CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-33 RIB Wonen onderzoek, matrix en programma wonen

Commissie Ruimte 14 september 2021, gemeente NuenenBij agendapunt: Schriftelijke vragen en Raadsinformatiebrieven3.874 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de leden van de gemeenteraad

Raadsinformatiebrief Afdeling: Ontwikkeling en Handhaving

Doorkiesnummer Onderwerp Datum

: 547 : Regionaal woningbehoefteonderzoek, plancapaciteit en Voortgang Programma Wonen : 14 juli 2021

Geachte raadsleden, 0. Inleiding In het Stedelijk Gebied Eindhoven (hierna SGE) is een regionaal woningbehoefteonderzoek uitgevoerd door bureau STEC. Wij bieden u dit hierbij ter kennisname aan (bijlage 1). In deze brief gaan we eerst in op de regionale conclusies van het onderzoek (2). Het onderzoek bevat ook een lokale factsheet. Deze duiden we in deze brief (3). Vervolgens gaan we nader in op het Nuenens Programma Wonen (4). Wat is er bereikt, en hoe dragen plannen bij aan de woonopgaven? 1. Samenvatting Het regionale onderzoek laat op regionaal niveau een aantal trends zien: onder meer verdere huishoudensgroei en vergrijzing. Er zijn dan ook meer gelijkvloerse woningen nodig. Toch zien we zeker ook op korte termijn een vraag naar eengezinswoningen in de koopsector. Om de gewenste doorstroming te bevorderen, is meer aanbod nodig in de 'gouden driehoek' van de sociale huur, sociale koop en middenhuur. Er zijn regionaal al veel plannen: hier uitvoering aan geven heeft prioriteit. De onderzoeksresultaten voor Nuenen herkennen we grotendeels uit eerder lokaal onderzoek. Ook in onze gemeente hebben we veel plannen, waarvan het zaak is deze uit te voeren om de prioritaire doelgroepen uit het Programma Wonen beter te kunnen huisvesten en doorstroming op gang te brengen. 2.

Regionale woningbehoefteonderzoek 2.1 Inleiding De negen gemeenten in het SGE werken regionaal intensief samen op het thema ‘wonen’. De druk op de woningmarkt is groot, de grote gezamenlijke opgave wordt breed gevoeld. Als uitwerking van de Woondeal, die wij als regio in 2019 afsloten met de rijksoverheid en

1

provincie, is een woningbehoefteonderzoek uitgevoerd door een extern adviesbureau (STEC). Kern van het onderzoek is het in beeld brengen van de woningbehoefte op regionaal niveau tot 2040: zowel kwantitatief als kwalitatief (welke woningen en waar). De provinciale prognose vormt de basis, inclusief inhaalvraag om het huidige tekort in te lopen. Ook heeft een lokale uitwerking plaatsgevonden. Het onderzoek is beleidsneutraal; het geeft modelmatig inzicht in de woningvraag op basis van trends uit het verleden, prognoses, woonwensen zoals we die nu kennen, et cetera. Dit is in zichzelf een hele waardevolle onderlegger, maar wij vertalen dit nadrukkelijk niet één op één naar een woningbouwprogramma of beleid. Dit vraagt een nadere uitwerking, waarbij ook andere bouwstenen een plek krijgen - zoals de ambities uit de Woondeal en uit het MIRT. Dit komt onder meer samen in een te actualiseren Afsprakenkader Wonen en het Verstedelijkingsakkoord (in ontwikkeling). 2.2 Uitkomsten onderzoek op regionaal niveau Roltrapregio bevestigd Buitenlandse migratie speelt een belangrijke rol in onze inwonersgroei, Eindhoven vormt daarin een belangrijke schakel. De werking van het SGE als ‘roltrapregio’ wordt nogmaals bevestigd (instroom van buiten het SGE naar de stad Eindhoven en vervolgens doorstroming naar overige gemeenten).

De huishoudensgroei zit de komende jaren voornamelijk in de doelgroep 65 jaar en ouder. Scenario’s met verschillende doorstroming Het onderzoek kent 2 scenario’s: Scenario 1 gaat uit van een goed werkende woningmarkt met doorstroming. Scenario 2 gaat uit van beperkte doorstroming. Op dit moment is scenario 2 het meest passend in de huidige woningmarkt. Veel huishoudens kunnen nu hun woonwensen niet realiseren. Doorstromen van bijvoorbeeld een sociale huurwoning naar een betaalbare koopwoning is bijvoorbeeld lastig. Er is een duidelijke relatie zichtbaar tussen de segmenten sociale huur, midden huur en goedkope koop. STEC noemt dit de ‘gouden driehoek’ van de woningmarkt. Vraag naar appartementen en grondgebonden woningen Het merendeel van de vraag gaat uit naar appartementen. Dit is onder andere het gevolg van de vergrijzing en huishoudensverdunning. Toch is er ook een robuuste en grote vraag naar grondgebonden koopwoningen, vooral op korte termijn. Confrontatie tussen vraag en planaanbod Wanneer we kijken naar de confrontatie van woningbehoefte en de woningbouwplannen op korte termijn dan zien we dat we goed op weg zijn. Er zijn heel veel woningbouwplannen, vooral op de korte termijn. Dit sluit aan bij de versnellingsopgave waar we samen hard aan werken.

Aan grondgebonden koopwoningen zijn tot aan 2025 genoeg plannen, voor de periode daarna (2025-2030) lijkt er nu te weinig planaanbod. Kijken we naar de plannen voor appartementen tot aan 2025 dan concluderen we dat er meer plannen zijn dan vraag, vanaf 2025 zijn vraag en aanbod weer meer in evenwicht.

2

Op de lange termijn is er ruimte voor extra plannen geconstateerd. Met de ambities en plannen in voorbereiding zullen we hieraan de komende jaren invulling geven. Vraag en ambitie naar hoogstedelijk wonen STEC constateert relatief veel planaanbod in een centrum-stedelijke setting. Dit komt mede voort uit de ambities gedeeld in het MIRT, waarin de nadruk ligt op het toevoegen van woningbouw langs hoogwaardig openbaar vervoer en voorzieningen in een stedelijke setting. STEC constateert dat de vraag meer uitgaat naar stedelijk wonen buiten het centrum dan naar hoogstedelijk wonen, maar geeft ook aan dat uitwisseling tussen beide milieus mogelijk is. Hier ligt dus ook een ontwerpopgave; het gevoel en de kenmerken van een grondgebonden woning te realiseren in een appartement, dichtbij alle voorzieningen en voldoende groen. 2.3 Onderzoek woningcorporaties De samenwerkende corporaties in Zuidoost Brabant hebben door bureau ABF een onderzoek laten uitvoeren naar de ontwikkeling van de woningmarkt en in het bijzonder de sociale huursector. Beide onderzoeken vullen elkaar goed aan. Het onderzoek voor de corporaties is eveneens bijgevoegd (3). De uitvoerende adviesbureaus hebben gezamenlijk een oplegger gemaakt om de onderzoeken te duiden en te verbinden. Zie bijlage (4). 3.

Het regionale woningbehoefteonderzoek: factsheet Nuenen Het regionale onderzoek van STEC bevat ook een bijlage (2) die betrekking heeft op Nuenen. Voor de volledigheid wijzen wij u erop dat dit een modelmatig onderzoek is, gebaseerd op de provinciale prognoses voor Nuenen en regionale woonwensen – het heeft geen specifieke Nuenense input zoals het woningmarktonderzoek van Companen dat nadrukkelijk wel had. In dit lokale onderzoek van Companen is onder meer gewerkt met lokale woonwensen en is Nuenen-West ingerekend. Een andere kanttekening is dat het model vanuit het regionale schaalniveau tot op een zeer laag schaalniveau is doorgerekend. We zijn terughoudend met de interpretatie van getallen om schijnzekerheid te voorkomen, wel kunnen we de richting gebruiken. Een ander punt van aandacht: dit is een onderzoek, op basis van prognoses, trends uit het verleden, woonwensen, et cetera. Wij vertalen dit niet één op één naar de opgave, maar kijken ook naar de woonopgaven vanuit het Programma Wonen. Zo kan het goed zijn om juist producten aan te bieden waar op basis van trends/prognoses weinig of geen vraag naar lijkt, bijvoorbeeld om een gezonde mix van leeftijdsgroepen, inkomensgroepen et cetera te bewerkstelligen. Als er in een kleine kern bijvoorbeeld weinig aanbod voor jongeren is omdat er weinig is gebouwd, blijven ze ook niet hier/verhuizen ze hier niet naar toe.

Onderzoeksmatig is er dan geen aanleiding in aanbod voor hen te voorzien, maar beleidsmatig misschien wel des te meer.

3

Wat zien we in de Nuenense factsheet? STEC: In totaal zien we in Nuenen tot 2040 een opgave voor circa 910 woningen. Dit is gebaseerd op provinciale prognoses. STEC signaleert door de vergrijzing een behoefte aan nultredenwoningen, vooral in het koopsegment en sociale huursegment.

Duiding

STEC: ‘door groei gezinnen behoefte aan grondgebonden woningen’.

Ook deze constatering herkennen we uit het lokale onderzoek en is ook meegenomen in het Programma Wonen. We willen ook deze doelgroep behouden/aantrekken – onder meer met Nuenen-West. Dit herkennen we maar ten dele. De krapte in de sociale huurmarkt is dusdanig groot (en zeker ook de vraag naar eengezinswoningen in de sociale huur) en de doorstroming zo laag, dat wij een overschot aan dit segment niet herkennen.

STEC: uit de modellen blijkt een negatieve opgave voor grondgebonden sociale huur. Tegelijkertijd is er wel een constante opgave voor appartementen in de sociale huur. De opgave in de sociale huur is daarmee voornamelijk kwalitatief en kan deels worden opgevangen door aanpassing (splitsen) van bestaande grondgebonden woningen. STEC constateert dat we in Nuenen veel plancapaciteit hebben ten opzichte van de vraag.

STEC constateert dat we een overschot aan huurplannen hebben. STEC constateert een aanvullende behoefte aan geschikt wonen, waaronder nultredenwoningen. STEC constateert in figuur 28 een aanvullende vraag aan intramurale woonvormen, vooral beschermd wonen voor psychogeriatrische en somatische indicaties (+76). Dit hangt samen met de vergrijzing.

Dat we Nuenen-West ook ontwikkelen voor de regionale vraag, is hierin niet meegenomen.

Deze conclusie herkennen we uit het lokale onderzoek en vormt de basis voor het Programma Wonen. Dit is dan ook precies de richting die we met projecten willen volgen.

Wel is het zo dat binnen de sociale huursector de vraag vooral komt van kleine huishoudens. Vandaar dat wij ook met corporaties afspraken maken over het toevoegen van appartementen voor voornamelijk jongeren en ouderen en het splitsen van grote woningen naar meerdere kleinere woningen. Dit komt omdat we met Nuenen-West een erg groot plan hebben, dat is gericht op de regionale vraag. Ook wanneer we Nuenen-West niet meetellen, hebben we meer plannen dan de vraag/prognoses voorzien. Het is dus niet zozeer nodig om nieuwe plannen in ontwikkeling te nemen, maar vooral om bestaande plannen uit te voeren. Dit komt voort uit een theoretisch overschot in Nuenen (en in de gehele regio) aan grondgebonden huurwoningen. Dit herkennen we niet. We zien in dit segment een grote opgave. Zie hierboven. Deze vraag herkennen we en komt ook terug in het lokale woningmarktonderzoek en Programma Wonen – en in woningbouwplannen. Deze vraag herkennen we en komt ook terug in het lokale woningmarktonderzoek, het Programma Wonen en woningbouwplannen.

4

Niet in factsheet: STEC constateert voor de kernen Gerwen en Nederwetten een aanvullende kwalitatieve behoefte aan appartementen (vergrijzing) en een theoretisch overschot aan eengezinswoningen. In totaal zou de voorraad hier zelfs kunnen afnemen.

De afname van de totale behoefte herkennen we niet. Dat meer gelijkvloerse woningen iets kunnen toevoegen aan de huidige woningvoorraad onderschrijven we. Het theoretische overschot aan eengezinswoningen begrijpen we vanuit de opbouw van de voorraad nu (veel eengezinskoopwoningen), maar het is ook goed om juist jonge huishoudens aan te blijven trekken. Wij trekken de uitkomsten op dit lage schaalniveau dusdanig in twijfel, dat wij ze niet gebruiken.

We kunnen concluderen dat de hoofdlijnen in overeenstemming zijn met het onderzoek van Companen, en dat dit ook in het Programma Wonen / concrete woningbouwplannen een plek heeft gekregen. 4. Programma Wonen Een jaar geleden heeft uw raad het Programma Wonen 2020-2030 vastgesteld. Eén van de kernelementen uit dit Programma is het huisvesten van doelgroepen op de Nuenense woningmarkt. Met deze brief willen wij u meenemen in de stand van zaken. Wij beginnen met een korte terugblik op 2020: de koopsector en de sociale huursector. Vervolgens kijken we naar de woningbouwplanning en hoe de plannen voorzien in de vraag. Ook geven we aan hoe invulling is gegeven aan andere onderdelen van het Programma. 4.1 Terugblik op 2020 Marktontwikkelingen in de koopsector De koopmarkt heeft zich in Nuenen in 2020 net als in geheel Nederland en de regio op een bijzondere wijze ontwikkeld. In de corona-crisis is het aantal transacties toegenomen, en ook de gemiddelde verkoopprijs steeg (tot gemiddeld € 460.000 in het laatste kwartaal van 2020). We zien we dat de transacties zich steeds meer in duurdere segmenten afspelen (boven 3 ton). Tot 2 ton zijn er nauwelijks verkopen (want nauwelijks aanbod), het aantal verkopen in het middensegment tussen 2 en 3 ton daalt. We zien dat de rijwoningen steeds duurder worden: gemiddeld 3,5 ton. Verder zijn er weinig appartementen verkocht.

Voor koopstarters is de markt in 2020 dus nog lastiger geworden. En ook voor (oudere) doorstromers richting koopappartementen is de Nuenense markt dun. De vrije sector huurmarkt is kleiner en minder goed gedocumenteerd. Marktontwikkelingen in de sociale huursector De sociale huurmarkt is regionaal georganiseerd. Regionaal zien we een krapper wordende sociale huurmarkt. Het aantal woningzoekenden stijgt, het aantal vrijkomende woningen daalt en de slaagkans van woningzoekenden daalt dus ook. Ingezoomd op de gemeente Nuenen c.a., zien we dat er in 2020 91 woningen zijn verhuurd door Helpt Elkander en Woonbedrijf. In voorgaande jaren was dit aantal nog hoger dan 100. Gemiddelde inschrijfduur van de mensen die in Nuenen een sociale huurwoning hebben betrokken: 7,6 jaar (Metropoolregio 6,5 jaar). De zoektijd, de periode waarin mensen actief zoeken voordat men een woning vindt, was gemiddeld ruim 11 maanden

5

(Metropoolregio: 13 maanden). Ruim 50% van de verhuringen (47) vond plaats aan inwoners van de gemeente. Andersom vonden 68 Nuenense woningzoekenden elders een woning. Opvallend is dat 48 woningen van de 91 verhuurde woningen via zogenaamde ‘bemiddelingen’ oftewel rechtstreeks zijn verhuurd - dus niet via het regionale toewijzingssysteem Wooniezie. Het gaat onder meer om specifieke zorgwoningen en verhuringen aan urgent woningzoekenden. Vanaf maart 2021 kunnen urgenten overigens zelf reageren op woningaanbod. Op geadverteerde woningen in Nuenen via Wooniezie reageerden gemiddeld 519 woningzoekenden per woning (MRE: 505). Vooral eengezinswoningen zijn in trek. De slaagkansen voor jonge woningzoekenden zijn minder goed dan voor oudere woningzoekenden. Via het verloten van woningen maken ook mensen die niet lang staan ingeschreven (zoals jongeren) kans op een woning. In Nuenen zijn in 2020 2 woningen verloot. Verder zijn er door Helpt Elkander in 2020 33 leeggekomen woningen in de Vinkenhofjes (vooruitlopend op sloop en nieuwbouw) tijdelijk verhuurd, 8 aan jongeren tot en met 22 jaar en 25 woningen aan mensen tussen 23 en 35 jaar oud. Opgeleverde woningen In 2020 zijn 166 woningen opgeleverd, allemaal koopwoningen. Het merendeel betreft eengezinswoningen in Nuenen-West en Gerwen ZO. Momenteel zijn 75 woningen in aanbouw.

4.2 Vooruitblik Genoeg plannen Wij onderschrijven de alom gevoelde krapte op de woningmarkt. Wat we zien, is dat we zowel regionaal als lokaal niveau veel plannen voor woningbouw hebben, die door allerlei redenen maar moeilijk tot realisatie komen. De reflex is om meer en nieuwe plannen te ontwikkelen. Op het niveau van de gemeente Nuenen hebben wij echter al heel veel plannen; vooral met Nuenen-West. Nuenen-West is natuurlijk mede bestemd voor de regionale vraag. Maar ook zonder Nuenen-West hebben we lokaal al voldoende plancapaciteit om in de getalsmatige vraag te voorzien. Wij willen de prioriteit daarom leggen op het uitvoeren en verbeteren van bestaande plannen. Overzicht Als bijlage 5 vindt u een vereenvoudigde versie van de woningbouwmatrix, welke recent door ons is geactualiseerd. Deze matrix betreft een volkshuisvestelijk indicatief overzicht van woningbouwlocaties en mogelijke locaties; het betreft nadrukkelijk geen ruimtelijke besluiten. Deze worden altijd separaat genomen. Er kunnen dan ook geen rechten aan worden ontleend. Doelgroepen In het Programma Wonen en in de Prestatieafspraken hebben we de opgave aan sociale huur gesteld op 325 tot 2030 (netto toevoeging), waarvan 150 in de periode tot en met

6

2024. In de woningbouwplanning zijn de volgende toevoegingen in het sociale huursegment opgenomen: project Vincent van Goghstraat en Bergvinkhof

aantal 20

toelichting Al gerealiseerd door HE

Witte Hondpad

16

Nuenen-West

95

Nuenen-West tijdelijk Wederikdreef Lyndakkers

100 41 11

Vinkenhofjes

30

Parkstraat-Vort

12

Vrouwkensakker Mieke Sandershof Splitsen Potentieel: Loods van Helpt Elkander, Kloostertuin, Boschhoeve

22 8 4 Ca. 40

Bouw wordt gestart door Wooninc. In afspraken en bestemmingsplan, nog geen corporatie Wordt verkend Ook zorgeenheden, HE Regionale pilot standaardwoning, HE Inschatting van de netto toename aan sociale huur, HE Inschatting van de netto toename, HE Inschatting, HE woonwagenlocatie, HE Woonbedrijf n.t.b.

Totaal: ca. 400 Indicatief overzicht voor volkshuisvestelijke doeleinden, hier kunnen geen rechten aan worden ontleed. Besluiten worden genomen op projectniveau.

Duiding: hieruit kunnen we opmaken dat we voldoende plannen hebben in het sociale huursegment. Wel is duidelijk dat de grote aantallen afhangen van de realisatie van sociale huur in Nuenen-West, waaraan nog geen corporatie is gekoppeld (en de uitwerking van de tijdelijke woningen – nog in onderzoek). Ook staat de oplevering van 150 woningen voor 2025 onder druk. Hierbij speelt onder meer dat ruimtelijke planvormingstrajecten langer duren dan eerder voorzien. Dit is onderdeel van gesprek met Helpt Elkander, waarbij uitgangspunt onverminderd blijft zo snel mogelijk de beschikbaarheid structureel te vergroten. Starters op de woningmarkt Starters op de woningmarkt zijn met name aangewezen op de sociale huurvoorraad en de sociale koopvoorraad (momenteel regionaal gedefinieerd als tot € 210.000). Over de sociale huurvoorraad: de uitbreiding is hierboven aan de orde geweest. Uitbreiden van de voorraad is zeker voor jongere woningzoekenden van belang, omdat zij een lage slaagkans hebben (want weinig inschrijfduur). We verkennen met de corporaties naar andere oplossingen: tijdelijke woningen, woningsplitsing, tijdelijke huurverlaging en meer woningen verloten. In dit kader zijn we momenteel ook in gesprek met het initiatief Vrije Volkshuisvesting.

7

De koopmarkt voor starters is de afgelopen periode krapper geworden door stijgende prijzen. De gemeentelijke starterslening kan kopers van dienst zijn. In 2020 zijn 4 startersleningen verstrekt (in 2019 1). Het aanbod aan woningen waarop de lening kan worden toegepast (momenteel € 325.000), staat onder druk. Het is dan ook van belang de onderkant van de koopmarkt te vergroten. Dit kunnen we vooral bereiken in NuenenWest. Hier staan 286 sociale koopwoningen op het programma – met zelfbewoningsplicht. Ouderen In het Programma Wonen hebben we nadrukkelijk ook de focus gelegd op het toevoegen van levensloopbestendige woningen voor ouderen. De aanvullende behoefte: 150 in 2030 - 190 richting 2040. In de woningbouwplanning zien we de volgende projecten met levensloopbestendige woningen nabij voorzieningen Nuenen-Centrum of Nuenen-Zuid. project Appartementen Luistruik

aantal 52

toelichting

Panta Rhei 14 Emmastraat 8-17 Parkstraat-Voirt 42 HE Pastoor Aldenhuijzenstraat Ca 12 Naast intramurale zorg Loods HE n.t.b. HE Mijlpaal 19 Vinkenhofjes Ca. 120 HE, indicatief Wederikdreef 20 HE, Naast 21 zorgeenheden Potentieel: Kloostertuin 30 Aantal grove indicatie Indicatief overzicht voor volkshuisvestelijke doeleinden, hier kunnen geen rechten aan worden ontleed. Besluiten worden genomen op projectniveau.

In de woningbouwplanning zien we de volgende projecten met levensloopbestendige woningen verder weg van voorzieningen. project Beekse Tuin

aantal 8

Gerwen: Hof van het Laar Nuenen-West

10 60

toelichting

Zorg, specifieke doelgroep/product wordt uitgewerkt. Hoekstraat-Eikelkampen 2 Seniorenwoningen. Potentieel Boschhoeve 30 Aantal grove indicatie Indicatief overzicht voor volkshuisvestelijke doeleinden, hier kunnen geen rechten aan worden ontleed. Besluiten worden genomen op projectniveau.

In totaal gaat het dus om circa 430 levensloopgeschikte woningen die nu in de woningbouwplanning zitten. Dat is meer dan de berekende vraag, maar hier moeten we bij aantekenen dat de woningen niet specifiek zijn ‘gelabeld’ voor ouderen. Ook anderen kunnen hier wonen. Sinti

8

We starten een woningbehoefteonderzoek onder de Sinti om de aanvullende behoefte in beeld te brengen (door een extern bureau, samen met de corporaties). Vervolgens gaan we kijken hoe we hier verder invulling aan kunnen geven. In ieder geval verkent Helpt Elkander het uitbreiden van het aantal standplaatsen op het Mieke Sandershof. Intramurale zorg voor ouderen Momenteel wordt door o.a. De Archipel gewerkt aan een project aan de Pastoor Aldenhuijzenstraat, waar 33 eenheden voor ouderen met een zware zorgvraag worden gerealiseerd (dementie). De Archipel heeft ook plannen voor een Zorglandgoed aan de Opwettenseweg. En ook in Nuenen-West zijn er afspraken om deze doelgroep hier te bedienen met bijzondere concepten. Hiermee zorgen we voor een stevige uitbreiding van het aanbod in lijn met de opgave, maar we blijven vraag en aanbod scherp monitoren. Waar ook vraag naar is zijn 'tussenvormen', tussen intramurale zorg en zelfstandig thuis wonen, de vroegere bejaardenhuizen met 'aanleunwoningen'. Dit bleek ook weer uit het onderzoek van STEC. We verkennen of dit rond De Akkers weer kan worden georganiseerd. Intramurale zorg voor mensen met verstandelijke beperking In het project Wederikdreef worden ruim 20 zorgwoningen toegevoegd voor mensen met een verstandelijke beperking. Hiermee wordt in de vraag voorzien. Lunetzorg constateert (na realisatie Wederikdreef) geen aanvullende vraag.

Arbeidsmigranten Door regionaal onderzoeksbureau PON is gesteld dat er circa 330 arbeidsmigranten in onze gemeente werkzaam zijn, en er 190 arbeidsmigranten staan ingeschreven. Dat zou een aanvullende vraag van ca. 140 arbeidsmigranten betekenen. Voor het Stedelijk Gebied Eindhoven is een regionaal beleidskader vastgesteld, dat nader dient te worden uitgewerkt op lokaal niveau. Er zijn initiatieven die op deze vraag willen inspelen, waaronder op locatie de Collse Hoeve. Vergunninghouders In 2020 hebben we aan de taakstelling voor vergunninghouders voldaan. In 2021 is sprake van een hogere taakstelling (18 voor de 1 e helft van 2021, tot en met mei zijn 12 mensen gehuisvest). Project Witte Hondpad willen we hiervoor deels inzetten. U bent hierover reeds geïnformeerd via RIB 2021-07. Accenten per dorp We weten dat er in de kerkdorpen een lokale vraag is, om te starten, door te stromen en levensloopbestendig te worden. We werken in Nederwetten aan een aantal plannen dat hieraan invulling geeft (o.a. Hoekstraat-Eikelkampen). Verder kunnen we na instemming van het Stedelijk Gebied Eindhoven de ontwikkeling van de 2 e fase van Gerwen ZO versneld ter hand nemen. In 2017 was afgesproken dit pas na 2030 te bekijken, maar dat kunnen we naar voren halen in de tijd. Hiervoor dient een haalbaarheidsstudie uitgevoerd te worden. 4.3 Overige onderdelen van het Programma Wonen

9

Ook al hebben we omvangrijk nieuwbouwprogramma, de meeste woningen van de toekomst staan er al. Niet voor niets is een belangrijke paragraaf van het Programma Wonen de bestaande voorraad. Wat is al uitgevoerd en wat loopt er? • Uw raad heeft recent ingestemd met een voorstel voor de stimuleringslening, om daarmee de levensloopbestendigheid en duurzaamheid van de bestaande voorraad te vergroten; • We hebben een beleidsregel meergeneratiewonen opgesteld (naast de al bestaande beleidsregel voor het splitsen van woningen); zie RIB 2020-46; • Met corporatie Helpt Elkander hebben we een subsidieaanvraag bij de rijksoverheid ingediend om huurders te helpen met het verduurzamen van de woning (met kleine maatregelen, zoals spaarlampen). Deze aanvraag is gehonoreerd; • Er loopt een pilot met Woonbedrijf om 2 woningen in Nuenen-Zuid te splitsen naar elk 3 eenheden; • We hebben samen met Helpt Elkander en de ouderenorganisaties in Nuenen een platform Wonen en Ouderen opgericht; • Ook hebben we recent een uitvraag aan de corporaties gedaan ter voorbereiding van het bod op de prestatieafspraken voor 2022 en verder. De focus ligt op het uitbreiden van de sociale voorraad.

We zijn ook voornemens afspraken te maken met zorgpartijen in het kader van de adviezen van de Taskforce Wonen en Zorg, zie RIB 2021-09; • Het Programma Wonen heeft input gevormd voor de Omgevingsvisie; • De informatievoorzieningen over bovenstaande onderwerpen is op de gemeentelijke website geclusterd. 5. Thema wonen in Stedelijk Gebied Eindhoven Het regionale woningbehoefteonderzoek vormt mede input voor een herziening van het regionale Afsprakenkader Wonen. De planning is dat dit later dit jaar aan uw raad ter besluitvorming wordt aangeboden. Ook werken we in regionaal verband aan het realiseren van gezamenlijk door de regionale corporaties ingekochte woningen bij twee bouwers. Als gemeenten proberen we hierbij de procedures te versnellen. 6. Conclusie De woningbouwplannen en het woonbeleid zijn volop in uitvoering. Wel moeten we constateren dat woningbouw een zaak is van lange adem. Het vraagt in alle fases zorgvuldigheid om toekomstbestendige woningbouw te realiseren passend in Nuenen. Wij blijven ons uiterste best doen voor een snelle realisatie van woningen om de genoemde doelgroepen te bedienen en doorstroming op gang te brengen. Wij menen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

10

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Nuenen, de secretaris, de burgemeester,

drs. M. Arents

M.J. Houben MBA

Bijlagen Bijlage 1 Woningbehoefteonderzoek SGE door STEC Bijlage 2 Factsheet gemeente Nuenen door STEC Bijlage 3 Woningbehoefteonderzoek gezamenlijke corporaties door ABF Bijlage 4 Oplegnotitie woningmarktonderzoeken door STEC en ABF Bijlage 5 Vereenvoudigde matrix plancapaciteit woningbouw

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10406779/1