5b. PlatOO - Begroting 2023
Tekst van het document
Begroting 2023 “Een begroting met lef !”
30 november 2022
Inhoudsopgave
1.
Samenvatting begroting 2023 ........................................................................................ 3
2.
Financiële uitgangspunten begroting 2023 ....................................................................... 4
3.
Majeure beleidsthema’s in 2023 ..................................................................................... 8
4.
Meerjarenperspectief 2023-2025 ................................................................................... 12
5.
Financiële positie ......................................................................................................... 14
2
1.
Samenvatting begroting 2023
Begroting 2022
Prognose 2022
Begroting 2023
dd 17 nov
Baten Rijksbijdragen OCW Overige overheidsbijdragen en -subsidies Overige baten Totaal baten Lasten Personele lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige Instellingslasten Totaal lasten Saldo baten en lasten Financiële baten en lasten Financiële baten Financiële lasten Saldo financiële baten en lasten
Resultaat
21.499.000 87.000 410.000 21.996.000
24.112.000 201.000 435.000 24.748.000
23.587.000 61.000 431.000 24.079.000
18.563.000 699.000 1.636.000 1.728.000 22.626.000
19.373.000 569.000 1.642.000 1.529.000 23.113.000
20.384.000 620.000 1.708.000 1.671.000 24.383.000
-630.000
1.635.000
-304.000
9.000 24.000 -15.000
9.000 29.000 -20.000
4.000 10.000 -6.000
-645.000
1.615.000
-310.000
Bestemming van resultaat : Uit algemene reserve Naar algemene reserve
NB :
645.000
-310.000 1.615.000
PlatOO heeft besloten om een surplus in de reserves in te zetten in de schooljaren 2023-2024 en 2024-2025 om daarmee zoveel mogelijk kwalitatief hoogwaardig personeel te behouden. Doel : voorkoming personeelstekorten op een krappe arbeidsmarkt, kunnen bieden van goed onderwijs in tijden van hoge werkdruk en van opgelopen corona achterstanden.
3
2.
Financiële uitgangspunten begroting 2023
Het algemene uitgangspunt voor het financieel beleid van PlatOO is het scheppen van voorwaarden voor een optimaal onderwijsproces. De algemene doelstelling is de instandhouding van een gezonde financiële positie waarmee de continuïteit van de scholen kan worden gewaarborgd. Sturen op kengetallen PlatOO stuurt op belangrijke beleidsterreinen op basis van kengetallen, die met signaleringswaarden of met doelstellingen zijn vermeld in het strategisch beleidsplan, in het meerjarig formatiebeleid en in het financieel beleid. Dit wordt vertaald in de inzet van de beschikbare middelen en de gewenste hoogte van de algemene reserve. De gerealiseerde kengetallen worden jaarlijks opgenomen in het jaarverslag van PlatOO. Deze worden aansluitend geëvalueerd als uitgangspunt voor de op te stellen meerjarenbegroting voor het volgende jaar om op koers te blijven. Het streven van PlatOO is om investeringen te allen tijde met eigen vermogen te kunnen financieren. De huidige financiële streefwaarden zijn in 2021 vastgesteld op basis van een uitgebreide risico- en vermogensanalyse die PlatOO in voorjaar 2021 heeft laten uitvoeren. Voor de komende planperiode sluiten deze streefwaarden aan op de actuele signaleringswaarden van het financiële toetsingskader van het ministerie van OCW.
waarde ultimo 2021 streefwaarde PlatOO 2023 Kengetallen vermogensbeheer Bufferliquiditeit
14%
Reservepositie (ratio voor mogelijk bovenmatig eigen vermogen)
1,22
minimaal 5,6% 1,0
Solvabiliteit 2
79%
hoger dan 30%
Liquiditeit
3,1
hoger dan 0,75
Rentabiliteit
5,9%
0%
23,0%
hoger dan 5%
Huisvestingsratio
7,7%
lager dan 10%
Personeelsratio (personele lasten / rijksbaten)
78,8%
85%
Kengetallen budgetbeheer
Kengetal weerstandsvermogen W eerstandsvermogen onderw ijs (definitie onderwijsinspectie) Kengetallen exploitatie
Toelichting per kengetal 1. Bufferliquiditeit Binnen het eigen vermogen geeft de bufferliquiditeit aan hoeveel er gereserveerd moet worden voor onvoorziene risico’s. Door de onderwijsinspectie wordt niet meer op dit kengetal getoetst, maar de bufferliquiditeit wordt nog wel regelmatig toegepast, waarbij het ministerie van OCW rekent met een minimale buffer van 5% voor grote organisaties, bijvoorbeeld voor het bepalen van mogelijk bovenmatig eigen vermogen. 2. Reservepositie (ratio voor mogelijk bovenmatig eigen vermogen) Hoeveel eigen vermogen heeft een onderwijsinstelling redelijkerwijs nodig voor een gezonde bedrijfsvoering (om bezittingen te financieren en risico’s op te vangen) en wanneer is het mogelijk teveel? Om daar een indicatie voor te hebben hanteert de onderwijsinspectie vanaf 2020 de “signaleringswaarde voor mogelijk bovenmatig eigen vermogen”. Als de ratio hoger is dan 1,0 dan is er sprake van mogelijk te hoog eigen vermogen en is dat voor de inspectie startpunt voor een gesprek over de reserves en de onderbouwing van de organisatie.
4
3. Solvabiliteit 2 Dit balanskengetal geeft de verhouding weer tussen eigen en vreemd vermogen en geeft aan in hoeverre PlatOO in staat is om binnen een redelijke termijn alle schulden terug te betalen. Het ministerie van OCW hanteert een solvabiliteit van minimaal 30%. 4. Liquiditeit Dit kengetal geeft aan in hoeverre PlatOO in staat is om op korte termijn alle kortlopende schulden terug te betalen zonder inventaris te moeten verkopen of een lening af te sluiten. De signaleringswaarde van het ministerie van OCW ligt bij kleiner dan 0,75. 5. Rentabiliteit Het exploitatiekengetal rentabiliteit geeft aan in hoeverre de inkomsten en de uitgaven in evenwicht zijn. De onderwijsinspectie toetst hierbij op de volgende resultaten : Gemiddeld over 3 jaren een dekkend exploitatieresultaat Laatste 2 jaren per jaar een tekort van maximaal -5% Laatste jaar een tekort van maximaal -10% 6. a Weerstandsvermogen onderwijs (definitie onderwijsinspectie) Dit kengetal wordt door de onderwijsinspectie gehanteerd om te bepalen hoeveel eigen vermogen een organisatie zou moeten hebben en is dus iets breder dan punt 1. Bufferliquiditeit. Definitie : eigen vermogen / totale baten * 100% .
Ook het weerstandsvermogen geeft aan of PlatOO in staat is om niet-voorziene maar wel tot de reguliere bedrijfsvoering behorende risico’s op te vangen, zoals bijvoorbeeld een plotselinge leerlingendaling, arbeidsconflict of een onverwacht hoog ziekteverzuim. De onderwijsinspectie hanteert een weerstandsvermogen van minimaal 5%. b Weerstandsvermogen PO Deze smallere definitie van het weerstandsvermogen in het primair onderwijs is onlangs uit het toetsingskader van het ministerie van OCW gehaald. Definitie : (eigen vermogen -/- boekwaarde materiele vaste activa) / rijksbaten * 100% . PlatOO heeft geen nieuwe streefwaarde voor deze definitie vastgesteld. 7. Huisvestingsratio Deze ratio wordt door het ministerie van OCW gehanteerd om te kunnen beoordelen of de huisvestingsuitgaven niet een te groot deel van de totale uitgaven innemen, waardoor er te weinig geld overblijft voor onderwijs. Daarbij wordt getoetst op een maximale grens van 10% van de totale uitgaven. 8. Personeelsratio (personele lasten / rijksbaten) De rijksbekostiging gaat op dit moment uit van 85% voor personele kosten en 15% voor de overige uitgaven. Omdat PlatOO weinig overige inkomsten heeft (van gemeenten en andere instellingen) is de streefwaarde van PlatOO op 85% gesteld om zoveel mogelijk middelen aan personeel te besteden zonder in toekomstige financiële problemen te komen door te hoge verplichtingen.
Verandering van de kengetallen door de overgang op kalenderjaarbekostiging Op 1 januari 2023 gaat het ministerie van OCW in het primair onderwijs over van schooljaarbekostiging naar kalenderjaarbekostiging. In de schooljaarbekostiging wordt een afwijkend betaalritme gehanteerd waarbij van augustus tot en met december iets minder dan gemiddeld wordt ontvangen en van januari tot en met juli iets meer dan gemiddeld. Omdat het ministerie daarmee op 31 december een verplichting heeft, staat er bij alle besturen jaarlijks een “vordering op OCW” op de balans. Deze vordering moet ultimo 2022 worden afgeboekt. Bij PlatOO gaat het na de cao-verhoging in 2022 om ongeveer 1 miljoen euro. Voor alle besturen in Nederland heeft deze afboeking een verlaging van de balanswaarde tot gevolg en een daling van diverse kengetallen. Op pagina 13 en 14 zijn de getallen die door de afboeking worden beïnvloed weergegeven met een kleur. De hoogte van de liquide middelen blijft vanzelfsprekend gelijk zoals is te zien in de laatste tabel.
5
Verandering van de balans door de toekomstige wijziging in opbouw Voorziening Onderhoud Voor 2024 is een stelselwijziging aangekondigd voor de opbouw van de Voorziening voor groot onderhoud. De richtlijnen en afspraken van het ministerie van OCW zijn nog in ontwikkeling en lopen al enige jaren vertraging op. Het is daardoor nog niet mogelijk om een (pro forma) begroting volgens deze nieuwe methode op te stellen. Volgens de laatste berichten zou het kunnen zijn dat er voortaan veel moet worden geinvesteerd en afgeschreven en weinig achterblijft in een voorziening. Als dat zo is, dan gaat er een verschuiving plaatsvinden van voorziening onderhoud naar algemene reserve. Uitgangspunten voor de exploitatiebegroting 2023-2025
Aantal leerlingen
1-2-2022 3.363
1-02-2023 3.342
1-02-2024 3.359
1-02-2025 3.335
De leerlingprognose van PlatOO vormt het uitgangspunt voor de meerjarenbegroting. Op 1 februari 2022 heeft PlatOO 3.363 leerlingen en in de meerjarenbegroting is een redelijk stabiel leerlingenaantal verwerkt. De rijks bekostiging is voorzichtig begroot met een groei van 1,43% in 2023 en daarna met 1% per jaar. In tegenstelling tot andere jaren is de formatiebegroting niet aangepast aan de inkomsten op basis van het leerlingenaantal : een begroting met lef! Algemene toelichting bij de meerjarenbegroting : De prognose voor het exploitatieresultaat van 2022 laat voor het tweede jaar een groot positief saldo zien. Er is 2,6 miljoen aan extra rijksbaten ontvangen waarvoor 800.000 euro extra aan personele lasten is uitgegeven. Daarnaast zijn een aantal materiele uitgaven een jaar opgeschoven, waardoor op enkele posten is overgehouden in 2022. In de baten van 2022 is de eenmalige afboeking van de vordering op OCW verwerkt. In de begroting voor 2023 tot en met 2025 zijn de inkomsten verwerkt zoals die op 28 november 2022 bekend zijn (er is nog niets bekend over de inkomsten in 2025 voor verbetering basisvaardigheden). De daling van de rijksbaten in 2023 en in 2024 is het gevolg van de daling in NPO-middelen van 700 naar 500 euro per leerling op 1 aug 2022 en van 500 euro naar 0 euro op 1 aug 2023.
Voor de begroting van de personele inzet is gekozen voor het inzetten van het surplus aan reserve in de komende jaren. Toelichting per post : Rijksbijdragen De Rijksbijdragen worden gevormd door reguliere bekostiging, tussentijdse groeibekostiging, inkomsten van de samenwerkingsverbanden en enkele kleinere inkomsten voor incidentele middelen zoals vervanging voor studieverlof, aanvullende bekostiging voor asielzoekerskinderen en zigeunerkinderen. Daarnaast valt van 1 augustus 2021 tot en met 31 juli 2023 het tijdelijke budget voor het Nationaal Programma Onderwijs onder de rijksbijdragen. De rijksbekostiging is in de meerjarenbegroting lager dan in 2022 door de volgende factoren : In 2022 is 1.999.000 euro ontvangen voor het Nationaal Programma Onderwijs Beëindiging van het Nationaal Programma Onderwijs op 1 augustus 2023 ; in 2023 wordt hiervoor 994.000 euro ontvangen Ultimo 2022 te ontvangen subsidie verbetering basisvaardigheden 462.000 euro voor 3 scholen Eind 2022 te ontvangen nabetaling samenwerkingsverband Helmond 150.000 euro De rijksbekostiging is in 2022 structureel verhoogd ter dekking van het gelijktrekken van de lonen met het voortgezet onderwijs. 6
Voor 2025 en verder is bekostiging aangekondigd voor verbetering van basisvaardigheden, digitale geletterdheid en wereldburgerschap, maar er is nog niets bekend over de hoogte daarvan. Ook is er sprake van een compensatie voor gestegen energielasten in 2023 waarvoor de details nog ontbreken. Voor 2023 en verder vervalt de tussentijdse groeibekostiging van jaarlijks minimaal 200.000 euro voor PlatOO vanwege een nieuwe berekeningsmethode door het ministerie van OCW. De budgetten van de samenwerkingsverbanden zijn opgenomen conform de meest recente meerjarenbegroting van de samenwerkingsverbanden en dalen komende beleidsperiode van 900.000 naar 400.000 euro. De grootste oorzaak van de daling is het vervallen van de onderlinge verrekening van zogenaamde TLV’s (het aantal leerlingen dat wordt verwezen naar speciaal onderwijs). Overige overheidsbijdragen De Overige overheidsbijdragen bestaan uit gemeentelijke subsidies en zijn voorzichtig meegenomen in de meerjarenbegroting, op basis van de op dit moment bekende subsidieverstrekkingen. In 2022 zijn enkele grote incidentele subsidies ontvangen: 70.000 van gemeente Nuenen voor NPO (bewegingsonderwijs) en 50.000 van gemeente Son en Breugel voor “redelijk aannemelijk” gemaakte kosten in het verleden door de Krommen Hoek voor een aanbouw.
Overige baten Onder Overige baten vallen inkomsten van cluster I instellingen, arbeidsmarkt subsidies, inkomsten uit samenwerking met derden (bijv. Kempel en Fontys), inkomsten uit detacheringsovereenkomsten en inkomsten uit verhuur. Personele lasten De personele formatie wordt normaliter aangepast aan de begroting van de bekostiging. Op 1 augustus 2023 gaat de bekostiging 1,6 miljoen omlaag door het vervallen van het budget NPO. Samen met de directeuren is besloten om het surplus aan reserve in de komende jaren in te zetten om huidig personeel te kunnen behouden, toekomstige tekorten beter het hoofd te kunnen bieden en daarmee goed onderwijs te kunnen realiseren. Het geeft ons ruimte totdat bekend wordt hoe hoog de bekostiging voor het verbeteren van basisvaardigheden in 2025 wordt. De personeelsratio die daarbij hoort (zie pag. 15) gaat hierdoor wel omhoog in de komende jaren. Afschrijvingen De afschrijvingen zijn gebaseerd op de huidige inventaris en de investeringsplannen voor de komende jaren. In 2021 is een aanbouw van De Krommen Hoek voor 92.000 gedesinvesteerd. In 2023 en 2024 staan nog enkele grote investeringen op de planning : verduurzaming door aanbrengen van ledverlichting, airco’s in de warmste lokalen, meubilair voor nieuwbouw en voor uitbreidingen en vervanging van leermethoden voor taal, schrijven en rekenen.
Huisvestingslasten De huisvestingslasten blijven stijgen, zowel voor onderhoud, schoonmaak als voor energielasten. Voor 2023 is een verhoging van 30% opgenomen voor gas en elektriciteit op advies van Energie voor Scholen. Er is nog steeds geen zicht op de gevolgen van de aangekondigde wijziging van de richtlijnen voor de opbouw van de voorziening onderhoud, die wederom is uitgesteld, ditmaal tot 1 januari 2024. Volgens de laatste indicatie zou er in de toekomst een klein deel van het onderhoud via een voorziening worden uitgevoerd en het merendeel door activeren en afschrijven. De huisvestingsratio ligt met deze begroting in de komende jaren rond de 7%. Overige instellingslasten In 2021 is flink geinvesteerd in verbruiksmaterialen en licenties voor leerlingen, waardoor er in 2022 minder is aangeschaft. In de komende jaren is meer opgenomen voor culturele vorming en excursies en voor de vernieuwing van toetsen. Saldo financiële baten en lasten Volgens de regeling Beleggen en Belenen van het ministerie van OCW mag het primair onderwijs alleen beleggen in staatsobligaties en beleggingsproducten met hoofdsomgarantie. In de meerjarenbegroting wordt er vanuit gegaan dat de portefeuille geen opbrengsten meer oplevert. Er wordt op dit moment niet herbelegd bij vrijval van een obligatie en de portefeuille loopt daarmee uit tot 2026. 7
3.
Majeure beleidsthema’s in 2023
Invloed van COVID-19 Voor de periode van 2021-2023 is door het ministerie van OCW een budget beschikbaar gesteld in het kader van een Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Alle scholen hebben in dat kader een schoolscan uitgevoerd gericht op leerontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling en ontwikkeling van de executieve vaardigheden. Veel scholen hebben ook specifiek gekeken naar de taalontwikkeling en de motorische ontwikkeling van kinderen. Op basis van die scans hebben de scholen plannen van aanpak gemaakt voor de looptijd van twee schooljaren. Deze plannen zijn verbonden met de jaarplannen van de scholen. Om voorbereid te zijn op een nieuwe opleving van COVID-19 hebben alle scholen een draaiboek gemaakt dat is besproken in de MR. Strategisch beleid PlatOO 2020-2024 In zomer 2020 is het nieuwe strategisch beleidsplan “De wereld hanteerbaar maken” vastgesteld voor de periode 2020-2024. Vanuit drie invalshoeken zijn beleidsthema’s en beleidsvoornemens verder uitgewerkt en vertaald in een meerjaren activiteitenplan.
De voorgaande beleidsthema’s (uit de periode 2016-2020) hebben op basis van evaluatie een verdieping gekregen: De leraar! Goed onderwijs! Tellen (wat hebben we gedaan/de effecten daarvan) en vertellen (hoe dragen we het uit)! De leraar: Ruimte en waardering professionals In de voorbije beleidsperiode is door PlatOO hoog ingezet op het vergroten van de professionele ruimte van de leraar. Personeelsbeleid van PlatOO is sinds 2018 versterkt door het aantrekken van een beleidsmedewerker HRM waardoor een flink aantal facetten van goed loopbaanbeleid in de steigers is gezet. Mobiliteitsbevordering, stimulering van interne expertise en onderzoeksvaardigheden en een goede afstemming met de initiële opleidingen zijn hier voorbeelden van. Daarnaast heeft PlatOO scholen gefaciliteerd in de omvorming van een centralistisch directiemodel naar een meer horizontale, team-gecentreerde werkwijze. De in het strategisch beleid voorgestane expliciete verbetercultuur in de scholen heeft als gevolg hiervan goed vorm gekregen doordat meer recht wordt gedaan aan de vele kwaliteiten die binnen teams van de scholen aanwezig zijn. De komende jaren blijven we de ingeslagen weg versterken. We waarderen het vakmanschap van de leraar en blijven hierin investeren. Daarnaast blijven we flink anticiperen op het groter wordende lerarentekort.
Het werven en behouden van goede leraren is voor de komende jaren topprioriteit. Ontmoetingen en kennisuitwisseling voor en door leraren, zowel op eigen initiatief als gecoördineerd vanuit de organisatie worden ook in 2023 gestimuleerd. Binnen PlatOO zijn leernetwerken actief onder andere rondom ICT, onderwijskwaliteit en hoogbegaafdheid. Strategisch personeelsbeleid Sinds 2018 is er specifieke aandacht voor uitwerking en implementatie van het strategisch personeelsbeleid. Innovatie van onderwijsontwikkeling en personeelsbeleid gericht op planmatige invoering en ondersteuning van het talentmanagement op de PlatOO-scholen staat centraal. Speciale aandacht zal ook in 2023 liggen op een goede inbedding van de startende medewerkers binnen PlatOO en op de vitaliteit en duurzame inzetbaarheid van de medewerkers. Ook PlatOO heeft te kampen met lerarentekort. Het binden en boeien van nieuwe en aankomende medewerkers zal in 2023 veel aandacht krijgen, zowel in beleidsontwikkeling als in praktische uitvoering. Als onderdeel van het eigentijds personeelsbeleid zal er een actualisatie plaatsvinden van het beleidsplan coaching en begeleiding. In 2022 zijn we begonnen met de voorbereidingen om bestaande kennis en expertise van collega's te delen en/of samen verder te ontwikkelingen.
Dit zal vorm krijgen in een PlatOO Plein in 2023 waar interne vraagstukken opgepakt worden door collega's met aansluitende expertise. Met als doel om collega's in te zetten op hun kwaliteiten en zo het werkplezier verder te versterken.
8
In de periode 2019-2021 is PlatOO gestart met een pilot voor zij-instromers. Dit heeft geleid tot meerdere succesvol doorlopen zij-instroomtrajecten binnen een aantal scholen. Uit de evaluatie werd duidelijk dat een zij-instroomtraject een grote investering vraagt (financieel en in menskracht) en dat het zeer belangrijk is om bij de selectie van een nieuwe zij-instromer meerdere stappen te zetten zoals het stagelopen. Dit heeft ertoe geleid dat directeuren de regie hebben op het aangaan van een zij-instroomtraject. De wens binnen PlatOO is om vanuit diverse instroomgroepen (voltijd stagiaires, deeltijd stagiaires, zij-instromers, herintreders) maatwerktrajecten vorm te geven met de opleidingspartij die aansluiten en recht doen aan de kwaliteiten van toekomstige collega's (versnellen en vertragen van studie) om hen succesvol te kunnen laten starten in het onderwijs. De extra middelen die scholen in schooljaar 21-22 en 22-23 ontvangen vanuit het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) worden gedeeltelijk ingezet voor het aantrekken van extra personeel, met name extra leraren.
Na analyse van de uitstroomcijfers van het onderwijzend personeel in de afgelopen jaren en de verwachte uitstroom van leraren door het bereiken van de AOW leeftijd de komende jaren, is besloten dat de leraren die op NPO gelden zijn aangenomen een arbeidsovereenkomst krijgen die bij goed functioneren omgezet wordt naar een overeenkomst voor onbepaalde tijd. Dit besluit hangt samen met het project Strategische Personeels Planning (SPP) dat door een interne werkgroep in samenwerking met het Participatiefonds uitgevoerd is in 2022. In de werkgroep zit een brede vertegenwoordiging vanuit de organisatie doordat er directeuren, beleidsmedewerkers, een GMR personeelslid en de bestuurder deelnemen. SPP geeft inzicht in de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte aan personeel binnen PlatOO nu en in de toekomst. SPP geeft de organisatie inzicht om beredeneerde keuzes te maken voor de toekomst om voldoende medewerkers (kwantitatief) te hebben/aan te trekken en de juiste kwaliteiten om onze onderwijsopdracht uit te kunnen voeren.
Er wordt in 2023 verder gewerkt aan een bovenschools loopbaanbeleid voor leraren met als speerpunten: Reflectie op het vak; Verbetering en implementatie van organisatiestructuur en -cultuur; Ontwikkelen van een gedegen en meervoudig opleidingsarrangement voor de (startende) leraar waarin plaats is voor scholing, intervisie, collegiale consultatie, begeleiding en presentatie. Actieve participatie in het Samen Opleiden met de twee Pabo’s in onze regio. Vergroting aantal academisch en universitair geschoolde leraren waarbij we samenwerking blijven zoeken met de Radbouduniversiteit Nijmegen. Stimulering van leidinggevende scholing voor personeelsleden. In 2023 zijn de schoolopleiders die op iedere school aanwezig zijn verenigd in een netwerk om de toekomstige ontwikkelingen op het gebied van samen opleiden verder door te ontwikkelen binnen de scholen van PlatOO in nauwe samenwerking met de pabo’s (De Kempel en Fontys). Voorts zullen we in 2023 voortborduren op de bestaande en nieuwe HRM-tools met inachtneming van de te verwachte nieuwe CAO en blijven we ons richten op stimulering en ondersteuning van een expliciete verbetercultuur op de scholen zoals vermeld in ons Strategisch Beleidsplan.
Specifieke aandacht voor de dialoog tussen de medewerkers van PlatOO, het implementeren van de expertpool (inmiddels omgedoopt tot PlatOOplein) conform het ontwikkelde beleid en het uitwisselen van kennis voor en door leraren. In 2021 hebben we onze visie op vitaliteit en duurzame inzetbaarheid voor medewerkers geformuleerd en zijn we gaan werken volgens de principes van het gedragsmodel. In 2022 hebben we de afspraken geborgd en dit zal ook in 2023 de nodige aandacht vragen. PlatOO wil zich steeds breder richten op het welzijn van alle collega's in plaats van specifiek op preventie of curatief verzuim. Goed onderwijs: Persoonlijke aandacht voor het kind en in dialoog met de wereld De scholen van PlatOO zijn van oudsher gefocust op de brede ontwikkeling van kinderen. Voor die brede ontwikkeling van kinderen is een stevige kennisbasis cruciaal. De PlatOO-scholen hebben verschillende visies op cognitieve ontwikkeling van kinderen, maar we vinden allemaal dat goed onderwijs alleen mogelijk is met persoonlijke aandacht voor en in relatie met het lerende kind.
9
Agenderen van grote maatschappelijke thema’s PlatOO wil de discussie over het curriculum in de school trekken en minder afhankelijk maken van landelijke ontwikkelingen en trends die worden bepaald door externen. We willen hiermee bereiken dat scholen zich meer bewust worden van hun eigen curriculum zodat zij de mogelijkheid benutten om zelf sturing te geven aan de inhoud ervan. Het lesprogramma zal dan meer schooleigen worden. Dit vergroot de onderwijskwaliteit omdat het onderwijs dan nauw aansluit bij de visie van de school en de sociale context. Passend onderwijs in perspectief Evaluatie van het onderwijs aan excellente leerlingen in 2020 geeft nieuwe inzichten wat betreft transfer van PlatOOklas naar het dagelijks vormgeven van onderwijs aan deze doelgroep leerlingen. Verbinding met het geheel van ontwikkelingen passend onderwijs en een brede inzet van expertise op maat staat hierbij centraal. PlatOO-scholen innoveren en leren met elkaar om de verdere ontwikkeling van onderwijs in een rijke leeromgeving mogelijk te maken. Iedere school heeft vanuit de eigen visie en missie een maatwerkplan gemaakt in afstemming met de excellentiebrigade over hoe er wordt gewerkt. Ook in 2023 vindt uitvoering van de gemaakte plannen plaats. Ook vindt in 2023 een evaluatie plaats van de ingezette koers.
In het verlengde van de landelijke evaluatie passend onderwijs heeft in 2022 evaluatie passend onderwijs binnen PlatOO plaatsgevonden vanuit de kernwaarde ‘Iedereen is welkom’. Uitkomsten ondersteunen het toegroeien naar kansrijk onderwijs voor alle kinderen, met aandacht voor meer inclusiviteit zoals ook vanuit landelijke ontwikkelingen wordt gestimuleerd. Hierbij wordt afgestemd op de nieuwe ondersteuningsplannen (2022-2026) van de samenwerkingsverbanden. Daarbij is ook aandacht voor de betaalbaarheid van de plannen. Alle scholen hebben weer een actueel schoolondersteuningsplan (SOP). Onderwijs en ICT PlatOO wil beredeneerd investeren in de ontwikkeling van ICT en onderwijs op haar scholen. De kernvraag daarbij is: Hoe versterkt, verbetert en vernieuwt ICT het onderwijs op onze scholen? Waarbij ICT primair is gericht op verbinding tussen leerling, leerstof en leraar. Opgedane ervaringen in de periode van onderwijs op afstand worden meegenomen in ontwikkel- en verbeteractiviteiten. In nauwe samenspraak met het bovenschools ICT-team (projectleider, directeur en twee leraren) is stichting PlatOO in 2022 overgestapt naar een centrale tenant en gemigreerd naar MS365. PlatOO ontzorgt, faciliteert en ondersteunt de scholen zowel technisch als inhoudelijk om ICT te integreren in het onderwijs, passend bij de visie en fase waarin zij zich bevinden.
Daarnaast kunnen en willen scholen elkaar ook helpen. Het LNW ICT speelt hier een actieve rol in. Daarmee wordt samenwerking en kennisdeling tussen scholen eenvoudiger. In 2023 staat digitale geletterdheid centraal in scholing. Tellen en vertellen! De essentie van een permanente verbetercultuur. De afgelopen beleidsperiode heeft PlatOO veel geïnvesteerd in optimalisatie van bedrijfsvoering en interne verantwoording. Het bedrijfsonderdeel ‘Human Resource’ (HR) heeft bovenschools steviger vorm gekregen en door de organisatie-inrichting van scholenteams en expertteams is de professionele dialoog tussen directeuren goed op gang gebracht. Directeuren van scholen werken niet alleen nauwer samen binnen een compact scholenteam, zij pakken tevens een inhoudelijk aandeel in de expertteams en daarmee in het bovenschools beleid. De expertteams die op diverse terreinen van de bedrijfsvoering actief zijn, worden gecoördineerd door de beleidsmedewerkers. Het is de bedoeling dat deze nieuwe organisatiestructuur in dienst komt te staan van de -ook op dit niveau gewenste- vergroting van de professionele ruimte. We willen alle medewerkers optimaal in hun kracht zetten. De onderlinge samenwerkingsrelaties, leiderschapsstijl, bedrijfsprocessen en organisatiestructuur zijn dienend hieraan.
Op deze manier willen we binnen PlatOO met elkaar een permanente verbetercultuur ontwikkelen en deze ook vasthouden met elkaar. Een cultuur waarbinnen wij graag verantwoording afleggen door cijfers te verbinden met het verhaal erachter. We willen zicht hebben op opbrengsten en successen delen en vieren. Vanuit dit gegeven zijn onderstaande beleidsvoornemens specifiek uitgewerkt HR positioneren als motor van de organisatie. Robuust maken van de nieuwe organisatiestructuur door scherpe formulering van 10
de functie van diverse gremia en bijbehorende taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Rendementsmetingen op bovenschoolse arrangementen.
Kwaliteitscyclus De opbrengst van de tweedaagse Kwaliteit in 2021 is in 2022 vertaald naar een uitwerking van de kwaliteitszorgcyclus van PlatOO. Vertaling naar handelen vanuit de kwaliteitszorgcyclus en met elkaar in gesprek gaan over data krijgt een verdere verdieping in 2023. Uitwerking van data in de vorm van een ontwikkelkaart (nu nog werktitel) als middel om met elkaar en eventueel andere stakeholders in gesprek te gaan vindt begin 2023 plaats. Onderwerpen die hierbij naar voren komen zijn de opbrengsten, de monitoring sociale veiligheid en tevredenheid. Hiermee geven we vorm aan horizontale en verticale verantwoording. Onderwijsinnovatie Op diverse fronten blijft de PlatOO-organisatie ook in 2023 actief op het terrein van onderwijsinnovatie en organisatieontwikkeling. We zijn actief betrokken bij de BrainPort ontwikkeling, een PlatOO-school heeft hierin zelfs een voortrekkersrol, en besteden veel aandacht aan scholing en ontwikkeling van Maak-onderwijs. Vanuit evaluatie kiezen we in 2023 voor een ander organisatie wat betreft onderwijsinnovatie. Activiteiten voorheen onder PlatOO Lab worden ondergebracht in PlatOO Plein.
11
4.
Meerjarenperspectief 2023-2025
Exploitatie
Begroting
Begroting
Begroting
2023
2024
2025
22.577.000
Baten Rijksbijdragen OCW
23.587.000
22.383.000
Overige overheidsbijdragen en -subsidies
61.000
61.000
61.000
Overige baten
431.000
411.000
411.000
Totaal baten
24.079.000
22.855.000
23.049.000
20.384.000
20.430.000
20.600.000
620.000
634.000
622.000
1.708.000
1.731.000
1.723.000
Lasten Personele lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige Instellingslasten Totaal lasten Saldo baten en lasten
1.671.000
1.626.000
1.611.000
24.383.000
24.421.000
24.556.000
-304.000
-1.566.000
-1.507.000
Financiële baten en lasten Financiële baten
4.000
1.000
1.000
Financiële lasten
10.000
10.000
10.000
Saldo financiële baten en lasten
-6.000
-9.000
-9.000
-310.000
-1.575.000
-1.516.000
-310.000
-1.575.000
-1.516.000
Resultaat
Bestemming van resultaat : Uit algemene reserve Naar algemene reserve
NB :
PlatOO heeft besloten om een surplus in de reserves in te zetten in de schooljaren 2023-2024 en 2024-2025 om daarmee zoveel mogelijk kwalitatief hoogwaardig personeel te behouden. Doel : voorkoming personeelstekorten op een krappe arbeidsmarkt, kunnen bieden van goed onderwijs in tijden van hoge werkdruk en van opgelopen corona achterstanden.
12
Balans
Vastgesteld
Prognose
Begroting
Begroting
Begroting
2021
2022
2023
2024
2025
Materiële vaste activa
3.107.826
3.479.000
4.046.000
4.273.000
4.012.000
Financiële vaste activa
604.986
305.000
305.000
105.000
5.000
1.418.724
400.000
400.000
400.000
400.000
(incl. afbouw vordering OCW 1.000.000 euro)
Activa
Vorderingen Effecten
153.403
300.000
0
200.000
100.000
Liquide middelen
3.539.091
5.739.000
5.054.000
3.428.000
2.341.000
Totaal Activa
8.824.030
10.223.000
9.805.000
8.406.000
6.858.000
Passiva Eigen vermogen
5.098.882
6.714.000
6.404.000
4.829.000
3.313.000
Voorzieningen
1.863.164
2.009.000
1.901.000
2.077.000
2.045.000
Langlopende schulden
186.220
0
0
0
0
Kortlopende schulden
1.675.764
1.500.000
1.500.000
1.500.000
1.500.000
Totaal Passiva
8.824.030
10.223.000
9.805.000
8.406.000
6.858.000
Balans
Vastgesteld
Prognose
Begroting
Begroting
Begroting
2021
2022
2023
2024
2025
Materiële vaste activa
3.107.826
3.479.000
4.046.000
4.273.000
4.012.000
Financiële vaste activa
604.986
305.000
305.000
105.000
5.000
1.418.724
1.400.000
1.400.000
1.400.000
1.400.000
(excl. afbouw vordering OCW 1.000.000 euro)
Activa
Vorderingen Effecten
153.403
300.000
0
200.000
100.000
Liquide middelen
3.539.091
5.739.000
5.054.000
3.428.000
2.341.000
Totaal Activa
8.824.030
11.223.000
10.805.000
9.406.000
7.858.000
Passiva Eigen vermogen
5.098.882
7.714.000
7.404.000
5.829.000
4.313.000
Voorzieningen
1.863.164
2.009.000
1.901.000
2.077.000
2.045.000
Langlopende schulden
186.220
0
0
0
0
Kortlopende schulden
1.675.764
1.500.000
1.500.000
1.500.000
1.500.000
Totaal Passiva
8.824.030
11.223.000
10.805.000
9.406.000
7.858.000
13
5.
Financiële positie
Begroting van de kengetallen incl. afboeking vordering OCW 1.000.000 euro 2021 vastgesteld
2022 prognose
2023 begroting
2024 begroting
2025 begroting
13,7% 1,22 79%
16,7% 1,44 85%
14,5% 1,23 85%
8,3% 0,90 82%
2,2% 0,65 78%
3,1 5,9%
4,3 6,5%
3,6 -1,3%
2,7 -6,9%
1,9 -6,6%
23%
27%
27%
21%
14%
7,7% 78,8%
7,1% 80,3%
7,0% 86,4%
7,1% 91,3%
7,0% 91,2%
2021 vastgesteld
2022 prognose
2023 begroting
2024 begroting
2025 begroting
13,7% 1,22 79%
20,0% 1,64 87%
18,7% 1,43 86%
12,7% 1,09 84%
6,5% 0,84 81%
3,1 5,9%
5 10,2%
4,3 -1,3%
3,4 -6,9%
2,6 -6,6%
23%
30%
31%
26%
19%
7,7% 78,8%
7,1% 77,1%
7,0% 86,4%
7,1% 91,3%
7,0% 91,2%
2021 vastgesteld
2022 prognose
2023 begroting
2024 begroting
2025 begroting
in euro's
13,7% €3.095.000
16,7% €4.141.000
14,5% € 3.499.000
8,3% € 1.903.000
€
in euro's
13,7% €3.095.000
20,0% €5.141.000
18,7% € 4.499.000
12,7% € 2.903.000
6,5% € 1.507.000
2021 vastgesteld
2022 prognose
2023 begroting
2024 begroting
2025 begroting
€4.297.000
€5.497.000
€ 4.512.000
€ 2.886.000
€ 1.599.000
Kengetallen vermogensbeheer Bufferliquiditeit Reservepositie (ratio voor mogelijk bovenmatig eigen vermogen) Solvabiliteit 2 Kengetallen budgetbeheer Liquiditeit Rentabiliteit Kengetal weerstandsvermogen Weerstandsvermogen onderwijs (definitie onderwijsinspectie) Kengetallen exploitatie Huisvestingsratio Personeelsratio (personele lasten / rijksbijdragen)
Begroting van de kengetallen excl. afboeking vordering OCW 1.000.000 euro
Kengetallen vermogensbeheer Bufferliquiditeit Reservepositie (ratio voor mogelijk bovenmatig eigen vermogen) Solvabiliteit 2 Kengetallen budgetbeheer Liquiditeit Rentabiliteit Kengetal weerstandsvermogen Weerstandsvermogen onderwijs (definitie onderwijsinspectie) Kengetallen exploitatie Huisvestingsratio Personeelsratio (personele lasten / rijksbaten)
Liquiditeitsbuffer incl. en excl. afbouw vordering OCW 1.000.000 euro
Liquiditeitsbuffer inclusief afbouw vordering OCW
Liquiditeitsbuffer exclusief afbouw vordering OCW
%
%
2,2% 507.000
Liquiditeitsbegroting
Banksaldo Obligaties/effecten Totaal liquide middelen
14