CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-60 RV Bijlage 15 Archeologie en cultuurhistorisch onderzoek

Gemeenteraad 29 september 2022, gemeente NuenenBij agendapunt: Bestemmingplan Rullen 713.994 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ook moet hier rekening worden gehouden met off-site vondsten, toevalsvondsten die samenhangen met het gebruik (/extensieve exploitatie) van de beek door de bewoners van de hoger gelegen delen van het landschap (visfuiken). Uit het historisch kaartmateriaal blijkt dat in de directe omgeving van het oostelijke deel van het plangebied, aan de weg, bebouwing aanwezig is geweest. In het plangebied ligt een boerderij uit de jaren 50 van de 20 eeuw die nog op dezelfde plaats ligt als zijn voorganger op de kadastrale minuut (zie afbeelding 7-9). Mogelijk bevinden zich hier in de ondergrond nog resten van de twee bijgebouwen die op de kadaastrale minuut zichtbaar zijn. Binnen dit oostelijke deel van het plangebied kunnen mogelijk nog resten van voorgangers of bebouwing die daarmee samenhangt aanwezig zijn die mogelijk teruggaan tot in de Late-Middeleeuwen. Daarom wordt aan het oostelijke deel van het plangebied een hoge en aan het westelijke deel een lage archeologische verwachting toegekend voor vindplaatsen vanaf de LateMiddeleeuwen tot en met de Nieuwe tijd. Vondsten en sporen worden vanaf het maaiveld verwacht. De ondergrond in een deel van het plangebied is echter verstoord is geraakt door de bouw van de huidige opstallen (zie 3.2), en mogelijk ook door delfstofwinning (zoals veelvuldig gedocumenteerd in deze omgeving).

Met name de bouw van de onderkelderde varkensstal en machineloods heeft tot verstoring van de ondergrond geleid. De overige dichter bij de weg gelegen gebouwen zijn niet onderkelderd. Gezien de activiteiten op het terrein sinds de jaren 50 van de 20e eeuw is het niet duidelijk waar en in welke mate het oorspronkelijke eerdek bewaard is gebleven. 3.6

Advies vervolgonderzoek

Op basis van de aardwetenschappelijke waarden en op basis van de aangetroffen archeologische resten in de directe omgeving heeft het plangebied een hoge archeologische waarde; deze hoge verwachting geldt vanaf het maaiveld. Archeologische resten worden verwacht in de eerdlaag (A-horizont) en in de top van het dekzand (oorspronkelijke C-horizont). Daarnaast kunnen er in de ondergrond bouwhistorische resten aanwezig zijn. Door sub-recente activiteiten zal de ondergrond in delen van het plangebied verstoord zijn geraakt. Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie adviseert de archeologische verwachting te toetsen door middel van een verkennend en karterend booronderzoek. Door middel van een booronderzoek worden de fysisch-geografische en bodemkundige gegevens getoetst (verkennend booronderzoek). Tevens heeft het booronderzoek tot doel vast te stellen in hoeverre de natuurlijke bodemopbouw en het mogelijk

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

22

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

aanwezige esdek verstoord is, en om vast te stellen of er archeologische indicatoren in de ondergrond aanwezig zijn. Juist op deze locatie met lokaal verstoorde bodem, en beperkte zoekgebied voor ondergrondse bouwhistorische waarden (oosten van het plangebied), is het van belang eerst verstoringen door middel van een booronderzoek in kaart te brengen. Karterend boringen kunnen het beeld van de ondergrond versterken (archeologische indicatoren). Proefsleuven zijn op dit moment nog niet aan de orde: daarbij wordt maar een klein deel van het plangebied onderzocht, boringen daarentegen dekken het gehele gebied af. Indien/daar waar een intacte bodemopbouw en/of archeologische indicatoren worden aangetroffen, zijn proefsleuven aan de orde. Het verkennend booronderzoek dient te worden uitgevoerd door te boren met behulp van een edelmanboor met een diameter 7 cm; het karterend booronderzoek met behulp van een edelmanboor met een diameter van 15 cm. Gezien de hoge verwachting van het plangebied en de mogelijk grote dichtheid aan sporen dient dit booronderzoek te worden uitgevoerd in een verdicht grid van 20 x 25 m, dat wil zeggen 20 boringen per hectare. Omdat het plangebied ongeveer 0,6 hectare groot is, zal het hierbij gaan om ongeveer 12 boringen. Deze boringen dienen te worden gezet tot een diepte van 25 cm in de C-horizont.

Het bevoegd gezag, de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten, dient eerst over het advies in dit rapport een besluit te nemen. Wanneer het bevoegd gezag besluit dat vervolgonderzoek niet noodzakelijk is en het plangebied wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

23

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

4 4.1

Cultuurhistorische inventarisatie Bronnen

Voor de cultuurhistorische inventarisatie zijn de volgende bronnen gebruikt: − Cultuurhistorisch GIS (CultGIS);11 − het Rijksmonumentenregister;12 − de Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant;13 − de archeologische waarden- en verwachtingskaart van de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten; − het overzicht gemeentelijke monumenten van de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten; 14 − de objectendatabase van het Monumenten Inventarisatie Project (MIP); 15 − historisch kaartmateriaal (Bonnenbladen / kadastrale minuutplans 1832); − de kadastrale minuut 1811-1832; − de website van Topotijdreis. 4.2

Historisch landschap

Historisch-geografische ontwikkeling De buurtschap Rullen ligt rond de gelijknamige weg en rond de wegen Bosweg en De Huikert, ten noordwesten van het dorp Gerwen in Oost-Brabant, in de landstreek de Meierij van 's-Hertogenbosch. Rullen is mogelijk een oude waternaam, verbonden aan de nabij de buurtschap gelegen oorsprong van de Breugelsche Beek, in het stroomgebied van de Dommel. De persoonsnaam ‘van den Rullen’ komt veelvuldig voor vanaf de 13e eeuw.16 Het is mogelijk ook in de 13e eeuw dat de buurtschap Rullen gevormd is, passend in de vaak beschreven ontwikkeling van nederzettingen in het zandgebied van Brabant.17 In de vroege middeleeuwen was de waterafvoer nog niet geregeld en was het hele gebied veel natter dan nu. In dat natte landschap waren alleen een aantal hogere (en drogere) delen geschikt voor permanente bewoning en landbouw. Op de hoogste delen van het landschap met een natuurlijke vruchtbaarheid ontstonden vanaf de 8e eeuw de oudste nederzettingen. Binnen die nederzettingen op de hoogste punten van het landschap werden ook de oudste kerken in de regio gebouwd. Vanaf het eerste kwart van de 12e eeuw worden ook de voorheen vochtige gebieden in gebruik genomen; dit hangt onder andere samen met verbeterde drainage en exploitatie van de lager gelegen gebieden en van de beekdalen.

Vanaf de 13e eeuw lijkt bewoning zich massaal te verplaatsen naar de hooilandrijke delen en naar nieuwe gehuchten aan de randen van het woon-/akkergebied. Dit fenomeen wordt de ‘laat-middeleeuwse transitie’ genoemd.18 In de beekdalen

11

Nationaal Georegister: http://nationaalgeoregister.nl/.

12

https://monumentenregister.cultureelerfgoed.nl/.

13

https://www.provincie-utrecht.nl/loket/kaarten/geo/cultuurhistorie-0/.

14

https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_gemeentelijke_monumenten_in_Nuenen,_Gerwen_en_Nederwetten

15

https://www.cultureelerfgoed.nl/publicaties/publicaties/2019/01/01/mip-objecten. Het Monumenten Inventarisatie Project (MIP) was een landelijk project dat de Rijksdienst tussen 1986 en 1995 uitvoerde met als doel om per gemeente de waardevolle gebouwen en andere monumenten te beschrijven en waarderen. In de provincie Utrecht betrof dit alles tot aan 1940. De documentatie van MIP-objecten is nog steeds relevant, maar niet meer actueel. Het is mogelijk dat objecten sinds de inventarisatie ingrijpend gewijzigd of zelfs gesloopt zijn. 16

Cornelissen et al. 1987; https://brabantse.waternamen.nl/rul/

17

Ball/Jansen 2018/Bazelmans/Thews 1990/Schorn 2020

18

Ball/Jansen 2018.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

24

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

ontstonden gras- en hooilanden die voor de veeteelt en indirect voor de bemesting van het hoger gelegen akkerland van groot belang waren.19 De nieuwe bewoningskernenverschijnen op de flanken van de droge dekzandgebieden, vaak aan de rand van beekdalen. 20 In de wijdere omgeving van het plangebied zijn er meerdere dorpen aan waar de ontwikkeling verlopen is volgens dit model. Bij deze verschuiving van de bewoning werden de oorspronkelijke bewoonde erven verlaten en het gehele dekzandeiland veranderde in een groot akkergebied, waarbij vanaf (waarschijnlijk) de 14e eeuw poststalbemesting op grote schaal werd toegepast. De kerk echter bleef op de oorspronkelijke plaats achter en kwam dus midden op het nieuwe akkergebied te staan, bijvoorbeeld in Gerwen, Nuenen en Geeneind. Aan de randen van het dekzandgebieden en dus aan de randen van het grote nieuwe akkergebied ontstonden de nieuwe nederzettingen, vaak rondom hoeven, die in de loop van de tijd uitgroeiden tot dorpen en gehuchten zoals we die nu grotendeels nog kennen. Rullen kent naar alle waarschijnlijkheid zijn oorsprong als één van deze laatmiddeleeuwse kernen, mogelijk rondom een hoeve.21 De vroegste historische bron over Rullen dateert uit de 15e eeuw. Het is dan vermeld als leengoed Ter Rullen van de hertogen van Brabant. Dit leengoed gaat mogelijk terug op het goed Ter Heeze dat al in de 13e eeuw wordt vermeld.

22 De bewoning in en rond het huidige dorp Gerwen stamt waarschijnlijk uit de Frankische tijd - 8e tot de 10e eeuw. Zowel de namen van Gerwen als het dichtbij gelegen Nuenen zijn van Frankische oorsprong. 23 Waar de kern van het vroegmiddeleeuwse Gerwen lag is onbekend. Waarschijnlijk ging het in eerste instantie om een aantal geclusterde hoeven, die zich in de loop der tijd nog hebben verplaatst.24 Het historisch deel van Nuenen is ontstaan uit verschillende kernen – zoals Berg, Beekstraat en Refeling – die tezamen een tiendakkerdorp vormden met een gemeenschappelijke kerk. Vanaf 1300 werden de nederzettingen Nuenen en Gerwen als één geheel gezien. De oudste voorganger van de huidige Sint Clemenskerk in Gerwen is 14e-eeuws. Het dorp Nuenen kreeg in de 14e eeuw een eigen schepenbank. 25 Oorspronkelijk hadden Gerwen en Nuenen een agrarisch karakter, hoewel er sinds de late middeleeuwen ook enige industrie was in verband met de watermolens in de omgeving. Als gevolg van verdere industriële ontwikkeling in de 19e eeuw groeide de kern van Nuenen uit tot een intensief bebouwde nederzetting met bedrijvigheid, en centrale functies. Rullen ligt aan de oostrand van het aaneengesloten essencomplex ten noorden van Gerwen, op de overgang naar een klein beekdal dat in noordwestelijke richting zal hebben afgewaterd op de Dommel.

Mogelijk was dit dal in de late Middeleeuwen nog watervoerend, waardoor het een gunstige woonlocatie was. Ten oosten van Rullen lagen tot in de 19e eeuw uitgestrekte woeste gronden. Dit kan een aanwijzing zijn dat het gebied ten oosten van Rullen mogelijk wat later in cultuur is gebracht dan het gebied verder naar het westen. De buurtschap Rullen zelf bestaat uit een kleine cluster van boerderijen rond een kruispunt. De oudste boerderijen zijn alle van het zogenaamde Langgeveltype dat typerend is voor de kleinschalige gecombineerde woon- en agrarische bedrijfsvoeringfunctie in de 2e helft van de 19e eeuw in de Meierij.

19

Eimermann et al 2010; Schorn 2020.

20

Schorn 2020, zie ook Bazelmans/Thews 1990.

21

Kolen et al. 2005

22

Coenen 2000

23

Burnier 2008.

24

Burnier 2008.

25

Gemeente Nuenen 2018.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

25

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

Het was ook in die periode voormalige woeste gronden in cultuur werden gebracht door iets vermogende boeren, die zich een bakstenen huis konden veroorloven. Op de oudste gedetailleerde kaart van deze omgeving, de kadastrale minuut uit 1811-1832, is er in het plangebied al bebouwing zichtbaar (zie afbeelding 7 en 8), onder andere een voorganger van het huidige hoofdgebouw op nummer 7, en enkele bijgebouwen. De oorspronkelijke oorspronkelijke aanwijzende tafel Nuenen, Gerwen en Nederwetten, Noord Brabant, sectie B, blad 003 (OAT10110B003) heeft het gebouw en omliggend stuk land als Huis en Erf, met bouwland geregistreerd. De oorspronkelijke aanwijzende tafel Nuenen, Gerwen en Nederwetten, Noord Brabant, sectie B, blad 044 (OAT10110B044) laat zien dat de rest van het plangebied als weiland in gebruik was.

Afbeelding 7 Plangebied op de kadastrale minuut 1811-1832, Noord-Brabant, Nuenen, Gerwen en Nederwetten, Sectie B, Blad 03. Bron: Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

26

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

Afbeelding 8 Plangebied op de kadastrale minuut 1811-1832, Noord-Brabant, Nuenen, Gerwen en Nederwetten, Sectie B, Blad 01. Bron: Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

De opeenvolgende topografische kaarten (afbeelding 11-13)26 laten zien dat het ontstane beeld niet veel verandert tot in de jaren 50 van de 20e eeuw. Vanaf die tijd is het kleinschalige karakter (kleine percelen, beperkte bebouwing) rondom de buurtschap aangetast door de bouw van grote stallen en vergroting van de akkerbouwpercelen. In en nabij het plangebied zijn er twee boerderijen die nog op dezelfde plaats liggen als op de kadastrale minuut (zie afbeelding 7-10 en 13). De noordelijke boerderij, die deels binnen het plangebied ligt, is herbouwd in de jaren 50 (zie ook 4.2).27 De zuidelijk boerderij (1855), gelegen net buiten het huidige plangebied, dateert uit 1855. Deze boerderijen blijven volgens het stedebouwkundige plan buiten schot. Een deel van de oorspronkelijke voor deze omgeving kenmerkende oorspronkelijke percelering, zoals zichtbaar op kadastrale minuut, is nog aanwezig in en nabij het plangebied (zie afbeelding 9-10). Dit is slechts een klein deel van de oorspronkelijke fijnmazige percelering in deze omgeving (vergelijk afbeelding 7/8 en 9/10). De meeste nog aanwezig zijnde historische perceelsgrenzen worden gemarkeerd door bomenrijen; de zuidelijke perceelsgrens binnen het plangebied betreft een watergang.

26

De topografische kaart uit 1850 is niet afgebeeld omdat deze niet scherp genoeg is (gedigitaliseerd) in deze omgeving.

27

Bag-viewer

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

27

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

Afbeelding 9 In het plangebied aanwezige oorspronkelijke cultuurhistorische elementen op de topografische kaart. Bron: Vestigia.

Afbeelding 10 In het plangebied aanwezige oorspronkelijke cultuurhistorische elementen (luchtfoto). Bron: Vestigia.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

28

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

Afbeelding 11 Ligging plangebied op de topografische kaart uit 1900. Bron: Kadaster, Tijdreis over 200 jaar topografie.

Afbeelding 12 Ligging plangebied op de topografische kaart uit 1950. Bron: Kadaster, Tijdreis over 200 jaar topografie.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

29

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

Afbeelding 13 Ligging plangebied op de topografische kaart uit 2015. Bron: Kadaster, Tijdreis over 200 jaar topografie.

4.3

Cultuurhistorische landschappen en structuren

Op de vernieuwde Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) van de Provincie Noord-Brabant zijn de volgende gewaardeerde belangen van provinciaal belang in het plangebied afgebeeld: -

28

Cultuurhistorisch waardevol gebied / Cultuurhistorisch vlak (Provinciaal cultuurhistorisch belang), binnen het cultuurhistorisch landschap Groene Woud (CHW-code GW40): Broekgebied tussen Breugel en Nuenen. Het broekgebied tussen Breugel en Nuenen is een kleinschalig landschap met graslanden, broekbossen en geïsoleerde oude akkers. Het gebied bestaat uit laaggelegen broekgebieden met graslanden en loofbossen, geflankeerd door hogere gronden met kleine oude akkercomplexen. De graslanden hebben een kleinschalige strookvormige percelering; sommige percelen hebben perceelrandbegroeiing in de vorm van houtsingels of boomrijen. Veel perceelsscheidingen worden nog gemarkeerd door greppels en (resten van) houtsingels. In het gebied liggen veel zandpaden. Door de broekgebieden lopen de Breugelsche Beek en de Hooidonksche Beek. De percelering kan deels nog dateren uit de periode 1250-1500, toen delen van het gebied werden ontgonnen vanuit enkele verspreid gelegen hoeven. het gebied staan verschillende oude (langgevel)boerderijen. In de broekbossen zijn percelen met populieren op rabatten, aangelegd in de jaren '30 van de vorige eeuw. Hier en daar zijn restanten van hakhout. Bij de aanleg van het Wilhelminakanaal (1910-1923) is het gebied doorsneden. In het gebied staan verschillende oude (langgevel)boerderijen.

In de broekbossen zijn percelen met populieren op rabatten, aangelegd in de jaren '30 van de vorige eeuw. 28 Strategie: Planologische bescherming van de waarden/kenmerken. Waarden en kenmerken: De samenhang van de oude akkercomplexen met de percelering en de landschapselementen in het beekdal; De historische

https://www.brabant.nl/dossiers/dossiers-op-thema/cultuur/erfgoed-en-monumenten/cultuurhistorische-waarden-in-brabant/.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

30

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

-

-

boerderijen; De kleinschalige strookvormige percelering; De kleine akkercomplexen met bolle ligging en het esdek; De broekbossen; De bossen op rabatten; De populierenbossen; De zandpaden. Ontwikkelstrategie volgens de CHW: Planologische bescherming van de waarden/kenmerken. Archeologisch landschap: Dekzandeiland Tongelreep-Groote Aa, ALS-26. Landschap 26 ligt ten oosten en zuidoosten van Eindhoven en omvat het dal van de Kleine Dommel en Groote Aa van Nuenen tot voorbij Leende en het relatief hooggelegen dekzandlandschap ten westen hiervan. In het noorden is het dekzandeiland van Nuenen en het beekdal van de Hooidonkse beek bij dit landschap getrokken. De overgang van het dal van de Groote Aa naar het westelijk gelegen dekzandlandschap bestaat grotendeels uit oude bouwlanden. Westelijk van deze zone zijn uitgebreide stuifzandcomplexen aanwezig. Het dekzandeiland van Nuenen is vrijwel geheel met oude bouwlanden bedekt. 29 Ontwikkelstrategie: Het duurzaam en in samenhang behouden van het bodemarchief (o.a. door afstemming van het gemeentelijk archeologiebeleid). Cultuurhistorisch landschap: Groene Woud. Het Groene Woud is aangewezen als Nationaal Landschap. Kenmerkend is de opbouw van het gebied in beekdalen en dekzandplateaus en de inrichting die nauw gerelateerd is aan de terreingesteldheid.

Kleinschalige middeleeuwse ontginningslandschappen worden afgewisseld met uitgestrekte bossen, heidevelden, zandverstuivingen en jonge ontginningen. Specifieke elementen zijn laanstructuren, kastelen en buitenplaatsen en watermolens. Het Groene Woud is een zwak golvend landschap waar dekzandruggen, lager gelegen beekdalen en broekgebieden elkaar afwisselen. In het pleistoceen zijn door de wind zand- en leemlagen afgezet. In deze tijd ontstond ook de brede, west-oost lopende dekzandrug die wel bekend staat als de Midden-Brabantse rug. De rug vormde een belemmering voor de afwatering in noordelijke richting. Ten noorden van Son en Breugel stroomt de Dommel door deze rug. Na afloop van de laatste ijstijd, in het holoceen, ontstond het bekenstelsel zoals we dat nu kennen. De beken traden veelvuldig buiten hun oevers en zetten in de dalen een laag sediment af. In het holoceen ontstonden ook hier en daar kleine veengebieden. Op kleine schaal is veen gewonnen in de beekdalen en in dichtgegroeide vennen op de hogere gronden; Bewonings- en ontginningsgeschiedenis: In dit landschap is de mens al vanaf het paleolithicum aanwezig. Opvallend is de hoeveelheid vindplaatsen uit de Romeinse Tijd. Naast grafvelden en plaatsen waar bewoning uit deze periode aangetoond is, zijn er bijzondere vindplaatsen in de vorm van een pannenbakkerij en een pottenbakkerij.

Bijzonder zijn ook de rijke graven uit Esch waar uit zeven graven meer als tweehonderd grafgiften werden geborgen. Naast glas, aardewerk en metalen voorwerpen werd een barnstenen beeldje van Bacchus gevonden. De bewoningsgeschiedenis en de inrichting van het gebied zijn in hoge mate geënt op de natuurlijke terreingesteldheid. Vanouds waren de randen van de beekdalen en de dekzandruggen de meest geschikte plek voor bewoning. De beekdalen zelf en de uitgestrekte broekgebieden waren te nat om te wonen of om akkerbouw te bedrijven. In deze terreinen lagen de beemden; kleine, vaak strookvormige percelen weide- of hooiland, omgeven door houtsingels. Ontwikkelstrategie: Het behoud van de kleinschalige karakteristieken; Eisen stellen aan de uitbreidingen van dorpskernen; De economische dragers afstemmen op de cultuurhistorische identiteit van het Groene Woud; Het vergroten van de cultuurhistorische waardering door het vergroten van de beleving.

Deze waarden beslaan een groot gebied van het kenmerkende aaneengesloten essenlandschap ten noorden van Gerwen met kenmerkende blokverkaveling en verspreid liggende buurtschappen, waarvan Rullen er een is. Het plangebied ligt aan de oostrand van dit landschap. De weg de Hulkert vormde daarvan de oostelijke begrenzing. Het pad Rullen waarlangs verschillende Langgevelboerrijen rond een

29

https://www.brabant.nl/dossiers/dossiers-op-thema/cultuur/erfgoed-en-monumenten/cultuurhistorische-waarden-in-brabant/.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

31

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

klein centraal plein waren gelegen, vormde waarschijnlijk ook al lange tijd een van de structurerende elementen. Het plangebied bevindt zich verder volgens de Cultuurhistorische Hoofdstructuur De Peel (2004) in de het waardevolle cultuurlandschap het Dommeldal.30 Uit het rapport bij de Kaart Cultuurhistorische Hoofdstructuur De Peel is er voor de omgeving van het plangebied het volgende beschreven: “De bewoning ten noorden en westen van Nuenen heeft haar agrarische en landelijke karakter behouden, hetgeen eveneens goed herkenbaar is aan de nederzettingsvormen en architectuurhistorische waarden. In alle gevallen is bovendien nog sprake van een relatie met de historisch-landschappelijke context.” En: “Het gebied ten noorden en westen van Nuenen wordt nog steeds bepaald door een nederzettingspatroon met kleine dorpen (Nederwetten en Gerwen) en gehuchten (Heerendonk, Spekt, Stad van Gerwen, Nieuwe Dijk en Rullen), die ontstaan zijn uit laat-middeleeuwse hoeven. Al deze nederzettingen bezitten historisch-bouwkundige waarden die bijzonder zijn voor Peelland.” Ontwikkelingsrichtingen cultuurhistorie zoals genoemd in Cultuurhistorische Hoofdstructuur De Peel: -Algemeen: Ruimtelijke ontwikkelingen dienen hier in de eerste plaats uit te gaan van de talrijke differentiaties in historische functies en morfologie van het nederzettingspatroon.

-Algemeen: Bij alle ontwikkelingen -ruimtelijk, ecologisch en cultuurhistorisch (herstel en ontsluiting)dient er rekening mee te worden gehouden dat dit WCL deel uitmaakt van een veel groter natuur- en cultuurhistorisch geheel: het beekdallandschap van de Boven-Dommel. 4.4

Gebouwd erfgoed

Er bevinden zich 9 MIP-objecten binnen het plangebied, met name aan de westzijde van het plangebied , aan de Dolderseweg. Deze hebben alle een lokale bouwhistorische waarde.

bron_ID

belang

133505

133506

134532

134533

30

Invloed van nieuwe bouwen, zakelijk expressionis me Invloed van nieuwe bouwen, zakelijk expressionis me N.v.t.

omschrijvi typeCH_Object ng Bouwkunst; Landhuize kasteel, n buitenplaats

straat

Nr.

Dolderse weg

158 A-C

Dolderse weg

162 A

Dolderse weg

170 Theehuis

Dolderse weg

164 A-G

Badhuis

naam

Bouwkunst; gebouw, overig

Bouwkunst; overig

Zusterhuiz Bouwkunst; en kerkelijk gebouw

Kolen et al. 2005.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

32

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

135126

N.v.t.

135130

N.v.t.

135131

N.v.t.

135132

N.v.t.

135133

Dolderse weg Dolderse weg Dolderse weg Dolderse weg Dolderse weg

Psychiatris Bouwkunst; 158 che gebouw, overig inrichting Bouwkunst; 158 Villa woonhuis Bouwkunst; 160 Villa woonhuis Bouwkunst; 162 Villa woonhuis Bouwkunst; 164 Kantoor gebouw, overig

W.A. Hoeve W.A. Hoeve W.A. Hoeve W.A. Hoeve W.A. Hoeve

geen gemeentelijke monumenten, rijksmonumenten, complexen van provinciaal cultuurhistorisch belang of MIP-objecten binnen het plangebied. Direct ten oosten van het plangebied ligt MIP-object 101326, een karakteristieke Langgevelboerderij. De huidige bebouwing dateert uit de jaren 50 van de 20e eeuw (zie Kaart 4).31 Wel blijkt uit het historisch kaartmateriaal, met name de kadastrale minuut 1811-1832, dat de huidige boerderij aan de noordrand van het plangebied een voorganger heeft gehad (zie 4.2), mogelijk eveneens een Langgevelboerderij. Deze voorganger of bebouwing die daarmee samenhangt hebben mogelijk een oorsprong in de (vroege) Nieuwe Tijd en past als zodanig in de ontwikkeling van een buurtschap als Rullen, waar in de 19e eeuw oudere houten boerderijen geleidelijk werden vervangen door bakstenen exemplaren. Erf en oorspronkelijke bebouwing zouden zelfs terug kunnen gaan tot de LateMiddeleeuwen, maar de opeenvolgende nieuwbouw op het erf kan veel van de restanten van oudere voorgangers hebben uitgewist. 4.5

Conclusie en advies

De historisch-topografische studie maakt duidelijk dat in dit deel van het Dommeldal in de 20e eeuw schaal- en kavelvergroting heeft plaatsgevonden. De oorspronkelijke historische kleinschaligheid, zoals nog zichtbaar op 19e-eeuwse kaarten, gekenmerkt door de oude verkavelingsstructuur en kleinschalige boerenerven, is veelal verdwenen. De perceelsrandbegroeiing is op veel plaatsen gerooid; grote agrarische bedrijven kenmerken het landschap. Het landschap heeft daardoor een veel opener karakter dan in de 19de eeuw. Voor het plangebied en directe omgeving geldt dit ook: de kleine percelen zoals zichtbaar op de kadastrale minuut rondom Rullen, ook in het akkerlandgebied direct ten westen van het plangebied, zijn veelal verdwenen. De grote varkensstal en de machineloods binnen het plangebied, en de bedrijfspanden op de naastgelegen percelen, zijn kenmerkend voor de schaalvergroting die vanaf de jaren 50 heeft plaatsgevonden. De in het bestemmingplan genoemde Waarden Cultuurhistorie historische verkaveling en Cultuurhistorie historische akkerbouwcomplex zijn in het plangebied niet intact aanwezig. Wat betreft de bebouwing in en rondom het plangebied is er dus geen sprake meer van kleinschaligheid. Wat resteert aan cultuurhistorische waarden binnen het plangebied (Kaart 4, zie ook 4.2, afbeelding 910)? 1.

31

In en nabij het plangebied zijn er twee boerderijen die nog op dezelfde plaats liggen als hun voorgangers (mogelijke van het Langgeveltype). De noordelijke boererij, die deels binnen het

https://bagviewer.kadaster.nl/.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

33

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

2.

plangebied ligt, dateert uit de jaren 50 van de 20e eeuw. De zuidelijk boerderij, gelegen net buiten het huidige plangebied, dateert uit het midden van de 19e eeuw. Een gedetailleerde cultuurhistorische waardestelling van deze boerderijen is in de kader van het huidige project niet aan de orde: de twee boerderijen en hun directe omgeving zullen geen veranderingen ondergaan bij de herinrichting zoals voorgesteld in het stedebouwkundig plan. Delen van historische verkavelingsstructuur op en rond het plangebied zijn nog aanwezig in de vorm van enkele resterende karakteristieke perceelsgrenzen, fragmenten van de oorspronkelijke kleinschaligheid in deze omgeving. Deze verkavelingsstructuur hangt samen met de ontginningsgeschiedenis van het gebied, en met het essencomplex dat rond het plangebied wordt verwacht op basis van eerdere cultuurhistorische inventarisaties.

Geadviseerd wordt bij de keuze en de uiteindelijke inrichting van de locatie rekening te houden deze aanwezige cultuurhistorische restwaarden. Op basis van de resterende cultuurhistorische elementen gelden voor het plangebied de volgende richtlijnen/ontwikkelstrategieën, zoals weergegeven op Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) van de Provincie Noord-Brabant: - In algemene zin dient het behoud van de kleinschalige karakteristieken een belangrijke rol te spelen. - Het behoud van de nog bestaande samenhang van de oude akkercomplexen met de percelering, van de historische boerderijen, de kleinschalige strookvormige percelering, en de kleine akkercomplexen met bolle ligging en het esdek. - Het vergroten van de cultuurhistorische waardering door het vergroten van de beleving. Wat betreft de twee boerderijen in het kader van deze richtlijnen/ontwikkelstrategieën: hun resterende cultuurhistorische waarde, vooral gelegen in de contouren van de bebouwing, wordt niet geschaad omdat de boerderijen en hun erven niet betrokken worden bij deze ontwikkeling. Wat betreft de resterende karakteristieke perceelsgrenzen in het kader van deze richtlijnen/ontwikkelstrategieën: In de plannen dient rekening worden gehouden met (het behoud van de samenhang van) de nog bestaande historische percelering.

In het stedenbouwkundig plan blijft deze zichtbare historische percelering daarom behouden; ook wordt er gestreefd naar het terugbrengen van de vroegere kleinschaligheid (zie 1.1). Wat betreft de ondergrondse cultuurhistorische waarden van het essenlandschap: Gezien de activiteiten op het terrein sinds de jaren 50 van de 20e eeuw is het oorspronkelijke eerdek lokaal verstoord. Het is echter niet duidelijk waar en in welke mate. Geadviseerd wordt om door middel van een verkennend booronderzoek de mate van intactheid van het esdek te bepalen (zie advies archeologie 3.6).

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

34

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

Literatuur BAKKER, H. DE/J. SCHELLING, 1989: Systeem van bodemclassificatie voor Nederland. De hogere niveaus, Wageningen (Staring Centrum). BALL, E./R. JANSEN (ED.), 2018: Drieduizend jaar bewoningsgeschiedenis van oostelijk Noord-Brabant

Synthetiserend onderzoek naar locatiekeuze en bewoningsdynamiek tussen 1500 v.Chr. en 1500 n.Chr. op basis van archeologisch onderzoek in het Malta-tijdperk. Nederlandse Archeologische Rapporten 61. BAZELMANS, J./F. THEUWS, 1990: Tussen zes gehuchten; de laat-Romeinse en middeleeuwse bewoning van Geldrop-’t Zand, Amsterdam. BERENDSEN, H.J.A., 1997: Landschappelijk Nederland, Assen. BRANDHOF, VAN DEN , W. , 2010: Essche Stroom. Probleeminventarisatie Conventionele Explosieven. AVG Geoconsult, Heijen. BROUWER, F./M.M. VAN DER WERFF, 2012: Vergraven gronden: Inventarisatie van ‘diepe’ grondbewerkingen, ophogingen en afgravingen, Wageningen (Alterra-rapport 2336). BURNIER, C.Y., 2008: Locatie 'De Laar 76' te Gerwen, gemeente Nuenen, provincie Noord-Brabant, Jacobs en Burnier- RAPPORT 2007.162. CENTRAAL COLLEGE VAN DESKUNDIGEN ARCHEOLOGIE, 2018: Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.1, Gouda: http://sikb.nl/archeologie/richtlijnen/brl-4000. COENEN, J. 2000: Gegeven Sint-Barbaradag 1300. Een overzicht van de geschiedenis van Nuenen, Gerwen en Nederwetten, Nuenen. CORNELISSEN, W./F. DE LANG/N. NAGTEGAAL, 1987: Noordbrabantse plaatsnamen: Nuenen, Gerwen en Nederwetten (Monografie 2 uitgave Brabants Heem). EIMERMANN, E./B. BRUGMAN/S. NEDERPELT/R.M.

VAN HEERINGEN, 2010: Archeologische en cultuurhistorische inventarisatie Dommeldal Eindhoven en Urkhovense Zeggen, Amersfoort (Vestigia-rapport V688). GEMEENTE NUENEN, 2018: Bestemmingsplan Nuenen Zuidoost, NL.IMRO.0820.BPNuenenZuidoost-D001. HAARTSEN, A., 2009: Ontgonnen Verleden. Regiobeschrijvingen provincie Noord-Brabant. Bureau Lantschap. KOLEN, J./R. BERKVENS/H.A. HIDDINK ET AL., 2005: Biografie van Peelland: de cultuurhistorische hoofdstructuur (CHS) van Peelland: toelichting bij de kaart. Amsterdam, Zuidnederlandse archeologische rapporten, 13. RIJKSDIENST VOOR HET CULTUREEL ERFGOED, 2013: Cultuurhistorisch onderzoek in de vormgeving van de ruimtelijke ordening, Amersfoort. SCHORN, E.A., 2005: Plangebied Hool te Nuenen (gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten), Inventariserend archeologisch veldonderzoek Karterende fase, Den Bosch, BAAC - rapport 05.320. SCHORN, E.A., 2020: Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase (booronderzoek) Rullen (ten noorden van 13a) te Nuenen, Gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. KSP Archeologie-rapport. WESTERHOFF, W.E./T.E. WONG/E.F.J. DE MULDER, 2003: Opbouw van de ondergrond – Opbouw van het Neogeen en Kwartair, in: E.F.J. de Mulder/M.C. Geluk/I.L. Ritsema/W.E. Westerhoff/T.E. Wong (red.), De ondergrond van Nederland, Houten.

Digitale bronnen -

ACTUEEL HOOGTEBESTAND NEDERLAND: https://ahn.arcgisonline.nl/ahnviewer/ ARCHEOLOGISCH INFORMATIESYSTEEM (ARCHIS): https://archis.cultureelerfgoed.nl/#/login BEELDBANK RIJKSDIENST VOOR HET CULTUREEL ERFGOED: http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/ BODEMLOKET: http://www.bodemloket.nl/ BRABANTS HISTORISCH INFORMATIE CENTRUM (BHIC): https://www.bhic.nl/het-geheugen-van-brabant BRABANTSE WATERNAMEN: https://brabantse.waternamen.nl/rul/ DINOLOKET: https://www.dinoloket.nl/

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

35

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

-

-

GEHEUGEN VAN NEDERLAND: https://www.geheugenvannederland.nl/ KADASTER, BASISREGISTRATIES ADRESSEN EN GEBOUWEN (BAG): https://bagviewer.kadaster.nl/ KADASTER, TIJDREIS OVER 200 JAAR TOPOGRAFIE: http://topotijdreis.nl/ PROVINCIE NOORD-BRABANT, CULTUURHISTORISCHE WAARDENKAART: https://www.brabant.nl/dossiers/dossiers-op-thema/cultuur/erfgoed-enmonumenten/cultuurhistorische-waarden-in-brabant RIJKSMONUMENTENREGISTER: https://cultureelerfgoed.nl/monumentenregister RUIMTELIJKE PLANNEN: http://www.ruimtelijkeplannen.nl/web-roo/roo/ VERSTORINGSBRONNENKAART: https://archeologieinnederland.nl/verstoringsbronnenkaart

Bijlagen en kaarten Bijlage 1:

Overzicht van archeologische en geologische perioden

Kaart 1: Kaart 2a: Kaart 2b: Kaart 2c: Kaart 3: Kaart 4:

Ligging plangebied Natuurlijk landschap; geomorfologie Natuurlijk landschap; bodem Natuurlijk landschap; vergravingen Archeologie; inventarisatie Inventarisatie resterende cultuurhistorische elementen

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

36

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

37

V20-4342: Vooronderzoek in het kader van een herinrichting aan Rullen 7 te Gerwen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en een cultuurhistorische inventarisatie.

Bijlage 1

Overzicht van archeologische en geologische perioden

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V1932, definitief, versie 2.0, d.d. 29 maart 2021

38

KAART 1 - LIGGING PLANGEBIED LEGENDA

Plangebied

391000

Bebouwing Water

Overige topografie Snelweg

Hoofdweg 390500

Regionale weg

389000

389500

390000

Lokale weg

Gerwen

388000

388500

Project: Rapport: Datum: Bron:

V20-4342: BO Rullen 7 Gerwen V1932 Mei 2020 Top10NL, CC-BY Kadaster jan. 2019

Tekenaar: Schaal:

FvP 1:20.000 / A4

0 100 m 165000

165500

166000

166500

167000

167500

168000

168500

KAART 2A - NATUURLIJK LANDSCHAP, GEOMORFOLOGIE LEGENDA

B53

M53

Plangebied

M53

Bebouwing Water

Overige topografie

H42

B53 Dekzandrug

H42 Glooiing van beekdalzijde

L54

390000

M44

L51 Dekzandwelvingen

L54 Landduinen met bijbehorende vlakten en laagten

L51

H42

M44 Beek(dal)overstromingsvlakte M51 Dekzandvlakte

B53

M53 Vlakte van ten dele verspoelde dekzanden of löss

N51

N51 Laagte zonder randwal

N51

R23 Dalvormige laagte

389500

R23

B53

M53

389000

R23 M51

B53

B53

Project:

L51 M51

R23 166000

B53 166500

M51 167000

B53 167500

Rapport: Datum: Bron:

V20-4342: BO Rullen 7 Gerwen V1932 Mei 2020 Top10NL, CC-BY Kadaster jan. 2019

Tekenaar: Schaal:

FvP 1:10.000 / A4

0

100 m

KAART 2B - NATUURLIJK LANDSCHAP, BODEMKAART Hn21

zEZ21

LEGENDA

Plangebied

Zd21

Bebouwing Water

Hd21

Overige topografie

ììì ììì

pZg23

pZg23

Afgegraven voor delfstoffen

ëë ëë ëë ëëë

Depots

ììì ìì ìì ìì

Gemodificeerde natuur Vergravingen

390000

vWz

Bijzonderheden bovengrond

k.., Zavel- of klei-dek, 15 à 40 cm dik

bEZ21

vWz Moerige eerdgronden met een moerige bovengrond op zand

Zd21

EZg23

Hn21 Veldpodzolgronden; leemarm en zwak lemig fijn zand

cHn21 Laarpodzolgronden; leemarm en zwak lemig fijn zand

Hn21

Hd21 Haarpodzolgronden; leemarm en zwak lemig fijn zand

EZg23 Lage enkeerdgronden; lemig fijn zand

Hn21 389500

bEZ21 Hoge bruine enkeerdgronden; leemarm en zwak lemig fijn zand

zEZ21 Hoge zwarte enkeerdgronden; leemarm en zwak lemig fijn zand

pZg21 Beekeerdgronden; leemarm en zwak lemig fijn zand

zEZ21

pZg23 Beekeerdgronden; lemig fijn zand

kpZg21

Hn21

Zd21 Duinvaaggronden; leemarm en zwak lemig fijn zand

Project:

389000

Rapport: Datum: Bron: cHn21

|h BEBOUW

pZg21 166000

Tekenaar: Schaal:

EZg23 166500

0 167000

167500

V20-4342: BO Rullen 7 Gerwen V1932 Mei 2020 Top10NL, CC-BY Kadaster jan. 2019 Bodemkaart; PDOK juli 2017 FvP 1:10.000 / A4

100 m

KAART 2C - NATUURLIJK LANDSCHAP, VERGRAVINGEN LEGENDA

Plangebied

Bebouwing Water

Overige topografie

Stortplaats

Sport en recreatie Vergraven

389500

390000

Winning

389000

Project: Rapport: Datum: Bron:

V20-4342: BO Rullen 7 Gerwen V1932 Mei 2020 Top10NL, CC-BY Kadaster jan. 2019 Vergraven Gronden: Brouwer/van der Werff 2012

Tekenaar: Schaal:

FvP 1:10.000 / A4

0 166000

166500

167000

167500

100 m

KAART 3 - ARCHEOLOGIE LEGENDA

Plangebied

Bebouwing Water

2219005100

Overige topografie

Vondstlocaties (waarnemingen) Losse vondstlocatie

390000

Vondstlocatie gekoppeld aan onderzoek

Onderzoeken

Archeologisch: begeleiding

2042409100

Archeologisch: booronderzoek

389500

3123979100

Archeologisch: opgraving of proefsleuven

2100437100

2177153100

3229910100

2142833100

(2142833100)

Project:

389000

2192738100

Rapport: Datum: Bron:

2770073100 4685302100 2197436100

2286260100

4589764100

(2197436100) 2285580100 166000

166500

167000

2467863100 167500

Tekenaar: Schaal: 0

V20-4342: BO Rullen 7 Gerwen V1932 Mei 2020 Top10NL, CC-BY Kadaster jan. 2019 Onderzoeken, Vondstlocaties RCE december 2018 Monumenten, RCE juli 2014 FvP 1:10.000 / A4

100 m

(deels) historische boerderij (contour) hist. perceelsgrenzen plangebied hist. perceelsgrenzen buiten plangebied

Project:

V20-4342 BO Rullen Gerwen

Bron:

OpenTopo achtergrondkaart, CC-BY Ministerie van Veiligheid en Justitie Instituut Fysieke Veiligheid 2021

Vestigia BV Archeologie & Cultuurhistorie Spoorstraat 5 3811 MN Amersfoort Nederland Telefoon 033 277 92 00 E-mail info@vestigia.nl Website www.vestigia.nl K.v.K. Gooi- en Eemland 32078894

Erfgoedingenieurs

“Engineering the past, creating the future”

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11871511/1