CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

13 D. Verberne - Brief aan gemeenteraad Nuenen betreffende standpunten nota 'Bouwen in het buitengebied'

Gemeenteraad 29 september 2022, gemeente NuenenBij agendapunt: Lijst ingekomen stukken1.948 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ruimtelijke ordening & Paardenhouderij

Aan de leden van de Gemeenteraad van Nuenen Postbus 10000 5670 GA Nuenen

Van Santvoort Advies B.V. Paterslaan 2a 5701 NZ Helmond 049 252 5552 www.vansantvoort.nl/advies

Datum : 5-9-2022 Betreft : Nota ‘Bouwen in het Buitengebied van Nuenen, Richtlijn voor Ruimte voor Ruimte-initiatieven in bebouwingsconcentraties’

Geachte leden van de gemeenteraad van Nuenen, Deze brief is geschreven naar aanleiding van de nota ‘Bouwen in het Buitengebied van Nuenen, Richtlijn voor Ruimte voor Ruimte-initiatieven in bebouwingsconcentraties’. Namens onze opdrachtgevers namen wij deel aan de beeldvormende bijeenkomst op 22 juni 2022 over de Nota bouwen in het buitengebied. Om recht te doen aan de inbreng van de meesprekers en de informatie die is toegezegd, is toen voorgesteld om het raadsvoorstel te behandelen na de zomer, in de eerste volgende oordeelsvormende avond namelijk 21 of 22 september 2022. Wij zien dit als gelegenheid om onze zorgen over en bezwaren tegen de Nota bouwen in het buitengebied aan u te overleggen. We hebben voor onze opdrachtgevers diverse principeverzoeken voor een Ruimte voor ruimte-ontwikkeling ingediend. Op deze verzoeken is door de gemeente zeer verschillend gereageerd terwijl het eenzelfde soort aanvraag betreft. Zo liggen enkele aanvragen al gedurende zeer lange tijd te wachten op een reactie van de gemeente, terwijl duidelijk is dat deze binnen het beleid van de gemeente vallen en een positieve reactie al zou mogen worden gegeven. Andere ingediende principeverzoeken zijn op onduidelijke gronden afgewezen, terwijl deze ons inziens wel binnen het beleid van de gemeente vallen, omdat deze de waarde van dat gebied in z’n geheel niet zou tenietdoen.

We kunnen ons niet aan de indruk onttrekken dat er destijds niet meer inhoudelijk is ingegaan op de verzoeken, die ter goeder trouw zijn opgesteld en ingediend op grond van het toen geldende beleid. Op dat moment was niet voorzienbaar dat het beleid zou worden veranderd. Daarmee zijn die principeverzoeken al afgewezen voordat bekend was gemaakt dat er een nieuwe visie voor het buitengebied zou komen. Tot slot zijn er enkele ingediende principeverzoeken niet meegenomen in de overweging bij het ontwikkelen van de nieuwe nota, terwijl er toch al sinds lange tijd gesprekken zijn gevoerd met medewerkers van de gemeente hierover en dus duidelijk is dat deze plannen er zijn. Tijdens de beeldvormende bijeenkomst op 22 juni zijn enkele vragen en opmerkingen over de Nota door ons naar voren gebracht. De antwoorden van de betrokken ambtenaar waren niet geheel bevredigend of ontbrekend, vandaar de volgende bezwaren tegen en opmerkingen over het vaststellen van de Nota Bouwen in het buitengebied van Nuenen: 1.

Tijdens het spreekrecht van enkele bezoekers is aangegeven dat de juridische status van het document ‘Bouwen in het buitengebied van Nuenen, Richtlijn voor Ruimte-initiatieven in bebouwingsconcentraties’ onduidelijk is en dat dit tot problemen zal leiden. Er worden termen als ‘nota’, ‘visie’, richtlijn’ gebezigd, terwijl er voorwaarden worden gesteld, waaraan de initiatieven worden getoetst en dus ook kunnen worden afgewezen. Daarmee is er sprake van een beleidsregel, met een geheel andere juridische status en met heel andere rechtsgevolgen voor de burger. Er is echter een duidelijk juridisch verschil tussen een beleidsvisie en een beleidsregel. Overheden stellen beleid vast. Daarmee wordt bedoeld dat zij schriftelijk aangeven: ▪ welke doelen zij willen bereiken ▪ welke middelen zij daarvoor willen gebruiken ▪ binnen welke tijd ze de doelen willen bereiken In ieder geval moeten gemeenteraden op grond van de Wet ruimtelijke ordening een of meerdere specifieke beleidsdocumenten vaststellen met de naam ‘structuurvisie’. Na inwerkingtreding van de

K.v.K. 51079038 ǀ ABN Amro Eindhoven NL02 ABNA 0590 4322 49

Omgevingswet zal dit document ‘omgevingsvisie’ gaan heten. In een structuurvisie gaat het om beleid op hoofdlijnen, waarvan gemotiveerd van afgeweken kan worden. Er worden geen beperkende beleidsregels in een beleidsvisie of structuurvisie vastgesteld. Deze visies zijn ook niet bindend voor de burger. Beleidsregels zijn een specifieke vorm van beleid, want ze hebben bijzondere rechtsgevolgen 1. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt onder beleidsregel verstaan: een bij besluit vastgestelde algemene regel, niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift, omtrent de afweging van belangen, de vaststelling van feiten of de uitleg van wettelijke voorschriften bij het gebruik van een bevoegdheid van een bestuursorgaan. De gemeenteraad kan dus een beleidsregel vaststellen om het beleid specifieker uit te leggen aan de ambtenaren. Daarmee geeft de gemeenteraad sturing ambtenaren, die op grond van delegatie bevoegd zijn om bepaalde besluiten te nemen. Beleidsregels zijn bindend voor bestuursorganen en burgers. In normale gevallen behoort een bestuursorgaan niet van beleidsregels af te wijken. Burgers en bedrijven weten dan waar ze aan toe zijn (rechtszekerheid). Na toetsing van de Nota blijkt dat het inhoudelijk meer om een beleidsregel gaat dan om een visie.

De regels bieden een handvat voor het handelen van de ambtenaren bij het uitvoeren van de bevoegdheid tot het besluiten omtrent een Ruimte voor ruimte-initiatief. Er wordt vastgelegd waar wel en waar niet gebouwd mag worden per bebouwingslocatie. Er worden duidelijk regels gesteld waaraan een initiatief moet voldoen. Daarmee wordt het werk van de gemeenteraad gemakkelijker omdat ze niet iedere keer het beleid hoeven uit te leggen. Het document wordt gepubliceerd en is daarmee bindend. Voor de gemeenteraad en burgers van Nuenen. Er wordt uitdrukkelijk het volgende gezegd in de Nota: “Met de visie kunnen initiatieven op voorhand worden getoetst op wenselijkheid en haalbaarheid.” Tegenstrijdig daarmee en dus onduidelijk voor de burger is de volgend uitleg in de Nota: “De visie vervangt niet de toets aan bestaand beleid en bestaande wet- en regelgeving. De daadwerkelijke afweging en toetsing aan beleidsuitgangspunten en wet- en regelgeving vindt plaats in de ruimtelijke procedure die volgt na het indienen van een verzoek” Door het document ‘Nota’ te noemen is in de titel voorbijgegaan aan de juridische status van het document. Ook de term ‘Richtlijn’ geeft onvoldoende houvast ten aanzien van de juridische status van het document. Er wordt gesproken van visie, maar inhoudelijk worden beleidsregels vastgesteld.

Concluderend stellen wij dan ook vast dat deze Nota geen eenduidig juridisch document is. Bij een beroepsprocedure ten aanzien van een weigering van een aanvraag omgevingsvergunning zal de Nota in rechte niet stand houden. 2.

In de nota wordt aangenomen dat bepaalde waarden en kenmerken aanwezig zijn. Er ligt geen inventarisatie en analyse van de gebiedskenmerken en waarden. Dit is een onmiskenbare omissie van de nota en haar rechtsgevolgen. Gezien onze ervaring met de diverse ingediende principeverzoeken is de conclusie dat de medewerkers bij de gemeente, al vóór het ontwikkelen van nieuw beleid ten aanzien van het buitengebied, de mening hadden opgevat dat de vigerende beleidsregels verouderd zouden zijn en tekortkomingen zouden vertonen. Daarom is zo gereageerd op onze diverse principeverzoeken. Dat is niet volgens de regels van de Algemene wet bestuursrecht en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Die zeggen onder meer dat de gemeente haar taak zonder vooringenomenheid dient te vervullen. Het zorgvuldigheidsbeginsel zegt dat de gemeente een besluit zorgvuldig en deugdelijk dient te nemen. Hierbij is de voorbereiding ook essentieel en moet de procedure juist zijn gevolgd. Het motiveringsbeginsel stelt dat besluiten van een bestuursorgaan uitvoerig, begrijpelijk en juist worden

1

Zie ook: https://iplo.nl/regelgeving/instrumenten/beleidsregels en https://www.kcbr.nl/beleid-enregelgeving-ontwikkelen/integraal-afwegingskader-voor-beleid-en regelgeving/instrumenten/beleidsinstrumenten/juridisch/beleidsregels

gemotiveerd. Het Fair-play-beginsel eist van bestuursorganen dat ze een besluit onpartijdig en eerlijk nemen. Gezien de verschillende reacties op de principeverzoeken komen deze waarden onder druk te staan. 3.

Er worden in de nota 4 landschapstypen genoemd, terwijl vervolgens per bebouwingsconcentratie met specifieke keuzes is vastgelegd wat wel en wat niet mogelijk is. Deze keuzes worden niet voldoende onderbouwd en ogen als ‘mening’ van de makers van het document. De keuzes hebben echter wel een heel grote impact op de ontwikkelingsmogelijkheden in het betreffende gebied. Daarom is het noodzakelijk dat aan de specifieke keuzes gedetailleerd moet worden verantwoordt waarom die keuzes worden genomen, om willekeur en vooringenomenheid te voorkomen, eisen van de Algemene wet Bestuurskunde en algemene beginselen van behoorlijk bestuur, die ten aanzien van het besluit omtrent de Nota gelden, zie ook opmerking nummer 2.

4.

In de Nota worden ‘voorwaarden’ gesteld met de belofte ‘dat er altijd kwalitatieve afwegingsruimte is voor een specifieke casus’. Voor maatwerk is in de Nota echter weinig tot geen ruimte. Per bebouwingsconcentratie worden bijvoorbeeld ‘zichtvensters’ ingetekend, die volgens de legenda worden betiteld als: “belangrijk gebied met zichtlijnen vanaf de weg. In dit gebied mag niet worden gebouwd, deze zichtvensters staan vast.” Zoals blijkt uit de toelichting tijdens de raadsbijeenkomst hebben twee personen al fietsend deze gebieden aangewezen zonder verdere onderbouwing en dus op basis van persoonlijke voorkeur. Daarmee kan geconcludeerd worden dat in de ontwikkelde Nota ontwikkelingen bij voorbaat worden uitgesloten. Het is dan niet meer mogelijk om maatwerk te leveren. Bovendien wil het niet zeggen dat door de gewenste ontwikkelingen de zichtvensters altijd verdwijnen. Het is zeer wel mogelijk om naast een ontwikkeling voor een Ruimte voor ruimte-initiatief ook een zichtvenster te waarborgen. Die mogelijkheid wordt in de Nota echter niet geboden. De stelling in de Nota dat een ontwikkeling ‘ten koste van de kwaliteit van deze bebouwingsconcentraties en dus ten koste van de kwaliteit van het landschap’ gaat, is erg algemeen en niet in alle omstandigheden van toepassing.

Feitelijk is per bebouwingsconcentratie door het opnemen van bijvoorbeeld ‘zichtvensters’ en ‘belangrijke ruimtelijke of cultuurhistorische plek’ geen bebouwing mogelijk. Wij vragen ons dan ook af of de gemeente in de Nota ‘Bouwen in het buitengebied van Nuenen, richtlijn voor Ruimte voor Ruimteinitiatieven in bebouwingsconcentraties’ met het beleid van de provincie Noord-Brabant en het bestemmingsplan van de gemeente Nuenen rekening houdt. Het belang van burgers die in de bebouwingsconcentraties percelen willen ontwikkelen worden onvoldoende meegenomen in de overwegingen van het besluit tot vaststelling van de Nota. Tot slot valt op dat de zichtvensters over de hele breedte van bestaande percelen liggen. Bij de de bebouwingsconcentratie Helsestraat – De Geer zijn die zichtvensters slechts ongeveer 10 meter breed. Dit wordt door de ambtenaren blijkbaar als voldoende groot geacht, terwijl ze ervoor kiezen om die zichtvensters op andere plaatsen wel 80 tot 100 m breed te willen. Het kan niet zo zijn, dat de breedte van 10 meter voor een zichtvenster soms voldoende breed is en soms wel 80 tot 100 meter dienen te bedragen. Het is zeer wel mogelijk om kleinschalig huizen te bouwen, zonder dat bebouwingsconcentraties dichtslippen. In Ruimte voor ruimte-initiatieven kan op eenvoudige wijze gewaarborgd worden dat nieuwe woningen het gewenste zicht op het landschap niet belemmeren.

Toch wordt het ter plaatse van zichtvensters verboden om te bouwen. Dit is voor burgers onduidelijk. Een inzichtelijke verantwoording van de keuzes ontbreekt, waardoor de gemaakte keuzes niet vrij zijn van willekeur en niet fair zijn tegenover de belanghebbende burgers.

5.

Er wordt in de Nota gesproken van een ‘gebiedsdekkende’ visie, terwijl het alleen de bebouwingsconcentraties betreft. Daarmee wordt voorbijgegaan aan de andere positieve waarden en kenmerken van het buitengebied. Door deze niet mee te nemen in de Nota kunnen mogelijkheden niet ten volle op waarde worden ingeschat. Niet alle belangrijke informatie wordt meegenomen in het besluit. Daarmee is het besluit onvolledig, tegenstrijdig en voor burgers onduidelijk en daarmee in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

Wij verzoeken u, mede namens onze opdrachtgevers, om naar aanleiding van deze brief kritisch te kijken naar de opgesteld Nota ‘Bouwen in het Buitengebied van Nuenen, Richtlijn voor Ruimte voor Ruimte-initiatieven in

K.v.K. 51079038 ǀ ABN Amro Eindhoven NL02 ABNA 0590 4322 49

bebouwingsconcentraties’ en de belangen van belanghebbende burgers mee te wegen, om daarmee beter te voldoen aan de wettelijke gedragsregels en algemene beginselen van behoorlijk bestuur voor overheden. Met vriendelijke groet, Van Santvoort Advies

Drs. A.J.M. (Diny) Verberne LL.B. Adviseur ruimtelijke ordening & milieu

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11821717/1