CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-05 RV Bijlage 1 Toelichting Concept gewijzigd bestemmingsplan Lieshoutseweg 6

Gemeenteraad 17 februari 2022, gemeente NuenenBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Lieshoutseweg 620.545 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

bestemmingsplan Lieshoutseweg 6, Nuenen

TOELICHTING

Gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten IMRO idn: Status: Datum:

NL.IMRO.0820.BPLieshoutseweg6-D002 vastgesteld 17 februari 2022

_Parklaan 21, 5261 LR Vught T 040 257 13 36 _E info@tonnaer.nl I www.tonnaer.nl Kvk Limburg Dossier 14074094 IBAN NL95 RABO 0174 1828 48 BTW NL 8111.08.945

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1

Inleiding

7

1.1

Aanleiding

7

1.2

Ligging plangebied/projectprofiel

7

1.3

Locatie profiel

9

1.4

Leeswijzer

11

Hoofdstuk 2

Planvoornemen

13

2.1

Beschrijving huidige situatie

13

2.2

Beschrijving toekomstige situatie

13

2.3

Landschappelijke inpassing

18

Hoofdstuk 3

Beleidskaders

21

3.1

Planologische beleidskaders

21

3.2

Rijksbeleid

21

3.3

Provinciaal beleid

24

3.4

Gemeentelijke beleidskaders

34

Hoofdstuk 4

Sectorale aspecten

41

4.1

Algemeen

41

4.2

Archeologie en cultuurhistorie

41

4.3

Bodemkwaliteit

44

4.4

Bedrijven en milieuzonering

44

4.5

Kabels, leidingen en straalpaden

47

4.6

Externe veiligheid

48

4.7

Geluid

50

4.8

Flora en fauna

51

4.9

Luchtkwaliteit

54

4.10

Verkeer en parkeren

55

4.11

Geur

58

4.12

M.e.r.-beoordeling

58

4.13

Aanpassingen bestuurlijke lus

60

Hoofdstuk 5

Waterparagraaf

63

5.1

Waterbeleid

63

5.2

Invloed van het planvoornemen

65

Hoofdstuk 6

Juridische planopzet

67

6.1

Algemeen

67

6.2

Toelichting op de planregels

67

6.3

Bestemmingen

69

Lieshoutseweg 6, Nuenen

3

6.4

De verbeelding

Hoofdstuk 7

70

Uitvoerbaarheid

71

7.1

Economische uitvoerbaarheid

71

7.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

71

Hoofdstuk 8

Procedure

73

8.1

De te volgen procedure

73

8.2

Kennisgeving

73

8.3

Vooroverleg

73

8.4

Vaststelling

73

8.5

Bestuurlijke lus naar aanleiding van tussenuitspraak Raad van State

74

4

bestemmingsplan (vastgesteld)

Toelichting

Lieshoutseweg 6, Nuenen

5

6

bestemmingsplan (vastgesteld)

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Ter plaatse van de Lieshoutseweg 6 te Nuenen is de eigenaar voornemens om de woonfunctie te wijzigen. De functiewijziging houdt in de realisatie van Het Boshuys, bestaande uit een restaurant met een multifunctionele horecaruimte, Bed & Breakfast (B&B), een klim-, speel- en educatiebos met avonturenpad en bijbehorende parkeervoorzieningen.

Conform het vigerende bestemmingsplan 'Buitengebied' zijn ter plaatse de bestemmingen 'Wonen' en 'Bos en natuur' van kracht. Het planvoornemen c.q. de beoogde functies passen niet binnen de regels behorende bij deze bestemmingen aangezien ter plaatse alleen wonen met aansluitend bos en natuur is toegestaan.

De gemeente heeft op 23 mei 2016 aangegeven in principe medewerking te willen verlenen aan het verzoek voor het wijzigen van het gebruik van de gronden en opstallen aan de Lieshoutseweg 6 in Nuenen ten behoeve van het vestigen van Het Boshuys.

Om deze gewenste ontwikkelling mogelijk te kunnen maken is, gezien de gedeeltelijke ligging binnen het Natuur Netwerk Brabant een bestemmingsplanwijziging ex. artikel 3.1 Wet ruimtelijke ordening (Wro) noodzakelijk. Met voorliggend bestemmingsplan wordt deze gewenste ontwikkeling van het plangebied planologisch-juridisch mogelijk gemaakt. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in de benodigde ruimtelijke onderbouwing c.q. verantwoording ten behoeve van de herziening van het bestemmingsplan, in de vorm van een toelichting. Naast deze toelichting omvat dit bestemmingsplan regels en een verbeelding. De regels en een verbeelding vormen samen het juridische kader voor de gebruiks- en bouwmogelijkheden die zullen gaan gelden binnen het plangebied.

1.2

Ligging plangebied/projectprofiel

Lieshoutseweg 6, Nuenen

7

Ligging plangebied (bron: Google maps 2016)

Het plangebied is gelegen in de gemeente Nuenen. De Lieshoutseweg 6 ligt aan de noordzijde van de kern Gerwen in het overgangsgebied naar het landelijke buitengebied. De Lieshoutseweg betreft de provinciale weg N615 tussen Gerwen en Lieshout en vormt de grens van het bosgebied dat is gelegen tussen Gerwen en Lieshout. Het plangebied zelf is specifiek gelegen tussen de Lieshoutseweg en de Moorven in het buitengebied van de gemeente Nuenen.

Kadastrale ligging

8

bestemmingsplan (vastgesteld)

Het plangebied is kadastraal bekend als Gemeente Nuenen, sectie B, perceelsnummers 4954 en 4117 met een kadastrale grootte van in totaal 12.390 m2.

1.3

Locatie profiel

Ter plaatse van het perceel Lieshoutseweg 6 te Nuenen geldt het bestemmingsplan "Buitengebied", onherroepelijk geworden op 3 november 2010.

Uitsnede bestemmingsplan "Buitengebied" met in rood het plangebied aangegeven

Aan de percelen zijn de bestemmingen 'Woondoeleinden' (artikel 6) en 'Bos en natuur' (artikel 8) toegekend. Het planvoornemen past niet binnen de bouw- en gebruiksregels van het geldende bestemmingsplan, aangezien ter plaatse alleen wonen met aansluitend bos en natuur is toegestaan. Een restaurant past niet binnen de doeleindenomschrijving van de bestemming 'Woondoeleinden'. Een multifunctionele horecaruimte, een B&B, klim en klauter activiteiten en een parkeerterrein passen tevens niet rechtstreeks binnen de doeleindenomschrijving van de bestemming 'Bos en Natuur'. Daarnaast biedt het bestemmingsplan geen binnenplanse afwijkingsbevoegdheden om het gehele planvoornemen mogelijk te maken.

Lieshoutseweg 6, Nuenen

9

Momenteel is een nieuwe bestemmingsplan voor het buitengebied van de gemeente Nuenen in voorbereiding (ontwerp 20 januari 2018). Dit bestemmingsplan is op 1 november 2018 gewijzigd door de gemeenteraad, maar nog niet in werking getreden. Aan de percelen zijn wederom de bestemmingen 'Wonen' (met bouwvlak) en 'Natuur toegekend. Tevens is de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 3b hoge verwachting met esdek' en de gebiedsaanduiding 'Overige zone - beperking van Veehouderij van toepassing. Voor delen van het plangebied zijn ook de gebiedsaanduiding 'Overige zone - in Verordening ruimte tot te voegen NNB' en 'Overige zone - In Verordening ruimte te verwijderen NNB' aangeduid. Het planvoornemen past om dezelfde reden ook niet in dit nieuwe bestemmingsplan zoals dit voor gewijzigde vaststelling wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.

Uitsnede ontwerp bestemming 'Buitengebied Nuenen'

Het bevoegd gezag kan echter afwijken van de regels ten behoeve van het planvoornemen c.q. de beoogde functies. De gemeente Nuenen heeft middels de brief d.d. 23 mei 2016 aangegeven in principe bereid te zijn medewerking te verlenen aan dit planvoornemen en de gewenste functies in afwijking van het bestemmingsplan planologisch mogelijk te willen maken.

10

bestemmingsplan (vastgesteld)

1.4

Leeswijzer

In het volgende hoofdstuk wordt het planvoornemen uiteengezet door het beschrijven van de huidige en de toekomstige situatie. In hoofdstuk 3 worden de planologische kaders geschetst aan de hand van het Rijks-, provinciale en gemeentelijke beleid. In het daaropvolgende hoofdstuk (4) worden de sectorale aspecten van het gebied besproken en de mogelijke invloed daarop van de planvorming. Hierbij gaat het om de aspecten ten aanzien van archeologie en cultuurhistorie, bodemkwaliteit, bedrijven en milieuzonering, kabels/leidingen, externe veiligheid, geluid, flora en fauna alsmede verkeer en parkeren. Hoofdstuk 5 bevat vervolgens de wettelijke verplichte waterparagraaf, waarin het plan getoetst wordt op het aspect water. In hoofdstuk 5 wordt de juridische planbeschrijven gegeven waarin aangegeven wordt hoe het planvoornemen planologisch-juridisch geregeld wordt in de vorm van regels en de verbeelding. In hoofdstuk 6 wordt de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid besproken. Tot slot wordt in hoofdstuk 6 ingegaan op de te volgen procedure.

Lieshoutseweg 6, Nuenen

11

12

bestemmingsplan (vastgesteld)

Hoofdstuk 2 2.1

Planvoornemen

Beschrijving huidige situatie

Op dit moment bevindt zich op de locatie Lieshoutseweg 6 een woonhuis, een garage en een schuur. Het woonhuis en de garage liggen niet in het Natuur Netwerk Brabant (NNB, de voormalige EHS), maar worden wel omringd door bosgebied dat in het NNB ligt. De bestaande schuur ligt wel in het NNB.

Momenteel wordt er veel geparkeerd in het bosgebied zelf. Dit zorgt voor veel overlast bij de omwonenden, maar dit is ook een belasting voor het natuurgebied zelf. In het geldende bestemmingsplan "Buitengebied" staat beschreven dat de gemeente Nuenen in het bosgebied ruimte moet bieden aan de ontwikkeling van dagrecreatieve voorzieningen. In hetzelfde gebied zou ook ruimte moeten zijn voor de ontwikkeling van (kleinschalige) recreatieve initiatieven op het gebied van verblijfsrecreatie.

Achtergrond De Geeneindse Heide is een landschap dat Vincent van Gogh destijds uitgebreid heeft beschreven in zijn brieven en dat hij veelvuldig heeft geschilderd en getekend. Voorbeelden zijn Mastbomen in het ven en Nichet huisje/La Chaumiere. Vincent van Gogh was een wandelaar en genoot van de rust op de heide. In één van zijn brieven aan zijn broer Theo schreef hij: 'zoekt het niet te Parijs, zoekt het niet in Amerika, dat is alles hetzelfde, precies eeuwig 't zelfde. Verander inderdaad, zoek het op de hei'. In de periode dat hij in Nuenen woonde heeft hij met zijn vriend Anton Kerssemakers meerdere schilderexcursies gemaakt naar Lieshout waar hij meerdere studies heeft gemaakt van de oude windmolen de Vogelzang. In zijn wandeltochten moet hij langs de Geeneindse heide zijn gelopen. Het planvoornemen heeft als doelstelling om deze tijden bij de bezoekers te laten herbeleven.

2.2

Beschrijving toekomstige situatie

Het planvoornemen Het planvoornemen ziet op de realisatie van 'Het Boshuys' binnen de bestaande bebouwing aan de Lieshoutseweg 6. De voorgenomen functiewijziging betreft de realisatie van een restaurant in het woonhuis, een multifunctionele horecaruimte in de bestaande schuur, een B&B in de bestaande garage, een klim-, speel- en educatiebos met avondturenpad in het bos achter de schuur en parkeren aansluitend aan de bestaande bebouwing. Het Boshuys vormt een 'recreatieve poort' tot het natuurgebied Geeneindse heide en heeft samen met het klimen educatiebos tevens een belangrijke cultuurhistorische en educatieve functie (erfgoededucatie).

Lieshoutseweg 6, Nuenen

13

Inrichtingstekening planvoornemen

De verschillende voorzieningen worden hieronder nader toegelicht.

1.

Restaurant Het restaurant wordt gerealiseerd in het bestaande woonhuis. Aan de zuidzijde van het restaurant wordt een terras gerealiseerd van 400 m2. Naast een horecagedeelte op de begane grond blijft op de eerste verdieping van het voormalige woonhuis de woonfunctie ten behoeve van de bedrijfswoning behouden. Het woonhuis wordt ten behoeve van het restaurant intern verbouwd.

2.

Multifunctionele horecaruimte In de voormalige schuur wordt een multifunctionele horecaruimte gerealiseerd. De schuur wordt ten behoeve van de realisatie van multifunctionele horecaruimte uitsluitend intern verbouwd.

3.

Bed & Breakfast Het Boshuys wil bezoekers ook de mogelijkheid bieden om langer te genieten van de regio. Derhalve wordt de mogelijkheid geboden om te overnachten. De voormalige garage wordt intern verbouwd ten behoeve van de realisatie van twee appartementen. Gasten kunnen gebruik maken van het restaurant, maar kunnen zich ook terugtrekken in de B&B.

14

bestemmingsplan (vastgesteld)

4.

Klim- en educatiebos met avonturenpad In het bos achter de schuur staan hoge bomen die uitermate geschikt zijn voor het realiseren van een klimbos. Het klimmen gebeurt tot op een hoogte van 12 meter in de vorm van maximaal 2 klimparcoursen en één klimparcour in combinatie met een tokkelbaan. De 2 klimparcoursen worden gerealiseerd boven het educatiebos met avonturenpad. Het tokkelen via de tokkelbaan vindt in de richting van de provinciale weg over de parkeerplaats en terug plaats. Om klimmen in deze bossen mogelijk te maken worden touwen, kabels en ankers aangebracht die ook eenvoudig en zonder schade aan de bomen kunnen worden verwijderd. Daarnaast worden, afhankelijk van de hoogte, platforms in de bomen bevestigd om gezekerd klimmen mogelijk te maken. Voor een uitgebreide omschrijving van het klim- en educatiebos wordt verwezen naar de volgende alinea's.

5.

Speelbos Op de open plek tussen de bebouwing en het klim- en educatiebos met avonturenpad wordt een speelbos ingericht. Het is de bedoeling om kinderen hier de mogelijkheid te bieden om vrij te spelen in een natuurlijke omgeving terwijl hun ouders gebruik maken van het restaurant dan wel het terras. Voor een nader omschrijving van het speelbos wordt verwezen naar de volgende alinea's.

6.

Parkeergelegenheid Aansluitend aan de bestaande bebouwing wordt een ruime parkeergelegenheid gerealiseerd, direct gelegen aan de N615 ten westen van 'Het Boshuys'. Deze parkeergelegenheid biedt ruimte aan 41 auto's inclusief 3 invalideplaatsen. In paragraaf 4.10 wordt onderbouwd op basis waarvan tot dit aantal is gekomen.

Klim- en educatiebos In dit bos kunnen kleine groepen bezoekers die gebruik maken van de vergader of horeca-gelegenheid onder begeleiding van de exploitant het bos beleven. Het klim-, speelen educatiebos met avonturenpad bestaat uit de nu volgende onderdelen en zal zoveel mogelijk worden gecentreerd rond de bebouwing.

Het avonturenpad en het speelbos In samenwerking met Van Gogh Brabant wordt een avonturenpad ontwikkeld dat kinderen mee terug neemt in de tijd. Het is een educatieve wandelroute waarbij deelnemers onderweg op een actieve manier beleven hoe het Brabantslandschap er uit zag in de tijd van Van Gogh, hoe de mensen toen leefden en hoe Vincent van Gogh deze omgeving vastlegde in zijn schilderijen. Daarnaast zijn er een aantal uitdagende activiteiten, zoals boomstambruggen, touwslingers. Het neemt de bezoekers mee terug in de tijd. Op onderstaande foto wordt een voorbeeld getoond van een educatieboord zoals deze is ontwikkeld door Brabantslandschap en wordt gebruikt bij het avonturenpad in Hilvarenbeek. Naast het avonturenpad kan er door kinderen vrij worden gespeeld in het speelbos.

Lieshoutseweg 6, Nuenen

15

Het educatiebord (links) en een voorbeeld van vrij spelen voor kinderen (rechts)

Klimmen In het klim en educatiebos worden maximaal twee klimparcoursen en één tokkelbaan gerealiseerd in de bestaande bomen tot een maximale hoogte van 12 meter. Voor deze hoogte is gekozen om optimaal gebruik te maken van de hoogte van de bestaande bomen en zodoende minder diep het bos in te gaan. Dit om, zoals door de Bosgroep Zuid geadviseerd het klimmen dichter bij de bebouwing en de N615 te situeren zodat de belasting op de natuur zo klein mogelijk is. Deelnemers klimmen daardoor tussen de boomtoppen aan ziplines. Een klimparcours eindigt met een vrije val van 12 meter. Daarnaast kan men via een tokkelbaan van de ene kant naar de andere kant van het terrein suizen richting de provinciale weg over de parkeerplaats en terug over een lengte van ongeveer 60 meter. De ziplines, touwbruggen en tokkelbaan worden gerealiseerd in volwassen stevige bomen en met een boomvriendelijk en duurzaam bevestigingssysteem. Hiervoor worden geen bomen gekapt ook blijft de ondergroei gehandhaafd. Bezoekers die willen kijken naar de klimmers worden over de bestaande paden van het avonturenpad geleid en worden geïnformeerd over de cultuurhistorisch erfgoed van de heide en zandgronden zoals die kenmerkend waren in het Brabantse landschap in de tijden van Van Gogh. Het perceel is middels een hekwerk afgesloten van de openbare weg en kan alleen onder begeleiding van bevoegd persoon worden betreden.

Een zipline (links) en een voorbeeld van gezekerd klimmen (rechts)

16

bestemmingsplan (vastgesteld)

Vrij val vanaf 10 meter

Voorbeeld van de twee beoogde klimparcoursen en een klimparcour met tokkelbaan (oostelijk parcour) op het perceel in combinatie met het speel- en educatiebos met avonturenpad

Lieshoutseweg 6, Nuenen

17

Cultuureducatie Erfgoededucatie brengt het verleden dichterbij en versterkt daarmee het historisch besef. Het omvat onderwijs met en over cultureel erfgoed, waaronder materiële en immateriële sporen uit het verleden behoren. De combinatie van spel en erfgoed vormen een mooie basis voor een educatieprogramma. Samen met Van Gogh Brabant wordt gezocht naar een passend educatieprogramma voor kinderen.

2.3

Landschappelijke inpassing

Onderdeel van het planvoornemen is de landschappelijke inpassing zoals weergegeven in het landschappelijk inpassingsplan (Bijlage 1). Dit betreft overwegend een aanvulling op c.q. versterking van de aanwezige natuurlijke waarden ter plaatse van het plangebied. Door de verscholen liggen van het plangebied in de bossen is de noodzaak van landschappelijk inpassing niet gebleken.

Belangrijkste elementen van deze landschappelijke inpassing zijn de realisatie van een pluktuin en een bloemenweide. De pluktuin is daarbij voorzien direct grenzend aan het restaurant met terras. Deze tuin is met name bedoeldt om fruit voortkomend uit de tuin te gebruiken voor de gerechten in het restaurant. De bedoeling is dat deze pluktuin niet gestructureerd wordt aangelegd, maar de fruitstruiken/-bomen organisch geplaatst worden.

Sfeerbeelden pluktuin

De bloemenweide is beoogd aan de noordzijde van de bestaande open plek, tegen de bosrand aan. Door de aanleg van de bloemenweide word de biodiversiteit ter plaatse verbeterd. Er is namelijk een grote afname van het aantal insecten, terwijl insecten juist belangrijk zijn voor de voedselproductie (bestuiven gewassen) en een belangrijke schakel in ecosystemen. Door het inzaaien van een bloemenweide met bloeiende kruidenrijke vegetatie wordt hieraan een belangrijke bijdrage geleverd.

18

bestemmingsplan (vastgesteld)

Mogelijke soorten voor bloemenweide

Verder wordt aan de achterzijde van het perceel (aan het einde van het parkeerterrein en de pluktuin) struweel aangeplant als afscheiding. De parkeerplaatsen aan de zijde van de het restaurant worden middels een haag afgeschermd. Ook het terras wordt afgeschermd van de bestaande open plek. Hierdoor ontstaat er een bewuste overgang van tussen deze functies.

Door de bestaande bosstrook aan de zijde van de provinciale weg worden de parkeerplaatsen al afgeschermd waardoor de auto's aan het zicht onttrokken worden. Om te zorgen dat het planvoornemen zichtbaar is van de provinciale weg worden doorzichten gemaakt. Dit gaat verder niet ten kosten van de bestaande natuur maar zal door 'slim' beheer vorm worden gegeven.

In onderstaande afbeelding is de landschappelijk inpassing in relatie tot de bestaande natuur inzichtelijk gemaakt.

Lieshoutseweg 6, Nuenen

19

Landschappelijke inpassing

20

bestemmingsplan (vastgesteld)

Hoofdstuk 3 3.1

Beleidskaders

Planologische beleidskaders

Gemeenten zijn niet geheel vrij in het voeren van hun eigen beleid. Rijk en provincies geven met het door hen gevoerde en vastgelegde beleid de kaders aan waarbinnen gemeenten kunnen opereren. Hierna worden in het kort de voornaamste kaders van het Rijk, de provincie Noord-Brabant en de gemeente Nuenen uit de plannen voor het plangebied weergegeven, omdat deze zoals gezegd mede een uitgangspunt voor het lokale maatwerk zullen zijn.

3.2

Rijksbeleid

3.2.1 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld door de minister van Infrastructuur en Milieu. De SVIR geeft een nieuwe integrale kijk op het ruimtelijken mobiliteitsbeleid tot 2040 op rijksniveau en vormt als het ware een 'kapstok' voor zowel bestaand als nieuw rijksbeleid dat invloed heeft op de ruimte om ons heen. Het Rijk wil de ruimtelijke ordening zo dicht mogelijk brengen bij degene die het aangaat (burgers en bedrijven). De SVIR zal dan ook ruimte bieden aan provincies en gemeenten om maatwerk te leveren ("decentraal, tenzij").

Algemene doelstellingen en nationale belangen In de SVIR staan drie hoofddoelen centraal om Nederland voor de middellange termijn tot 2028 concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden. Allereerst is het om de concurrentiekracht van Nederland te vergroten van belang om de ruimtelijk-economische structuur in Nederland te versterken. Een goed vestigingsklimaat staat centraal en vereist een hoogwaardig werk- en woonmilieu en een goede bereikbaarheid. Het is echter ook van groot belang dat er voldoende aanbod is aan onderwijs, cultuur, groen en recreatiemogelijkheden. De SVIR zet met name in op het beter benutten en uitbouwen van de kracht van stedelijke regio's met een concentratie van topsectoren en internationale verbindingen.

Daarnaast dient aandacht te worden besteed aan het verbeteren en ruimtelijk zeker stellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat. Dat wil zeggen dat een robuust en samenhangend mobiliteitssysteem met voldoende capaciteit gerealiseerd moet worden. Dit kan door de huidige infrastructuur beter te benutten, maar ook door slim te investeren in het hoofdnetwerk. Regio's moeten met elkaar en hun achterland verbonden worden en multimodale vervoersknooppunten dienen versterkt te worden. Om de deur-tot-deur bereikbaarheid verder te verbeteren is het van belang om ook voor fiets- en langzaam verkeer een fijnmazig netwerk te creëren. Ten slotte is ook een transitie naar duurzame mobiliteit gewenst en dit zal dan ook zo veel mogelijk gefaciliteerd moeten worden vanuit de overheid.

Het vergroten van de concurrentiekracht en het verbeteren van de bereikbaarheid zal tot slot

Lieshoutseweg 6, Nuenen

21

gepaard gaan met het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. Voor de aantrekkelijkheid van Nederland is het nodig de bijzondere waarden en internationaal onderscheidende kwaliteiten te koesteren en te versterken. Dat vraagt om de borging van natuurwaarden en biodiversiteit, unieke cultuurhistorische waarden en een goede milieukwaliteit.

Om deze drie doelen te kunnen realiseren benoemt het Rijk voorts 13 nationale belangen. Deze zien met name op het borgen van ruimte voor de hoofdnetwerken (weg, spoor, vaarwegen, energievoorziening, buisleidingen), het verbeteren van de milieukwaliteit, ruimte voor waterveiligheid, een duurzame zoetwatervoorziening en klimaatbestendige stedelijke ontwikkeling, ruimte voor behoud van unieke cultuurhistorische en natuurlijke kwaliteiten, ruimte voor nationaal netwerk voor natuur en ruimte voor militaire terreinen en activiteiten. Deze belangen zijn gelijkwaardig aan elkaar en beïnvloeden elkaar onderling. In de SVIR is een eerste integrale afweging gemaakt van deze belangen. Dit heeft als gevolg dat het Rijk in gebieden of projecten een gebieds- of projectspecifieke afweging zal maken. Indien nodig maakt het Rijk duidelijk welke nationale belangen voorgaan. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid.

Dit alles dient tot stand te komen door middel van zorgvuldige afwegingen en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke plannen.

Conclusie Gelet op de schaal van het plangebied en de aard van de ontwikkeling (functiewijziging van de woonbestemming naar een restaurant, een B&B, een klim- speel- en educatiebos met avonturenpad en parkeren) zijn er vanuit de SVIR geen nationale belangen van toepassing. Dit houdt in dat voor het planvoornemen geen beperkingen vanuit de SVIR gelden.

3.2.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), ook wel Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) Ruimte genoemd, bevat regels ter bescherming van nationale belangen. De keuze voor deze belangen is reeds gemaakt in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en worden met het Barro en het Bro juridisch verankerd. In totaal gaat het om dertien nationale belangen.

In het kader van deregulering en decentralisatie is er voor gekozen om de regels zoveel mogelijk door te laten werken op het niveau van de lokale besluitvorming. Door de nationale belangen in bestemmingsplannen te borgen, worden deze belangen reeds in een vroeg stadium vastgelegd, wat bijdraagt aan een versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen en vermindering van de bestuurlijke druk.

Conclusie Aangezien het Barro een uitwerking vormt van de nationale belangen zoals genoemd in de SVIR, en in de SVIR voor dit planvoornemen geen nationale belangen van toepassing zijn,

22

bestemmingsplan (vastgesteld)

gelden er voor dit planvoornemen vanuit het Barro geen beperkingen.

3.2.3 Natura 2000 Natura 2000 is een Europees netwerk van natuurgebieden met als doel het ontwikkelen en in stand houden van soorten en ecosystemen die belangrijk zijn voor Europa. Deze gebieden zijn aangewezen op basis van de Natuurbeschermingswet en de Vogel- en Habitatrichtlijnen. Het beleid houdt echter niet bij de landsgrenzen op, vogels en planten trekken zich immers niets aan van landsgrenzen.

Er zijn drie thema's die centraal staan bij Natura 2000, te weten beleven, gebruiken en beschermen. Beleven houdt in dat er ruimte wordt gecreëerd voor recreatie. Recreatie en natuurontwikkeling in dezelfde omgeving betekent echter wel dat er goede afspraken gemaakt moeten worden. Met gebruiken wordt bedoeld dat de natuur naast haar schoonheid ook economisch functioneel is. Wonen, werken en recreëren in een mooie omgeving is het streven, waarbij economie en ecologie met elkaar in balans dienen te zijn. Beschermen wil zeggen het duurzaam beschermen van flora en fauna. Het ideaalbeeld wordt bereikt wanneer de drie thema's in combinatie met elkaar zonder problemen van toepassing kunnen zijn op natuurgebieden. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Visserij neemt hierin in het voortouw, door Natura 2000-gebieden aan te wijzen. Bij het aanwijzen van een gebied wordt op basis van enkel ecologische argumenten bepaald welke natuurwaarden op welke locatie geholpen moeten worden en welke doelstellingen daarbij behaald moeten worden.

Natura 2000-gebieden die (in ontwerp) zijn aangewezen op basis van de Europese Vogelen/ of Habitatrichtlijn kennen een bescherming op grond van de Wet natuurbescherming (1 januari 2017). De habitattoets als opgenomen in artikel 19j Natuurbeschermingswet dient om vast te stellen of, en zo ja, onder welke voorwaarden een menselijke activiteit in en rondom een Natura 2000-gebied kan worden toegelaten. Daarvoor moet er zekerheid zijn dat de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-gebied niet worden aangetast en dat een verslechtering van de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten, dan wel een verstoring van soorten uitblijft.

Lieshoutseweg 6, Nuenen

23

Uitsnede overzicht Natura-2000 gebieden met in rood het plangebied aangegeven

Conclusie Het plangebied ligt op een afstand van respectievelijk circa 8,5 en 9,5 kilometer van de meest nabij gelegen Natura-2000 gebieden 'Strabrechtse Heide & Beuven' en 'Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux'. Gezien de aard en omvang van de beoogde ontwikkeling en de afstand tot de Natura-2000 gebieden kan redelijkerwijs worden gesteld dat de functieverandering van een woon/bosbestemming ten behoeve van de functies horeca met een multifunctionele ruimte, klim- speel- en educatiebos met avonturenpad en parkeren geen negatieve gevolgen zal hebben voor de Natura-2000 gebieden.

3.3

Provinciaal beleid

3.3.1 Structuurvisie Ruimtelijke Ordening (SVRO 2014) Op 19 maart 2014 is de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening 2014 in werking getreden. Deze structuurvisie is een actualisatie van de visie die in 2010 werd vastgesteld. Belangrijke beleidswijzigingen hebben betrekking op de realisatie van natuur en de transitie naar zorgvuldige veehouderij. Het beleid is gestoeld op een evenwicht van het milieu (planet), de mens (people) en de markt (profit) in ruimtelijke kwaliteit. Hierbij is het van groot belang om bestaande kwaliteiten te benutten en als uitgangspunt te nemen bij ontwikkelingen.

24

bestemmingsplan (vastgesteld)

De provincie geeft in de structuurvisie de hoofdlijnen van het ruimtelijk beleid van de provincie Noord-Brabant weer tot en met 2025 (met een doorkijk naar 2040). De visie is bindend voor het ruimtelijk handelen van de provincie. Dé grote uitdaging voor Noord-Brabant is om het (hoog)stedelijk gebied verder te ontwikkelen tot een krachtig netwerk en tegelijkertijd de groene en blauwe waarden van Noord-Brabant te versterken. De nabijheid van stad en land en de karakteristieke afwisseling tussen stad en land zijn daarbij de belangrijkste kwaliteiten die bijdragen aan een aantrekkelijk leef- en vestigingsklimaat in Noord-Brabant.

Noord-Brabant heeft de ambitie om een goede mix van wonen, werken en voorzieningen te creëren. De leefbaarheid in woonmilieus moet van voldoende kwaliteit zijn. Dynamische stadscentra, vitale plattelandskernen, eigen identiteit en regionale afstemming zijn enkele uitgangspunten. Daarnaast dienen er voldoende veilige en goed bereikbare werkplekken te zijn voor de bevolking. Steden moet aantrekkelijk blijven voor diverse bevolkingsgroepen en dienen garant te staan voor het aanbieden van (bovenlokale) voorzieningen.

Uitsnede Structuurvisie ruimtelijke ordening met in rood het plangebied globaal aangegeven

Kerngebied groenblauw Op basis van de kaart Structuurvisie ruimtelijke ordening geldt voor het plangebied 'het kerngebied groenblauw'. Het kerngebied groenblauw bestaat uit het NNB inclusief de ecologische verbindingszone en waterstructuren zoals beken en kreken. Op de structurenkaart zijn de belangrijkste gebieden van de ecologische hoofdstructuur inclusief de ecologische verbindingen en de gebieden voor watersysteemherstel weergegeven als kerngebied groenblauw. Het NNB bestaat uit het samenhangende netwerk van bestaande en te ontwikkelen bossen en natuurgebieden in Brabant. Deze gebieden hebben de hoofdfunctie natuur. De gebieden binnen het NNB waar de natuurwaarden afhankelijk zijn van de hydrologische situatie krijgen bijzondere aandacht. Rondom deze natte natuur liggen

Lieshoutseweg 6, Nuenen

25

hydrologische beschermingszones, de zogenaamde attentiegebieden NNB. Het ruimtelijke beleid is gericht op behoud, herstel en ontwikkeling van de natuurlijke en landschappelijke kwaliteiten. Er is geen ruimte voor (grootschalige of intensieve) ontwikkelingen die niet passen binnen de doelstellingen voor het NNB en het beheer/herstel van de waterstructuren. Bestaande functies en bestaand gebruik binnen de groenblauwe kern worden gerespecteerd.

Voor de ontwikkeling van functies binnen de groenblauwe kern gelden de NNB-spelregels, zoals die door het Rijk/IPO zijn afgesproken: het 'nee, tenzij'-principe met toepassing van het compensatiebeginsel en met mogelijkheden voor de zogenaamde herbegrenzing en saldobenadering. De ontwikkeling van extensieve recreatie die zich richt op de beleving van natuurgebieden, is goed mogelijk. Deze ontwikkeling moet wel passen binnen de natuurdoelstellingen van het gebied en bijdragen aan de versterking van de aanwezige natuur- en landschapswaarden.

Versterking van het landschap Daarnaast heeft de provincie tot doel dat ontwikkelingen in het landelijk gebied een bijdrage leveren aan de versterking en beleving van het landschap, bijvoorbeeld door investeringen in de fijnmazige groenblauwe dooradering van het platteland, in het cultuurhistorisch erfgoed en in de versterking van de recreatieve structuur.

De provincie stelt zich op het standpunt dat het Brabantse landschap een voornaam onderdeel vormt van het erfgoed van Vincent van Gogh, vastgelegd in talrijke brieven, tekeningen en schilderijen. Waar het oorspronkelijke landschap nog aanwezig is, blijft dit behouden. Op andere plekken wordt het landschap dat Vincent schilderde gereconstrueerd. Door Van Goghs aanwezigheid in het Brabantse landschap wordt op een vanzelfsprekende wijze het culturele erfgoed en de natuur met elkaar verbonden: educatie, landschapsherstel en recreatie gaan hand in hand. Het klim-, speel- en educatiebos met avonturenpad draagt bij aan de in de Structuurvisie geformuleerde doelstellingen en ambities. Het Boshuys met klim-, speel- en educatiebos met avonturenpad is een economische drager voor het bestaande natuurgebied Geeneindse heide die daarmee het landschap en de cultuurhistorie waarden versterken. Daarnaast wordt middels het planvoornemen de recreatieve structuur versterkt.

Begrenzing NNB Het plangebied waar het planvoornemen is voorzien ligt deels in het NNB en wordt omringd door bosgebied dat in het NNB ligt. Echter bij de voorbereiding van het planvoornemen is gebleken dat de (voormalige) woning met bijbehorende tuin voor een deel begrenst is binnen het NNB. Gezien het (voormalige) geburik als woning en tuin is hier geen sprake van natuurwaarden. De gedeelten waar de gebouwen staan en die in gebruik zijn als tuin voldoen niet aan de criteria voor het natuurbeheertype 'Droog bos met productie'. Deze zouden geen onderdeel moeten uitmaken van het NNB. Hiervoor zou een ambtshalve wijzing van de begrenzing van het NNB vanuit de procincie noodzakelijk zijn om deze omissie te herstellen.

In dat kader is door de Bosgroep Zuid Nederland in opdracht van de gemeente Nuenen een

26

bestemmingsplan (vastgesteld)

notitie (advies Lieshoutseweg 6, 30 augustus 2018) opgesteld waarin onderbouwd wordt waarom de grens van de NNB ter plaatse van het plangebied aangepast dient te worden. Tevens wordt in dit advies een voorstel gedaan voor de herbegrenzing van het NNB. Dit advies is als Bijlage 2 opgenomen bij deze toelichting. Door deze herbegrenzing ligt Het Boshuys, bestaande uit een restaurant met een multifunctionele horecaruimte, Bed & Breakfast (B&B) met de bijbehorende parkeervoorziening volledig buiten het NNB, evenals het speelbos. Alleen het klim-, en educatiebos met avonturenpad valt hierdoor deels nog binnen de begrenzing van het NNB.

Voorstel concrete herbegrenzing NNB

Effecten klim- en educatiebos met avonturenpad binnen NNB In dezelfde notitie is tevens een ecologisch advies gegeven voor de impact van het klim- en educatiebos met avonturenpad. Daarin wordt geconcludeerd dat het klim- en educatiebos met avonturenpad maar beperkte (negatieve) effecten hebben op de waarden van het bos zelf en het bos in de omgeving. De effecten zijn in de notitie nader beschreven (zie Bijlage 2).

Lieshoutseweg 6, Nuenen

27

Mogelijke mitigerende maatregelen Voor beide inrichtingen (klim- en educatiebos) geldt dat met het gericht plaatsen van de voorzieningen een deel van de effecten als gevolg van verstoring kan worden beperkt (mitigatie), maar niet geheel weggenomen. Door de klimparcoursen en het educatiebos met avonturenpad alleen in het noordwestelijk deel van het bos, dichter bij de huidige bebouwing te plaatsen of deels in de open ruimten bij bebouwing, kan er voor zorgen dat verstoring minder ver het bospeceel en het aangrenzende bos in reikt. Door het educatiebos met avonturenpad te situeren onder de klimparcoursen vallen de effecten van beide onderdelen samen en reiken deze minder ver het bos in. Daarnaast kan bij plaatsing van elementen voor het educatiebos en de situering van het avonturenpad groeiplaatsen van varens en lelietje-van-dalen worden ontzien. Tevens wordt de onderbegroeiing gerespecteerd. Deze zal niet verwijdert worden omdat deze juist een belangrijk onderdeel vormt voor het educatiebos met avonturenpad.

Akoestisch onderzoek Tevens is een akoestisch onderzoek (Tritium, documentnummmer 1808/025/RV-01, 10 oktober 2019, Bijlage 3) uitgevoerd om de effecten c.q. verstoring van het klim- en educatiefbos met avonturenpad op de NNB te bepalen. Uit dit onderzoek kunnen de volgende conclusies worden getrokken*: De geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer op de Lieshoutseweg (N615) bedraagt ter plaatse van het gehele plangebied meer dan 45 dB. In het centrale deel van het plangebied bedraagt de geluidbelasting circa 50 dB. Uitgaande van een drempelwaarde in Lden van 39 dB is er in het gehele plangebied en directe omgeving reeds sprake van verstoring. De maximale geluidbelasting ten gevolge van stemgeluid ter plaatse van het terras bedraagt circa 45 dB(A). In de directe omgeving van het startplateau met ondergelegen educatiebos bedraagt de maximale geluidbelasting circa 49 dB(A). Beide geluidbelastingen zijn niet hoger dan de te plaatse aanwezige geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer. De geluidbelasting ten gevolge van stemgeluid bedraagt maximaal 31 dB(A) ter plaatse van het buiten het plangebied gelegen NNB-gebied. Uitgaande van een drempelwaarde van 42 dB(A) voor bosvogels zorgt het stemgeluid buiten het plangebied derhalve niet voor een (verdere) verstoring van het NNB-gebied. Direct rondom de tokkelbaan bedraagt de geluidbelasting circa 54 dB(A).

Dit is ter plaatse van zowel het NNB-gebied binnen als buiten het plangebied. Ter plaatse van de woning gelegen op het buurperceel aan de Lieshoutseweg 4 bedraagt de geluidbelasting maximaal 34 dB(A). De geluidbelasting ten gevolge van wegverkeerslawaai bedraagt hier 63 dB. In zowel het gehele plangebied en direct omliggend NNB-gebied is echter al sprake van verstoring (Lden >= 39 dB) ten gevolge van het wegverkeerslawaai. Voor de geluidproductie in het klimpark en educatiebos geldt bovendien dat dit enkel in de dagperiode plaatsvindt, terwijl de verstoring door wegverkeer het gehele etmaal doorgaat en behalve op geluidverstoring ook betrekking heeft op lichtverstoring. Voor de maximale geluidniveaus ten gevolge van stemgeluid op het buitenterras geldt dat deze nagenoeg in het gehele NNB-gebied onder 40 dB(A) blijft. Van verstoring door piekgeluiden afkomstig van het buitenterras is derhalve geen sprake. In het akoestisch onderzoek zijn de geluidniveaus tijdens de representatieve bedrijfssituatie

28

bestemmingsplan (vastgesteld)

berekend c.q. inzichtelijk gemaakt. Het aspect omgevingslawaai vormt geen belemmering voor het planvoornemen. In zowel het gehele plangebied en direct omliggend NNB-gebied is namelijk reeds sprake van negatieve effecten op de natuur c.q. verstoring ten gevolge van het wegverkeerslawaai. Verkeerslawaai wordt in tegenstelling tot stemgeluid door zowel mens als dier als een onnatuurlijke bron beschouwd en zorgt hierdoor bovendien sneller voor verstoring.

* Nadere toelichting ter verduidelijking conclusies akoestisch onderzoek: Het NMP4 benoemt geluid van verkeer als een onnatuurlijke bron van geluid en stelt dat het niveau maximaal een Letmaal van 40 dB(A) mag zijn om te kunnen spreken van een goede akoestische kwaliteit. Inmiddels wordt voor verkeerslawaai de eenheid Lden gebruikt en wordt uitgegaan van een Lden van 39 dB als grens voor goede akoestische kwaliteit. Overigens zijn de dB's van de Lden ook gewoon A-gewogen. De A wordt echter niet gebruikt om extra onderscheid te maken dus de (oude) WGH en de “nieuwe” Wgh. De geluidcontouren van het wegverkeer (Lden) zijn vergeleken met voornoemde 39 dB (Lden). De berekende geluidbelastingen (24-uurs gemiddelden in dB(A)) zijn vergeleken met Om een vergelijking te kunnen maken met een verstrekte contourenkaart van het verkeerslawaai (Lden) ter plaatse van het plangebied is het bos in voorliggend rapport net zoals bij de verstrekte contourenkaart niet middels beplantingsstroken gemodelleerd. Beplantingsstroken zorgen overigens slechts voor een reductie van maximaal 0,5 dB. de drempelwaarde voor bosvogels.

Conclusie Op basis van de bevindingen van Bosgroep Zuid Nederland is sprake van een ambtshalve herbegrenzing van de NNB, waardoor het planvoornemen (restaurant met een multifunctionele horecaruimte, Bed & Breakfast (B&B), speelbos en bijbehorende parkeervoorzieningen) grotendeels gelegen is buiten de NNB. Alleen het klim- en educatiebos met avonturenpad is deels gelegen binnen de NNB. De effecten van deze onderdelen van het planvoornemen op de NNB zijn beperkt. Door de aanwezige beplanting (waaronder de onderbegroeiing) zoveel mogelijk te respecteren en het klim- en educatiebos met avonturenpad hier zoveel mogelijk te integreren wordt de verstoring van de natuurwaarden tot een minimum beperkt. Voor de realisatie van het klim- en educatiebos met avonturenpad worden geen bomen gekapt en de bosbodem in stand gehouden. Daarnaast is uit het akoestisch onderzoek gebleken dat door de aangrenzende provinciale weg het plangebied reeds verstoord is. De realisatie van het klim- en educatiebos met het avonturenpad leidt niet tot een verder verstoring c.q. verslechtering van de situatie. Het functioneren van het Natuurnetwerk Brabant wordt derhlave niet extra belmmert. Ter plaatse van het klim- en educatiebos met avondturenpad is herbegrenzing van het Natuurnetwerk Brabant dan ook niet noodzakelijk.

Door de beoogde landschappelijk inpassing (zie paragraaf 2.3) wordt het planvoornemen verder geintergreerd binnen de bestaande natuur. Door de herbegrenzing en de beperkte effecten op de NNB in combinatie met de beoogde landschappelijke inpassing is er geen sprake van strijdigheid met de Structuurvisie.

De Verordening Ruimte 2014 bevat de juridische vertaling van de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening en komt in paragraaf 3.3.2 aan bod.

Lieshoutseweg 6, Nuenen

29

3.3.2 Verordening Ruimte 2014 (geconsolideerd 31 juli 2018) De Verordening Ruimte 2014 is de juridische vertaling van de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening en bevat derhalve onderwerpen die in de visie naar voren komen. De verordening bevat regels waaraan gemeenten zich dienen te houden bij het opstellen van bestemmingsplannen en het verlenen van omgevingsvergunningen waarbij afgeweken wordt van bestemmingsplannen. Ook wordt in de Verordening ruimte geregeld op welke wijze het regionaal ruimtelijk overleg, waarin afspraken worden gemaakt over verstedelijking (wonen, werken en voorzieningen), wordt georganiseerd.

Bevordering ruimtelijke kwaliteit Een van de hoofdlijnen van de Verordening Ruimte heeft betrekking op de ruimtelijke kwaliteit en kwaliteitsverbetering van het landschap. Deze kernkwaliteiten zijn in de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening en meer concreet en specifiek in de uitwerking van de Structuurvisie, door middel van Gebiedspaspoorten uitgewerkt. Gebiedskenmerken zijn de spil van ruimtelijke kwaliteit: het gaat daarbij om het verbinden van de opgave met de plek. In de Verordening ruimte is de bevordering van de ruimtelijke kwaliteit concreet vertaald in twee principes: zorgplicht voor ruimtelijke kwaliteit en kwaliteitsverbetering van het landschap.

De zorgplicht voor ruimtelijke kwaliteit behelst in hoofdzaak de regel dat de geboden ontwikkelruimte bijdraagt aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit. In het bijzonder geldt als regel het principe van zorgvuldig ruimtegebruik. Dat betekent dat eerst gekeken wordt naar mogelijkheden voor intensivering of hergebruik op of binnen bestaand bebouwd gebied. Nieuw ruimtebeslag moet zo veel mogelijk voorkomen worden. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen wil de provincie dat de initiatiefnemer zorgt voor: behoud en bevordering van de ruimtelijke kwaliteit; zorgvuldig ruimtegebruik. Natuur Netwerk Brabant Het gedeelte van het plangebied waarin het restaurant met een multifunctionele horecaruimte, Bed & Breakfast (B&B), het speelbos en parkeren zijn, na de ambtshalve herbegrenzing van het NNB voorzien buiten het NNB. De ontwikkeling van het klim- en educatiebos met avonturenpad is wel gelegen binnen het NNB. Ontwikkeling van beide functies is inpasbaar binnen het NNB. Uit nader onderzoek (zie paragraaf 3.3.1) is namelijk gebleken dat de effecten van het klim-en educatiebos met avonturenpad op de NNB beperkt zijn. Door de aanwezige beplanting (waaronder de onderbegroeiing) zoveel mogelijk te respecteren en het klim- en educatiebos met avonturenpad hier zoveel mogelijk te integreren wordt de verstoring van de natuurwaarden tot een minimum beperkt.

Voor de realisatie van het klim- en educatiebos met avonturenpad worden geen bomen gekapt en de bosbodem in stand gehouden. Daarnaast is gebleken dat door de aangrenzende provinciale weg het plangebied reeds verstoord is. Uit akoestisch onderzoek is gebleken dat de realisatie van het klim- en educatiebos met het avonturenpad niet leidt tot een verder verstoring c.q. verslechtering van de situatie. De lieshoutseweg zorgt voor een dusdanige geluidshinder dat reeds is sprake van een verstoord akoestisch klimaat. Door de beoogde landschappelijk inpassing (zie paragraaf 2.3) wordt het planvoornemen verder geintergreerd binnen de

30

bestemmingsplan (vastgesteld)

bestaande natuur.

Herbegrenzing groenblauwe mantel De bestaande bebouwing binnen onderhavig plangebied is na de herbegrenzing gelegen binnen de Groenblauwe mantel (restaurant, B&B, multfunctionele horecaruimte, speelbos en parkeren). De Groenblauwe mantel bestaat uit gebieden die overwegend grenzen aan het NNB, een ecologische verbindingszone of het zoekgebied voor behoud en herstel van watersystemen, en deze verbinden. Het betreffen natuurgebieden met overwegend grondgebonden agrarisch gebruik en belangrijke nevenfuncties voor natuur en water. Het deel van het plangebied dat binnen deze structuur ligt betreft het horecadeel, bestaande uit het restaurant, B&B, multifunctionele horecaruimte met bijbehorende parkeervoorzieningen, alsmede het speelbos. Het geheel wordt hier landschappelijk ingepast waardoor de natuurwaarde ter plaatse wordt versterkt.

Verordening Ruimte Noord-brabant, themakaart Natuur en Landschap met in rood de begrenzing van het plangebied. Het NNB, hier nog aangeduid als EHS is lichtgroen

Lieshoutseweg 6, Nuenen

31

Herbegrenzing NNB en Groenblauwe mantel met de beoogde functies aangegeven

Onderbouwing wijzigen en effecten op NNB Op basis van de bevindingen van de Bosgroep Zuid Nederland (zie Bijlage 2) is sprake van een 'foutieve' begrenzing van de NNB. Hiervoor is door de Bosgroep Zuid Nederland een voorstel gedaan voor een nieuwe concrete begrenzing van het NNB ter plaatse van de Lieshoutseweg 6 te Nuenen. Dit voorstel is afgestemd op de aanwezige natuurwaarden binnen het plangebied. Op basis van de beschikbare gegevens en het terreinbezoek wordt door de Bosgroep geconcludeerd dat de delen van de percelen die in gebruik zijn als tuin, daar waar gazon, sierheesters en tuinplanten domineren, en de delen waar bouwwerken staan niet voldoen aan de criteria van het natuurbeheertype Droog bos met productie. De smalle bossingel langs de Lieshoutseweg voldoet, ondanks de beperkte breedte en oppervlakte, wel aan de criteria van het genoemde natuurtype, en kan derhalve begrensd worden als NNB.

In het voorstel is alleen het NNB en de groenblauwe mantel ten oosten van de Lieshoutseweg onderzocht. De begrenzingen aan de westzijde van de Lieshoutseweg blijven ongewijzigd.

32

bestemmingsplan (vastgesteld)

Door deze voorgestelde herbegrenzing van het NNB is alleen het klim- en educatiebos met avondturenpad gelegen binnen de NNB. Er worden geen bomen gekapt en de bosbodem wordt in stand gehouden. Tevens is uit het akoestisch onderzoek gebleken dat de realisatie van het klim- en educatiebos met het avonturenpad niet leidt tot een verder verstoring c.q. verslechtering van de situatie. De Lieshoutseweg zorgt voor een dusdanige geluidshinder dat reeds sprake is van een verstoord akoestisch klimaat.

De effecten van dit klim- en educatiebos met avonturenpad op het NNB zijn daarmee nihil. Er is daardoor geen sprake van verlies van ecologische waarden en kenmerken. Herbegrenzing van het NNB ten behoeve van het klim- en educatiebos met avondturenpad is derhalve niet noodzakelijk. Er is hierdoor geen sprake van compensatie. Wel wordt het geheel landschappelijk ingepast waardoor de aanwezige natuurwaarden ter plaatse van met name de groenblauwe mantel versterkt wordt in aansluiting op Het NNB.

Daarnaast wordt voorzien in een kwaliteitsverbetering van het landschap door middel van landschappelijke inpassing. Hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 2.3 en 3.4.2. Met voorgestelde inpassingsmaatregelen wordt ondanks de ligging in een natuurlijke omgeving een bijgedragen aan een kwaliteitsverbetering. Door middel van de landschappelijke inpassingsplan wordt invulling gegeven aan artikel 3.2 van de Verordening ruimte.

Fucties restaurant, B&B en multifunctionele horecaruimte In afwijking van artikel 6.10 eerste lid, onder a (niet-agrarische functies) van de verordening, kan een bestemmingsplan dat is gelegen in de groenblauwe mantel voorzien in een vestiging van een recreatiebedrijf, mits: 1. 2. 3. 4.

de omvang van de bebouwing van de beoogde ontwikkeling ten hoogste 1,5 hectare bedraagt; in geval de bouw van recreatiewoningen op een verblijfsrecreatief terrein wordt beoogd, deze woningen bedrijfsmatig worden beheerd. Voor een bestaand bedrijf als bedoeld in het eerste lid is artikel 6.10, derde lid (redelijke uitbreiding), overeenkomstig van toepassing. In afwijking van artikel 6.7, eerste en tweede lid (wonen), is bij een bestaand grootschalig recreatiebedrijf een tweede bedrijfswoning toegestaan mits dit noodzakelijk is voor de bedrijfsvoering.

Ad 1. Ten behoeve van de beoogde functiewijziging wordt geen extra bebouwing voorzien. De beoogde functies van het planvoornemen (restaurant, B&B en milifunctionele horecaruimte) zijn voorzien binnen de bestaande bebouwing aan de Lieshoutseweg 6. Deze bebouwing kent een oppervlakte van 270 m²; Ad 2. Er worden geen recreatiewoningen gebouwd. Er worden uitsluitend 2 appartementen ten behoeve van een B&B gerealiseerd binnen de bestaande garage. De B&B wordt bedrijfsmatig beheert; Ad 3. Hier betreft hier geen bestaand bedrijf; Ad 4. Niet van toepassing.

Lieshoutseweg 6, Nuenen

33

Conclusie De voorgestelde herbegrenzing van het NNB betreft een ambtshalve wijziging. Hierdoor zijn het restaurant, B&B, multifunctionele ruimte, speelbos en de parkeervoorzienen buiten het NNB gelegen. Het hergebruik van de bestaande bebouwing is passend binnen de voorwaarden van de verordening.

De effecten van het klim- en educatiebos met avondturenpad op het NNB zijn beperkt en zorgt niet voor een toename van de geluidshinder omdat de natuur ter plaatse reeds verstoord is door de impact van de aangrenzende provinciale weg. Verder worden er geen bomen gekapt en wordt de bosbodem met onderbegroeiing in stand gehouden. Er is daardoor geen sprake van verlies van ecologische waarden en kenmerken. Er wordt hierdoor geen compensatie noodzakelijk geacht. Wel wordt het geheel landschappelijk ingepast om de aanwezige natuurwaarden ter plaatse te versterken.

3.4

Gemeentelijke beleidskaders

3.4.1 Structuurvisie Nuenen c.a. Op 5 november 2009 heeft de raad de Structuurvisie deel A 'Ruimtelijk Casco', een kaderstellend beleidsdocument voor het gemeentelijk grondgebied van de gemeente Nuenen vastgesteld. Op 23 juni 2010 heeft de raad de Structuurvisie deel B 'Projectenplan' vastgesteld. Op 18 juni 2015 heeft een wijziging van de Structuurvisie plaatsgevonden.

In Het Ruimtelijk Casco (deel A) wordt vanuit een bondige analyse een visie geformuleerd op het plangebied. Deze visie formuleert de ontwikkelingskoers en droombeleid voor de lange termijn en biedt het casco voor concrete projecten en plannen. Het is een toetsingskader, maar vormt tegelijkertijd ook een inspiratiekader voor de ruimtelijke ontwikkeling.

In Het Projectenplan (deel B) worden de ruimtelijke projecten en plannen voor de korte en middellange termijn benoemd en staat beschreven met welke instrumenten de uitvoering gestalte krijgt. Daarmee geeft de gemeente aan hoe zij haar beleid tot uitvoering wil brengen.

In de structuurvisie (Deel A en B samen) zijn diverse thematische en gebiedsgerichte beleidsstukken samengebracht en geïntegreerd. Het document legt de uitgangspunten van de verschillende bestaande beleidsdocumenten op gemeenteniveau vast en vervult een rol als toetsings- en inspiratiekader voor ruimtelijke beslissingen.

Visie op hoofdlijnen Nuenen is een gemeente met een uitstekend groen woon- en leefklimaat, die zich profileert op het gebied van gemeenschapszin, cultuur en natuur. De gemeente heeft daarnaast een belangrijke recreatieve betekenis voor de regio. Het landelijke en dorpse karakter van Nuenen is de gemeente dierbaar. Nuenen wil dan ook graag een groene gemeente blijven met rustieke kenmerken die zich onderscheiden van het verstedelijkt gebied in de regio. De

34

bestemmingsplan (vastgesteld)

kansen liggen onder andere in de investeringen in het buitengebied en natuurontwikkeling waarmee de diversiteit en aantrekkingskracht voor bewoners en recreanten wordt versterkt.

Plangebied Op onderstaande afbeelding wordt het Ruimtelijk Casco uit de Structuurvisie Nuenen van het plangebied weergegeven. Ter plaatse van het plangebied zijn geen geplande / mogelijke projecten weergegeven.

Uitsnede Ruimtelijk Casco Structuurvisie Nuenen met in rood het plangebied aangegeven

Ter plaatse van het plangebied geldt: voor transformatie afweegbaar gebied, groenstructuur in bebouwde kom en landschapsecologische zone oostkant. De aanduiding 'voor transformatie afweegbaar gebied' geeft aan dat het transformeren van onbebouwd gebied naar bebouwd gebied mogelijk is als dat nodig is om in de ruimtebehoefte te voorzien. Het

Lieshoutseweg 6, Nuenen

35

Boshuys wordt gerealiseerd in de bestaande bebouwing van een bestaand woonhuis, garage en schuur. Derhalve is deze aanduiding niet van toepassing op het planvoornemen.

Ten aanzien van groenstructuur in de bebouwde kom speelt ook de inrichting van de openbare ruimte en de aansluiting op de omliggende bebouwing en het aangrenzende buitengebied een voorname rol. Nuenen moet hierbij haar karakteristieke landschappelijke en groen karakter behouden. Dit kan onder andere door bij de planvorming reeds rekening te houden met een aantal doelstellingen. Bewust omgaan met de overgangen tussen dorp en buitengebied; Balans tussen rood en groen creëren; Landschapskarakteristiek opnemen in de wijk; Historische structuur oppakken; Herkenbare wijkstructuur realiseren Aantrekkelijke groenstructuur realiseren; Ecologisch en cultuurlijk groen benutten; Volwaardig invulling groenstructuur bij inbreidingen. De landschapsecologische zone aan de oostkant is een structurerende groene bufferzone tussen twee stedelijke kernen in een stedelijke regio, die bestaat uit een combinatie van gebieden voor de grondgebonden landbouw, de natuur en de recreatie, en een verbindende functie heeft voor aangrenzende landelijke regio's, zowel in landschappelijk als in ecologisch opzicht.

Conclusie Het klim- speel- en educatiebos met avonturenpad, als onderdeel van het totale planvoornemen, voorziet in de realisatie van een recreatieve functie in een overgangsgebied van stedelijk naar landelijk gebied. Het klim-, speel- en educatiebos met avonturenpad sluit daarmee aan bij de gemeentelijke structuurvisie. Tevens wordt de vrijkomende bebouwing hergebruikt voor een recreatieve funtie (restaurant, B&B, multifunctionel horecagedeelte). De locatie wordt daarmee getransformeerd van een woonfunctie naar recreatieve functies welke als recreatieve poort goed past binnen het overgangsgebied naar het aangrenzende landelijk gebied. Er wordt bewust omgegaan met dit overgangsgebied door de combinatie van verschillende recreatie functies te combineren. Daarnaast wordt er ook nog gebruik gemaakt van ecologische waarden in het gebied om bezoekers aan te trekken, er ontstaat hierdoor een beleefbare natuur.

36

bestemmingsplan (vastgesteld)

3.4.2 Landschapsinvesteringsregeling gemeente Nuenen c.a. Op 25 juni 2013 is de Landschapsinvesteringsregeling gemeente Nuenen c.a. vastgesteld. In de Verordening Ruimte van de provincie Noord - Brabant zijn regels vastgelegd die de belangen van de provincie bij ruimtelijke ontwikkelingen moeten beschermen. In artikel 3.2 van de Verordening Ruimte wordt verplicht gesteld dat ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied bij moeten dragen aan de verbetering van de kwaliteit van het landschap. Deze Landschapsinvesteringsregeling (LIR) is van toepassing op alle ontwikkelingen in het buitengebied die in strijd zijn met het geldende bestemmingsplan, maar waaraan vanuit ruimtelijke overwegingen toch medewerking kan worden verleend. De verplichting om de kwaliteit te verbeteren komt bovenop de 'basis'-verplichting om de zorgen voor de (handhaving) van de ruimtelijke kwaliteit in het buitengebied, zoals opgenomen in artikel 3.1 van de Verordening Ruimte.

De Verordening Ruimte schrijft niet voor hoe en in welke mate ontwikkelingen aan de kwaliteit van het landschap moeten bijdragen. De provincie heeft zich hierbij nadrukkelijk op het standpunt gesteld dat gemeenten dit zelf mogen bepalen. De provincie stelt in de handreiking wel minimale eisen.

Op grond van de Verordening Ruimte worden investeringen in: 1. de kwaliteit van bodem, water, natuur, landschap en cultuurhistorie; 2. extensieve recreatieve mogelijkheden. beschouwd als investeringen in de kwaliteit van het landschap.

De gemeente Nuenen vindt het van belang dat de wijze waarop met de LIR wordt omgegaan onderling wordt afgestemd. Met het planvoornemen wordt geïnvesteerd in de kwaliteit van de natuur. Door de herbegrenzing van de het NNB wordt meer recht gedaan aan de feitelijke natuurlijke situatie. Het uitwisselen van natuur met een lage ontwikkelingswaarde voor natuur met een hoge ontwikkelingswaarde moet worden gezien als natuur versterkend. Een horecaonderneming op deze locatie draagt hier verder aan bij door de concentratie van activiteiten als startpunt voor de recreatieve ontsluiting van het aangrenzende natuurgebied.

Niet alle ontwikkelingen hebben een even grote negatieve impact op de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. De impact wordt onder meer bepaald door: de omvang van de ontwikkeling; is er sprake van nieuw ruimtebeslag of wordt er gebruik gemaakt van de bestaande bebouwing; de aard van de locatie en de omgeving; de aard van de ontwikkeling en de mogelijke hinder voor de omgeving (verkeersaantrekkende werking); betreft het een (traditioneel) gebiedseigen of gebiedsvreemde ontwikkeling; de 'gewenstheid' van een ontwikkeling vanuit een (sectorale) beleidswens; Rekening houdend met deze impact op de omgeving worden categorieën van ruimtelijke ontwikkelingen onderscheiden. Afhankelijk van de impact wordt bepaald hoe invulling wordt

Lieshoutseweg 6, Nuenen

37

gegeven aan artikel 3.2 van de Verordening Ruimte (VR). 1. 2.

3.

Categorie 1: Ruimtelijke ontwikkelingen die geen (extra) kwaliteitsverbetering van het landschap vereisen. Categorie 2: Ruimtelijke ontwikkelingen waarbij de kwaliteitsverbetering van het landschap wordt vormgegeven door te voorzien in een goede landschappelijke inpassing. Categorie 3: Ruimtelijke ontwikkelingen waarbij de basisinspanning voor kwaliteitsverbetering wordt genormeerd in euro's (op basis van forfataire bedragen).

Conclusie De ontwikkeling valt onder categorie 2. Het planvoornemen wordt zoveel mogelijk ingepast in haar omgeving. In dat kader is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld (zie paragraaf 2.3) waar, ondanks dat het plangebied is gelegen in een natuurlijke omgeving, in een kwaliteitsverbetering van het landschap wordt voorzien. De functies van restaurant, B&B en het multifunctionele horecagedeelte wordt gerealiseerd binnen de bestaande bebouwing, waardoor deze een nieuwe passende functie krijgt. De hiervoor noodzakelijke parkeerplaatsen zijn voorzien tussen de bestaande natuurstrook langs de provinciale weg en de voormalige woning, ter plaatse van de huidige tuin. Hiermee wordt geen afbreek gedaan aan de aanwezige natuurwaarden en het landschap.

Het speelbos is voorzien op de bestaande open plek maar zal het karakter van deze open plek niet veranderen. De realisatie van het klim- en educatiebos met avonturenpad is voorzien in het bos aansluitend aan de open plek. Er worden hiervoor geen bomen gekapt en de bosbodem blijft behouden. Er worden alleen bestaande paden gebruikt voor het avonturenpad. Daarbij vindt versterking van de aanwezige natuurwaarden plaats door de beoogde landschappelijk inpassing.

Daarnaast is naar aanleiding van het planvoornemen geconcludeerd dat de begrenzing van het NNB niet in overeenstemming is met de feitelijke situatie. Derhalve is sprake van een ambtshalve herbegrenzing van het NNB. Verder zijn de effecten van het planvoornemen (met name klim- en educatiebos met avondturenpad) op het NNB nihil (zie paragraaf 3.3.1 en 3.3.2). Hiermee rekening houdend wordt het planvoornemen ingedeeld bij categorie 2: Ruimtelijke ontwikkelingen waarbij de kwaliteitsverbetering van het landschap wordt vormgegeven door te voorzien in een goede landschappelijke inpassing. Hierin wordt voorzien op basis van voorgestelde landschappelijke inpassing in paragraaf 2.3 en bijbehorende Bijlage 1. 3.4.3 Intergemeentelijke Structuurvisie Rijk van Dommel en Aa De zeven gemeenten in het Rijk van Dommel en Aa hebben gezamenlijk een Intergemeentelijke Structuurvisie (ISV) vastgesteld. In de ISV is vastgelegd wat de gemeenten de komende jaren willen bereiken in het Rijk van Dommel en Aa en hoe ze dat willen aanpakken. De basis voor de ISV is gelegd in het wensbeeld, wat de gemeente voorafgaand hebben uitgewerkt. Niet alleen dit wensbeeld, maar ook de gemeentelijke en provinciale structuurvisies vormt de basis voor de ISV Rijk van Dommel en Aa.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11109618/1