Veiligheidsregio Hollands Midden - Bijlage 1) ontwerp-Programmabegroting VRHM 2026 AVG
Tekst van het document
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
(Ontwerp-)
O(
-
n wt e r
p ) roP rg a m m a eb rog
t
ni
g 2 0 2 6
e n
M
e e r aj re n ra m ni
-
Datum April 2025 Auteurs
Concernstaf
2
g 2 0 2 7 2 0 2 9
WN
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Voorwoord opstellen en vaststellen van de (ontwerp-)programmabegroting van de veiligheidsregio is een werkproces dat ongeveer Het
tien maanden
duurt.
Vanaf het moment dat de financiële kaders
worden opgesteld tot het moment dat het Algemeen Bestuur een definitief besluit neemt groeit er een document dat een jaar lang de basis moet Dat proces
zijn
de financiële koers van de organisatie. goed ontwikkeld vermogen om voor-
voor
vraagt
om
een
uit te kijken en de juiste inschattingen te maken van wat er in het nieuwe begrotingsjaar staat te gebeuren, wat de rol van de
veiligheidsregio daarbij is en opnieuw. Dit
jaar
was
de start
intensief. Want
het
van
wat
dat gaat kosten. leder
opstellen
van
de nieuwe
jaar weer
begroting
extra
alle uitdagingen waarvoor de veiligheidsregio zoals gesteld staat, omgaan met de effecten van stedelijke verdichting, klimaatverandering, vergrijzing, energie- en materiaaltransitie en toenemende geopolitieke spanningen, kan vandaag met recht het uitaan
dagende financieel perspectief van de gemeenten en het Rijk worden toegevoegd. Deze begroting richt zich op het jaar 2026, wat voor veel als financieel ravijnjaar wordt bestempeld. constructief traject met het bestuur, gemeenteraden
gemeenten In
een
ambtelijke
ondersteuners
mogelijkheden veiligheidsregio. en
voor
is
en
veelvuldig gesproken en bezuinigingen bij de over
noodzaak
Deze
(ontwerp-)programmabegroting
hoort bij het derde uitvoeringsregionaal beleidsplan 2024-2027 van de veiligheidsregio met de titel ‘Focus op veiligheid, vandaag én morgen’. Na vaststelling van dit beleidsplan in februari 2024 is in de organisatie een start gemaakt met de twaalf opgaven uit het plan. Inmiddels zijn in dat kader al veel resultaten behaald, maar wordt steeds opnieuw ervaren dat in deze snel veranderende wereld het moeilijk is om ‘vandaag’ te bepalen wat ‘morgen’ nodig is. Toch is ook in deze begroting weer naar beste kunnen vastgelegd wat we te doen hebben in het belang van de veiligheid van onze inwoners en wat daarbij de uitgaven en inkomsten zullen zijn.
jaar
het
van
begroting is gebaseerd op de bestuurlijke afspraak dat de veiligheidsregio zelf via ombuigingen voorziet in structureel €1,1 miljoen voor onvermijdelijke meerkosten voor het op peil houden van de vakDeze
bekwaamheid
van
onze
brandweermensen
het
en
beheer
en
onder-
houd
van de gebouwen. Daarnaast is een extra bezuiniging van €0,4 miljoen doorgevoerd, waaraan via een krimp in de formatie uitvoering zal worden gegeven. Tot slot is deze begroting 2026 geïndexeerd ten opzichte van de begroting 2025 op basis van de hiertoe geadviseerde regels van de werkgroep financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen.
ombuigingen
De
veiligheidsregio blijft
stellen.
Samen
met alle
partners.
met
zich
onze
inspannen
mensen,
samen
(geanonimiseerd) Directeur
Veiligheidsregio
Regionaal
Commandant
Brandweer
om
met
de
toekomst
onze
veilig te
inwoners
en
samen
Inhoudsopgave O(
1
2
Inleiding
6
1. 1 1. 2 1. 3
6 9 12
Beleidsbegroting
13
2. 1 2. 2 2. 3 2. 4 2. 5
13 15 20 26
2. 6 2. 7 2. 8 2. 9
3
Context Samenvatting Vaststellingsbesluit (ontwerp-)programmabegroting 2026
Programmaplan Fysieke Veiligheid Programmataak Meldkamer Brandweer Programmataak Brandweerzorg Programmataak Risico -en Crisisbeheersing Programmataak Bevolkingszorg en Gemeentelijke Crisisbeheersing Programmataak GHOR Programmataak Bedrijfsvoering Regionaal beleidsplan 2024-2027: Onze opgaven Overzicht van de algemene dekkingsmiddelen
Paragrafen 3. 1 3. 2 3. 3 3. 4 3. 5 3. 6
31 34 37 42 51
4
Financiële begroting 4. 1 4. 2 4. 3 4. 4
5
Overzicht van baten en lasten en toelichting Verdeling naar de verschillende taakvelden Geprognosticeerde balans en toelichting Incidentele baten en lasten
68 68 70 71 74
Bijlagen
75
5. 1 5. 2 5. 3 5. 4 5. 5
75 76 77 78
5. 6
Overzicht inwonersbijdrage per gemeente EMU-saldo Overzicht bijdrage Slachtofferhulp per gemeente Overzicht naar IV-3 rapportage Ontwikkeling van de gemeentelijke bijdrage op basis van de Cebeon-norm Lijst met afkortingen
-
,
t
ni
g 2 0 2 6
e n
79
M
e e r aj re n ra m ni
80
55 62 63 66 66 67
p ) roP rg a m m a eb rog
55
Weerstandsvermogen weerstandscapaciteit en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Monitoring en sturing op taakstellende bezuiniging
n wt e r
-
4
g 2 0 2 7 2 0 2 9
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Begroting 2026 in één oogopslag Veiligheidsregio Hollands Midden is opgericht op 8 oktober 2010 door de gemeenten in Hollands Midden. De taken , verantwoordelijkheden en bevoegdheden van veiligheidsregio’s zijn vastgesteld in de wet Veiligheidsregio’s en de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden.
Aanvullende BDuR € 24, mln. Rijksbijdragen BDuR € 74, mln.
Directie & Staf € 49, mln.
-
Overige bijdragen € 13, mln.
Brandweerzorg € 401, mln.
Lisse
Baten
GHOR € 24, mln.
n wt e r
p ) roP rg
Lasten
a m m a eb rog
Risico- en crisisbeheersing € 89, mln.
g 2 0 2 6
Bedrijfsvoering € 215, mln.
Hillegom Noordwijk
O(
Meldkamer € 16, mln.
t
ni
Teylingen Katwijk
Oegstgeest
Kaag en Braassem Nieuwkoop
Leiden
Gemeentelijke bijdragen € 687, mln.
Bevolkingszorg € 09, mln.
e n
Leiderdorp
M
Voorschoten Zoeterwoude
e e r aj re n ra m ni
Alphen aan den Rijn
Eigen vermogen
Onze inzet en capaciteit
Bodengraven-Reeuwijk Wadinxveen Zuidplas
Gouda
Krimpenerwaard
Algemene reserve: Bestemmingsreserve:
€16 mln. €49 mln. ,
7. 500 uitrukken
,
45 brandweerkazernes
Ratio weerstandsvermogen 1 Omvang begroot risico: €16 mln.
150 beroepsbrandweermensen 1. 000 brandweervrijwilligers
,
en
-
300 kantoormedewerkers.
Regionaal beleidsplan 2024-2027 12 ontwikkelopgaven
5
g 2 0 2 7 2 0 2 9
1
Inleiding
1. 1
Context
De minister van Justitie en Veiligheid is de coördinerend minister op het gebied van crisisbeheersing. De minister is verantwoordelijk voor de inrichting de werking de samenhang en de integrale aanpak van het crisisbeheersingsbeleid en het bijbehorende stelsel (systeemverant,
Sinds 1 oktober 2010 is de Wet veiligheidsregio’s (Wvr) van kracht. Het doel van de wet is het realiseren van een efficiënte en kwalitatief hoogwaardige organisatie van de brandweerzorg geneeskundige hulpverlening rampenbestrijding en crisisbeheersing onder één regionale bestuurlijke regie.
O(
,
-
woordelijk).
,
,
De verantwoordelijkheid voor veiligheid is op gemeentelijk niveau belegd. Het college van B&W is primair verantwoordelijk voor de organisatie hiervan. De burgemeester voert het bevel als zich in zijn of haar gemeente een incident crisis of ramp voordoet. De voorzitter van de veiligheidsregio heeft de leiding bij crises of rampen die de gemeentegrens overschrijden of meer dan een plaatselijke betekenis hebben. ,
De Inspectie Justitie en Veiligheid is op grond van de Wet veiligheidsregio’s onder gezag van de minister van Justitie en Veiligheid belast met het toetsen van de wijze waarop een veiligheidsregio uitvoering geeft aan de taken met betrekking tot de brandweerzorg de rampenbestrijding of crisisbeheersing. De Inspectie als toezichthouder toetst periodiek de voorbereiding op de crisisbeheersing en rampenbestrijding door de veiligheidsregio en verricht onderzoek naar aanleiding van een brand ramp of crisis (art. 57 lid 1 Wvr). ,
,
,
Het algemeen bestuur stelt de hoofdlijnen voor het te voeren beleid van de veiligheidsregio vast en de financiële kaders na overleg met de gemeenteraden. Ook controleert het algemeen bestuur het dagelijks bestuur (DB). De belangrijkste instrumenten van het algemeen bestuur zijn: • Vaststellen en wijzigingen van de begroting. • Vaststellen van de jaarstukken (jaarrekening). • Vaststellen en wijzigen van het risicoprofiel. • Vaststellen en wijzigen van het crisisplan. • Vaststellen en wijzigen van het beleidsplan. • Vaststellen en wijzigen van jaarplannen.
De voorzitter neemt ook deel aan het Veiligheidsberaad dat bestaat uit de voorzitters van de 25 veiligheidsregio’s die met elkaar van gedachten wisselen over strategische en integrale veiligheidsvraagstukken en -ontwikkelingen van nu en in de toekomst. Ook neemt het Veiligheidsberaad landelijk bestuurlijke standpunten in namens de veiligheidsregio’s en is gesprekspartner van de minister van Justitie en Veiligheid.
De rol van de betrokken gemeenteraden is vastgelegd in de Wet veiligheidsregio’s de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden. Naast de formele rol van gemeenteraden bij het vaststellen van de begroting en de jaarstukken hebben de gemeenteraden ook een taak bij het opstellen en vaststellen van het regionaal risicoprofiel en het regionaal beleidsplan (RBP).
,
t
ni
g 2 0 2 6
,
De organisatie van de regionale crisisbeheersing en rampenbestrijding is belegd bij de veiligheidsregio een wettelijke verplichte gemeenschappelijke regeling waarbij een openbaar lichaam is ingesteld. Binnen de veiligheidsregio werken verschillende organisaties in de regio samen. Voor de aanpak van incidenten hebben zij een gezamenlijke crisisorganisatie ingericht. Het algemeen bestuur (AB) van de veiligheidsregio bestaat uit de burgemeesters van de deelnemende gemeenten in een regio. De voorzitter van het bestuur wordt bij koninklijk besluit benoemd uit de burgemeesters van de gemeenten in de regio. ,
p ) roP rg a m m a eb rog
,
,
n wt e r
e n
M
e e r aj re n ra m ni
-
,
,
6
g 2 0 2 7 2 0 2 9
1 2 3 4 5
De gemeenteraden voeren hun controlerende taak uit via het college van burgemeester en wethouders en hun burgemeester als bestuurder van de Veiligheidsregio Hollands Midden. ,
Wat doen wij Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) is opgericht door de gemeenten in Hollands Midden op 8 oktober 2010. De taken verantwoordelijkheden en bevoegdheden van VRHM zijn vastgesteld in de Wet veiligheidsregio’s en in de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden. ,
Het gaat hierbij om de volgende taken die namens de achttien 1 deelnemende gemeenten worden uitgevoerd: • Meldkamerfunctie voor brandweer crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening. • Risicobeheersing. • Rampenbestrijding en crisisbeheersing. • Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR). • Bevolkingszorg Gemeentelijke Crisisbeheersing (BGC). • Brandweerzorg. ,
VRHM is hiermee in feite een uitvoeringsorganisatie voor deze taken van de gemeenten. Deze taken voert zij uit voor de veiligheid en continuïteit van de samenleving in de regio en haar 842. 000 inwoners
(CBS 2024). ,
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Samen met de gemeenten GHOR kern van de crisisbeheersing. ,
en
O(
brandweer vormt de politie de
Naast bovenstaande wettelijke taken voert VRHM ook een aantal nietwettelijke taken uit. Zij adviseert gevraagd en ongevraagd over de risico’s in de regio. Hiermee wordt bereikt dat veiligheid adequaat en tijdig wordt meegenomen in bestuurlijke afwegingen over ruimtelijk gebruik en ruimtelijke ontwikkeling. Dit onder meer op het gebied van evenementenveiligheid en in het kader van het omgevingsrecht. Op basis van bestuurlijke besluitvorming en in goede afstemming met de Regionale Ambulance Voorziening (RAV) voert de brandweer de niet-wettelijke taak uit van het afhijsen van patiënten. Ook functioneert de VRHM indien gewenst als een bestuurlijk platform voor sociaal-maatschappelijke veiligheidsthema’s voor de gemeenten in de regio uiteraard in goede afstemming met andere gremia. VRHM faciliteert dit platform zodat bestuurlijke afstemming kan plaatsvinden over gezamenlijke thema’s. De overige niet-wettelijke taken zijn de jeugdbrandweer het uitrukken voor reanimaties het assisteren van de ambulancedienst zonder spoed het testen van spanning op bovenleidingen van het spoor en deelname aan bijzondere eenheden als het internationaal inzetbare Urban Search And Rescue team (USAR) en het landelijk Specialisme Technische Hulpverlening (STH). Alleen voor de jeugdbrandweer ontvangt VRHM geen inkomsten.
Voor de andere bovengenoemde nietwettelijke taken ontvangt de veiligheidsregio kostendekkende vergoedingen van respectievelijk de ambulancedienst ProRail en het Rijk. Tot slot heeft de veiligheidsregio op dit moment een coördinerende rol in de opvang van ontheemden.
-
,
1
A lphen aan den Rijn , Alphen aan den Rijn , Bodegraven-Reeuwijk , Gouda , Hillegom , Kaag en Braasem , Katwijk , Krimpenerwaard , Leiden , Leiderdorp , LisseNieuwkoop , , Noordwijk , Oegstgeest , Teylingen , Voorschoten , Waddinxveen , Zoeterwoude en Zuidplas.
p ) roP rg a m m a eb rog
t
ni
g 2 0 2 6
,
,
e n
M
,
e e r aj re n ra m ni
,
,
,
Anders dan soms wordt verondersteld behoren de politietaken niet tot de taken van de veiligheidsregio. De politie is een landelijke organisatie. Wel is de politie een belangrijke en betrokken hulpverleningsen veiligheidspartner voor de veiligheidsregio.
n wt e r
-
7
g 2 0 2 7 2 0 2 9
Het Regionaal Risicoprofiel (RRP 2023-2026) van Hollands
Midden Volgens artikel 15 Wvr stelt het bestuur van de veiligheidsregio het risicoprofiel vast na overleg met de raden van de deelnemende gemeenten en betrokken partners. Daarbij verzoekt het bestuur tevens aan de raden hun wensen kenbaar te maken over het in het beleidsplan op te nemen beleid. Iedere vier jaar dient het Regionaal Risicoprofiel te worden vastgesteld. Het regionaal risicoprofiel is een inventarisatie en analyse van de in de veiligheidsregio aanwezige risico’s inclusief relevante risico’s uit omliggende regio’s. Om het risicoprofiel op te kunnen stellen zijn samen met gemeenten partners experts en betrokken hulpdiensten themabijeenkomsten georganiseerd. Ook zijn trends en ontwikkelingen beschouwd die van invloed kunnen zijn op de risico’s (aanjagers). Het risicoprofiel geeft ook input voor het regionaal beleidsplan. Op basis van het risicoprofiel kan het veiligheidsbestuur strategisch beleid voeren om de aanwezige risico´s in de toekomst te voorkomen en te beperken en om de crisisorganisatie op specifieke risico´s voor te bereiden.
Het huidige risicoprofiel is het vierde risicoprofiel en geldt voor de periode 2023-2026. Een nieuw regionaal risicoprofiel voor de periode 2027-2030 is in voorbereiding.
Het Regionaal Beleidsplan (RBP 2024-2027) van Hollands
O(
-
Midden De Wvr schrijft voor dat het bestuur van de veiligheidsregio ten minste eenmaal in de vier jaar een beleidsplan vaststelt (art. 14 Wvr). Dit beleidsplan dient mede gebaseerd te zijn op een door het bestuur van de veiligheidsregio vastgesteld risicoprofiel (art. 15 Wvr).
,
,
Uit het risicoprofiel 2023-2026 blijkt dat de aanjagers van significante invloed zijn op de (regionale) risico’s. Aanjagers zijn trends of ontwikkelingen die de kans op of de gevolgen van bestaande risico’s voor de fysieke veiligheid binnen onze regio kunnen vergroten. Deze aanjagers kunnen bovendien ook elkaar beïnvloeden en zo de gevolgen van risico’s nog verder versterken. De zeven aanjagers betreffen: • Hyperconnectiviteit. • Digitale afhankelijkheid. • Klimaatverandering. • Energietransitie. • Vergrijzing en langer zelfstandig blijven wonen. • Verdichting. • Polarisatie en radicalisering.
Het vigerende beleidsplan is het vierde beleidsplan sinds de oprichting van VRHM in 2011. De achtereenvolgende beleidsplannen laten een duidelijke ontwikkeling zien van de veiligheidsregio sinds 2011: van een geregionaliseerde brandweerorganisatie naar een moderne hulpverlenings- en crisisorganisatie. Een organisatie die er niet alleen is voor de veiligheid van haar inwoners maar ook een onmisbare motor is gebleken voor het openbaar bestuur om invulling te kunnen geven aan hun crisisverantwoordelijkheden tijdens bijvoorbeeld de langdurige corona- Oekraïne- en migratiecrises.
t
ni
g 2 0 2 6
e n
,
M
e e r aj re n ra m ni
,
In het vorige Regionaal Beleidsplan 2020-2023 waren deze nieuwe ongekende crisestypen (nog) niet opgenomen. De grote langdurige inzet van VRHM bij deze crises heeft echter wel gevolgen gehad voor de uitvoering van het beleidsplan in de afgelopen periode. Het werk wat uit deze nieuwe crises voortvloeide vroeg en vraagt veel van de bestaande capaciteit en middelen van de veiligheidsregio. Deze crises zijn voorbeelden van hoe de wereld om ons heen verandert. Ontwikkelingen in de samenleving als toenemende stedelijke verdichting (hoog- en complexbouw) energie- en materiaaltransitie klimaatverandering digitaliseringvergrijzing en toenemende geopolitieke dreiging leiden tot nieuwe en complexere risico’s voor de veiligheid van de inwoners. De beschikbare capaciteit en middelen voor deze nieuwe opgaven zijn echter beperkt. ,
,
,
p ) roP rg a m m a eb rog
,
,
n wt e r
-
,
,
8
g 2 0 2 7 2 0 2 9
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Het heeft ons geleerd dat dit vraagt om een wendbare organisatie en het voortdurend maken van keuzes ten aanzien van de inzet van beschikbare capaciteiten.
Vanaf paragraaf 2. 2 worden deze per programmataak toegelicht. Met de financiële kaders die als uitgangspunt zijn opgenomen is het going (en growing) concern van de veiligheidsregio gedekt.
De ingewikkeldheden van deze nieuwe tijd hebben een belangrijke plaats gehad bij het opstellen van het Regionaal Beleidsplan 20242027 ‘Focus op veiligheid vandaag én morgen’. Sommige ontwikkelingen gaan zo snel dat we hier nu nog geen pasklaar antwoord op hebben. Het nieuwe beleidsplan heeft daarom het karakter van een beleidsagenda met een twaalf ontwikkelopgaven die voor ons leidend zijn voor de ontwikkeling van ons vakgebied en onze organisatie in de komende jaren. In paragraaf 2. 8 staan de 12 ontwikkelopgaven met de bijbehorende activiteiten voor 2026 beschreven.
In paragraaf 2. 8 ‘Regionaal beleidsplan 2024-2027: Onze opgaven’ worden de onderwerpen toegelicht die binnen de twaalf beleidsplanopgaven in 2026 opgepakt gaan worden.
,
O(
-
,
Wat gaat het kosten Voor het opstellen van de (ontwerp-)programmabegroting 2026 zijn de volgende financiële kaders zoals vastgesteld in de Kadernota 2026 door het algemeen bestuur in haar vergadering van 20 februari 2025 toegepast:
p ) roP rg a m m a eb rog
,
,
n wt e r
,
,
t
ni
g 2 0 2 6
• Taakstelling
Samenvatting
1. 2
Het algemeen bestuur heeft in zijn vergadering van 20 februari 2025 besloten uitvoering te geven aan de invulling van een taakstelling door middel van het dekken van €11 miljoen voor onvermijdelijke meerkosten (€08 miljoen voor vakbekwaamheid en €03 miljoen voor huisvesting) binnen de eigen begroting door €11 miljoen te versoberen. Hiermee worden de nu bekende onvermijdelijke meerkosten gedekt via ombuigingen. Daarnaast heeft VRHM een aanvullende bezuiniging van €04 miljoen in te vullen. De directeur VRHM zal de exacte invulling hiervan bepalen. Randvoorwaarde hierbij is dat geen onomkeerbare bezuinigingen zoals het opheffen van kazernes of specialistische eenheden zullen worden doorgevoerd. Maatregelen tot ombuigen en besparen zijn samengebracht in drie pakketten: (A) de onvermijdelijke meerkosten (B) versobering van de begroting en (C) ambitiekrimp door teruggang in personele capaciteit.
e n
M
,
,
(Ontwerp-)programmabegroting 2026: Programmataken en op te pakken onderwerpen uit het beleidsplan Veiligheidsregio Hollands Midden kent één programma geheten Fysieke Veiligheid en een onderverdeling in de programmataken Meldkamer Brandweer Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing BGC en GHOR volgens de taken in de Wet veiligheidsregio’s. Daarnaast nog een programmataak Bedrijfsvoering. ,
,
,
,
VRHM is in belangrijke mate een uitvoeringsorganisatie. Onze capaciteit en middelen worden met name ingezet voor de reguliere advisering over en toezicht op veiligheid de paraatheid de vakbekwaamheid het onderhoud en de bijbehorende bedrijfsvoering. Het zogeheten going concern. Daarnaast vindt in ons dagelijks werk continu aanpassingen en verbeteringen plaats het zogenoemde growing ,
e e r aj re n ra m ni
,
,
,
,
,
-
,
,
,
,
concern.
9
g 2 0 2 7 2 0 2 9
• Indexering
De werkgroep financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen (FKGR) adviseert om de indexering te (blijven) baseren op de loon- en prijsontwikkeling (lpo) methodiek. Ook wordt opgemerkt dat een stijging van het aantal inwoners niet altijd evenredig verbonden is aan hogere lasten. Daarom zal ook de veiligheidsregio een eventuele volumestijging van de lasten afzonderlijk in beeld brengen. Dit betreft in dit geval Slachtofferhulp zoals genoemd in de tabel in bijlage 3. Het advies van de werkgroep FKGR wordt in dezen gevolgd.
De uitwerking van dit percentage verschilt per gemeente als gevolg van wijzigingen in de relatieve bijdrage in de som van de middelen voor brandweer en rampenbestrijding die gemeenten via het gemeentefonds (volgens septembercirculaire 2024) ontvangen en het relatieve aandeel in het aantal inwoners per 1 januari 2024. In de bijlage 1 is een tabel opgenomen met de wijzigingen in de relatieve bijdragen
O(
,
-
De indexeringsmethode volgens de werkgroep FKGR betekent dat de lasten met de aangegeven percentages (personele lasten 21% materiele lasten 27%) mogen worden geïndexeerd en niet de gemeentelijke bijdragen per inwoner. De totale lasten over de gemeentelijke bijdragen in de Programmabegroting 2025 bedroegen €679 miljoen; voor de VRHM betekent dit een indexering van €157 miljoen ten opzichte van 2025. Uitgedrukt in een procentuele stijging van de gemeentelijke bijdragen betekent dit gemiddeld 231%. ,
,
,
p ) roP rg a m m a eb rog
,
• Transitie
n wt e r
GHOR Hollands Midden naar VRHM
De transitie naar VRHM is per 1 januari 2025 afgerond. Het uitgangspunt was een budgetneutrale transitie zodat gemeenten voor de programmataak GHOR geen hogere gemeentelijke bijdrage gaan betalen (afgezien van indexering). Er worden nog gesprekken gevoerd over de structurele achterblijvende kosten van GHOR bij Hecht. ,
t
ni
g 2 0 2 6
,
e n
,
M
e e r aj re n ra m ni
,
-
10
g 2 0 2 7 2 0 2 9
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Gemeentelijke bijdragen 2026 De beleidsmatige en financiële kaders leiden tot de volgende bijdragen voor 2026:
Veiligheidsregio Hollands Midden wordt als gemeenschappelijke regeling met name gefinancierd door de deelnemende gemeenten (€69 miljoen €82- per inwoner). VRHM ontvangt jaarlijks een vast bedrag van gemeente Gouda van € 301. 724 voor de afkoop van de FLO-rechten van voormalig Goudse medewerkers die bij de regionalisatie in dienst zijn gekomen van VRHM. Daarnaast levert het Rijk door middel van Rijksbijdragen een financiële bijdrage oftewel €98 miljoen. De Rijksbijdrage is een specifieke uitkering die door het Ministerie van Justitie en Veiligheid rechtstreeks aan de veiligheidsregio’s wordt uitgekeerd. De regio’s ontvangen een bedrag (lumpsum) voor een aanvulling in de bekostiging van het totale takenpakket van de veiligheidsregio en een extra bedrag bestemd voor de versterking van de (toekomstige) crisisbeheersing de informatiepositie en het inrichten van een nieuw knooppunt voor de coördinatie tussen Rijk en veiligheidsregio’s (KCR2). ,
Bijdrage 2025 factuur Interne herallocatie GHOR Index 2026: 231% , Volumegroei Slachtofferhulp (inw. ) Onvermijdelijke meerkosten Versobering en begr. optimalisatie Taakstelling personele krimp
Bijdrage 2026 factuur
Brandweer Meldkamer Bevolkingsen CrisisBrW HM zorg beheersing
GHOR*
Totaal VRHM
62. 981. 431
1. 355. 027
2. 790. 419
67. 891. 019
245. 700
50. 000
-295. 700
0
1. 463. 582
32. 524
57. 748
1. 571. 541
764. 142
17. 688
2. 668
2. 668
1. 100. 000
1. 100. 000
-1. 100. 000
-1. 100. 000
-400. 000
-400. 000
64. 293. 381
1. 437. 551
781. 830
2. 552. 467
,
-
,
69. 065. 228
De bronnen voor de financiering in 2026 van de Veiligheidsregio Hollands Midden zijn: Bedrag
Gemeentelijke bijdragen van 18 gemeenten Vordering gemeente Gouda ingevolge FLO Rijksbijdrage (Brede Doeluitkering Rampenbestrijding BDuR) Aanvullende Rijksbijdrage 2026 Overige baten
68. 763. 504 858% 301. 724 04% 7. 332. 700 91% 2. 497. 700 31% 1. 291. 000 16%
Totaal
80. 186. 628
p ) roP rg
t
ni
g 2 0 2 6
Ontwikkeling van de Cebeon-norm Veiligheidsregio Hollands Midden maakt voor het vaststellen van de gemeentelijke bijdragen gebruik van de objectieve budgetten die gemeenten gehonoreerd krijgen in het gemeentefonds voor het clusteronderdeel Brandweer en Rampenbestrijding (B&R). Het bedrag dat de gemeenten in dit cluster ontvangen wordt na een correctie voor gemeentelijke rampenbestrijdingstaken die niet ondergebracht zijn bij de veiligheidsregio binnen VRHM de ‘Cebeon-norm’ genoemd. Het volledige overzicht van de ontwikkelingen is opgenomen in bijlage 5.
e n
M
e e r aj re n ra m ni
,
,
Omschrijving
n wt e r
a m m a eb rog
,
*) De definitieve Bijdrage Per Inwoner (BPI) voor de programmataak GHOR is nog niet vastgesteld. Er worden nog gesprekken gevoerd over de structurele achterblijvende kosten van GHOR bij Hecht.
,
O(
,
% ,
-
, , , ,
100%
11
g 2 0 2 7 2 0 2 9
1. 3
V aststellingsbesluit (ontwerp-)programmabegroting 2026
Het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden; Gezien het voorstel van het dagelijks bestuur van 17 april 2025 Overwegende dat het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden de programmabegroting 2026 en de meerjarenraming 2027 - 2029 aan de gemeenteraden van de aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten heeft aangeboden; Dat is voldaan aan het bepaalde in de artikelen 36 en 48 van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden.
III. V ast te stellen de in de Programmabegroting 2026
opgenomen
paragrafen;
O(
,
Besluit: I. V ast te stellen de lasten en baten voor het jaar 2026 voor het programma Fysieke Veiligheid en de daarbij behorende programmataken: Programma Fysieke Veiligheid
Programmabegroting 2026 (in €)
Baten programmataak fysieke veiligheid Gemeentelijke bijdrage Rijksbijdrage (BDuR) Rijksbijdrage (aanvullende BDuR) Overige bijdragen
-79. 884. 904 -68. 763. 504 -7. 400. 491 -2. 429. 909 -1. 291. 000
Lasten programmataak fysieke veiligheid
80. 312. 904
Programmataken Totaal Programmataken Meldkamer Brandweer Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Bevolkingszorg GHOR
54. 013. 546 1. 557. 400 40. 134. 800 8. 962. 100 903. 200 2. 456. 046
Management en Ondersteuning Totaal Management & Ondersteuning Directie & Staf Bedrijfsvoering
26. 299. 358 4. 906. 864 21. 533. 094
Saldo
568. 600
Programmabegroting 2026 (in €)
Mutaties reserves Fysieke Veiligheid
Dotatie
Resterende expl. lasten Mutaties ten behoeve van Groot Onderhoud Gebouwen Mutaties ten behoeve van 2e Loopbaanbeleid Mutaties ten behoeve van WWB Totaal
Onttrekking
Saldo
-150. 000
-150. 000
100. 000
-28. 300
71. 667
73. 000
-90. 700
-17. 729
-299. 600
-299. 600
-568. 600
-395. 662
-
-
173. 000
IV. Kennis te nemen
van
de meerjarenramingen 2027 tot en met 2029;
V. Kennis te nemen men risico’s;
van
de in de Programmabegroting 2026
-
p ) roP rg a m m a eb rog
t
ni
g 2 0 2 6
e n
opgeno-
M
e e r aj re n ra m ni
VI. B eschikbaar te stellen de voorgenomen kredieten voor de investeringen en machtiging te verlenen tot het aantrekken van de benodigde financiering voor investeringen; Aldus besloten in de openbare vergadering 11 september 2025.
van
het AB van
De secretaris ,
De voorzitter ,
J. J. Zuidijk
P. J. Heijkoop
Ingezonden op 12 september 2025 Staten van Zuid-Holland
n wt e r
aan
het College van Gedeputeerde
-
12
g 2 0 2 7 2 0 2 9
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
2 Beleidsbegroting O(
2. 1
Programmaplan Fysieke Veiligheid
De Veiligheidsregio Hollands Midden kent één programma geheten Fysieke Veiligheid. Deze program-
-
In paragraaf 2. 8 wordt een toelichting gegeven op het Regionaal Beleidsplan VRHM 2024-2027 ‘Focus op veiligheid vandaag én morgen’. Dit beleidsplan heeft het karakter van een beleidsagenda met twaalf opgaven die leidend zijn voor de ontwikkeling van ons vakgebied en onze organisatie in 2026. ,
mataak is onderverdeeld in de programmataken Meldkamer Brandweer , Brandweerzorg , Risico- en Crisisbeheersing , BGC en GHOR , volgens de taken in de Wet veiligheidsregio’s. Daarnaast de programmataak Bedrijfsvoering toegevoegd.
n wt e r
p ) roP rg a m m a eb rog
t
VRHM is in belangrijke mate een uitvoeringsorganisatie. De capaciteit en middelen worden met name ingezet voor de reguliere advisering over en toezicht op veiligheid (1. 700 adviezen omgevingsveiligheid 1. 100 adviezen brandveiligheid750 evenementenadviezen en 1. 000 brandveiligheidscontroles per jaar) de paraatheid (7. 500 uitrukken 24. 000 telefoontjes meldkamer 9 multidisciplinaire crisisinzetten per jaar) de vakbekwaamheid (250 opleidingen 5. 000 oefenen bijscholingsmomenten per jaar) het onderhoud (45 kazernes en 110 voertuigen) en de bijbehorende bedrijfsvoering. Deze opsomming gaat over het zogeheten going concern. Daarnaast vinden in ons dagelijks werk continu aanpassingen en verbeteringen plaats het zogenoemde growing concern. Hierna worden deze vanaf paragraaf 2. 2 tot en met 2. 7 per programmataak toegelicht.
ni
g 2 0 2 6
e n
,
M
,
e e r aj re n ra m ni
,
,
,
,
,
,
,
-
13
g 2 0 2 7 2 0 2 9
Programmataak
Meldkamer
1 2 3 4 5
2. 2
Programmataak Meldkamer Brandweer
2. 2. 1
Going concern
De gezamenlijke meldkamer is de startmotor voor incident- en crisisbestrijding. Een hulpvraag van een burger in nood komt hier als eerste binnen. Op basis hiervan alarmeert de meldkamer de brandweer doet een eerste inschatting van het benodigde hulpaanbod en ondersteunt de eenheden die onderweg gaan naar het incident. De meldkamer is 24/7 bereikbaar en in staat om bij opschaling van de multidisciplinaire crisisorganisatie (GRIP Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdingsprocedure) haar rol hierin te vervullen. Tevens vervult de meldkamer een rol en taak in het alarmeren van ketenpartners in de crisisbeheersing. Denk hierbij aan de Officier van Dienst Bevolkingszorg voor de gemeentelijke processen. ,
,
De ontwikkelrichting voor de meldkamers is met het Transitieakkoord Meldkamer van de toekomst de Heroriëntatie het Uitwerkingskader en de Wijzigingswet meldkamers bepaald. Momenteel wordt toegewerkt naar een virtueel genetwerkte organisatie van alle meldkamers in Nederland met maximaal tien meldkamerlocaties die werken volgens een gestandaardiseerde werkwijze. Het onderdeel ‘Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS)’ binnen de politie ondersteunt deze organisatie. ,
,
Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS) Sinds 2020 is de LMS verantwoordelijk voor het beheer van de meldkamers conform de Wijzigingswet meldkamers. Onder het beheer vallen onder andere de informatievoorziening (IV) & ICT infrastructuur de ICT-systemen en alle gebruikersapplicaties die door de Meldkamer Den Haag werden overgedragen aan de LMS. Buiten de scope van het beheer vallen de operationele leiding en operationele processen van de meldkamerfuncties het meldkamerpersoneel en de voorziening van de calamiteitencoördinator. Dit blijft een eigen verantwoordelijkheid per meldkamer.
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
De LMS heeft de volgende doelen: • De burger zo veel mogelijk helpen bij het eerste contact door middel van een goede intake. • Een landelijk kwaliteitsniveau waardoor de burger overal kan rekenen op dezelfde dienstverlening van de meldkamer ongeacht de locatie van de noodhulpvraag. • Het verbeteren van de telefonische bereikbaarheid van de meldkamerlocaties tijdens piekbelastingen. • Het verbeteren van de uitwijkmogelijkheden van meldkamerlocaties bij uitval. • Een verbetering van de informatie-uitwisseling zowel tussen hulpverleningsdiensten onderling als tussen de verschillende regio’s.
O(
-
n wt e r
p ) roP rg a m m a eb rog
,
t
Convenant Meldkamerfunctie Brandweer Haaglanden en Hollands Midden Wanneer in het werkgebied van één meldkamer verschillende veiligheidsregio’s zijn gesitueerd bepaalt de wet dat de besturen van die veiligheidsregio’s een convenant sluiten waarin tenminste afspraken worden gemaakt over de gezamenlijke uitvoering van de meldkamerfunctie. De afspraken zorgen voor een eenduidige manier van werken binnen het werkgebied van die meldkamer. Verder dient in dit convenant de onderlinge verantwoordelijkheidsverdeling te worden vastgelegd. De veiligheidsregio’s Haaglanden en Hollands Midden beschikken over een dergelijk convenant.
ni
g 2 0 2 6
e n
M
e e r aj re n ra m ni
,
-
,
15
g 2 0 2 7 2 0 2 9
2. 2. 2
Growing
concern
Na het afronden van een interne verbouwing is de meldkamer aangesloten op het landelijke ICT-systeem voor de meldkamers in Nederland. Hierdoor kunnen de meldkamers elkaar beter ondersteunen bij drukte of uitval.
O(
De 24/7 aanwezigheid van de Calamiteiten Coördinator (CaCo) noodzakelijk om uitvoering te geven aan de multidisciplinaire coördinatie van de meldkamerprocessen tijdens een (dreigende) crisissituatie (GRIP) is gegarandeerd conform de wettelijke verplichting. Afgelopen jaar is de structuur en organisatie rondom de functie van de Calamiteiten Coördinator ingericht. ,
-
,
,
,
Raming
van
t
ni
g 2 0 2 6
de lasten Meldkamer Brandweer
Meldkamer Brandweer (bedragen x €1.000 , tenzij anders vermeld)
LASTEN MELDKAMER BRANDWEER Exploitatielasten Lasten Taakstelling Pakket A (onvermijdelijke meerkosten) Pakket B (versobering) Pakket C (personele krimp)
p ) roP rg a m m a eb rog
Voor 2026 verwachten we ontwikkelingen voor wat betreft landelijke samenwerking en nieuwe ontwikkelingen op het gebied van techniek en verbindingen. Op het moment van schrijven is de planning rondom de vernieuwing van C2000 opnieuw bijgesteld. In 2026 wordt op basis van een landelijk protocol het risico- en continuïteitsmanagement van de meldkamer verder versterkt.
2. 2. 3
n wt e r
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
Meerjarenramingen 2027
2028
e n
2029
1. 283
1. 517
1. 557. 400
1. 557
1. 557
1. 557
1. 283
1. 517
1. 557. 400
1. 557
1. 557
1. 557
M
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Toelichting op de cijfers: In bovenstaande tabel worden de totale lasten van de programmataak Meldkamer Brandweer weergegeven. De lasten nemen in het jaar 2026 met 27% toe ten opzichte van 2025. De toename van de lasten is het gevolg van de toegepaste indexatie. De financiële maatregelen naar aanleiding van de taakstelling in het jaar 2026 zijn onderverdeeld onder pakket A B en C. De taakstelling in het jaar 2026 heeft geen invloed op de programmataak Meldkamer Brandweer.
e e r aj re n ra m ni
-
,
,
16
g 2 0 2 7 2 0 2 9
(geanonimise rd)
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
WN Interview
(geanonimiseerd)
VRHM
anticipeert
op
dynamiek
in de
‘Investeren in is de sleutel! In een
razendsnel veranderende
samenleving
mensen
samenleving
maken
wendbaar werken en je eigen weerbaarheid het verschil. Zo voorkom je dat je achter de feiten aanloopt
blijf je steeds in staat te reageren op gewijzigde omstandigheden en kun je tegen een stootje. VRHM gaat daarom de eigen interne wendbaarheid en weerbaarheid versterken. Hoe? Via persoonlijk leiderschap. en
Volgens MN (geanonimiseerd) directeur Bedrijfsvoering is de tijd voorbij dat we processen en planVRHM bij nen van A tot Z uitwerken voordat we aan de slag gaan. “Want als we die plannen daarna gaan implementeren vraagt de nieuwe, snel veranderde werkelijkheid alweer iets anders.”
om
Wat
er
‘harde’
dan en
wel nodig is? BM (geanonimiseerd) “Een combinatie van ‘zachte’ veranderingen. We zullen veel meer
kort-cyclisch, organisch en slimmer moeten gaan samenDenk bijvoorbeeld aan een duidelijk raamwerk
werken. voor we
ons
interne Business
cyclisch herijken
dere calamiteiten.”
om
Continuity Management, dat
ons
zo
voor
te bereiden
op
meer-
Dus voortaan
vuistdikke
beleidsplannen voor jaren focus op meer, opgaven, waarbij we onze strategie blijven aanscherpen. BN (geanonimiseerd) “Per opgave bekijken we periodiek wat we daar omheen moeten organiseren en wie daar iets vanuit zijn talent of expertise aan kan bijdragen. In wisselende samenstellingen met geen
maar
een
medewerkers deze
wijze
aantal
uit verschillende de
aan
afdelingen
gaan
we
Uiteraard
leidinggevenden. leiding gaan geven, waarbij het vaak aankomt op inspireren en motiveren. En we hebben ook nieuwe manieren van werken te leren, zoals kort-cyclisch en projectmatig werken en onze bedrijfsvoering te vereenvoudigen.” vraagt
(geanonimiseerd) “Zij |
dit ook
zullen
meer
Misschien zo
wel
de
moeilijkste
te introduceren
naar
worden
de ‘zachte meer
kant’.
gestimuleerd tot persoonlijk leiderVolgens WW (geanonimiseerd) is dat de sleutel
wendbaarheid
en
weerbaarheid.
(geanonimiseerd) MN
“Daarbij gaat het erom dat iedere medewerker zich verantwoordelijk voelt voor zijn of haar rol, maar ook in staat is
om
moeite
doet
leidt tot
een
initiatief te nemen, risico’s te nemen en zichzelf voortdurend te ontwikkelen.
om
zijn goed
nog
een
op
tegelijkertijd
weg,
flinke weg
en
te gaan.
nieuwe
ed
hebben
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) “We
we
ook
hebben
een
organisatievisie opgesteld, samen met onze medewerkers, waarin de medewerker, samenwerken en wendbaarheid centraal staan. Ook op het gebied van sociale veiligheid en inclusie zetten we belangrijke stappen, omdat open communicatie en een veilige organisatie cruciaal zijn om te durven experimenteren, nieuwe ideeën te omarmen en creatief te kunnen reageren op uitdagingen. betekent Dat bijvoorbeeld ook dat er ruimte moet zijn om
fouten
hobbel iedereen
is
om
deze verande-
zich daar comforta-
“
Dat
proactieve werkomgeving, met groei van medewerkers op persoonlijk niveau. Én het versterkt de organisatie ook nog eens als geheel. Op deze manier leren we om met tegenslagen om te gaan en om toch als mens en organisatie te groeien.”
We
dynamische
en
dat
bij voelt. B (geanonimiseerd) Het moet voor medewerkers niet overweldigend worden en ook in de hoeveelheid der dingen te behappen zijn. Dit vraagt daarom om een goede balans tussen ruimte voor experiment en de nodige sturing. Het moet uiteindelijk echt iets van ons allemaal worden. Het is een gezamenlijke inspanning.” bel
Medewerkers
van
coachend
op
slag”.
ring
schap;
iets
stip op de horizon te blijven zien. (geanonimiseerd) PN “En om niet bang te zijn om te investeren in mensen. Wendbaarheid en weerbaarheid beginnen bij onze mensen zelf, in een veilige en inclusieve cultuur waarin leiderschap op elk niveau mogelijk is, en waarin iedereen zich verantwoordelijk voelt voor het succes van de organisatie. Uiteindelijk zijn het de mensen die de organisatie maken en klaarstomen voor de toekomst. Het maatschappelijke effect is dat we op deze manier een professionele en volwaardige partner blijven in het veiligheidsdomein; ook in een dynamische context.” Het
helpt
om
dan de
te maken.”
18
Programmataak
Brandweerzorg
2. 3
Programmataak Brandweerzorg
2. 3. 1
Going concern
De wettelijke taak in het deelprogramma Brandweerzorg heeft artikel 25 uit de Wet veiligheidsregio’s als basis. Daarmee dragen we verantwoordelijkheid voor de volgende taken: • Het redden van slachtoffers en het beperken van schade bij branden (brandbestrijding). • Het opsporen en bevrijden van slachtoffers en het verlenen van levensreddende en technische hulp bij ongevallen anders dan brand (technische hulpverlening waaronder begrepen waterongevallenbestrijding en incidentbestrijding gevaarlijke stoffen). • Het verlenen van diensten anders dan de wettelijke taken brandbestrijding en technische hulpverlening (bijvoorbeeld met spoed assisteren van de ambulancedienst op hoogte). • Het bewaken van de inzetbaarheid van de operationele brandweereenheden ten behoeve van de brandbestrijdings- technische hulpverlenings- en dienstverleningstaken (bewaken operationele
Op de 45 brandweerkazernes die onze regio rijk is staan 150 beroepsbrandweermensen en 1. 000 brandweervrijwilligers dag en nacht paraat. Zij worden hierin ondersteund door meer dan 100 collega’s die bijdragen aan de vakbekwaamheid de operationele planvorming het beheer en onderhoud van het brandweermaterieel en de logistieke ondersteuning. Dit alles om de brandweer 24/7 operationeel en paraat te houden. Deze dagelijkse werkzaamheden die het hart vormen van onze going concern vragen veel van de beschikbare capaciteit en middelen.
O(
,
,
,
-
,
,
,
inzetbaarheid). • Het opleiden trainen en oefenen van brandweereenheden en leidinggevenden /piketfunctionarissen dusdanig dat zij bij een inzet in staat zijn effectief het incident te bestrijden respectievelijk te coördineren en leiding te geven (vakbekwaam worden en blijven). • Het opstellen en actueel houden van operationele plannen en procedures (operationele planvorming). • Het beheren en onderhouden van materieel en materialen voor ,
,
•
brandbestrijding en hulpverlening dusdanig dat inzetbaarheid is gegarandeerd (beheer en onderhoud materieel). Het plannen van de beschikbaarheid van medewerkers brandweereenheden materieel en materiaal ten behoeve van brandbestrijding en hulpverlening vakbekwaamheids-momenten keuringen en onderhoud (planning operationele beschikbaarheid). Het leren van incidenten doormiddel van brandonderzoek en het evalueren van incidenten bij brand en hulpverlening. ,
,
,
•
,
De brandweer van Hollands Midden rukt jaarlijks ongeveer 7. 500 keer uit om hulp te bieden aan mens en dier.
,
p ) roP rg a m m a eb rog
,
Tegelijkertijd kent de wereld om ons heen een aantal snelle veranderingen. Gebouwen worden hoger groter en complexer mensen ouder en natuurverschijnselen heftiger wat leidt tot nieuwe en complexere risico’s. Dit geldt zowel voor de veiligheid van onze inwoners als die van onze brandweermensen en wordt zichtbaar bij de uitdagingen die ontstaan bij onderwerpen als natuurbranden en complexe bebouwing. Deze veranderingen brengen veranderende incidenttypen met zich mee die om nieuwere grotere en/of andersoortige inzet van onze brandweermensen vragen. Bijvoorbeeld als het gaat om langdurige inzet van de brandweer bij deze incidenttypen en de voorbereiding hierop. Het vraagt ook om een andere vorm van operationele voorbereiding een verbreding en een verdieping van de vakbekwaamheid en soms andere materiaal en materieel. Dit komt boven op onze inspanningen die wij moeten verrichten op basis van bestaande risico’s en incidenttypen. Hiervoor geldt dat we niet alles tegelijkertijd kunnen. Op basis van beschikbare capaciteit en middelen repressieve noodzaak veranderende regelgeving en politiek-bestuurlijke besluitvorming maken we een keuze in ons jaarplan. Onze plannen voor 2026 geven enerzijds invulling aan de continue verbetering van ons werk (zie paragraaf 2. 3. 2) en zijn anderzijds onderdeel van de 12 ontwikkelopgaven uit het regionaal beleidsplan (zie paragraaf 2. 8).
Dit alles om onze mensen op straat de repressieve taak zo goed mogelijk kunnen uitvoeren om mens en dier in noodhulp te bieden.
n wt e r
,
t
ni
,
g 2 0 2 6
e n
M
,
e e r aj re n ra m ni
,
,
,
-
20
g 2 0 2 7 2 0 2 9
1 2 3 4 5
2. 3. 2
Growing
We hebben bedrijfszeker materieel en materiaal
concern
In 2026 willen we niet alleen invulling geven aan de bezuinigingstaakstelling die ons raakt maar ook aan noodzakelijke ombuigingen. Een veranderende samenleving een veranderende geopolitieke werkelijkheid andere risico’s en andere verwachtingen vragen soms om andere keuzes en prioriteiten. Naast de opgaven uit het RBP 2024-2027 vormt dit het hart van onze growing concern. ,
,
,
Het 24/7 operationeel houden van de brandweer vergt veel van de beschikbare capaciteit en middelen. Dit vormt de kern van ons werk en veel werkzaamheden staan hieraan ten dienste. Hierbij zorgen we niet alleen voor continuïteit en paraatheid maar hebben we ook oog voor verbeteringen. We vinden het daarbij belangrijk om de veiligheid van onze mensen voor ogen te houden. Medewerkers vormen ons echte kapitaal en daarbij kijken we niet alleen naar efficiëntie maar ook naar effectiviteit. Met name het vrijwillige deel van onze brandweerorganisatie is in zichzelf al een heel efficiënte organisatievorm die we dan ook willen koesteren. ,
,
In 2026 ligt de focus op de volgende opgaven
en
onderwerpen:
We hebben vakbekwame brandweermensen Voor de uitvoering van onze taak is het belangrijk te kunnen beschikken over vakbekwame brandweermensen. Daarom wordt er al meerdere jaren gewerkt aan de gelijknamige ontwikkelopgave uit het regionaal beleidsplan. Dit geldt ook voor 2026. Er wordt opnieuw stevig geïnvesteerd in de opleidingen en het oefenen van onze repressieve brandweermensen. Waarbij dit in voorgaande jaren gebeurde met incidenteel geld is er vanaf nu sprake van structurele financiering. Doordat er nu voor meerdere jaren zekerheid wordt geboden kunnen de veranderingen die de afgelopen jaren zijn voorbereid worden geimplementeerd waardoor onze mensen beter in staat zijn om ook bij nieuwe veranderende incidenttypen veilig en adequaat op te kunnen treden. Op dit moment maken we ook inzichtelijk wat de effecten zijn van de wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA). Met name ten behoeve van het organiseren van opleidingen en oefeningen wordt veel gewerkt met ZZP’ers. Het is nog onbekend of maatregelen als gevolg van deze wet leiden tot meerkosten. ,
,
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Voor de uitvoering van onze taak is het noodzakelijk om te kunnen beschikken over bedrijfszeker materieel en materiaal. In de achterliggende jaren is een groot deel van de achterstand voor wat betreft de materieelvervanging ingehaald. Voor 2026 wordt de focus wat verlegd. Op de planning van het meerjareninvesteringsplan (MJIP) staan onder meer de volgende materieel- en materiaalvervangingen gepland: • Logistieke voertuigen • Communicatiemiddelen • Inrichting van de gevaarlijke stoffen eenheden (GSE) • Hulpverleningsvoertuigen (uitlevering en implementatie)
O(
-
n wt e r
p ) roP rg a m m a eb rog
Verder willen we in 2026 beter inzicht krijgen in onze meerjarenonderhoudsplanning en –kosten. Door de inhaalslag bij de materieel- en materiaalvervangingen is dit ook het moment zeker nu de onderhoudsbudgetten zijn bijgesteld door de gemeentelijke bezuiniging vanaf 2026. ,
t
ni
g 2 0 2 6
We zorgen voor onze mensen Het werk van brandweermensen is soms emotioneel zwaar werk. Om onze mensen de noodzakelijk hulp te kunnen bieden nemen we ook in 2026 onze verantwoordelijkheid door blijvend aandacht te hebben en te houden voor het voorkomen van en het bieden van ondersteuning en nazorg bij post-traumatische stress-stoornissen (PTSS). Op dit moment wordt gewerkt aan een landelijke PTSS-regeling en preventiemaatregelen voor alle brandweermensen. De financiële consequenties hiervan zijn nog niet inzichtelijk. In 2026 werken we aan verdere borging en monitoring van dit proces. Daarnaast werken we ook aan de ontwikkeling van de medewerkers die de taken uitvoeren die ondersteund zijn aan het operationele proces. Zij vormen de basis voor de continuïteit van ons product op straat. Het is noodzakelijk om ook in 2026 hierin te investeren. Dit doen we door het actief aanbieden van vakmatige opleidingen en ontwikkeltrajecten aandacht voor persoonlijke gesprekken en coaching en het in beeld krijgen op welke taken en competenties er een ontwikkelbehoefte bestaat.
e n
M
e e r aj re n ra m ni
-
,
21
g 2 0 2 7 2 0 2 9
We denken voorwaarts Voor de continuïteit van de uitvoering van de brandweerzorgtaak en om tijdig nieuwe ontwikkelingen in te kunnen passen is het belangrijk dat we voorwaarts denken. Zowel in beleidsmatig als bedrijfsmatig opzicht. Hiermee versterken we de realisatiekracht van de brandweerorganisatie. In 2026 gaat onze aandacht uit ,
O(
naar:
• De rol van de brandweer in civiele beschermingstaken (in het kader van het versterken van de weerbaarheid) en de voorbereiding op een langdurige inzet van de brandweer hierbij. • Het verstevigen van de samenhang tussen planvorming vakbekwaamheid en risico’s. • Aandacht voor de invulling van operationele voorbereiding. • Meer inzicht en duiding van onze operationele prestaties en planningen. • Uitvoering geven aan verbeterde communicatiekanalen richting beroeps- en vrijwilligers op de kazernes. • Uitvoering geven aan de ombuigingen die in 2026 zijn gestart.
-
,
2. 3. 3
Raming
van
(bedragen x €1.000 , tenzij anders vermeld)
LASTEN BRANDWEERZORG Exploitatielasten Lasten Taakstelling Pakket A (onvermijdelijke meerkosten) Pakket B (versobering) Pakket C (personele krimp)
t
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
35. 923
38. 955
40. 134. 800
40. 135
40. 135
40. 135
35. 923
38. 955
40. 134. 800
40. 135
40. 135
40. 135
-
-
-
-
-
-
800. 000 -325. 000 -100. 000
Meerjarenramingen
ni
g 2 0 2 6
e n
M
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Toelichting op de cijfers: In bovenstaande tabel worden de totale lasten van de programmataak Brandweerzorg weergegeven. De lasten nemen in het jaar 2026 met 3% toe ten opzichte van 2025. Dit wordt veroorzaakt door de afschrijvingslasten in het jaar 2026 als gevolg van investeringen in 2025. De taakstelling is in de exploitatielasten verwerkt. Pakket A bestaat uit de onvermijdelijke meerkosten bij Brandweerzorg bijvoorbeeld brandweeropleidingen. Pakket B bestaat voornamelijk uit het verminderen van het budget voor onderhoud brandweermaterieel en persoonlijke beschermingsmiddelen en een aframing in de begroting van Persoonlijke Functionele Uitrusting. De lasten die bespaard worden als gevolg van het niet invullen van vacatureruimte is de som van Pakket C.
p ) roP rg a m m a eb rog
de lasten Brandweerzorg
Brandweerzorg
n wt e r
e e r aj re n ra m ni
-
,
,
22
g 2 0 2 7 2 0 2 9
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
f
Pr, ne
xt
(geanonimise rd)
Interview
|
Martin
der Vis
van
Aarlanderveen
creatief in hechte
dorpsgemeenschap
‘Vrijwilligers blijven essentieel’ Û Hoe
houd
je
een
kazerne
als die
Aarlanderveen 24
van
per dag paraat? Dat is een voortdurende zoektocht die ploegchef (geanonimiseerd) samen met uur
BN
zijn ploeg, dagelijks bezighoudt. Want de aanwas van vrijwilligers in zijn dorp is niet groot. En een kazerne draaiende houden
!
ledereen
die
vraagt veel
in Aarlanderveen
genwoordig
standaard
brandweer.
Verkend
licht
een
wordt
van
komt
bezoekje dan of
een
klein team.
wonen van
zo’n
krijgt te-
iemand
van
‘nieuweling’
de wel-
vrijwilliger zou willen worden. (geanonimiseerd) BE “we moeten doen, want er staan bij ons geen rijen van drie
dit wel
de deur.”
voor
Het is den
BM
reële vraag voor (geanonimiseerd) en de zijnen: hoe houde kazerne in Aarlanderveen 24/7 paraat? “Want
een
we
dorp heeft geen industrie, geen grote bedrijven en grote winkels. Bovendien is hier nauwelijks een woning te krijgen, laat staan een betaalbare. Jongeren dit
geen
trekken van
het
daarom
dorp
al snel weg
werken
te
grote afstand
is
zijn zij simpelweg
van
in
een
En veel
inwoners
naburige gemeente,
op een calamiteit
naar
de kazerne. niet op
tijd.”
elders.
Als
er
dan
een
Aan
mensen
die wel
of zij afspraken met
hun
het
in het
over
hun
werkgevers.
dorp
wordt
beschikbaarheid
BW
(geanonimiseerd) “En
werken
werken
aan
wij of zij misschien
het
niet lukte
zelf uit te rukken bij
kunnen
maken
die
buiten
zeiden:
of twee
gemist’.
dorp vragen dagen thuis kunnen gaan werken, zodat zij dan wel beschikbaar zijn. Niet iedere werkgever staat hiervoor open, maar gelukkig worden onze ploeggenoten door thuis en werkgever hier wel in gesteund. Bovendien hebben we een hecht team met een groot verantwoordelijkheidsgevoel en de wil en wens om paraat te staan. Waar een klein dorp groot in kan zijn!” een
betrokkenheid
vrijwilligers hoog. B (geanonimiseerd) “Naast de paraatheid en uitrukken bij calamiteiten, zijn er immers meer werkzaamheden die nodig zijn om een kazerne in de lucht te houden. En ook daar staan zij voor aan de lat. Denk aan het schoonhouden van de keuken, onderhoud aan de voertuigen, oefenavonden, de personeelsvereniging draaiende houden en ga zo maar door. Het is echt heel iets anders om twintig taken over veertig vrijwilligers te verdelen of over tien.” Tegelijkertijd
in deze
hij blij
de
met
in Aarlanderveen
is
kwam
dat het Aarlanderveen
voor
bijstand
calamiteit
een
in het
naburige kazerne Maar mooi dat inwoners daarna tegen ons ‘Hee, wat was er aan de hand? We hebben jullie er
van
de
Creatief blijven nadenken, dat is wat
(geanonimiseerd) ook koBM
mende
maatwerk
jaren
van
leveren.
Ons team
genoeg.
En
hooguit
we
is wat
te
van
zoeken.
Want
immers
om
zullen
de risico’s in hebben
nog wat
meer
is als aan
Daar zullen
eerste
moment, direct
van
een
incident.
nen
we
altijd opschalen.”
Dan
moeten
wij
er
gebied.
ons
vrijwilligers. die vrijwilligers blijven
dat
moeten
betreft gelukkig creatief
dat
winnen
bedrijfsvoering
instroom
is. “We
kennen
wat
nog
plan
te
naar
essentieel. het
staan.
we
slagen
passen
we
na
Waar
erin
we
aan
de
blijven Het gaat
uitbreken
Daarna
kun-
zijn kazerne nu samenleving. “Zo houden we bijvoorbeeld regelmatig open dagen, zijn op het dorpsfeest altijd present met een stand van Brandveilig Leven en ik schrijf regelmatig een column in de plaatselijke krant, over wat we zoal beleven. En dan doe ik gelijk een oproep voor oefenlocaties en vrijwilligers. Ik heb de indruk dat wij belangrijk zijn voor dit dorp.” vervult
is
van
keer
een
u
onze
De
om
dorp. “Toen Nieuwkoop.
mensen
gevraagd
Laatst kwam
de rol die
kleine hechte
24
Programmataak
Risico -en Crisisbeheersing
2. 4
Programmataak Risico -en Crisisbeheersing
2. 4. 1
Going concern
Op basis van de Wet veiligheidsregio’s zijn risicobeheersing en crisisbeheersing taken van de veiligheidsregio. Onder crisisbeheersing wordt verstaan de multidisciplinaire afstemming en coördinatie van (de voorbereiding op) rampen en crises. In die voorbereiding speelt ook risicobeheersing een belangrijke rol vanuit de benadering van een samenhangende veiligheidsketen.
• Het coördineren en uitvoeren van de externe communicatie met burgers en bedrijven over risico’s en handelingsperspectief ten tijde van branden incidenten of bij dreiging (risico- en crisiscommunicatie (Brand)Veilig Leven: voorlichting informatie en advies nazorg). • Het voorbereiden van de multidisciplinaire crisisorganisatie op een (dreiging van een) grootschalig incident door planvorming opleidingen trainingen en oefeningen: crisisbeheersing. • Het inzetten van de multidisciplinaire crisisorganisatie door coördinatie en leiding van een (dreiging van een) grootschalig incident inclusief informatiemanagement de risico- en crisiscommunicatie aan burgers en crisisfaciliteiten (vergaderruimtes voertuigen). • Het onderhouden van contacten met diverse netwerkpartners. • Het evalueren van een incident crisis of ramp (brandonderzoek en inzetevaluaties). De evaluaties worden steeds gebruikt om in de
O(
,
,
,
,
-
,
,
De uitvoering van de programmataak risico- en crisisbeheersing is ondergebracht bij de sector Risico- en Crisisbeheersing (RCB).
,
,
,
,
,
,
Binnen de sector zijn de volgende taken en bedrijfsprocessen ondergebracht (exclusief de GHOR- en BGC-taken): • Het uitvoeren van risicoanalyses over fysieke veiligheid in de openbare ruimte (risicoduiding actueel regionaal risicobeeld). • Het opstellen van adviezen voor de vergunningverlening en handhaving gericht op de fysieke veiligheid (risicoadvisering omgevingsvisies en -plannen evenementenveiligheid externe veiligheid brandveiligheid toezicht op brandveiligheid). • Het uitvoeren van toezicht gericht op fysieke veiligheid. • Het opstellen van repressieve operationele informatie ten behoeve van Brandweerzorg. Waaronder het verwerken van wegafsluitingen in onze routenavigatie het weergeven van bluswatervoorzieningen en de digitale vertaalslag van (brandveiligheids)informatie bij objecten. ,
,
,
t
ni
,
g 2 0 2 6
voorbereiding verbeterslagen te maken.
2. 4. 2
,
,
p ) roP rg a m m a eb rog
,
De sector bestaat sinds 1 januari 2025 uit zes afdelingen (Risicoduiding Risicoadvisering Brandveiligheid Crisisbeheersing GHOR en BGC. Voor GHOR en BGC geldt dat zij een eigen (deel)programmataak hebben. De going- en growing thema’s voor GHOR en BGC zijn daarom opgenomen in de volgende paragrafen.
n wt e r
,
Growing
e n
concern
De basis voor wat in 2026 wordt opgepakt ligt in verschillende opgaven uit het RBP 2024-2027 en het jaarplan 2025. In paragraaf 2. 8 wordt nader uiteengezet hoe daar in 2026 vanuit RCB aan wordt bijgedragen. In het licht van growing concern is het belangrijk te vermelden dat bij de going concern-werkzaamheden de primaire werkprocessen standaard beschouwd worden op verbeter- en ontwikkelmogelijkheden. Voor 2026 staan hiervoor de volgende thema’s op de agenda: • Versterken van evenementenveiligheid waarbij onder andere coordinatie procesverbetering en bijdragen aan kennisontwikkeling van gemeenten en organisatoren aan de orde zijn. We bouwen daarbij voort op de aanbevelingen vanuit de bestuurlijke denktank van 2024 en de voorstellen die hierover in 2025 zijn ontwikkeld. Op het moment van schrijven van deze (ontwerp-)programmabegroting is nog onduidelijk welke essentiële randvoorwaarden hiervoor nodig zijn.
M
e e r aj re n ra m ni
-
,
26
g 2 0 2 7 2 0 2 9
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
O(
• Implementatie visie risicobeheersing: in 2025 wordt de visie op risicobeheersing aangescherpt. Daarmee
wordt de risicogerichtheid van ons optreden versterkt en krijgt het concept van cyclisch risicomanagement (ontwikkeld in 2024/2025) vorm en inhoud. De doorwerking naar verschillende werkprocessen binnen de sector die samen met de relevante partners (gemeenten en omgevingsdiensten) uitgevoerd worden wordt in 2026 opgepakt. Via onze accounthouders en adviseurs vraagt dit het versterken van een goed samenspel met gemeenten omgevingsdiensten en eventueel andere partners over de inhoud en prioritering van de verschillende uitvoeringsplannen van de sector én blijven investeren in de kennis (onder andere nieuwe risico’s) en competenties van deze medewerkers. Binnen crisisbeheersing worden zoals al gebruikelijk is de thema’s uit oefeningen en inzetten gebruikt bij nieuwe planvorming en het opleidings- trainings- en oefen-aanbod. De ontwikkeling van het online-leerplatform Open wordt vormgegeven op basis van evaluatie in de 2e helft van 2025. ,
,
-
,
•
,
•
,
2. 4. 3
Raming
van
p ) roP rg a m m a eb rog
,
•
n wt e r
t
ni
g 2 0 2 6
de lasten Risico- en Crisisbeheersing
Risico- en Crisisbeheersing (bedragen x €1.000 , tenzij anders vermeld)
LASTEN RISICO- EN CRISISBEHEERSING Exploitatielasten Lasten Taakstelling Pakket A (onvermijdelijke meerkosten) Pakket B (versobering) Pakket C (personele krimp)
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
Meerjarenramingen 2027
2028
2029
7. 254
9. 006
8. 962. 100
8. 962
8. 962
8. 962
7. 254
9. 006
8. 962. 100
8. 962
8. 962
8. 962
-
-
-
-
-
-
-
-105. 000 -90. 000
e n
M
-
-
-
-
-
-
-
-
-
e e r aj re n ra m ni
-
Toelichting op de cijfers: In bovenstaande tabel worden de totale lasten van de programmataak Risico- en crisisbeheersing weergegeven. De lasten nemen in het jaar 2026 minimaal af ten opzichte van 2025. De taakstelling is in de exploitatielasten verwerkt. Pakket B bestaat uit een aframing van €01 miljoen van het budget bij de programmataak Risico- en crisisbeheersing. De lasten die bespaard worden als gevolg van het niet meer invullen van vacatureruimte is de som van Pakket C. ,
27
g 2 0 2 7 2 0 2 9
(geanonimise rd)
Interview met
VRHM aan
(geanonimiseerd)
wil vaker
Intake-
aanschuiven
Omgevingstafels
en
Op weg naar doelgerichte brandveiligheid Nog vaker en vroeger aan tafel komen, bij Intake- en Omgevingstafels: dat is wat VRHM graag ziet gebeuren. Met doelgerichte brandveiligheid willen (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) afdelingsmanager Brandveiligheid en (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) afdelingsmanager Risicoadvisering het risicogericht adviseren De
nieuwe
een
nieuwe
Omgevingswet
dimensie geven.
is inmiddels
een
jaar
in
wer-
de balans op te maken. En wat VRHM king. Tijd valt er betreft op het gebied van risicogericht adviseren om
nog
(geanonimiseerd) “zo blijkt dat wij lang BM
wel iets te winnen.
bij de Intake- en Omgeplekken waar nieuwe voorgenomen ruimtelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op bestemmingsplannen breed ter sprake komen.” nog
niet
altijd mogen
vingstafels;
ofwel
aanhaken
op die
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Dat komt nieuwe
VRHM
veel
nog
onbekendheid
is rondom
de
en nog niet alle gemeenten scherp genetvlies hebben waarom het belangrijk is dat
vroegtijdig aanhaakt,
immers
lopen
we
er
werkwijze
op het
noeg
wij
omdat
Daarom
de voorkant
aan
dat
Hoe (geanonimiseerd) BN
denkt
“
meepraten,
achteraf iets gerepareerd
er
vinden
wij het
belangrijk
zo
meer
hoe minder
dat
we
kans
worden.
moet
Daar
in de
al kunnen
komt
in het
bij vervolg
“Immers,
dat deze van
als de
nieuwe
van
het
basis
bemoeienis
vroege
traject
winst
kan
VRHM
ook
mm
opleveren.
(geanonimiseerd)
op orde
is wor
flexibel te kunnen reageren
als tij-
van
een
plan goed
van
is
het
eenvoudiger
dens
de bouw of uitvoering toch blijkt dat er veranderinnodig zijn. Dus dat betaalt zich ruimschoots terug, in
gen de
vorm
van
om
meer
effectiviteit
en
meer
tijd gaat VRHM actief de boer op om dat vernog duidelijker voor het voetlicht te brengen. En als VRHM dan aanschuift, dan gebeurt dat anders dan voorheen. BM (geanonimiseerd) “Waar we eerst vooral regeltechnisch meekeken willen wij nu risicogericht gaan adviseren. We kijken niet alleen naar wat de regelgeving is en hoe we daaraan kunnen voldoen, maar naar wat, gegeven de plannen die er liggen, een geaccepteerd risico- en veiligheidsniveau is. We kunnen immers niet altijd alle veiligheidsrisico’s haal