20250423 Trendanalyse Nuenen Kadernota 2026
Tekst van het document
Trendanalyse gemeente Nuenen Kadernota 2026-2029 Geactualiseerd met mogelijke toekomstige investeringen
Inleiding Als onderlegger van de Programmabegroting 2025 en Meerjarenraming 2026-2028 ontving u een trendanalyse. De samenvattende conclusie van die analyse was: Onze aandacht om ons te richten op het in balans blijven van onze leningenportefeuille en ons eigen vermogen maakt dat de netto schuldquote de komende jaren als ”minst risicovol” kan worden aangemerkt. Ons huidig beleid van sparen, 'nieuw voor oud' en realistisch ramen werpt zijn vruchten af. Er zijn echter een aantal mogelijke toekomstige ontwikkelingen die niet betrokken waren bij de vorige trendanalyse. Daarom vindt u in deze trendanalyse een aantal scenario’s die effect hebben op de boekwaarde van de activa per 1.1.2027 t/m 1.1.2029 op basis van de volgende ontwikkelingen. A. Investeringen voor het IHP (Integraal Huisvestingsplan onderwijs) van € 2,1 miljoen in 2028; B1. Als A inclusief investeringen voor het opknappen van het gemeentehuis van € 1,45 miljoen in 2026 en € 1,45 miljoen in 2027; B2. Als A inclusief investeringen voor het verbouwen van het gemeentehuis van € 4,65 miljoen in 2026 en € 4,65 miljoen in 2027; B3. Als A inclusief investeringen voor nieuwbouw van het gemeentehuis van € 4,3 miljoen in 2026, € 5 miljoen in 2027 en € 5 miljoen in 2028; C1. Als B1 inclusief investeringen voor een binnensportaccommodatie van € 6 miljoen in 2026 en € 6 miljoen in 2027; C2.
Als B2 inclusief investeringen voor een binnensportaccommodatie van € 6 miljoen in 2026 en € 6 miljoen in 2027; C3. Als B3 inclusief investeringen voor een binnensportaccommodatie van € 6 miljoen in 2026 en € 6 miljoen in 2027.
Financieringsbehoefte Basis voor het bepalen van de financieringsbehoefte is de geprognosticeerde balans zoals (verkort) opgenomen in de paragraaf financiering. Voor meer detailinformatie zie deze paragraaf in de Programmabegroting 2025. Na het opstellen van de Programmabegroting 2025 is er een geldlening van € 13 miljoen aangetrokken met een looptijd van 10 jaar. Deze lening is, in tegenstelling tot de begroting, nu wel opgenomen in onderstaande tabel. Op basis van de cijfers van begroting 2025-2028 zijn boekwaarde per 1.1.2029 aan deze tabel toegevoegd. Boekwaarde 1-1
2025
2026
2027
2028
2029
Activa
60.553
82.682
101.733
105.085
110.955
Grondexploitaties
50.563
48.654
23.234
21.155
21.115
Geldleningen OG*
-48.323
-41.697
-35.071
-28.444
-20.517
Reserves en voorzieningen
-69.672
-69.020
-68.445
-67.684
-68.018
-6.879
20.619
21.451
30.113
43.536
* Dit is de huidige leningenportefeuille (exclusief kortlopende leningen) inclusief de in 2024 aangetrokken lening van € 13 miljoen.
Een positief bedrag betekent dat we aanvullend moeten lenen in dat jaar. Als in 2026 een meerjarige geldlening van € 21 miljoen wordt afgesloten, hoeft er in 2027 geen geldlening afgesloten te worden. In 2028 is de financieringsbehoefte dan nog € 9 miljoen (€ 30,113 miljoen -/- € 21 miljoen). Voor 2029 is de financieringsbehoefte dan nog aanvullend € 13 miljoen (€ 43,536 miljoen -/- (€ 21 miljoen en € 9 miljoen)). De geldleningen (schulden) nemen tot en met 2029 toe met in totaal € 43 miljoen. De noodzaak en wijze van financieren is afhankelijk van bijvoorbeeld de ontwikkelingen in de investeringen en de grondopbrengsten. De financieringsbehoefte is bepaald op basis van het realiseren van de investeringen zoals geraamd in de Programmabegroting 2025. De stijging van de activa van 2025 naar 2029 van € 60 miljoen naar € 110 miljoen wordt veroorzaakt door de geplande investeringen, zoals opgesomd op pagina 104 t/m
2
106 van de Programmabegroting 2025 (dit is dus exclusief de hierboven genoemde scenario’s). Daarnaast betreft dit uitgaven voor eerder besloten investeringen, die gedaan worden in 2025 of later. De geraamde opbrengsten uit de grondexploitaties zorgen ervoor dat de financieringsbehoefte in de komende jaren minder hard stijgt dan de toename van de activa. Afhankelijk van het moment waarop de geplande investeringen en de opbrengsten uit de grondexploitaties gerealiseerd worden, wordt een aanvullende langlopende of kasgeldlening afgesloten. De keuze voor het aantrekken van een langlopende of kasgeldlening wordt bepaald door: 1. Autonome ontwikkelingen in de begroting en daarmee in het structurele saldo. 2. Ontwikkelingen op lopende projecten (moment van betalen van de geraamde uitgaven). 3. Ontwikkelingen op lopende grexen (hoe snel komen de geraamde ontvangsten binnen). 4. Keuzes rondom nieuwe projecten die de gemeenteraad zelf nog moet maken.
Kengetallen Programmabegroting 2025 In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing van de Programmabegroting 2025 staan de volgende kengetallen (zie pagina 61). Bij het bepalen van de vaste schulden (met een rente typische looptijd van één jaar en langer) in de geprognosticeerde balans wordt rekening gehouden met de noodzakelijke financieringsbehoefte. Om die reden wijzigt het kengetal voor de nettoschuldquote niet ondanks dat er in 2024 een lening van € 13 miljoen is aangetrokken. Realisatie
Begroting
Om schrijving 2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
107%
102%
72%
93%
55%
64%
75%
76%
Solvabiliteitsratio
30%
33%
36%
31%
42%
37%
38%
37%
Grondexploitatie
117%
124%
98%
85%
71%
51%
32%
28%
3%
9%
4%
0%
1%
1%
0%
0%
118%
118%
111%
108%
102%
102%
102%
102%
Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Op basis van de cijfers van begroting 2025-2028 zijn de kengetallen voor netto-schuldquote en solvabiliteit voor 2029 respectievelijk 83% en 38%. De kleuren betreffen de signaleringswaarden (waarderingscijfer) zoals de provincie die gebruikt bij het toezicht op de gemeentelijke financiën. Minst risicovol
Neutraal
Meest risicovol
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
<90
90-130
>130
Solvabiliteitsratio
>50
20-50
<20
Grondexploitatie
<20
20-35
>35
Structurele exploitatieruimte
>0
0
<0
Belastingcapaciteit
<95
95-105
>105
Waarderingscijfer
De meest risicovolle waardering van grondexploitaties heeft zijn oorsprong in de investeringen die in het verleden gedaan zijn voor met name Nuenen-West en Eeneind-West. Voor meer toelichting en uitleg over de kengetallen zie bij Financiële kengetallen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing van de Programmabegroting 2025 (vanaf pagina 59).
Scenario’s Hieronder de consequenties van de scenario’s genoemd in de inleiding. De oranje gearceerde bedragen zijn de mutaties als gevolg van het scenario ten opzichte van de tabel op pagina 2. Bij het bepalen van de netto-schuldquote is rekening gehouden met de extra geldleningen voor de te investeren bedragen. Geen rekening is gehouden met eventuele aflossingen voor geldleningen die in deze scenario’s aangetrokken worden. Onder de tabel is per scenario het daarop toepassing zijnde kengetal van de “Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen” opgenomen. De kleuren daarvan verwijzen naar het waarderingscijfer waarbij groen “minst risicovol” is en geel “neutraal’.
3
Scenario A: “Investeringen voor het IHP van € 2,1 miljoen in 2028” Boekwaarde 1-1
2025
2026
2027
2028
2029
Activa
60.553
82.682
101.733
105.085
113.055
Grondexploitaties
50.563
48.654
23.234
21.155
21.115
Geldleningen OG*
-48.323
-41.697
-35.071
-28.444
-20.517
Reserves en voorzieningen
-69.672
-69.020
-68.445
-67.684
-68.018
-6.879
20.619
21.451
30.113
45.636
55%
64%
75%
76%
86%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Als in 2028 € 2,1 miljoen geïnvesteerd wordt voor het IHP (wettelijk verplichting), stijgt het te lenen bedrag in 2028 met dat bedrag. Als de overige ontwikkelingen niet wijzigen, stijgt de netto-schuldquote voor 2029 van 83% naar 86% en blijft daarmee minst risicovol. Scenario B1: ”Als A inclusief investeringen voor het opknappen van het gemeentehuis van € 1,45 miljoen in 2026 en € 1,45 miljoen in 2027” Boekwaarde 1-1
2025
2026
2027
2028
2029
Activa
60.553
82.682
103.183
107.985
115.955
Grondexploitaties
50.563
48.654
23.234
21.155
21.115
Geldleningen OG*
-48.323
-41.697
-35.071
-28.444
-20.517
Reserves en voorzieningen
-69.672
-69.020
-68.445
-67.684
-68.018
-6.879
20.619
22.901
33.013
48.536
55%
64%
77%
80%
90%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Als in 2026 en in 2027 € 1,45 miljoen geïnvesteerd wordt voor het opknappen van het gemeentehuis, stijgt het te lenen bedrag in zowel 2026 als 2027 met € 1,45 miljoen. De investeringen zijn van invloed op de boekwaarde per 1.1.2027 t/m 1.1.2029. Als de overige ontwikkelingen niet wijzigen, stijgt de netto-schuldquote voor 2029 van 83% naar 90% en verandert dan van minst risicovol naar neutraal. Scenario B2: “Als A inclusief investeringen voor het verbouwen van het gemeentehuis van € 4,65 miljoen in 2026 en € 4,65 miljoen in 2027” Boekwaarde 1-1
2025
2026
2027
2028
2029
Activa
60.553
82.682
106.383
114.385
122.355
Grondexploitaties
50.563
48.654
23.234
21.155
21.115
Geldleningen OG*
-48.323
-41.697
-35.071
-28.444
-20.517
Reserves en voorzieningen
-69.672
-69.020
-68.445
-67.684
-68.018
-6.879
20.619
26.101
39.413
54.936
55%
64%
82%
88%
99%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Als in 2026 en in 2027 € 4,65 miljoen geïnvesteerd wordt voor het verbouwen van het gemeentehuis, stijgt het te lenen bedrag in zowel 2026 als 2027 met € 4,65 miljoen. De investeringen zijn van invloed op de boekwaarde per 1.1.2027 t/m 1.1.2029.
4
Als de overige ontwikkelingen niet wijzigen, stijgt de netto-schuldquote voor 2029 van 83% naar 99% en verandert dan van minst risicovol naar neutraal. Scenario B3: “Als A inclusief investeringen voor nieuwbouw van het gemeentehuis van € 4,3 miljoen in 2026, € 5 miljoen in 2027 en € 5 miljoen in 2028” Boekwaarde 1-1
2025
2026
2027
2028
2029
Activa
60.553
82.682
106.033
114.385
127.355
Grondexploitaties
50.563
48.654
23.234
21.155
21.115
Geldleningen OG*
-48.323
-41.697
-35.071
-28.444
-20.517
Reserves en voorzieningen
-69.672
-69.020
-68.445
-67.684
-68.018
-6.878
20.619
25.751
39.413
59.936
55%
64%
81%
88%
105%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Als in 2026 € 4,3 miljoen en in 2027 en 2028 € 5 miljoen geïnvesteerd wordt voor nieuwbouw van het gemeentehuis, stijgt het te lenen bedrag in 2026 met € 4,3 miljoen en zowel in 2027 als 2028 met € 5 miljoen. De investeringen zijn van invloed op de boekwaarde per 1.1.2027 t/m 1.1.2029. Als de overige ontwikkelingen niet wijzigen, stijgt de netto-schuldquote voor 2029 van 83% naar 105% en verandert dan van minst risicovol naar neutraal. Scenario C1: “Als B1 inclusief investeringen voor een binnensportaccommodatie van € 6 miljoen in 2026 en € 6 miljoen in 2027” Boekwaarde 1-1
2025
2026
2027
2028
2029
Activa
60.553
82.682
109.183
119.985
127.955
Grondexploitaties
50.563
48.654
23.234
21.155
21.115
Geldleningen OG*
-48.323
-41.697
-35.071
-28.444
-20.517
Reserves en voorzieningen
-69.672
-69.020
-68.445
-67.684
-68.018
-6.879
20.619
28.901
45.013
60.536
55%
64%
85%
96%
106%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Als zowel in 2026 als in 2027 ook € 6 miljoen geïnvesteerd wordt voor een binnensportaccommodatie, stijgt het te lenen bedrag zowel in 2026 als in 2027 met € 6 miljoen. De investeringen zijn van invloed op de boekwaarde per 1.1.2027 t/m 1.1.2029. Als de overige ontwikkelingen niet wijzigen, stijgt de netto-schuldquote voor 2029 van 83% naar 106% en verandert dan van minst risicovol naar neutraal. Scenario C2: “Als B2 inclusief investeringen voor een binnensportaccommodatie van € 6 miljoen in 2026 en € 6 miljoen in 2027” Boekwaarde 1-1
2025
2026
2027
2028
2029
Activa
60.553
82.682
112.383
126.385
134.355
Grondexploitaties
50.563
48.654
23.234
21.155
21.115
Geldleningen OG*
-48.323
-41.697
-35.071
-28.444
-20.517
Reserves en voorzieningen
-69.672
-69.020
-68.445
-67.684
-68.018
-6.879
20.619
32.101
51.413
66.936
5
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
55%
64%
90%
104%
115%
Als zowel in 2026 als in 2027 ook € 6 miljoen geïnvesteerd wordt voor een binnensportaccommodatie, stijgt het te lenen bedrag zowel in 2026 als in 2027 met € 6 miljoen. De investeringen zijn van invloed op de boekwaarde per 1.1.2027 t/m 1.1.2029. Als de overige ontwikkelingen niet wijzigen, stijgt de netto-schuldquote voor 2029 van 83% naar 115% en verandert dan van minst risicovol naar neutraal. Scenario C3: “Als B3 inclusief investeringen voor een binnensportaccommodatie van € 6 miljoen in 2026 en € 6 miljoen in 2027” Boekwaarde 1-1
2025
2026
2027
2028
2029
Activa
60.553
82.682
112.033
126.385
139.355
Grondexploitaties
50.563
48.654
23.234
21.155
21.115
Geldleningen OG*
-48.323
-41.697
-35.071
-28.444
-20.517
Reserves en voorzieningen
-69.672
-69.020
-68.445
-67.684
-68.018
-6.878
20.619
31.751
51.413
71.936
55%
64%
89%
104%
121%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Als zowel in 2026 als in 2027 ook € 6 miljoen geïnvesteerd wordt voor een binnensportaccommodatie, stijgt het te lenen bedrag zowel in 2026 als in 2027 met € 6 miljoen. De investeringen zijn van invloed op de boekwaarde per 1.1.2027 t/m 1.1.2029. Als de overige ontwikkelingen niet wijzigen, stijgt de netto-schuldquote voor 2029 van 83% naar 121% en verandert dan van minst risicovol naar neutraal.
Conclusie scenario’s Voor alle scenario’s geldt dat de percentages van de financiële kengetallen voor netto-schuldquote en solvabiliteit wijzigen. Voor scenario A is er geen verschuiving tussen de signaleringswaarden. Voor de scenario’s B1 t/m C3 verschuift het kengetal netto schuldquote in 2029 van minst risicovol naar neutraal. De signaleringswaarde van de solvabiliteitsratio blijft bij alle scenario’s neutraal en daalt maximaal naar 31%. Alle scenario’s zijn van invloed op de rentekosten in de jaren en 2026 t/m 2029. Hoeveel is afhankelijk van het rentepercentage op het moment van het aantrekken van de geldleningen. In de kadernota is daarop geanticipeerd door voor de investeringen voor het gemeentehuis en de binnensportaccommodatie uit te gaan van een rentepercentage voor de kapitaallasten van 2% in plaats van de rekenrente van de begroting 2025 van 1,1%. Alle scenario’s hebben beperkt effect op de rentelasten voor de grondexploitaties. De signaleringswaarde voor de grondexploitatie wijzigt daardoor niet. Uitgangspunt voor de genoemde investeringen blijft dat voor de kapitaallasten van de investeringen dekking gevonden moet worden zodat de begroting structureel sluitend blijft. In de kadernota zijn de kapitaallasten voor genoemde investeringen t/m 2029 inzichtelijk gemaakt.
6