteld c.q. dat er een prioritering is aangebracht. Wat heeft deze verlaging van werkbudgetten voor consequenties voor de desbetreffende thema’s? Zienswijze ten aanzien van het werkprogramma Samenspel MRE, subregio’s en gemeenten Om tot resultaten binnen de samenwerking te komen is niet alleen de inzet van de MREorganisatie nodig.

De inzet van bestuurders en medewerkers van de gemeenten en de afstemming binnen de subregio’s is hiervoor essentieel. Alleen als dit samenspel goed en strak georganiseerd en op orde is waarbij ook de subregio’s in hun kracht worden pagina 2 van 5 1597691

gezet, kunnen we als regio extra stappen zetten. In het werkprogramma missen wij hoe we dit samenspel gaan organiseren. Dit moet alsnog toegevoegd worden. Daarbij komt dat wij uit het werkprogramma niet kunnen opmaken wat team MRE concreet gaat doen en wat we van dit team concreet kunnen verwachten. In het werkprogramma zien wij tevens nieuwe rollen voor team MRE ten opzichte van het Samenwerkingsakkoord zonder nadere toelichting en duiding. Dit in combinatie met het ontbreken van afspraken over het organiseren van het samenspel geeft ons onvoldoende mogelijkheden om invulling te geven aan onze controlerende rol als raad zijnde. Wij verzoeken u om dit nader te concretiseren in het werkprogramma. Het werkprogramma lijkt primair gericht te zijn op team MRE, zijn rollen en het rechtvaardigen van de beoogde formatie-uitbreiding. Daarmee voldoet het niet aan onze verwachting. In het werkprogramma zou de samenwerking tussen de gemeenten centraal moeten staan; wie doet wat, hoe kunnen we kennis en middelen slim inzetten, welke inzet wordt van elke gemeente verwacht en willen/kunnen gemeenten deze ook leveren. De rol van team MRE is om deze samenwerking te ondersteunen en zou in het werkprogramma niet centraal moeten staan. De MRE-organisatie is immers niet de samenwerking MRE.

De benadering in het werkprogramma draagt niet bij aan het versterken van eigenaarschap en medeverantwoordelijkheid van gemeenten. Wij vinden dit een gemiste kans. Werkprogramma en inzet team MRE Wij vragen ons af of de activiteiten in het werkprogramma een verdubbeling van team MRE rechtvaardigen. We realiseren dat de ambitie binnen de samenwerking hoog is. Deze hoge ambitie kan team MRE niet zelfstandig waar maken. De (extra) inzet van bestuurders en medewerkers van de gemeenten is hiervoor essentieel. In vele gemeenten worden nu al capaciteitsproblemen ervaren. Daarbij kampen gemeenten met meerdere openstaande vacatures die in de huidige arbeidsmarkt lastig zijn in te vullen. Dit dwingt gemeenten om keuzes te maken in en te prioriteren van de inzet van ambtelijke capaciteit. De praktijk leert dat er nu al veel afwezigen zijn bij overleggen in MRE-verband en het gemeenten niet lukt om (tijdig) inbreng te leveren. Daarom vinden wij het belangrijk dat er in het kader van het werkprogramma afspraken worden gemaakt over ieders inzet waarop we elkaar kunnen aanspreken. Het initiatief om tot deze afspraken te komen ligt bij de directeur MRE. Pas als duidelijk is wat van gemeenten wordt verwacht en wat ze daadwerkelijk aan inzet kunnen leveren, kan bepaald worden wat een passende formatie is voor team MRE.

Prioritering Zoals hiervoor is opgemerkt is de ambitie binnen de samenwerking hoog. Om deze ambities waar te kunnen maken zou het beter zijn om ons eerst op een aantal onderwerpen te focussen en deze te realiseren. Vervolgens kan de focus op een nieuw onderwerp gericht worden. Het werkprogramma geeft het beeld dat we al onze ambities in de jaren 2023 en 2024 oppakken. We vragen ons af of dit realistisch is, mede vanwege ons beeld dat regionale samenwerking op dit moment nog onvoldoende is georganiseerd. Wij stellen voor een prioritering aan te brengen.

pagina 3 van 5 1597691

De aandacht zou daarbij eerst moeten uitgegaan naar strategische verkenning, koersbepaling, visie, enz. voor 2030. Als deze trajecten (bijna) zijn afgerond dan starten met verkenningen en koersbepalingen richting 2040/2050. Dit geeft focus en voorkomt ruis om dat gelijktijdig op twee verschillende horizonten geschakeld moet worden. Programma Wonen en ruimte Binnen de subregio Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) werken 9 gemeenten samen op de thema’s wonen en ruimte. De afgelopen jaren hebben deze gemeenten goede resultaten geboekt op deze thema’s. Onze oproep is om deze ervaringen te gebruiken, de goede dingen over te nemen en aan te sluiten bij wat er al is bij het (op)nieuw vorm geven van dit thema binnen de MRE-samenwerking. Het zou jammer zijn als capaciteit en middelen worden ingezet om het wiel opnieuw uit te vinden. Programma Economie De bedrijvenprogrammering is als nieuwe activiteit opgenomen in het werkprogramma. In de periode voor 2018 werkten we binnen de MRE-samenwerking hier ook al aan. In 2018 is besloten dit niet langer meer te doen. Daarom hebben wij dit met 8 andere gemeenten opgepakt binnen de SGE-samenwerking. We zien dat het nu weer wordt opgepakt binnen de MRE-samenwerking.

Waarom is dit onderwerp opnieuw opgenomen in de MRE-samenwerking? Wat wordt op subregionaal en regionaal niveau concreet opgepakt? Wat wordt concreet bedoeld met de coördinatierol van de MRE? Programma Landelijk Gebied Dit programma is vooral ingestoken vanuit oogpunt van landbouw en lijkt vooral gericht op de tegenstelling stedelijk en landelijk gebied. Het landelijke gebied heeft veel meer functies (o.a. ecosystemen) die ook aandacht moeten krijgen in dit programma. Daarbij zou de nadruk moeten liggen op de relatie tussen stedelijk en landelijk gebied. In dit kader zou het goed zijn om ook melding te maken van NOVEX Stedelijk Brabant. Wij zien geen noodzaak om het in 2020 vastgestelde streefbeeld te herzien, omdat het inhoudelijk nog goed aansluit met de gewenste ontwikkelingen. De inzet zou gericht moeten zijn op monitoring van de gestelde doelen. De MRE dient zich meer in te zetten tot het ontsluiten van kennis over de ontwikkelingen binnen het landelijke en provinciale beleid over de nu lopende beleidsprogramma’s, zoals NPLG, NOVEX de Peel en NOVEX Stedelijk Brabant.

pagina 4 van 5 1597691

Tot slot Wij verzoeken u bij de voorbereiding van besluitvorming van de begroting 2024 en het werkprogramma 2023/2024 bovenstaande punten mee te nemen en waar nodig wijzigingen aan te brengen in de concepten. Met vriendelijke groet, de raad van de gemeente Nuenen, De griffier De voorzitter, M.J. van IJsseldijk MA MSc

M.J. Houben MBA

Deze brief is digitaal ondertekend en daarom niet voorzien van een fysieke handtekening. {{ esl:Signer1:capture }}

pagina 5 van 5 1597691

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12639077/2