CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-09 Raadsinformatiebrief monitoring Leefbaarheid - Bijlage 0 Memo monitoring beleid leefbaarheid

Gemeenteraad 21 maart 2024, gemeente NuenenBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven7.175 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1

Monitoring LEEFBAARHEID Nuenen Datum Bijlagen Zaaknummer Documentnummer

: 2 februari 2024 : 5 : 1862307 : 1932324

Inhoud 1. Inleiding............................................................................................................................................... 2 Doel en inhoud memo ......................................................................................................................... 2 Brede definitie ..................................................................................................................................... 2 Landelijke monitoring - leefbaarometer ............................................................................................. 2 2. Verdieping problematiek luchtkwaliteit .................................................................................... 3 AiREAS ................................................................................................................................................. 4 Schone Lucht Akkoord (SLA) ................................................................................................................ 4 3. Inventarisatie visie, beleid en ontwikkelingen ........................................................................... 4 Omgevingsvisie Nuenen ......................................................................................................................

4 Mobiliteitsvisie en beleidsmodule Leefbaarheid ................................................................................ 6 Leefbaarheid en bereikbaarheid Bundelroutes Nuenen – Voorkeursalternatief ............................... 7 Beleid en werkwijze geluid .................................................................................................................. 7 Investeringsfonds Stedelijke Vernieuwing (ISV) .............................................................................. 8 Geluid treinverkeer MJPG Spoor ......................................................................................................... 9 Akoestisch onderzoek spoor MJPG Movares d.d. maart 2023 ....................................................... 9 Metingen luchtkwaliteit ILM ............................................................................................................. 10 Rapport AiREAS ................................................................................................................................. 10 Factsheet luchtkwaliteit en gezondheid rapportage GGD ................................................................ 12 Verkeersintensiteiten – rapportage en analyse verkeerstellingen ...................................................

13 Verkeersveiligheid – analyse verkeersongevallen............................................................................. 13 Sociaal domein - gezondheid............................................................................................................. 13 Openbare veiligheid .......................................................................................................................... 14 Geurhinder ........................................................................................................................................ 15 Trillingen ............................................................................................................................................ 16 Externe veiligheid .............................................................................................................................. 16 4. Samenvattende conclusies ............................................................................................................... 16 5. Vervolg .............................................................................................................................................. 17 Bijlagen ...................................................................................................................................... 18

2

1. Inleiding Doel en inhoud memo Dit memo bevat een inventarisatie van beleid en onderzoeken met betrekking tot leefbaarheid in de gemeente Nuenen c.a.. Er zijn uiteenlopende rapportages over het onderwerp Leefbaarheid. Hoewel een volledig overzicht van alle inspanningen op dit veelzijdige gebied bijna niet te geven is, zetten we in dit memo toch eenmalig op een rijtje hoe we monitoren en wat daarvan de resultaten zijn. We inventariseren visie en beleid, lopende en nieuwe acties die een bijdrage (kunnen) leveren aan de verbetering van de leefbaarheid in Nuenen.

Brede definitie Leefbaarheid is typisch een begrip waarvan de meeste mensen wel een idee hebben wat er onder wordt verstaan, maar waarvan het lastig is om een vastomlijnde definitie te geven. Leefbaarheid is een containerbegrip, te definiëren als “de mate waarin de omgeving aansluit bij de eisen en wensen die er door de mens aan worden gesteld.” (Leidelmeijer & Van Kamp, 2003).

Landelijke monitoring - leefbaarometer Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hanteert een instrument om tot op wijkniveau voor heel Nederland een inschatting te geven van de leefbaarheid. Dat is gedaan aan de hand van een groot aantal kenmerken van de woonomgeving ten aanzien van woningvoorraad, fysieke omgeving, voorzieningen, sociale samenhang, overlast en onveiligheid. De Leefbaarometer geeft een indruk van waar het naar verwachting goed of slecht is gesteld met de leefbaarheid (signalering) en hoe die leefbaarheid zich ontwikkelt (monitoring). De Leefbaarometer geeft een statistische voorspelling van de lokale leefbaarheid. De Leefbaarometer kan gebruikt worden bij de beleidsvoorbereiding door gemeenten, woningcorporaties en andere organisaties die zich inzetten voor leefbare en veilige wijken en buurten. Ook kan het instrument gebruikt worden voor monitoring, evaluaties en verdiepend onderzoek. De Leefbaarometer wordt iedere twee jaar geactualiseerd en is online raadpleegbaar. Score Op grond van periodiek onderzoek wordt geconcludeerd dat de leefbaarheid in Nuenen in 2020 is verbeterd van ruim voldoende naar zeer goed (bron: Leefbaarometer). Met de genoemde score mogen we blij zijn, maar deze kan geen reden zijn om achterover te leunen, ook omdat de fysieke leefomgeving volgens de Baarometer-score matig, dus voor verbetering vatbaar is.

Bij fysieke omgeving denken we vooral aan milieuaspecten zoals lucht-, bodem, waterkwaliteit, geluid, groen inmiddels ook hitte en infrastructuur. De invloed van de infrastructuur (zoals wegen, spoorlijnen, hoogspanningsleidingen e.d.) op leefbaarheid is zowel positief als negatief. Brede Welvaart De relatie tussen leefkwaliteit en infrastructuur wordt ook onderkend door het Planbureau voor de leefomgeving PBL en is vervat in het begrip Brede welvaart. Brede welvaart omvat alles wat mensen

3 van waarde vinden. Naast materiële welvaart gaat het ook om zaken als gezondheid, onderwijs, milieu en leefomgeving, sociale cohesie, persoonlijke ontplooiing en (on)veiligheid. Dit begrip staat centraal bij de ontwikkeling van beleid, ook bij mobiliteitsbeleid in de MRE.

Vier dimensies van brede welvaart, bron Planbureau voor de leefomgeving PBL (2021)

2. Verdieping problematiek luchtkwaliteit Er zijn essentiële zaken die door het grootste deel van de inwoners als vanzelfsprekend worden gezien maar volgens hedendaagse inzichten behoren tot fundamentele verantwoordelijkheden van overheden. Gezonde, onvervuilde lucht is daar een voorbeeld van. De wensen en eisen van inwoners zijn daarbij heel divers, soms ook tegenstrijdig. Door collectief te consumeren en te vervoeren vervuilen we de omgeving. Schone lucht is van levensbelang voor onze gezondheid. Luchtverontreiniging is de voornaamste oorzaak van gezondheidseffecten door milieu-invloeden. De laatste jaren is de lucht in Nederland schoner geworden en de wettelijke grenswaarden worden op de meeste plekken niet overschreden. Toch veroorzaakt de huidige concentratie luchtverontreiniging nog steeds veel gezondheidseffecten doordat er geen drempelwaarde bestaat waaronder geen gezondheidseffecten optreden. Denk hierbij aan astma, laag geboortegewicht, hart- en vaatziekten en zelfs vroegtijdig overlijden. Langdurige blootstelling aan luchtverontreiniging verhoogt het risico op gezondheidsschade. Ouderen, kinderen, zwangere vrouwen en mensen met aandoeningen aan hart, bloedvaten of luchtwegen zijn extra kwetsbaar (Bron: factsheet GGD).

4 AiREAS De onderzoeksstichting STIR, bekend als “de Stad van Morgen” heeft een vijftal van die essentiële zaken gedefinieerd en aangeduid als maatschappijbrede, gezamenlijke verantwoordelijkheden die men niet kan uitbesteden, noch delegeren. Zo is STIR de grondlegger geworden van het samenwerkingsverband AiREAS waarin alle mogelijke partijen uitgenodigd zijn om samen verantwoordelijkheid te nemen (eigen initiatieven en samen) voor stappen op weg naar een onvervuilde lucht. Zo heeft AiREAS, samen met Fontys A.I., een Innovatie Lab-opgezet waar ondernemende studenten applicaties bouwen die gebruik maken van de data uit de meetnetwerken om burgers te stimuleren tot gedragsaanpassingen. Samen met TNO wordt gewerkt aan innovaties voor in buurten en wijken. Met de GGD is een onderwijspakket samengesteld voor basisscholen. Sinds 2010 zijn vele partijen aangesloten. Zo is AiREAS initiatiefnemer en opdrachtgever voor het regionale meetnetwerk, ILM, waar 21 gemeenten van Zuidoost Brabant bij zijn aangesloten, Nuenen ook, net als TNO, GGD, ODZOB, allerlei burgerinitiatieven en meetprojecten, universiteiten, enz. Nuenen heeft daarnaast met AiREAS geprobeerd de multidisciplinaire activiteiten in de gemeente op te zetten door een eigen lokaal meetnetwerk, nog voordat AiREAS de complexiteit van het ILM voor elkaar had gekregen.

Schone Lucht Akkoord (SLA) Het probleem van luchtverontreiniging ligt niet alleen aan Nuenen, het is iets dat heel de wereld aangaat. Noordwest Europa en met name Zuid Nederland zijn probleemgebieden door een combinatie van historische factoren. Nuenen ligt daar midden in. Maar we zijn niet alleen ontvanger, ook veroorzaker. Het doel van het Schone Lucht Akkoord is om gezamenlijk de luchtkwaliteit in Nederland permanent te verbeteren. Deelnemende partijen nemen maatregelen om de luchtverontreiniging van binnenlandse bronnen te beperken. Met de aanpak van de binnenlandse bronnen streeft men samen naar een gezondheidswinst van minimaal 50 procent in 2030 ten opzichte van 2016. Een andere afspraak uit het Schone Lucht Akkoord is dat partijen toewerken naar de WHO-advieswaarden in 2030. In alle sectoren starten overheden in samenspraak met bedrijven en burgers initiatieven en acties voor schonere lucht. Daardoor zullen mensen langer, gezonder en met meer kwaliteit leven. Nuenen is nog niet aangesloten bij het SLA, maar neemt deel aan een pilot.

3. Inventarisatie visie, beleid en ontwikkelingen Omgevingsvisie Nuenen De Nuenense Omgevingsvisie gaat nadrukkelijk in op de lokale ambities op het gebied van leefbaarheid. “Met de omgevingsvisie maken we één beleid voor Nuenen voor onze fysieke leefomgeving. Denk hierbij aan gebouwen, wegen, water, bodem, landschappen, natuur en erfgoed. Als we het in deze visie over Nuenen hebben, dan horen daar ook de kerkdorpen en buurtschappen bij. In de omgevingsvisie komt onder andere de ruimtelijke ordening, de inrichting van het openbaar gebied en het milieu aan bod. Daarnaast komen ook de nationale thema’s duurzaamheid, energietransitie, klimaatadaptatie én gezondheid in de omgevingsvisie aan bod."

5 Ook de volgende onderwerpen geven weer hoe we in grote lijnen denken en werken als het gaat om een hoogwaardige en gezonde woon- en leefomgeving, met behoud en versterking van de Nuenense kwaliteiten. Gezondheid als verbindende factor In de omgevingswet krijgt de gemeente de basistaak om de kwaliteit van de fysieke leefomgeving te borgen. Nieuw in de omgevingswet is dat bij alle ontwikkelingen steeds rekening moet worden gehouden met de gezondheidseffecten van die ontwikkelingen. Daarbij gaat het op de eerste plaats om ‘gezondheidsbescherming’, het borgen van milieukwaliteit en een fysiek veilige leefomgeving. Daarnaast is het de intentie van de wet dat het beleid zich ook gaat richten op de ‘gezondheidsbevordering’. De gemeente zal niet via een omgevingsvisie een gezonde levensstijl kunnen afdwingen. De gemeente zet wel in op een fysieke leefomgeving die een gezonde leefstijl bevordert. Het coronavirus heeft nog eens op indringende wijze duidelijk gemaakt dat bevordering en preventie van de gezondheid ook in onze leefomgeving nadrukkelijk onze aandacht en zorg moeten hebben. Denk aan de ambitie om het openbaar gebied meer te gebruiken voor spelen, bewegen en ontmoeten ('kwiek-route'). Denk ook aan de aanleg van goede fietspaden, die uitnodigen om de fiets te pakken in plaats van de auto. En denk aan het monitoren van de luchtkwaliteit via het regionale meetnet en AiREAS.

Allemaal beleidslijnen die al in gang zijn gezet in Nuenen. De omgevingswet gaat echter nog verder, en vat het begrip ‘gezondheid’ breed op. Het gaat ook om een goede gezondheid in de toekomst, ook in relatie tot andere ontwikkelingen. Het betreft bijvoorbeeld de effecten van klimaatverandering (hittestress, waterveiligheid), de verduurzaming van energiebronnen, gebouwen en mobiliteit. En de sociale cohesie, risicobewustzijn en bevordering van zelfredzaamheid van de inwoners. Gezondheid is hiermee de verbindende factor voor alle opgaven in het fysieke domein. Gezondheidsbescherming Uitgangspunt van de omgevingswet is de handhaving van het bestaande beschermingsniveau. De gemeente hanteert de landelijke normen. In het kader van gezondheidsbescherming zijn we terughoudend in het verlenen van ontheffingen aan initiatiefnemers van bouwplannen om soepeler met de normen om te gaan. In de omgevingsvisie worden echter nog geen concrete normen vastgelegd ten aanzien van geluidsniveaus, stiltegebieden, geurhinderniveaus of luchtkwaliteit en dergelijke. Dit wordt mogelijk in een later stadium uitgewerkt in het omgevingsplan.

Hierbij hanteren wij de volgende uitgangspunten: • De wettelijke norm als maximum: we blijven verplicht plannen te toetsen aan de wettelijke milieunormen en zullen geen uitvoering geven of medewerking verlenen als het wettelijke basisniveau in het gedrang komt; • Het ‘stand still’ principe voor geluid en luchtkwaliteit: we willen per saldo voor de gemeente Nuenen dat de luchtkwaliteit en de geluidshinder niet verslechteren; • Streven naar verbetering: we onderzoeken wat er nodig en mogelijk is om een verbetering van geluid, geur, of lucht te bereiken en dus ook wat de “prijs” hiervan is in geld, gedrag en keuzes voor andere onderwerpen. • Een gezonde leefomgeving is ook een veilige leefomgeving. Bij het werken aan een veiligere leefomgeving gaat het om het samen terugbrengen van externe risico's tot een acceptabel niveau. In verband met het voorzorgsbeginsel wordt bij ontwikkeling in een zo vroeg mogelijk stadium aandacht besteed aan: omgevingsveiligheid (risico's voor mens en milieu bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen). Gezondheidsbevordering Nieuw in de Omgevingswet is de gezondheidsbevordering. De gezondheidsbevordering is erop gericht om een gezonde levensstijl te faciliteren door gebruik te maken van de fysieke leefomgeving.

‘Gezondheid’ wordt daarbij breed opgevat en omvat ook sociale cohesie, welzijn, het bevorderen dat “iedereen kan meedoen”, zelfredzaamheid en mobiliteit. Deze twee kanten van gezondheid (beschermen en bevorderen) vormen de pijlers voor deze

6 omgevingsvisie, met gezondheid als de verbindende factor. Van daaruit bepaalt de gemeente haar (speerpunten van) beleid. Speerpunten gezondheid De gemeente draagt zorg voor een gezonde en prettige leefomgeving voor haar inwoners. Vanuit de wettelijke opgave, de kwaliteiten, het participatietraject, de gezondheidsmonitor, regionaal meetnetwerk en AiREAS, is een aantal speerpunten van beleid geselecteerd. De speerpunten hebben betrekking op zowel het beschermen als het bevorderen van de gezondheid. Deze speerpunten zijn door de gehele omgevingsvisie verweven: 1. Een veiligere leefomgeving: een gezonde leefomgeving is ook een veilige leefomgeving. 2. Luchtkwaliteit 3. Geluid en trilling 4. Bodem en grondwater 5. Bewegen 6. Groen en rust: groen en rust hebben een positief effect op de gezondheid. 7. Goede voorzieningen en woningen 8. Sociale gezondheid (Nog) geen nieuwe normen In de omgevingsvisie zijn nog geen van de wetgeving afwijkende normen vastgelegd ten aanzien van geluidsniveaus, stiltegebieden, geurhinderniveaus of luchtkwaliteit en dergelijke. Dit wordt mogelijk in een later stadium uitgewerkt in het omgevingsplan. Hierbij hanteren wij als uitgangspunten onze bovenstaande speerpunten op het gebied van gezondheid.

Omgevingsprogramma’s De omgevingsprogramma’s bieden een opening aan de samenleving, andere overheden en marktpartijen om bij te dragen aan de doelen van het programma. In de programma’s worden beleidsdoelstellingen geformuleerd en hoe je deze wil gaan bereiken. De doelen worden waar mogelijk gekwantificeerd ten behoeve van monitoring. Ook de mogelijke toepassing van zogenoemde omgevingswaarden (voor het objectief en meetbaar vaststellen van de omgevingskwaliteit in relatie tot gezondheid) en de impact hiervan zal hierbij worden onderzocht. Gezondheid is de verbindende factor. Het idee is om alle thema’s te wegen in het licht van wat deze doen voor de bescherming en bevordering van de gezondheid. Omgevingsplan In het omgevingsplan moeten we de bruidsschat verwerken (milieuregels). De gemeente stelt regels voor geluid, geur, externe veiligheid, luchtkwaliteit, etc. die zij verbindt aan milieubelastende activiteiten. De normen voor deze aspecten zijn nu vaak opgenomen in het Activiteitenbesluit en dus landelijk geregeld. Dat worden straks lokale regels, waarbij ook lokaal maatwerk mogelijk is. Hoe we dit in het omgevingsplan gaan verwerken is nu nog niet aan te geven.

Mobiliteitsvisie en beleidsmodule Leefbaarheid In de Mobiliteitsvisie van december 2017 en de beleidsmodule Leefbaarheid van december 2019 is in grote lijnen aangegeven hoe de gemeente inhoudelijk de samenwerking ziet rondom de bovenlokale opgave van verkeer en leefbaarheid. Hierbij is de term ‘stand still’ leefbaarheid geïntroduceerd. Beleidsmatig is uitgesproken dat de leefbaarheid en bereikbaarheid niet behoeven te verbeteren, maar zeker niet mogen verslechteren. Bij amendement van december 2017 heeft de raad aangegeven dit geverifieerd te willen zien via metingen. “In de toegezegde fysieke metingen met betrekking tot fijnstof en geluid ook de Geldropsedijk mee te nemen en z.s.m. doch uiterlijk 1 maart 2018 meetpunten te plaatsen

7 op de Smits van Oyenlaan, Europalaan en de Geldropsedijk m.b.t. geluidsniveau, fijnstof en verkeersintensiteiten” Tekst amendement

Leefbaarheid en bereikbaarheid Bundelroutes Nuenen – Voorkeursalternatief Op grond van de Omgevingsvisie en de Mobiliteitsvisie is de studie (verkeers)leefbaarheid en bereikbaarheid opgesteld in samenwerking met de provincie. Er is gezocht naar een optimaal maatregelenpakket om de bereikbaarheid en leefbaarheid te behouden en waar mogelijk verbeteren. Het gaat daarbij om verkeersleefbaarheid als onderdeel van leefbaarheid. Er zijn scenario’s afgewogen inclusief de aanleg van een oostelijke randweg, benutting van de bestaande wegen en multimodale alternatieve vervoerswijzen. Maatregelen en effecten In november 2021 heeft de raad het Voorkeursalternatief (VKA) Bundelroutes vastgesteld. Het maatregelenpakket geeft optimaal invulling aan de ambities vanuit de Omgevingsvisie en de doelstellingen voor de Bundelroutes. Op en nabij bestaande wegen komt een omvangrijk maatregelenpakket voor fiets, auto, openbaar vervoer en leefbaarheid. Lokaal verbetert de ontsluiting voor autoverkeer door de op- en afrit (busbanen) tussen de Geldropsedijk en de A270 open te stellen voor autoverkeer. Op verschillende plaatsen krijgt het openbaar vervoer voorrang met nieuwe verkeerslichten. Er komt een overstappunt bij Gerwen. Een regionale snelfietsroute tussen Gemert en Eindhoven wordt in Nuenen aangelegd langs Gerwen en via de Opwettenseweg.

Dit samenhangende pakket tempert de groei van het autoverkeer en helpt sluipverkeer door de wijken te voorkomen. De effecten qua leefbaarheid zijn gunstig. We voldoen aan het stand still-principe. Zo verbetert de leefbaarheid (lucht en geluid) in de gemeente. Dit is met onderzoeken vastgesteld (o.a. akoestische analyse als bijlage bij het VKA.) Daarbovenop wordt nog een geluidsscherm langs de A270 geplaatst. Het VKA draagt zodoende bij aan de bereikbaarheid, het groene karakter en de leefbaarheid in onze gemeente. De uitkomsten van de studie (verkeers)leefbaarheid en bereikbaarheid Bundelroutes sluiten aan op de Omgevingsvisie op de volgende punten: - inzetten op verschillende vormen van vervoer en gezonde mobiliteit. - mogelijkheden bieden voor de aanleg van goede fietspaden waardoor mensen vaker de fiets pakken. - lokaal en regionaal verkeer in goede banen leiden Projecten VKA Het VKA wordt de komende jaren uitgewerkt en gerealiseerd. De maatregelen zorgen voor een verbetering van leefbaarheid (lucht en geluid). Waar op projectniveau aanvullende onderbouwingen nodig zijn (bijvoorbeeld akoestisch onderzoek bij reconstructies in de zin van de wet) wordt getoetst aan de wettelijke norm tenzij ander beleid wordt vastgesteld. In principe worden geluidwallen niet verhoogd (uitgezonderd geluidsscherm langs de A270) indien er geen wettelijke noodzaak is.

Beleid en werkwijze geluid De leefomgeving wordt belast door de geluidsproductie van weg-, spoor-, luchtverkeer en bedrijvigheid. Nuenen heeft geen specifiek lokaal geluidbeleid. Bij het beoordelen van vergunningen en ruimtelijke plannen is de huidige werkwijze voor het beoordelen van geluid gebaseerd op de wettelijke kaders, zoals de Wet Geluidhinder en het Activiteitenbesluit. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden deze wetten en ministeriële regelingen bij elkaar gevoegd.

8 Industrielawaai Industrielawaai is een belangrijk onderdeel binnen het thema geluid. Deze term doet denken aan geluiden van bedrijven en daar vindt veel van de aanpak van dit onderdeel zijn oorsprong. Industrielawaai gaat dan ook in alle gevallen om geluid dat niet afkomstig is van particulieren. De wetgeving rondom industrielawaai is dan ook gericht op inrichtingen (zoals bedrijven en verenigingen). De regelgeving op dit gebied is complex. Er zijn rechten vastgelegd in het belang van de ontvanger (vaak omwonenden), maar ook voor de makers van het geluid. Veel van die regels staan in het Activiteitenbesluit en de Wet geluidhinder. De beoordeling van dit onderdeel in de vergunningverlening is als basistaak ondergebracht bij de Omgevingsdienst ZuidOost-Brabant (ODZOB). Zij hebben op dit onderdeel specialistische kennis die zij gebruiken bij het beoordelen van meldingen en vergunningaanvragen. Ook adviseren zij regelmatig op dit onderdeel bij ruimtelijke plannen. Investeringsfonds Stedelijke Vernieuwing (ISV) Om de geluidsituatie te verbeteren werkt ook Nuenen aan het landelijke actieprogramma Omgevingslawaai in het kader van de Europese richtlijnen voor geluid. De ISV-kaarten (zogenaamde A/ B-lijsten) betreffen de meer ernstige situaties, waar we er in Nuenen weinig van kennen. De sanering van A-lijst woningen moet gefinancierd worden uit de ISVbudgetten.

Voor de sanering van gemelde woningen kunnen gemeenten en provincies een projectsubsidie aanvragen bij bureau sanering verkeerslawaai BSV. De aanpak bij/ aan woningen die in Nuenen op de A- en B-lijst stonden is recent afgerond en de eindafrekening van subsidie is opgemaakt. EU-Richtlijn Omgevingslawaai De gemeente Nuenen valt als voormalige agglomeratiegemeente van gemeente Eindhoven onder de verplichting van deze EU-richtlijn, welke ondertussen ook is geïmplementeerd in de Wet milieubeheer. De richtlijn richt zich op de evaluatie en beheersing van geluid en is vooral bedoeld om woningen en gevoelige gebouwen, zoals scholen en ziekenhuizen te beschermen tegen lawaai waaraan de mensen worden blootgesteld (dus geen buitenruimten/tuinen). Het toepassingsgebied beperkt zich tot een aantal gedefinieerde brontypen, te weten effecten door weg- en railverkeer en luchtvaart van een zekere omvang, alsmede specifieke vastgelegde industriële activiteiten. Elke 5 jaar dienen geluidsbelastingskaarten te worden opgesteld voor de belastende brontypen en hieruit vloeit een actieplan voort. De belastende brontypen betreffen binnen de gemeente Nuenen het wegverkeerslawaai, spoorweglawaai en voor 1 enkel bedrijf industrielawaai. Op dit moment loopt de 4e tranche, waarvoor in september 2022 de geluidsbelastingskaarten door het college zijn vastgesteld en ter inzage gelegd.

In totaal zijn 11 kaarten en een tabel opgesteld. EU-Geluidkaarten gemeente Nuenen, zie: https://odzob.nl/geluidbelastingskaartennuenen. De geluidbelasting door vliegverkeer is nihil, hiervan zijn dan ook geen kaarten opgesteld, ook niet voor de belasting vanwege industrie/bedrijven omdat deze zeer beperkt is. Uit de kaarten voor wegverkeer en railverkeer komt naar voren dat er vooral geluidgevoelige bestemmingen (woningen) rond de provinciale weg zijn met een hogere geluidbelasting dan de voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai. Een uitsnede van tabel en kaarten is hieronder weergegeven.

9

Kanttekening In deze tranche is gebruik gemaakt van een nieuwe methode. Dit is verantwoord in een analyse. De grootse aanpassing betreft de te hanteren verplichte rekenmethode CNOSSOS voor wegverkeers-, railverkeers-en industrielawaai. Hierdoor kan een kaart geproduceerd met rekenmethode CNOSSOS niet direct vergeleken worden met een kaart geproduceerd met rekenmethode SRMII zoals in de vorige tranche.

Geluid treinverkeer MJPG Spoor Door de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten loopt het spoor van Eindhoven naar Venlo. In de Wet milieubeheer zijn regels opgenomen voor de aanpak van bestaande geluidknelpunten vanwege spoorverkeer. De verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de geluidsanering ligt bij de beheerder van de spoorinfrastructuur: ProRail. Zij dienen uiterlijk op 31 december 2023 saneringsplannen in bij de Minister van Infrastructuur en Waterstaat (I en W). Langs delen van het spoor staan al geluidschermen en worden raildempers toegepast. Akoestisch onderzoek spoor MJPG Movares d.d. maart 2023 In fase 1 wordt gekeken naar bescherming van de hoogst belaste locaties met efficiënte maatregelen. Daarbij gaat het om locaties waar woningen voorkomen met een geluidbelasting van meer dan 75 dB aan de gevel. In fase 2 wordt gekeken naar de overige saneringslocaties en daarvoor zijn de benodigde extra middelen beschikbaar gesteld in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT). Movares heeft in opdracht van ProRail het rapport opgesteld Akoestisch onderzoek Geluidsanering gemeenten Nuenen c.a. d.d. maart 2023. Dit rapport heeft betrekking op locaties in fase 2. Als de saneringswaarde wordt overschreden, wordt bezien of er geluidmaatregelen mogelijk zijn waarmee de streefwaarde kan worden behaald.

Het onderzoek bevat een afweging van maatregelen en houdt rekening met bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke, verkeerskundige, vervoerskundige en technische aard maar ook financiële doelmatigheid speelt een rol. Dit onderzoek resulteert in een pakket aan geluidbeperkende maatregelen. De resultaten hiervan zijn samengevat voor Nuenen. Cluster

Maatregel

Eeneind

Geen maatregelen aanvullend op al bestaande raildempers en een scherm van 1.5 meter hoog

Parallelweg ter hoogte van nr 11 t/m 15

Scherm 3 meter hoog

Resterende knelpunten Ja

Nee

Nadere uitleg bij de maatregel Raildempers en een scherm van 1.5 meter hoog zijn al aanwezig. Voor een hoger scherm is onvoldoende budget. De knelpunten zijn opgelost met dit scherm. Met een lager scherm en raildempers resteren knelpunten.

Tabel: overzicht locaties geluidmaatregelen gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten.

10 Na besluiten in het MIRT is bekend waar ProRail vanaf volgend jaar mee aan de slag gaat. De start, fasering en doorlooptijd zijn nog onbekend, dus wanneer Nuenen precies aan de beurt is, is nog onduidelijk.

Metingen luchtkwaliteit ILM In 2020 is gestart met het opzetten van een Regionaal Meetnet lucht (Innovatief Lucht Meetnet 2.0) in Zuidoost-Brabant. Het Meetnet is een samenwerkingsverband van 21 gemeenten met als doel om de kwaliteit van de lucht te meten en te monitoren in het stedelijk gebied, het buitengebied en de omgeving van de luchthaven Eindhoven. Nagenoeg alle regiogemeenten, de provincie en de gemeenten Boxtel en Meierijstad zijn aangesloten bij het Regionaal Meetnet. Het Regionaal Meetnet is een hulpmiddel om samen een gezonde(re) en (meer) toekomstbestendige leefomgeving ten aanzien van de luchtkwaliteit te bereiken. Het Meetnet heeft ca. 50 innovatieve meetstations operationeel die (ultra)fijnstof en stikstofdioxide meten (zie afbeeldingen dasboard AiREAS). Samen met de drie meetstations van het Landelijke Meetnet Luchtkwaliteit geeft dit een fijnmazig en continue (24/7) beeld van de luchtkwaliteit in de regio via open data. De meetwaarden zijn ‘real time’ te volgen via dashboards. In de bijlage 1 is de infographic ILM 2.0 jaarrapportage TNO 2022 opgenomen.

Rapport AiREAS In de bijlage 2 zijn alle activiteiten van AiREAS in de afgelopen jaren weergegeven. Het is belangrijk om AiREAS te zien als projectgedreven verbindende partij, niet alleen binnen de gemeente maar ook via het ILM, het onderwijs, de provincie, enz. AiREAS is dus geen aannemer, leverancier of technologisch instituut maar een samenwerkingsverband of burgerinitiatief die partijen (technologie, overheid, onderwijs, innovatie en inwoners) samenbrengt rondom complexe onderwerpen die de gezondheid betreffen. Fase 1: In de eerste fase is AiREAS gevraagd de gemeente te helpen bij het opzetten van metingen (Fijnstof en geluid, eventueel Ozon) naar aanleiding van de vaststelling van de Mobiliteitsvisie en het amendement van december 2017. De eerste meetcampagne leverde brede inzichten op ten aanzien van de luchtkwaliteit. Vaste sensoren werden gepositioneerd in achtertuinen rondom de A270. Ook mobiele sensoren gaven een beeld van de enorme fluctuaties in tijd en plaats, vooral afhankelijk van de weersomstandigheden. Er was een verschil tussen de vaste opstellingen en de mobiele kastjes. De conclusie was dat de wettelijke normen (daggemiddelden) voor fijnstof in Nuenen niet overschreden werden, maar de situatie niet verder mocht verslechteren. De geluidsmetingen bleken (en blijken) een minder betrouwbaar beeld op te leveren.

Dit had vooral te maken met technische onvolkomenheden. De achtergrondgeluiden (ruisen van bomen, fluiten van vogels, tuinwerkzaamheden) beïnvloedden de uitkomsten, ze konden/ kunnen niet goed weggefilterd worden. Een ander element in de discussie was de fluctuatie (waarbij de reken- en meetvoorschriften en wettelijke normen uitgaan van gemiddelden) en ook de positie van de sensoren; waar de wettelijke voorschriften zich richten op de gevelbelasting wensen inwoners ook een geluidsarme achtertuin. Fase 2: meten fijnstof, geluid en NO2 Nuenen werd via AiREAS geholpen aan een nieuwe meetcampagne door een regionale aanpak. In de regionale stuurgroep (met GGD, ODZOB, AiREAS en de gemeente Eindhoven) deed zich de kans voor het meetnetwerk tijdelijk uit te breiden door inzet van apparatuur van TNO (fijnstof en NO2) binnen onze gemeente. Hoewel het voor de regio interessanter was metingen te richten op de agrarische omgeving heeft Nuenen met succes

11 bepleit deze apparatuur te plaatsen rond de drukkere wegen. Parallel daaraan heeft Nuenen aan AiREAS gevraagd de inzet van andere apparatuur (o.a. Intemo en low cost sensoren van een inwoner) mee te nemen in een vergelijking en de resultaten te delen in een platform met technici, leveranciers, GGD en betrokken inwoners. Ook nu waren de meetresultaten weer 24/7 zichtbaar via het dashboard. Zie ook afbeeldingen in het rapport. De geluidmetingen met Intemo-sensoren gaven geen betrouwbaar beeld. Dit bleek verband te houden met de beheersafspraken en de verantwoordelijkheden. Op verzoek van participanten zijn er in het rapport geen conclusies verbonden aan de geluidsmetingen. De waardering van de leefkwaliteit bij categorieën geluidniveaus is nu uit het rapport gehaald. Deze meetcampagne heeft zeker weer inzichten opgeleverd. Technische winst is een betrouwbaar en verklaarbaar beeld van de fijnstofmetingen van TNO. Over de stikstofmetingen (vergeleken met de gebruikelijke meting met palmesbuisjes) was TNO zelf nog niet tevreden. Het bijgaande rapport in de bijlage 2 is de weergave van het proces en de resultaten (van alle verslagen in beide fases tussen 2018 en 2022). Het rapport bevat een breed scala aan aanbevelingen.

Dashboards De luchtkwaliteit wordt tot heden nog steeds ‘ real time’ per dag zichtbaar gemaakt via het dashboard van samen meten via https://app-climate01.hex.tno.nl/topas-nl/. Metingen betreffen Stikstofoxiden, Zwaveloxiden, Finstof PM 2,5 en PM10.

Voorbeeld permanente metingen PM2,5 sensor ILM 157 (Geldropsedijk – N270) d.d. 2 febr. 24

Dit plaatje geeft de herkomst en bronnen en daarmee de complexiteit van luchtkwaliteit in Nuenen aan. Dit staat nog los van de luchtvervuiling en blootstelling die inwoners zelf veroorzaken thuis (klussen, bbq, kachel, koken, roken, enz) waar de meest directe gezondheidswinst te behalen valt.

12 Verder biedt de sensor comunity inzicht in metingen, zie https://sensor.community/nl/. Hier worden ook geluid en andere metingen zichtbaar gemaakt,

Factsheet luchtkwaliteit en gezondheid rapportage GGD Door de luchtkwaliteit en bronnen van luchtverontreiniging inzichtelijk te maken, draagt de GGD bij aan het onderbouwen van de ernst van het probleem en de noodzaak tot verbetering van de luchtkwaliteit. In het rapport “Luchtkwaliteit en gezondheid in de provincie Noord-Brabant” (mei 2022) werd al uitgebreid ingegaan op de berekende blootstelling aan luchtverontreiniging en de hiermee samenhangende gezondheidslast (rapport te raadplegen via: https://www.ggdhvb.nl/milieu-en-veiligheid/luchtkwaliteit-en-gezondheid/). De factsheet in bijlage 3 zoomt in op de situatie in de gemeente Nuenen c.a. Er wordt ingegaan op de voor de gezondheid belangrijkste en best onderzochte componenten van luchtverontreiniging: fijnstof (PM10 en PM2,5) en stikstofdioxide (NO2). De berekende blootstelling en de bijbehorende gezondheidslast wordt vergeleken met de Brabantse situatie. Op gemeentelijk niveau vindt een vertaling plaats naar de te verwachte gezondheidseffecten in de blootgestelde populatie. Het rapport maakt onderscheid in primair en secundair fijnstof, de factsheet geeft ook inzicht in de bronnen binnen Nuenen die lokaal een bijdrage leveren aan luchtverontreiniging.

Tabel Grens- en advieswaardes van de Europese Unie en het WHO

Tabel blootstelling per wijk/ kerkdorp in Nuenen

Conclusies zijn o.a. - De gezondheidseffecten die inwoners van Nuenen c.a. ondervinden door het inademen van luchtverontreiniging komen overeen met het dagelijks meeroken van bijna 5 sigaretten van een huisgenoot. - Inwoners van de gemeente Nuenen c.a. verliezen gemiddeld bijna een levensjaar door vervuilde lucht. - Grote bronnen van luchtverontreiniging (zowel in Nuenen c.a. als in regio) zijn: wegverkeer (m.n. NO2, en in mindere mate PM10 en PM2,5), landbouw (m.n. PM10), houtstook (m.n. PM2,5 en PM10) en industrie (m.n. PM10 en PM2,5).

13 -

Een lagere blootstelling aan luchtverontreiniging levert altijd gezondheidswinst op. Een vermindering van de blootstelling met 50% betekent een gezondheidswinst van 50%.

Advies - Bronmaatregelen: beperken wegverkeer (zoals bevorderen van schoon en gezond vervoer), houtstook (beperken), landbouw en industrie. - Gevoelige bestemmingenbeleid vooral (in nieuwe situaties) afstand houden ten opzichte van bronnen zoals drukke verkeerswegen. - Gezondheid in beleid: beschermen én bevorderen van de gezondheid, via verschillende domeinen, mobiliteit, ruimte, woningbouw en klimaat (vergelijk Omgevingsvisie) - Schone Luchtakkoord: GGD adviseert de gemeente om op nationaal niveau samen te werken aan schone lucht door het Schone Lucht Akkoord te ondertekenen.

Verkeersintensiteiten – rapportage en analyse verkeerstellingen De gemeente Nuenen c.a. telt op 26 locaties ieder jaar het verkeer (inclusief samenstelling en snelheid, extra fietstellingen), bij Nuenen-West zelfs tweemaal per jaar. Eenmaal per 2 tot 4 jaar vindt een kentekenonderzoek plaats. Dit geeft inzicht in doorgaand-, extern- en intern verkeer. De wijze van meten geeft naast aantallen ook inzicht in de snelheid en voertuigverdeling. In beperkte mate kan dit helpen het verkeersveiligheidsbeleid te actualiseren (top-16). Ook kan de snelheid (V85) in sommige gevallen betrokken worden bij de behandeling van melding en klachten. Resultaten In de periode van 29-9 t/m 15-10-23 zijn tellingen uitgevoerd. In de bijlage 4 zijn de resultaten per wegvak opgesomd en is een korte analyse weergegeven, inclusief een toets aan de wegcategorisering.

Verkeersveiligheid – analyse verkeersongevallen Monitoring via ongevallenregistratie is een geschikte manier om beleidsmatige keuzes bij te stellen aan de hand van het verleden. We kunnen hiermee vrij eenvoudig inzicht geven in de objectieve verkeersonveiligheid: wat zijn de daadwerkelijke concentraties ongevallen die extra aandacht verdienen t.o.v. de huidige ‘top-16’. Resultaten De analyse van ongevalscijfers tot november ’23 is weergegeven in de bijlage 5.

Sociaal domein - gezondheid Ook in het sociale domein draagt de gemeente op diverse manieren bij aan de leefbaarheid en gezondheid. Daarbij gaat het o.a. over de voorzieningen, bijvoorbeeld het hebben van een basisschool in de kerkdorpen, de aanwezigheid van speelvoorzieningen in de openbare ruimte en de gelegenheid om te kunnen sporten, maar ook het hebben van sporthallen en velden, verenigingen. Er wordt werk gemaakt van ‘spelen en bewegen’ in de wijken. In de omgevingswet zijn de volgende speerpunten benoemd waar we lokaal nu al invulling aan geven: Bewegen In tijden dat er een groter beroep wordt gedaan op inwoners zien we dat de gezondheidsverschillen (bijvoorbeeld overgewicht) toenemen. De fysieke leefomgeving kan inwoners verleiden om meer te bewegen. Bij de basisscholen stimuleren we de uitruil van het

14 schoolplein en de openbare omgeving. Kinderen maken overdag gebruik van terreinen in de buurt van de school, het schoolplein is in de avonden en weekenden beschikbaar om te spelen. Goede voorzieningen en woningen Inwoners moeten zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. Er moeten voldoende woningen zijn waarbij dat kan, met passende voorzieningen. We houden hierbij extra rekening met ouderen, jongeren (starters) en Sinti. Vanuit de Wmo wordt hulp geboden aan inwoners die dit niet zelf of met behulp van hun netwerk kunnen doen. Hierdoor kunnen zij langer thuis blijven wonen. Sociale gezondheid In de gemeente Nuenen is het belangrijk dat iedereen “mee kan doen”. Zelfredzaamheid en sociale cohesie zijn van belang. Hiervoor werkt de gemeente samen met verenigingen, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Door het verlenen van subsidies en het (mede) zorgen voor ruimtes om elkaar te ontmoeten of te sporten stimuleren we een breed aanbod voor vrijetijdsbesteding voor alle leeftijdscategorieën. In het jeugdbeleid is een van de doelstellingen dat iedereen kan meedoen. De GGD voert elke vier jaar onderzoeken uit onder onze inwoners. Aan de gezondheidsmonitor 2020-2021 namen ruim 1.000 inwoners deel vanaf 18 jaar. Hierin waren ook vragen over de coronacrisis opgenomen.

Het bevat cijfers over leefbaarheid: - In het onderdeel ‘mentaal welbevinden’ staat dat 86% van de 18 tot en met 64 jarigen zich gelukkig voelt. Dit geldt voor 79% van de 65 plussers. Lagere percentages van de respondenten gaven aan zich somber of psychisch ongezond te voelen. Een hoog risico op angststoornis of depressie of het overwegen van suïcide was van toepassing op 3% tot 9%. - Als het gaat om ‘zingeving’ zien we dat de deelnemende inwoners dit over het algemeen positief beoordelen. Toch mist ruim een kwart van de 18 tot en met 64-jarigen een doel in het leven. Bij het onderwerp ‘kwaliteit van leven’ zien we dat 16% van de 18 tot en met 64-jarigen stress ervaart, werk levert het meeste stress op. - 95% van de deelnemers geeft een voldoende voor de leefomgeving. Er is behoefte aan meer water, verkoeling en ontmoetingsplekken. In het hoofdstuk hinderbeleving en bezorgdheid staat dat een kleine 20% ernstige geluidshinder ervaart. - Ongeveer 1/3 van de deelnemers ervaart onvoldoende sociale samenhang in de buurt, dit is lager dan gemiddeld in de regio. Toch heeft het merendeel regelmatig goed contact met buren en meer dan de helft lid van een vereniging. 0.9% is sociaal uitgesloten. - Minder dan 10% is eenzaam, in de coronacrisis was dit percentage hoger.

Openbare veiligheid Het Nuenense veiligheidsbeleid (kadernota veiligheid) is gebaseerd op de Veiligheidsmonitor. Die monitor is een vierjaarlijks terugkerend bevolkingsonderzoek naar veiligheid, leefbaarheid en slachtofferschap. De Veiligheidsmonitor wordt uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van Justitie en Veiligheid, gemeenten en politie op basis van 65.000 enquêtes onder de Nederlandse bevolking. In 2021 heeft Nuenen voor de 4 de keer meegedaan aan de Veiligheidsmonitor. In totaal hebben 537 van de 1.410 geselecteerde inwoners een volledige vragenlijst ingevuld. De monitor beschrijft hoe de bewoners de leefbaarheid (waaronder sociale cohesie en fysieke kwaliteit) beoordelen en hoe zij de ontwikkeling van de buurt ervaren. De leefbaarheid van de woonbuurt wordt met een rapportcijfer 8 goed beoordeeld. Volgens de cyclus en onderstaand schema vormt de monitor de basis voor de Kadernota Veiligheid. De monitor helpt prioriteiten te stellen. De nieuwe Kadernota Veiligheid is voorzien voor Q2 2024.

15

Bezoekersmonitoring centrum Nuenen De monitoring van bezoekers is een vervolg op een onderzoek dat in 2022 is uitgevoerd naar de toeristische druk en draagkracht, verkregen via enquêtes. Een van de conclusies is dat de omvang van toerisme en recreatie in Nuenen relatief laag is in verhouding tot het aantal inwoners en de oppervlakte van de gemeente. Door groeiende bezoekersaantallen van het nieuwe Van Gogh Village Museum zal de toeristische druk naar verwachting de komende jaren toenemen. Met bezoekersmonitoring kan de toeristische druk in beeld gehouden en wanneer nodig- bijgestuurd worden. Monitoring biedt zicht op het aantal bezoekers aan het centrum van Nuenen en met name welke locaties in het dorp het drukst bezocht zijn. Hiermee kunnen we de multiplier van het bezoek aan het Van Gogh Village Museum aan het dorp in beeld brengen. Dit doen we -in principe tot eind 2024- met een systeem dat het aantal passanten telt. De sensor meet een beweging en zo wordt het aantal passanten in beeld gebracht. De data die uit de sensor komt, wordt verwerkt in een dashboard. Het dashboard wordt geanalyseerd met een team bezoekersmanagement. Zodoende wordt er waarde toegevoegd aan de data over de passanten. Het team bezoekersmanagement bestaat uit de gemeente, het Van Gogh Village Museum en het centrummanagement.

Dit team bekijkt of er interventies of acties nodig zijn om de leefbaarheid in het dorp te behouden.

Geurhinder Geur is een belangrijk milieuthema bij veehouderijen en voor omwonenden. Veehouderijen kunnen geurhinder veroorzaken vanwege geur afkomstig van de dierenverblijven, mestbassins, mestverwerking, productie en opslag van voer. Dit kan in de leefomgeving hinder veroorzaken en vormt daarom ook indirect een risico voor de volksgezondheid. Bij industriële bedrijven kan ook sprake zijn van de uitstoot van geur. Binnen de gemeente Nuenen zijn weinig bedrijven met een hinderlijke uitstoot van geur. Van de 59 veehouderijen

16 gelegen binnen de gemeente betreft het intensieve veehouderijen, 11 varkens- en 1 pluimveehouderij. De overige bedrijven betreffen rundvee, paarden en schapenhouderijen. Voor de intensieve veehouderijen gelden in de wetgeving geurnormen. Deze worden bij vergunningverlening en ruimtelijke plannen beoordeeld en getoetst. Voor rundvee, paarden en schapen gelden echter vaste afstanden vanaf de stallen tot aan de geurgevoelige objecten (zoals woningen) in de omgeving. Bij klachten over een veehouderij wordt de ODZOB ingeschakeld om een controle uit te voeren, zodat geconstateerd kan worden of de inrichtinghouder zich aan de voorschriften uit de geldende vergunning of melding houdt. Hiervan vindt terugkoppeling plaats naar de klager. De afgelopen jaren zijn er geen klachten geweest omtrent geur van veehouderijen.

Trillingen In Nederland bestaat geen wetgeving voor het voorkomen van hinder of schade door trillingen. Dit betekent niet dat hier niet naar gekeken hoeft te worden. Bij het opstellen van ruimtelijke plannen is het aspect trillingen wel een aandachtspunt. Aangezien er een spoorlijn aanwezig is binnen de gemeente is kan dit aspect wel van toepassing zijn. Het traject is echter beperkt en er zijn zover bekend geen klachten die verband houden met trillingen. In het verleden is wel de sloot ter hoogte van het spoortraject gelegen naast de wijk Eeneind gedempt. Hierna kwamen klachten van trillingen en is de sloot weer open gegraven. Verder kan het voorkomen dat bij bouw- en wegwerkzaamheden sprake is van trillingen. Dit is echter tijdelijk en worden indien nodig maatregelen getroffen om het zoveel als mogelijk te beperken.

Externe veiligheid Externe veiligheid gaat over de risico's voor mens en milieu bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen. Zowel bij vergunningverlening als ruimtelijke plannen wordt dit beoordeeld. Gemeente Nuenen heeft een aantal risicovolle bedrijven (waaronder bijvoorbeeld tankstations met LPG), het spoor waarover vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt, buisleidingen en opslag van propaan (veelal in buitengebied). Het invloedsgebied van het bedrijf Renewi in Geldrop valt ook voor een gedeelte binnen de gemeentegrenzen van Nuenen. Al deze risicovolle activiteiten worden geregistreerd in een landelijk systeem en op de Risicokaart kan bekeken worden welke dit zijn en welke afstanden in acht genomen dienen te worden.

4. Samenvattende conclusies Beleid De gemeente heeft het beleid en de ambitie erop gericht de leefbaarheid en gezondheid in Nuenen te verbeteren. Er is daarvoor nog geen ander beleid vastgesteld dan het hanteren van de landelijke/ wettelijke normen. Dit beleid voorziet er alleen in de grootste knelpunten aan te pakken, niet de bredere verbetering van leefbaarheid (denk m.n. vermindering van geluidhinder waar inwoners om vragen). Wel is in de Omgevingsvisie aangegeven dat de gemeente gaat onderzoeken wat er nodig en mogelijk is om een (verdere) verbetering van geluid, geur of lucht te bereiken en dus ook wat de "prijs" hiervan is in geld, gedrag en keuzes voor andere onderwerpen. De inventarisatie van beleid waaronder de resultaten van monitoring geven geen acute aanleiding om het beleid aan te scherpen. ‘Stand still’ voor geluid en fijnstof blijkt haalbaar op grond van autonome ontwikkelingen en maatregelen (VKA, maatregelen railverkeer). Wijze van monitoring

17 Uiteenlopende wijzen van monitoring (meten, enquêteren, berekenen) leveren direct inzicht op waar beleid op bijgesteld kan worden. De conclusies van Leefbaarometer, GGD en AiREAS/ TNO kunnen gezien worden als een gepaste wijze van monitoring op gebied van gezondheid en leefomgeving, deels gemeten en deels berekend. Resultaten De leefbaarheid in Nuenen is in het algemeen relatief goed als we kijken naar brede definitie. - Voor de fysieke omgeving is wel er reden voor zorg en actie: de fysieke omgeving (luchtkwaliteit) staat steeds onder druk door de ligging van Nuenen binnen de stedelijke regio. - De meetrapporten van AiREAS/ TNO (metingen) en het verslag van GGD Zuidoost Brabant (berekeningen) over de luchtkwaliteit in Nuenen, geven (ook) onze gemeente nog geen voldoende ten opzichte van de waarden die de Wereld Gezondheid Organisatie sinds 2021 noemt. - Het rapport van GGD geeft meer inzicht in de lokale en regionale bronnen en de gezondheidslast die luchtverontreiniging met zich meebrengt voor de inwoners. Het advies ten aanzien van mobiliteitsbeleid (meer gezonde mobiliteit) is al opgevolgd via de studie Leefbaarheid en bereikbaarheid door vaststelling van het VKA. - GGD en AiREAS (en Provincie) geven ook in overweging dat de gemeente zich aansluit bij het Schone Lucht Akkoord (SLA).

Meten als onderdeel van monitoring Er is nog geen grootschalige geslaagde geluidmeting uitgevoerd. Technische mankementen (beheersafspraken) speelden parten. Achtergrondwaarden (ruisen van bomen, fluiten van vogels, tuinwerkzaamheden) beïnvloedden de uitkomsten, deze kunnen niet goed ‘weggefilterd’ worden. Er is discussie met betrokken inwoners over de meetresultaten (gemeten pieken versus wettelijk relevante gemiddelden) en de opstelling (achtertuin of gevel).

5. Vervolg Met deze Monitoring beleid leefbaarheid hebben we geprobeerd om een overzicht te geven van beleid, activiteiten en resultaten op het gebied van leefbaarheid en gezondheid in Nuenen c.a. We blijven inzetten op bestaand beleid op basis van wettelijke taken en normen. Voor bovenwettelijk beleid gaan we de mogelijkheden onderzoeken, in eerste instantie binnen bestaande budgetten. Meer specifiek betekent dit: 1. Beleid en taken gericht op verbetering van leefbaarheid en gezondheid a. Bestaand beleid dient als basis, alsmede de wettelijke taken en normen voor (spoor)weglawaai, sociaal domein, trillingen, externe veiligheid, openbare orde en veiligheid etc.

-

-

b. Nieuw bovenwettelijk beleid Eventuele aansluiting bij het Schone Lucht Akkoord: de gemeente neemt momenteel deel aan de pilot fase 2 om inzichtelijk te maken wat de gemeente nu al doet en wat verbeterd kan worden. Het is de bedoeling om in het derde kwartaal 2024 aan te geven of we de aanbevelingen van GGD en AiREAS volgen en de gemeente wil toetreden tot het SLA. Extra maatregelen geluid: te overwegen is een onderzoek uit te voeren naar (de effectiviteit van) geluidmaatregelen voor wegverkeer door een akoestisch onderzoek nabij hoofdwegen. Dit kan inzicht geven of het mogelijk (betaalbaar, ruimtelijk aanvaardbaar en inpasbaar) is meer bovenwettelijke maatregelen (schermen, stil asfalt)

18 te treffen om het woongenot verder te verbeteren. In de Omgevingsvisie is wel aanleiding gevonden voor zo’n bovenwettelijke ambitie. Dit is echter nog geen nieuwe beleid. 2. Wijze van monitoring Monitoring van de verschillende aspecten van leefbaarheid kan gecontinueerd worden ten aanzien van openbare orde en veiligheid, sociaal domein, geluid (via berekeningen) etc. Er zijn kansen om extra aandacht toe te kennen aan monitoring en enkele keuzes te maken: a. Verkeer en bezoekers: er wordt voor het eerst werk gemaakt van rapportage van verkeersintensiteiten, ongevallenstatistiek (jaarlijks) en bezoekers van het centrum. Deze vorm van rapporteren is te continueren. b. ILM meetnet: momenteel neemt de gemeente deel aan het Innovatief Lucht Meetnet 2.0 in Zuidoost-Brabant. Dit valt te continueren zolang het benodigde bedrag in de meerjaren begroting opgenomen blijft. c. Gezondheid – luchtkwaliteit: Een overweging kan zijn GGD vaker (bv twee- of vierjaarlijks) een factsheet te laten maken over gezondheid in relatie tot luchtkwaliteit (hier zijn kosten aan verbonden). d. Meten met sensoren. We ronden nu een fase af met meten van luchtkwaliteit en geluid. Later zal een keuze gemaakt worden voor het vervolg.

Bijlagen Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5:

Infographic luchtkwaliteit (doc. nr. 1932423) Rapport AiREAS regionaal, inclusief metingen TNO (doc. nr. 1932424) Rapport GGD luchtkwaliteit en gezondheid (doc. nr. 1932425) Verkeerstellingen (doc. nr. 1932426) Verkeerongevallen (doc. nr. 1932427)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13851834/1