Beeldvormende avond - Concept Visie op wonen, welzijn en zorg
Tekst van het document
Visie op wonen, welzijn en zorg
Gemeente Nuenen c.a. 6 juni 2024 Concept
DATUM
6 juni 2024
TITEL
Visie op wonen, welzijn en zorg
OPDRACHTGEVER
Gemeente Nuenen c.a.
AUTEUR(S)
Martin Bleijenburg Harrie Wilhelm
PROJECTNUMMER
820.105
STATUS
Concept
Tivolilaan 205 6824 BV Arnhem Postbus 1174 6801 BD Arnhem www.companen.nl info@companen.nl 026 351 25 32 KvK-nummer: 09035291 BTW-nummer: NL001826517B01
Inhoud Voorwoord wethouders (pm)
4
1 1.1 1.2
Visie op wonen, welzijn en zorg Inleiding Proces en status van dit document
5 5 7
2 2.1 2.2 2.3 2.4
Thema 1: Voldoende en passend woningaanbod Opgave 1: Nieuwe geclusterde woonconcepten toevoegen in diverse prijsklassen Opgave 2: Hanteren adequate programma’s van eisen Opgave 3: Passend aanbod per wijk/kern Opgave 4: bevordering doorstroming ouderen
12 12 13 13 14
3 3.1 3.2 3.3
Thema 2: Inclusieve wijken en kernen Opgave 1: Voorzieningen, gezamenlijke sociale inzet Opgave 2. Ontwikkeling gemengde woonconcepten Opgave 3: Uitnodigende woonomgeving
15 15 15 16
4 4.1 4.2 4.3
Thema 3: Passende ondersteuning en zorg Opgave 1: Bevorderen eigen kracht en omzien naar elkaar Opgave 2: Omgaan met spreiding en clustering zorgvragers Opgave 3: Inzet van technologie
17 17 17 18
5 5.1 5.2
Thema 4: Samenwerking voor en met inwoners Opgave 1: Domeinoverstijgende structurele samenwerking Opgave 2: Preventie/vroegsignalering/Wet DOS
19 19 19
6
Het vervolg
21
Voorwoord wethouders (pm)
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
4
1 Visie op wonen, welzijn en zorg De visie van de gemeente Nuenen op wonen, welzijn en zorg is in één zin:
Een gezond en betrokken Nuenen waar de inwoners zo lang mogelijk prettig en zelfstandig kunnen (blijven) wonen in een veilige, toegankelijke en inclusieve woonomgeving.
1.1 Inleiding Maatschappelijke veranderingen Ouder en kwetsbaar zijn of worden is anders dan vroeger. Dat komt door veranderende woonwensen en wijzigende wet- en regelgeving. Steeds vaker willen we blijven wonen in onze eigen woning en eigen vertrouwde woonomgeving. Als het nodig is, krijgen we zoveel mogelijk daar zorg en ondersteuning. In eerste instantie vanuit ons eigen sociale netwerk. Maar als dat niet mogelijk is, vanuit een professionele organisatie. Langer zelfstandig wonen is een behoefte van veel mensen, maar het is ook een manier om de zorg betaalbaar en toegankelijk te houden. We willen graag dat wonen, zorg, welzijn en ondersteuning voor iedereen beschikbaar blijft. De gemeente Nuenen vergrijst. De samenstelling van de huishoudens verandert, er zijn meer 1 en 2 persoonshuishoudens. Dit vraagt iets van onze woningvoorraad, meer betaalbare, kleinere woningen en meer woningen die levensloop- of toekomstbestendig zijn. Er is behoefte aan wonen dichtbij voorzieningen, zoals medische zorg, sociale wijk- en steunpunten, winkels, openbaar vervoer. En een veilige, toegankelijke, inclusieve woon- en leefomgeving, waar je je prettig voelt. Toekomstbestendig bouwen Onze visie is een stip op de horizon.
Echter, de huidige druk op de woningmarkt, instroom van (arbeids)migratie, personeelstekorten, stikstofproblematiek, materialenschaarste en inflatie zetten het streven van de gemeente naar een gezonde en inclusieve samenleving onder druk. De veranderingen en opgaven die voor ons liggen, vergen een lange adem. We verwachten de piek van de vergrijzing rond 2040. Het is belangrijk dat we nu al bewuste keuzes maken en de juiste woningen toevoegen en tegelijkertijd zorgen dat de huidige voorraad toekomstbestendig wordt. Dat vraagt van woningbezitters dat zij bij onderhoud/renovatie of tijdens de bouw rekening houden met de levensloopfases. Prioriteit voor gemeente én samenleving Als gemeente hebben we de prioriteit van wonen, zorg en welzijn onderschreven. In ons Coalitieakkoord 2022-2026 “samen werken aan Nuenen” hebben we dan ook opgenomen dat we een integrale woonzorgvisie willen opstellen die zowel ingaat op wonen in combinatie met zorg als op sociale componenten. En dat we dat willen doen via een participatief proces waarin stakeholders actief worden betrokken. Zo is in de prestatieafspraken 2023-2027 met de corporaties opgenomen dat de gemeente in 2024 werkt aan een woonzorgvisie die bepalend gaat zijn voor de zorgbehoevende doelgroepen en de extra inzet voor hen. De gemeenteraad heeft de visie democratisch vastgesteld.
Dat wil uiteraard niet zeggen dat wij als gemeente primair verantwoordelijk zijn voor de uitvoering. Wij scheppen vooral de randvoorwaarden en vervullen een regisseursrol en zijn voor het welslagen in belangrijke mate afhankelijk van het
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
5
commitment van partners als zorgverleners, zorgcliënten, woningcorporaties, commerciële ontwikkelaars, zorgaanbieders, zorgkantoor, welzijnsorganisaties en niet in de laatste plaats van onze burgers zelf. We weten ons ondersteund door een breed draagvlak binnen de Nuenense samenleving, zoals de Adviesraad Sociaal Domein (ASD) en het Platform Wonen en Ouderen. De woordwolk hieronder laat in grootte van tekst zien wat volgens onze partners centraal moet staan in de missie: ‘Bouwen aan samen-leven en een passend woon- en zorgaanbod als basis voor het welbevinden, door als partners en inwoners creatief samen te werken’. Figuur 1: Woordwolk wonen-, welzijn- en zorgpartners Nuenen (bijeenkomst 13 december 2023)
• • • •
Grote nadruk op “samen leven”, waarin samendoen, veiligheid, inclusie, zorgzaamheid en de menselijke maat belangrijk zijn. Zorgen voor een passend woningaanbod, waarbij bevorderen van doorstroming een belangrijke rol speelt. Welzijn en welbevinden zijn even belangrijk als het woningaanbod. Creatieve oplossingen bedenken binnen de begrensde mogelijkheden van menskracht, ruimte middelen.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
6
1.2 Proces en status van dit document In september 2023 heeft onderzoeks- en adviesbureau Companen in opdracht van de gemeente de “Woonzorganalyse” afgerond. De hoofdvraag uit de analyse is: Wat is de huisvestingsopgave op kernniveau voor ouderen (65+), mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychosociale beperking en de kwetsbare jongeren die 18 worden, voor 2025, 2030 en 2040. En welke aanvullende maatregelen zijn nodig om mensen met een (toekomstige) zorgvraag passend te huisvesten? Uitkomsten uit de analyse woonzorgopgaven De analyse heeft in beeld gebracht wat onze woonzorgopgaven zijn. Vanuit deze opgaven weten we dat er extra woningen nodig zijn voor bepaalde (zorg)doelgroepen. De opgaven voor deze extra woningen is niet extra op de aantallen die we als gemeente hebben opgenomen in de woningbouwplanning. Het is een aanpassing in de bestaande voorraad met betrekking tot het geschikt maken voor de doelgroep en het realiseren van de juiste geschikte woningen bij nieuwbouw. •
•
•
•
• • •
•
Het tekort aan geclusterde woonvormen 1 voor ouderen kan naar 2040 oplopen tot 740. Dit aantal is gebaseerd op een trendprognose, waarbij we ervan uitgaan dat zowel ouderen met als zonder (zware) zorgvraag vaker een beroep zullen doen op geclusterd wonen. Van de totale woningvoorraad in Nuenen is 15% geschikt voor mensen met een mobiliteitsbeperking2; nog eens 61% is relatief eenvoudig geschikt te maken. Er ligt met name een grote opgave in het particuliere segment. Omdat verder niet alle geschikte woningen worden bewoond door mensen met een mobiliteitsbeperking, is ook doorstroombevordering van belang. Voor sommige locaties met bestaand geclusterd aanbod3 (waar kwetsbare burgers bij elkaar wonen) ligt er een transformatieopgave: dit kan zijn het passend maken van het aanbod voor de huidige doelgroep (van gedeelde badkamer naar eigen voorzieningen) of het passend maken zodat het vastgoed in de nabije toekomst in te zetten is voor verschillende doelgroepen. Het tekort aan zorggeschikte woningen4 voor mensen met een Wlz-indicatie kan naar 2040 oplopen tot ruim 90. Op basis van het rijksbeleid zal 50% van de zorggeschikte woningen door corporaties gerealiseerd moeten worden (Nationale Prestatie-afspraken tussen Rijk, VNG, Aedes, Woonbond). De belangrijkste groei van de behoefte aan intramurale plekken zit in de psycho-geriatrische zorg (dementie).
Voor mensen met een verstandelijke beperking zijn er tot 2040 ongeveer 10 gespikkelde 5 woningen (waar sterke en kwetsbare burgers door elkaar wonen) nodig. Voor mensen met psychosociale problematiek (Beschermd Wonen) zullen tot 2040 ongeveer 10 intramurale BW-plekken moeten worden gecreëerd. Dit kan veranderen als in de toekomst een doordecentralisatie plaatsvindt vanuit de centrumstad Eindhoven. Er is een zeer beperkte behoefte aan woongelegenheid (goedkope huurwoningen, kamers) voor mensen die uitstromen uit de jeugdzorg en het Beschermd Wonen.
1 Bijvoorbeeld seniorenwoningen, aanleunwoningen, hofjeswoningen.
2
Een woning geldt als ‘levensloopgeschikt’ wanneer alle primaire voorzieningen (slaapkamer, woonkamer, toilet, badkamer en keuken) gelijkvloers liggen of zonder traplopen bereikbaar zijn. 3 Begeleid/beschermd wonen in (on)zelfstandige woonruimte met andere cliënten in hetzelfde pand/complex. 4 Zorggeschikte woningen voor mensen met een Wlz-indicatie zullen gerealiseerd moeten worden omdat conform het rijksbeleid naar verwachting niet of nauwelijks uitbreiding van verpleeghuisplekken zal plaatsvinden. 5 Begeleid wonen in een zelfstandige woning in de nabijheid van een steunpunt.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
7
Belangrijkste opgaven op grond van de analyse 1. Maken van keuzen binnen de bandbreedte van de onderzochte scenario’s in termen van: a. Bouwmogelijkheden b. Woningtoewijzing c. Welzijnsvoorzieningen d. Arbeidsmarkt in de zorg 2. Voorzien in grote, groeiende behoefte aan geclusterd wonen voor ouderen 3. Geschikt maken bestaande woningen voor minder mobiele mensen 4. Opvang toenemend aantal mensen met dementie 5. Hoe om te gaan met gespikkeld wonen 6. Opvang effecten doordecentralisatie Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang 7. Monitoren dat voldoende goedkope huurwoningen beschikbaar komen voor uitstroom uit instellingen. Context Rijksbeleid Programma wonen en zorg voor ouderen In het kader van de Nationale Woon- en Bouwagenda heeft de Rijksoverheid een zestal programma’s gepresenteerd. In dit verband zijn relevant: • Het Programma Wonen en zorg voor ouderen (2022). Van de ambitie om 900.000 woningen tot en met 2030 te bouwen zijn er minstens 290.000 voor ouderen bestemd. Voorts besteedt het programma aandacht aan doorstroming en een voor ouderen passende leefomgeving. • Woondeals Het Rijks heeft met provincies en gemeenten woondeals tot en met 2030 afgesloten, die ertoe moeten leiden dat voldoende woningen aan de voorraad worden toegevoegd. • Het Programma Een thuis voor iedereen (2022).
Het doel hiervan is te zorgen voor voldoende betaalbare woningen voor alle aandachtsgroepen, met een evenwichtige verdeling over gemeenten en met de juiste zorg, ondersteuning en begeleiding. In het recente voorstel tot Wet Versterking Regie Volkshuisvesting (zie onder) is uitgewerkt welke categorieën het Rijk rekent tot de aandachtsgroepen. Dit betreft met name ouderen, mantelzorgers en -ontvangers, personen met een beperking of psychische kwetsbaarheid, (dreigend) daklozen, uitstromers uit instellingen, woonwagenbewoners, statushouders, bepaalde categorieën arbeidsmigranten en studenten6. Wetsvoorstel Versterking Regie Volkshuisvesting (recent ingediend bij Tweede Kamer) Het volkshuisvestingsprogramma krijgt een plek in de beleidscyclus van de Omgevingswet. Elke gemeente stelt een omgevingsvisie op. De gemeenteraad stelt die visie vast. Vervolgens werkt de gemeente deze visie verplicht uit in het volkshuisvestingsprogramma, dat gemeenten volgens de Wet Versterking Regie Volkshuisvesting in 2026 moeten hebben. Heeft de gemeente een woonvisie, dan geldt deze totdat een nieuw volkshuisvestingsprogramma is vastgesteld als zijnde een volkshuisvestingsprogramma in het kader van de nieuwe wetgeving. Dit wordt bij Koninklijk besluit via een gelijkstellingsbepaling geregeld.
Voldoet de woonvisie aan de vereisten die gelden voor het volkshuisvestelijk programma zoals in de nieuwe wetgeving bedoeld, dan is het niet nodig om een volkshuisvestingsprogramma vast te stellen. Eventueel kan ook volstaan worden met een addendum. De “woonzorgvisie” komt niet meer als instrument terug in de wetgeving. De gedachte van de woonzorgvisie komt wel heel prominent naar voren. Het gaat dan
6 Zie artikel 8.2a (aanwijzing ouderen en aandachtsgroepen volkshuisvestingsprogramma’s).
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
8
om de taak van gemeenten om in te spelen op de woonbehoefte van ouderen en aandachtsgroepen en een verbinding te maken met zorg en ondersteuning. En het faciliteren in voldoende levensloopgeschikte woningen met de mogelijkheid van zorg thuis. Het idee is dat gemeenten dit in 2026 in hun volkshuisvestingsprogramma hebben verwerkt, wat concreet inhoudt dat de woonzorgvisie hierin te zijner tijd opgaat. Urgentieverordening Op basis van de Wet Versterking Regie Volkshuisvesting moeten alle gemeenten vanaf 2025 beschikken over een huisvestingsverordening voor in elk geval urgent woningzoekenden, de “urgentieverordening”. De wet stelt verplicht dat (regio)gemeenten ieder een evenredig deel van de vrijkomende woningen toewijzen aan urgenten (“fair share”). De wet geeft een opsomming van de categorieën verplichte urgenten. Gemeenten mogen dit aanvullen. Figuur 2: Woonzorgvisie gaat op in het Volkshuisvestingsprogramma
Concrete doelstellingen formuleren Om de bevindingen uit de woonzorganalyse om te zetten in ambities, opgaven en acties, hebben we in themasessies binnen de stakeholdersbijeenkomst van 13 december 2023 de belangrijkste knelpunten met elkaar geanalyseerd. Wat willen we voor een gemeente/ gemeenschap zijn? Nu en in de toekomst. Wat is er nodig om de uitdagingen die voor de deur staan, met zijn allen het hoofd te bieden? Wat is er nodig om de inwoners inderdaad veilig en gezond zo lang mogelijk thuis te laten wonen? Met zorgpartijen, woningcorporaties, welzijnsinstellingen, betrokken doelgroeporganisaties en het zorgkantoor hebben we een viertal thema’s benoemd waar we de komende tijd mee aan de slag gaan: •
Voldoende en passend woningaanbod De juiste woning toevoegen, door nieuwbouw en door transformatie van bestaande gebouwen. Uit de analyse blijkt een tekort van bepaalde woningen voor bepaalde zorgdoelgroepen, zoals ouderen en mensen met een beperking. Met zijn allen moeten we ervoor zorgen dat we niet alleen meer woningen toevoegen, maar dat deze woningen ook geschikt zijn voor de diverse doelgroepen.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
9
•
•
•
Inclusieve wijken en kernen Wijken en buurten waar iedereen zich thuis kan voelen, veilig en betrokken en toegankelijk voor iedereen. Met ontmoetingsplekken en goede infrastructuur. Passende ondersteuning en zorg Bevorderen eigen kracht en sociale netwerk, maar tegelijkertijd ook, om te realiseren dat niemand direct hoeft te verhuizen bij een (kleine) verandering in de zorgvraag, is flexibele op- en afschaalbare zorg noodzakelijk. Kwetsbare inwoners die zorg nodig hebben, krijgen zoveel als mogelijk begeleiding op maat. Hiervoor moeten we met de zorgpartijen en het zorgkantoor goede afspraken maken. Samenwerking voor en met inwoners: Professionele samenwerking maar zeker ook bewustwording stimuleren. Er is geen garantie dat de gemeente/gemeenschap/overheid dingen kunnen blijven faciliteren.
Integraal proces met ketenpartners Dit visiedocument is een gezamenlijke visie van de gemeente, woningcorporaties, zorginstellingen, welzijnsinstellingen, betrokken doelgroeporganisaties en het zorgkantoor op wonen, welzijn en zorg. Bekrachtiging van de visie gebeurt door ondertekening van deze visie. Na het ondertekenen starten we met het uitvoeringsprogramma; een gezamenlijk plan met afspraken over wat de gemeente en ketenpartners samen willen ondernemen en hoe en met wie we dat gaan doen. Zo groeien we samen toe naar een gemeente Nuenen waar plek is voor alle inwoners, met en zonder een zorgvraag. De visie op wonen, welzijn en zorg is in de volgende stappen opgesteld: • Stap 1: 1e Stakeholdersbijeenkomst 24 januari 2023 t.b.v. analyse • Stap 2: Beschikbaarstelling analyseresultaten aan stakeholders • Stap 3: 2e Stakeholdersbijeenkomst 13 december 2023 met themagroepen • Stap 4: Uitwerking resultaten stakeholdersbijeenkomst in conceptvisie, reactie stakeholders en uitwerking tot definitieve visie • Stap 5: Ondertekening visie-document • Stap 6: Nog te zetten: Uitvoeringsprogramma en Uitvoeringsafspraken In stap 1 Begin 2023 Is een eerste bijeenkomst van stakeholders georganiseerd om met Companen van gedachten te wisselen over de opgave en vraagstukken die van belang zijn voor wonen, zorg en welzijn in Nuenen. Deze input heeft het bureau vervolgens verwerkt in de analyses.
In stap 2 De analyseresultaten van Companen zijn ter beschikking gesteld aan de stakeholders en op de website gepubliceerd. In stap 3 Op 13 december 2023 hebben we een 2e stakeholdersbijeenkomst georganiseerd om gezamenlijk de lijnen uit te zetten voor de visie. Plenair en in themagroepen we de relevante onderwerpen en opgaven besproken die centraal moeten staan in de visie. Deze vormen het vertrekpunt voor dit document. Daarnaast hebben we ambities en dilemma’s benoemd waar we gezamenlijk mee aan de slag willen. In stap 4 Companen heeft de resultaten uitgewerkt tot een concept-visie, die vervolgens aan de stakeholders zijn voorgelegd. De opmerkingen zijn verwerkt tot een definitief visiedocument, dat aan de gemeenteraad wordt voorgelegd.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
10
In stap 5 Ondertekening visiedocument door betrokken partijen. In stap 6 In stap 6 zetten we met elkaar een gezamenlijk uitvoeringsprogramma en bijbehorende prestatieafspraken op. Omdat de opgave vraagt om een domein (en cluster-) overstijgende aanpak, wordt het geen gemeentelijk uitvoeringsprogramma – maar juist een programma dat voortkomt uit een intensieve samenwerking tussen en binnen verschillende organisaties en met bewoners. In deze stap werken we aansluitend op de opgaven acties uit in een overzichtelijke tabel (prestatieafspraken) die ook kan dienen als instrument voor het monitoren van de voortgang. Per actie worden actiehouders en ondersteunende partijen benoemd, evenals binnen welke termijn de actie moet worden gerealiseerd. Figuur 3: Proces Stappen 1 t/m 3: Analyse en aanzet visie • 1e stakeholdersbijeenkomst (15 maart 2023) • Analyserapport Companen • 2e stakeholdersbijeenkomst (13 december 2023)
Stappen 4 en 5: Visiedocument • Opstellen concept-visie • Feedback visiedocument • Bijeenkomst gemeenteraad • Ondertekening visie
2023
Q2 2024
Stap 5: uitvoeringsprogramma • Bijeenkomst uitvoeringsprogramma • Definitief uitvoeringsprogramma en bijbehorende uitvoeringsafspraken
•
Q3/4 2024
Betrokken stakeholders Woningstichting Helpt Elkander PVGE Senergiek Oud is In Huurdersplatform Helpt Elkander Doelgroep kwetsbare kinderen Adviesraad Sociaal Domein Lunet Zorg Archipel Vertegenwoordiging huisartsen Cliëntondersteuner LEV groep Dorpsraad Gerwen Dorpsraad Nederwetten BPD Vrije Volkshuisvesting Woonbedrijf Wooninc. Woonzorg Nederland
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
11
2 Thema 1: Voldoende en passend woningaanbod Ambitie We zetten in op voldoende, aantrekkelijk en divers woningaanbod voor verschillende doelgroepen en levensfasen in diverse prijsklassen verspreid over de kernen van de gemeente. We kijken daarbij naar mogelijkheden in nieuwbouw en in de bestaande voorraad.
2.1 Opgave 1: Nieuwe geclusterde woonconcepten toevoegen in diverse prijsklassen Diversiteit De uitgevoerde analyse laat zien dat er de komende decennia in Nuenen een grote behoefte bestaat aan meer geclusterde woningen voor ouderen, maar ook voor andere doelgroepen. De extra woningen die nodig zijn voor de (zorg)doelgroepen zullen voor een groot deel via nieuwbouw, maar ook via de bestaande bouw (transformatie) gerealiseerd moeten worden. We voegen niet ‘meer van hetzelfde’ toe, maar kijken welke nieuwe woningtypen nodig zijn vanwege de vergrijzing, de huishoudensverdunning en de beweging naar het langer en weer zelfstandig wonen. Dat betekent dat wij een differentiatie aan nieuwe woonconcepten willen realiseren: voor mensen die geheel zelfstandig willen en kunnen wonen, voor inwoners die aangewezen zijn op intramuraal wonen, maar zeker ook voor mensen die gebaat zijn met tussenvormen. De toevoeging van geclusterd aanbod kan ervoor zorgen dat met name ouderen kunnen doorstromen, waardoor bestaande woningen voor gezinnen beschikbaar komen.
Eisen en kansen Wij zien belangrijke eisen en kansen bij de nieuw toe te voegen woningen: • De toegankelijkheid moet gewaarborgd zijn; • De locatie moet geschikt zijn voor de doelgroep(en); • Er moet een duidelijke relatie bestaan met voorzieningen op korte afstand; • De mogelijkheden tot ontmoeting moeten gegarandeerd zijn, in het wooncomplex of in de nabijheid; • De betaalbaarheid voor de doelgroepen moet gewaarborgd zijn; • De mogelijkheid moet worden overwogen om verschillende doelgroepen gemengd te huisvesten, waar zij iets voor elkaar kunnen betekenen; • Naast nieuwbouw door ontwikkelaars en corporaties zien wij ook aantrekkelijke kansen om bewoners woongelegenheden zelf te laten realiseren via collectief particulier opdrachtgeverschap. Nuenen staat open voor initiatieven. Bouwgrond Als gemeente Nuenen beschikken wij over beperkte bouwgrond. Dat betekent een flinke opgave voor het kunnen sturen van de bouwopgave voor het geclusterd wonen. Daarom onderzoeken wij de mogelijkheden om de sturing te vergroten. Naast potentiële grondverwerving is samenwerking met ontwikkelaars en huidige zorginstellingen daarvoor van groot belang, zowel bij nieuwbouw als bij transformatie.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
12
2.2 Opgave 2: Hanteren adequate programma’s van eisen Het bouwen van geclusterde en zorggeschikte woningen vergt het hanteren van toegespitste programma’s van eisen, zowel voor de woningen als voor de woonomgeving. Deze woningen zijn bestemd voor ouderen met somatische- of psycho-geriatrische aandoening; jongere mensen met dementie; mensen met Niet Aangeboren Hersenletsel; mensen met een verstandelijke beperking; mensen met langdurige psychische problemen; logeervoorzieningen en straks ook voor Beschermd Wonen. Zij dienen zo ingericht te zijn dat zij voldoen aan de (potentiële) beperkingen van en de eventuele zorg voor de betreffende doelgroep. Daarmee moet geborgd zijn dat er in de toekomst zo weinig mogelijk woningaanpassingen nodig zijn. Deze woningen dienen bij de opstart minimaal voor 50 % met lokale inwoners bezet te zijn en er mag niet sprake zijn van meer dan 10 % bovenregionale bezetting. De ontwikkelaar (corporatie of particuliere onderneming) heeft hiervoor de primaire verantwoordelijkheid. Verder kan de toevoeging van genoemde woningen leiden tot de noodzaak van aanpassing van de woonen leefomgeving. Het openbare gebied en daar ontwikkelen van ontmoetingsmogelijkheden behoren tot de primaire verantwoordelijkheid van de gemeente.
Uiteraard is het vanzelfsprekend dat ontwikkelaar, gemeente en gebruiker(s) bij de totstandkoming van de programma’s van eisen gezamenlijk optrekken.
2.3 Opgave 3: Passend aanbod per wijk/kern Ouderen De bevolking wordt steeds ouder. Het grootste deel van de ouder wordende bevolking blijft wonen in hun vertrouwde woning, ook als zij een zorgvraag krijgen. Op latere leeftijd wordt daarbij de toegankelijkheid van de woning belangrijker. Dat betekent dat woningaanpassing van groot belang is en dat ruimtelijk de mogelijkheden geboden moeten worden om via verbouw of aanbouw bestaande woningen geschikt te maken voor langere bewoning. Tegelijkertijd is er een groep ouderen die wil verhuizen naar een toegankelijke woning, of een geclusterde woonvorm waar ouderen zelfstandig maar toch gezamenlijk wonen, met gedeelde voorzieningen als een tuin of ontmoetingsruimte – liefst in het complex of anders op korte afstand in de buurt. Geclusterde woonvormen bieden een zekere mate van beschutting en gemeenschap. Voor ouderen willen we de behoefte om in de toekomst meer ‘geclusterd’ te wonen faciliteren. Voor het geclusterde aanbod is, gelet op de omvang en diversiteit van ouderen, een mix van eigendomsvormen nodig (koop, sociale huur en particuliere huur). Dit willen wij zó realiseren dat mensen zoveel mogelijk in hun eigen wijk of kern kunnen blijven wonen. Dat is immers vertrouwd en daar hebben zij hun sociale netwerk.
Helaas zal dat niet altijd mogelijk zijn, met name wanneer er zwaardere zorg geleverd moet worden en er geen VPT (Volledig Pakker Thuis) of MPT (Modulaire Pakket Thuis) mogelijk is. In dergelijke gevallen is een ruimtelijke concentratie van woongelegenheden onvermijdelijk, mede uit een oogpunt van de beschikbaarheid van voldoende zorgpersoneel. Maatschappelijke uitstroom De opgave op het gebied van wonen en zorg is groter dan alleen de behoefte van ouderen. Vanwege het ontbreken van voorzieningen voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang is dat in Nuenen vooralsnog beperkt tot de uitstroom uit de jeugdzorg. Hierbij gaat het om zeer goedkope huisvesting in zelfstandige woningen of tussenvormen (zoals kamertraining). Vooralsnog lijkt deze behoefte in te passen in het vrijkomend aanbod van corporaties en andere instellingen. We verwachten echter dat ook Nuenen in de toekomst mogelijkheden moet gaan bieden voor uitstromers uit Beschermd Wonen/Maatschappelijke Opvang.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
13
2.4 Opgave 4: bevordering doorstroming ouderen Wij vinden doorstroming van ouderen naar meer geschikte woningen een belangrijk onderdeel van ons beleid. Om doorstroming te bevorderen is het nodig om oudere inwoners bewust te maken van de woonmogelijkheden die zij hebben. Wees op tijd op je (zorg) toekomst voorbereid: Ouderen stromen op tijd door naar een geschikte woning: dit voorkomt gedwongen verhuizingen voor oudere inwoners en zorgt tegelijkertijd voor het vrijspelen van woningen voor starters of mensen met een laag inkomen. Aan de andere kant zijn we ons ervan bewust dat ouderen vaak grote moeite hebben om hun vertrouwde woning op te geven en – ook al is verhuizing naar een meer geschikte woning beter – lang wikken en wegen om tot een beslissing te komen. Wij zijn er voorstander van dat ouderen beter gefaciliteerd kunnen worden om tot een overwogen beslissing te komen. Wij denken daarbij aan: • Informatie en communicatie omtrent de mogelijkheden van nieuwe projecten en ondersteuning; • Begeleiding door doorstroomcoaches, maar ook vroegsignalering door bijvoorbeeld huisartsen; • Mogelijkheden in de woningtoewijzing van sociale huur; • (Financiële) ondersteuning door een verhuisvergoeding of hulp bij verhuizen (opruimen oude huis).
Niet alleen professionals zijn hier verantwoordelijk voor, maar de bredere samenleving: we moeten elkaar erop voorbereiden wat er op ons afkomt en hier tijdig op anticiperen. Door ouderen te activeren om tijdig over hun toekomst na te denken, houden zij zelf de regie.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
14
3 Thema 2: Inclusieve wijken en kernen Ambitie We zorgen dat de wijken en kernen ruimtelijk zo optimaal mogelijk zijn ingericht op veilige ontmoeting en goede mobiliteit, zodat inwoners met en zonder zorgvraag er kunnen wonen. In onze kernen leven jong en oud samen, kennen en helpen inwoners elkaar, krijgen zorgbehoevenden en mantelzorgers de ondersteuning die zij nodig hebben en zijn voorzieningen toegankelijk en beschikbaar. Iedereen kan meedoen.
3.1 Opgave 1: Voorzieningen, gezamenlijke sociale inzet Een sterke sociale basis in iedere kern of wijk, dat is ons streven. Binnen die sociale basis vallen alle basisvoorzieningen (op het gebied van ontmoeting, onderwijs, opvoeding, werk, gezondheid, wonen, bewegen, cultuur en veiligheid, vervoer), die vanuit alle kernen of wijken bereikbaar zijn voor onze inwoners. Niet alleen de meer professionele onderdelen in de sociale basis gaan we versterken, maar juist het naar elkaar omkijken door inwoners onderling willen we ontsluiten. Community building (ook wel samenlevingsopbouw) werkt preventief, het maakt dat mensen eigenaarschap ervaren over wat er in de buurt speelt en wie er bijvoorbeeld extra zorg nodig heeft. Doordat wij dit versterken ziet men niet alleen een lastig iemand, maar ook iemand die het lastig heeft. Inwoners zijn zich bewust van mogelijk ‘ander gedrag’ en zien naar elkaar om. Nuenen wil een dementievriendelijke en “agefriendly” gemeente zijn. De inzet op community building zal per kern worden aangevlogen. Wijkverenigingen spelen hierbij een belangrijke rol. De zorg voor ouderen zal in belangrijke mate worden geleverd door mantelzorg en onderlinge netwerkzorg (informeel). Mantelzorgers moeten vooral ontzorgd worden van administratieve lasten en regeldruk, en de ruimte om af en toe een adempauze te kunnen nemen.
Zorgaanbieders constateren een groeiende behoefte aan plekken waar ouderen met een zorgvraag tijdelijk kunnen verblijven, om zo hun mantelzorgers op adem te laten komen (respijtzorg). Ook respijtzorg aan huis (vervangende mantelzorg) is een manier om aan deze behoefte tegemoet te komen.
3.2 Opgave 2. Ontwikkeling gemengde woonconcepten Door de ontwikkeling van gemengde woonconcepten – concepten waarin een divers palet aan bewoners met verschillende achtergronden terecht kan en samenlevingsopbouw expliciet wordt bevorderd – zorgen we voor voldoende draagkracht in de wijk. Binnen gemengde woonconcepten is de balans tussen het aantal mensen met en zonder zorgvraag belangrijk (oud en jong). Ook het combineren van wonen voor ouderen en kinderopvang kan tot de mogelijkheden behoren (zoals in het gebouw van Archipel). Uiteraard letten we op het karakter van een gebied. De aanwezige kwaliteiten willen we juist benutten en de draaglast spreiden naar vermogen. In dit verband zien wij mantelzorgwoningen op daarvoor geëigende percelen als goede voorbeelden van gemengde woonconcepten, maar ook inclusieve woonvormen waar allerlei doelgroepen samenwonen en voor elkaar en voor het complex dingen doen. Daarbij is essentieel dat wij “mensen die anders zijn” als gelijkwaardige medeburgers beschouwen en behandelen, vanuit het perspectief van één samenleving.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
15
3.3 Opgave 3: Uitnodigende woonomgeving Een inclusieve wijk heeft een goed ingerichte leefomgeving die een veilige ontmoeting, mobiliteit en de mentale en fysieke gezondheid positief beïnvloeden. We vragen de maatschappelijke organisaties en inwoners welke maatregelen er nodig zijn in de openbare en gebouwde omgeving voor het verbeteren van de toegankelijkheid en leefbaarheid. Denk hierbij aan rustplekken, bomen en groen (hittestress), openbare toiletten, verlichting en herkenningspunten, maar ook aan nabijheid van voorzieningen, recreatie, moestuinen, vervoer en ontmoetingsplekken voor inwoners met een lagere mobiliteit. We richten de woonomgeving in naar de behoefte van de inwoners, met oog voor veiligheid en beschutting.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
16
4 Thema 3: Passende ondersteuning en zorg Ambitie We leveren zorg zoveel mogelijk zelfstandig thuis en op de plek waar inwoners sociale binding mee hebben. Verder zetten we stevig in op preventie om de zorgvraag van inwoners zoveel mogelijk uit te stellen. Dit verbetert de kwaliteit van leven en voorkomt de vraag van intensieve (zware) zorg zoveel mogelijk. Community building biedt een basis voor preventie. Samen werken we aan een gemengde samenleving waarin alle mensen naast én met elkaar wonen en leven. Daarnaast zetten we ons in om de veerkracht van mensen in Nuenen te vergroten. Onze inwoners wonen in een omgeving waar men naar elkaar omkijkt (cohesie), tegenslag kan verwerken, zichzelf herstelt en ontwikkelt. Lukt het niet om elkaar te helpen, dan staat professionele hulp klaar.
4.1 Opgave 1: Bevorderen eigen kracht en omzien naar elkaar Wij willen zoveel mogelijk stimuleren dat mensen de regie hebben over hun leven. Daarbij is het belangrijk om verder te kijken: gezondheid gaat om meer dan om ‘niet-ziek zijn’. We gaan uit van de positieve gezondheidsbenadering: ‘wat kan wél’. Daarbij gaat de aandacht uit naar onder meer mentaal welbevinden, zingeving, en sociaal en maatschappelijk ‘meedoen’. Het realiseren van gemixte kernen en wijken – waar jong en oud, ‘zorgvragers’ en ‘zorgdragers’ elkaar ontmoeten en naar elkaar omzien, draagt bij aan ieders welzijn en gezondheid. Het meer en meer omzien naar elkaar is ook van groot belang omdat in de toekomst naar verwachting de mogelijkheden van professionele hulp verminderen vanwege het gebrek aan personeel en middelen. Dit leidt tot een steeds groter beroep op en belasting van mantelzorgers. Een goede informatievoorziening over de mogelijkheden tot ontlasting van mantelzorg (respijtzorg) is dan ook steeds meer nodig.
4.2 Opgave 2: Omgaan met spreiding en clustering zorgvragers Om beter zicht te krijgen op de toekomstige opgaven is het van belang om in kaart te brengen waar huidige en toekomstige zorgvragers wonen. Door de spreiding of concentratie van de woonplekken in beeld te hebben, kan richting gegeven worden aan de inzet van zowel vrijwilligers als aan professionele instellingen. Wij streven naar gebiedsafspraken tussen betrokken partijen teneinde zo gericht en efficiënt mogelijke ondersteuning en zorg te kunnen bieden en voor alle wijken en kernen dekkende ambulante zorg te kunnen garanderen. Dat geldt zowel voor bestaande als nieuwe situaties. Om te realiseren dat niemand direct hoeft te verhuizen bij een (kleine) verandering in de zorgvraag, is flexibele op- en afschaalbare zorg noodzakelijk. Kwetsbare inwoners die zorg nodig hebben, krijgen zoveel als mogelijk begeleiding op maat. Vanuit hun eigen kerncompetenties verwachten we dat de gemeente, de woningcorporaties en de zorgpartijen hun verantwoordelijkheid nemen om zo bij te dragen aan passende dienstverlening, zorg en begeleiding. Samen onderzoeken we op welke manier een zorgvraag het beste kan worden opgelost. Afhankelijk van de specifieke zorgvraag wordt bepaald of 24-uursbereikbaarheid/beschikbaarheid bij zorg aan huis (ambulante zorg) nodig is.
Gemeente en zorgaanbieders onderzoeken hoe we thuiszorg het meest efficiënt kunnen inrichten. Door de uitdagingen op de arbeidsmarkt (tekort zorgpersoneel) is het nodig dat er geschikte woningen (geclusterd) zijn waar efficiënt (digitale) zorg georganiseerd kan worden, om zodoende de zorg toegankelijk te houden voor alle inwoners die dat nodig hebben. We zetten in op technologische middelen (zie opgave 4) die het langer zelfstandig wonen mogelijk maken en ontlastend zijn voor de (informele) zorg.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
17
4.3 Opgave 3: Inzet van technologie De inzet van technologie is een waardevol instrument dat kan bijdragen aan zelfstandig wonen. Het kan mensen helpen om zo lang mogelijk de eigen regie te behouden. Bij de inzet van technologie kan gedacht worden aan valdetectie, beeldbellen, de inzet van zorgrobots en automatische medicijndispensers. Deze technologieën zijn echter niet goedkoop. Het is belangrijk dat deze technologieën goed worden gebruikt door mensen die zorg ontvangen en worden ingesteld door zorgverleners. Op deze manier zullen de ervaringen met technologische instrumenten goed zijn, wat bijdraagt aan de bredere inzet. Wanneer zorginstellingen met elkaar afstemmen welke technologieën ze de komende jaren toe willen passen, kan personeel efficiënt worden getraind. Ook wordt afstemming gezocht met de woningcorporaties zodat deze bij de renovatie en/of bouw van woningen voor de juiste randvoorwaarden zorgen (zoals wifi). De toegepaste technologie is dan makkelijk te verwisselen en niet afhankelijk van het complex. Deze opgave gaat vooral over het bewust zijn van de mogelijkheden. Kan er bij de nieuwbouw of verbouw gebruik gemaakt worden van de laatste technieken, dan scheelt dat later als er op individueel niveau moet worden aangepast. Echter is niet alles nu mogelijk en weten we niet wat er in de toekomst nog allemaal wordt uitgevonden. Het vergt voor nu vooral een open blik.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
18
5 Thema 4: Samenwerking voor en met inwoners Ambitie Binnen onze ambities werken we als partners integraal samen op alle leefgebieden. De uitdaging hierbij is om zo breed mogelijk samen te werken met alle relevante partijen, inclusief de bewoners zelf. Wij zetten inwoners zo veel mogelijk zelf aan het roer voor hun behoefte aan wonen, welzijn en zorg en faciliteren dat door een goede samenwerkingsstructuur, waarmee realisatie van doelen en acties worden gewaarborgd. Door ons te concentreren op alle leefgebieden gaan we multiproblematiek terugdringen en wordt preventie bevorderd.
5.1 Opgave 1: Domeinoverstijgende structurele samenwerking Om de opgave voor Nuenen de komende jaren aan te pakken is intensieve samenwerking tussen alle partijen nodig. Ook bewoners zullen meer aan de voorkant moeten worden betrokken. Om daadwerkelijk tot uitvoering te komen is een meer gestructureerde programmatische aanpak nodig tussen zorgpartijen, zorgkantoor, de gemeente, welzijnsorganisaties, woningcorporaties en bewoners. De gemeente kan hier als verbindende partij een belangrijke rol spelen. Dit kan bijvoorbeeld door met zorg- en welzijnspartijen jaarlijks prestatieafspraken te maken op basis van het uitvoeringsplan. Ook is het van belang een gezamenlijke overlegstructuur op te zetten waarin wordt besproken welke stappen we samen moeten nemen om de opgaven voor elkaar te krijgen en wat we nodig hebben (van elkaar). Ook moet duidelijk zijn waar professionals (zoals wijkteams) met hun opgehaalde input terecht kunnen zodat dit op bestuurlijk niveau opgepakt kan worden. Naast een programmatische aanpak kan de samenwerking tussen partijen in meer informele zin ook betrekking hebben op de informatie-uitwisseling (bijvoorbeeld over inspirerende voorbeelden).
5.2 Opgave 2: Preventie/vroegsignalering/Wet DOS Wij zijn van oordeel dat de inzet op preventie/vroegsignalering met prioriteit moet worden opgepakt. Het gaat hier om preventie/vroegsignalering in de brede zin die voorkomt dat mensen problemen krijgen of dat mensen met een verhoogd risico op een zorg- en/of ondersteuningsvraag, deze vraag zo lang mogelijk uit kunnen stellen. De brede samenleving profiteert hier van. Preventieve maatregelen vragen grotendeels om een investering aan de voorkant waardoor in de toekomst bespaard kan worden op kosten die niet gemaakt hoeven te worden. De inzet op preventie/vroegsignalering kan op verschillende manieren. Het belang van een integrale toegang voor alle inwoners voor zorg, ondersteuning en advies via één loket wint steeds meer terrein. Inwoners, instellingen en bedrijven kunnen daar terecht met al hun vragen over opvoeding, hulp, zorg en (financiële en maatschappelijke) ondersteuning. Wij willen nagaan in hoeverre een dergelijke toegang ook in Nuenen gestalte moet krijgen. Met het inzetten van inwoners via wijkverenigingen hoopt de gemeente inwoners met een initiatief of vraag beter te kunnen ondersteunen. Wijkverenigingen en wijkbewoners zijn de ogen en oren van de wijk om (vroegtijdig) signalen op te pikken en mogelijke problemen te voorkomen.
In ons ideaalbeeld werken alle partijen zoals schuldhulpverlening, woningcorporaties, welzijnsinstellingen (sociaal makelaar), inwoners en sleutelfiguren uit de wijk gecoördineerd samen in een gebiedsgerichte aanpak.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
19
Daarnaast kan samenwerking tussen verschillende partijen ertoe leiden dat preventieve maatregelen waar de brede samenleving van profiteert vaker worden gerealiseerd. Bijvoorbeeld als het gaat om ontmoetingsruimten: waar corporaties de ruimte kunnen faciliteren, kunnen zorg- en welzijnspartijen zich richten op de invulling. De afspraken over het exploiteren van deze ruimten moeten goed worden vastgelegd. Vanuit de Wlz (Wet langdurige zorg) kan het zorgkantoor dit niet bekostigen. Per 1.1.2024 is de Wet Domeinoverstijgende Samenwerking (DOS) in werking getreden 7. Deze wet maakt het rechtmatig investeren in preventieve maatregelen door zorgkantoren van uit de Wet Langdurige zorg (Wlz) onder voorwaarden mogelijk. Voorbeelden hiervan zijn de inzet van een (zorg)arrangeur, aan wie onder meer gemeente en zorgverzekeraar mandaat geven om zowel voor de zorgverzekeringswet (wijkverpleging) als de wet maatschappelijke ondersteuning te kunnen optreden, het geven van hulp aan inwoners met dementie niet alleen van de medische zorg maar ook vanuit het (psycho-)sociale domein, het verstrekken van één pakket van ondersteuning en zorg voor ouderen die in hun eigen (aanleun)woningen wonen met gebruik van faciliteiten van een nabijgelegen verpleeghuis (PlusWonen).
Ter toelichting Gemeenten, zorgkantoren en zorgverzekeraars zijn opdrachtgever, gesprekspartner en financier in het stelsel van (langdurige) zorg en ondersteuning en zijn meer dan ooit op elkaar aangewezen. Door de hervormingen in de langdurige zorg is de ouderenzorg namelijk opgeknipt in drie domeinen (WMO, Wlz, ZVW) waardoor de partijen moeten samenwerken om te borgen dat de zorg zo goed mogelijk aansluit op de behoeften van de cliënt. Om goede gezondheid voor zoveel mogelijk burgers te kunnen waarborgen en de zorg betaalbaar te houden, is het dus logisch dat gemeenten, zorgkantoren en zorgverzekeraars elkaar in de regio op bepaalde inhoudelijke thema’s opzoeken en samenwerken. Vanzelfsprekend worden de overige stakeholders in deze samenwerking betrokken. Door in te zetten op preventie kan veel (duurdere) zorg voorkomen worden. Maar die inzet is niet altijd vanzelfsprekend, omdat de kosten van preventieve activiteiten vaak in het ene domein vallen en de baten in het andere. Zo zijn de kosten voor gezamenlijke initiatieven voor preventieve maatregelen vaak voor rekening van de gemeenten en de zorgverzekeraar, terwijl de zorgkantoren ook financieel gebaat zijn bij de resultaten van dergelijke initiatieven, doordat zwaardere en/of duurdere zorg voorkomen kan worden.
7 Voor 2023 is vooruitlopende op de Wet DOS een zogenoemde “specifieke uitkering domeinoverstijgend samenwerken” ontwikkeld
(SPUK-DOS).
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
20
6 Het vervolg Hoe gaat de gemeente Nuenen de ambitie uit de visie realiseren? • De gemeente zorgt voor interne afstemming binnen de verschillende gemeentelijke domeinen, zodat een heldere boodschap naar buiten gaat richting de overige partijen zoals zorgaanbieders, zorgkantoor, woningcorporaties en inwoners. • Gemeente is verantwoordelijk voor de zorg van haar inwoners, en draagt zorg voor reguliere overleggen tussen alle partijen en zorgt voor integrale afstemming (denk aan prestatieafspraken met de woningbouwcorporaties) rond investeringen en in zorg en vastgoed. Samen met elkaar – gemeente, zorgaanbieders, zorgkantoor, woningcorporaties, welzijnspartijen, vastgoedontwikkelaars en inwoners – realiseren we de ambitie uit de visie. • Gemeente stimuleert inwoners om met eigen ideeën te komen. Deze visie op wonen, welzijn en zorg geeft aan wat ‘wij’ als gemeente en ketenpartners willen doen. Voor de uitwerking van onze ambities en om onze gestelde doelstellingen te behalen, is co-creatie de sleutel tot succes. Geen van de partijen kan de gestelde doelstellingen zelfstandig behalen, we hebben elkaar nodig. Samen met onze partners maken wij afspraken over de verdere samenwerking, en werken wij de aanpak van de opgaven verder uit. Het gaat om een integrale aanpak door te denken en handelen vanuit de leefwereld, in plaats vanuit beleid, regelgeving en financiering.
Voor de verdere uitwerking worden bijeenkomsten georganiseerd met de betrokken partners, die op hun beurt hebben aangegeven graag samen invulling aan de uitvoering te willen geven. De uitwerking wordt vastgelegd in een uitvoeringsprogramma en uitvoeringsafspraken, dat als aanvulling dient op deze visie. In het uitvoeringsprogramma formuleren we een concrete aanpak van de opgaven, met acties die specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden (SMART) zijn. Het gaat hierbij om acties op het gebied van wonen, welzijn en zorg. Het uitvoeringsprogramma nemen we vervolgens mee in de jaarlijkse prestatieafspraken met de woningcorporaties. Jaarlijks evalueren we de gemaakte afspraken en zorgen dat de verbeterpunten worden opgenomen in de nieuwe jaarschijf afspraken. We bekijken ook de mogelijkheden om met andere partners, zoals zorgaanbieders en vastgoedontwikkelaars uitvoeringsafspraken te maken op wonen, zorg en welzijn. Het maken van brede prestatie- en uitvoeringsafspraken past in de integrale benadering van deze visie.
820.105 | Visie op wonen, welzijn en zorg
21