CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-09 Raadsinformatiebrief monitoring Leefbaarheid - Bijlage 3 Factsheet Luchtkwaliteit en Gezondheid gemeente Nuenen

Gemeenteraad 21 maart 2024, gemeente NuenenBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven4.064 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

FACTSHEET LUCHTKWALITEIT EN GEZONDHEID GEMEENTE NUENEN, GERWEN EN NEDERWETTEN Aanleiding Schone lucht is van levensbelang voor onze gezondheid. Luchtverontreiniging is de voornaamste oorzaak van gezondheidseffecten door milieu-invloeden. De laatste jaren is de lucht in Nederland schoner geworden en de wettelijke grenswaarden worden op de meeste plekken niet overschreden.1 Toch veroorzaakt de huidige concentratie luchtverontreiniging nog steeds veel gezondheidseffecten doordat er geen drempelwaarde bestaat waaronder geen gezondheidseffecten optreden. Denk hierbij aan astma, laag geboortegewicht, hart- en vaatziekten en zelfs vroegtijdig overlijden. Langdurige blootstelling aan luchtverontreiniging verhoogt het risico op gezondheidsschade. Ouderen, kinderen, zwangere vrouwen en mensen met aandoeningen aan hart, bloedvaten of luchtwegen zijn extra kwetsbaar. Bronnen van luchtverontreiniging die gezondheidseffecten kunnen veroorzaken zijn onder andere wegverkeer, houtrook, industrie, veehouderijen en lucht- en scheepvaart. Om de genoemde gezondheidseffecten terug te dringen zijn maatregelen nodig. Afstand tot de bron en intensiteit van de verontreiniging zijn belangrijke factoren voor het risico op het ontwikkelen van gezondheidseffecten; hoe groter de afstand en hoe lager de intensiteit, des te kleiner is de kans hierop.

In Nederland staat verbetering van de gezondheid door maatregelen op het gebied van luchtkwaliteit centraal in het Schone Lucht Akkoord (SLA). De deelnemende partijen streven hierin naar een gezondheidswinst van minimaal 50 procent in 2030 ten opzichte van 2016 (ten gevolge van Nederlandse bronnen). Door de luchtkwaliteit en bronnen van luchtverontreiniging inzichtelijk te maken, draagt de GGD bij aan het onderbouwen van de ernst van het probleem en de noodzaak tot verbetering van de luchtkwaliteit. In het rapport “Luchtkwaliteit en gezondheid in de provincie Noord-Brabant” (mei 2022) wordt uitgebreid ingegaan op de berekende blootstelling aan luchtverontreiniging en de hiermee samenhangende gezondheidslast (rapport te raadplegen via: https://www.ggdhvb.nl/milieu-en-veiligheid/luchtkwaliteit-en-gezondheid/). Dit factsheet zoomt in op de situatie in de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten (verder: Nuenen c.a.). Een uitgebreide beschrijving van de gebruikte methode is in het rapport terug te vinden.

Leeswijzer In dit factsheet wordt ingegaan op de voor de gezondheid belangrijkste en best onderzochte componenten van luchtverontreiniging: fijnstof (PM10 en PM2,5) en stikstofdioxide (NO2). Allereerst wordt een korte uitleg gegeven over deze componenten. Vervolgens wordt de blootstelling aan deze componenten in Noord-Brabant en die in de gemeente Nuenen c.a. op wijkniveau in kaart gebracht. Daarna vindt op gemeentelijk niveau een vertaling plaats naar de te verwachte gezondheidseffecten in de blootgestelde populatie. Tot slot wordt ingegaan op de verschillende bronnen binnen de gemeente Nuenen c.a. die bijdragen aan de blootstelling aan deze indicatoren. Hierbij zal waar mogelijk en relevant een vergelijking worden gemaakt met de situatie in Noord-Brabant.

1 Gezondheidsraad (2018). Gezondheidswinst door schonere lucht. Gezondheidsraad Nr. 018/01.

Belangrijkste componenten luchtverontreiniging Luchtverontreiniging bestaat uit verschillende componenten en vormt een complex mengsel van gassen en deeltjes. Een deel hiervan komt van nature in de lucht voor, maar het grootste deel is afkomstig van menselijke activiteiten. Weersomstandigheden zijn van grote invloed op de hoeveelheid luchtverontreiniging. Dit zorgt ervoor dat de luchtkwaliteit van dag tot dag of zelfs van uur tot uur enorm kan verschillen. De meest onderzochte stoffen in het mengsel zijn stikstofdioxide (NO2) en fijn stof deeltjes (o.a. PM10 en PM2,5). Van deze stoffen is de relatie met gezondheidseffecten het meest bekend.2 NO2 is een gasvormige stof en is een vorm van stikstofoxiden (NOx). NOx ontstaat bij verbrandingsprocessen door oxidatie van stikstof uit de lucht. NO2 is een belangrijke indicator voor uitstoot van wegverkeer. NO2 kan als gas makkelijk ingeademd worden en daardoor gezondheidsschade aanrichten. Daarnaast kan stikstof neerslaan in het milieu, wat natuurschade oplevert. Fijn stof (PM = particulate matter) is een deeltjesvormige component van luchtverontreiniging en komt voor in verschillende groottes. Deze deeltjes kunnen ingeademd worden en daardoor gezondheidsschade aanrichten. Daarbij geldt hoe kleiner de deeltjes, hoe verder ze in het lichaam kunnen doordringen (zie Figuur 1). •

• •

PM10 deeltjes zijn alle deeltjes met een diameter kleiner dan 10 µm. Een deel ontstaat ten gevolge van menselijk handelen, zoals verbrandingsprocessen, veehouderij, houtkachels en sigarettenrook. Een ander deel ontstaat van nature zoals opwaaiend (zand)stof en zeezout. De chemische samenstelling van PM10 kan sterk variëren. PM10 kan in de longen terechtkomen en daardoor schade aanrichten. PM2,5 omvat alle deeltjes met een diameter kleiner dan 2,5 µm. PM2,5 is dus een fractie van PM10. PM2,5 kan terechtkomen in de lagere luchtwegen en daar schade aanrichten. Ultrafijn stofdeeltjes (UFP) zijn het allerkleinst; kleiner dan 0,1 µm in doorsnede. Het komt vrij bij verbrandingsprocessen, maar kan ook worden gevormd door chemische reacties uit gassen. Deze deeltjes zijn zo klein dat ze tot in de longblaasjes kunnen doordringen en direct de bloedbaan kunnen binnendringen. Er is nog relatief weinig bekend over UFP en deze stoffractie is derhalve niet in dit onderzoek verder meegenomen.

Figuur 1: Fijn stofdeeltjes dringen het lichaam verder binnen naarmate ze kleiner zijn3

Primair versus secundair fijnstof Het verschil tussen primair fijn stof en secundair fijn stof is dat primair fijn stof rechtstreeks als stofdeeltjes in de lucht terecht komt vanuit de vervuilende bron. Secundair fijn stof ontstaat in de lucht wanneer meerdere gassen met elkaar reageren (bijvoorbeeld als moleculen van verzurende stoffen in de lucht binden tot zouten en hierdoor een chemische reactie met elkaar aangaan) (zie Figuur 2). De gassen die reageren zijn met name afkomstig van wegverkeer, landbouw, industrie 2 Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), GGD-richtlijn medische milieukunde: luchtkwaliteit en

gezondheid, 2018 (RIVM Rapport 2018-0016). 3 Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), GGD-richtlijn medische milieukunde: luchtkwaliteit en gezondheid, 2018 (RIVM Rapport 2018-0016).

en het buitenland. Hierbij ontstaan deeltjes die bijdragen aan de fijn stof concentratie in de lucht. Het secundair fijn stof bedraagt in Nederland gemiddeld 35-40% van de totale concentratie van PM10 en 45-50% van PM2,5.4

Figuur 2. Vorming van secundair fijn stof uit gasvormige uitstoot van verkeer en landbouw 5

Luchtkwaliteitsnormen In Nederland gelden de wettelijke grenswaarden van de Europese Unie voor de verschillende componenten van luchtverontreiniging. De wettelijke grenswaarden beschermen niet voldoende tegen schadelijke gezondheidseffecten. Daarom heeft de World Health Organisation (WHO) gezondheidskundige advieswaardes opgesteld die beduidend lager liggen dan de huidige wettelijke grenswaardes. In het rapport6 beschrijven we gezondheidseffecten die zowel onder als boven de wettelijke normen optreden. Voor de componenten die in dit rapport aan de orde komen, zijn de Europese normen en WHOadvieswaardes weergegeven in Tabel 1. Tabel 1. Grens- en advieswaardes van de Europese Unie en het WHO7

Norm

Status

Jaargemiddelde Jaargemiddelde

EU-grenswaarde WHO-advieswaarde

PM10 (µg/m3) 40 15

4 Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), Dossier ‘Fijn Stof’, 2013. 5

PM2,5 (µg/m3) 25 5

NO2 (µg/m3) 40 10

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), GGD-richtlijn medische milieukunde: luchtkwaliteit en gezondheid, 2018 (RIVM Rapport 2018-0016). 6 GGD-onderzoek ‘Luchtkwaliteit en gezondheid in de provincie Noord-Brabant’ (mei 2022). Te raadplegen via: https://www.ggdhvb.nl/milieu-en-veiligheid/luchtkwaliteit-en-gezondheid/ 7 Infomil. Grenswaarden en andere luchtkwaliteitsnormen. Te raadplegen via: https://www.infomil.nl/onderwerpen/lucht-water/luchtkwaliteit/regelgeving/wetmilieubeheer/beoordelen/grenswaarden/

Blootstelling aan luchtverontreiniging in de gemeente Nuenen c.a. versus Noord-Brabant De mate van luchtverontreiniging wordt meestal uitgedrukt in een concentratie. Een concentratie geeft de gemiddelde hoeveelheid van een component in microgram per m 3 (µg/m3) weer in een gebied. Hierbij wordt geen rekening gehouden met de verdeling van de populatie in dat gebied. Om de gezondheidsimpact van luchtverontreiniging in een populatie in te schatten, is het nodig om over de blootstelling, ofwel de bevolkingsgewogen jaargemiddelde concentratie, te beschikken. Bij een ongelijkmatige verdeling van bronnen en/of populatie over een gebied kan de blootstelling anders uitvallen dan de concentratie. De blootstelling van Noord-Brabanders aan luchtverontreiniging voldeed in 2019 niet aan de huidige, in 2021 aangescherpte, gezondheidskundige WHO advieswaarden (PM2,5: 5 µg/m 3, PM10: 15 µg/m3 en NO2: 10 µg/m3). Dit betekent dat op geen enkel woonadres in Noord-Brabant aan de gezondheidskundige WHO advieswaarden voor luchtkwaliteit wordt voldaan. Dit heeft nadelige consequenties voor de gezondheid van Brabanders. De kaarten 1, 2 en 3 laten zien dat de variatie in blootstelling aan NO2, PM10 en PM2,5 in 2019 tussen de Brabantse gemeenten groot is.

De concentratie luchtverontreiniging wordt gevormd door de uitstoot van vervuilende stoffen uit de gemeente zelf, maar ook door uitstoot van vervuilende stoffen in andere gemeenten, provincies en landen. De data uit 2019 worden gebruikt, omdat in dit jaar de coronapandemie nog niet uitgebroken was en daarmee het meest representatieve beeld geeft van de luchtkwaliteit. Kaart 1. Jaargemiddelde blootstelling aan stikstofdioxide (NO2) per gemeente in Noord-Brabant in 2019

Kaart 1a. Jaargemiddelde blootstelling aan stikstofdioxide (NO2) op wijkniveau in Nuenen c.a. in 2019

Kaart 2. Jaargemiddelde blootstelling aan fijn stof (PM10) per gemeente in Noord-Brabant in 2019

Kaart 2a. Jaargemiddelde blootstelling aan fijn stof (PM10) op wijkniveau in Nuenen c.a. in 2019

Kaart 3. Jaargemiddelde blootstelling aan fijn stof (PM2,5) per gemeente in Noord-Brabant in 2019

Kaart 3a. Jaargemiddelde blootstelling aan fijn stof (PM2,5) op wijkniveau in Nuenen c.a. in 2019

Uit de kaarten volgt dat: • De gemiddelde blootstelling aan NO2 is in Noord-Brabant het hoogst in de gemeenten met de vier grootste steden en het laagst in de zuidelijke grensgemeenten. • De hoogste gemiddelde blootstelling aan PM10 is terug te zien in de gemeenten in het midden van Oost- en Zuidoost-Brabant, en het laagst in de meest westelijke gemeenten. • De hoogste jaargemiddelde blootstelling aan PM2,5 is in het midden van Oost-Brabant te zien, de laagste in West-Brabant. De variatie in blootstelling aan NO2, PM10 en PM2,5 is ook op kleiner schaalniveau beschikbaar en groot tussen buurten, ook binnen dezelfde gemeente. • De variatie binnen de wijken in de gemeente Nuenen c.a. is voor wat betreft PM10 en PM2,5 beperkt. Wel wordt een wat grotere spreiding gevonden voor wat betreft NO2. In bijlage I zijn de bijbehorende cijfers per buurt te vinden, inclusief een geografisch overzicht van de buurten.

Gezondheidseffecten door blootstelling aan luchtverontreiniging in de gemeente Nuenen c.a. De blootstelling aan luchtverontreiniging leidt tot gezondheidsschade. Tabel 2 toont de gezondheidseffecten door luchtverontreiniging in de gemeente Nuenen c.a. in 2019 (aantal inwoners: 23.383; jaar 2019). Tabel 2. Gezondheidseffecten van luchtverontreiniging in de gemeente Nuenen c.a. en in de provincie NoordBrabant in 2019 (aantal inwoners gemeente Nuenen c.a.; 23.383)

Gezondheidseffect (leeftijdscategorie in jaren)

Indicator

Aandoeningen

Berekend aantal gevallen door luchtverontreiniging in gemeente Nuenen c.a.

Aandeel in de ziektelast door luchtverontreiniging in gemeente Nuenen c.a.*

Aandeel in de ziektelast door luchtverontreiniging in provincie NoordBrabant**

Laag geboortegewicht (0-1)

PM2,5

1

8,3%

8,2%

Incidentie astma kinderen (0-18)

NO2

8

19,8%

20,2%

Incidentie hartvaatziekten (totaal) (40+)

PM2,5

60

9,1%

9,0%

NO2

147

22,5%

22,9%

Longkanker (50+)

PM2,5

2

15,2%

15,1%

Ziekenhuisopnames astma (alle leeftijden)

PM2,5

0

2,5%

2,5%

NO2

0

2,5%

2,6%

Ziekenhuisopnames COPD (alle leeftijden)

PM2,5

1

2,7%

2,7%

Ziekenhuisopnames ischemische hartziekten (40+) Afname in functie

NO2

2

2,1%

2,2%

Daling longcapaciteit kinderen (FEV1) in % (0-18)

PM2,5

1,8%

n.v.t.

1,8%

NO2

1,3%

n.v.t.

1,3%

PM10 + NO2

Aantal: 356

n.v.t.

Aantal: 358

PM2,5 + NO2

Aantal: 4,8

n.v.t.

Aantal: 4,9

Vroegtijdige sterfte Vroegtijdige sterfte in dagen (30+) Meeroken Aantal meegerookte sigaretten per dag (alle leeftijden)

* Aandeel: van het totaal aantal gevallen van deze aandoening in de gemeente is het genoemde percentage toe te schrijven aan luchtverontreiniging **Aandeel Brabant: van het totaal aantal gevallen van deze aandoening in de provincie Brabant is het genoemde percentage toe te schrijven aan luchtverontreiniging COPD = Chronic Obstructive Pulmonary Disease, FEV = Forced Expiratory Volume

Uit de tabel blijkt dat bij ruim 1 op de 7 longkankerpatiënten (boven de 50 jaar) in gemeente Nuenen c.a. het ontstaan van de longkanker toe te schrijven is aan luchtverontreiniging (PM2,5). Bijna 1 op de 5 Nuenense kinderen met astma zou, als er geen luchtverontreiniging (NO2) was, geen astma hebben. Dit beeld wijkt niet af van het beeld in de provincie Noord-Brabant. De gemiddelde vroegtijdige sterfte door gelijktijdige blootstelling aan PM10 en NO2 is in gemeente Nuenen c.a. 356 dagen en komt daarmee overeen met dat in Brabant in zijn totaliteit. Inwoners van de gemeente Nuenen c.a. verliezen dus gemiddeld bijna een levensjaar door vervuilde lucht. De gezondheidsschade door de blootstelling aan luchtverontreiniging is in Nuenen c.a. vergelijkbaar met het meeroken van 4,8 sigaretten per dag. De gezondheidseffecten die inwoners van Nuenen c.a. ondervinden door het inademen van luchtverontreiniging komen dus overeen met het dagelijks meeroken van bijna 5 sigaretten van een huisgenoot.

Doordat er variatie is in blootstelling aan NO2, PM10 en PM2,5 tussen buurten, kan ook de mate van gezondheidseffecten verschillen tussen buurten. De gezondheidseffecten worden echter niet per buurt berekend, doordat de kleinere populatieomvang van een buurt minder representatief is voor de Nederlandse populatie waarop de berekeningen gebaseerd zijn. Een lagere blootstelling aan luchtverontreiniging levert altijd gezondheidswinst op. Wanneer de blootstelling met 50% zou verminderen, nemen de gezondheidseffecten ten gevolge van die parameter ook met ongeveer 50% af. Dit betekent een gezondheidswinst van 50%.

Bronnen van luchtverontreinigende stoffen in Noord-Brabant Verschillende bronnen veroorzaken verontreiniging in de lucht. De kaarten 4 t/m 6 hieronder tonen een overzicht van de verschillende belangrijkste bronnen van luchtverontreiniging in de Brabantse regio’s. Kaart 4. NO2 emissies in kilogrammen per jaar (kg/jaar) van verschillende bronnen voor de vier regio’s in Noord-Brabant in 2019. Range in deze kaart: 0 tot 4.000.000 kg/jaar

• • • • •

In alle regio’s is wegverkeer de grootste bron van uitstoot van NO2. Na wegverkeer is in West-Brabant industrie ook een grote bron. In Noordoost- en Zuidoost-Brabant is landbouw een grote bron. In Midden-Brabant zijn de bijdragen van industrie en landbouw ongeveer gelijk. Mobiele werktuigen en scheepvaart (met name in West-Brabant) hebben ook een aanzienlijk aandeel in de totale NO2 uitstoot.

Kaart 5. PM10 emissies in kilogrammen per jaar (kg/jaar) van verschillende bronnen voor de vier regio’s in Noord-Brabant in 2019. Range in deze kaart: 0 tot 500.000 kg/jaar. Bijdrage van secundair fijn stof ontbreekt in de kaart

De belangrijkste bronnen van PM10 zijn landbouw, industrie, houtstook en wegverkeer. Ook hier heeft in West-Brabant de industrie het grootste aandeel in de PM10 uitstoot, en in Noordoost- en Zuidoost-Brabant de landbouw.

Kaart 6. PM2,5 emissies in kilogrammen per jaar (kg/jaar) van verschillende bronnen voor de vier regio’s in Noord-Brabant in 2019. Range in deze kaart: 0 tot 200.000 kg/jaar. Bijdrage van secundair fijn stof ontbreekt in de kaart

De belangrijkste bron van PM2,5 uitstoot in is alle regio’s houtstook, gevolgd door industrie en wegverkeer. Het is belangrijk om te vermelden dat secundair gevormd fijn stof hierin niet meegenomen kan worden, terwijl landbouw via secundair fijn stof wel een belangrijke bijdrage levert aan PM2,5. Secundair fijn stof wordt namelijk pas later gevormd, ná uitstoot van andere stoffen. NB. Secundair fijn stof is wel verwerkt in de blootstellingskaarten 1 t/m 3.

Bronbijdrage aan luchtverontreiniging op lokaal niveau in gemeente Nuenen c.a. Met de GCN-tool kunnen de bronbijdragen aan de concentratie luchtverontreiniging op lokaal niveau inzichtelijk gemaakt worden. Hiermee wordt berekend welke sectoren bijdragen aan de concentratie van verschillende vervuilende stoffen per gemeente. Deze bijdragen zijn zowel afkomstig van bronnen binnen de gemeente als van bronnen buiten de gemeente. (NB: de concentratie wijkt iets af van de blootstelling van de populatie waarbij de verdeling van de populatie is meegenomen) De linker staafdiagrammen in de figuren 3 t/m 5 tonen de totale concentraties NO2, PM10 en PM2,5. De rechter staafdiagrammen geven de bijdragen van verschillende vervuilende bronnen vanuit heel Nederland aan de concentratie luchtverontreiniging in de gemeente Nuenen c.a. in 2019 weer.

Figuur 3. NO2 concentratie in de gemeente Nuenen c.a. en de bijdrage hieraan van verschillende sectoren NB 1: er staat een negatieve bijdrage bij ‘overige bronnen’. Die negatieve bijdrage is het verschil tussen de gemeten (o.a. door landelijk meetnet) en de berekende concentraties NB 2: de categorie ‘consumenten’ bevat meerdere subbronnen, zoals hoofdverwarming consumenten, houtstook, sigaretten, woningbranden, vuurwerk en vreugdevuren. Een verdere opsplitsing van deze subbronnen is niet mogelijk met de GCN-tool HDO = handel, diensten, overheid

Figuur 4. PM10 concentratie in de gemeente Nuenen c.a. en de bijdrage hieraan van verschillende sectoren NB 1: de ‘overige bronnen’ zijn de som van: - de modelmatig berekende bijdrage van secundair organisch aerosol (SOA) - het verschil tussen de gemeten- en de met een model berekende concentratie inclusief de bijdrage van zeezout en SOA NB 2: de categorie ‘consumenten’ bevat meerdere subbronnen, zoals hoofdverwarming consumenten, houtstook, sigaretten, woningbranden, vuurwerk en vreugdevuren. Een verdere opsplitsing van deze subbronnen is niet mogelijk met de GCN-tool HDO = handel, diensten, overheid

Figuur 5. PM2,5 concentratie in de gemeente Nuenen c.a. en de bijdrage hieraan van verschillende sectoren NB 1: de ‘overige bronnen’ zijn de som van: - de modelmatig berekende bijdrage van secundair organisch aerosol (SOA) - het verschil tussen de gemeten- en de met een model berekende concentratie inclusief de bijdrage van zeezout en SOA NB 2: de categorie ‘consumenten’ bevat meerdere subbronnen, zoals hoofdverwarming consumenten, houtstook, sigaretten, woningbranden, vuurwerk en vreugdevuren. Een verdere opsplitsing van deze subbronnen is niet mogelijk met de GCN-tool HDO = handel, diensten, overheid

Er is een belangrijk verschil tussen primair en secundair fijn stof. Beiden hebben wel dezelfde effecten op de gezondheid, maar de ontstaanswijze van deze vormen van fijn stof is verschillend (zie eerdere uitleg). Voor NO2 is wegverkeer de allerbelangrijkste bron. Uit de grafieken blijkt dat de top 3 van bronnen die verantwoordelijk zijn voor de concentratie PM10 in gemeente Nuenen c.a. respectievelijk landbouw, consumenten en wegverkeer zijn. Voor PM2,5 leveren dezelfde bronnen eveneens de belangrijkste bijdrage aan de gemiddelde PM2,5 concentratie in de gemeente, al is de volgorde iets gewijzigd (consumenten, landbouw, wegverkeer). Industrie is de vierde bron die een belangrijke bijdrage levert aan de concentratie fijn stof in gemeente Nuenen c.a.

Uitstoot van luchtverontreiniging vanuit de gemeente Nuenen c.a. De uitstoot van vervuilende stoffen draagt bij aan de deken van luchtverontreiniging in ons land. De verspreiding van luchtverontreinigende stoffen wordt onder andere bepaald door de locatie van vervuilende bronnen. Daarnaast bepalen ook weersomstandigheden (wind of luchtstromen) in belangrijke mate de verspreiding en verdunning van luchtverontreinigende gassen en deeltjes. Onderstaande figuren 6 en 7 laten de uitstoot van bronnen in de gemeente Nuenen c.a. in 2019 zien (betreft data van de Nederlandse EmissieRegistratie). Deze uitstoot draagt gedeeltelijk bij aan de concentratie luchtverontreiniging binnen de gemeente maar ook buiten de gemeente door verspreiding van luchtverontreiniging.

Figuur 6. NO2 uitstoot vanuit gemeente Nuenen c.a.

Figuur 7. Fijn stof (PM10 en PM2,5) uitstoot vanuit gemeente Nuenen c.a. (betreft primair fijn stof)

Binnen de categorie houtstook op de figuren valt ook de emissie van kaarsen en barbecues. Echter houtstook levert de grootste bijdrage aan de emissie. In bijlage II zijn de bijbehorende emissiecijfers van gemeente Nuenen c.a. in kilogram/jaar te vinden. Uit de figuren blijkt dat de belangrijkste emissiebron in de gemeente in totaliteit wat betreft NO2 wegverkeer is. Voor PM10 zijn de belangrijkste bronnen van uitstoot houtstook, gevolgd door wegverkeer, landbouw, overige bronnen en industrie. Tot slot geldt voor PM2,5 dat houtstook de belangrijkste bron is, gevolgd door overige bronnen, industrie en wegverkeer.

Conclusies Door luchtverontreiniging verliezen inwoners van Nuenen c.a. gemiddeld bijna 1 levensjaar. Daarnaast treedt extra ziektelast op als gevolg van o.a. longkanker, astma en hart- en vaatziekten. • •

Deze ziektelast is vergelijkbaar met de ziektelast van het meeroken van 5 sigaretten per dag. De situatie in Nuenen c.a. is vergelijkbaar met de gemiddelde situatie in de hele provincie Noord-Brabant.

Grote bronnen van luchtverontreiniging (zowel in Nuenen c.a. als in regio) zijn: • • • •

Wegverkeer (m.n. NO2, en in mindere mate PM10 en PM2,5) Landbouw (m.n. PM10) Houtstook (m.n. PM2,5 en PM10) Industrie (m.n. PM10 en PM2,5)

Elke verbetering van luchtkwaliteit is winst voor gezondheid!

Maatregelen Door maatregelen te nemen die de emissies terugdringen, kan een positief effect op de luchtkwaliteit, en daarmee de gezondheid, worden bewerkstelligd. Bronmaatregelen, maatregelen die de uitstoot verminderen, hebben hierbij de voorkeur. Maatregelen zoals gevoelige bestemmingenbeleid kunnen, ondanks dat de uitstoot niet verandert, wel bijdragen aan lagere blootstelling en daarmee gezondheidswinst opleveren. Maatregelen waar de gemeente aan kan denken zijn: Bronmaatregelen: Wegverkeer: minder wegverkeer, stimuleren van wandelen en fietsen (actief transport) en • openbaar vervoer, milieuzones, stimuleren van elektrisch vervoer, lagere maximumsnelheid Houtstook: minder houtstook, houtstookvrije wijken stimuleren, verplichten van het volgen • van een negatief stookadvies, schoner stoken Landbouw: minder dieren, stalmaatregelen (bv.

toepassen van meest optimale stalvloeren, • strooiseltypen, filters), aanpassing voer Industrie: best beschikbare technieken verplicht stellen, opslag of overslag overkappen, • verankeren van zo laag mogelijk vergunnen in lokaal beleid Mobiele werktuigen: best beschikbare technieken verplicht stellen, schonere aggregaten • Scheepvaart: walstroom, elektrificatie van schepen • Gevoelige bestemmingenbeleid • Situeer gevoelige bestemmingen op zoveel mogelijk afstand van drukke wegen, onafhankelijk van de concentratie ter plaatse • Hoe verder van de weg, hoe schoner de lucht en dus hoe gezonder. Meer afstand leidt tot meer gezondheidswinst. Hanteer hierbij de volgende minimale afstanden8: o Snelweg: ten minste 150 meter o Provinciale weg: ten minste 50 meter o Drukke binnenstedelijke weg (>10.000 mvt/etm): ten minste 25 meter

8 De GGD-afstandsadviezen zijn recentelijk (maart 2023) gehalveerd in de GGD-richtlijn Luchtkwaliteit en gezondheid

(GGD-richtlijn Luchtkwaliteit en gezondheid). Doordat de luchtkwaliteit in de afgelopen jaren verbeterd is, zijn de afstanden waarbij eenzelfde mate van bescherming wordt geboden als voorheen aangepast. Echter omdat er ook onder deze afstanden nog gezondheidswinst is te boeken, is het advies te streven naar een zo groot mogelijk afstand tussen gevoelige bestemming en wegen.

•

Geen gevoelige bestemmingen binnen 250 meter van een veehouderij (2 kilometer voor geitenhouderijen)

Gezondheid in beleid • Beschermen én bevorderen van de gezondheid, via verschillende domeinen • Neem gezondheid expliciet mee in mobiliteit, ruimte, woningbouw en klimaat Schone Lucht Akkoord Schone lucht is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. De GGD adviseert de gemeente om mee te doen met het Schone Lucht Akkoord om op nationaal niveau samen aan schone lucht te werken. Door het Schone Lucht Akkoord te ondertekenen, committeert een gemeente of provincie zich aan samenwerking voor gezondere lucht. Elke deelnemende partij stelt een uitvoeringsagenda op en koppelt de voortgang daarvan terug. Door deel te nemen kunnen gemeenten en provincies profiteren van de kennis en ervaring die landelijk opgedaan wordt. Er is budget van het Rijk voor (co)financiering van (pilot)projecten en maatregelen. De GGD’en dragen met expertise en ervaring bij aan verschillende themagroepen van het Schone Lucht Akkoord. In deze thema- en werkgroepen wordt gewerkt aan ontwikkeling van effectieve maatregelen, pilots hiervan en worden juridische mogelijkheden verkend. Themagroepen zijn onder meer actief op verlaging van uitstoot door mobiele werktuigen, industrie, binnenvaart, landbouw, mobiliteit en houtstook. Meer informatie over het Schone Lucht Akkoord op: https://www.schoneluchtakkoord.nl/.

Opmerking: Wanneer maatregelen genomen worden ter reductie van de emissies van PM10, PM2,5 en/of NO2 zal dit mogelijk ook een effect hebben op andere milieuaspecten, zoals bijvoorbeeld de geluids- of geurbelasting op een gevel. Belangrijk is daarom dat naar alle consequenties van een maatregel gekeken wordt.

BIJLAGE I – Blootstelling aan luchtverontreiniging per buurt Buurt Nuenen-Noord

NO2blootstelling (µg/m3) 18,11

PM10blootstelling (µg/m3) 18,41

PM2,5blootstelling (µg/m3) 11,1

Nuenen-Zuid

19,57

18,51

11,16

Nuenen-Oost

17,55

18,32

11,06

Eeneind

17,63

18,03

10,79

Verspreide huizen Boord, Opwetten

19,2

18,11

11

Verspreide huizen ten zuidoosten van Nuenen Gerwen

16,63

17,88

10,81

16,75

18

10,92

Verspreide huizen Gerwen

16,04

18,28

11,03

Nederwetten

16,23

18,2

11,05

Verspreide huizen Nederwetten

16,27

18,02

10,96

Buurtindeling Nuenen c.a.

BIJLAGE II – Uitstootcijfers vanuit gemeente Nuenen c.a. Emissiecategorie Wegverkeer Mobiele werktuigen

NO2 (kg/jaar) 81339

PM10 (kg/jaar) 4712

PM2,5 (kg/jaar) 1910

20114

865

825

Luchtvaart

0

0

0

Scheepvaart

527

13

12

Huishoudens cv

7163

164

171

Houtstook

3576

8133

7736

Landbouw

24285

4533

437

Industrie

5102

4525

2546

Overig

5827

4805

3573

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13851843/1