CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-66 RIB Bijlage Herijking Woondeal 2025 - Regionale Woondeal Zuidoost-Brabant - 2025

Gemeenteraad 18 december 2025, gemeente NuenenBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven9.048 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Regionale Woondeal Zuidoost-Brabant 2025

-1-

versie 20 oktober 2025

Op 11 december 2025 vastgesteld door de Stuurgroep Woondeal Zuidoost-Brabant namens: de 21 gemeenten in de Metropoolregio Eindhoven: Asten – Bergeijk – Best – Bladel – Cranendonck – Deurne – Eersel – Eindhoven Geldrop-Mierlo - Gemert-Bakel – Heeze-Leende – Helmond – Laarbeek Nuenen, Gerwen en Nederwetten – Oirschot – Reusel De Mierden – Someren Son en Breugel – Valkenswaard – Veldhoven – Waalre de 13 woningcorporaties in de Metropoolregio Eindhoven: Bergopwaarts – Compaen – Goed Wonen – Helpt Elkander – Trudo ‘thuis – Volksbelang – Wocom – Woningbelang – WSZ Woonbedrijf – Wooninc. – Woonpartners de provincie Noord-Brabant en de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

-2-

versie 20 oktober 2025

Inleiding Na de Woondeal, die in 2019 is gesloten tussen Rijk, provincie en de 9 gemeenten van het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE), zijn er in 2023 landsdekkend regionale woondeals opgesteld. Een daarvan was de Woondeal Zuidoost-Brabant, die op 9 maart 2023 is ondertekend door de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, de provincie Noord-Brabant en de 21 gemeenten en 13 woningbouwcorporaties in de Metropoolregio Eindhoven. Het doel van de Woondeal 2025 is niet veranderd en de focus ligt op realisatie en versnelling van de woningbouw. De Woondeal 2023 is door diverse ontwikkelingen toe aan actualisatie, onder andere: • Nieuwe bevolkings- en woningbehoefteprognoses van Rijk (ABF Research) en provincie Noord-Brabant; • Een sterkere economische groei in de regio dan verwacht; • Het tussen Rijk, provincie, gemeenten en bedrijfsleven gesloten ‘Convenant Rijk en regio investeringen in ondernemingsklimaat microchipsector’ (Beethoven). Daarnaast is een aantal afspraken uit de Woondeal van 2023 verder uitgewerkt of hebben door voortschrijdend inzicht een andere inkleuring gekregen. Daarnaast heeft er eind 2024 een Woontop plaatsgevonden waar verdere accenten en uitgangspunten zijn geformuleerd. Deze Woondeal vertaalt de volkshuisvestelijke opgave zoals eerder vastgesteld in de Woondeal 2023 plus de versnelling als gevolg van het Convenant Beethoven.

Daarnaast wordt een doorkijk gegeven op de woningbouwopgave tot 2040 zoals opgenomen in de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant. De Woondeal 2025 vervangt de Woondeal 2023. De grootste verschillen en/of wijzigingen t.o.v. de Woondeal 2023 zijn: • Geactualiseerd vanwege nieuwe bevolkings- en woningbehoefteprognoses, sterkere economische groei, en het convenant Beethoven. De woningbouwopgave is verhoogd en er zijn nieuwe doelstellingen toegevoegd; • Toevoegen van een doorkijk naar 2040 met een ambitie om tot dan 100.000 woningen toe te voegen in de regio conform de regionale ontwikkelstrategie; • Het versnellen van 17.000 woningen en 2.280 onzelfstandige studenteneenheden, zoals afgesproken in het Convenant Beethoven; • Specifieke afspraken over aantallen te realiseren nul-tredenwoningen, geclusterde woonvormen voor ouderen, en zorggeschikte woningen. Er wordt een woningmarktonderzoek en woonzorganalyse uitgevoerd om de opgave concreter te maken; • Bevestigt de norm van 30% sociale huur van de nieuwbouwopgave per gemeente en per woondealregio. Er wordt vastgehouden aan de afspraak dat minimaal tweederde van de nieuwe woningen betaalbaar moet zijn; • Specifieke maatregelen zoals het regionale versnellingsteam, conceptueel en industrieel bouwen, en duurzaam bouwen (inclusief BioBased).

Er wordt meer aandacht besteed aan efficiënte en effectieve planprocessen, zoals parallel plannen; • Gebruik van ‘Juno’ van Shintõ Labs als woningbouwmonitor; • Er wordt een uitvoeringsprogramma opgesteld met deelprojecten en bestuursopdrachten; • Verdelingsafspraken over de realisatie van 3.800 studenteneenheden van 2024 t/m 2030, met een verdeling van 60% (2.280) onzelfstandige en 40% (1.520) zelfstandige eenheden; • Actieve bespreking van de resultaten van de "Beter-benutten-scan" en een verdiepende analyse van de potentie voor beter benutten. -3-

versie 20 oktober 2025

De voortgang van de afspraken monitoren betrokkenen jaarlijks. Herijking zal 3-jaarlijks plaatsvinden volgens de cyclus die is vastgesteld op het BO VRO van 12 februari 2025. Daarnaast zal de uitwerking en monitoring van deze woondeal plaatsvinden middels regionaal en lokaal huisvestingsbeleid c.q. huisvestingsprogramma’s waarbij in de toekomst ook de Wet Versterking regie volkshuisvesting toegepast zal worden zodra deze van kracht is. Iedere partij draagt bij aan de realisatie van deze woondeal vanuit eigen rol en verantwoordelijkheden. Leeswijzer en inhoudsopgave In onderstaande figuur is aangegeven hoe deze Woondeal is opgebouwd en waar de verschillende onderdelen te vinden zijn.

De data die uit Juno komen zijn dynamisch, aangezien de ontwikkelingen voortschrijden. In deze woondeal hebben we de data per 1 oktober 2025 gebruikt. De gebruikte begrippen en definities zijn terug te vinden in de Regionale Begrippenlijst Wonen MRE. Deze begrippenlijst wordt jaarlijks geactualiseerd en vastgesteld op de Omgevingsdag Zuidoost-Brabant in december van het voorafgaande jaar. Een link naar de versie van 2025 is als bijlage bijgevoegd.

-4-

versie 20 oktober 2025

DISCLAIMER: De Woondeal is herijkt in 2025. Op het moment van herijking bevindt de Wet versterking regie op de volkshuisvesting zich in het parlementaire traject; inwerkingtreding wordt naar verwachting medio 2026 voorzien. In deze herijking is de invloed van de voorgenomen wet uitsluitend beschreven voor zover deze nu bekend is en in relatie tot de huidige en voorgenomen afspraken binnen de Woondeal. Daar waar mogelijk wordt aansluiting gezocht bij de reeds bekende wetteksten. Aan de beschreven gevolgen kunnen geen rechten worden ontleend; deze kunnen wijzigen naarmate het wetgevingsproces vordert of nadere uitvoeringsregels worden vastgesteld.

-5-

versie 20 oktober 2025

1. Opgave 1.1

Woningbouwopgave

In de Woondeal 2023 is de woningbouwopgave voor de regio en per individuele gemeente vastgesteld. In 2023 is er een nieuwe landelijke en een provinciale woningbehoefteprognose uitgekomen. Hieruit blijkt dat de opgave voor nieuw te realiseren woningen groter is dan eerder geraamd. De regio zet zich, in samenwerking met woningcorporaties en marktpartijen, in voor de realisatie van deze verhoogde opgave. Elke gemeente neemt een evenwichtig aandeel (‘fair share’) op basis van aantal inwoners van de regionale opgave. Daarnaast is in het Convenant Beethoven afgesproken de bouw van 17.000 woningen en 2.280 onzelfstandige studenteneenheden te versnellen, d.w.z. plannen voor de periode 2030-2040 naar voren te halen (start bouw uiterlijk in 2030). Tevens is in de zomer van 2023 op de regionale Ontwikkeldag de regionale Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant vastgesteld met daarin de ambitie om tot 2040 100.000 woningen aan de regio toe te voegen. Deze ontwikkelingen hebben geleid tot een nieuwe en grotere woningbouwopgave, die in december 2024 is vastgesteld. Zie de tabellen 1 en 2, waarin tevens aangegeven is wat de realisatie is geweest in de afgelopen jaren en wat dat betekent voor de opgave en gemiddelde jaarlijkse productie in de resterende periode. De opgave tot en met 2030 in tabel 1 is een minimaal te realiseren opgave (de donkergroene kolom).

Gemeenten mogen – als daar kwalitatieve, ruimtelijk afgewogen en regionaal afgestemde plannen onder liggen – vooruitlopen op de opgave die tot 2040 in tabel 2 is aangegeven conform de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant of de provinciale woningbehoefteprognose tot 2040 (welke van de twee het hoogste aantal aangeeft). Tabel 1: Woningbouwopgave t/m 2030 BRUTO

Woondeal

Woondeal

WONINGBOUWOPGAVE

opgave

+ Beethoven

Realisatie

Realisatie

Realisatie

Totaal

opgave

jaarlijks

WOONDEAL ZUIDOOST-BRABANT

2022 t/m 2030

opgave

2022

2023

2024

gerealiseerd

Woondeal

nodig om

2022

+ Beethoven

Woondeal

(CBS-bruto)

(CBS-bruto)

(CBS-bruto)

t/m 2024

2025 t/m 2030

+ Beethoven

Resterende

2022 t/m 2030

Gemiddeld

te realiseren REGIO ZUIDOOST-BRABANT

45.130

62.125

5.255

4.630

4.960

14.845

47.280

7.885

subregio stedelijk gebied Eindhoven

35.920

49.445

3.885

3.105

3.705

10.695

38.750

6.455

Best

1.765

2.430

140

135

195

470

1.960

325

Eindhoven

21.375

29.425

2.435

1.290

2.175

5.900

23.525

3.920

Geldrop- Mierlo

1.575

2.170

205

195

140

540

1.630

270

Helmond

6.450

8.880

500

900

395

1.795

7.085

1.180

Nuenen c.a.

815

1.120

160

60

105

325

795

135

Oirschot

695

955

50

60

265

375

580

95

Son en Breugel

655

900

70

10

15

95

805

135

Veldhoven

1.880

2.590

160

410

360

930

1.660

275

Waalre

710

975

165

45

55

265

710

120

subregio A2-gemeenten

1.955

2.695

235

480

295

1.010

1.685

285

Cranendonck

555

765

40

125

45

210

555

95

Heeze- Leende

315

435

70

155

85

310

125

20

Valkenswaard

1.085

1.495

125

200

165

490

1.005

170

subregio de Kempen

2.600

3.580

485

400

470

1.355

2.225

375

Bergeijk

645

890

100

130

105

335

555

95

Bladel

820

1.130

150

65

70

285

845

140

Eersel

545

910

85

105

165

355

555

95

Reusel- De Mierden

590

650

150

100

130

380

270

45

subregio de Peel

4.655

6.405

650

645

490

1.785

4.620

770

Asten

690

950

100

125

115

340

610

100

Deurne

1.080

1.485

175

175

65

415

1.070

180

Gemert- Bakel

1.270

1.750

160

145

175

480

1.270

210

Laarbeek

735

1.010

65

105

65

235

775

130

Someren

880

1.210

150

95

70

315

895

150

-6-

versie 20 oktober 2025

Toelichting op tabel 1: De lichtgroene kolom bevat de vastgestelde aantallen die opgenomen zijn in de Woondeal 2023. De donkergroene kolom bevat de extra opgave vanuit het convenant Beethoven, naar rato van de woondealopgave verdeeld over de gemeenten. Eersel en Reusel-De Mierden hebben onderling een andere verdeling afgesproken, dit heeft geen consequenties voor de overige gemeenten. De grijze kolommen bevatten de bruto toevoegingen aan de woningvoorraad per gemeente zoals geregistreerd bij het CBS. De rode kolom bevat de resterende opgave voor 2025 t/m 2030 incl. Beethoven en is het verschil tussen de donkergroene en de donkergrijze kolom. De roze kolom is de gemiddeld benodigde jaarlijkse productie om de Woondeal + Beethoven afspraken te kunnen halen. Dus de rode kolom gedeeld door de 6 jaar die nog resteren. Tabel 2: Woningbouwambities tot 2040 BRUTO

Ambitie

Totaal

Resterende

WONINGBOUWAMBITIES

Ontwikkel-

gerealiseerd

ambitie

jaarlijks

Referentie

REGIONALE

strategie

2022

Ontwikkel-

nodig om

provinciale

ONTWIKKELSTRATEGIE

2022 tot 2040

t/m 2024

ZUIDOOST-BRABANT

(en OS De

Gemiddeld

strategie

Ontwikkel-

prognose

2025-2040

strategie

2025-2040

Kempen)

(CBS-bruto)

(of prognose)

te realiseren

REGIO ZUIDOOST-BRABANT

99.895

14.845

91.900

6.130

64.130

subregio stedelijk gebied Eindhoven

62.000

10.695

58.155

3.880

49.860

Best

3.420

470

2.950

195

2.260

Eindhoven

31.960

5.900

31.990

2.135

31.990

Geldrop- Mierlo

2.255

540

2.290

155

2.290

Helmond

13.185

1.795

11.390

760

7.460

Nuenen c.a.

2.420

325

2.095

140

500

Oirschot

1.335

375

960

65

825

Son en Breugel

750

95

1.000

65

1.000

Veldhoven

5.090

930

4.160

275

2.740

Waalre

1.585

265

1.320

90

795

subregio A2-gemeenten

7.350

1.010

6.340

420

2.820

Cranendonck

4.510

210

4.300

285

1.700

Heeze- Leende

905

310

595

40

305

Valkenswaard

1.935

490

1.445

95

815

subregio de Kempen

10.250

1.355

8.895

595

3.815

Bergeijk

3.000

335

2.665

180

940

Bladel

3.000

285

2.715

180

1.165

Eersel

2.750

355

2.395

160

810

Reusel- De Mierden

1.500

380

1.120

75

900

subregio de Peel

20.295

1.785

18.510

1.235

7.635

Asten

2.165

340

1.825

120

990

Deurne

8.555

415

8.140

545

1.690

Gemert- Bakel

4.035

480

3.555

235

2.375

Laarbeek

2.990

235

2.755

185

1.190

Someren

2.550

315

2.235

150

1.390

Toelichting op tabel 2: De gele kolom bevat de aantallen zoals opgenomen in de regionale Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant, vastgesteld op de regionale ontwikkeldag juli 2023 en voor de Kempengemeenten in de subregionale uitwerking Ontwikkelstrategie De Kempen. De raad van Eersel heeft besloten niet verder te willen gaan dan 2.750 woningen, de regio adviseert 5.500 woningen tot 2040. De donkergrijze kolom bevat de bruto toevoegingen aan de woningvoorraad per gemeente zoals geregistreerd bij het CBS. De blauwe kolom bevat de resterende opgave tot 2040 en is het verschil tussen de gele en de donkergrijze kolom. Of de opgave tot 2040 volgens de provinciale prognose, welke van de twee het hoogste aantal aangeeft (de blauw gekleurde getallen). Dit laatste zorgt ervoor dat het verschil tussen ambitie 2022 tot 2040 en de realisatie 2022 t/m 2024 niet overeenkomt met de resterende ambitie van 2025 tot 2040. De lichtgrijze kolom bevat als referentiebeeld de meest recente provinciale prognose. NB: deze cijfers zijn geen bruto woningbouwopgave maar de netto toevoeging aan de woningvoorraad. Berekend door de provinciale prognose 2023-2040 te nemen en dit verminderen met de netto toename van de woningvoorraad in 2022 t/m 2024 zoals di bij het CBS geregistreerd staat.

Opmerking: De opgave onzelfstandige studentenhuisvesting is in de tabel niet opgenomen, omdat deze niet als zelfstandige woningen geregistreerd worden. -7-

versie 20 oktober 2025

In de onderstaande tabel 3 is de afgesproken opgave vanuit de Woondeal en Beethoven uitgewerkt in jaarschijven. De realisatie in de jaren 2022 t/m 2024 en de geplande opleveringen van 2025 t/m 2030, zoals deze per 1 oktober 2025 in de woningbouwmonitor Juno van Shintõ Labs aangegeven zijn. Te zien is hoeveel woningen er per gemeente te veel of te weinig gepland staan in deze periode. En in welke mate de versnellingsopgave vanuit Beethoven gehaald wordt. Wat er extra wordt gerealiseerd is een voorschot op de realisatie van 2031 tot 2040, die in de regionale Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant is afgesproken. Te zien is dat de Woondeal inclusief Beethovenopgave daarmee op regionaal niveau ruimschoots voldoende plannen bevat om gehaald te kunnen worden. Slechts enkele gemeenten hebben de voorlopig aan hen toebedeelde opgave (nog) niet in hun woningbouwplanning zitten. Nadere plananalyses en de tijd zullen uitwijzen in hoeverre deze planning realistisch is. De inzet van middelen via de onlangs opengestelde Beethovenregelingen en de provinciale Flexpoolregeling vergroten de realiteitswaarde van bovengenoemde aantallen. Tabel 3: Woningbouwplanning in jaarschijven (peildatum 1 oktober 2025) BRUTO

Woondeal

WONINGBOUWPLANNING

+ Beethoven

IN JAARSCHIJVEN

opgave

WOONDEAL ZUIDOOST-BRABANT

2022 t/m 2030

2022 t/m 2030

Realisatie

Extra of

Geplande

Geplande

Geplande

Geplande

Geplande

Geplande

+ gepland

tekort

Realisatie Realisatie Realisatie oplevering

oplevering

oplevering

oplevering

oplevering

oplevering

totaal

t.o.v.

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2022 t/m

opgave

(CBS)

(CBS)

(CBS)

(Juno)

(Juno)

(Juno)

(Juno)

(Juno)

(Juno)

2030

Woondeal + Beethoven

REGIO ZUIDOOST-BRABANT

62.125

5.255

4.630

4.960

4.575

7.050

10.608

14.752

11.642

14.321

77.793

15.668

subregio stedelijk gebied Eindhoven

49.445

3.885

3.105

3.705

3.181

5.304

6.461

12.084

9.704

11.257

58.686

9.241

Best

2.430

140

135

195

256

247

643

409

0

779

2.804

374

Eindhoven

29.425

2.435

1.290

2.175

1.867

2.686

2.950

7.284

5.338

5.451

31.476

2.051

Geldrop- Mierlo

2.170

205

195

140

17

296

189

1.044

40

818

2.944

774

Helmond

8.880

500

900

395

229

640

1.003

1.242

1.904

2.129

8.942

62

Nuenen c.a.

1.120

160

60

105

166

363

83

239

184

542

1.902

782

60

265

84

117

1.630

295

249

Son en Breugel

900

70

10

15

22

55

43

167

50

206

638

- 262

Veldhoven

Oirschot

2.590

955

160

50

410

360

493

651

1.119

188

1.026

322

1.044

753

6.016

3.426

675

Waalre

975

165

45

55

47

249

243

351

849

330

2.334

1.359

subregio A2-gemeenten

2.695

235

480

295

393

300

592

234

277

405

3.211

516

Cranendonck

765

40

125

45

61

169

260

77

0

87

864

99

Heeze- Leende

435

70

155

85

176

37

58

52

138

123

894

459

Valkenswaard

1.495

125

200

165

156

94

274

105

139

195

1.453

- 42

subregio de Kempen

3.580

485

400

470

290

453

1.311

726

494

282

4.911

1.331

Bergeijk

890

100

130

105

0

0

349

0

0

0

684

- 206

Bladel

1.130

150

65

70

164

232

396

293

198

67

1.635

505

Eersel

910

85

105

165

105

161

457

426

260

134

1.898

988

Reusel- De Mierden

650

150

100

130

21

60

109

7

36

81

694

44

subregio de Peel

6.405

650

645

490

711

993

2.244

1.708

1.167

2.377

10.985

4.580

Asten

950

100

125

115

57

3

210

293

196

748

1.847

897

Deurne

1.485

175

175

65

181

449

904

451

622

323

3.345

1.860

Gemert- Bakel

1.750

160

145

175

309

145

499

140

101

647

2.321

571

Laarbeek

1.010

65

105

65

101

282

280

427

105

239

1.669

659

Someren

1.210

150

95

70

63

114

351

397

143

420

1.803

593

Toelichting op tabel 3: De groene en grijze kolommen zijn een herhaling uit tabel 1. De zalmkleurige kolommen geven de geplande opleveringen weer zoals ze in de woningbouwmonitor zijn opgenomen.

1.2

-

De rode kolom van deze tabel bevat de aantallen die de gemeenten hebben gerealiseerd of verwachten te realiseren tot en met 2030.

-

En de lichtblauwe kolom laat tenslotte het verschil tussen de opgave en geplande opleveringen zien.

Opgave ouderenhuisvesting

In de herijking van de woondeals zijn op gemeenteniveau afspraken gemaakt over aantallen te realiseren woningen in de categorieën: nultredenwoningen, geclusterde woonvormen voor ouderen en zorggeschikte woningen. De aantallen in deze herijking zijn vooral richtinggevend en hieronder weergegeven. Het is een combinatie van de landelijke cijfers die door ABF zijn gegenereerd en die uit de provinciale bevolkings- en woningbehoefteprognose 2023.

-8-

versie 20 oktober 2025

In de regio wordt in 2025 een woningmarktonderzoek uitgevoerd in combinatie met een woonzorganalyse. De gegevens die uit dit onderzoek komen zullen onder andere gebruikt gaan worden om de opgave ouderenhuisvesting en overige huisvesting met een woonzorgcomponent concreter te maken. Tot die tijd doen we het met onderstaande gegevens, daterend van eind 2024.

Tabel 4: voorlopige opgave ouderenhuisvesting 2022 t/m 2030 Zorggeschikte woningen

Geclusterde woningen (voor ouderen)

Nultredenwoningen

Totaal ouderenhuisvesting

Asten

70

35-45

25-250

130-365

Bergeijk

45-55

-5-0

0-15

40-110

Best

60-75

65-130

405-600

530-805

Bladel

85-105

5-45

225-340

315-490

Cranendonck

105-295

5-25

140-390

250-710

Deurne

30-125

95-125

340-515

465-765

Gemeenten

Eersel

30-90

20-100

180-195

230-385

Eindhoven

245-625

800-1.525

1.675-10.685

2.720-12.835

Geldrop-Mierlo

10-85

190-255

725-730

925-1.070

Gemert-Bakel

45-50

45-80

390-645

480-775

Heeze-Leende

45-70

20-95

130-195

195-360

Helmond

120-230

315-500

940-2.670

1.375-3.400

Laarbeek

70-80

70-85

250-390

390-555

Nuenen c.a.

65-70

170-240

160-290

395-600

Oirschot

55-130

30-115

75-280

160-525

Reusel-De Mierden

35-50

10-15

215-230

260-295

Someren

10-60

20-65

120-385

150-510

Son en Breugel

-50-50

30-75

120-230

100-355

Valkenswaard

95-105

145-290

265-295

505-690

Veldhoven

60-125

100-295

700-955

860-1.375

Waalre

-10-25

100-225

235-255

325-505

1.220-2.570

2.265-4.330

7.315-20.540

10.800-27.440

Totaal Zuidoost-Brabant

1.3

Planologische borging

In de woondeal 2023 is afgesproken dat gemeenten zorgen voor voldoende plancapaciteit en dat deze tijdig hard is, zodat vergunningen afgegeven kunnen worden. Dat wil zeggen dat de plancapaciteit 130% van de opgave zou moeten bedragen en minimaal voor 3 jaarschijven hard. Deze afspraak blijft overeind. Onderstaande tabel geeft de stand van zaken weer per 2 april 2025. De gegevens veranderen steeds als er plannen worden gerealiseerd, toegevoegd of in de procedure stappen verder komen. In Juno, de woningbouwmonitor, zijn de actuele gegevens te raadplegen.

-9-

versie 20 oktober 2025

Tabel 5: Plancapaciteit in relatie tot de woningbouwopgave (peildatum 1 oktober 2025) PLANCAPACITEIT WOONDEAL ZUIDOOST-BRABANT

Resterende opgave

Resterende

Plancapaciteiten

Gemiddeld

Totale

Harde

Totale

ambitie

volgens Juno/Shintõ Labs

aantal

plancapaciteit

plancapaciteit

plancapaciteit

woningen

ten opzichte van

per

restopgave

restopgave

rest ambitie

project

Woondeal

Woondeal

Ontwikkel-

+ Beethoven

+ Beethoven

strategie

Ontwikkel-

Woondeal

strategie

+ Beethoven

2025 tot 2040

d.d. 1 oktober 2025 hard

zacht

totaal

2025 t/m 2030 (of prognose)

aantal projecten

ten opzichte van ten opzichte van

REGIO ZUIDOOST-BRABANT

47.280

91.900

26.074

83.984

110.058

1.716

64

233%

55%

120%

subregio stedelijk gebied Eindhoven

38.750

58.155

19.823

59.225

79.048

714

111

204%

51%

136%

Best

1.960

2.950

1.002

2.315

3.317

25

133

169%

51%

112%

Eindhoven

23.525

31.990

13.922

29.373

43.295

267

162

184%

59%

135%

Geldrop- Mierlo

1.630

2.290

677

1.828

2.505

42

60

154%

42%

109%

Helmond

7.085

11.390

1.197

12.766

13.963

103

136

197%

17%

123%

Nuenen c.a.

795

2.095

634

2.139

2.773

52

53

349%

80%

132%

Oirschot

580

960

227

1.999

2.226

63

35

384%

39%

232%

Son en Breugel

805

1.000

124

1.109

1.233

22

56

153%

15%

123%

Veldhoven

1.660

4.160

1.643

5.201

6.844

101

68

412%

99%

165%

Waalre

710

1.320

397

2.495

2.892

39

74

407%

56%

219%

subregio A2-gemeenten

1.685

6.340

1.047

1.964

3.011

184

16

179%

62%

47%

Cranendonck

555

4.300

316

651

967

74

13

174%

57%

22%

Heeze- Leende

125

595

242

342

584

32

18

467%

194%

98%

Valkenswaard

1.005

1.445

489

971

1.460

78

19

145%

49%

101%

subregio de Kempen

2.225

8.895

1.755

4.580

6.335

278

23

285%

79%

71%

Bergeijk

555

2.665

374

369

743

33

23

134%

67%

Bladel

845

2.715

512

1.317

1.829

70

26

216%

61%

67%

Eersel

555

2.395

516

1.919

2.435

95

26

439%

93%

102%

Reusel- De Mierden

270

1.120

353

975

1.328

80

17

492%

131%

119%

subregio de Peel

28%

4.620

18.510

3.449

18.215

21.664

540

40

469%

75%

117%

Asten

610

1.825

355

1.608

1.963

36

55

322%

58%

108%

Deurne

1.070

8.140

1.398

8.271

9.669

217

45

904%

131%

119%

Gemert- Bakel

1.270

3.555

840

2.823

3.663

154

24

288%

66%

103%

Laarbeek

775

2.755

346

3.296

3.642

56

65

470%

45%

132%

Someren

895

2.235

510

2.217

2.727

77

35

305%

57%

122%

Toelichting op tabel 5: De rode en blauwe kolom zijn herhalingen uit de tabellen 1 en 2. De roze kolommen geven de in de woningbouwmonitor geregistreerde plancapaciteiten aan en het aantal woningbouwprojecten. De grijze kolom geeft per gemeente een beeld van de gemiddelde omvang van een woningbouwproject. In de lichtgroene kolom geven de groene percentages aan dat de totale plancapaciteit 130% of meer van de Woondeal + Beethovenopgave bedraagt, de rode percentages dat deze minder is dan 130%. In de donkergroene kolom geven de groene percentages aan dat er in principe voldoende harde plancapaciteit is om 3 jaarschrijven van de opgave te kunnen realiseren, rode percentages geven aan dat het aandeel harde plannen nog te laag is om 3 jaar vooruit te kunnen. De gele kolom geeft aan hoe de totale plancapaciteit zich verhoudt tot de opgave tot 2040.

1.4

Betaalbaarheid

Uit onderzoek van ABF*is gebleken dat uit het oogpunt van de beschikbaarheid van woningen voor lagere en middeninkomens een optimaal bouwprogramma voor ca. tweederde betaalbaar is. Ook vanuit de markt wordt aangegeven dat de programma afspraak ‘tweederde betaalbaar’ realistisch uitvoerbaar is. We houden vast aan de afspraak: minimaal tweederde betaalbaar op gemeenteniveau en op regioniveau, bestaande uit sociale huur, middeldure huurwoningen en betaalbare koop. * ABF Woningmarktverkenning 2024-2039 d.d. 5-12-2024.

1.5

30% sociaal

We houden vast aan de afspraak in de Woondeal 2023 van 30% sociale huur per gemeente en per woondeal-regio in het nieuwbouwprogramma**. Dit is ook vastgelegd in provinciaal beleid wonen en de bijbehorende uitvoeringsagenda. ** Opmerking: Het huidig vigerend beleid van de gemeente Cranendonck gaat uit van 20% sociale huur.

-10-

versie 20 oktober 2025

De opgave sociale huur (het te realiseren aantal sociale huurwoningen) in deze Woondeal incl. Beethoven en de Ontwikkelstrategie Zuidoost is aanzienlijk hoger – ten opzichte van de Woondeal 2023 - dan eerder geraamd. Dit vraagt de komende tijd om de nodige aandacht en nadere uitwerking. Zie ook tabel 6, waarin een link wordt gelegd met de Nationale Prestatieafspraken 2025-2034, die het Rijk met Aedes heeft afgesproken. Uit een doorrekening van de financiële mogelijkheden van de dertien woningcorporaties in ZuidoostBrabant blijkt dat met de opgave uit de Woondeal 2023 de financiële grenzen al werden bereikt. De dertien woningcorporaties in Zuidoost Brabant willen de aanvullende opgave uit de Woondeal 2025 oppakken, maar zijn onder de huidige (financiële) omstandigheden niet in staat om dat te doen. De ondertekenende partijen voeren het gesprek hierover en onderzoeken wat er nodig is om de ambitie waar te maken. De ondertekenende partijen erkennen en onderschrijven dat de werkelijke opgave sociale huur voor de regio Zuidoost Brabant, inmiddels inclusief project Beethoven, aanzienlijk hoger is dan de berekening op basis van de NPA (Herijking doorrekening Nationale Prestatieafspraken, december 2024, p41). Partijen onderschrijven dat de opgave sociale huur uit de NPA voor de regio Zuidoost Brabant vervangen wordt door de opgave uit de Woondeal Zuidoost Brabant 2025.

De NPA kent een systematiek van periodieke actualisatie en hierin zal dus de geactualiseerde woningbouwopgave worden verwerkt. De bepaling van de mate van eventuele (over-)liquiditeit ten behoeve van het verlenen van projectsteun van corporaties in Zuidoost Brabant aan corporaties binnen en buiten de regio wordt bepaald aan de hand van een regionale solidariteitsverkenning. In een dergelijke verkenning wordt gebruik gemaakt van de meest actuele vastgestelde opgave. Waar commerciële partijen de handschoen oppakken om sociale huur te realiseren, tellen uitsluitend woningen mee als sociale huur wanneer de woningen voldoen aan een vastgestelde definitie. De Wet Versterking regie volkshuisvesting benoemt het voornemen om de definitie van een sociale huurwoning wettelijk vast te leggen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Deze woondeal sluit aan bij deze definitie. Vooruitlopend op het Bkl, geldt onderstaande definitie zoals opgenomen in de memorie van toelichting bij de Wet Versterking regie volkshuisvesting. Een sociale huurwoning is een woning*: •

•

•

met een aanvangshuur onder de sociale huurgrens (2025: € 900,07), welke bij aanvang wordt verhuurd aan huurders met een inkomen onder de DAEB inkomensgrens (2025: € 49.669 voor eenpersoonshuishoudens / € 54.847 voor meerpersoonshuishoudens); en met een instandhoudingstermijn als sociale huurwoning van minimaal 25 jaar; (Korter alleen indien de sociale huurwoningen worden verkocht met een koopconstructie die langdurig de betaalbaarheid van de woning waarborgt. Gedacht kan worden aan constructies zoals KoopGarant en Slimmerkopen.) welke via de huisvestingsverordening beschikbaar kan worden gesteld voor toewijzing aan urgente doelgroepen. Wanneer een gemeente ervoor kiest geen gebruik te maken van de mogelijkheid om woningen beschikbaar te stellen voor toewijzing aan urgente doelgroepen via de huisvestingsverordening, telt de woning toch als sociale huurwoning.

Met de laatste bullet wordt de mogelijkheid geboden om via een huisvestingsverordening sociale huurwoningen van commerciële partijen ook toe te wijzen aan urgente doelgroepen. * Huurwoningen in beheer bij een woningcorporatie en vallend onder de DAEB voldoen altijd aan de definitie van sociale huurwoning.

-11-

versie 20 oktober 2025

Tabel 6: opgave sociale huur OPGAVE SOCIALE HUUR

Opgave

Opgave

Ambitie

Ambitie

Indicatieve

Ontwikkel-

30% sociaal

bruto opgave Nationale

WOONDEAL ZUIDOOST-BRABANT

Woondeal

30% sociaal

strategie

Ontwikkel-

(BRUTO AANTALLEN)

+ Beethoven

+ Beethoven

2022 tot 2040

strategieën

Prestatie

en OS De

2022 tot 2040

Afspraken

2022 t/m 2030 2022 t/m 2030

Kempen

2025 tot 2035

REGIO ZUIDOOST-BRABANT

62.125

18.645

99.895

29.960

10.980

subregio stedelijk gebied Eindhoven

49.445

14.835

62.000

18.595

8.915

Best

2.430

730

3.420

1.025

440

Eindhoven

29.425

8.830

31.960

9.590

5.410

Geldrop- Mierlo

2.170

650

2.255

675

380

Helmond

8.880

2.665

13.185

3.955

1.605

Nuenen c.a.

1.120

335

2.420

725

185

Oirschot

955

285

1.335

400

140

Son en Breugel

900

270

750

225

180

Veldhoven

2.590

775

5.090

1.525

390

Waalre

975

295

1.585

475

185

subregio A2-gemeenten

2.695

810

7.350

2.205

410

Cranendonck

765

230

4.510

1.355

135

Heeze- Leende

435

130

905

270

30

Valkenswaard

1.495

450

1.935

580

245

subregio de Kempen

3.580

1.075

10.250

3.075

545

Bergeijk

890

265

3.000

900

120

Bladel

1.130

340

3.000

900

200

Eersel

910

275

2.750

825

190

Reusel- De Mierden

650

195

1.500

450

35

subregio de Peel

6.405

1.925

20.295

6.085

1.110

Asten

950

285

2.165

650

145

Deurne

1.485

445

8.555

2.565

255

Gemert- Bakel

1.750

525

4.035

1.210

305

Laarbeek

1.010

305

2.990

895

185

Someren

1.210

365

2.550

765

220

Toelichting op tabel 6: In de tabel is de discrepantie tussen de Nationale Prestatie Afspraken 2025-2035 en de Woondeal incl. Beethoven resp. de regionale Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant in beeld gebracht. De groen en lichtblauwe kolommen geven de Woondeal + Beethovenopgave weer en het aandeel sociale huur (30%) daarin. De gele en donkerblauwe kolom laat de woningbouwambitie van de regionale Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant en Ontwikkelstrategie De Kempen zien en het aandeel sociale huur (30%) daarin. In de oranje kolom is de bruto toevoeging van sociale huurwoningen in de periode 2025-2035 weergegeven. De opgave per gemeente is afgeleid uit de Nationale Prestatie Afspraken 2025-2035 tussen Aedes en het Ministerie van VRO, waarin alleen de totaalopgave voor de hele regio is genoemd. Vergelijking met de andere kolommen laat zien dat de opgave vanuit de Woondeal 2025 inclusief Beethoven bijna 2x zo hoog ligt als de opgave vanuit de NPA en die vanuit de ambitie van de regionale Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant ruim 1½ x zo hoog (wanneer je de Woondeal + Beethoven, Ontwikkelstrategie en NPA terugrekent naar gemiddelde jaarlijkse opgave, de aantallen betreffen namelijk verschillende tijdsperiodes). Opmerking: De realisatie van sociale huurwoningen wordt nog niet centraal en eenduidig geregistreerd, alleen de netto toevoegingen in de sociale huurvoorraad van corporaties.

De monitoring is nu nog in handen van de betreffende gemeenten en corporaties.

-12-

versie 20 oktober 2025

2. Realisatie 2.1

Sleutelprojecten

Het vastleggen van regionale sleutelprojecten helpt om middelen en capaciteit te richten. Per 1 oktober 2025 hebben de 21 gemeenten van de regio samen ruim 1.700 woningbouwprojecten onderhanden, variërend van hele kleine van één tot enkele woningen tot hele grote plannen met duizenden woningen. In het kader van de woningbouwversnelling worden door de regio projecten aangewezen als sleutelprojecten. Sleutelprojecten zijn de projecten die het meeste aandacht krijgen en de grootste prioriteit hebben, zoals in de Woontop van december 2024 afgesproken. De sleutelprojecten voorzien samen in het overgrote deel van de woningbouwopgave van de regio. In tabel 7 is een overzicht te vinden van de huidig gedefinieerde sleutelprojecten, dit is en blijft een momentopname. Het doel van de sleutelprojectenlijst in deze Woondeal is zoals hierboven beschreven focus, aandacht van geplande woningbouwprojecten met de lijst als monitoringsmiddel. De projecten op de lijst zijn alle regionaal afgestemd. Indien de lijst ingezet gaat worden voor andere doeleinden dan deze Woondeal, dient dit teruggekoppeld te worden aan de regio en dient de lijst mogelijk geactualiseerd te worden. Alle woningbouwplannen worden door de aangesloten gemeenten bijgehouden in Juno (van Shintõ Labs), de centrale woningbouwmonitor. Daar is dan ook steeds de meest actuele planinformatie te vinden.

Het door het Rijk gevraagde format met detailinformatie over de sleutelprojecten zal zodra dit gereed is separaat worden aangeleverd. De 21 regiogemeenten hebben tevens besloten om het openbare deel van de planinformatie te ontsluiten via een publiek toegankelijke woningbouwmonitor. Via de gemeentelijke websites en de website van de MRE is deze planinformatie te vinden [Publieke Woningbouw Monitor]. Intussen hebben 13 van de 21 gemeenten in de regio hun openbare planinformatie op deze wijze gedeeld, de overige 8 gemeenten volgen nog.

-13-

versie 20 oktober 2025

Tabel 7: Sleutelprojecten Sleutelprojecten woningbouw Zuidoost-Brabant 2025 t/m 2030 Categorieën:

De projecten zijn nog niet, of pas deels in uitvoering. Alle locaties zijn ruimtelijk voorstelbaar evt. met aandachtspunten. Gemeente

Naam project

Momentopname, versie 1 oktober 2025

A

Grote locaties die een bijdrage hebben gekregen van het Rijk

B

Regionaal significante locaties, vanaf ca. 200 woningen

C

Belangrijkste locaties van lokale betekenis, voor zover niet eerder genoemd

Aantal

In- of

woningen

uitbreiding,

Categorie Oplevering vanaf

Ontvangen

Van

bijdrage

tijdelijk 1

Asten

Loverbosch fase 3a

230

uitbreiding

C

2027

2

Asten

Biesvelden 1 & 2 (Loverbosch IV)

670

uitbreiding

B

2030

3

Asten

Ommel hogeweg

150

uitbreiding

C

2029

4

Bergeijk

Kapelledries fase III

60

uitbreiding

C

2027

5

Bergeijk

Hoge Berkt II

235

uitbreiding

B

2033

6

Bergeijk

Molenstraat Eind (Riethoven)

250

uitbreiding

B

2027

7

Bergeijk

Tiliaans Noord fietscross

70

uitbreiding

C

2027

8

Best

Stationsgebied

600

inbreiding

A

2027

9

Best

Aerlesche Erven

880

uitbreiding

B

2023

10

Best

Steegsche Velden- West

700

uitbreiding

B

2028

11

Best

Boomgaard

300

inbreiding

B

2028

12

Bladel

Centrumlocaties Bladel

169

inbreiding

C

?

13

Bladel

Hapert- west

400

uitbreiding

C

2031

14

Bladel

Tussen de Dycken

85

inbreiding

C

2028

15

Cranendonck

Neerlanden II & III

168

uitbreiding

A/C

2025

16

Cranendonck

Boschakkers II

69

uitbreiding

C

2027

17

Deurne

Groene Heerlijkheid

319

inbreiding

A

2026

18

Deurne

Grote Bottel- Binderendreef

328

uitbreiding

B

2027

Centrumlocaties Deurne (Poort van Deurne, Visser,

19- 23 Deurne

317

inbreiding

C

2026

24

Eersel

Wintermans

290

inbreiding

B

2027

25

Eersel

Veldhoek Eersel

175

uitbreiding

C

2026

26

Eersel

Nardushoek

94

uitbreiding

C

2028

27

Eindhoven

1e Lieven de Keylaan/Waghemakerstr/Dr.Cuyperslaan

212

inbreiding

B

2027

28

Eindhoven

Boschdijk 525 (Philips Nederland gebouw VB)

773

inbreiding

B

2027

29

Eindhoven

Castiliëlaan Buurtschap te Veld - Living Lab 040

115

Tijdelijk

A

2025

30

Eindhoven

Castiliëlaan Buurtschap te Veld - Regulier

160

Tijdelijk

A

2025

31

Eindhoven

Cederlaan - Drukkerijkwartier (vh Eindhoven Packaging)

219

inbreiding

B

2030

32

Eindhoven

Daalakkersweg Sectie C

1.400

inbreiding

B

2031

33

Eindhoven

Emmasingelkwadrant Kavel B

529

inbreiding

A

2028

34

Eindhoven

Emmasingelkwadrant fase 1 Kavel A TAC- Focus

249

inbreiding

A

2026

35

Eindhoven

Emmasingelkwadrant Kavel A Victoriatoren

369

inbreiding

A

2028

36

Eindhoven

Emmasingelkwadrant Kavel C fase 4 (vh kantoor

187

inbreiding

A

€ 2.523.052

VRO - WBI 6

€ 862.500

SBI

€ 1.604.732

VRO - WBI 3

€ 5.006.430

VRO - WBI 1

Dunantweg, Kerkstraat, Hogeweg en Lagekerk)

Woonbedrijf) Eindhoven

Gildebuurt / Bakkerstraat e.o.

219

inbreiding

B

2026

38

Eindhoven

Internationale knoop XL - District E (VVV locatie)

729

inbreiding

A

2030

39

Eindhoven

Internationale knoop XL - Kavel 9A - Dutch Mountains

278

inbreiding

A

2032

40

Eindhoven

Internationale knoop XL - Vierlander Kavel 1b (Bogert

283

inbreiding

A

2028

andere deelplannen) en specifiek voor TAC ook € 2.536.502 SBI 1

2029

37

oost)

VRO - WBI 1 (ook voor € 4.500.000

€ 1.500.000

VRO - WBI 2 VRO - WBI 3 (voor meer

€ 23.311.954

dan deze twee deelgebieden)

41

Eindhoven

Internationale knoop XL - Lichthoven 1 (Lightyards)

348

inbreiding

A

2027

€ 2.437.884

VRO - SBI 1

42

Eindhoven

Internationale knoop XL - Lichthoven 2 (Edge)

175

inbreiding

A

2026

€ 2.187.500

VRO - SBI 1

43

Eindhoven

Kanaaldijk Zuid HUGO kavel Noord / Bakkers Hommen

700

inbreiding

B

2029

44

Eindhoven

KanaaldijkZuid/DirkBoutslaan Caai (vh Campina)

733

inbreiding

B

2025

45

Eindhoven

Karel de Grotelaan 355/Humperdincklaan 2-4 INCK

400

inbreiding

B

2028

46

Eindhoven

Marconilaan/hoek Antony van Leeuwenhoeklaan (vh

278

inbreiding

B

2026

Steenhandel Slegers) De Sierlijke Dames 47

Eindhoven

Stadhuisplein Begijnenhof 27- 29

201

inbreiding

A

2029

48

Eindhoven

Stadhuisplein/MO/TiO/ Noordkant - Citywall

330

inbreiding

A

2029

49

Eindhoven

Schellenskwartier Schellens - Vestdijk / Bleekweg

350

inbreiding

B

2031

50

Eindhoven

Stadshart Woensel - WoensXL

3.000

inbreiding

A

2028

51

Eindhoven

Strijp S fase 4 Veld B

110

inbreiding

A

2030

52

Eindhoven

Strijp S fase 4 Veld A

513

inbreiding

A

2029

53

Eindhoven

Strijp S fase 4 Veld C

300

inbreiding

A

2031

54

Eindhoven

Strijp S fase 4 Veld D Delta

237

inbreiding

A

2027

55

Eindhoven

Strijp S fase 4 Veld V

263

inbreiding

A

2028

56

Eindhoven

Strijp S fase 4 Veld W.1 glasgebouw

177

inbreiding

A

2027

57

Eindhoven

Strijp S Veld J.2

200

inbreiding

B

2028

58

Eindhoven

Tongelresche Akkers

455

uitbreiding

B

2028

59

Eindhoven

Vestdijk (Van der Meulen Ansems) VDMA

824

inbreiding

A

60

Eindhoven

Visserstraat e.o. (eigendommen Verouden)

213

inbreiding

A

61

Eindhoven

Winkelcentrum Kastelenplein

900

inbreiding

B

2031

VRO - WBI 6H (voor meer € 5.952.152

dan deze twee deelplannen)

-14-

€ 12.257.424

VRO - WBI 6

€ 6.043.704

VRO - WBI 3

2026

€ 1.967.111

VRO - WBI 6

2027

€ 1.700.000

VRO - SBI 1

versie 20 oktober 2025

Gemeente

Naam project

Aantal

In- of

woningen

uitbreiding,

Categorie Oplevering

Ontvangen

Van

vanaf

bijdrage € 7.814.927

VRO - WBI 2

tijdelijk 62

Geldrop- Mierlo

Centrumimpuls Geldrop

800

inbreiding

A

2026

63

Geldrop- Mierlo

Luchen, Mierlo

500

uitbreiding

B

2025

64

Geldrop- Mierlo

Appelaar en Akert

143

inbreiding

C

2028

65

Gemert- Bakel

Van den Ackerterrein

155

inbreiding

C

2030

66

Gemert- Bakel

Doonheide III

249

uitbreiding

B

2030

67

Gemert- Bakel

Deelse Kampen

800

uitbreiding

B

2029

68

Heeze- Leende

De Bulders

240

uitbreiding

B

2025

69

Heeze- Leende

De Breedvennen

48

inbreiding

C

2027

70

Heeze- Leende

Wilhelminapark Heeze

111

inbreiding

C

2029

71

Helmond

Centrum- noord

900

inbreiding

A

?

€ 8.500.000

VRO - WBI 1

72

Helmond

Brainport Smart District (tijdelijke woningen)

500

tijdelijk

A

?

€ 3.195.540

VRO - WBI 2

73

Helmond

Nieuw Brandevoort (Brainport Smart District)

2.100

uitbreiding

B

2026

74

Helmond

Centrum Plus (excl. Transformatie Stationskwartier en

2.500

inbreiding

B

?

1.500

inbreiding

A

2026

Houtsdonk) 75- 76 Helmond 77- 81 Helmond

Transformatie Stationskwartier en Houtsdonk Helmond- Noord (Adelaarsplein, OMO - Ruusboeclaan ,

581

inbreiding

B

2026

678

inbreiding

B

2027

€ 6.770.133

VRO - WBI 6H

€ 16.123.250

BO MIRT 2022

€ 423.550

VRO - SBI 1

winkelcentrum de Bus, Vondellaan, OMO De Knip) 82- 89 Helmond

Helmond- Oost (Floriskwartier (Oud Moskou), Woonzorgzone (Praktijkschool Straakvense Bosdijk), Ons Francien (Bestevaer/Deurneseweg), van Meelstraat, Garagelocatie Oost, Kleine Willem, Goede Herder Oost en De Braak)

90

Helmond

Wonen op Suyt

199

inbreiding

A

2025

91

Laarbeek

Heuvelsche Velden, Beek en Donk

65

uitbreiding

C

2026

92

Laarbeek

Klokkengieterij, Aarle- Rixtel

63

inbreiding

C

2026

93

Laarbeek

BD Beekse Akkers 2e fase

412

uitbreiding

B

2027

94

Nuenen c.a.

Nuenen- West

225

uitbreiding

B

2025

95

Nuenen c.a.

Vinkenhofjes

137

inbreiding

C

2025

96

Nuenen c.a.

Kloostertuin

115

inbreiding

C

2029

97

Oirschot

De Kemmer

400

uitbreiding

B

2028

98

Oirschot

Ekerschot- Noord fase II

109

uitbreiding

C

2030

99

Oirschot

Oostrand Middelbeers

157

uitbreiding

C

2028

100

Reusel- De Mierden

Rogse Wieken (Hooge Mierde)

94

uitbreiding

C

2027

101

Reusel- De Mierden

Hasselt III (Lage Mierde)

61

uitbreiding

C

2030

102

Someren

Someren- Noordwest

345

uitbreiding

B

2030

103

Someren

Someren- Noordoost

250

uitbreiding

B

2028

Centrumplan : Wilhelminaplein Oost en Noord

139

inbreiding

C

2028

104-105 Someren 106

Son en Breugel

Planetenlaan/Eind

46

inbreiding

C

2028

107

Son en Breugel

Ruysdaalstraat

43

inbreiding

C

2028

108

Valkenswaard

Dommelseweg- Luikerweg

189

inbreiding

C

2030

109

Valkenswaard

Valkenstaete

81

inbreiding

C

2027

110

Valkenswaard

Dorpstraat 86

103

inbreiding

C

2033

111

Veldhoven

City Centrum

750

inbreiding

B

2028

112

Veldhoven

Zilverackers

1.200

uitbreiding

A

2025

€ 1.341.515

VRO - WBI 6H

113

Veldhoven

Djept

302

inbreiding

A

2026

€ 1.230.000

VRO - SBI 1

114

Veldhoven

Genderkwartier

196

inbreiding

B

2025

115

Veldhoven

Homebase de Run

200

inbreiding

B

2030

116

Waalre

Ekenrooi- zuid

229

uitbreiding

B

2030

117

Waalre

Brabantiapark

112

inbreiding

C

2027

118

Waalre

Waalre- noord

610

uitbreiding

B

2025

2.2

Totaal aantal woningen in sleutelprojecten

41.625

Percentage van totale bruto nieuwbouwopgave 2025 t/m 2030

88%

Versnellingsteam /-tafel

Sinds 2024 wordt met een regionaal versnellingsteam gewerkt. In het regionale versnellingsteam werken gemeenten, corporaties, marktpartijen, provincie en Rijk samen aan de versnelling van de (betaalbare) woningbouw. In 2025 gaan we de volgende fase in waarbij specifieke aandacht is voor het monitoren van de regionale opgave en voortgang en het faciliteren van kennisontsluiting en het delen van de opgedane kennis aan de tafels met alle andere betrokkenen bij de woondeal. Dat de versnellingstafels de kennisoverdracht stimuleren, dat partijen geattendeerd worden op complexe issues uit de praktijk. Aan de regionale versnellingstafel wordt door publieke en private partijen focus aangebracht in de realisatie van de locaties/projecten op regionaal abstractieniveau. Er moet meer aandacht zijn voor de communicatie tussen versnellingstafel en de bestuurlijke en ambtelijke tafels in de regio (bijvoorbeeld via een periodieke terugkoppeling). De provincie coördineert een periodiek overleg met en tussen de voorzitters van de regionale versnellingstafels.

-15-

versie 20 oktober 2025

De provincie heeft ook directe lijnen met andere provincies en de landelijke versnellingstafel. Daarnaast organiseert de provincie een aantal malen per jaar een provinciale versnellingstafel via het Bouwplatform Brabant. 2.3

Conceptueel en industrieel bouwen

Om versneld voldoende (betaalbare) woningen te bouwen gaan we conceptueel ontwikkelen en industrieel bouwen stimuleren en opschalen, zo zorgen we voor continuïteit en voorspelbaarheid voor de bouwsector. We zetten in op het realiseren van duurzame woningen waar het kan en betaalbaar is. Om de vergunningverlening voor deze vormen van woningbouw te versnellen dienen zowel industriële bouwers als betrokken onafhankelijke organisatie zoals KIWA, SKG e.d. zorg te dragen voor de benodigde typegoedkeuringen en systeemgoedkeuringen, zodat woningen niet meer in elk project apart getoetst te hoeven worden aan wettelijke vereisten. Als regio zetten wij hierop in middels de gezamenlijke aanbesteding van duurzame sociale huurwoningen door corporaties en gemeenten in Zuidoost-Brabant (WoonST 1.0 en 2.0). 2.4

Duurzaam bouwen

In de regio wordt ingezet in op het bouwen van duurzame woningen en waar het kan BioBased zoals afgestemd in het Convenant Biobased bouwen en telen in de Metropoolregio Eindhoven d.d. 3 december 2024 en ondertekend tijdens de Omgevingsdag in december 2024. De haalbaarheid en betaalbaarheid van ieder project is en blijft maatwerk t.a.v. wensen en eisen. 2.5

Beter benutten bestaande voorraad

Met nieuwbouw alleen wordt het woningtekort niet snel genoeg ingelopen. Daarom is betere benutting van de bestaande woningvoorraad en omzetting van ander vastgoed naar woningen waar mogelijk gewenst. De regio zet zich in om de resultaten van de “Beter-benutten-scan” (StecGroep, 2024) actief te bespreken. In 2025 wordt in de regio gewerkt aan een verdiepende analyse van de potentie voor beter benutten, vertaald naar een realistische ambitie/opgave voor de periode tot en met 2040. De provinciale inzet is om afspraken te maken in de regionale woondeals over deze ambitie/opgave en hoe het beter benutten als middel meegenomen kan worden in de verankering van de woningbouwprogrammering. Het beter benutten van de bestaande voorraad door middel van o.a. Deelwonen en Friendswonen wordt op dit moment niet meegenomen in de realisatieaantallen. Het huisvesten van meerdere huishoudens in één woning draagt wel bij aan verlichting van de druk op de woningmarkt. Het ligt voor de hand om elk gehuisvest huishouden mee te laten tellen voor het vervullen van de woonruimteopgave. Daarom ondersteunen ondergetekenden het principe dat elk huishouden in een Deelwoning en Friendswoning en andere categorieën waarbij corporaties extra huishoudens kunnen vestigen in de sociale huur meetelt voor het vervullen van de opgave. We zetten ons in om dit in de komende periode te operationaliseren. 2.6

Efficiënt en effectief planproces / Parallel Plannen

Op de Woontop in december 2024 is de afspraak gemaakt dat er zoveel mogelijk woningen gerealiseerd worden via de methode van parallel plannen (afspraak 15) waarmee het bouwproces versneld kan worden. Parallel plannen is een van de vormen van een efficiënt en effectief planproces.

-16-

versie 20 oktober 2025

Denk hierbij ook aan de 100-dagen aanpak in Breda, Veldhoven en West-Brabant en de pilots van parallel plannen in o.a. Tilburg, Den Bosch en Eindhoven. Een efficiënt en effectief planproces duidt vooral op het strikter toepassen van het projectmatig werken principe in een korter tijdsbestek dan nu het geval is, door bepaalde onderdelen in de voorbereiding tegelijkertijd uit te voeren. Maar dat betekent ook dat gemeenten keuzen moeten maken door te (leren) prioriteren omdat met de huidige capaciteitstekorten het niet mogelijk is om aan elk initiatief mee te werken. Regionaal wordt in samenwerking met de provincie het effectief planproces gestimuleerd en nader uitgewerkt. Provinciaal wordt er aansluitend gewerkt aan standaardisatie van plandocumenten. 2.7

Kwalitatief (her)programmeren

Met betrekking tot de “handreiking kwalitatief (her)programmeren” (StecGroep, 2024) worden binnen de regio procesafspraken gemaakt om te komen tot een regionaal afwegingskader voor woningbouwplannen. Het regionale kader dient als basis voor iedere gemeente om een woningbouwplan te toetsen aan de afspraken uit de woondeal. Gemeenten zijn vrij om het regionale basis afwegingskader naar eigen wens op lokaal niveau verder in te richten. 2.8

Kritische succesfactoren (KSF)

Om de regionale woningbouwopgave voor elkaar te krijgen, is het nodig dat een aantal kritische succesfactoren (KSF) invulling krijgt. Op veel van de randvoorwaarden is verdere beweging en actie benodigd, omdat zij anders een meer vertragende factor zijn voor de woningbouwopgave en het behalen van de afspraken. Deze randvoorwaarden zijn door de provincie, samen met de andere provincies onderzocht en geprioriteerd. Daarnaast zijn er ook andere kritische succesfactoren, zoals de beschikbare capaciteit bij bouwbedrijven. De Brabantse rapportage is onderdeel van een bredere Nationale rapportage die najaar 2025 wordt gepubliceerd. In deze herijking van de Woondeal is een samenvattende tekst opgenomen. Door beter inzicht te hebben in omvang en impact van de KSF, kan gerichter het gesprek gevoerd worden met relevante partners als het Rijk, gemeenten, woningcorporaties, waterbedrijven, netbeheerders etc. over het toewerken naar aanpak en oplossing van de KSF. Het onderzoek waar het onderstaande uit komt, wordt via het IPO aan het Rijk voorgelegd en zal daar ook verder besproken worden om tot aanpak en oplossingen te komen. Dat vervolg is daarmee geen onderdeel van deze woondeal. De geprioriteerde kritische succesfactoren zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

Publiek onrendabele toppen Investeringsruimte woningcorporaties Stikstof Netcongestie Tekort aan ambtelijke capaciteit Vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water en spoor Drinkwater Herstructurering -17-

versie 20 oktober 2025

Impact op de woningbouwopgave in Brabant: KSF

Impact

Termijn

Publiek onrendabele toppen

Korte termijn

Investeringsruimte woningcorporaties

Lange termijn

Stikstof

Korte termijn

Netcongestie

Korte termijn

Tekort ambtelijke capaciteit

Korte termijn

Vervoer gevaarlijke stoffen spoor, weg, water

Korte termijn

Drinkwater

Korte termijn

Herstructurering

Korte termijn

Toelichting per onderdeel (alle genoemde aantallen en bedragen zijn op provinciaal niveau): Publiek onrendabele top: de publiek onrendabele top wordt voor Brabant ingeschat op 2,6 miljard euro (inclusief de bovenplanse infrastructuur). En raakt ca 72.000 woningen, ofwel ca 55% van de woningbouw tot en met 2030. Investeringsruimte woningcorporaties: het ziet er naar uit dat de Brabantse woningcorporaties tot en met 2030 voldoende investeringsruimte hebben om de volkshuisvestelijke opgave te realiseren. In de regio Zuidoost Brabant geven de corporaties echter aan dat zij financieel niet in staat zijn om de ophoging van de Regionale Woondeal te realiseren en hiervoor oplossingen zoeken. Stikstof: 100% van de woningbouwplannen ligt binnen 25 km van een stikstofgevoelig Natura 2000 gebied. Per woningbouwplan moet afgewogen worden of een effect op het Natura 2000 gebied te verwachten is en of daarmee een natuurvergunning moet en kan worden aangevraagd. Veelal zal een natuurvergunning wel benodigd zijn. Omdat per woningbouwplan een afweging gemaakt moet worden, is niet aan te geven welk aandeel van de woningbouw in Brabant hierdoor vertraagt en welke kosten dit met zich meebrengt. Rijksbesluiten zijn nodig om uit de stikstof impasse te komen, omdat de handelingsruimte van andere partijen (incl. de provincie) om tot een oplossing te komen niet groot genoeg is.

Netcongestie: voor netcongestie kunnen op dit moment geen harde conclusies worden getrokken over de impact op de woningbouwopgave, door gebrek aan informatie. Wel is de verwachting dat deze KSF op korte termijn een zeer grote kans geeft op woningbouwvertragingen, waarbij wijzigingen rondom netreserveringen tot extra onzekerheid leiden. Tekort ambtelijke capaciteit: er is een tekort aan ambtelijke capaciteit bij alle gemeenten en in alle disciplines, maar met name projectmanagers, juristen en vergunningverleners. Het totale tekort bedraagt ca 340 fte. Hiermee is een bedrag gemoeid van 410 miljoen euro. Door het gebrek aan ambtelijke capaciteit ontstaat woningbouwvertraging. De inschatting is dat minimaal 16% van de restopgave woondeal vertraagd wordt, ofwel ca 18.500 woningen. Vervoer gevaarlijke stoffen over spoor, weg en water: voor woningbouw moet rekening gehouden worden met externe veiligheid in de zogenoemde aandachtsgebieden (brand, explosie, -18-

versie 20 oktober 2025

gifwolk) rond weg, spoor en water. Minstens 35% van de restantopgave woondeal is gelegen binnen de aandachtsgebieden rondom spoor, weg en water. Dit betekent niet per definitie dat al deze woningen risico lopen op woningbouwvertraging en/of kostenverhoging. Met name bij grotere binnenstedelijke ontwikkelingen (spoorzones) kan deze KSF tot een stapeling van complexiteit leiden. Drinkwater: drinkwater is in West-Brabant een acuut vraagstuk en is in heel Brabant voor 2030 nijpend. De verwachting is dat dit niet direct voor de woningbouwopgave een effect heeft op de drinkwaterlevering, aangezien voor de drinkwaterbedrijven een leveringsplicht voor huishoudens geldt. Maar het is onzeker of levering van drinkwater de komende jaren nog gegarandeerd kan worden, zonder waterbesparing en de beschikbaarheid van aanvullende bronnen waar op wordt ingezet. Tegelijk is het gebrek aan drinkwater nu direct van impact op benodigde voorzieningen, zoals winkels en medische centra. De toename van het aantal huishoudens in Brabant vraagt immers ook om uitbreiding van voorzieningen. Herstructurering: herstructurering is niet een belemmerende KSF maar een positieve meekoppelkans voor de woningbouwopgave. Wanneer de herstructureringsopgave en het beter benutten van de bestaande voorraad niet tegelijkertijd worden opgepakt, blijven mogelijkheden liggen om de woningbouwopgave te realiseren. 3.

Doelgroepen

3.1

Evenredige opgave

Belangrijker dan de exacte cijfers m.b.t. ouderenhuisvesting en huisvesting voor andere aandachtsgroepen, is de realisatie ervan. Daarop moet in de komende periode de aandacht zich richten. De komende jaren zullen inspanningen in de regio Zuidoost-Brabant zich richten op realisatie en gezonde spreiding van huisvesting voor aandachtsgroepen. Hiertoe zijn reeds diverse gerichte trajecten opgestart; er wordt een regionale woonzorganalyse uitgevoerd, een huisvestingsverordening en urgentieregeling worden regionaal afgestemd. 3.2

Studentenhuisvesting

In de Woondeal 2023 is opgenomen dat nadere afspraken gemaakt worden over de regionale spreiding van de opgave studentenhuisvesting. De opgave bedraagt 3.800 eenheden van 2024 t/m 2030 (waarvan 2.280 onzelfstandig (60%) en 1.520 zelfstandig (40%). Zelfstandige studenteneenheden worden meegeteld als onderdeel van de reguliere woningbouwopgave. Voor de opgave onzelfstandige studenteneenheden geldt: • Eindhoven neemt 75% van deze opgave voor haar rekening; • Helmond neem 15% van deze opgave voor haar rekening; • De overige regiogemeenten staan aan de lat voor de resterende 10%, waarbij de gemeenten in de regio die met fiets en OV goede verbindingen met de onderwijsinstellingen hebben het meest voor de hand liggen als de gemeenten die gezamenlijk die 10% opvangen. Ter concretisering zullen de percentages op lokaal niveau vertaald moeten worden naar locaties en concrete projecten om uitvoering van de afspraak zeker te stellen. En deze projecten zullen in de woningbouwprogrammering een plek moeten krijgen. Via uitwerking van het Convenant Beethoven zullen hiervoor extra middelen ter beschikking worden gesteld. Een periodiek overleg van de betrokken

-19-

versie 20 oktober 2025

overheden, corporaties, onderwijsinstellingen en ontwikkelaars van studentenhuisvesting wordt ingesteld om de planvorming en realisatie te bevorderen en de voortgang te monitoren. 4.

Proces - Sturing - Monitoring

In Brabant heeft inmiddels elke gemeente ‘Juno’ van Shintõ Labs aangeschaft als monitoringssysteem. Via deze monitor zorgen we voor afstemming aan de regionale en lokale versnellingstafel en het periodiek aandragen van de juiste informatie (planlijsten, voortgang, inzicht in alternatieve projecten). Monitoring is een belangrijk item voor alle partijen, zowel voor het Rijk als Provincie en betrokken gemeenten. Naast het toetsen van realisatieafspraken kan middels monitoring ook actief sturing gegeven worden aan (lokaal) beleid. Om monitoring zo efficiënt mogelijk in te richten wordt het programma Juno gehanteerd als uitgangspunt. Juno wordt ingezet voor en door de gemeenten, en is gebruikt als onderliggen voor de publieke woningbouwmonitor. De publiek private monitor (PPM) is in ontwikkeling en ook hiervoor is Juno de basis. De PPM zal worden ingezet bij de regionale versnellingstafel waarbij gemeenten, woningcorporaties, (commerciële) ontwikkelaars, provincie en het Rijk in gesprek zijn over de regionale opgave en versnellingsmogelijkheden. 4.1

Actualisatie afspraken woningbouwopgave

Er is afgesproken om de woondealafspraken periodiek te herijken, dan wel te actualiseren. Ook afspraken die tijdens de Woontop worden gemaakt, leiden indien nodig tot herziening van de woondealafspraken. In overleg met provincies en gemeenten werkt het Rijk aan een actualisatiecyclus. Dit moet leiden tot een cyclus waarbij iedere drie jaar wordt vooruitgekeken naar de komende tien jaar. En waarbij doelstellingen en afspraken bijgesteld kunnen worden. Ook deze woondeal zal in die cyclus worden geactualiseerd. Naast het actualiseren van woondealafspraken, werken we ook met monitoring van afspraken. Monitoring is een doorlopend proces bij de uitvoering van afspraken om te kunnen bijsturen en eventueel in te grijpen bij vertraging in de woningbouwrealisatie. Juno, de regionale woningbouwmonitor is daarbij een belangrijk sturingsinstrument. Actualisatie richt zich op de langere termijn en op de doelstellingen die ten grondslag liggen aan de gemaakte afspraken. Daarom vindt actualisatie, zoals nu is voorzien, eens per drie jaar plaats. 5.

Uitvoeringsagenda en bestuursopdrachten

Na vaststelling van de Woondeal 2023 is besloten om de uitvoering te structureren aan de hand van deelprojecten die als bestuursopdrachten worden vastgesteld door de Stuurgroep Woondeal ZOB, na consultatie van het Platform corporaties MRE en het portefeuillehoudersoverleg Ruimte en Wonen MRE. Op basis van acties voortkomend uit deze hernieuwde Woondeal (2025) wordt het huidige uitvoeringsprogramma geactualiseerd en geconcretiseerd en gezamenlijk vastgesteld, uiterlijk in het eerste kwartaal van 2026.

Bijlage Ruimte en wonen | Metropool Regio Eindhoven / 2025-Regionale-Begrippenlijst-Wonen.pdf -20-

versie 20 oktober 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16379612/1