2026-09 RIB Bijlage - VerSterk Basisvaardigheden Regionaal Educatief Programma 2026-2029
Tekst van het document
Regionaal Educatief Programma 2026-2029 VerSterk in Basisvaardigheden WEB regio Zuidoost- Brabant
2
Inhoud Inleiding
3
Begrippenkader
4
Wanneer zijn we t evreden?
15
Aanleiding en context
6
Vier het succes!
7
Ambitie doelstelling 1: Meer inwoners in een kwetsbare positie bereiken
15
Waar staan we voor
11
Ambitie doelstelling 2: Versterken van netwerken
16
Wat willen we bereiken
12
Ambitie doelstelling 3: Inzicht en innovatie
16
Voor wie doen we het
13
Actielijnen en acties
13
Partners in het versterken van lage basisvaardigheden20
Focus op inwoners in een kwetsbare positie
Focus op werk en een integrale aanpak binnen het sociaal domein 13 Internationale werknemers
13
Ambities15
17
Overlegstructuur23 Financiën24
3
Inleiding Goede basisvaardigheden zijn belangrijk om mee te kunnen doen in de samenleving. Denk aan lezen, schrijven, rekenen en omgaan met computers of smartphones.
In WEB-regio Zuidoost-Brabant streven we ernaar dat álle inwoners naar vermogen mee kunnen doen. Dat zij zich zeker voelen, zelf zaken kunnen regelen en actief deel uitmaken van de samenleving.
Voor veel inwoners (in een kwetsbare positie) zijn deze vaardigheden niet vanzelfsprekend. Zij hebben moeite met het lezen van brieven van de gemeente, kunnen hun bankzaken niet goed regelen, of ervaren uitdagingen om werk te vinden of te houden. En in de -vroegeontwikkeling van een kind kunnen ouders met lage basisvaardigheden hun kind vaak minder goed ondersteunen. Bijvoorbeeld bij de taalontwikkeling of bij het begrijpen van zorginformatie.
Deze gezamenlijke aanpak is tot stand gekomen in nauwe samenwerking tussen de veertien gemeenten in de regio: Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Eersel, Eindhoven, Heeze-Leende, Nuenen, Oirschot, Reusel-De Mierden, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre.
Daarnaast werken wij binnen dit programma intensief samen met onze partners: Taalkracht (Summa College), Brainport voor Elkaar, De achthonderd/LLO Collectief , Stichting Lezen en Schrijven, de Bibliotheken in de regio en de Taalnetwerken in Best, Veldhoven, Son en Breugel, Heeze-Leende, Valkenswaard, Cranendonck, de Kempen en Eindhoven. Digitaalhuis Veldhoven Digitaalhuis de Kempen Digitaalhuis Cranendonck & Valkenswaard Taalhuis Son en Breugel Taalhuis Heeze-Leende Taalnetwerk Gemeente Best Taalnetwerk Gemeente Eindhoven
4
Begrippenkader Basisvaardigheden
op het verbeteren van Nederlandse taal, rekenen en digitale vaardigheden. Het aanbod is uitsluitend bedoeld voor volwassenen (18+) die niet inburgeringsplichtig zijn.
verklaring of ‘erkend diploma’ (zie: Formele educatie). Het niveau van de Non-formeel P educatie is gelijk aan Formele educatie volgens de daarvoor vastgestelde normen.
Formele educatie
Non-formele educatie – Vrijwillig (V)
Volwassenen die helemaal niet kunnen lezen of schrijven, of die grote moeite hebben met lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden. Dit betreft vaak Nederlands talige leerders, maar ook (analfabete) NT2-leerders. Iemand die alleen laag digitaal of laaggecijferd is, wordt niet als laaggeletterd aangemerkt.
In de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) wordt formele educatie gedefinieerd als educatie die gericht is op het vergroten van basisvaardigheden volgens vastgestelde eindtermen en die wordt afgesloten met een instellingsverklaring (‘erkend diploma’). In de praktijk gaat het doorgaans om opleidingen die zich in de school afspelen en waarbij de docent zorgdraagt voor kennisover dracht. Deelnemers kunnen ter afronding een diploma of certificaat krijgen op mbo-niveau dat door het ministerie van OCW wordt erkend.
Laagdrempelig aanbod dat begeleid wordt door vrijwilligers. Individuele taalcoaching en groepsactiviteiten in bibliotheken en Taalhuizen vallen daarmee onder non-formele educatie. In de praktijk spreken we hier eerder over activiteiten dan over ‘opleidingen’. Het betreft non-formele leeractiviteiten omdat het leren van basisvaardigheden expliciet de bedoeling is. De non-formele activiteiten die verzorgd worden door vrijwilligers, zullen over het algemeen meer in kleine stapjes werken aan delen van de eindtermen.
Volwassenenonderwijs
Non-formele educatie –
NT1 deelnemers
Binnen de volwasseneneducatie worden onder basisvaardigheden verstaan: taal-, reken- en digitale vaardigheden voor volwassenen. Met voldoende beheersing van deze vaardigheden kan iemand zich zelfstandig redden in de maatschappij en is diegene zelfredzaam.
Laaggeletterden
Alle onderwijs dat onder de reikwijdte van de WEB valt.
WEB-aanbod Het door de Wet Educatie en Beroepsonderwijs gereguleerde aanbod. Gemeenten ontvangen jaarlijks budget op basis van deze wet voor het inkopen van opleidingen en activiteiten gericht
Professioneel (P) Aanbod dat door professionals (al of niet mede ondersteund door vrijwilligers) wordt verzorgd. De aanbieder van non-formele educatie kan ervoor kiezen om ter afronding van een opleiding een bewijs van deelname uit te reiken, maar dit is dan geen instellings
Deelnemers die het Nederlands als moedertaal hebben.
NT2 deelnemers Deelnemers met een andere moedertaal.
5
Publiek-publieke samenwerking Samenwerking tussen aanbestedende diensten die kwalificeert als een Publiek-publieke samenwerking als bedoeld in art. 2.24c Aanbestedingswet 2012.
6
Aanleiding en context In Nederland hebben ruim 3 miljoen volwassenen tussen de 16 en 75 jaar moeite met basisvaardigheden zoals taal, rekenen en vaak ook digitale vaardigheden. Uit het recent gepubliceerde PIAAC-onderzoek (BasisvaardighedenInZicht dashboard Nederland) blijkt dat in de arbeidsmarktregio Zuidoost-Brabant 21% van de inwoners beschikt over lage basisvaardigheden, wat neerkomt op ongeveer 83.300 personen. Dit aandeel ligt dicht bij het landelijk gemiddelde (22%). Binnen de regio zijn er grote lokale verschillen tussen de gemeenten in het aantal inwoners met lage basisvaardigheden. Het onderzoek biedt daarnaast inzicht in de kenmerken van inwoners met beperkte basisvaardigheden, uitgesplitst naar: Werksituatie Gezinssituatie Leeftijdscategorie (16–27 jaar, 28–65 jaar en 66–75 jaar) Taalachtergrond (NT1 en NT2)
Deze gegevens vormen een belangrijk uitgangspunt voor de verdere regionale en lokale beleidsontwikkeling binnen het Regionaal Educatieve Programma.
Wettelijk kader Volgens de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) zijn gemeenten verantwoordelijk voor het organiseren van educatie voor inwoners van 18 jaar en ouder die niet inburgerings plichtig zijn. Het gaat om mensen die moeite hebben met de Nederlandse taal, rekenen of digitale vaardigheden. In de artikelen 6.1.1 tot en met 6.1.7 van de WEB staat dat gemeenten moeten zorgen voor passend aanbod. Om dit mogelijk te maken, stelt het Rijk elk jaar een specifieke uitkering beschikbaar. Met deze middelen kunnen gemeenten inwoners ondersteunen bij het verbeteren van hun basisvaardigheden, zodat zij beter kunnen meedoen in de samenleving. Om deze middelen in te kunnen zetten dient er een regionaal programma te zijn waarin de regionale doelen en aanpak zijn opgenomen.
7
Vier het succes! In dit programma bouwen we voort op wat we eerder hebben bereikt en geleerd tijdens de looptijd van het programma ‘Een integrale aanpak van laaggeletterdheid 2021–2025’ Deze ervaringen vormen een stevige basis voor de volgende fase. LLO Collectief – De achthonderd In het eerste kwartaal van 2023 is Zuidoost Brabant gestart als pilotregio voor het LLO Collectief Sterker in het Werk. Netwerkorganisatie en samenwerkingspartner De achthonderd hebben hierbij een belangrijke rol vervuld door samen met het bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties sterke coalities te ontwikkelen. Het centrale doel van de pilot is het versterken van inwoners in een kwetsbare positie, zowel in de samenleving als op de arbeidsmarkt voor werkenden en werkzoekenden. De pilotfase is afgerond en er is een nieuwe aanvraag gedaan die opschaling en verduurzaming nastreeft.
Resultaten pilotfase Deelname: meer dan 300 inwoners namen deel aan een traject (doelstelling: 200), waarvan 260 werkenden en 40 werkzoekenden. Bereik: 30% van de deelnemers heeft Nederlands als eerste taal (NT1). Dit betreft een moeilijk bereikbare, maar maatschappelijk relevante doelgroep. Effecten voor werkgevers: deelnemers laten zichtbare vooruitgang zien in communicatie, veiligheid op de werkvloer, digitale vaardigheden en zelfvertrouwen. Aanbod: modulair en flexibel, afgestemd op sectorale en inhoudelijke vraagstukken. Aanpak: een persoonlijke benadering en maatwerk blijken cruciaal om duurzame resultaten te realiseren. Conclusie De pilot laat zien dat het versterken van basisvaardigheden bij onze inwoners direct bijdraagt aan de veerkracht en ontwikkeling van organisaties. Hiermee wordt niet alleen individuele participatie bevorderd, maar ook de regionale arbeidsmarkt en samenleving als geheel versterkt.
Werkgeversaanpak Nederlands voor internationale medewerkers – Regio Zuidoost Brabant Steeds meer internationale talenten komen in de Brainport regio wonen en werken, een enorme aanwinst voor de bedrijven en economie in onze regio. We willen dat zij echt onderdeel van onze samenleving worden, zich thuis voelen, en ook een actieve bijdrage leveren aan de stad. Het leren van de Nederlandse taal is daarbij van belang. Daarom heeft de Gemeente Eindhoven in samenwerking met Holland Expat Center South en Brainport voor Elkaar afgelopen jaar de ‘Werkgeversaanpak: Nederlands voor internationale medewerkers’ opgestart om te komen tot een specifiek taalaanbod voor internationale medewerkers en hun inkomens afhankelijke partners wat zij (zoveel mogelijk) onder werktijd kunnen volgen. Dit aanbod wordt in eerste instantie bekostigd door de gemeente maar doel is dat werkgevers dit uiteindelijk zelf gaan faciliteren en bekostigen. Op dit moment zijn er meer werkgevers gestart en worden er al medewerkers geschoold in hun Nederlandse taalvaardigheden.
8
Virtual reality experience ‘Wereld zonder woorden’ – Gemeente Eindhoven Lezen en schrijven is niet even makkelijk voor iedereen. Om te ontdekken hoe je de wereld ervaart als je lezen en schrijven lastig vindt, is er nu een VR-experience genaamd ‘Wereld zonder Woorden’. Deze VR-experience is ontwikkeld door BlewScreen samen met de Bibliotheek Eindhoven en ervarings deskundigen. In deze experience word je in een situatie gezet waarin je je moet redden terwijl je niet goed kunt lezen en schrijven. Deze tool wordt door de gehele regio ingezet om bewustwording te creëren bij werkgevers en (potentiële) samenwerkingspartners. VR-experience Wereld Zonder Woorden VR-experience Wereld Zonder Woorden
Workshops & Webinars in het kader van ‘Makkelijker maken’ – Brainport voor Elkaar Brainport voor Elkaar is een vereniging van maatschappelijk betrokken werkgevers die zich inzet voor een sociaal sterke regio waarin iedereen gelijke kansen krijgt. Basisvaardigheden – zoals lezen, schrijven en digitale vaardigheden – vormen daarbij een belangrijk uitgangspunt.
Onder de pijler DigiTaalfit wordt samen met regionale partners gewerkt aan het verbeteren van deze vaardigheden en aan het vergroten van de toegankelijkheid van informatie en dienstverlening binnen organisaties die in contact staan met medewerkers en inwoners. In dit kader zijn vier workshops en webinars georganiseerd in samenwerking met taalnetwerkpartners, waarmee meer dan 120 organisaties zijn bereikt. Tijdens de Week van Lezen en Schrijven zijn twee workshops
gegeven over het belang van duidelijke taal en is gedemonstreerd hoe AI kan worden ingezet om teksten eenvoudiger te maken. In de Week van Digitaal Meedoen lag de nadruk op digitale toegankelijkheid. Daarbij is toegelicht waarom begrijpelijke websites en online middelen essentieel zijn, en zijn praktische tips gedeeld om dit – eventueel met ondersteuning van AI – direct toe te passen.
9
Voor 2026 is het voornemen om deze workshops opnieuw aan te bieden en uit te breiden met nieuwe thema’s. Hiermee wordt bijgedragen aan het vergroten van het bewustzijn binnen organisaties en aan het bredere doel om informatie en dienstverlening voor inwoners toegankelijker en begrijpelijker te maken. Workshops & Webinars in het kader van ‘Makkelijker maken’
Voor ieder kind een boek – Regio Zuidoost Brabant Een goede taalontwikkeling is essentieel voor kinderen om gezond, gelukkig en zelfredzaam op te groeien. Ouders spelen hierin een sleutelrol: ongeveer de helft van de taalontwikkeling vindt thuis plaats. Toch zijn veel ouders zich daar niet van bewust of weten ze niet goed hoe zij hun kind kunnen ondersteunen. Het project Voor ieder kind een boek ondersteunt ouders en kinderen in de regio Zuidoost-Brabant hierbij. Het project is gebaseerd op het bewezen effectieve programma Reach Out and Read. Tijdens consulten op het consultatiebureau krijgen ouders handvatten, voorbeeldgedrag en positieve feedback van artsen en verpleegkundigen.
Bij het 11-maanden consult ontvangt ieder kind het prentenboek UkkePuck. Dit boek is in zeven talen beschikbaar en ook digitaal te gebruiken. Zo worden ouders gestimuleerd om in hun moedertaal voor te lezen, wat het leren van het Nederlands ondersteunt en bijdraagt aan een rijke taalomgeving.
daarmee aan de gestelde kwaliteitseisen voor taalhuizen. Deze erkenning bevestigt de waardevolle ondersteuning die het Taalhuis biedt aan inwoners met een hulpvraag op het gebied van basisvaardigheden. De gemeente ziet dit als een versterking van het lokale aanbod.
Inmiddels zijn er ongeveer 10.000 boekjes uitgereikt. Zo krijgen steeds meer gezinnen een extra steuntje in de rug bij de taalontwikkeling. Op deze manier leggen we samen de basis voor de talentontwikkeling van kinderen in onze regio.
Lancering magazine ‘Ik wil leren’ – Heeze-Leende
– Gemeente Son en Breugel
In samenwerking met Bibliotheek Dommeldal heeft de gemeente Heeze-Leende het magazine ‘Ik wil leren’ gelanceerd. Dit magazine biedt een overzicht van cursussen, spreekuren en activiteiten voor inwoners die hun basisvaardigheden willen versterken, zoals lezen, schrijven en digitale zelfredzaamheid.
Het Taalhuis Son en Breugel heeft een landelijke certificering behaald en voldoet
Het doel is om het aanbod zichtbaar te maken, drempels te verlagen en inwoners te stimuleren
Certificering Taalhuis
10
om actief te werken aan hun persoonlijke ontwikkeling. Ook professionals kunnen het magazine gebruiken als hulpmiddel voor gerichte doorverwijzing.
Publiek-Publieke Samenwerking Volwassenenonderwijs Zuidoost-Brabant De gemeente Eindhoven is contactgemeente voor het faciliteren van het volwassenen onderwijs in het kader van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs voor de regio ZuidoostBrabant. We organiseren het volwassenen onderwijs met Summa/Taalkracht. De samenwerking met Taalkracht verloopt goed en wordt gewaardeerd. Daarom gaan we als regio, met ingang van 1 januari 2026 een Publiek publieke samenwerking aan, om deze samenwerking te continueren en te bestendigen.
Waar we trots op zijn – DigiTaalhuis Veldhoven In 2022 werd het DigiTaalhuis Veldhoven benaderd door de manager van één van de veertien huisartsenpraktijken in Veldhoven met de vraag of patiënten via het educatieve
Ger en Ria
aanbod en de spreekuren ondersteuning konden krijgen bij het gebruik van het digitale patiëntenportaal. Deze vraag vormde het startpunt van een dienstverlening die inmiddels door alle huisartsenpraktijken in Veldhoven actief onder de aandacht van patiënten wordt gebracht. De dienstverlening bestaat uit ondersteuning tijdens spreekuren, waar patiënten vragen kunnen stellen over digitale zorg. Daarnaast
worden workshops aangeboden waarin deelnemers kennismaken met drie verschillende patiëntenportalen: HIX365, MijnGezondheid.net en UwZorgOnline. Tevens worden workshops georganiseerd over het gebruik van diverse gezondheidsapps, variërend van stappentellers en medicijn wekkers tot hartritmecheckers en meditatieapps. De waardering voor deze workshops is hoog: deelnemers geven gemiddeld een rapportcijfer van 8, 6.
11
Waar staan we voor In Zuidoost-Brabant zetten gemeenten en samenwerkingspartners zich gezamenlijk in om laaggeletterdheid te voorkomen en te verminderen. Door structureel te investeren in basisvaardigheden – lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden – bevorderen we kansengelijkheid en talentontwikkeling. Dit vergroot de zelfredzaamheid van inwoners en versterkt hun mogelijkheden tot maatschappelijke participatie en arbeidsdeelname. Tegelijkertijd draagt dit bij aan de sociale cohesie en economische veerkracht van onze regio. Met dit programma schetsen wij onze visie, missie en de concrete doelen die wij de komende jaren nastreven. Het vormt daarmee het fundament voor een gezamenlijke, toekomstgerichte aanpak die bijdraagt aan een inclusieve regio waarin ieder talent telt.
Visie Wij streven naar een inclusieve samenleving waarin iedereen naar vermogen kan meedoen. Inwoners in een kwetsbare positie verdienen daarbij extra aandacht.
Missie Wij investeren in het voorkomen en verminderen van laaggeletterdheid. Door de basisvaardigheden – lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden – van onze inwoners in een kwetsbare positie te versterken, vergroten we hun zelfredzaamheid en kansen op de arbeidsmarkt.
12
Wat willen we bereiken Om onze regio sterker te maken in basisvaardigheden hebben we drie duidelijke doelen gesteld.
1. Meer inwoners in een kwetsbare positie bereiken We willen meer inwoners in een kwetsbare positie bereiken die moeite hebben met taal, rekenen of digitale vaardigheden. Daarbij streven we ernaar dat het versterken van basisvaardigheden een zichtbaar en positief effect heeft op hun dagelijks leven. Dit doen we via een integrale aanpak binnen zowel het sociaal domein als de arbeidsmarkt. Het is daarbij van belang dat ondersteuning aansluit op de verschillende leefgebieden van onze inwoners, zodat zij optimaal kunnen meedoen in de samenleving.
2. Versterken van netwerken We ondersteunen inwoners actief bij het versterken van hun basisvaardigheden. Dit realiseren we door een stevige samenwerking tussen regionale en lokale
netwerken voor basisvaardigheden. We hebben hierbij bijvoorbeeld aandacht voor het, met en van elkaar leren en het vergroten van bewustwording over het thema bij onze samenwerkingspartners. Zo ontstaat een breed en effectief aanbod dat aansluit bij de behoeften van inwoners. Daarnaast zetten we in op het verder versterken en verbreden van deze samenwerking, zowel regionaal als lokaal. Een belangrijke pijler hierbij is de samenwerking met het bedrijfsleven. Samen met werkgevers zorgen we ervoor dat het versterken van basisvaardigheden bijdraagt aan talentontwikkeling, duurzame inzetbaarheid en kansengelijkheid op de arbeidsmarkt.
3. Inzicht en innovatie Wij vinden het belangrijk om inzicht te hebben in de resultaten van onze aanpak. Door het bereik en de effecten van activiteiten te monitoren en meten, kunnen we methoden verbeteren, middelen doelmatig inzetten en transparant verantwoording afleggen richting partners
en financiers. Dit helpt ons te bepalen welke interventies effectief zijn in het versterken van basisvaardigheden en waar verbetermogelijkheden zijn. Hiervoor maken we onder andere gebruik van een jaarlijkse monitor en de Impactmeting van prof. dr. Maurice de Greef.
13
Voor wie doen we het Focus op inwoners in een kwetsbare positie De aanpak van lage basisvaardigheden brengt verschillende dilemma’s met zich mee. De behoefte aan ondersteuning is groot, de problematiek is breed en de beschikbare middelen zijn beperkt. Dit vraagt om scherpe keuzes en een duidelijke focus. Ons Regionaal Educatief Programma richt zich daarom op inwoners in een kwetsbare positie. Daarbij gaat het zowel om NT1’ers als NT2’ers. Omdat de doelgroepen en hun behoeften per gemeente in onze regio sterk verschillen, kiezen we gezamenlijk voor een brede aanpak gericht op inwoners in een kwetsbare positie.
Focus op werk en een integrale aanpak binnen het sociaal domein In Zuidoost-Brabant heeft ongeveer 45% van de inwoners met beperkte basisvaardigheden een baan. De meerderheid van deze groep is tussen de 28 en 65 jaar oud. Meer dan de helft spreekt Nederlands als tweede taal, wat ook zichtbaar is onder werkende jongeren. Bij oudere
werkenden zien we juist een over vertegenwoordiging van mensen met Nederlands als moedertaal (BasisvaardighedenInZicht dashboard Nederland). Om deze doelgroepen beter te bereiken, zetten we sterk in op samenwerking met werkgevers. Deze aanpak heeft binnen het LLO-Collectief al bewezen succesvol te zijn in het opsporen en ondersteunen van zowel werkenden als nietwerkenden binnen de NT1- en NT2-groepen. De samenwerking wordt nu verder uitgebreid, onder andere richting uitkeringsinstanties. Zo kunnen mensen met beperkte basisvaardigheden – ongeacht hun werkstatus – effectief worden benaderd en geholpen. Daarnaast leggen gemeenten lokaal, binnen kansrijke thema’s in het Sociaal Domein, de verbinding met basisvaardigheden. Iedere gemeente kiest één of meerdere thema’s die aansluit(en) bij de eigen lokale uitdagingen. Op die manier blijft het aanbod maatwerk en sluit het optimaal aan bij de behoeften van inwoners in een kwetsbare positie.
Internationale werknemers Kenmerkend voor onze regio zijn de vele internationale medewerkers. We zien dat deze groep in toenemende mate gebruik wil maken van het educatieve aanbod. Volgens de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) behoren zij formeel tot de doelgroep: volwassenen van 18 jaar en ouder die niet inburgeringsplichtig zijn. In de praktijk blijkt echter dat de beschikbare budgetten onvoldoende zijn om alle internationale medewerkers te scholen. De WEB biedt ruimte om binnen het Regionaal Educatief Programma prioriteiten te stellen, mits er sprake is van alternatief aanbod, onderbouwing van keuzes en transparantie. Wij kiezen ervoor om als gemeenten de focus te leggen op inwoners in een kwetsbare positie en zien taalonderwijs voor en sociale integratie van internationale medewerkers als een gedeelde verantwoordelijkheid van werkgevers, medewerkers, en gemeenten. Om werkgevers in Zuidoost-Brabant bij deze verantwoordelijkheid te ondersteunen, zijn we gestart met een Werkgeversaanpak Nederlands voor internationale medewerkers. Zoals beschreven bij de behaalde resultaten,
14
hebben we met deze aanpak al een groot aantal werkgevers en medewerkers bereikt. De effecten van deze aanpak moeten nog verder onderzocht worden. Daarom verlengen we deze aanpak de komende jaren en onderzoeken we de mogelijkheden voor een brede en structurele samenwerking met werkgevers, zodat taalscholing voor internationale werknemers duurzaam geborgd kan worden.
15
Ambities Wanneer zijn we tevreden? De problematiek rondom lage basis vaardigheden is complex en de uitgangssituaties en ambities van de verschillende gemeenten in de WEB regio zijn verschillend. Daar willen we rekening mee houden en tegelijkertijd helpt het om vooruit te komen ook om helder te hebben wat we met elkaar willen bereiken.
Ambitie doelstelling 1: Meer inwoners in een kwetsbare positie bereiken Bereik Het is van belang om scherp te definiëren wat we onder bereik verstaan. Bereik gaat verder dan enkel zichtbaarheid. Het zien van een flyer over het leeraanbod basisvaardigheden of het stellen van een incidentele hulpvraag, bijvoorbeeld over het gebruik van DigiD, beschouwen we niet als bereik in de zin van dit programma. We spreken van daadwerkelijk bereik wanneer inwoners deelnemen aan een leertraject binnen het (non-) formele aanbod basisvaardigheden.
Resultaat: 1. We streven regionaal naar een groeipercentage van ten minste 15% in het aantal bereikte inwoners per jaar. In 2024 zijn ruim 900 nieuwe deelnemers bereikt met de aanpak basisvaardigheden. Tijdens de looptijd van het programma willen we jaarlijks ten minste 135 extra inwoners bereiken die deelnemen aan een cursus bij Summa of binnen het non-formele volwasseneneducatie aanbod (V-aanbod). Iedere gemeente bepaalt lokaal op welke manier zij bijdraagt aan deze groei en het realiseren van dit gezamenlijke regionale doel. Primaire focus voor de besteding van de WEB -middelen ligt op de deelnemers in een kwetsbare positie binnen de doelgroep NT1 en NT2. 2. In 2024 waren er bij Summa 257 NT1 deelnemers. De opgave is om de komende jaren met name het aandeel van de NT1 groep in het totale lesaanbod verder te verhogen. 3. Binnen de NT2 doelgroep ligt de focus op NT2 inwoners in een kwetsbare positie. Summa werkt aan een nieuw intakemodel waarbij er wordt beoordeeld of scholing via
Summa de voorkeur heeft of dat er een doorverwijzing kan plaatsvinden naar de werkgeversaanpak. Dit intakemodel is een middel om de gewenste verschuiving in deelnemers te realiseren. De non-formeel V aanbieders werken veelal met vrijwilligers en beschikken doorgaans niet over de menskracht of administratieve systemen om hierover op vergelijkbare wijze te rapporteren. Impact De impact van de aanpak basisvaardigheden, daarmee bedoelen we welk effect een leerervaring heeft op iemands persoonlijke leven, is onze belangrijkste succesindicator. Resultaat: We streven er jaarlijks naar dat tenminste 60% van de deelnemers aan volwasseneneducatie taalvaardiger wordt. Dit is een realistisch percentage in vergelijking met het landelijk gemiddelde en ervan uit gaande dat we steeds meer inwoners in een kwetsbare positie gaan bereiken. Dit meten we met de impactmeting van Maurice de Greef.
16
Ambitie doelstelling 2: Versterken van netwerken We realiseren een sterk regionaal taalnetwerk waarin alle kernpartners actief samenwerken en met en van elkaar leren. Resultaat: 70% van de lokale en regionale kernpartners is tevreden over de samenwerking. Dit meten we met de regionale monitor.
Ambitie doelstelling 3: Inzicht en innovatie We werken toe naar een lerende aanpak waarin alle partners gebruikmaken van de inzichten uit monitoring en impactmetingen om beleid en uitvoering te verbeteren. Resultaat: Jaarlijks worden de uitkomsten van de monitor en impactmeting besproken binnen het (bestuurlijk) regionale netwerk, en leiden deze tot concrete verbeteracties in minimaal 50% van de deelnemende gemeenten of organisaties.
17
Actielijnen en acties De komende vier jaar zetten we ons in om inwoners in een kwetsbare positie beter te bereiken en hun basisvaardigheden te versterken. Dit doen we in samenwerking op zowel regionale als lokale schaal. Tijdens de looptijd van dit programma richten we ons op verschillende acties om dit doel te bereiken. Elk jaar stellen we binnen het regionaal overleg WEB samen een jaarplanning op met concrete acties en taken voor dat jaar. Daarbij kijken we steeds wat er nodig is, waar draagvlak voor is en wie welke rol vervult. Op deze manier houden we oog voor de lokale situaties van alle gemeenten in de regio en voor de voortgang in de aanpak van lage basisvaardigheden.
Wat doen we samen:
Actielijn 1: Werk en Participatie In Zuidoost-Brabant zetten gemeenten en partners zich actief in om laaggeletterdheid terug te dringen. We investeren in essentiële basisvaardigheden zoals lezen, schrijven, rekenen en digitale kennis. Daarmee
versterken we de positie van inwoners op de arbeidsmarkt en ondersteunen we hen bij het vinden én behouden van duurzaam werk. Onze focus ligt bewust op de arbeidsmarkt, omdat uit het PIAAC-onderzoek (BasisvaardighedenInZicht dashboard Nederland) blijkt dat veel inwoners met beperkte basisvaardigheden werkzoekend zijn of al werkzaam zijn. Deze inzichten, gecombineerd met de behaalde resultaten vanuit de LLO‑Collectief pilot ‘Sterker in het Werk’, vergroten de kans op een effectieve en succesvolle aanpak, met name op het bereiken van de NT1 doelgroep. Actie 1: Gemeenten stimuleren de samenwerking met uitkeringsinstanties en ontwikkelbedrijven en koppelen dit actief aan de pilot ‘Sterk in het Werk’ van het LLO‑Collectief om de toeleiding van deelnemers te vergroten. Daarnaast verkennen we de mogelijkheden om deze succesvolle aanpak te borgen binnen onze regio.
Actie 2: Taalhuizen bieden inwoners actief een vervolgtraject aan na afronding van het LLO‑traject, om de ontwikkeling van basisvaardigheden blijvend te stimuleren binnen het lokale of regionale netwerk. Actie 3: We verlengen de werkgeversaanpak ‘Nederlands voor internationale medewerkers’. Tegelijkertijd werken we uit hoe deze aanpak kan worden doorontwikkeld tot een structurele werkwijze. Actie 4: We bevorderen dat werkgevers zich bewust zijn van de invloed van lage basisvaardigheden binnen hun organisatie, zodat zij beleid en praktijk hierop kunnen afstemmen, bijvoorbeeld in communicatie en ontwikkeltrajecten. Actie 5: We verkennen de verbinding met, en de samenwerking tussen het regionale Werkcentrum en het taalnetwerk.
18
Actielijn 2: Versterken van het netwerk Om lage basisvaardigheden effectief aan te pakken, versterken we het netwerk van gemeenten, organisaties en partners. Door samenwerking en kennisdeling te vergroten, zorgen we dat inwoners beter ondersteund worden in het ontwikkelen van lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden. Actie 1: We bestendigen de samenwerking met het Summa College langdurig binnen de PPS. Actie 2: Summa ontwikkelt een instrument waarmee de mate van kwetsbaarheid van inwoners kan worden getoetst zodat zij naar het juiste aanbod kunnen worden doorverwezen. Actie 3: We vertalen de actuele cijfers van het dashboard Basisvaardigheden op gemeentelijk niveau ter onderbouwing van de lokale aanpak. Actie 4: We verkennen de mogelijkheden om onze lokale Taalhuizen en Taalpunten te versterken via een certificeringstraject, zodat de kwaliteit geborgd wordt.
Actie 5: De monitor en de Impactmeting worden op een vast moment per jaar gecombineerd teruggekoppeld: de monitor wordt ieder jaar in Q1 uitgezet, de Impactmeting kent meetmomenten in september en februari, en de resultaten van beide instrumenten zijn ieder jaar beschikbaar in Q2. Zo ontstaat een jaarlijks overzicht voor sturing en verantwoording. Actie 6: We brengen het netwerk in kaart om rolduidelijkheid te creëren en eventuele witte vlekken zichtbaar te maken. Actie 7: Op www.taalnetwerkzobrabant.nl staat het actuele aanbod. De website krijgt een vernieuwde uitstraling en een huisstijl die in alle lokale netwerken wordt doorgevoerd, zodat deze herkenbaar is voor de doelgroep, doorverwijzers en samenwerkingspartners.
Lokale accenten:
Actielijn 3: de Gemeente geeft het goede voorbeeld. Toegankelijke dienstverlening is een belangrijk onderdeel van de aanpak van basis vaardigheden en is relevant voor ieder thema binnen het sociaal domein. Een deel van de inwoners die ondersteuning ontvangt, heeft moeite met het begrijpen van informatie en het invullen van formulieren. Hierdoor kan het gebeuren dat inwoners hulp of ondersteuning mislopen. Overheden streven ernaar toegankelijk te zijn voor iedereen. Dit betekent dat rekening gehouden moet worden met het feit dat inwoners moeite kunnen hebben met taal, rekenen en digitale vaardigheden. Dit geldt niet alleen voor schriftelijke communicatie, zoals brieven en online informatie, maar ook voor de gesprekken die je met inwoners voert. Actie 1: Gemeenten voeren de regie op de lokale aanpak basisvaardigheden. Actie 2: Elke gemeente besteedt actief aandacht aan de toegankelijkheid van en naar de organisatie, afgestemd op de lokale situatie.
19
Actie 3: Elke gemeente zorgt binnen de eigen organisatie voor bewustwording van het thema basisvaardigheden.
Actielijn 4: Integrale aanpak Binnen het sociaal domein raken gemeenten dagelijks het thema basisvaardigheden. Het speelt een rol in beleidsterreinen als werk, gezondheid en financiële zelfredzaamheid. Door thema’s te verbinden en kennis te bundelen, kunnen gemeenten lokaal accenten leggen en inwoners met beperkte basisvaardigheden in een kwetsbare positie effectiever bereiken en ondersteunen. Dit vergroot het bereik én de impact van de aanpak binnen gemeenten. De mogelijkheden binnen het Sociaal Domein zijn talrijk. Als regio achten wij onze kansen op het bereiken en helpen van kwetsbare inwoners het grootst op de volgende beleidsthema’s. Geld: Armoede, Schulden, Werk en Inkomen. Gezondheid: WMO, Preventie. Gezin: VVE, Onderwijs, Jeugd.
Actie 1: Elke gemeente werkt, met ondersteuning van Stichting Lezen en Schrijven, aan een integrale aanpak die aansluit bij de lokale situatie, waarbij er minimaal met één ander beleidsthema de verbinding gelegd wordt vanuit het thema basisvaardigheden. Actie 2: Iedere gemeente besteedt jaarlijks extra aandacht aan het thema basisvaardigheden, bijvoorbeeld in de week van Lezen en Schrijven.
20
Partners in het versterken van lage basisvaardigheden Samenwerking is van groot belang om inwoners te ondersteunen bij het versterken van hun basisvaardigheden. In deze regionale aanpak zijn gemeenten, bibliotheken, vrijwilligersorganisaties, Summa College (Taalkracht, De achthonderd) en Brainport voor Elkaar de belangrijkste partners. Zij betrekken lokale en regionale bondgenoten en nonformele aanbieders en werkgevers bij het netwerk. Ook vervullen zij een ambassadeursrol en zorgen voor bewustwording en publieke aandacht voor het thema. Gemeenten Gemeenten nemen de regie en fungeren als aanjager van de aanpak. Zij zorgen lokaal voor de verbinding met het sociaal domein en andere relevante beleidsterreinen. Centrumgemeente Eindhoven De centrumgemeente vervult een coördinerende en vertegenwoordigende rol in de regio. De taken omvatten: Ontvangt de regionale WEB-middelen van het Rijk en is eindverantwoordelijk voor de rechtmatige en doelmatige besteding daarvan.
Neemt actief deel aan landelijke overleggen van het Rijk met de centrumgemeenten (WEB). Vertegenwoordigt de regio in landelijke en regionale bijeenkomsten en overlegstructuren. Zit het regionaal overleg WEB voor en deelt hierin relevante informatie vanuit het Rijk met beleidsadviseurs. Coördineert de jaarlijkse regionale deelname aan de monitor en aan de impactmeting. Regiogemeenten Elke regiogemeente draagt bij aan de lokale uitvoering en borging van de aanpak. Taken zijn onder andere: Benoemt minimaal één vaste contactpersoon voor de lokale aanpak basisvaardigheden. Neemt deel aan of is vertegenwoordigd in het regionaal overleg WEB. Voert regie op de uitvoering van de lokale aanpak, in samenwerking met de taalhuiscoördinator (indien van toepassing). Verbindt de aanpak van basisvaardigheden actief met het sociaal domein middels een integrale aanpak. Maakt lokaal gebruik van de regionale monitor en impactmeting om voortgang en effect te volgen.
Deelt inspirerende voorbeelden en lessen uit de lokale praktijk met de regio. Draagt actief bij aan het behalen van de gezamenlijke regionale ambities en resultaatafspraken. Regiocoördinator basisvaardigheden De regiocoördinator basisvaardigheden voert de regie op de uitvoering van het regionale programma. Vanuit een strategische positie verbindt de coördinator gemeenten, partners en uitvoerende organisaties, stuurt op resultaten en zorgt voor een sterke samenwerking binnen de regio. De regiocoördinator slaat de brug tussen (meerjarig) beleid en operationele uitvoering en vertaalt beleidsdoelen naar effectieve interventies in de praktijk. Daarbij staat het vergroten van de maatschappelijke impact centraal: het verbeteren van basisvaardigheden van inwoners, het versterken van hun zelfredzaamheid en het bevorderen van gelijke kansen binnen de samenleving.
21
Kernverantwoordelijkheden: Coördinatie van het regionale programma basisvaardigheden; afstemmen met centrumgemeente, regiogemeenten en partners en het creëren van draagvlak op tactisch en bestuurlijk niveau. Netwerkregie en samenwerking: verbinden van kernpartners, taalhuizen, aanbieders en bondgenoten binnen het regionale netwerk. Signaleren en adviseren: agenderen van kansen en knelpunten; bijdragen aan beleidsontwikkeling en heeft overzicht op de uitvoering. Zichtbaarheid en communicatie: versterken van het thema binnen de regio, inclusief beheer van regionale (online) communicatiekanalen. Bibliotheken / Taalhuizen / Taalpunten Bibliotheken spelen een essentiële rol in het versterken van basisvaardigheden zoals taalbeheersing, digitale geletterdheid en leesvaardigheid. Dit doen zij onder andere via initiatieven als BoekStart, de Bibliotheek op school, (Digi)Taalhuizen en Taalpunten. Daarnaast bieden ze laagdrempelige, nonformele leerprogramma’s en hanteren ze een gezinsgerichte aanpak om alle generaties te
bereiken. Als toegankelijke ontmoetingsplek stimuleren bibliotheken persoonlijke ontwikkeling en sociale verbinding. De ambitie is om deze maatschappelijke functie in de toekomst verder uit te bouwen en te versterken Summa College / Taalkracht Het Summa College is de hoofdaannemer voor het volwassenenonderwijs in de regio ZuidoostBrabant. Zij bieden lokaal, toegankelijk en gevarieerd aanbod voor volwassenen vanaf 18 jaar, gericht op het verbeteren van lezen, schrijven, spreken, luisteren, rekenen en digitale vaardigheden. Daarnaast trainen zij taalvrijwilligers die zich in de gehele regio inzetten om inwoners te ondersteunen en werken zij met een leespanel waarin ervaringsdeskundigen een stem krijgen. Vanaf januari 2026 werkt de regio samen met het Summa College middels een publiekpublieke samenwerking. De achthonderd – LLO Collectief ‘Sterken in het Werk’ Het LLO-Collectief is een netwerkorganisatie van ruim achthonderd partners en vormt een krachtige samenwerking tussen arbeidsmarkt, werkgevers, onderwijsinstellingen, overheid en maatschappelijke organisaties. De pilot ‘Sterker in het Werk’ was een succesvolle
eerste stap. Een nieuwe subsidieaanvraag is in voorbereiding om de continuering te waarborgen. Het centrale doel blijft het versterken van de arbeidsmarkt en de samenleving, met werk als uitgangspunt. De coalities en ontwikkeltrajecten sluiten aan bij de vraagstukken van de doelgroep. Het aanbod bestaat uit vakgerichte scholing, basisvaardigheden en coaching. Werkenden – voornamelijk NT1 – worden bereikt via werkgevers. Niet-werkenden – hoofdzakelijk NT2 – via initiatieven zoals Huis naar Werk en ontwikkelbedrijven. Deze samenwerking stimuleert innovatie binnen de onderwijs- en arbeidsmarkt infrastructuur. Door middel van financiële engineering worden ambities gerealiseerd. De belangrijkste opgaven liggen op: Flexibel en deels digitaal opleiden via doorlopende leerlijnen voor 300 (niet-) werkende laaggeletterden; Bewustwording en professionalisering van bedrijven en arbeidsmarktprofessionals; Duurzame verankering in de regionale, reguliere onderwijs- en arbeidsmarktstructuren.
22
Stichting Lezen en Schrijven Stichting Lezen en Schrijven is dé specialist op gebied van laaggeletterdheid in Nederland. Deze stichting ondersteunt gemeenten en regio’s bij de ontwikkeling van beleid rond basisvaardigheden en het vormen van een integrale aanpak. Ze delen kennis over landelijke ontwikkelingen en succesvolle voorbeelden uit de praktijk. Brainport voor elkaar Gelijke kansen voor iedereen. Dát is het doel van Brainport voor Elkaar. De vereniging van sociale werkgevers verbindt bedrijven, maatschappelijke organisaties, gemeenten en onderwijs. In de Sociale Brainport agenda wordt via de programmalijn FIT – DigiTaalfit aandacht gegeven aan het thema basisvaardigheden. In gezamenlijkheid met de taalnetwerkpartners in de regio wordt bewustwording en kennisdeling over basisvaardigheden onder werkgevers gestimuleerd. En worden er projecten en programma’s geïnitieerd die – via o.a. de leden van Brainport voor Elkaar - concrete invulling kunnen geven aan het thema. Waar mogelijk wordt technologie en innovatie ingezet om dit te bereiken.
23
Overlegstructuur Regionaal overleg WEB Wie: vertegenwoordiging WEB-ambtenaren WEB-regio Zuidoost Brabant, Taalkracht, adviseur Stichting Lezen en Schrijven en regiocoördinator. Frequentie: minimaal 4 x per jaar.
Via dit overleg kunnen de regiogemeenten ook input leveren voor de WEB-accountgesprekken met Taalkracht. Lerend netwerk Wie: regiocoördinator, Taalhuiscoördinatoren uit de regio. Frequentie: 4x per jaar.
Regionaal bestuurlijk overleg (nog in te richten) Wie: wethouders gemeenten (portefeuille laaggeletterdheid), Zuidoost Brabant. Frequentie: 1x per jaar. Werkgroepen Werkgroepen worden ingericht aan de hand van de jaarlijks op te stellen jaarplanning.
24
Financiën Vanaf 2026 ontvangt de regio 10% minder budget voor de uitvoering van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB). Tegelijkertijd blijft de decentralisatie-uitkering beschikbaar, waarmee gemeenten de volledige verant woordelijkheid voor de regionale aanpak van volwasseneneducatie kunnen dragen. De decentralisatie uitkering betreft aanvullende rijksmiddelen die bedoeld zijn voor de uitvoering van de coördinerende en regietaken binnen het regionale programma én voor aanvullende activiteiten gericht op volwasseneneducatie.
Overzicht middelen Regionaal Educatief Programma - VerSterk in Basisvaardigheden
Indicator
2026
2027
2028
2029
WEB-middelen
€ € 2.445.275
€ € 2.445.275
€ € 2.445.275
€ 2.445.275
Decentralisatie uitkering
€140.000
€140.000
€140.000
In dit plan gaan we uit van middelen waarvan de beschikbaarheid zeker is: de reguliere WEB middelen, de verlengde decentralisatie uitkering en eventuele bestaande reserves. Door deze middelen gespreid over de looptijd van het programma in te zetten, borgen we de financiële haalbaarheid van de aanpak op lange termijn. In 2026 wordt 100% van de WEB middelen die gemeente Eindhoven voor de regio ontvangt via de PPS ingezet voor de bekostiging van het volwassenenonderwijs bij Summa. Gemeente Eindhoven kan dit percentage jaarlijks vóór 1 januari aanpassen, met als ondergrens 80% van het beschikbare WEB jaarbudget.