2022-32 RV Bijlage 1 - WSD Jaarverslag en jaarrekening 2021
Tekst van het document
Instemming is verleend voor: • Afbouwen verlofstuwmeren als gevolg van de coronacrisis; • Beslispunten naar aanleiding van overgang naar CAO Aan de slag; • Aanstellen interne vertrouwenspersoon; • Georganiseerd vervoer bij extreme weersomstandigheden; • Aanstellen (nieuwe) externe vertrouwenspersoon; • Criteria beschrijving van nieuwe functies; • Medewerkers onderzoek 2022; • Regeling Beeldschermbrillen; • Fietsregeling Werkpartners; Advies is uitgebracht voor: • organisatieaanpassing SEZ i.v.m. pensionering directeur.
Jaarlijks stelt de ondernemingsraad een eigen jaarverslag op, waarin de activiteiten meer specifiek worden benoemd en uitgewerkt. Cliëntenraad De Wsw Cliëntenraad bestond in 2021 uit 7 personen die woonachtig zijn in de regio van WSD. De Wsw Cliëntenraad vertegenwoordigt de SW-medewerkers. Door de corona crisis is echter ook vergaderfrequentie minder geweest en aanwezigheid bij diverse vergaderingen in het gedrang gekomen. Veel gebeurde digitaal en dat geeft minder respons voor onze leden. Een delegatie van de Cliëntenraad is ook nog steeds digitaal aanwezig bij de vergaderingen van het Algemeen bestuur van WSD en waar nodig bij andere bijeenkomsten. Vertrouwenspersonen WSD wil graag dat iedereen kan werken in een veilige en prettige omgeving. Er kunnen zich desondanks situaties voordoen waarin medewerkers zich niet op een correcte manier behandeld voelen en waardoor zij belemmerd worden in hun functioneren. In eerste instantie is de direct leidinggevende de aangewezen persoon om voor een oplossing te zorgen. In die gevallen dat de leidinggevende geen oplossing kan bieden zijn er voor de medewerker onafhankelijke vertrouwenspersonen beschikbaar. Bij WSD zijn er vier vertrouwenspersonen Ongewenst Gedrag aangesteld, waarvan één externe. De 3 vertrouwenspersonen vanuit WSD zijn sinds 2019 ook benoemd als vertrouwenspersoon voor Werkpartners B.V.
en sinds 2020 zijn zij tevens benoemd tot vertrouwenspersonen integriteit. Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen (1) Er is één klacht binnen gekomen in 2021. Deze klacht is niet-ontvankelijk verklaard, maar hierin is door de klachtencommissie wel advies gegeven. Bezwaarschriftencommissie (0) De bezwaarschriftencommissie is een onafhankelijke commissie die is ingesteld om het Dagelijks bestuur te adviseren met betrekking tot de ingediende bezwaarschriften. In 2021 heeft de bezwaarschriftencommissie geen bezwaren behandeld.
59
2021
Klachtencommissie (0) De bezwaarschriftencommissie, die binnen WSD ook als klachtencommissie fungeert, heeft in 2021 geen klachten behandeld. Ontslagaanvragen, aanvraag ontslagadviezen (0) In 2021 zijn er geen ontslagvergunningen bij het UWV aangevraagd met betrekking tot een voorgenomen opzegging van de arbeidsovereenkomst als gevolg van langdurige arbeidsongeschiktheid.
60
Bezwaarschriften UWV (52) In 2021 zijn er 52 bezwaarschriften bij het UWV ingediend. Hierbij een overzicht per onderwerp: • Boetes: 1 • Compensatieregeling Transitievergoeding: 3 • Loonkostenvoordeel: 5 • Loonsanctie: 2 • Weener XL medewerkers: 19 • Ziektewet: 22 Het overgrote deel van de bezwaarschriften betreffen afwijzingen ZW ten aanzien van onze PW-ers (zowel Werkpartners als Weener XL) in verband met het niet invullen van een vragenlijst van het UWV door de medewerker. Deze problematiek is aangekaart bij het UWV, er is een pilot groep opgezet en sinds eind 2021 krijgen we hier eigenlijk helemaal geen afwijzingen meer over. Lijkt dus opgelost en gaan ervan uit dat de bezwaarschriften dit jaar qua aantal dus ook weer af zullen nemen. Ontbindingsverzoek kantonrechter (0) In 2021 zijn er geen ontbindingsverzoeken bij de kantonrechter ingediend. Security en AVG Als betrouwbare overheidsorganisatie wil WSD voldoen aan alle relevante wet en -regelgeving, zoals de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de Baseline informatiebeveiliging overheid (Bio). Daarnaast is de afhankelijkheid van ICT en betrouwbare informatie voor WSD steeds verder toegenomen. Tegelijkertijd is daarmee het afbreukrisico als gevolg van eventuele inbreuk op
systemen, informatie en gegevens, en persoonsgegevens in het bijzonder, groot. Tegenwoordig zijn hacks steeds meer aan de orde van de dag, zoals bij VDL, Albert Heijn, recentelijk bij MediaMarkt en ook bij onze collega-bedrijven Senzer en IJmond Werkt. Alle ICT-systemen worden dan wekenlang onbruikbaar en de herstelkosten zijn enorm.Uit onderzoek dat WSD heeft laten uitvoeren, blijkt dat er bij WSD twee zwakke plekken zijn. Zwakke en makkelijk te achterhalen wachtwoorden en het openen van phishing mails. In december 2020 hebben staf- en kadermedewerkers kennis kunnen maken met Nanolearning. Een methode om middels korte, bondige lesjes de betrokkenheid, bewustwording en kennis op het gebied van informatiebeveiliging en privacybescherming te vergroten. Uit onderzoek bleek dat de lessen voor velen toch te vrijblijvend waren en daardoor vaak (on)bewust niet gevolgd zijn. Dit is besproken in het MT. Het MT onderschrijft het essentieel belang van Nanolearning gelet op de toenemende risico’s op hacks, phishing etc. met daaruit voortvloeiende risico’s voor WSD. Besloten is daarom om Nanolearning opnieuw uit te rollen. De lessen zijn niet langer vrijblijvend en hebben een verplicht karakter. Tevens wordt deelname gemonitord. Bestuur en directie van WSD hebben hoge prioriteit gegeven aan een goede opzet van informatieveilig werken binnen WSD.
De eindverantwoordelijkheid voor het voldoen aan de AVG en de Bio ligt bij het Dagelijks bestuur en de Algemeen directeur van WSD. De feitelijke coördinatie en organisatie van het informatieveilig werken is belegd bij de permanente werkgroep privacy en security. De werkgroep kan indien noodzakelijk externe expertise inhuren. Bijvoorbeeld voor security check of om het bewustzijn rond AVG en security van de medewerkers van WSD te vergroten.
WSD Jaarverslag
61
2021
62
WSD Jaarverslag
4
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Risico-analyse Als onderdeel van de begrotingsronde wordt jaarlijks ten behoeve van de beoordeling van de financiële positie van WSD door het Algemeen bestuur een notitie Weerstandsvermogen opgesteld. De meest recente actualisering van deze notitie heeft begin 2021 plaatsgevonden.
werkers in 2025. Hiermee ligt er een financieel fundament onder deze plannen. En hoewel het landelijke speelveld van de Participatiewet (PW), inclusief de beschikbare macrobudgetten en de budgetverdeling instabiel is, is door de keuze van de gemeenten een belangrijk onderdeel van de grote onzekerheden voor WSD weggenomen.
Een expliciet voorbehoud wordt nu gemaakt voor de situatie dat de epidemie alsnog dusdanige vormen aanneemt dat van overheidswege ingrijpende maatregelen worden genomen die het maatschappelijk en economisch leven aan banden leggen.
Gepland was dat in 2020 de lokale plannen vorm zouden krijgen en invulling zouden geven aan de aard en omvang van de samenwerking tussen WSD en de gemeenten, en ook aan het expertisecentrum en de ontwikkeling van plusdiensten. Ondertussen wordt in de praktijk gestaag de samenwerking verder uitgebouwd en verstevigd. Elke gemeente kiest hiervoor in afstemming met WSD het eigen tempo en stelt eigen prioriteiten. Het streven volgens het koersplan was om einde 2024 het einddoel te bereiken. De samenwerking van gemeenten en WSD biedt dan een verbonden en excellente uitvoering aan participatie. De coronacrisis heeft dit proces vertraagd. Tegelijkertijd zijn een aantal andere ontwikkelingen zichtbaar, zoals bijvoorbeeld een nieuwe financiering van de loonkostensubsidie. De coronacrisis, de vertraagde oplevering van de lokale plannen en anticiperen op landelijke ontwikkelingen, zijn elementen die gebruikt worden om het break-evenscenario uit het koersdocument bij te stellen. Dit is uitgewerkt in het Stimulusprogramma dat in december 2020 het licht heeft gezien en in januari in het Dagelijks bestuur is vastgesteld als basis voor de begroting 2022 en de meerjarenraming. Dit Stimulusprogramma draagt bij aan het realiseren van de koers en het realiseren van een structureel sluitende begroting.
Koers WSD Het Algemeen bestuur van WSD heeft na een uitgebreide ambtelijke en bestuurlijke voorbereiding in juli 2020 de koers “Gezamenlijk doorontwikkelen” vastgesteld. Met het koersdocument is een jarenlange periode van experimenteren afgerond. De komende jaren staan in het teken van het in samenwerking met de gemeenten opzetten en uitvoeren van lokale plannen, het opzetten van een gezamenlijk expertisecentrum en van plusdiensten. Bestuur en gemeenten hebben gekozen voor het break even scenario met een volume van 2.100 doelgroepmede-
Landelijke ontwikkelingen in PW en Wsw De beperkte houdbaarheid van de Participatiewet en de behoefte aan nieuwe oplossingen begon zich in 2020 steeds sterker af te tekenen. Uit het rapport ‘Eindevaluatie van de Participatiewet’ dat het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) blijkt dat de wet nauwelijks heeft geleid tot een hogere baankans voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Verschillende oorzaken spelen volgens het SCP een rol. Gemeenten hebben te maken met opstartproblemen en beperkte middelen, financiële prikkels werken averechts. Fundamenteler is de kritiek waaruit
Bij het opstellen van de risico-inventarisatie begin 2020 werd de wereld net geconfronteerd met de coronaepidemie en bestond er nog geen idee van welke impact het virus uiteindelijk op de wereld, Nederland en WSD zou hebben. Bij de notitie 2020 is daarvoor toen een groot voorbehoud gemaakt. Nu (begin 2021) is de uiteindelijke afloop van deze crisis nog steeds onduidelijk. Er is sprake van een situatie waarin het virus in een golfbeweging in omvang toe- en weer afneemt. De verwachting is dat vaccinatie uiteindelijk zal leiden tot een terugkeer naar ‘het oude normaal’. Voor de risico-inschatting 2021 houden we rekening met een licht positief scenario. Hierbij starten we in de tweede helft met een herstelperiode van enkele jaren naar een relatief normale economische situatie.
63
2021
blijkt dat de aannames waarop de wet gebaseerd is niet kloppen: niet iedereen kan werken, de nieuwe wet blijkt allesbehalve een vereenvoudiging die efficiencywinst met zich meebrengt en een deel van de doelgroep blijkt simpelweg niet in beeld.
64
Eenzelfde beeld schetst het eindrapport van de Commissie Regulering van Werk (Commissie Borstlap): ‘In wat voor een land willen wij werken’. In het rapport wordt duidelijk gesteld dat betaald werk voor iedereen waardevol is, maar ook bereikbaar moet zijn. Het rapport benadrukt dat het onwenselijk is als het huidige systeem en de bestaande regels ertoe bijdragen dat grote groepen kwetsbare mensen werkloos thuiszitten of een onzeker baantje vervullen. Dat vraagt, volgens de commissie, de nodige investeringen in maatwerk en individuele begeleiding van degenen die de arbeidsmarkt niet op eigen kracht kunnen bereiken. Voor koepel Cedris is dit een aanleiding om te wijzen op de noodzaak voor extra ondersteuning en de toegevoegde waarde van sociale ontwikkelbedrijven zoals WSD. Tenslotte blijken de baten van werk voor de maatschappij aanzienlijk, ook financieel. Maart 2020 verscheen het onderzoek ‘De brede baten van werk’ van het Centraal Planbureau en het Sociaal en Cultureel Planbureau waaruit blijkt dat mensen met een arbeidsbeperking die werken minder vaak een beroep doen op de geestelijke gezondheidszorg en Wmo-ondersteuning. Ook daalt het risico op crimineel gedrag. Daarnaast zijn er aanzienlijke maatschappelijke besparingen op uitkeringen en voordelen van werk voor mensen, zoals zelfrespect en een verhoogd welbevinden.
De voordelen van werk voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt zijn groot, zowel voor de samenleving als mensen zelf. De rapporten hebben de tijd rijp gemaakt voor nieuwe initiatieven. Einde 2020 kwamen de Tweede Kamerleden René Peters (CDA) en Jasper van Dijk (SP) met een plan voor een landelijk dekkend netwerk van sociale ontwikkelbedrijven, een moderne vorm van de oude sociale werkplaats.
Vanuit de evaluatie van de Participatiewet is de staatssecretaris van SZW gestart met het Breed offensief. Meer dan 20 maatregelen zijn aangekondigd en liggen ter besluitvorming voor. Het gaat van het invoeren van een landelijk preferent administratief proces, aanpassen van de no-risk polis, aanvraagrecht op no-risk, tot betere informatie voor werkgevers etc. Ten gevolge van de val van het kabinet en de Tweede Kamerverkiezingen van maart 2021 is de besluitvorming nog steeds niet afgerond en deels controversieel verklaard. Een aantal van die maatregelen raken de financiering van gemeenten vanuit de Participatiewet. De bestaande wijze van financieren van gemeenten is een groot knelpunt in de PW. Belangrijk is dat er een nieuwe financiering komt die gemeenten stimuleert om meer mensen te plaatsen. Belangrijk bij een nieuwe financiering is dat gemeenten ook zeker weten dat ze de gerealiseerde banen met LKS structureel kunnen betalen, ongeacht de loonwaarde en de uitkeringsachtergrond van de doelgroep. Dit nieuwe verdeelmodel wordt op dit moment uitgewerkt. Een financieel knelpunt wordt door de nieuwe financiering van loonkostensubsidie opgelost. Door de opsplitsing van de budgetten voor bijstand (BUIG-budget) en het budget voor loonkostensubsidies (LKS). Dit laatste budget wordt dan volgens plannen in 2022 over de gemeenten verdeeld op basis van realisatie.
Aangezien de meeste WSD-gemeenten relatief veel mensen hebben geplaatst met LKS geeft dit een financieel voordeel. Niet alle landelijke financiële budgetten en verdeelsystemen zijn al goed uitgelijnd. Zo is de begeleidingsvergoeding structureel te laag en gaat mee in de verdeling van het gemeentefonds. Tot slot is de financiering van Participatiebanen met loonkostensubsidie structureel onvoldoende om de business case rond te krijgen. Door de invoering van de Wet arbeidsmarkt in balans per 1 januari 2020 zijn de kosten voor de gemeenten opgelopen met ca. 20% per arbeidsplaats PW. Naar verwachting is er per 1 juli aanstaande een CAO voor de Participatiewet. Of en in welke mate de
WSD Jaarverslag
loonkostenstijging ook gecompenseerd wordt vanuit het Rijk is nog onbekend. Belangrijkste conclusie en meest waarschijnlijke verwachting op dit moment is dat gemeenten vanaf 1 januari 2022 worden gefinancierd voor de loonkostensubsidies op basis van realisatie van gesubsidieerde banen. Daarmee ontstaat in elk geval een stimulans om banen te creëren. Aansluitend is een vergelijkbare aanpassing van het begeleidingsbudget voor Beschut werken in een ver gevorderd stadium. De begeleidingsvergoeding voor de nieuwe doelgroep banenafspraak is bij het ministerie nog in de ideeën fase. WSD gaat vanaf 2021 alvast investeren in nieuwe banen mede door inzet op het stimulusprogramma opdat als de regelgeving feitelijk wijzigt de WSD-trein al rijdt. Dankzij prudent beleid in het verleden is WSD ook in staat deze investering te doen zonder dat daarvoor gemeentelijke budgetten moeten worden ingezet. De exploitatie en het weerstandsvermogen van WSD zijn voldoende robuust om die investering te doen en toch onverwachte tegenvallers, zoals eventueel de coronacrisis op te vangen. Actualisering risicoanalyse: Tegen de bovengenoemde achtergrond vindt de vertaling van risico’s naar het weerstandsvermogen plaats door middel van het standaardmodel voor Sociale werkbedrijven zoals dat door Deloitte is ontwikkeld. Met behulp van dit model worden op een systematische wijze risico’s geïnventariseerd.
Het model houdt rekening met omzetrisico’s, investeringsrisico’s, conjunctuurgevoeligheid en specifieke risico’s. De specifieke risico’s van WSD hangen samen met wijzigingen in de financieringssystematiek. Het gaat om bezuinigingen op het budget, of ongedekt kostenstijgingen (b.v. als gevolg van de Wet arbeidsmarkt in balans) in de Wsw en de Participatiewet. Hierbij wordt rekening gehouden met de deelnemingen in de BV’s van WSD en het lidmaatschap en de samenwerking met de Schoonmaak Coöperatie. Vervolgens wordt berekend welke financiële buffer noodzakelijk is. In het rekenmodel wordt reke-
ning gehouden met tijden van hoog- en laagconjunctuur waarvoor een minimale en een maximale omvang van de financiële buffer wordt bepaald. Bij de interpretatie van de uitkomsten van het model is het belangrijk om te realiseren dat het Algemeen bestuur heeft besloten dat in het model geen rekening wordt gehouden met stelselwijzigingen: fundamentele wetswijzigingen die tot gevolg kunnen hebben dat de financieringssystematiek of doelgroep aantallen ingrijpend veranderen. Voor de bepaling van het benodigde weerstandsvermogen van WSD wordt onderscheid gemaakt in drie risicogroepen: Bedrijfsrisico’s van de gemeenschappelijke regeling Dit zijn risico’s die voorvloeien uit de bedrijfsmatige activiteiten van de verschillende afdelingen in de divisies Werk & Ontwikkeling en Participatie. Deze risico’s worden beïnvloed door enerzijds de marktrisico’s en anderzijds door de onzekere ontwikkeling van de omvang van het aantal plaatsingen en trajecten door gemeenten bij WSD. Daarnaast vloeien ook risico’s voort uit de ontwikkeling dat de stafafdeling SEZ zich steeds meer op de markt begeeft en haar dienstverlening aanbiedt op het gebied van ontzorging in het kader van de Participatiewet. Voorzieningen en de daarbij behorende risico’s worden buiten beschouwing gelaten. Deze risico’s (b.v.
dubieuze debiteuren) zijn individueel al tegen het licht gehouden, gekwantificeerd en afgedekt door een voorziening. Eveneens worden buiten beschouwing gelaten risico’s die afgedekt zijn middels verzekeringen, zoals het risico van bedrijfsaansprakelijkheid en ongevallen van medewerkers. Subsidierisico van de gemeenschappelijke regeling Dit betreft risico’s die WSD loopt als gevolg van de hoogte en verdeling van de rijksbijdrage SW en de budgetten voor beschut werken en banen met loonkostensubsidie, alsmede bovennormale stijgingen van de loonkosten (zoals b.v. in de PW is gebeurd met de invoering van de WAB, of het mogelijk afbouwen van fiscale maatregelen
65
2021
66
zoals het Loonkostenvoordeel). De budgetten voor de PW afgezet tegen de kostenstijgingen, maken het nog steeds moeilijk om de businesscase rond te krijgen. Dit blijkt ook uit de onderzoeken van Berenschot, Capel Advies en KplusV naar de kosten van de uitvoering van LKS-banen en nut en noodzaak van een detacheringsconstruct. Hier speelt het effect van de met de invoering van de Wab gepaard gaande stijging van de loonkosten met bijna 20% een grote rol. Een ander risico in de PW is het risico van het niet realiseren van het volume instroom. De WSDgemeenten hebben in het collectief een afspraak dat er in 2025 2.100 arbeidsplaatsen gerealiseerd worden. Mocht dit niet lukken en belandt WSD in een krimpscenario, dan is dat een fors risico. Het nieuwe besluit over de koers en het daarop aansluitende Stimulus programma zijn maatregelen om dit scenario te voorkomen. Bij de subsidierisico’s is aangenomen dat bij de berekening van de maximumvariant WSD in staat is om 50% van de budgetdaling in 3 jaar op te vangen. In de minimum variant wordt uitgegaan van 75% opvang door ombuigingen. Risico deelnemingen Dit zijn de risico’s die voortvloeien uit de private bedrijven van WSD: WSD Holding BV, WSD Participatie BV, Werkpartners BV en Werksupport BV en het lidmaatschap van WSD van De Schoonmaak Coöperatie U.A..
Bij het risico deelnemingen behoren ook de activiteiten die WSD voor de BV’s verricht in de vorm van (backoffice) dienstverlening. Stabiel beeld en heroverweging na realisatie lokale plannen Het bestuur heeft besloten om op basis van de lokale plannen te bezien wat de daaruit voortvloeiende investeringsbehoefte is. Daarvan uitgaande in combinatie met een hernieuwd risicoprofiel zal het benodigde weerstandsvermogen van WSD opnieuw worden vastgesteld. Dan wordt eveneens het bestaande dividendbeleid geëvalueerd en eventueel bijgesteld in lijn met de gewenste koers.
Uit de voorliggende risicoanalyse blijkt dat het totale risicoprofiel van WSD, ondanks de van effecten vanwege de coronacrisis, relatief stabiel is. Er is slechts sprake van kleine verschuivingen tussen de diverse risicogebieden. De toename van het bedrijfsrisico is een cumulatief (salderend) effect van de toename in risico’s dat klanten wegvallen en vervangende klanten moeilijker te verleiden zijn en de afname van de afhankelijkheid van enkele grote klanten in de totale klantenportefeuille. Relatieve afhankelijkheid van en aantal grote klanten leidt binnen het model tot een groter risico. De subsidierisico’s en deelnemingsrisico’s ondervinden geen gevolgen vanuit de coronacrisis. Het maximale weerstandsvermogen bedraagt € 17,5 miljoen. De minimumpositie voor de bedrijfsrisico’s is bepaald op € 10,7 miljoen. Kengetallen Het Besluit begroting en verantwoording (BBV, art.11) bepaalt dat voortaan een basis set van vijf financiële kengetallen moet worden opgenomen in de paragraaf ‘weerstandsvermogen en risicobeheersing’ van de begroting en jaarrekening. Het Ministerie van BZK heeft hiertoe in juli 2015 de ‘Regeling financiële kengetallen begroting en jaarrekening’ gepubliceerd.
De op te nemen kengetallen betreffen; schuldquota leningen, solvabiliteitsratio, grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit en duidelijk is dat deze primair gericht zijn op gemeenten en provincies en minder op organisaties als WSD. De voor WSD relevante kengetallen zijn onderstaand ten opzichte van vorig jaar en begroting opgenomen. Deze kengetallen maken het de leden van het Algemeen bestuur gemakkelijker om inzicht te krijgen in de financiële positie van WSD. Toelichting op de diverse kengetallen: 1. Netto schuldquote & de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van WSD ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Omdat bij leningen er
WSD Jaarverslag
Ontwikkeling van de kengetallen Kengetallen:
Jaarrekening 2020
Begroting 2021
Jaarrekening 2021
1.a. Netto schuldquote
-36,5%
n.v.t.
-35,5%
1.b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
-36,5%
n.v.t.
-35,5%
2. Solvabiliteitsratio
81,3%
n.v.t.
86,5%
3. Structurele exploitatieruimte
1,0%
-1,0%
0,5%
onzekerheid kan bestaan of ze allemaal terug worden betaald, wordt bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid gemaakt door het kengetal te berekenen, zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast. De wijze waarop de netto schuldquote gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden wordt berekend is gelijk aan de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgenomen. WSD heeft een zeer goede liquiditeitspositie en geen schulden uit hoofde van geldleningen wat resulteert in een negatieve schuldquote, hetgeen als positief wordt beoordeeld. 2. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin WSD in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van WSD bestaat uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Hoe hoger deze ratio, hoe groter de weerbaarheid van WSD.
3. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte WSD heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt thans het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken.
67
2021
5 6 68
Financiering
Onderhoudkapitaal-goederen
WSD is als decentrale overheidsorganisatie gehouden aan de Wet Financiering Decentrale Overheden en moet daarom verplicht Schatkistbankieren. De mogelijkheden om rendement te genereren met eigen vermogen (rente op uitgezette overtollige liquiditeiten) zijn ingeperkt doordat alle decentrale overheden verplicht zijn om hun overtollige (liquide) middelen aan te houden in de schatkist. Het woord ‘overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Op de bij de schatkist aangehouden middelen wordt momenteel geen minimale rente vergoed.
WSD heeft een aantal bedrijfsgebouwen in eigendom en dient deze dan ook zelf te onderhouden. Ultimo 2021 bedraagt de totale boekwaarde van de gebouwen, inclusief grond, terreinvoorzieningen en installaties € 3,1 miljoen. Dit zijn de enige kapitaalgoederen van WSD waarbij sprake is van onderhoudskosten van enige materiële omvang. Onderhoud van de gebouwen gebeurt op basis van een periodiek geactualiseerd meerjarenonderhoudsplan. Op basis van dat plan is sprake van een stabiel uitgavenpatroon en om die reden worden de onderhoudskosten jaarlijks uit de reguliere exploitatie voldaan en is een onderhoudsvoorziening niet noodzakelijk.
Los van de beperkingen vanuit de Wet Verplicht Schatkistbankieren is het financiële beleid van WSD, zoals vastgelegd in het door het Algemeen bestuur vastgestelde Treasurystatuut, sowieso erg prudent in de omgang met financiële middelen.
Parallel aan het proces om te komen tot en nieuwe koers voor WSD is in 2019 een nieuwe huisvestingsvisie opgesteld. De in 2019 vastgestelde koers voorziet in samenwerking van WSD en gemeenten waarbij de lokale situatie in het sociale domein wordt versterkt door de expertise van WSD. Wens is dat WSD voor inwoners zichtbaar lokaal aanwezig is in de gemeentelijke structuren. In 2020 zijn alle gemeenten aan de slag gegaan met hun lokale plan voor de uitwerking van de toekomstige samenwerkingsvorm. Mede op basis daarvan is medio 2021 een verkenning met betrekking tot de toekomst van het hoofdgebouw van WSD in Boxtel gemaakt. De uitdaging is om het gebouw in lijn te brengen met de koers van WSD enerzijds en de eisen van deze tijd anderzijds. Begin 2022 is door het DB een besluit genomen en een budget van € 4,6 miljoen beschikbaar gesteld voor de volledige transformatie van het hoofdgebouw van WSD. Hiervan wordt een derde geïnvesteerd in duurzaamheid zoals isolatie, verwarming en koeling met aardwarmte. De jaarlijkse huisvestingskosten zullen na de transormatie in eerste instantie met ca € 45.000 per jaar stijgen. Het gebouw zal dan voldoen aan de eisen die aan een modern bedrijfsgebouw worden gesteld. De ambitieuze planning voorziet in oplevering begin 2023.
Leningen WSD financiert alle activiteiten met eigen vermogen en hoeft daarvoor geen externe financieringsbronnen aan te wenden. Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Het Besluit Begroting en Verantwoording verbiedt, via de artikelen 44 en 49, om voor arbeids-gerelateerde verplichtingen met een vergelijkbaar volume een schuld of voorziening op te nemen op de balans. In de balans per ultimo 2021 is een bestemmingsreserve opgenomen voor een bedrag van € 2,6 miljoen voor de jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen. Het betreft de totale verplichting om bij ontbinding dan wel opheffing van de gemeenschappelijke regeling WSD te kunnen voldoen aan de verplichting om aan alle werknemers de opgebouwde en niet genoten vakantiedagen en vakantiegeld uit te kunnen betalen. Als gevolg van de coronacrisis zijn minder verlofdagen opgenomen dan voorgaande jaren. Als de noodzakelijke omvang van de reserve meer dan 10% afwijkt van de beschikbare reserve is een dotatie noodzakelijk. Bij een toets op de bandbreedte van 10% blijkt dat nu geen extra dotatie noodzakelijk is.
Na oplevering van de transformatie zal actualisering van het meerjarenonderhoudsplan met bijbehorende meerjarenonderhoudsbegroting plaatsvinden.
WSD Jaarverslag
7 8
Rechtmatigheid
Het Algemeen bestuur heeft het controleprotocol, het normenkader en de toleranties, alsmede de bijgestelde Financiële verordening ex art. 212 gemeentewet vastgesteld. Jaarlijks wordt beoordeeld in hoeverre actualisering van deze kaders aanpassing behoeven wegens relevante wijzigingen in wet- en regelgeving. De door het bestuur vastgestelde fouttolerantie is 1% en de onzekerheidstolerantie 3%. Bij het uit de resultatenrekening blijkend totaal aan lasten van WSD over 2021 van € 69,2 miljoen bedraagt de goedkeuringstolerantie € 692.000. De rapporteringgrens ligt op 20% hiervan, zijnde € 138.400 De interne rechtmatigheidcontrole maakt onderdeel uit van het interne controleprogramma WSD in Control. Het interne controleprogramma voorziet in periodieke interne controlewerkzaamheden door de lijn- en stafafdelingen met betrekking tot alle materiële processen. Hieruit zijn geen onrechtmatigheden naar voren gekomen. Vanuit de centrale afdeling Concern Control zijn audits uitgevoerd op de kwaliteit van de uitgevoerde interne controles. Bevindingen zijn teruggelegd in de organisatie en de herstelacties zijn gemonitord. Naast de uitgevoerde audits op processen is voor een aantal specifieke balansposten de rechtmatigheid van de mutaties achteraf vastgesteld. Begrotingsrechtmatigheid WSD onderscheidt 1 programma, te weten de uitvoering van de Participatiewet.
Op programmaniveau zijn de totale lasten hoger dan begroot circa € 4,7 miljoen. De conclusies vanuit het programma ‘WSD in Control’ zijn vastgelegd in een eindrapportage die ter kennisname wordt voorgelegd aan het Algemeen bestuur in haar vergadering van 13 juli 2022.
Verbonden partijen Organigram WSD-Groep In het organigram op de volgende pagina is de organisatie van WSD inclusief verbonden partijen weergegeven per 31 december 2021. De organisatiestructuur is gebaseerd op twee grote bedrijfsonderdelen: Participatie en Werk & Ontwikkeling. De divisie Participatie is vooral gericht op de levering van maatwerk richting gemeenten. Onder de Participatiewet hebben de gemeente de regie op de keuzes voor welke beleidsterreinen (Jeugd, WMO, Participatie, …) zij van belang achten, welke concrete doelen er gesteld worden, wie de uitvoering voor zijn rekening neemt en hoeveel budget er beschikbaar is. Dit vraagt om maatwerk van de zijde van WSD waarbij continue innovatie van dienstverlening en ketensamenwerking, profilering richting bestuur, raden en ambtelijke professionals en het borgen van de financiering van groot belang zijn. De divisie Werk & Ontwikkeling focust zich volledig op de uitvoering. Daarom zijn alle werk-gerelateerde activiteiten binnen deze divisie gebundeld. Arbeidsontwikkeling in lijn met de wensen van de gemeenten, ontwikkeling van de werkportfolio en het commercieel slim en efficiënt inzetten van de arbeidsvermogens van alle doelgroepmedewerkers.
69
2021
Organigram WSD-Groep
deelnemende gemeenten
algemeen bestuur GR
dagelijks bestuur GR
algemeen directeur
adviseur
Stichting Blizo
WSD Holding bv
Werkpartners bv
Werksupport bv
RvC
70
Sociale & Economische Zaken
Innovatie & Projecten
WSD Participatie bv
Het Goed Dommeldal bv (49%) Participatie
Werk & Ontwikkeling
De Schoonmaak Coöperatie ua
RvC
WSD Jaarverslag
Verbonden entiteiten Hieronder volgt een nadere toelichting op de verbonden partijen die vallen onder de invloed van het bestuur van WSD. Stichting Blizo De Stichting Blizo-werkgemeenschap, gevestigd te Vught, is opgericht op 9 november 1971. Het doel is het bevorderen van de deelname van visueel en anderszins beperkten aan het maatschappelijk economisch productieproces, onder andere door het verschaffen van aangepast werk. In 1994 is een samenwerkingsovereenkomst gesloten met de gemeenschappelijke regeling WSD en in 1999 is een nieuwe overeenkomst gesloten waarin is opgenomen dat het bestuur van WSD en het bestuur van Blizo een personele unie vormen. In de loop der jaren zijn de activiteiten van Blizo en WSD steeds meer verweven geraakt wat in 1998 heeft geleid tot een vereenvoudiging van de administratieve processen rondom Blizo door enkel de kernactiviteiten van de stichting bij Blizo vast te leggen en de reguliere productieprocessen bij WSD. De financiële positie van Blizo is goed en hieruit vloeien vooralsnog geen risico’s voort zoals onderstaande cijfers illustreren: Eigen vermogen ultimo 2020 Prognose eigen vermogen ultimo 2021 (voor resultaatbestemming) Prognose gerealiseerd resultaat 2021 (positief)
€ 1.592.000 € 1.618.000 €
26.000
Private structuur onder de gemeenschappelijke regeling WSD is vàn en vóór de gemeenten van de gemeenschappelijke regeling. WSD biedt haar diensten aan voor alle inwoners. WSD profileert zich hierbij als gemeenschappelijke regeling en dus als (publiek) verlengstuk van de gemeenten. WSD streeft naar duurzame partnerships met onder andere UWV Werkbedrijf en regionale private bedrijven. Dit in nauwe samenwerking met Werkpleinen en gemeenten. WSD kiest er bij voorkeur niet voor om deelnemer/mede-eigenaar te worden van private bedrijven, tenzij noodzakelijk uit strategische overweging.
De invoering van de Participatiewet per 1 januari 2015 en de strategische keuzes die het bestuur en de deelnemende gemeenten komende jaren maken, vormen voor WSD het kader voor de nieuwe strategie. Daarop anticiperend heeft eind 2014 een beperkte juridische herstructurering plaatsgevonden binnen de private structuur. Hieronder wordt de huidige private structuur onder WSD op 31 december 2021 beschreven. WSD Holding B.V. WSD Holding B.V., gevestigd te Boxtel is per 24 maart 2003 opgericht met als doelstelling het oprichten en verwerven van, het deelnemen in, het samenwerken met en het voeren van de directie over andere ondernemingen, alsmede het (doen) financieren, ook door middel van het stellen van zekerheden, van andere ondernemingen, met name van die waarmee de vennootschap in een groep is verbonden. Kortom WSD Holding B.V. is een houdstermaatschappij die zelf geen activiteiten uitvoert, maar wel beleidsinvloed heeft op de dochterwerkmaatschappijen. De aandelen zijn voor 100% in handen van de gemeenschappelijke regeling WSD. De (geconsolideerde) financiële positie van WSD Holding B.V. is goed en hieruit vloeien vooralsnog geen risico’s voort zoals onderstaande (voorlopige) cijfers illustreren: Eigen vermogen ultimo 2020 Prognose eigen vermogen ultimo 2021 (na resultaatbestemming) Prognose gerealiseerd resultaat 2021 (positief)
€ 2.206.180 € 2.523.550 €
317.370
Werkpartners B.V. Werkpartners B.V., gevestigd te Boxtel, is voortgekomen uit de juridische omvorming per 1 januari 2015 van WSD Personeelsbeheer B.V.. WSD Personeelsbeheer B.V. gevestigd te Boxtel, is opgericht op 16 december 2003 met als doelstelling het tegen vergoeding detacheren van gesubsidieerd en niet-gesubsidieerd personeel naar WSD en haar B.V.’s. Werkpartners wordt in toenemende mate ingeschakeld bij het bieden van aangepaste arbeid voor mensen met
71
2021
een afstand tot de arbeidsmarkt en wordt daarnaast ook ingezet worden bij de detachering van niet-gesubsidieerd personeel naar WSD, naar de deelnemende gemeenten en naar derden. De aandelen van Werkpartners B.V. zijn voor 100% in handen van WSD Holding B.V.
72
Werksupport B.V. Werksupport B.V., gevestigd te Boxtel, is sinds 1 januari 2015 ingericht om op te treden als organisatie die invulling kan geven aan het werkgeverschap voor de doelgroep Participatiewet in een uitzendconstructie (toepassing CAO A.B.U.). Werksupport B.V. is voortgekomen uit de juridische omvorming van WSD In Werk B.V.. WSD In Werk B.V., gevestigd te Boxtel, is opgericht op 16 december 2003 met als doelstelling het uitvoeren van re-integratiediensten ten behoeve van de arbeidsmarkt in de meest ruime zin. Momenteel vinden er geen activiteiten plaats. De toekomst zal duidelijk maken in welke mate werkgevers gebruik maken van de dienstverlening door Werksupport B.V. in het kader van de uitvoering van de Participatiewet. De aandelen van Werksupport B.V. zijn voor 100% in handen van WSD Holding B.V. WSD Participatie B.V. WSD Participatie B.V., gevestigd te Boxtel, is opgericht per 31 maart 2010 met als doelstelling het ontwikkelen c.q. bieden van passende werkgelegenheid, oprichten en verwerven van, het deelnemen in, het samenwerken met, het besturen van, alsmede het (doen) financieren van ook door middel van het stellen van zekerheden, van andere ondernemingen. Kortom WSD Participatie B.V. is een participatiemaatschappij die zelf geen activiteiten uitvoert, tenzij door het uitoefenen van aandeelhoudersrechten in ondernemingen waarin wordt deelgenomen.
De aandelen van WSD Participatie B.V. zijn voor 100% in handen van WSD Holding B.V. Het Goed Dommeldal B.V. Het Goed Dommeldal B.V., statutair gevestigd te Emmeloord, is opgericht in mei 2010 door Het Goed Participatie B.V. (51%) en WSD Participatie B.V. (49%) met als doelstelling de exploitatie van een kringloopbedrijf. In het bijzonder de optimalisering van de inzameling en het hergebruik
van grof huishoudelijk afval en textiel, het scheppen van betaalde werkgelegenheid en mogelijkheden voor mensen met een grote achterstand op de arbeidsmarkt waaronder in het kader van de Wsw, het samenwerken met, het deelnemen in, het overnemen van en het besturen van andere vennootschappen en ondernemingen, het (doen) financieren, ook door middel van het stellen van zekerheden, van andere ondernemingen. WSD Participatie B.V. heeft een minderheidsbelang in Het Goed Dommeldal B.V. maar heeft middels statutair vastgelegde afspraken een beslissende stem op een aantal specifiek benoemde terreinen (onder andere benoeming en ontslag bestuurder en toezicht onderneming). Het Goed Dommeldal B.V. heeft per ultimo 2021 vier vestigingen in respectievelijk Best, Boxtel, Nuenen en Schijndel. De Schoonmaak Coöperatie U.A. De Schoonmaak Coöperatie U.A, statutair gevestigd te Boxtel, is opgericht in november 2012 door drie leden; WSD Holding B.V., Bossche Banen B.V. en BEPRO B.V.. In het licht van de nieuwe aanbestedingswet is de juridische structuur van De Schoonmaak Coöperatie heroverwogen en hebben de SW-bedrijven het lidmaatschap van de oprichters overgenomen per 31 december 2013. Dat betekent dat per die datum de gemeenschappelijke regeling WSD als lid deelneemt in De Schoonmaak Coöperatie.
De drie algemeen directeuren van Diamant-groep, Weener XL en WSD vormen samen de Raad van commissarissen van De Schoonmaak Coöperatie. Doelstelling van De Schoonmaak Coöperatie is het faciliteren en creëren van werkplekken voor personen met een afstand tot de arbeidsmarkt in een leer-werkbedrijf gericht op onder meer schoonmaak. De Schoonmaak Coöperatie is gevestigd in een deel van het pand van Blizo aan de Kettingweg in Vught. De Schoonmaak Coöperatie heeft de uitvoering van de schoonmaak-contracten van WSD, Weener XL en Diamant-groep overgenomen sinds 2012. Daartoe zijn en worden doelgroepmedewerkers waarvoor schoonmaak een passende werksoort is gedetacheerd vanuit WSD bij De Schoonmaak Coöperatie. Vanuit WSDGroep zijn daarnaast 8 niet-gesubsidieerde medewerkers gedetacheerd bij De Schoonmaak Coöperatie in staf- en
WSD Jaarverslag
kaderfuncties en zijn afspraken gemaakt over dienstverlening door WSD op het gebied van juridische zaken en PR en communicatie. De financiële positie van De Schoonmaak Coöperatie U.A. is goed en hieruit vloeien vooralsnog geen risico’s voort zoals onderstaande cijfers illustreren: Eigen vermogen ultimo 2020 (na resultaatbestemming) Eigen vermogen ultimo 2021 (voor resultaatbestemming) Voorlopig gerealiseerd resultaat: 2021 (positief)
€
1.807.000
€
1.281.000
€
145.000
Stichting AANtWERK WSD is één van de initiatiefnemers van Stichting AANtWERK. Stichting AANtWERK, statutair gevestigd in Boxtel, is opgericht op 26 maart 2013. Stichting AANtWERK heeft als doel een platform te bieden voor ondernemers welke zich mede ten doel stellen maatschappelijk verantwoord te ondernemen. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en bedrijven in het kader van uitwisselingen, welke door de stichting worden geïnitieerd, met elkaar in contact te brengen en aan elkaar te binden. De financiële omvang van de stichting is zeer beperkt (totale exploitatie bedraagt minder dan € 150.000) en hieruit vloeien geen risico’s voort voor WSD-groep.
73
74
Jaarrekening
2021 75
2021
Balans WSD per 31 december
Bedragen x € 1000,-
ACTIVA
2021
2020
PASSIVA
2021
2020
Vaste activa Eigen vermogen Materiële vaste activa 5.152 5.398 Algemene reserve 10.277 14.664 Financiële vaste activa Bestemmingsreserves 16.808 11.279 Kapitaalverstrekkingen 383 383 Gerealiseerde resultaat 2.672 4.218 Totaal 5.535 5.781 Totaal 29.757 30.161
76
Vlottende activa Voorzieningen Grond- en hulpstoffen 136 84 Voorziening wachtgeld Uitzettingen 26.722 28.886 Liquide middelen 426 453 Overlopende activa 1.570 1.913 Vlottende passiva Totaal 28.854 31.336 Crediteuren Overige schulden
16
16
2.853 1.569
3.953 2.667
Totaal
4.422
6.620
194
320
34.389
37.117
Overlopende passiva Overlopende passiva
Totaal generaal
34.389
37.117
Totaal generaal
WSD Jaarrekening
Overzicht van baten en lasten WSD
Bedragen x € 1000,-
Omschrijving
2021
begroot 2021
2020
Bedrijfsresultaat Bedrijfsopbrengsten Af: Grond-,hulpstoffen en uitbesteed werk Toegevoegde waarde Overige bedrijfsopbrengsten Baten
24.128 -6.247 17.881 4.378 22.259
22.132 -4.293 17.839 4.711 22.550
22.971 -6.148 16.823 3.831 20.654
Salariskosten Niet Gesubsidieerde Arbeid Afschrijvingen Overige bedrijfskosten Lasten
15.208 917 4.989 21.114
15.190 991 4.288 20.469
14.055 921 4.463 19.439
Totaal bedrijfsresultaat
1.145
2.081
1.215
Subsidieresultaat SW Ontvangen rijksbijdrage Af: Personeelskosten SW en ov. uitvoeringskosten Resultaat rijksbijdrage Bijdrage gemeente Totaal subsidieresultaat SW
33.304 -34.475 -1.171 231 -940
32.348 -34.254 -1.906 231 -1.675
34.022 -35.782 -1.760 229 -1.531
Subsidieresultaat PW Ontvangen begeleidingsfee Af: Personeelskosten PW ov. Uitvoeringskosten
2.981 -4.863
2.943 -5.320
2.702 -3.690
Totaal subsidieresultaat PW
-1.882
-2.377
-988
Begeleid werken Rijksbijdrage begeleid werken Af: Uitvoeringskosten begeleid werken Totaal resultaat Begeleid Werken
2.704 -671 2.033
2.007 -622 1.385
2.614 -697 1.917
910 -85 825
0 0 0
2.847 -256 2.591
Incidentele lasten, baten
-1.584
13
-972
Gerealiseerde resultaat vóór bestemming
-403
-573
2.232
Dotaties reserves Onttrekking reserves
-4.545 7.620
-439 1.259
-3.938 5.924
Gerealiseerde resultaat na bestemming
2.672
247
4.218
Ontvangen compensatie impact corona Af: storting naar De Schoonmaak Coöperatie Totaal ontvangen compensatie
77
2021
Grondslagen van de financiële verslaglegging Inleiding
inkoopprijs worden als bedrijfsresultaat verantwoord. Het onderhanden werk wordt gewaardeerd tegen de verwachte Onderstaande samenvatting van de grondslagen, waarop de financiële verslaggeving is gebaseerd, is bedoeld als leidraad voor opbrengstwaarde. Een voorziening voor incourante voorraden is getroffen. Jaareinde wordt de voorziening getoetst op toereikendheid. een juiste interpretatie van de financiële overzichten. Voor de verslaglegging zijn de wettelijke richtlijnen, zoals vastgesteld in het Besluit Begroting en Verantwoording (afgekort BBV), in acht genomen. Volgens het verplichte model zou binnen de resultatenrekening een kolom “wijziging begroting“ opgenomen dienen te worden. De aan de provincie afgegeven begroting wijkt in totaliteit echter niet af van de gehanteerde begroting, derhalve is deze kolom niet opgenomen.
78
Met het oog op de invoering van de Participatiewet in 2015 zijn WSD en gemeenten al in 2014 een gezamenlijk traject gestart om te komen tot een nieuwe koers voor WSD en gemeenten. Na een gedegen voorbereiding heeft het bestuur van WSD, na raadpleging van alle raden en colleges, haar goedkeuring gegeven aan het rapport Gezamenlijk doorontwikkelen waarmee de nieuwe koers is vastgesteld. Een verdere uitwerking vindt plaats in lokale plannen. Gezamenlijke ambitie is de groei naar 2.100 personen vanuit de doelgroep werkzaam bij of via WSD ultimo 2025. De gemeenschappelijke regeling staat als fundament voor de toekomst niet ter discussie. Op grond hiervan is WSD van mening dat de jaarrekening terecht is opgesteld op basis van continuïteitsgrondslagen. De gemeenten in de GR zijn “eigenaar” en hebben belang bij het optimaal inrichten van de uitvoeringsketen van de Participatiewet waarbij de beperktere middelen zo breed mogelijk worden ingezet.
Balans
Uitzettingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voor de verwachte oninbare uitzettingen is een voorziening getroffen. Jaareinde wordt de voorziening getoetst op toereikendheid. Liquide middelen De liquide middelen zijn tegen nominale waarde opgenomen. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit: • Algemene reserve: De algemene reserve wordt gevormd uit de resultaten uit voorgaande jaren voor zover door het Algemeen bestuur daar geen specifieke bestemming aan is gegeven. Deze dient als algehele buffer om toekomstige tegenvallers te kunnen opvangen. • Bestemmingsreserves: De bestemmingsreserves zijn gevormd uit de voordelige exploitatieresultaten van voorgaande jaren. De bestemmingen zijn in het belang van de uitvoering van de sociale werkvoorziening gegeven door het Algemeen bestuur. In 2021 heeft een “dividend” uitkering plaats gevonden in de vorm van een tegoed die de gemeenten hebben. Dit tegoed is gestort in de bestemmingsreserve ten last van het resultaat 2020.
• Gerealiseerde resultaat: Dit betreft het gerealiseerde resultaat van het verslagjaar waaraan door het Algemeen bestuur nog Materiële vaste activa geen expliciete bestemming is gegeven in het belang van de De waardering van de vaste activa is gebaseerd op de historische kostwetsuitvoering. Deze bestemming dient te worden gegeven in prijs c.q. aanschafprijs verminderd met de lineaire afschrijvingen. het jaar na het jaar waarin het voordelige gerealiseerde resultaat Met uitzondering van gronden vindt afschrijving plaats op basis van is behaald. een vast percentage van de historische aanschafprijs. Op grond wordt niet afgeschreven. Voor de afschrijving op investeringen die samenVoorzieningen hangen met de aanwending van de bestemmingsreserves vinden De voorzieningen vloeien in het algemeen voort uit toepassing van onttrekkingen aan die reserves plaats. het voorzichtigheidsbeginsel en zijn geregeld in art 44 van het BBV. Volgens dit artikel worden voorzieningen gevormd voor: De afschrijvingstermijnen bedragen: • Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansVoorzieningen aan: datum onzeker is, doch redelijkerwijs is te schatten.
Terreinen maximaal 27 jaar • Kosten welke in een volgend begrotingsjaar zullen worden Gebouwen maximaal 40 jaar gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong vindt Installaties maximaal 20 jaar in het boekjaar of in een voorafgaand boekjaar en de voorzieMachines maximaal 15 jaar ning strekt tot kostenegalisatie. • Bestaande risico’s op balansdatum met betrekking tot Overige: verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs Inventarissen maximaal 20 jaar te schatten is. Daarnaast is een inschatting gemaakt van de Vervoermiddelen maximaal 10 jaar risico’s bij klanten die of in een branche werkzaam zijn die het nu in coronatijd moeilijk hebben en klanten die vanwege Financiële vaste activa corona maatregelen slecht of niet betalen. Waardering vindt plaats op basis van de nominale waarde c.q. aanschafwaarde. Afschrijving vindt niet plaats. Kortlopende schulden De kortlopende schulden worden gewaardeerd tegen de nominale Voorraden waarde. Deze verplichtingen omvatten de binnen één jaar vervalDe grond- en hulpstoffen worden gewaardeerd tegen standaard lende schulden. verrekenprijzen gebaseerd op de gemiddelde betaalde inkoopprijs. Waarderingsverschillen tussen standaard verrekenprijs en betaalde
WSD Jaarrekening
Niet uit de balans blijkende verplichtingen Hieronder zijn begrepen verplichtingen, die voortvloeien uit contracten met een looptijd van langer dan een jaar (aangegane investeringsverplichtingen e.d.) alsmede mogelijke claims.
Overzicht van baten en lasten
Het overzicht van baten en lasten bestaat uit een programma en wel de uitvoering van de Participatiewet. Bedrijfsopbrengsten Bedrijfsopbrengst is de opbrengst van aan derden geleverde goederen en diensten exclusief de over de opbrengst geheven belastingen en onder aftrek van kortingen. Grond- en hulpstoffenverbruik en kosten van derden en uitbesteed werk De kosten van grond- en hulpstoffen worden berekend op basis van vaste verrekenprijzen, die de inkoopprijs benaderen. Resultaten op deze post worden in het jaar verantwoord. Overige bedrijfsopbrengsten Hieronder is opgenomen de dienstverlening aan derden , inkomsten uit re-integratie activiteiten en overige opbrengsten. Salariskosten niet gesubsidieerde arbeid Hieronder wordt verstaan de over het jaar verschuldigde salarissen, het betaalde vakantiegeld en de daarmee samenhangende sociale lasten en pensioenpremie en de overige salariskosten van de (deels extern ingehuurde) medewerkers die een ambtelijk (volgende) cao hebben. Mede zijn hierin begrepen de vergoedingen gebaseerd op wachtgeldverordening alsmede onder andere studie- en aanstellingskosten.
vereniging ontvangen uitkeringen op grond van de Ziektewet en het opgebouwde recht op de premiekorting lage inkomensvoordeel (LIV). Eveneens is de ontvangen subsidie praktijkleren in mindering gebracht. Ook zijn onder dit hoofd opgenomen de overige kosten SW-werknemers. Onder de overige kosten SW-medewerkers zijn o.a. begrepen de kosten van vervoer inzake woon- werkverkeer minus de eigen bijdrage, de kosten van de bedrijfsgezondheidsdienst, de kosten van voorlichting en vorming alsmede lasten wegens bijzondere voorzieningen ten be-hoeve van de medewerkers. Onder de personeelskosten van de Participatiewetters wordt verstaan het bruto bedrag van de uitbetaalde lonen, inclusief vakantiegeld aan Participatiewetters en vermeerderd met de verschuldigde werkgeverslasten, zoals ZVW - WIA en WW - premies. Met de komst van de CAO Aan de Slag vindt er ook pensioenopbouw plaats voor deze doelgroepmedewerkers. In mindering zijn gebracht de van de gemeenten ontvangen loonkostensubsudies en in het kalender-jaar van het UWV ontvangen ziekengelden op basis van de Ziektewet en de registratie in het doelgroepenregister zorgt voor een no-risk voor deze doelgroepen. Daarnaast is het opgebouwde recht op loonkostenvoordelen (LKV) ouderen, arbeidsgehandicapten en banenafspraken in mindering gebracht.
Gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage omvat de in de gemeenschappelijke regeling of anderszins overeengekomen bijdrage in het exploitatieresultaat . Exploitatieresultaat na bestemming Dit resultaat wordt na afloop van het boekjaar middels een besluit van het Algemeen bestuur toegevoegd aan de bestemmingsreserve en / of de algemene reserve.
Afschrijvingen Dit betreffen de afschrijvingskosten van de vaste activa. De afschrijvingstermijnen zijn gebaseerd op de economische levens- Vennootschapsbelasting duur. Met ingang van 1 januari 2016 is de Wet modernisering vennootschapsbelasting overheidsondernemingen van kracht. WSD is Overige bedrijfskosten vrijstelling verleend op grond van artikel 5 lid 1C van de Wet op de De overige bedrijfskosten worden bere-kend op basis van histori- Vennootschapsbelasting. sche kosten. Rentebaten/rentelasten De rentebaten betreft de opbrengst uit spaarrekeningen. Rijksbijdrage Dit betreft de bijdrage van het Rijk zoals bedoeld in art. 8 t/m 10 van de Wet Sociale Werkvoorziening. Met ingang van 2015 zijn de voor Wsw beschikbare gelden opgenomen onder het totaal, bij de gemeente, beschikbare participatiebudget. In de verslaglegging wordt de naam “rijksbijdrage” nog wel gehanteerd terwijl dit in feite gemeentegelden zijn. Personeelskosten SW-werknemers, Participatiewetters en overige uitvoeringskosten Hieronder wordt verstaan het bruto bedrag van de uitbetaalde lonen, inclusief vakantiegeld aan SW-werknemers en vermeerderd met de verschuldigde werkgeverslasten, zoals ZVW - WIA en WW - premies, alsmede de premies voor de pensioenvoorziening van SW-werknemers. In mindering zijn gebracht de in het kalenderjaar van de bedrijfs-
79
2021
Toelichting op de balans WSD per 31 december Bedragen x € 1000,-
Materiële vaste activa
Boekwaarde per 1 januari Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde per 31 december
Verhouding jaarlasten afschrijving/boekwaarde per 1 januari (in procenten):
2021
2020
5.398 673 -86 -833 5.152
5.741 569 -128 -784 5.398
15,4
13,7
De investeringen hebben met name betrekking op: • Schilderwerk Boxtel • Vervangen cv installatie • Vervanging switches • Vervangen units Best, aanschaf meubilair en aanpassen wateraansluiting • Uitbreiding en vervanging vervoermiddelen Groen en schaftwagens Groen Voor de samenstelling van de vaste activa wordt verwezen naar bijlage 1. Financiële vaste activa 80
Boekwaarde per 1 januari Afname/toename Boekwaarde per 31 december
383 0 383
383 0 383
Het saldo betreft het aandelenkapitaal in WSD Holding B.V. ad. € 383.000,Het belang van WSD in WSD Holding B.V. omvat een geprognosticeerde stille reserve van € 2.141.000,- Grond- en hulpstoffen
Totaal voorraden Voorziening incourant Totaal voorraden
Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar
‘s Rijks Schatkist Openbare lichamen Handelsdebiteuren Vorderingen op personeel Voorziening dubieuze debiteuren Totaal debiteuren
142 -6 136
90 -6 84
21.747 1.833 3.200 77 -135 26.722
24.020 1.709 3.225 104 -172 28.886
Met ingang van 16 december 2013 zijn decentrale overheden verplicht overtollige middelen aan te houden bij de Nederlandse schatkist, het zogenaamde schatkistbankieren. In de wet is een drempelbedrag opgenomen dat niet hoeft te worden aangehouden bij de Nederlandse schatkist. Voor de WSD is dit bedrag € 464.220,-. Onder de uitzettingen is een bedrag van € 21.746.711,- opgenomen dat bij de Nederlandse schatkist staat. Daarnaast zijn vorderingen op openbare lichamen opgenomen ad € 1.832.620,-. In 2020 bedroegen deze vorderingen € 1.709.002,- De openstaande handelsdebiteuren (incl. vorderingen op openbare lichamen) per ultimo februari bedragen:
609
508
Liquide middelen
426
453
Totaal
WSD Jaarrekening
Bedragen x € 1000,-
2021
2020
Over alle liquide middelen kan vrij beschikt worden. Daarnaast beschikt de WSD over een rekening courant faciliteit bij de BNG van € 2.722.681,Overlopende activa
Totaal
1.570
1.913
Dit betreft met name de berekende vergoedingen op grond van de Wet Tegenmoetkoming Loondomein (LIV SW en LKV PW LIV) en aangevraagde Compensatie transitievergoedingen. Algemene reserve
Saldo per 1 januari 14.664 Onttrekking: Resultaat bestemming 2020 4.387 Dotatie: Resultaat bestemming 2019
16.160
Saldo per 31 december
14.664
10.277
1.496
Vanuit de resultaatbestemming 2020 en een onttrekking vanuit de algemene reserve van € 4.387.000 is een nieuwe bestemmingsreserve Stimulus gevormd ter grootte van € 6.734.000 voor de dekking van de begeleidingskosten van de Basisdienstverlening voor zover het het Participatiebudget Nieuwe Doelgroep te kort schiet. 81 Bestemmingsreserves Saldo per 1 januari 11.279 9.327
Stortingen • Bestemd exploitatieresultaat 2020/2019 460 460 • Beschikbaar bestemd budget tbv gemeenten 1.737 878 • Bestemmingsreserve Lokale plannen gemeente 2.600 • Bestemmingsreserve Expertisecentrum • Bestemmingsreserve Stimulus 2021-2022 1.673 • Bestemmingsreserve Stimulus 2023-2025 5.061 • Bestemmingsreserve Prototypes • Bestemmingsreserve vakantiegeld/ vakantiedagen Totaal gestort 8.931 3.938
Onttrekkingen • Bedrijfsontwikkeling* 460 460 • Bestemming Doorontwikkeling organisatie 700 47 • Bestemmingsreserve Lokale plannen gemeente 187 55 • Bestemmingsreserve Expertisecentrum 41 • Bestemming bestemd budget door gemeenten 1.099 927 • Bestemmingsreserve Stimulus 2021-2022 475 • Bestemmingsreserve Stimulus 2023-2025 • Bestemming Prototypes 440 497 Totaal onttrokken 3.402 1.986 Saldo per 31 december 16.808 11.279 * Dit betreft structurele mutaties in de reserves, de overige zijn incidentele mutaties
2021
Toelichting op de balans WSD per 31 december 2021
2020
Het volledige resultaat van 2020 ad € 4.218.000,- is toegevoegd aan de (bestemmings)reserves conform besluit van het Algemeen bestuur de dato 14 juli 2021. Volgens bestaand beleid wordt bij een positief resultaat steeds 50% van het geschoond resulaat beschikbaar gesteld aan de gemeenten als dividend. Het dividend wordt niet als zodanig uitbetaald, maar gemeenten kunnen hiervoor diensten bij WSD inkopen. In november 2021 is door het bestuur een discussie gestart over de bepaling en de hoogte van het weerstandsvermogen van WSD. Dit heeft geleid tot aangepast beleid dat op 9 maart 2022 door het Algemeen bestuur is vastgesteld. Zie bijlage 2 bestemmingsreserves en bijlage 3 voor een nadere specificatie van het bestemde budget per gemeente (dividend). Onttrekkingen: De bijdrage in bedrijfsontwikkeling van € 460.000,- betreft de permanente ontwikkelingen waaraan WSD onderhevig is op basis waarvan bovenmatige kosten ontstaan. Een bedrag van € 699.959,- is onttrokken aan de bestemmingsreserve Doorontwikkeling organisatie. 82
De nieuw gevormde bestemmingsreserve Stimulus is voor een bedrag van € 475.315,- ingezet ter dekking van de begeleidingskosten Participatiewet. De bestemmingsreserve Lokale Plannen is voornamelijk ingezet voor externe projectleiders en de bestemmingsreserve Expertisecentrum voor dekking van de loonkosten van de kwartiermaker. De gemaakte kosten voor de ontwikkeling Prototypes bedragen voor 2021 € 113.700,-. Het resterende budget van € 327.000,- is teruggevloeid naar de Algemene Reserve. Uit het bestemd budget (Dividend) is in 2021 € 1.099.500,- door de gemeenten aangewend ten behoeve van de doelgroep. Voor een specificatie van mutaties in de bestemmingsreserves wordt verwezen naar bijlage 2.
WSD Jaarrekening
Bedragen x € 1000,-
Nog te bestemmen
Omvang
Voorziening wachtgeld
Omvang 1 januari Afname/toename Saldo per 31 december
2021
2020
2.672
4.218
16 0 16
16 0 16
Deze voorziening betreft de verplichting die in 2007 is ontstaan in het kader van een getroffen afvloeiingsregeling. Wettelijk is het aantal maanden WW 38, hiervoor is een voorziening getroffen in 2007, per 31-12-2021 zijn er 31,5 maanden uitbetaald en resteert nog 6,5 maanden. Crediteuren
Omvang per 31 december
2.853
3.953
Overige schulden
Omzetbelasting Loonbelasting Sociale lasten en pensioenpremies Netto lonen en salarissen Nog te ontvangen facturen Totaal overige schulden
334 10 0 34 1.191 1.569
276 596 888 3 904 2.667
De post nog te ontvangen facturen omvat o.a. de volgende bedragen; verwerking van de op 27 januari 2022 definitief geworden CAO gemeenten, een aantal dividendaanvragen vanuit Werkpartners ter bekostiging van een veldproef scheiding restafval gemeente Meierijstad en overloop van subsidies naar 2021. Overlopende passiva
Rekening courant Pers. Vereniging Vooruitgefactureerde bedragen Totaal
65 129 194
62 258 320
Het bedrag van € 128.526,- vooruitgefactureerde bedragen betreft het onderhanden werk Groen. Niet uit de balans blijkende verplichtingen
De aangegane verplichtingen inzake investeringen bedragen ultimo het jaar
224
175
De aangegane verplichting betreft de eenmalige kosten voor de de aanschaf en implementatie van ISAH Finance. Vanaf december 2016 is er een 5 jarige huurcontract afgesloten voor printers. Dit contract is verlengd met 6 maanden. De verplichting op balansdatum bedraagt € 6.346,Niet uit de balans blijkende rechten WSD is sinds 2013 direct lid van De Schoonmaak Coöperatie. De leden beslissen, op voorstel van de Raad van Commissarissen wat er met de resultaten van De Schoonmaak Coöperatie gebeurt. De algemene ledenvergadering heeft in december 2021 plaats gevonden. De positieve resultaten tot en met 2014 zijn gereserveerd als weerstandsvermogen. Vanaf 2015 worden positieve resultaten beschikbaar gesteld aan de oprichters.
83
2021
Toelichting op het overzicht van baten en lasten WSD Bedragen x € 1000,-