CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

20240229 Beeldvormende avond Bouwgids - Deel IV - Handreiking participatie Omgevingswet gemeente Nuenen

Beeldvormende raadsbijeenkomst 29 februari 2024, gemeente NuenenBij agendapunt: Bouwgids1.965 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Omgevingswet Gemeente Nuenen

CONCEPT 17-,02-2024

ffi

Gemeente Nuenen

lnhoudsopgave

Inleiding

3

1. Bepaal het participatieniveau.

3

2. Maak een participatieplan

3

3. Voer het participatieplan uit...

4

Bijlage 1: Het participatieniveau bepalen

5

Vraag 1: hoe ' groot' is uw initiatief/plan?...........

5

Vraag 2: Welke positieve invloed heeft het initiatief op de omgeving?

5

Vraag 3: ls er hinder van het initiatief voor de omgeving, na realisatie?........................

6

Vraag 4: Krijgt het initiatief veel aandacht, bv. in politiek, van inwoners of media?

6

Samengevat: Het participatieniveau van het initiatief.....

7

Bijlage 2: Format participatieplan

8

Participatieniveau

8

Belanghebbenden

8

Aanpak

8

Activiteitenplanning

8

Verslaglegging ...........

8

Bijlage 3: Format Participatieverslag...

9

2

lnleiding Een goed initiatief vraagt om samenwerking en afstemming met omwonenden/inwoners, ondernemers, overheids- en andere organisaties. ln de Omgevingswet is daarom opgenomen dat participatie een belangrijk onderdeel is van plannen/initiatieven in de fysieke woon- en leefomgeving. De gemeente betrekt dan ook de hele omgeving bij het opstellen van een Omgevingsplan. Dit Omgevingsplan bevat de gemeentelijke regels voor activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Denk daarbij aan het bouwen van huizen, bomen kappen of juist groen aanleggen, hoe en waarvoor gebouwen gebruikt mogen worden (zoals voor wonen of voor bedrijfsactiviteiten) etc. Werkt u aan een initiatief dat niet past binnen de regels van het omgevingsplan? Dan is het belangrijk om de omgeving goed en op tijd te betrekken. Door participatie zorgt u ervoor dat alle belangen, meningen, kennis en creativiteit direct op tafel komen. Door verschillende belangen, maar juist ook goede ideeën met elkaar te bespreken, worden uw plannen beter en is er meer kans op betrokkenheid. Daarom is het sowieso een goed idee om in dialoog te gaan met de omgeving, ook al past uw initiatief naadloos in het geldende Omgevingsplan. Bij een initiatief vraagt de gemeente dan ook altijd aan de initiatiefnemer of en hoe belanghebbenden zijn betrokken en wat er met hun inbreng is gedaan.

Voor de goede orde:_Participatie wordt ingezet in de fase voorafgaand aan de besluitvorming. De wettelijke zienswijze- en bezwaar-lberoepsprocedure naar aanleiding van de besluitvorming komt hierdoor niet te vervallen. Het blijft daardoor mogelijk dat zienswij-zelbezwaar ingediend kan worden tegen een projectbesluit, omgevingsplan of een verleende vergunning. Het participatietraject bestaat uit een aantal stappen, die we hieronder uitleggen en waarvoor we tools aanreiken.

1. Bepaal het participatieniveau Participatie kan op veel manieren vormgegeven worden. U kunt belanghebbenden betrekken bij uw plan door ze er simpelweg over te informeren (het ene uiterste) of door ze mee te laten beslissen hoe uw plan eruit ziet (het andere uiterste). Wat is nu het meest passend? Als uitgangspunt nemen we over het algemeen de mate van invloed dat uw plan heeft op de omgeving. Hoe groter de invloed op de omgeving, hoe meer participatie gewenst is. En die invloed bestaat niet alleen uit hoe groot de oppervlakte van de bouwplannen is, maar vooral welke uitwerking ze hebben (overlast of juist profijt) en hoeveel waarde anderen daar aan hechten (wordt het belangrijk gevonden). We hanteren drie participatieniveaus: beperkt, gemiddeld en veel participatie. Om u te helpen bepalen

welk participatieniveau past bij uw plan, hebben we een scoringslijst gemaakt (zie bijlage 1).

2. Maak een participatieplan Geef daarin de volgende dingen aan: Welk participatieniveau u gekozen heeft en waarom. Welke deelnemers u uitnodigt (belanghebbenden) Hoe u in gesprek gaat, wat gaat u organiseren om belangen, maar ook ideeën op tafel te krijgen. Wat u gaat doen met de inbreng Wanneer en hoe u verslag uitbrengt van het participatietraject Een format voor een participatieplan vindt u in bijlage 2.

o o o o o

Met de omgeving in gesprek gaan kan op heelveel manieren. U kiest een manier die past bij het participatieniveau van uw project. Over het algemeen geldt: hoe hoger het participatieniveau, hoe meer tweerichtingsverkeer en invloed van betrokkenen op de plannen. Bij een beperkt traject kan een informatiebrief of simpele enquête volstaan, bij een zwaarder traject kunt u denken aan keukentafelgesprekken, dialoogsessies of een ontwerp-atelier.

3

Ga zo vroeg mogelijk een open en actief gesprek aan met belanghebbenden, de mensen die gevolgen ondervinden van het initiatief. Maar betrek ook mensen/partijen met specialistische kennis, zoals de gemeente, (ervarings)deskundigen, belangenverenigingen etc. 3. Voer het participatieplan uit Oftewel: volg het participatietraject dat u in uw plan hebt beschreven. Een dergelijk traject is vaak een dynamisch proces, waarbij aan het begin niet altijd even goed te voorspellen valt hoe het zal verlopen. Wees daarom flexibel en pas uw plan aan als de situatie daar om vraagt.

4. Maak een participatieverslag Last but not least: maak een verslag van het participatietraject. Vermeld hierin wie aan het participatietraject hebben deelgenomen en wat u met de inbreng hebt gedaan. Het participatieverslag stuurt u uiteindelijk naar de gemeente, die aan de hand daarvan het participatietraject kan beoordelen. U vindt een format voor een participatieverslag in bijlage 3.

4

Bijlage 1: Het participatieniveau bepalen Beantwoordt onderstaande vragen en tel de scores bij elkaar op.

Vraag 1: hoe ' groot' is uw initiatie'flplan? Hoe 'groot' of 'klein' uw project is, hangt af van de omvang, maar ook aan de impact die het zal hebben. Kijk hieronder welke beschrijving het meeste van toepassing is.

Omschrijving

lToel ichti ng/voorbeeld

Gemeentebrede ingreep, (bijna) elke inwoner gaat er iets van

lWindturbines, een nieuw laanleg van een doorgaande weg, in het

lAantalpunten

winkelcentrum, ll

groot dorpscentrum lbouwOlan Grote ingreep in een wijk of deel [ransformatie, bouw van een 'centrum' zoals van het dorp leen zorgcentrum, bouw van een nieuwe nerken.

I

I

lO I

[*"*un Lichte herstructurering

I

inSOouw, bedrijventerrein

Zw ar e f u nctiewijzi g i n g

fWon

l.

lZonnevelden,coffeeshop,onderwijsinstelling,

tq

linbreidingslocatie Iichte functiewijziging

boekwinkel met horeca

Aan huis gebonden bedrijf

Aan huis gebonden

beroep

I

neven-

|,ïnl'J"to"l,

f

lHondentrimsalon,yogastudio,catering,tand-

lZ

larts

lAdministratiekantoor, kapper,

I

nagelstudio lt

Vraag 2: Welke positieve invloed heeft het initiatief op de omgeving?

Ga na of het initiatief bijdraagt aan bestaande afspraken en doelen in bijvoorbeeld het coalitie-akkoord, de omgevingsvisie, andere (beleids-)doelen van de gemeente en/of aansluit bij al bestaande projecten Ga ook na of er binnen het initiatief onderdelen zitten die bijdragen aan het algemeen belang.

Omschrijving fioelichting Zeer groot

lAantatpunten

lHet initiatief draagt breed bij aan de samenleving. lGemeentel ij k/reg ionaal/la ndel ij k

Groot

lHet initiatief draagt breed bij aan de samenleving lGemeentel ij Uregionaal

Behoorlijk

de initiatiefnemer zullen profijt ervaren.

t'

Ge-

Ê:lïEïljfl"n Enigszins

lenfete anderen dan de initiatiefnemer zullen enig profijt lvaren.

Weinig

Wijkniveau

er-

lenfele anderen dan de initiatiefnemer zullen beperkt profijt lervaren.

Buurtniveau

Nauwelijks

lMogelijk dat nog anderen dan de initiatiefnemer enig lkunnen ervaren.

Niet

lNiemand anders dan de initiatiefnemer ervaart profijt.

Straatniveau

profijt

r It l+ I

lS I

lZ I

Ir

5

Vraag 3: ls er hinder van het initiatief voor de omgeving, na realisatie? Bij deze vraag kijk je naar kwantiteit en kwaliteit, dus: hoeveel belanghebbenden zijn er die nadelige effecten ondervinden en hoe heftig zijn deze effecten? Je kijkt dan naar Ímpact en de mate. Bij impact gaat het om:

o uitstraling(esthetisch), o overlast (geluid, geur, trillíng), o uitzicht (aanzicht, schaduw), o verkeer (toegang, parkeren) o ideëel (natuur, milieu, cultureel, gezondheid, jeugd), o financieel/economisch (concurrentie) . principieel(zondagopenstelling). Bij mate gaat het om:

o De mate waarin een specifiek belang rechtstreeks wordt geraakt. o De hoeveelheid verschillende belangen die worden geraakt. o De mate waarin een geraakt belang wordt beschermd door regels. Aantal punten lOmschrijving 7

lZeer groot

6

lGroot lBehoorlijk lEnigszins lWeinig

5 4 3 2

I

lNauwelijks lNiet

Vraag 4: Krijgt het initiatief veel aandacht, bv. in politiek, van inwoners of media? Bepaal dit door gesprekken en het monitoren van (social) media.

Omschrijving Zeer groot Groot

Behoorlijk

[oelichting lH"t initi"ti"t heeft al geleid tot (politieke) spanning (er zijn

.

uitgesproken voor- en tegenstanders) lduidelijk aandacht heeft zich al duidelijk getoond en geeft

|.

ler" is aanOacht, die heeft zich al duidelijk

Enigszins

l, l'

lDe lspannrng.

lOeen

lAantalpunten

uitgesproken voor- of

getoond maar

tegenstand.

(nog) l^ f

indicatie dat er aandacht uitgaat naar het initiatief.

f

/Veinig

lDuidelijke indicatie dat er aandacht uitgaat naar het

Nauwelijks

fniOe f [heoretische mogelijkheid dat er aandacht komt voor het initiatief 12 lin de

Niet

initiatief.

politiek of media.

I

lGeen venrvachting of indicatie dat er vanuit politiek of uitgaat naar het laandacht

initiatief.

media h I

6

Samengevat: Het participatieniveau van het initiatief Bepaal het participatieniveau door: - Het aantal punten bijde antwoorden van vraag 1 tot en met 4 op te tellen - Deel dit totaal door 4. - Controleer de uitkomst met de tabel hieronder.

Aantalpunten lPaÉicipatieniveau fioelichting

7 6

lNiveau 3 lNiveau 3

5

iveau2

lVeel participatie want er is veel impact op de omgeving fVeel participatie want er is veel impact op de omgeving lce middelde participatie want er is gemiddelde impact op

lo" omgeving

l-

lGemiddelde participatie wa nt er is gemiddelde impact op lde omgeving

iveau 2

4

l3

r

lweinio

lruiueau 2

1

1

l*"

l*'u""u

inig participatie want er is weinig impact op de omgeving

lGeen participatie want er is geen impact op de omgeving

lNiveau 0

Wat betekent het niveau van Niveau 1 Beperkte participatie

participatie want er is weinig impact op de omgeving

voor het initiatief/plan?

Ioelichting

[Voorbeeld

a

Direct betrokkenen inforlGesprek, mail, website, (buurtmeren lof níeuws)brief, buurtapp. Zorgen inventariseren daarop I reageren

Gemiddelde participatie (+ niveau 1)

a

Directe omgeving laten meedenken en belangen meewegen

ntensieve participatie

a

Omgeving en stakeholders lBrainstorm, workshops, laten meewerken aan planne rlontwerpatelier, online Breed informeren. loverleggen.

I

2

3.

I

(+ niveau 1 en2)

nfoavond, discussiepanel, online) enquête, social media

7

Bijlage 2: Format participatieplan Maak een participatieplan met daarin de volgende onderdelen/paragrafen: Participatieniveau Geef aan welk participatieniveau wordt gehanteerd. Motiveer waarom het gekozen participatieniveau past bij het initiatief. Leg hierbij uit waarom het gekozen participatieniveau passend is op basis van de invloed van het initiatief op de omgeving en de belanghebbenden. Belanghebbenden Geef aan wie de belanghebbenden van het initiatief zijn. Belanghebbenden zijn personen of organisaties die geraakt worden door het initiatief. Hoeveel personen of organisaties betrokken zijn hangt af van het initiatief.

Aanpak Geef aan op welke manier belanghebbenden worden betrokken. Houd hierbij rekening met het gekozen participatieniveau. Geef aan hoe de inbreng van belanghebbenden wordt verwerkt in het initiatief. Geef daarnaast aan wanneer in het proces belanghebbenden worden betrokken. Bij een hoger participatieniveau is het belangrijk dat belanghebbenden vroeg bij het initiatief betrokken worden. Geef ook aan welke invloed men kan uitoefenen op het plan. Wat ligt al vast in wettelijke of gemeentelijke kaders of beleid en wat is de overblijvende beïnvloedingsruimte? Bij een hoger participatieniveau hoort ook een grotere invloed, maar wees vooraf duidelijk aan welke kaders het plan gebonden is. Geef verder aan op welke wijze met de belanghebbenden wordt gecommuniceerd. Dit kan zijn via brief, e-mail of door bij de belanghebbenden langs te gaan of een avond te organiseren. Activiteitenplanning Geef aan welke activiteiten wanneer worden georganiseerd om participatie mogelijk te maken. Vermeld hierbij voor wie deze activiteiten zijn en wat het doel van elke activiteit is. Verslaglegging Geef aan hoe een verslag wordt gemaakt van alle acties die ondernomen wordt in het participatieproces én van de resultaten van dit proces.

8

Bijlage 3: Format Participatieverslag De acties die ondernomen zijn in het participatieproces en de resultaten van deze actie worden vastgelegd in een participatieverslag. Dit verslag bevat ten minste:

o het gekozen participatieniveau en de motivatie voor deze keuze; o hetparticipatieplan; . een overzicht van de betrokken belanghebbenden; o de door belanghebbende ingebrachte meningen en standpunten; r de motivering hoe deze meningen en standpunten zijn verwerkt, en; o bewUs dat de belanghebbende het verslag hebben gelezen en akkoord zijn met de inhoud (ondertekening).

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13829767/1