20230502 W70 - Spoorwegovergang Collse Hoefdijk Antwoord
Tekst van het document
Jan van Schijnveltlaan 2 Postbus 10.000, 5670 GA Nuenen T (040) 2631 631 www.nuenen.nl
Behandeld door : Doorkiesnummer : E-mailadres : Onderwerp : Verzenddatum
Twan van Dijk 040 263 16 31 t.vandijk@nuenen.nl W70 - Spoorwegovergang Collse Hoefdijk
Uw brief van Uw kenmerk Ons kenmerk Bijlage(n)
: 1 februari 2023 : : 1552855 :
:
Geachte heer Geven, Op 1 februari 2023 heeft u schriftelijke vragen gesteld met betrekking tot de spoorwegovergang op de Collse Hoefdijk. Via deze brief beantwoorden wij uw vragen. Inleiding: Tijdens de vergadering van 18 mei 2022 heeft de wethouder aangegeven dat de oversteek Collse Hoefdijk nog ter behandeling komt in de gemeenteraad van Nuenen c.a.. Met de reactie van de wethouder wordt aangegeven dat de gemeenteraad nog aan zet komt. Vraag 1: Vind u ook niet dat de gemeenteraad nog aan zet hoort te komen i.v.m. de oversteek Collse Hoefdijk? Antwoord vraag 1: Zoals eerder aangegeven zijn de uitgevoerde werkzaamheden vergunningsvrij en passen binnen de kaders van het bestemmingsplan. In deze procedures is geen rol voor de gemeenteraad weggelegd. Vraag 2: Weet u zeker dat dit vergunningsvrij is? Zeker gezien de verkeerstechnische impact van voorrangssituatie, nieuwe signalering en er nog geen bestemmingsplan is vastgesteld voor dat deel. Antwoord vraag 2: Zoals eerder aangegeven zijn de uitgevoerde werkzaamheden vergunningsvrij en passen binnen de kaders van het bestemmingsplan.
pagina 1 van 8 1552855
Inleiding: Bij de Oordeelsvormende vergadering bij 52 minuten en 35 seconden geeft de wethouder expliciet aan dat er een aparte rapportage is gemaakt voor het “stukje” Collse Hoefdijk. Deze bestaat dus weldegelijk. Vraag 3: Gaat u deze rapportage over het “stukje” Collse Hoefdijk nu wel toesturen? Antwoord vraag 3: Zoals eerder aangegeven is in het projectdossier geen aparte rapportage aanwezig. Inleiding: U geeft aan dat de bijdrage 0,00 euro is, doelend op enkele percelen die (nog) aangekocht moeten worden. Onder andere delen landbouwgrond, bosgrond, ProRail, etc. Vraag 4: Mogen wij er dan van uitgaan dat de percelen die de gemeente nog moet verwerven of ondertussen heeft verworven geen kosten voor de gemeente Nuenen c.a. met zich meebrengen? Antwoord vraag 4: Kosten voor grondverwerving komen ten laste van het projectbudget, wat gedekt wordt door de ontvangen SRE-subsidie. De bijdrage van de gemeente Nuenen is 0,00 euro. Inleiding: U schrijft in uw antwoord:” Uitgangspunt bij ontwikkelingen in de buurt van spoorwegen is dat de spoorveiligheid over het geheel niet mag verslechteren en bij voorkeur verbetert. Daarom is er voor de hele snelfietsroute een risicoanalyse uitgevoerd”. Met het snelfietspad vlak naast het spoor, zorgt dit juist wel voor extra verkeer met mogelijk meer gevaarlijke situaties. Dat kunnen we lezen in de risicoanalyse.
Citaat:” De opstel- en passeerruimte voor fietsers aan de noordoostkant van de overweg voor de kruising met het snelfietspad moet zijn afgestemd op de verwachte fietsintensiteit op de Collse Hoefdijk (al verwerkt in het ontwerp).” Ook staat er in deze analyse: ”De intensiteit van het fietsverkeer over de overweg zal daarom kunnen toenemen. Dat betekent dat er opstel- en passeerruimte nodig is bij de kruisingsvlakken om de fietsstromen te faciliteren. Aan de noordoostkant van de overweg moet deze opstel- en passeerruimte voorbij de overwegbomen liggen. Toename van het risicoprofiel door dit aspect.” Vraag 5: Kunt u bovenstaande dikgedrukte citaat nog bevestigen als de fietsintensiteit en daardoor de risico’s weldegelijk verhogen, daarmee dus de veiligheid verminderd ten opzichte van de huidige situatie? Antwoord vraag 5: Uitgangspunt bij ontwikkelingen in de buurt van spoorwegen is dat de spoorveiligheid over het geheel niet mag verslechteren en bij voorkeur verbetert. Voor de snelfietsroute gaat het dus om het geheel van alle spoorwegovergangen waar de nog te realiseren pagina 2 van 8 1552855
snelfietsroute passeert. De onderbouwing dat de gehele spoorveiligheid niet verslechtert is terug te lezen in de "Risicoanalyse overwegen snelfietspad Helmond – Eindhoven", die op 12 november 2022 aan de raad beschikbaar is gesteld. De opstel- en passeerruimte voor fietsers is een onderwerp dat we na in gebruik name van de oversteek gaan monitoren. Vraag 6: Als het geheel verslechterd, mag deze fietsoversteek aan de Collse Hoefdijk dan wel doorgang vinden? Antwoord vraag 6: Uit de risicoanalyse blijkt dat het geheel niet verslechtert. Vraag 7: Wilt u ons aangeven waar en welke compensatie dan gaat plaatsvinden, waardoor deze 2 spoorwegovergangen daadwerkelijk veiliger worden? Antwoord vraag 7: Zoals in de aan de raad op 12 november 2022 beschikbaar gestelde risicoanalyse overwegen snelfietspad Helmond – Eindhoven terug te lezen is, wordt de risicoschuld elders binnen het project gecompenseerd. In dit geval wordt de risicoschuld bij de spoorwegovergang Schoutse Vennen gecompenseerd door het afwaarderen van de oversteek. Voor de duidelijkheid, autoverkeer kan geen gebruik meer maken van de spoorwegovergang op de Schoutse Vennen. Langzaam verkeer zoals voetgangers en (brom)fietsers nog wel. De spoorwegovergang Collse Hoefdijk zelf zal niet veiliger worden maar blijft voldoen aan de veiligheidseisen voor het spoor.
Vraag 8: Wordt de spoorwegovergang Collse Hoefdijk door deze “compensatie elders” daadwerkelijk direct veiliger? Antwoord vraag 8: Zoals in de aan de raad op 12 november 2022 beschikbaar gestelde risicoanalyse overwegen snelfietspad Helmond – Eindhoven te lezen is, wordt de risicoschuld elders binnen het project gecompenseerd (zie antwoord vraag 7). Van een vermindering van de totale veiligheid is geen sprake. De spoorwegovergang Collse Hoefdijk zelf wordt niet veiliger; maar blijft voldoen aan de veiligheidseisen voor het spoor. Inleiding: Als gevolg van een initiatief op of rond het spoor kan op één of meerdere overwegen het risico toenemen. Het initiatief heeft in dat geval een risicoschuld. Een eventuele toename van het risico als gevolg van een initiatief moet door de initiatiefnemer worden gecompenseerd. De nota “Veiligheid op de Rails” vermeldt: Het voorkomen van nieuwe onveiligheid. Door verandering aan of rond het spoor of het gebruik daarvan, mag geen vermindering van de veiligheid op de overwegen optreden. De initiatiefnemer van een project (op het spoor of daarbuiten) is verantwoordelijk voor compensatie van eventuele nadelige veiligheidseffecten. In uitzonderlijke situaties zal op individuele overwegen en pas na toestemming van de Minister, een toename van de onveiligheid geaccepteerd worden.
Dit mag de landelijke doelstelling voor de verbetering echter niet tegenwerken. Per overweg kan het eenvoudiger of juist problematischer zijn om pagina 3 van 8 1552855
veiligheidsmaatregelen te nemen. Eventueel noodzakelijke compensatie hoeft niet op alle overwegen in een zelfde mate te gebeuren. In een bepaalde, voor een specifiek project samengestelde groep van overwegen kan het zijn dat op één overweg meer en op een ander juist minder gecompenseerd wordt. Zolang de totale risicoschuld over de gehele set maar gecompenseerd wordt. Dit mag er niet toe leiden dat al het (te introduceren) risico op één overweg geconcentreerd wordt. Verder kan een groep niet willekeurig samengesteld zijn, er moet een verkeerstechnisch of ruimtelijk verband zijn omdat anders teveel onbekende factoren gaan meespelen. In de vorige vraag heeft u hier antwoord op gegeven. Vraag 9: Heeft de minister voor deze aanpassing toestemming gegeven, zoals hierboven beschreven? Antwoord vraag 9: De Inspectie Leefomgeving en Transport heeft de spoorveiligheidsanalyse namens de minister beoordeeld en akkoord bevonden. Inleiding: Uit de risicoanalyse: ”In die gevallen moet er gekozen worden voor een oplossing. Dit kan bijvoorbeeld door middel van een verkeersmaatregel (afslagverbod, regeling voorrang of doorgang) of door een regeling met ontruimingslichten/verkeerslichten die een veilige ontruiming wel mogelijk maken. Een valstriksituatie kan men nooit voorkomen met een VRI als de afstand te kort is. Deze is slechts 8 meter.
Als een vrachtwagen inclusief oplegger 18,75 meter lang is en een onvoorzichtige/roekeloze fietser of scooter aanrijdt, dan staat deze met zijn oplegger op het spoor. Vraag 10: Kunt u mij aangeven hoe daarmee feitelijk een mogelijke valstriksituatie voorkomen? Antwoord vraag 10: De geschetste situatie betreft een ongeval. Dat staat in de basis los van een valstriksituatie. Valstriksituaties zijn onderdeel van de risicoanalyse. In de aan de raad op 12 november 2022 beschikbaar gestelde risicoanalyse overwegen snelfietspad Helmond – Eindhoven is de gevraagde informatie terug te lezen. De gemeente Nuenen heeft signalen ontvangen dat er onduidelijkheden en zorgen over valstriksituaties bestaan. Daarom is de gemeente Nuenen op dit moment in overleg met Movaris over het opstellen van een addendum op de risicoanalyse waarin input, beoordeling en conclusies opnieuw tegen het licht worden gehouden. In dit addendum wil de gemeente Nuenen extra aandacht vragen voor valstriksituaties. Inleiding: Er staat ook een grove fout in beide risicoanalyses. Er wordt door het ingenieursbureau uitgegaan dat de Collse Hoefdijk een 50km weg en alle mogelijke risico’s zijn hierop gebaseerd, berekend en gepresenteerd aan de gemeenten. Echter is de Collse Hoefdijk een 80km weg! Dit heeft een enorme impact op de berekeningen.
pagina 4 van 8 1552855
Vraag 11: Moeten de berekeningen & risico’s niet geheel opnieuw gecontroleerd en berekend worden nu de snelheid veel hoger ligt? Antwoord vraag 11: De in de risicoanalyse opgenomen snelheid is voor de berekeningen geen parameter. ProRail gaat uit van standaard waarden. De gemeente Nuenen heeft signalen ontvangen dat er zorgen zijn over de input van de risicoanalyse. Daarom is de gemeente Nuenen op dit moment in overleg met Movaris over het opstellen van een addendum op de risicoanalyse waarin input, beoordeling en conclusies opnieuw tegen het licht worden gehouden. Inleiding: Op 28 april 2005 is door de Tweede Kamer in de motie Hofstra (motie 29 893 nr. 6) gevraagd om nadere criteria aan de hand waarvan de veiligheid op gelijkvloerse spoorwegovergangen kan worden beoordeeld. Het gaat om 2600 spoorwegovergangen in dit onderzoek. Spoorwegovergang Collse Hoefdijk is tijdens dit onderzoek ingeschaald op de 41e plek als gevaarlijkste overweg van de 2600 in Nederland. De letaliteitequivalent is in dit onderzoek 0,198 en u gaf aan in uw antwoord dat de nieuwe situatie niet onveiliger mag worden. Vraag 12: Wat wordt de nieuwe letaliteitequivalent als het snelfietspad in gebruik genomen gaat worden. Rekening houdend met de juiste parameters? Antwoord vraag 12: Het is niet bekend wat de letaliteitequivalent van de spoorwegovergang inclusief de fietsoversteek is.
Het berekenen van de letaliteitequivalent is procedureel gezien geen vereiste en daarom geen onderdeel van de risicoanalyse. Vraag 13: Wie is er nu verantwoordelijk voor de gevaarlijkste spoorwegovergang Collse Hoefdijk? De verantwoordelijk projectleider van Eindhoven weet zelf niet dat Eindhoven verantwoordelijk is, maar bevestigd in een mail dat Helmond voor deze spoorwegovergang verantwoordelijk is. Antwoord vraag 13: De gemeente Helmond zorgt voor de realisatie van de fietsoversteek en is voor nu het eerste aanspreekpunt voor zaken die met de oversteek te maken hebben. Uiteindelijk is de gehele projectgroep (gemeente Helmond, gemeente Eindhoven, gemeente Nuenen, gemeente Geldrop-Mierlo, Provincie Noord-Brabant en Prorail) verantwoordelijk voor de fietsroute en daarmee ook de oversteek ter hoogte van de Collse Hoefdijk. De gemeente Nuenen is wegbeheerder van de Collse Hoefdijk. Inleiding: De overgang Collse Hoefdijk is verreweg de gevaarlijkste spoorovergang naast het fietspad. De Eindhoven gemeenteraad heeft zijn beslissing genomen op de eerste versie van de risicoanalyse daterend van 18 februari 2021. Echter 9 maanden later is de tekst overgang Collse Hoefdijk aangepast/veranderd in de risicoanalyse van 8 maart 2022. In de eerste versie is rekening gehouden met een valstriksituatie. In de 2e versie pagina 5 van 8 1552855
is deze ‘veiligheidsmaatregel’ eruit gehaald. Citaat van de conclusie uit de eerste versie. In het geel de tekst die is verwijderd in de tweede versie: ”Door de aanleg van het snelfietspad op korte afstand van het spoor is er een toename van de risico’s voor de aspecten ontruiming, intensiteit fietsverkeer en verhoogde kans op onveilig gedrag. De risico’s kunnen worden beheerst door de hierboven genoemde maatregelen die voorwaardelijk zijn voor beheersing van risico’s. Met de geadviseerde alternatieve ligging (= tijdelijke situatie) van het snelfietspad zijn de risico’s beheerst en is er geen toename van risico. Als deze alternatieve ligging niet wordt gerealiseerd, blijft er een risicotoename die met andere maatregelen of elders gecompenseerd moet worden.” Vraag 14: Waarom zijn de aanbevelingen in de Risicoanalyse overwegveiligheid van 19 februari 2021 niet overgenomen als deze veiliger zijn? Antwoord vraag 14: In de versie van 19 februari 2021 (dit is een concept document) is uitgegaan van een tijdelijke variant van de snelfietsroute, verder op afstand van de spoorwegovergang, zonder verkeerslichten. De verwachting was destijds dat het fietspad in deze vorm eerder gerealiseerd kon worden dan dat er een treinvrije periode beschikbaar was om de verkeerslichten te plaatsen en te koppelen aan de overweginstallatie.
Ten tijde van de definitieve versie van de Risicoanalyse Overwegen was deze treinvrije periode echter al bekend en eerder in de tijd dan de aanleg van het fietspad. Daarmee is de tijdelijke variant van het fietspad vervallen. In de verdere uitwerking is naar de variant gebundeld aan het spoor met verkeerslichten gekeken. De conceptversie van 19 februari 2021 is niet getoetst door het Ministerie van Inspectie Leefomgeving en Transport. Vraag 15: Wie is of zijn verantwoordelijk voor de wijziging in de risicoanalyses v1.0 en risicoanalyse v2.0 voor Spoorwegovergang Collse Hoefdijk? Antwoord vraag 15: De risicoanalyse is uitgevoerd door Movares; zij zijn verantwoordelijk. Inleiding: Enkele vragen voor de toekomst: Het is duidelijk dat er veel onduidelijkheden, misverstanden en niet nagekomen afspraken zijn over de spoorwegovergang Collse Hoefdijk m.b.t. het snelfietspad. Een initiatief van de gemeente Eindhoven en de gemeente Helmond, gedeeltelijk over Nuenens grondgebied. Deze 2 gemeenten realiseren dit traject op dit moment met enige hulp van de gemeente Nuenen. Het moge duidelijk zijn dat deze 2 gemeenten (Helmond & Eindhoven) de route van het fietspad hebben bepaald. Niet rekening houdend met (volgens de risicoanalyse): 1. Het huidige vrachtverkeer (Industrieterrein Eeneind & Spaarpot) en de mogelijke enorme groei van vrachtverkeer (te realiseren Eeneind-West). 2.
Op dit moment rijden er 16 treinen per uur over dit spoor. De wachttijd voor het pagina 6 van 8 1552855
autoverkeer is tussen de 15 en 18 minuten per uur volgens ProRail. Bijna 25%-30% van de tijd is deze overweg dicht. Dan komt dadelijk de tijd van de fietsers die moeten oversteken er ook nog bij. 3. Ook is de schoolgaande jeugd van Nuenen naar Geldrop (Strabrecht College) en van Geldrop naar Nuenen (Nuenens College) niet in de risicoanalyse meegenomen. Dit blijkt uit deze passage in de risicoanalyse: “Er zijn geen scholen of sportvoorzieningen e.d. in de nabije omgeving van de overweg die aanleiding geven tot een verhoogde kans op onveilig gedrag.” 4. De verkeersgebruiker steeds meer risico’s neemt en roekelozer wordt. Vraag 16: Wie gaat er voor de kosten opdraaien als blijkt dat de situatie bij een van de 2 Nuenense spoorwegovergangen onhoudbaar is of niet veilig blijken te zijn? Antwoord vraag 16: Onderzoek toont aan dat de gerealiseerde fietsoversteek veilig is. Zoals u weet is naast de risicoanalyse ook een verkeersveiligheidsaudit (VVA) uitgevoerd. Een dergelijk onderzoek bestaat uit verschillende toetsmomenten. Wetende: bij een definitief ontwerp op papier, direct na realisatie en vervolgens nadat de oversteek in gebruik genomen is. Ook nadat de oversteek in gebruik genomen is wordt door een onafhankelijke partij de (verkeers)veiligheid getoetst.
Zaken die tijdens de VVA aan het licht komen worden door de projectgroep afgehandeld, waarbij mogelijke kosten ten laste komen van het projectbudget. Vraag 17. Nu is de spoorwegovergang bijna 25%-30% van de tijd gesloten. Wat wordt de geschatte wachttijd per uur als het snelfietspad opengaat? Antwoord vraag 17: De genoemde percentages kunnen wij niet beamen. De impact van de fietsoversteek op de wachttijd is beperkt. De aanwezige verkeerslichten zorgen voor een evenwichtige afwikkeling van het verkeer, zowel voor fiets- als voor het autoverkeer. De regeling kan, mocht daar aanleiding voor zijn, op een later moment geëvalueerd en gefinetuned worden. Vraag 18a: Waarom staat er niets in de risicoanalyse van overgang Collse Hoefdijk over Eeneind-West dat een aanzienlijke verkeersimpact gaat veroorzaken en bekend was ten tijde van de laatste risicoanalyse? Antwoord vraag 18a: Zoals eerder aangegeven is de impact van de fietsoversteek op de verkeersafwikkeling van de Collse Hoefdijk zeer beperkt. Reden hiervoor is de aanwezige spoorwegovergang. De gemeente Nuenen heeft signalen ontvangen dat er veel onduidelijkheid is over de input van de risicoanalyse. Daarom is de gemeente Nuenen op dit moment in overleg met Movaris over het opstellen van een addendum op de risicoanalyse waarin input,
pagina 7 van 8 1552855
beoordeling en conclusies opnieuw tegen het licht worden gehouden. In dit addendum wil de gemeente Nuenen extra aandacht vragen voor Eeneind-West. Vraag 18b: Waarom staat er niets in de risicoanalyse van overgang Collse Hoefdijk over het woord vrachtverkeer, vrachtwagenlengte, vrachtauto, vrachtwagen en vrachtautocombinaties geen enkele keer wordt gebruikt als het over de Collse Hoefdijk gaat? Terwijl deze termen 32x in de risicoanalyse voorbij komen bij de diverse andere overgangen. Behalve bij de Collse Hoefdijk, dé overgang met industrie! Hoe is dit mogelijk? Antwoord vraag 18b: In de risicoanalyse zijn verkeersintensiteiten en voertuigtypes meegenomen. Daarnaast is in de verkeerslichtenregeling rekening gehouden met alle type verkeer, ook vrachtverkeer. Vraag 18c: De schoolgaande jeugd die van Geldrop naar Nuenen fietsen en vice versa? Antwoord vraag 18c: De wijzigingen voor deze verkeersstroom zijn beperkt. De interactie tussen beide fietsstromen Geldrop – Nuenen / Helmond – Eindhoven gaan we monitoren. Vraag 18d: Hadden deze onderwerpen niet in deze risicoanalyse beschreven en onderzocht moeten worden? Antwoord vraag 18d: Zaken die impact op de spoorveiligheid hebben zijn onderdeel van de Risicoanalyse. Zoals eerder in deze reactie aangegeven hebben signalen de gemeente Nuenen bereikt dat er onduidelijkheden en zorgen over de voorgaande onderwerpen bestaan.
Daarom is de gemeente Nuenen op dit moment in overleg met Movaris over het opstellen van een addendum op de risicoanalyse waarin input, beoordeling en conclusies opnieuw tegen het licht worden gehouden. In dit addendum wil de gemeente Nuenen extra aandacht vragen voor de voorgaande onderwerpen.
Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Nuenen De secretaris De burgemeester, Drs. M. Arents
M.J. Houben MBA
Deze brief is digitaal ondertekend en daarom niet voorzien van een fysieke handtekening.
Ondertekend op: 02-05-2023 15:09 Ondertekend door: Marike Arents Locatie: Nuenen Reden: Digitaal Uitgaand
pagina 8 van 8 1552855