2023-69 RIB Verlenging VTH beleid tot 1 juli 2024 en vaststellen VTH-verslag 2021-2022 en VTH-UP 2023- Bijlage 6 - Jaarverslag 2022 ODZOB gemeente Nuenen
Tekst van het document
JAARVERSLAG 2022 VTH WERKZAAMHEDEN VOOR GEMEENTE NUENEN
JAARVERSLAG 2022
JAARVERSLAG 2022 VTH WERKZAAMHEDEN VOOR GEMEENTE NUENEN
In opdracht van
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
Opgesteld door
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant Postbus 8035 5601 KA Eindhoven
Auteur
Monique Reuvers
Projectnummer
288694
Datum
maart 2022
Status
definitief
JAARVERSLAG 2022
Voorwoord Iedere dag zijn onze mensen met grote inzet en gedrevenheid aan het werk om de fysieke leefomgeving in onze regio zoveel mogelijk te beschermen en te verbeteren. Om zo ruim 780.000 mensen veilig en gezond te laten wonen, werken en recreëren. Ons werk? We verlenen vergunningen (milieu en bouw), houden toezicht op risicovolle situaties bij bedrijven en we handhaven waar nodig. Ook in uw gemeente. In dit jaarverslag laten we met trots zien wat we in 2022 voor u gedaan hebben. Dan gaat het bijvoorbeeld over ‘harde’ cijfers over aantallen controles, maar ook over wat ons is opgevallen in uw gemeente (en de regio). Welke situaties sprongen eruit? Hoe ging de samenwerking? We zijn gericht op continue verbetering van onze kwaliteit, dus heeft u opmerkingen of suggesties? Laat het ons weten! Zo werken we samen aan een steeds betere ODZOB. En wilt u een snelle blik op ons werk? Kijk dan naar de korte film op www.odzob.nl/achterdeschermen. Met vriendelijke groet, Martine van Dort directeur ODZOB
JAARVERSLAG 2022
Inleiding Voor u ligt de inhoudelijke rapportage van de VTH-taken die de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB) voor gemeente Nuenen heeft uitgevoerd. Het gaat daarbij om bedrijven waarvoor gemeente Nuenen bevoegd gezag is. Kwaliteit VTH-werkzaamheden De ODZOB voert namens het bevoegd gezag VTH-taken uit in het kader van het omgevingsrecht. Het doel van deze taken is een gezonde en veilige leefomgeving. Van een bevoegd gezag mag een professionele kwaliteit van VTH-werkzaamheden verwacht worden. Een deel van die uitvoering is bij ons belegd. Het bevoegd gezag stelt voldoende financiële middelen beschikbaar voor het bereiken van het doel. Zie daarvoor ook afbeelding.
afbeelding 1 De productgroep 4 uit het werkprogramma ‘Juridische ondersteuning’ gaat over inzet bij bezwaar- en beroepszaken. Juridisch advies bij vergunningverlening en repressieve handhaving is opgenomen in de eerste twee productgroepen. Wij vinden het belangrijk om inzichtelijk te maken hoe wij bijdragen aan een gezonde en veilige leefomgeving. Daarom leggen we in onze jaarrapportages verantwoording af over de uitgevoerde VTHwerkzaamheden. Aan de uitvoering van VTH-taken zijn ook eisen vastgesteld in de wetgeving. Wij leveren een bijdrage aan de jaarlijkse evaluatie van de VTH-beleidscyclus door het bevoegd gezag. Los van de inhoud van de VTHtaken gaan wij onderstaand ook nog kort in op een aantal eisen.
JAARVERSLAG 2022
Kwaliteitscriteria De afgelopen jaren voldeed de ODZOB in samenwerking met partners steeds aan de Kwaliteitscriteria 2.2. Met de Veiligheidsregio Zuidoost-Brabant en de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant voldeden we aan de volgende kwaliteitscriteria: brandveiligheid, afvalwater en toezicht & handhaving bodem. Voor ketentoezicht werkte de ODZOB samen met Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant en de Omgevingsdienst Brabant Noord. De ODZOB voert geen werkzaamheden rondom stedenbouw en inrichting openbare ruimte uit. Voor de overige criteria voldoet de ODZOB op zichzelf. In 2023 wordt weer een evaluatie en actualisatie van de kwaliteitscriteria uitgevoerd.
afbeelding 2 VTH-beleid en VTH-doelen De wijze waarop de ODZOB invulling geeft aan de VTH-taken is verwoord in ons VTH-beleid: het Regionaal operationeel kader vergunningverlening (ROK VV), het Regionaal operationeel kader toezicht & handhaving (ROK TH), aanpak asbest (RUB) en aanpak bodem. Hoe met de verschillende activiteiten uitvoering gegeven wordt aan dit beleid komt terug in de individuele hoofdstukken van deze jaarrapportage. Het VTH-beleid en de VTH-doelen worden periodiek geëvalueerd en waar nodig aangepast door de deelnemers.
JAARVERSLAG 2022
1
Resultaten vergunningverlening en meldingen
In het Regionaal Operationeel Kader Vergunningverlening (ROK VV) zijn de strategieën beschreven die door de ODZOB worden gehanteerd bij de uitvoering van de vergunningverleningstaken milieu.
Industrieel
Tabel 1 Industriële vergunningverlening houdt zich bezig met omgevingsvergunningen milieu, meldingen Activiteitenbesluiten en daaraan gerelateerde zaken. Ons doel is om te zorgen voor een schone en veilige leefomgeving waarbinnen ook (economische) activiteiten mogelijk zijn. Bij de uitvoering wordt getoetst aan de wettelijke landelijke regelgeving en eventueel lokaal beleid. Bij de behandeling van vergunningen en meldingen handelen we conform het regionaal vastgestelde ROK VV. In 2022 heeft net als voorgaande jaren de stikstofproblematiek een belangrijke (vertragende) rol gespeeld bij het verlenen van vergunningen. Daarnaast is er specifiek aandacht besteed aan de aspecten energiebesparing en zeer zorgwekkende stoffen (stoffen die we liever niet in het milieu willen hebben). De ODZOB is uitvoerder van de basistaken, waaronder alle omgevingsvergunningen milieu en meldingen milieu. Het VTH-beleid is geïmplementeerd in de systemen en werkinstructies die worden gebruikt. Algemeen kan gesteld worden dat het ROK-VV geschikt is om toe te passen bij aanvragen voor een omgevingsvergunning maar minder goed voor het behandelen een van melding Activiteitenbesluit omdat hiervoor de indieningsvereisten al zeer duidelijk zijn vastgesteld in het Activiteitenbesluit zelf. Uitgelicht: Het meeste werk bestaat uit het afhandelen van meldingen Activiteitenbesluit.
Dat geldt bijvoorbeeld bij de aanleg van padelbanen. Hier gaat het vooral om geluidproblematiek. Gezien de aard van de bedrijven zijn aanvragen omgevingsvergunning niet vaak aan de orde. In dat geval gaat het vaak over aanvragen voor het milieuneutraal veranderen van een inrichting, bijvoorbeeld voor een tankstation aan de Europalaan.
JAARVERSLAG 2022
Agrarisch
1
Tabel 2 Bij de beoordeling van de aanvragen en meldingen passen wij het uitvoeringsbeleid, zoals vastgelegd in het ROK VV, toe. De agrarische aanvragen en meldingen vallen veelal binnen de branches met een hoog risico voor de fysieke leefomgeving. Met name voor de meldingen zien we dat dit niet altijd overeenkomt met de werkwijze die is afgesproken in het kader van het project Veranderkracht.
resultaat vergunningverlening 1
In het project Veranderkracht is het advies waarin maatregelen en aanbevelingen zijn gedaan om de transitie van de veehouderij in Brabant (Taskforce transitie veehouderij) te versnellen, verder uitgewerkt en geïmplementeerd in de werkprocessen om de vergunningverlening sneller en gemakkelijker te kunnen laten verlopen. Ook zien we dat het vastgestelde risico in het uitvoeringsbeleid niet altijd aansluit bij de praktijk. Zo is in het uitvoeringsbeleid vastgelegd dat geluid geen (noemenswaardig) risico vormt voor de fysieke leefomgeving. Wij zien echter in de praktijk dat geluid steeds vaker een belangrijk onderdeel is in de vergunningverlening. In overleg met de gemeente doen we daarom nu per procedure een aanvullende beoordeling. Als het ROK-VV wordt geactualiseerd zal het uitvoeringsbeleid voor geluid worden aangepast. De recente ontwikkelingen in het kader van de Wet natuurbescherming hebben steeds meer impact op de Wabo-vergunningverlening waarbij natuur aanhaakt. Denk aan de onzekerheid over de werking van emissiearme stalsystemen, het WUR-rapport waarin de RAV-systematiek ter discussie wordt gesteld, etc. Ook zien we een toename van de behandeling van zienswijzen op dit aspect, hetgeen ook leidt tot een toename in beroepsprocedures.
Verder zien we een toename van het aantal aanvragen voor bedrijven die vleeskuikens willen gaan houden volgens het Beter Leven Keurmerk 1 ster, waarbij onduidelijk is wat voor gevolgen dat heeft op de emissies. Dit leidt tot een langere looptijd van de procedures en meer inzet per vergunningprocedure.
1
Bij het resultaat van de afgeronde aanvragen om een vergunning gaat ‘ingetrokken’ over het intrekken van de ingediende aanvraag, door de aanvrager zelf.
JAARVERSLAG 2022
Asbest
Tabel 3 De ODZOB beoordeelt de sloopmeldingen inclusief asbestinventarisatierapporten. Voor een uniforme toetsing wordt de “Brabantbrede Digitale Checklist” gebruikt. Met de informatie uit deze checklist, de doormeldingen van certificerende instanties en de beoordelingen met de expert-Judgement formulieren (‘onderbuikgevoel’) voert het Brabants Omgevings Datalab (BOD) een analyse uit. Hierbij worden aandachtbedrijven benoemd die onder verscherpt toezicht worden gesteld. Deze lijst wordt per kwartaal geactualiseerd, voorafgaand aan het Zuidelijk Keten Casus Overleg. Bij dit overleg wordt de lijst gedeeld met andere OD’s en ketenpartners in onze regio. De toetsing van de sloopmeldingen is breder dan beschreven in het Regionaal uitvoeringsbeleid (Rub). Hiervoor wordt een document met (specifieke) werkafspraken opgesteld. We geven aandacht aan bestemmingsplannen, Wet Natuurbescherming, Erfgoed en bodemkwaliteit (druppelzone bij verweerde asbest daken). Tijdens de beoordeling van de meldingen en rapporten is er veel afstemming met de toezichthouder waardoor risicovolle asbestsaneringen beter in beeld komen en vervolgens gecontroleerd worden. Bij twijfel over de inhoud en/of betrouwbaarheid van de rapportage kan tijdens de meldingsfase de toezichthouder worden ingeschakeld om de situatie ter plaatse te beoordelen, waarbij specifiek aandacht is voor illegale (sloop)activiteiten.
Ook heeft dit een preventieve werking; we voorkomen zo dat asbest op een ondeugdelijke manier wordt verwijderd. Trend: het is opgevallen dat veel sloopmeldingen voor sloopwerkzaamheden aan gebouwen van voor 1994 onvolledig zijn. Dit door het ontbreken van een asbestinventarisatierapport. Ook worden regelmatig sloopmeldingen ingediend door en voor het particulier verwijderen van asbesthoudende materialen die niet onder de uitzonderingsbepalingen vallen en waar het een bedrijfsmatige activiteit betreft.
JAARVERSLAG 2022
Bodembescherming
Tabel 4 De uitvoering van de melding Bbk wordt voornamelijk getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit en de bodemkwaliteitskaarten. Verdere toelichting van deze taak staat onder toezicht bodembescherming. Binnen de regio worden in het kader van duurzaamheid steeds meer gesloten bodemenergiesystemen aangelegd. Hiervoor moeten meldingen gedaan worden in het kader van het Besluit lozen buiten inrichtingen. Deze meldingen worden getoetst aan de indieningsvereisten en relevante gemeentelijke en overige regelingen. Verder wordt de interferentie met andere systemen beoordeeld en de systemen worden in het Landelijk Grondwater Register geregistreerd. De Rijkinspectie IL&T heeft aangegeven dat de aanleg vaak niet conform regelgeving gebeurt. Een goede beoordeling vooraf, een goede aanleg en geen ongewenst gebruik van additieven is van belang om het drinkwater te beschermen en bodemwarmte/koude optimaal te benutten. 20% van de meldingen is onvolledig of onjuist. Daarop moeten aanvullingen worden gevraagd. Het lijkt vooralsnog een kwestie van opvoeden: veel fouten die in de meldingen staan komen steeds minder voor en de boorbedrijven weten inmiddels wat er van ze verwacht wordt. Op basis van het nu nog kleine aantal controles kan geconcludeerd worden dat in bijna 60% van de gevallen de aanleg van de gesloten bodemenergiesystemen niet in orde is.
Voor volgend jaar zal naar verwachting de controlefrequentie conform afspraken 1 op 10 zijn. De verwachting is dat door frequent te controleren de kwaliteit omhoog gaat. Wat ook opvalt is dat er per melding gemiddeld 3 systemen worden aangelegd. Er worden dus veel clustermeldingen gedaan. Bij clustermeldingen kunnen als we bijvoorbeeld de onderlinge interferentie in een keer beoordelen. Alleen duurt de beoordeling langer en is deze complexer. De meeste meldingen (en vergunningen voor grote systemen) zijn na aanpassing afgerond. Een beperkt aantal meldingen zijn ingetrokken omdat bleek dat de aanleg te duur was in verband met een aanwezige grondwater verontreiniging. Er zijn binnen de regio ongeveer 4000 systemen geregistreerd. In 2020 zijn 975 systemen aangelegd, in 2021 waren dat 710 systemen en het afgelopen jaar 923 systemen. Daarmee lijkt een gestage groei van het aantal systemen met ongeveer 900 per jaar aannemelijk. De inwerkingtreding van de Omgevingsverordening (tegelijk met de Omgevingswet) waarin een boordieptebeperking is opgenomen, zal deze trend zeker beïnvloeden. We verwachten minder aanvragen bij een aantal gemeenten.
JAARVERSLAG 2022
2
Resultaten toezicht
In november 2018 heeft het Algemeen Bestuur van de ODZOB besloten dat vanaf 2020 het Regionaal Operationeel Kader (ROK) wordt gehanteerd voor het toezicht op inrichtingen. Uitgangspunten voor het ROK zijn ‘risicogestuurd toezicht daar waar het nodig is’, en een ‘Level Playing Field’. Daarbij moest het toezicht efficiënter en effectiever, informatiegestuurd en innovatief worden. Het besluit gaf tevens richting aan waar de prioriteiten moesten liggen. Voor planmatig preventief branchetoezicht was een geprioriteerde lijst van branches onderdeel van het besluit. Daarnaast is een aantal bestuurlijke thema’s benoemd die richtinggevend zijn voor proactieve vormen van toezicht. Voorbeelden hiervan zijn emissiereductie, mestfraude, luchtwassers, probleembedrijven en gezondheid. Het toezicht bij inrichtingen is uitgesplitst over twee teams: Team Agrarisch Toezicht (TAT) en Team Industrieel Toezicht (TIT). Het TAT is vrijwel uitsluitend bezig met één grote branche: de veehouderij. Voor de prioritering zijn de resultaten van het project Intensivering Toezicht Veehouderij (ITV) een belangrijke bron. Het TIT kent een groot aantal branches, waarvoor op basis van de prioritering en de bestuurlijke thema’s wordt geprogrammeerd. Naast programmeerbaar projectmatig werk voeren deze teams losse controles uit naar aanleiding van signalen.
Een derde team dat bij het ROK betrokken is, is het team juridische zaken. Dit team behandelt repressieve zaken die voortkomen uit ROK-toezicht. Het behandelen van klachten door de consignatiedienst maakt géén deel uit van het ROK. Wel kunnen vanuit het consignatieteam signalen naar TIT of TAT worden doorgegeven, die aanleiding voor toezicht zijn. Het ROK loopt tot en met 2023. Als voorbereiding op wat er daarna komt, wordt de bedrijfsvoering geëvalueerd. Voor de echte opvolging van het ROK 2020-2023 is het proces om te komen tot een nieuw besluit inmiddels opgestart.
JAARVERSLAG 2022
Industrieel
2
Tabel 5
Sinds de start in 2020 is gewerkt aan het professionaliseren van de uitvoering van het toezicht met het ROK-TH als kader. Dit heeft er toe geleid dat de processen steeds robuuster worden, en we steeds beter in staat zijn vooruit te plannen en de uitvoering te sturen. Er blijft ruimte voor verbetering, onder meer bij de selectie van bedrijven die in aanmerking komen voor projecten met een specifiek doel of onderwerp. De inhoud van het locatiedossier is een punt van aandacht voor de resultaat overtreding toezicht 1
komende jaren.
In 2022 is een methode ontwikkeld om op basis van scenario’s betere aanknopingspunten te hebben voor het formuleren van doelstellingen voor het toezicht (AB-besluit 13-10-2022). Op 17 november is het jaarprogramma voor 2023 aan de deelnemers gepresenteerd. In de uitwerking van de projecten worden de scenario’s waar mogelijk ingevlochten. Uitvoering 2022 Voor het derde jaar was in 2022 het ROK-TH de basis voor het industriële toezicht. Met de uitvoering onderverdeeld in drie blokken is het toezicht vormgegeven:
blok 1: toezicht op basis van klachten en signalen;
blok 2: projectmatig toezicht op bestuurlijke prioriteiten;
blok 3: projectmatig branchetoezicht. Hieronder volgt een korte weergave van wat in de uitvoering voor deze blokken in 2022 is gebeurd. Vermeldenswaardige repressieve zaken die voortkomen uit het toezicht zijn elders in deze rapportage benoemd. Bij de uitwerking per blok worden eventuele bijzonderheden voor de gemeente uitgelicht. Blok 1 Het toezicht in dit blok is in hoofdzaak gestuurd vanuit signalen die komen van gemeenten. handhavingspartners en collega’s. In hoofdzaak reactie dus. Uitzondering vormen de signalen die voortkomen uit de analyse van klachten.
2
Toelichting LHS categorie overtreding: Licht (A1, A2, A3, B1, B2, C1), midden (A4, B3, B4, C2, D1, D2) en zwaar (C3, C4, D3, D4)
JAARVERSLAG 2022
De klachtenanalyse wordt ieder kwartaal uitgevoerd. De resultaten komen beschikbaar via een dashboard dat we in de loop van 2023 voor alle deelnemers willen ontsluiten. Het overgrote deel van de meldingen wordt veroorzaakt door ‘bekende’ bedrijven waar al frequent/maatwerktoezicht loopt. De analyse draagt wel bij aan het zichtbaar maken van de bedrijven waar meermaals meldingen over komen, maar waar vanuit toezicht nog niets loopt. Een specifiek onderdeel van de klachtenanalyse zijn de horecaklachten. Op grond van een wekelijkse analyse benaderen we horecaondernemingen waarover klachten zijn binnengekomen. We zien dat de werkwijze bijdraagt aan de bewustwording bij de horecaondernemers. In geval van aanhoudende klachtensituaties informeren we de gemeente en zetten we de juiste acties uit, bijvoorbeeld het uitvoeren van een geluidmeting, en volgt indien nodig handhaving. De eerste resultaten wijzen er op dat de aanpak leidt tot minder klachten. We vergelijken dan cijfers van vóór corona met die van erna; een al te stellige conclusie kan daarom nog niet worden getrokken. Blok 2 In 2022 is de systematiek voor het toezicht bij aandachtbedrijven vastgesteld en in werking gebracht. Aandacht kan nodig zijn vanwege specifieke omstandigheden of gedragingen binnen het bedrijf. Hiervoor zijn criteria geformuleerd.
Voor een aandachtbedrijf wordt een bedrijfstoezichtplan gemaakt, waarin is uitgewerkt hoe het toezicht wordt vormgegeven en wie daarin een rol vervult. Een en ander wordt gedeeld met de gemeente. De eerste plannen zijn inmiddels opgeleverd. Er is in 2022 een aantal thematische projecten uitgevoerd:
Ketentoezicht grondstromen. Dit project borduurde voort op de in 2021 gehanteerde werkwijze. Uit de resultaten is gebleken dat in het toezicht meer specifieke bodemkennis moet worden ingebracht, vooral om de relevantie van overtredingen in de keten beter te kunnen duiden.
Mestverwerking en compostering. De definitieve resultaten van dit project komen pas in 2023 beschikbaar. Uit de voorlopige resultaten blijkt dat vergunningen en uitvoeringspraktijk vaak niet goed op elkaar aansluiten. Dit kan ingrijpen bij ongewenst handelen of overtredingen bemoeilijken
Onbekende propaantanks. Dit project loopt door in 2023.
Energiebesparing autoschade en drukkerijen. Toezicht draagt bij aan de uitvoering van erkende maatregelen. Het blijkt dat deze specifieke vormen van energietoezicht een specialistisch karakter krijgen. Toekomstig energietoezicht zal mogelijk vanuit het team duurzaamheid plaatsvinden.
In 2023 is voor het laatst het project ‘risicorelevante bedrijven’, het voormalige BPO-project, als zodanig ingepland. Voor 2023 zijn de betreffende bedrijven ondergebracht op de lijst van aandachtbedrijven. Dat laat ruimte om bij elk bedrijf maatwerkoplossingen te formuleren voor het uit te voeren toezicht, waarbij de voorheen gehanteerde methode van auditgericht toezicht als strategie beschikbaar blijft en op maat wordt ingezet. Verder zijn we in 2022 gestart met gebiedsgericht toezicht op bedrijventerreinen. Dit doen we om grip te houden op wat er op bedrijventerreinen gebeurt, ook buiten kantoortijden. De selectie voor een terrein vindt plaats op basis van signalen. Doel is het zicht krijgen op ongewenste c.q. illegale activiteiten. De resultaten worden doorgezet naar gepaste vormen van regulier toezicht, waaronder PIT-acties. (N.B. De inzet van de ODZOB bij PIT- (en DIT- en KIT) acties valt onder blok 2 van het ROK-TH. Over deze acties wordt vanuit de coördinatoren separaat gerapporteerd, dus niet in deze jaarrapportage).
JAARVERSLAG 2022
Blok 3 In de eerste twee jaren van het ROK zijn de, op basis van risico, hoogst geprioriteerde branches aan bod gekomen. In 2022 kwamen de lagere geprioriteerde branches aan de beurt:
bouwmarkten, m.n. veiligheid i.r.t. opslag van gevaarlijke stoffen: naleving goed; weinig overtredingen;
tankstations: geen opmerkelijke bevindingen;
hout- en meubelindustrie: geen opmerkelijke bevindingen;
groente en fruitbedrijven: geen opmerkelijke bevindingen;
zelfcontrole autogarages: zie toelichting hieronder;
vuurwerk;
transportbedrijven: geen opmerkelijke bevindingen.
Toelichting zelfcontrole autogarages Deze relatief grote branche hebben we gebruikt om te zien of we het toezicht efficiënter kunnen inrichten. Ruim 200 bedrijven hebben een infographic en een zelfcontrolelijst ontvangen. Ruim 50% van de bedrijven heeft deze lijst ingevuld teruggezonden. We denken dat het invullen een indicator is voor het naleefgedrag. Dit wordt in vervolgprojecten in 2022 en 2023 geverifieerd door middel van steekproefsgewijs toezicht. Als de aanname klopt, kan het instrument zelfcontrole in de toekomst vaker worden ingezet als efficiënt toezichtsinstrument. Vervolg branchetoezicht In de jaren 2000-2022 zijn de hoog en middelhoog geprioriteerde branches gecontroleerd. De resultaten worden gebruikt voor het opstellen van een meerjarenaanpak voor de verschillende branches. In 2023 wordt een start gemaakt met de uitvoering hiervan. Uitgelicht: Op bedrijverterrein Kerkakkers is een project “inzicht industrieterrein” uitgevoerd. Bij enkele locaties is een vermoeden van illegale, mogelijk criminele, activiteiten. Deze zijn doorgegeven aan de politie en/of ingebracht voor DIT-acties. Bij een aantal andere locaties bestaat het vervolg uit meer uitgebreid (vervolg)toezicht.
JAARVERSLAG 2022
Agrarisch
3
Tabel 6 In 2022 hebben we in het agrarisch werkveld gekozen voor een risicogerichte aanpak. Bedrijven met veel stikstofverbindingen (veelal ammoniak), uitstoot en/of de toepassing van emissiereducerende maatregelen óf toepassing van systemen met een grote faalkans zijn in een korte tijd opnieuw bezocht. Ook een Landelijke Handhavingsstrategie Score-score uit het verleden zegt iets over het naleefgedrag van een bedrijf. resultaat overtreding toezicht 2
De werkwijze van prioriteren en toepassing van een bepaalde frequentie van toezicht zorgt ervoor dat bij slecht naleefgedrag sneller bestuurlijk kan worden opgetreden om overtredingen ongedaan te maken. Ook wordt goed naleefgedrag beloond door de frequentie van het toezicht te verlagen. In 2023 vindt een verdieping plaats van de risicoprioritering en zetten we de huidige werkwijze voort. Hierbij hebben we ook aandacht voor het continu verzamelen van milieurelevante data om op deze wijze het risicogericht prioriteren te kunnen bijsturen. Afgelopen jaar was een jaar waar opnieuw veel rechtszaken de revue passeerden. Dit had impact op de uitvoering, bijvoorbeeld over de houdbaarheid van de RAV t.o.v. de Wnb-vergunningssystematiek. Dit alles leidt tot veel onzekerheden in de agrarische sector. De intensieve veehouderij heeft een wettelijke verplichting om de ammoniakemissies te reduceren. Hiervoor zijn veel systemen erkend. Het meest gebruikt is het luchtwassysteem omdat hiermee de hoogste reductie behaald kan worden (reductie-eis 70%, 85% of 95%). Hier wordt de stallucht door waspakketten geleid en neemt het waswater de ammoniak voor een groot deel op. Landelijk zijn er intussen grote vraagtekens of de luchtwassystemen wel doen wat ze moeten doen. Niet alleen voor ammoniak, maar ook voor geur. In onze regio staan heel veel luchtwassystemen.
Door de vele controles is er inmiddels steeds meer inzicht en kennis over de werking van deze systemen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een analyseprogramma, waarbij terugkijkend over een langere periode (zelfs jaren) beoordeeld kan worden hoe het luchtwassysteem gefunctioneerd heeft. Belangrijker nog: of de ondernemer zijn verantwoordelijkheid genomen heeft om alert te reageren op afwijkende parameters. Tijdens het uitvoeren van controles is
3
Toelichting LHS categorie overtreding: Licht (A1, A2, A3, B1, B2, C1), midden (A4, B3, B4, C2, D1, D2) en zwaar (C3, C4, D3, D4)
JAARVERSLAG 2022
gebleken dat het aan dat laatste vaak nog schort. Ook is gebleken, dat met de grafieken in de hand en het gesprek over de geconstateerde afwijkingen, maar ook het handhavend optreden, steeds meer ondernemers hun verantwoordelijkheid (moeten) nemen en luchtwassystemen beter gaan functioneren. Een niet goed werkend luchtwassysteem zorgt voor onomkeerbare emissies van ammoniak en andere vormen van stikstofverbindingen, zoals lachgas. In het kader van risicogericht toezicht hebben controles op het functioneren van de luchtwassystemen dan ook een hoge prioriteit. Uitgelicht: We hebben dit jaar vooral een inhaalslag gemaakt met de uitvoering van nog openstaande (her)controles. Hieruit zijn geen specifieke bijzonderheden naar voren gekomen die per direct aandacht vragen.
Asbest
4
Tabel 7 Het toezicht bij saneringen wordt risicogericht en informatiegestuurd uitgevoerd. Dit overeenkomstig het Regionale Uitvoeringsbeleid Asbesttaken (RUB), wat is vastgesteld in 2017. Het belangrijkste doel is het vrijkomen van het zeer gevaarlijke asbest tegen te gaan. Overtredingen, vastgesteld bij het toezicht, worden in de Brabantbrede digitale checklisten geregistreerd en samen met beoordelingen door de toezichthouder via het Brabantse Omgevings Datalab (BOD) geanalyseerd. resultaat overtreding toezicht 3
Hieruit worden de aandachtsbedrijven bepaald.
Omdat de Omgevingsdienst ook de sloopmeldingen voor Nuenen behandelt, is er regelmatig overleg tussen toezichthouder en beoordelaar. Aandacht wordt gegeven bij:
saneringsbedrijven die onder de maat presteren (achterblijvers);
type saneringen die een groter risico kunnen betekenen voor de leefomgeving, bijvoorbeeld het verwijderen van een dakbeschot in een woonwijk;
incidenten, zoals illegaal slopen en ondeskundig verwijderen van asbest;
meldingen door een geconsigneerde, bijvoorbeeld asbestdumping of asbestbrand;
controles in een bepaalde fase van een sanering, bijvoorbeeld tijdens, voor of direct na een sanering;
4
directe opdrachten van gemeenten.
Toelichting LHS categorie overtreding: Licht (A1, A2, A3, B1, B2, C1), midden (A4, B3, B4, C2, D1, D2) en zwaar (C3, C4, D3, D4)
JAARVERSLAG 2022
Overigens is het RUB eind 2022 geëvalueerd. De resultaten hiervan worden in de loop van 2023 gepresenteerd. Uitgelicht: Een voorbeeld van onderlinge afstemming zijn diverse inkomende sloopmeldingen die op verzoek van de behandelaar op de locatie door de toezichthouder zijn gecontroleerd. Het merendeel van deze meldingen waren gedaan door particulieren en gaven geen duidelijkheid of de asbesthoudende toepassing daadwerkelijk door een particulier gesaneerd mocht worden. Door de controles zijn enkele sloopmeldingen afgewezen of na aanpassing geaccepteerd. Hierdoor zijn ondeskundige en illegale saneringen voorkomen.
Bodembescherming
5
Tabel 8 Toezicht op grondverzet vanuit het Besluit bodemkwaliteit is een basistaak die door de ODZOB wordt uitgevoerd. Uitvoering geven aan deze taak vraagt om intensieve samenwerking met onze gemeenten en het werkveld (aannemers, adviesbureaus, initiatiefnemers). Deze samenwerking zal met de komst van de Omgevingswet naar verwachting alleen maar toenemen. Met de uitvoering van deze VTH-taak wordt voornamelijk getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit en resultaat overtreding toezicht 4
de bodemkwaliteitskaarten. In sommige gevallen is er een relatie met de Wet bodembescherming.
Toezicht op de naleving van het Besluit bodemkwaliteit draagt bij aan de bescherming van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. Veel gemeenten in onze regio hebben de afgelopen jaren eigen Bodemkwaliteitskaarten op- en vastgesteld. De bodemkwaliteitskaarten maken gebiedsgericht beleid binnen de gemeentegrenzen mogelijk en het zorgt voor een afname van uitvoeringskosten en -duur. Uitvoering van deze taak wordt verdeeld in administratief toezicht en fysiek toezicht. In september 2020 is het Kader voor toezicht Besluit bodemkwaliteit vastgesteld. In 2022 is er (net als in 2021) een toename geconstateerd van het aantal meldingen die wij administratief beoordelen. Deze toename was voorzien op basis van het vastgestelde beleidskader. De toename wordt mede veroorzaakt door: 1.
Meer fysieke controles, met beter naleefgedrag.
2.
Sloop van stallen met kelders
5
Toelichting LHS categorie overtreding: Licht (A1, A2, A3, B1, B2, C1), midden (A4, B3, B4, C2, D1, D2) en zwaar (C3, C4, D3, D4)
JAARVERSLAG 2022
Op locaties waar stallen worden gesloopt, worden grote hoeveelheden zand toegepast. De verwachting is dat deze trend zich de komende jaren voortzet. Doelstellingen regionaal uitvoeringsbeleid voor toezicht op het Bbk: 1.
Het creëren van een zoveel mogelijk gelijk speelveld voor alle toepassers, die bedrijfsmatige activiteiten uitvoeren waarop het Besluit Bodemkwaliteit toeziet (Level Playing Field). Hiermee wordt een gezamenlijke ondergrens in de regio geformuleerd.
2.
Het effectief en efficiënt inzetten van het toezichthouden, door informatie-gestuurd en risicogericht te gaan werken. Niet aantallen, maar resultaten staan voorop.
3.
De resultaten van het toezicht op het Bbk in termen van naleefgedrag zijn input voor bijsturing van het toezichtprogramma Bbk.
Afgelopen jaar is voor het eerst volledig invulling gegeven aan het uitvoeringsbeleid. Op basis van continue monitoring is halverwege het jaar een tussenevaluatie opgesteld. De belangrijkste conclusie uit de tussenevaluatie is dat we steeds meer naar de doelstellingen van het uitvoeringskader toe groeien en er een verschuiving te zien is van administratief naar meer fysiek toezicht. We zijn er echter nog niet. Bij administratief toezicht is nog winst te behalen door versobering/automatisering, zodat er meer ruimte kan gaan ontstaan voor het vrije fysieke toezicht (signaal toezicht). Uitgelicht: De gemeente heeft in 2021 een bodemkwaliteitskaart vastgesteld. Er wordt de afgelopen jaren structureel weinig gemeld in het kader van het Besluit bodemkwaliteit. Gedurende het jaar is de gemeente een aantal keer bezocht door een toezichthouder vanuit het team Bodem toezicht. Er zijn echter geen toepassingen van grond geconstateerd. Wij zullen de communicatie met de gemeente Nuenen gaan intensiveren om de meldingsbereidheid te verbeteren. Energie (Versterkte uitvoering energiebesparings- en informatieplicht (Vue)) De afgelopen twee jaar maakt de ODZOB-regio gebruik van de ondersteuningsregeling van het Ministerie van Economische zaken en Klimaat voor extra toezichtcapaciteit op de informatie- en energiebesparingsplicht.
Deze regeling geeft het bevoegd gezag de mogelijkheid om externe capaciteit in te huren voor het uitvoeren van toezicht op energiebesparing bij bedrijven en instellingen. De mogelijke keuzes van diensten zijn omschreven in de menukaart behorend bij het project Vue. Dit varieert van administratief toezicht op de informatieplicht, fysieke (her) controle op energiebesparingsplicht en ook het identificeren van nog onbekende bedrijven of instellingen. Uitvoering en resultaat Vue 2022 gemeente Nuenen is een budget van € 11.557,01 (incl. btw) gereserveerd voor de uitvoering van de werkzaamheden in het kader van het Vue. Met dit budget zijn de volgende werkzaamheden uitgevoerd:
Tabel 9
JAARVERSLAG 2022
De verwachting is dat het uitvoeren van een controle resulteert in een reductie van ongeveer 25 ton CO 2. Met het aantal controles dat is uitgevoerd in 2022 betekent dit een resultaat van ongeveer 200 ton CO2 reductie.
Ontvangen rapportages Inmiddels hebben 83 bedrijven een rapportage ingediend volgens de informatieplicht. Tevens hebben 43 bedrijven aangegeven dat zij niet onder de informatieplicht vallen omdat het energieverbruik lager is gelegen dan de gestelde grenswaarden. Uitgaande van een inschatting die is gemaakt door Rijkswaterstaat bij de start van het Vue project (inschatting was dat 146 bedrijven onder informatieplicht zouden vallen), betekent dit dat ongeveer 86% zich heeft gemeld (wel/geen informatieplicht). Monitoring via Brabantse Omgevingsdiensten Datalab (BOD) Het afgelopen jaar hebben we onze wensen, in samenwerking met de andere Brabantse OD’s en het BOD, om weten te zetten in een “Energie Dashboard Brabant”. In dit dashboard komen veel data samen vanuit o.a. digitale checklists en informatie m.b.t. de informatieplicht energie. De informatie is per OD, per gemeente en per branche te raadplegen. Met het dashboard kan snel en overzichtelijk informatie worden verschaft over de voortgang en effecten van de informatieplicht. De monitor zal gebruikt worden om actief bepaalde branches en achtergebleven maatregelen te kunnen achterhalen zodat verdergaand gericht toezicht op energie mogelijk is. Naast deze informatie wordt er ook inzicht gegeven in de mogelijke CO2 besparing per branche.
Tevens geeft het enigszins inzicht in het effect van gericht toezicht op energie en hoe dit zich verhoudt met de besparing op CO2. De onderstaande afbeeldingen geven een beeld hoe het dashboard is vormgegeven.
afbeelding 3
Ontwikkelingen toezicht energiebesparing Het komend jaar zijn er een aantal ontwikkelingen op het gebied van energiebesparing voor bedrijven: -
Actualisatie van de erkende maatregelenlijst (EML);
-
Nieuwe ronde informatieplicht (1-12-2023);
-
Verbreding doelgroep energiebesparingsplicht (geen uitzonderingen meer);
-
Toezicht op energielabel C-plicht kantoorgebouwen;
-
Rapportageplicht CO2 werkgebonden personenmobiliteit.
JAARVERSLAG 2022
Signalen, klachten en meldingen Namens het bevoegd gezag wordt gezorgd voor de registratie van het aantal ontvangen klachten over mogelijke overtredingen. Via de MilieuKlachtenCentrale (MKC) melden burgers milieuklachten over bedrijven. De centrale is ook buiten kantoortijden bereikbaar voor acute klachten en het behandelen van incidenten. Klachten die betrekking hebben op de naleving van de Wabo en betrokken wetten worden door de ODZOB behandeld. Deze meldingen gaan over waarnemingen binnen de grenzen van de gemeente Nuenen, maar kunnen ook betrekking hebben of veroorzaakt worden door bedrijven buiten de gemeentegrenzen. Deze bedrijven kunnen onder gemeentelijk of provinciaal bevoegd gezag vallen. Ten opzichte van het jaar 2021 zijn het
afbeelding 4
aantal meldingen nagenoeg gehalveerd. Het hoog aantal geluidoverlastklachten over een restaurant zijn na een toezichttraject niet teruggekeerd. Registratie van klachten en (bedrijfs)meldingen die bij de Milieuklachtencentrale binnenkomen loopt ook via de ODZOB, evenals acties hierop. Analyse van de klachten en meldingen die in s@men gemeld worden, zijn een standaard onderdeel geworden van de uitvoering. Bijzonderheden ten aanzien van bepaalde locaties zijn meegenomen in het toezichtsprogramma van 2023.
JAARVERSLAG 2022
3
Resultaten handhaving
Bestuursrechtrecht
Tabel 10 Het team juridische zaken werkt mee aan het beschermen en verbeteren van de fysieke leefomgeving. Dit doen we door onze juridische kennis en vaardigheden in te zetten op het gebied van Vergunningen, Toezicht en Handhaving. Ook zetten we onze deskundigheid in bij de beantwoording van juridische vraagstukken op verschillende vakgebieden. We toetsen aan wet- en regelgeving. Dit zijn de kaders die gesteld zijn ter bescherming van burgers en bedrijven. Het is van belang om ervoor te zorgen dat men zich aan deze kaders houdt voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Afgelopen jaar zijn er diverse ontwikkelingen geweest die van invloed waren op ons werk. Naast de juridische betrokkenheid bij de implementatie van de Omgevingswet is er veel beweging geweest rond stikstof. In dat kader zijn het afgelopen jaar een aantal belangrijke uitspraken gedaan over emissiearme stalsystemen, beweiden, bemesten, bouwvrijstelling en afkapgrens verkeersbewegingen. Ook de vogelgriep heeft invloed gehad op juridische dossiers. Gevolgen die we zien van de onduidelijkheid rond stikstof is dat steeds vaker rechtsmiddelen worden aangewend en dat na bezwaar ook steeds vaker in beroep en hoger beroep wordt gegaan. Met het ROK-TH wordt beoogd om voor de TH-milieutaken een gelijk speelveld te creëren binnen het werkgebied van de ODZOB. We gaan in dit kader uit van de volgende uitgangspunten: -
Naleving van wet- en regelgeving is primair de eigen verantwoordelijkheid van bedrijven en instellingen;
-
Toezicht en handhaving (Wabo milieu) zijn geen doelen op zich, maar middelen om doelstellingen te bereiken. Uiteindelijk gaat het er bij de uitvoering van wettelijke taken om wat het resultaat daarvan is in de fysieke leefomgeving (outcome);
-
Handhaving geschiedt op een open, eenduidige en voortvarende wijze, waarbij beoogd wordt door een afgestemde, passende interventie een blijvende gedragsverandering bij de overtreder te realiseren.
We geven hier (in lijn met jurisprudentie) uitvoering aan door steeds opnieuw een belangenafweging te maken tussen enerzijds het milieu (naleving wet- en regelgeving) en anderzijds de belangen van ondernemer en omwonenden (met name bij handhavingsverzoeken). We zetten handhavingsinstrumenten in bij overtredingen ter bescherming van het milieu, maar gaan ook het gesprek aan met ondernemer en omwonenden als dat nodig is. Als belanghebbenden het niet eens zijn met de besluitvorming behandelen we bezwaar, beroep- en hoger beroepszaken. Ook zien we dat er in de volle breedte steeds vaker handhavingsverzoeken worden ingediend door burgers en milieuorganisaties. Ook verzoeken om informatie in het kader van de Wet Open Overheid (WOO) komen vaker voor.
JAARVERSLAG 2022
Strafrecht Milieuovertredingen worden in de regel bestuursrechtelijk aangepakt maar kunnen, afhankelijk van de aard en omvang, ook strafrechtelijk worden vervolgd. Zaken met gevolgen van (groot) belang en waarbij door de overtreder bewust een risico is genomen, worden conform de Landelijke handhavingsstrategie (LHS) doorgezet naar het strafrecht. Het Functioneel Parket (specialistisch opererend onderdeel van het Openbaar Ministerie) is verantwoordelijk voor de opsporing en vervolging in strafzaken die betrekking hebben op milieucriminaliteit. Een uitzondering daarop is de zogenaamde Bestuurlijke Strafbeschikking milieu (BSBm). De bevoegdheid voor dit strafrechtelijk instrument is door het Openbaar Ministerie gedelegeerd aan de directeuren van de omgevingsdiensten. Op de inhoud van de strafrechtzaken kan en mag de ODZOB niet ingaan. De communicatie hierover loopt via de gebiedsofficier van het Openbaar Ministerie naar de burgemeester.