20210309 Beantwoording vragen RIB verfijning en ontsluiting Nuenen West
Tekst van het document
memo Onderwerp Van Aan Cc Datum Bijlagen Corsanummer
: Beantwoording technische vragen over de RIB verfijning en ontsluiting Nuenen West : wethouder Van Brakel : commissie Ruimte : college : 08-03-2021 : : 2021.02325
Vragen commissie Ruimte Onderwerp: RIB verfijning en ontsluiting Nuenen West Vragen fractie CDA RIB Nuenen West In de rib schrijft u dat de verfijnde variant X voor Nuenen en Nuenen West de meest gunstige condities biedt voor leefbaarheid, verkeersveiligheid en langzaam verkeer. Vraag: Naar onze mening wordt bij variant X het kruispunt Wettenseind/Geldropsedijk door afslaand auto- en fietsverkeer onveilig; zowel vanuit de noordelijke als zuidelijke richting Geldropsedijk. In de memo lezen we dat dit kruispunt wordt aangepast. In bijlage lezen we dat dit kruispunt opengaat voor alle richtingen via een voorrangsregeling? Aan welke concrete verkeersveilige oplossing denkt u? Antwoord: De bestaande linksafverboden zijn circulatiemaatregelen, bedoeld om doorgaand verkeer over Wettenseind te ontmoedigen. Dat is straks niet meer nodig. Hoewel de exacte technische aanpassing van deze kruising buiten de reikwijdte valt van het bestemmingsplan zelf, is een goede oplossing zeker mogelijk. Gegeven de situatie en het toekomstige gebruik (intensiteit motorvoertuigen per etmaal) is een aansluiting mogelijk waarbij alle rijrichtingen mogelijk zijn. Er ontstaat dan een voorrangskruising, die conform richtlijnen Duurzaam Veilig ingericht wordt. De doorgetrokken middengeleider kan verwijderd worden. Een ingrijpende reconstructie is niet nodig.
Eventueel kan snelheid van gemotoriseerd verkeer verlaagd worden door een (flauw) verkeersplateau op de Geldropsedijk. Fietsverkeer verdient in ieder geval aandacht bij de vormgeving.
Vraag: Ook bij kruising fietsstraat Opwettenseweg met Bakertse landweg/Bultsepad vragen we ons af hoe dit strookt met kruisend doorgaand auto- en fietsverkeer op de Opwettenseweg en idem op kruising Velakker/Bultsepad. Hoe denkt u dit verkeersveilig op te lossen? Antwoord: Het is juist zo belangrijk dat doorgaand autoverkeer van de Opwettenseweg geweerd wordt. Daar biedt variant X gunstige randvoorwaarden voor. De oversteek is dus al zeer sterk verbeterd zonder de hoofdstroom gemotoriseerd verkeer. Het gaat dan nog over stromen langzaam verkeer die kruisen met fietsverkeer via de Bultsepad en de Opwettenseweg. Bij de brink Opwettenseweg-Bultsepad-Velakker zal verder in detail gekeken worden waar en op welke wijze oversteken gerealiseerd worden. Dit is maatwerk op locatie. Oversteken kunnen bijvoorbeeld met zogenaamde kanaalstrepen gemarkeerd worden. Verder buiten de bestemmingsplangrenzen (zoals op de kruising Velakker-Bultsepad) kunnen maatregelen overwogen worden ter verbetering van fietsverbindingen. Die zijn nu niet concreet aan de orde of noodzakelijk voor dit bestemmingsplan. Vraag: Gaat de snelfietsroute lopen via Wolvendijk-Opwettenseweg Zuid-Bultsepad? Er ontstaan via deze route 3 diverse fietspadregimes, gescheiden fietspaden, fietsstraat en enkelzijdig fietspad; dat is niet consistent.
Bent u dat met ons eens? Hoe gaat de snelfietsroute verder ingepast worden door Nuenen? Antwoord: Hiervoor verwijzen wij naar de structuur zoals opgenomen in de module Fietsverkeer. De daarin opgenomen structuur voor het fietsnetwerk een ‘backbone’ van een prioritaire (snelfiets)route. Die loopt (vanaf Gerwen ZO tot aan de centrale bushalte en) vanaf de rotonde Meierijlaan tot de Wolvendijk. (Het netwerk is ook fijnmazig: met een druk befietst noordelijk gedeelte van de Opwettenseweg). Zo’n netwerk realiseer je niet ineens. Wij zijn het met u eens dat de vormgeving van de hoofdstructuur zo consistent mogelijk (herkenbaar en comfortabel) moet zijn. Daar zullen we bij de verdere uitwerking en realisatie zeker op inzetten. Vragen fractie VVD Vraag: Wat vindt het college van de gedachte om in de besluitvorming op enigerlei wijze een rustpauze in te lassen, zodat de bouw kan doorgaan, maar er ruimte ontstaat om in alle rust een afgewogen besluit te kunnen nemen; bijvoorbeeld op de wijze zoals ingebracht en uitgelegd door de heer P. Bartholomeus in zijn memo, dat de griffier bij email van 23 februari jl. aan raad en college heeft toegezonden? Graag een onderbouwd antwoord. Antwoord: In de betreffende brief/memo aan de raad wordt door de heer P. Bartholomeus aangegeven dat het hanteren van een andere fasering meer ruimte zal bieden om te komen tot een oplossing.
Dit zou mogelijk zijn door het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. Wij willen u er op wijzen dat over de fasering van Nuenen West afspraken zijn gemaakt met de ontwikkelaar BPD, de provincie en de regio. Als het bestemmingsplan gewijzigd wordt vastgesteld (met een andere fasering) handelt u in strijd met deze afspraken. De ontwikkeling van het noordelijk deel van het plangebied tussen Boord en Europalaan (fase 3) is door de provincie gekoppeld aan een voorwaardelijke verplichting voor de aanleg van het Dommelpark. Voor de ontwikkeling van het middendeel (fase 1 tussen de Europalaan en Opwettenseweg) moet de ontsluitingsstructuur bekent zijn in verband met milieuaspecten (o.a. geluidsbelasting). Daarbij heeft de ontsluiting van het plangebied op diverse aspecten van
milieu/ruimtelijke ordening invloed op het gehele plangebied. In het kader van goede ruimtelijke ordening hoort dit in zijn geheel beoordeeld te worden. Qua invloeden naar geluid/ verkeer is de ontsluiting van het zuidelijk deel niet los te beoordelen van de overige delen van het plangebied. Dit vraagt om een helder besluit bij de vaststelling van het bestemmingsplan.
Handtekening portefeuillehouder
wethouder Van Brakel