CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-05 Raadsinformatiebrief oversteek Collse Hoefdijk - Bijlage 5 Reactienota bevindingen audit Collse Hoefdijk VVA3

Gemeenteraad 21 maart 2024, gemeente NuenenBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven2.158 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1.1 Nummer 3.01

1.2 Nummer 3.02

1.3

ALGEMENE BEVINDINGEN; IN ROOD DE REACTIE VAN DE PROJECTGROEP Beschrijving van het probleem De snelfietsroute is ter hoogte van het kruispunt met de Collse Hoefdijk nog niet gebruiksklaar. De aansluiting op de Parallelweg is nog niet ingericht en er staan hekken (zie foto 01). Deze aansluiting is daarom niet meegenomen in deze audit.

Oplossingsrichting Aanbevolen wordt om deze aansluiting te laten beoordelen in de VVA4. Beoordelen in VVA 4. Aanbevelingen uit VVA 2 zijn meegenomen in het definitieve ontwerp.

HORIZONTAAL EN VERTICAAL ALIGNEMENT Beschrijving van het probleem Aan de westzijde van de oversteek zit een kleine verzakking in het asfalt (zie foto 02). Bij (langdurige) neerslag kan hier water in blijven staan. Plasvorming vergroot het risico op valpartijen.

Oplossingsrichting Het wordt aanbevolen om de waterafvoer aan te passen zodat er geen water op het fietspad blijft staan. Dit wordt meegenomen in het overleg met de aannemer voor de oplevering. Indien reparatie meer negatieve effecten veroorzaakt dan het geringe risico wordt de situatie gehandhaafd.

DWARSPROFIEL

Nummer 3.03

Beschrijving van het probleem De geregelde oversteekplaats is een fiets- en voetgangersoversteekplaats. Ten westen van de Collse Hoefdijk is geen trottoir aanwezig (zie foto 03). Het risico bestaat dat voetgangers aan de westzijde gebruik gaan maken van de snelfietsroute, waarbij ze in conflict kunnen komen met fietsers.

3.04

De kantmarkering is op de rand van het asfalt aangebracht en aan de buitenzijde van de kantmarkering is geen berm met voldoende draagkracht aanwezig (zie foto 04 en 05). Het CROW hanteert in de Ontwerpwijzer fietsverkeer (bladen V4 en V6) de richtlijn dat kantmarkering minimaal 10cm van de rand van het asfalt wordt aangebracht en dat een draagkrachtige bermstrook van 0,30-0,50 meter breed wordt toegepast. Door van deze maatvoering af te wijken en geen verharde

Oplossingsrichting Het wordt aanbevolen om een trottoir aan te brengen tussen de oversteekplaats en de bestaande voetgangersdoorsteek naar de Kleine Heiakker. Overgenomen, dit wordt meegenomen in de afronding van de werkzaamheden. Het wordt aanbevolen om een draagkrachtige berm (vergevingsgezinde berm) in te richten zodat fietsers meer ruimte krijgen om hun manoeuvre te corrigeren. De berm wordt zodanig afgewerkt dat de draagkracht en vlakheid voldoende zijn voor fietsers om te kunnen corrigeren.

3.05

berm toe te passen, is het fietspad minder vergevingsgezind en hebben fietsers minder mogelijkheden om hun manoeuvre te corrigeren en bestaat de kans op valpartijen wanneer ze buiten de markering fietsen. Ter hoogte van de spoorwegovergang staat het meubilair ter aanduiding van de spoorwegovergang, hekjes en borden erg dicht op het fietspad (zie foto 06 en 07). Het CROW adviseert om een obstakelvrije afstand tot het fietspad te hanteren van minimaal 0,5 meter (Ontwerpwijzer Fietsverkeer V18). Door deze afstand te beperken neemt het risico toe dat fietsers met het hek in aanraking en ten val komen.

3.06

Langs de snelfietsroute ligt een talud met begroeiing (zie foto 08). De begroeiing hangt over en ligt op het fietspad. Hierdoor bestaat het risico dat fietsers met hun trappers in aanraking komen met de beplanting en vervolgens ten val komen. Het CROW hanteert een obstakelvrije zone van minimaal 0,5 meter (ASVV, 14.1).

3.07

Aan de westzijde zijn ter hoogte van de overgang van de Parallelweg naar het fietspad paaltjes geplaatst (zie foto 09 en 10). Deze paaltjes staan op ca. 2,20 meter uit elkaar. Het CROW adviseert een onderlinge afstand van 1,60 meter. Door van deze maatvoering af te wijken neemt het risico toe dat gemotoriseerd verkeer oneigenlijk gebruik maakt van het fietspad en in conflict komt met fietsers.

Het wordt aanbevolen om de obstakels buiten de obstakelvrije zone van 0,5 meter van het fietspad te plaatsen. Geen aanpassingen. De hekken en poorten staan dicht op het fietspad maar worden voorafgegaan door opvallende waarschuwingshekjes. Deze krappe doorgang maakt wel duidelijk dat hier een afwijkende situatie t.o.v. het reguliere fietspad is, namelijk de spoorwegovergang. Het wordt aanbevolen om ook ten aanzien van beplanting een obstakelvrije ruimt toe te passen van minimaal 0,5 meter, zodat fietsers die zich aan de buitenzijde bevinden minder risico hebben met de beplanting in aanraking te komen. Het talud wordt aangepast en er komt een voetpad tussen het talud en het fietspad. Daarmee vervalt dit aandachtspunt. Oneigenlijk gebruik van het fietspad is hier niet voor de hand liggend. Overwogen kan worden om de overgang van Parallelweg naar fietspad in te richten conform voorzieningenblad V7 van de Ontwerpwijzer Fietsverkeer, zodat gemotoriseerd verkeer geen oneigenlijk gebruik kan maken van het fietspad en fietsers voldoende geattendeerd worden op de paaltjes. Oneigenlijk gebruik wordt met deze maatvoering niet helemaal fysiek onmogelijk, maar het aanrijdgevaar van de paaltjes wordt hiermee wel geminimaliseerd. Naar

verwachting is dit voldoende ongeoorloofd gebruik te voorkomen. In VVA 4 beoordelen of er ongeoorloofd gebruik gemaakt wordt van het fietspad. Fietspad borden dienen nog aangebracht te worden.

1.4 Nummer 3.08

3.09

1.5 Nummer

KRUISPUNTEN Beschrijving van het probleem

Oplossingsrichting

De volledige ruimte van de tussenberm (fietspad Collse Hoefdijk en rand van de rijbaan) is ca. 2,50 tot 2,60 meter aan de oostzijde en ca. 2,50 tot 2,70 meter aan de westzijde. De formele opstelruimte in de tussenberm tot de stopstreep is ca. 1,20 meter (oost) en 1,40 meter (west) lang (zie foto 11 en 12). De Ontwerpwijzer Fietsverkeer adviseert een opstelruimte van minimaal 2,50 meter. Door hiervan af te wijken bestaat het risico dat fietsers die zich op de snelfietsroute bevinden en voor het verkeerslicht staan te wachten, het fietspad van de Collse Hoefdijk blokkeren, waardoor ongevallen tussen (brom)fietsers kunnen ontstaan. Daarnaast bestaat het risico dat overstekende fietsers die voorrang moeten geven aan fietsers op de Collse Hoefdijk de rijbaan blokkeren waardoor ongevallen tussen (brom)fietsers en gemotoriseerd verkeer kunnen ontstaan.

Het wordt aanbevolen om de opstelruimte in de tussenberm te vergroten zodat het fietspad parallel aan de Collse Hoefdijk en de rijbaan zelf niet geblokkeerd worden. Mocht de ruimte niet beschikbaar blijken dan kan als alternatief kruismarkering aangebracht worden op het doorgaande fietspad. Dit is een gevolg van de inpassing in de bestaande openbare ruimte. De informele opstelruimte is wat ruimer doordat de haaietanden nog voorbij de stopstreep staan en fietsers vaak op de stopstreep wachten in plaats van voor de stopstreep, hierdoor kan een fietser zich buiten de verkeersstroom opstellen. De kruismarkering wordt nog aangebracht. Het wordt aanbevolen om het zicht van en op alle weggebruikers zo optimaal mogelijk te maken, zodat weggebruikers eerder kunnen anticiperen op anderen. Om het voetpad (nummer 3.03) aan te brengen langs het fietspad wordt het talud naar achteren verplaatst, hierdoor wordt het onderling zicht tussen de fietsers sterk verbeterd.

Aan de westzijde ligt een talud langs het fietspad tot op ca. 2,00 meter van de Collse Hoefdijk (zie foto 13). Door het talud is het onderling zicht tussen fietsers op de Collse Hoefdijk en het snelfietspad beperkt en bestaat het risico dat ze elkaar te laat waarnemen en met elkaar in aanraking komen.

MARKERING, BEBORDING, BEBAKENING EN VERLICHTING Beschrijving van het probleem

Oplossingsrichting

3.10

Er is momenteel nog geen vastgesteld RVV verkeersbord van een fietsstraat. Het meest herkenbare bord is het blauwe bord met de rode fietser en de witte auto (L51). Er is op dit moment geen aanduiding van de fietsstraat aanwezig (zie foto 14). Bovendien ontbreekt er een zonebord op de tekening. Dit betekent dat men hier 80 km/h mag rijden. Het risico bestaat dat de fietsstraat niet voldoende herkend wordt door de weggebruiker, waardoor snelheidsverschillen tussen voertuigen met een groot massaverschil kunnen ontstaan.

3.11

Rondom de fietsoversteek ontbreekt bebording (zie foto 15) die weggebruikers op de Collse Hoefdijk attendeert op aanwezigheid van de fietsoversteek. Door weggebruikers niet te attenderen op mogelijk kruisend fietsverkeer bestaat de mogelijk dat ze kruisend fietsverkeer over het hoofd zien. Hierdoor neemt het risico op aanrijdingen met een fietser toe.

3.12

Op de overgang van de Parallelweg naar het fietspad (westzijde) is geen bebording aanwezig die aangeeft dat het fietspad uitsluitend voor (brom-)fietsers is (zie foto 16). Doordat – zoals aangegeven in punt 3.07 – de paaltjes te ver uit elkaar staan, bestaat de mogelijkheid dat gemotoriseerd verkeer oneigenlijk gebruik maakt van het fietspad. Hierdoor neemt het risico op aanrijdingen met een (brom)fiets toe.

1.6 Nummer 3.13

Aanbevolen wordt om het fietsstraat bord (L51) te plaatsen, wat ook geadviseerd wordt in paragraaf 4.4 van de aanbevelingen fietsstraten buiten de kom van CROW Fietsberaad. Daarnaast wordt aanbevolen om de maximumsnelheid te beperken tot 30km/h, zoals in paragraaf 4.5 van deze aanbevelingennotitie wordt geadviseerd. Deze aanbevolen borden worden nog aangebracht. Aanbevolen wordt om conform de richtlijnen (Ontwerpwijzer Fietsverkeer, V1) bebording te plaatsen die weggebruikers attendeert op aanwezigheid van een verplicht (brom-)fietspad. De bebording die aangebracht is ivm het tankstation wordt voorbij het fietspad geplaatst. En op de locatie van deze borden wordt een bord geplaatst om het autoverkeer te attenderen op overstekende fietsers. Aanbevolen wordt om conform de richtlijnen (Ontwerpwijzer Fietsverkeer, V1) bebording te plaatsen die weggebruikers attendeert op aanwezigheid van een verplicht (brom-)fietspad. Aanbeveling wordt overgenomen. Bord wordt geplaatst. Zie ook 3.07

HUMAN FACTORS Beschrijving van het probleem De fietsoversteek is geregeld met verkeerslichten. Het fietspad dat parallel aan de Collse Hoefdijk ligt, is geen onderdeel van de verkeerslichtenregeling (zie foto 17 en 18). Dit fietspad heeft voorrang ten opzichte van de snelfietsroute. Het risico bestaat dat aankomende fietsers op de snelfietsroute gefocust zijn op het groene fietslicht en

Oplossingsrichting Aanbevolen wordt om de weggebruiker te attenderen op de voorrangssituatie tussen de fietsers onderling, bijvoorbeeld met behulp van bebording of waarschuwingslichten (zoals een knipperlicht voor de kruispunten van de fietspaden dat aangaat

daardoor de voorrangsregeling over het hoofd zien, waardoor zij in conflict kunnen komen met fietsers op de Collse Hoefdijk (die voorrang hebben).

3.14

Op het fietspad aan de westzijde van de Collse Hoefdijk rijden fietsers tegen de richting in. (zie foto 19 en 20). De kans bestaat dat fietsers op de snelfietsroute geen fietsers uit de verkeerde richting verwachten en daarmee neemt het risico op aanrijdingen toe.

3.15

Ter hoogte van de oversteek gebeurt met name voor weggebruikers uit zuidelijke richting veel tegelijk (overweg, oversteek, afslag, tankstation, zie foto 21). De aanwezigheid van reclame en andere bebording nabij de spoorwegovergang en fietsoversteek leidt weggebruikers af van de verkeerssituatie. Door weggebruikers niet te attenderen op het kruisend fietspad maar wel op andere zaken, neemt het risico dat overstekende fietsers niet of te laat worden opgemerkt en neemt de kans op ongevallen toe.

als de VRI voor fietsers op groen gaat). Mocht in de praktijk blijken dat dit niet afdoende is, kan overwogen worden om onderzoek te doen naar de verkeers(veiligheids)effecten van een situatie waarin de fietsfietskruispunten volledig meegenomen worden binnen de verkeersregelinstallatie. Er wordt nog kruismarkering aangebracht om het kruisingsvlak vrij te houden (punt 3.08). Daarnaast wordt er op de snelfietsroute bord B6 in markering op de grond aangebracht waardoor de situatie meer opvalt en duidelijker wordt. Het effect hiervan wordt nogmaals beoordeeld in VVA 4. Het is in principe wenselijk om spookfietsen tegen te gaan. Op dit moment is de fietsoversteek echter nog afgesloten. Aanbevolen wordt om na openstelling van de oversteek door middel van locatieonderzoek te bepalen of nog sprake is van spookrijden en wat de mogelijkheden zijn om dat te voorkomen (bijvoorbeeld in een VVA-4). Meenemen in VVA 4. Het merendeel van de aanwezige verkeersborden heeft ook echt een doel. Het wordt aanbevolen om de situatie rond de fietsoversteek en spoorwegovergang overzichtelijk(er) te maken. Zorg dat weggebruikers zo min mogelijk worden afgeleid van de verkeerssituatie, bijvoorbeeld door niet relevante informatie of reclame ter hoogte van de spoorwegovergang en oversteek achterwege te laten. Nadat alle bebording en markering aangebracht is wordt

dit aspect nogmaals bekeken. Tevens meenemen in VVA 4. 3.16

1.7

Net voorbij het talud in de noordwesthoek van de oversteek komt een half verhard pad uit op de snelfietsroute (zie foto 22). Dit pad wordt ook gebruikt door fietsers (blijkt uit de bandensporen). Bij het pad is geen bebording geplaatst die uitsluitend gebruik door voetgangers verplicht. Als fietsers of voetgangers via het pad achter het talud langs het snelfietspad op gaan, kunnen fietsers die zich daarop begeven schrikken en neemt het risico op aanrijdingen tussen fietsers (en voetgangers) toe.

Aanbevolen wordt om het pad te verleggen en verder westelijk aan te laten sluiten, zodat verkeer op de snelfietsroute en het halfverhard pad zicht heeft op elkaar. Door het aanbrengen van een voetpad tussen het fietspad en het talud krijgen fietsers en voetgangers beter zicht op elkaar. Het plaatsen van een bord om fietsers te verbieden op het onverharde pad heeft te weinig effect verwachten wij.

AANNAMES TBV AUDIT A. Aangenomen wordt dat de aansluiting van de snelfietsroute op de Parallelweg conform ontwerptekeningen wordt uitgevoerd, de resultaten van de audit VVA2 daarbij in acht nemend.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13786553/1