Ruimtelijke onderbouwing Bouw woning Zwarteweg 49 - AVG
Tekst van het document
• • • • • • • • •
• • • • • • • • • • •
•
• • •
•
• • • •
-
• •
Opdrachtgever: Projectnr: Datum:
Frans Apperloo bouwkostenmanagement bv WND479 22 maart 2019
Opdrachtgever: Projectnr: Rapportnr: Status: Datum:
Frans Apperloo bouwkostenmanagement bv WND479 MIL19.006 Definitief 22 maart 2019
Opsteller: BC T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl
Verificatie: BPan Validatie: RvdB
© 2014 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.
INHOUDSOPGAVE
2.1 2.2 2.3 2.3.1 2.3.2 2.4 2.5 2.6 2.6.1 2.6.2 2.7 2.7.1 2.7.2 2.7.3 2.8 2.9
Algemeen ..................................................................................................................................................................9 Omschrijving onderzoekslocatie......................................................................................................................................9 Bodemkundige gegevens ..............................................................................................................................................9 Bodemkaart ...............................................................................................................................................................9 Geologie ...................................................................................................................................................................9 Milieubeschermingsgebieden .......................................................................................................................................10 Historisch en huidig gebruik.........................................................................................................................................10 Bodembeleid............................................................................................................................................................10
Bodembeheernota.....................................................................................................................................................10 Bodemfunctie ...........................................................................................................................................................11 Bodemkwaliteitsgegevens...........................................................................................................................................11 Bodemkwaliteitskaart ................................................................................................................................................11 Bodemloket .............................................................................................................................................................11 Bodemrapportage ODWH............................................................................................................................................12 Veldinspectie............................................................................................................................................................12 Onderzoekshypothesen ..............................................................................................................................................12
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6
Afbakening onderzoekslocatie......................................................................................................................................13 Onderzoeksstrategie ..................................................................................................................................................13 Methode en materialen ..............................................................................................................................................13 Laboratoriumonderzoek..............................................................................................................................................13 Toetsingskader analyseresultaten .................................................................................................................................14 Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid ..........................................................................................................................14
4.1 4.2 4.2.1 4.2.2 4.2.3 4.3 4.3.1 4.3.2 4.3.3 4.3.4
Veldinspectie............................................................................................................................................................15 Veldwerk.................................................................................................................................................................15 Plaatsen grondboringen en peilbuizen ...........................................................................................................................15 Monsterneming grondwater ........................................................................................................................................15 Interpretatie veldwerkresultaten ...................................................................................................................................16 Laboratoriumonderzoek..............................................................................................................................................16 Samenstelling grondmengmonsters en analyses ..............................................................................................................16 Grondwater..............................................................................................................................................................16 Interpretatie laboratoriumonderzoek
.............................................................................................................................17 Toetsing onderzoekshypothesen...................................................................................................................................17
5
BIJLAGEN
6
1
INLEIDING In opdracht van Frans Apperloo Bouwkostenmanagement B.V. gevestigd te Noordwijkerhout is door Kragten een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd naar de milieukundige kwaliteit van de grond en het grondwater op een perceel aan de Zwarteweg 49 te Noordwijk ten behoeve van de aanvraag van een Omgevingsvergunning voor de bouw van woningen. De bouwlocatie van de woningen is tot voor kort in gebruik geweest als paardenbak van de naastgelegen manege. De locatie is gelegen in het bestemmingsplan “ESTEC en de Noordwijkse Bedrijvenparken” en heeft momenteel de bestemming “Sport” die voorziet in de oprichting van een paardenpension en manege met bedrijfswoningen. Voor de bouw van burgerwoningen is een (gedeeltelijke) bestemmingswijziging noodzakelijk. Ten behoeve van de bestemmingswijziging alsook voor de aanvraag van een Omgevingsvergunning voor bouwen, moet door middel van een verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 worden aangetoond dat de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond én grondwater) geschikt is voor het toekomstige gebruik voor wonen. Het doel van het verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 is om de milieukundige (chemische) kwaliteit van de grond en het grondwater vast te stellen door middel van een steekproefsgewijze monsterneming.
Het verkennend onderzoek is niet bedoeld voor het vaststellen van de ernst (mate en omvang) van een eventuele bodemverontreiniging. Wanneer met het verkennend onderzoek aanwijzingen worden gevonden voor de aanwezigheid van ernstige verontreiniging in de grond en/of in het grondwater, dan is het uitvoeren van nader onderzoek conform de NTA 5755 noodzakelijk. De onderzoeksnorm NEN 5740 (actueel NEN5740+A1) omvat een aantal strategieën, voor het onderzoeken van zowel verdachte alsook onverdachte (lijnvormige of niet-lijnvormige) locaties. De keuze van de juiste onderzoeksstrategie moet onderbouwd worden door middel van een bodem-vooronderzoek conform NEN 5725. Het vooronderzoek maakt derhalve integraal deel uit van het verkennend bodemonderzoek. Als uit het vooronderzoek blijkt dat op de locatie ook asbest in de grond kan worden verwacht, dan moet naast het verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740+A1 (naar de chemische kwaliteit van de grond en het grondwater) tevens een verkennend onderzoek conform NEN 5707 (naar asbest in de grond) worden uitgevoerd. De resultaten van het vooronderzoek conform NEN 5725 zijn opgenomen in hoofdstuk 2. De strategie voor het verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740+A1 is gebaseerd op de resultaten van het vooronderzoek. De onderzoeksopzet is vermeld in hoofdstuk 3.
De resultaten van het veldwerk en het laboratoriumonderzoek zijn beschreven in hoofdstuk 4. In hoofdstuk 5 zijn de conclusies en aanbevelingen van het onderzoek vermeld. Een situatietekening met boorlocaties, de profielbeschrijvingen van de boringen, de analyseresultaten en toetsingstabellen van het laboratoriumonderzoek, veldwerkformulieren en foto’s zijn opgenomen als bijlagen. In de voorliggende rapportage zijn de resultaten beschreven van het vooronderzoek conform NEN 5725 en van het verkennend (chemisch) bodemonderzoek conform NEN 5740. Een verkennend onderzoek naar asbest conform NEN 5707 of een maaiveldinspectie volgens deze norm is niet uitgevoerd (het onderzoek naar asbest in de grond valt buiten de scope van het verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740).
7
2
VOORONDERZOEK CONFORM NEN 5725
2.1
Algemeen Met het vooronderzoek is allerlei informatie verzameld die relevant kan zijn voor de milieukundige kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) van de onderzoekslocatie. Op basis van het vooronderzoek zijn hypothesen (verwachtingen) opgesteld ten aanzien van de aanwezigheid, de plaats(-en), aard en de ruimtelijke verspreiding van bodemverontreiniging op de onderzoekslocatie.
2.2
Omschrijving onderzoekslocatie De onderzoekslocatie is gelegen in het buitengebied tussen de kernen van Katwijk (zuidwestelijk) en Noordwijk (noodoostelijk). De locatie is gelegen direct ten zuiden van de Zwarteweg, ter hoogte van de Willem van den Bergh Stichting. De onderzoekslocatie was tot voor kort in gebruik als paardenbak van de naastgelegen manege (Zwarteweg 49). Momenteel ligt de locatie braak. In verband met de bestemmingswijziging is het oorspronkelijke perceel inmiddels kadastraal opgesplitst. De onderzoekslocatie is momenteel gelegen op het kadastrale perceel NWK02 (Noordwijk), sectie H, nummer 1183 (totale oppervlakte 1.970 m2). De onderzoekslocatie betreft de bouwlocatie van de woningen met tuin (afmetingen circa 43 meter x circa 30 meter ofwel circa 1.300 m2). In oost- en westelijke richting grenst de onderzoekslocatie aan woonpercelen (respectievelijk Zwarteweg 47 en Zwarteweg 51). De topografische ligging van de locatie is aangegeven in bijlage 1. In bijlage 7 zijn foto’s van het terrein opgenomen.
2.3
Bodemkundige gegevens
2.3.1
Bodemkaart Ingedeeld naar de ontstaanswijze (geogenese) van het bodemprofiel tot 1,2 m –mv (de bewortelbare zone) wordt de oorspronkelijke grond op de onderzoekslocatie gerekend tot (Enk-) eerdgronden. De textuur van deze gronden bestaat uit (zwak humeus) zand. Bron: -
2.3.2
www.Bodemdata.nl
Geologie Op korte afstand ten noordwesten van de onderzoekslocatie is een diepe geologische boring uitgevoerd die als representatief kan worden beschouwd voor de geologische bodemopbouw ter plaatse van Noordwijk (tabel 1). Tabel 1: Geologische bodemopbouw en lithostratigrafie Diepte (m -NAP): 0 - 18
Geologische formatie: Holocene afzettingen
18 - 28
Kreftenheye
28 -54
Urk
54 - 59
Sterksel
59 - 99
Peize
99 – 107
Waalre
Litholstratigrafie: Complexe eenheid, bestaande uit een afwisseling van zandige klei, midden en fijn zand, klei en veen en een weinig grof zand Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei en veen Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, weinig fijn zand en grind en een spoor klei, zandige klei en veen Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit grof en midden zand, weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, met weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei en veen Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit zandige klei, klei en midden zand, weinig veen, fijn en grof zand en een spoor grind
9
De oppervlakkige (holocene) afzettingen maken deel uit van de zeer jonge geologische Formatie van Naaldwijk die in een groot deel van west-Nederland aan het oppervlak ligt. De formatie bestaat voornamelijk uit zanden en kleien die zijn afgezet door de zee. De onderzoekslocatie te Noordwijk is gelegen in een vlak gebied op relatief korte afstand achter de zeeduinen. Het gebied wordt gerekend tot het zogenaamde zuidwestelijke zeekleigebied en bestaat uit oude zeeklei. Op oude topografische kaarten wordt het gebied tussen Katwijk en Noordwijk dan ook aangeduid als ‘De Klei’. De kleiige afzettingen zijn nadien plaatselijk overdekt met (stuif-) zandduinen. De hoogteligging van de onderzoekslocatie volgens de AHN bedraagt circa 1 m+NAP. Bronnen: -
2.4
www.dinoloket.nl www.wikipedia.nl Algemene Hoogtekaart Nederland (AHN)
Milieubeschermingsgebieden In de Provinciale Milieuverordening (PMV) van de provincie Zuid-Holland zijn gebieden aangewezen ter bescherming van het milieu. De onderzoekslocatie te Noordwijk is evenwel niet gelegen in een milieubeschermingsgebied voor stilte en ook niet in een milieubeschermingsgebied voor het grondwater. Bron: -
2.5
Provinciale Milieuverordening Zuid-Holland 2014
Historisch en huidig gebruik Het historisch gebruik van de onderzoekslocatie is nagegaan aan de hand van oude topografische kaarten. De oprichtingsdatum van de manege naast de onderzoekslocatie is onbekend. Uit de oude topografische kaarten kan worden afgeleid dat de bebouwing ter plaatse van de manege dateert van omstreeks 1970. De gronden aan weerszijden van de Zwarteweg waren destijds nog agrarisch in gebruik (waarschijnlijk als bollenvelden) met verspreid langs de Zwarteweg enkele landbouwschuren. De nabij gelegen psychiatrische inrichting (Van de Bergh Stichting) ten noorden van de Zwarteweg is opgericht in de jaren 1950. Daarnaast heeft tot 1936 aan de Zwarteweg op korte afstand ten westen van de onderzoekslocatie een oude boerderij gelegen (Djatti Rongi). De gronden zuidelijk van de Zwarteweg ter hoogte van de onderzoekslocatie zijn tot omstreeks 2010 in gebruik gebleven als landbouwgrond. Sindsdien is ten zuidoosten van de kruising met de ’s Gravendijckseweg (langs de Keysersweg) een bedrijventerrein opgericht. Bron: -
Topografische kaarten vanaf 1905 t/m 2015
2.6
Bodembeleid
2.6.1
Bodembeheernota De gemeente Noordwijk heeft samen met enkele buurgemeenten een Bodembeheernota opgesteld waarin de omgang met grond en bouwstoffen in het kader van het Besluit bodemkwaliteit (sedert 2008) is vastgelegd. In de Nota is algemeen bodembeleid (deel A: voor het algehele grondgebied) en gebiedsspecifiek bodembeleid (deel B: voor een specifiek gebied) opgesteld. Voor de onderhavige onderzoekslocatie aan de Zwarteweg te Noordwijk geldt het algemene bodembeleid. Dit houdt in dat voor de toepassing van grond en bouwstoffen het generieke beleid uit het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) wordt gevolgd. Voor de onderzoekslocatie worden dus geen lokaal verhoogde achtergrondwaarden gehanteerd. Bron: -
10
Bodembeheernota Omgevingsdienst West-Holland
2.6.2
Bodemfunctie In het kader van het Besluit bodemkwaliteit is iedere gemeente verplicht om voor haar grondgebied een bodemfunctieklassenkaart (of bodemfunctiekaart) op te stellen. Op de kaart moet een indeling worden gemaakt in de categorieën ‘wonen’, ‘industrie’ en ‘overig’. De gebruiksfunctie geeft aan welke (bijbehorende) bodemkwaliteit bij grondverzet moet worden nagestreefd (respectievelijk klasse ‘wonen’, ’industrie’ of ‘Achtergrondwaarde’). Aan de onderzoekslocatie aan de Zwartestraat is op de Bodemfunctieklassenkaart van de gemeente Noordwijk de bodemfunctieklasse ‘Industrie’ toegekend. Bron: -
Bodemfunctieklassenkaart Noordwijk
2.7
Bodemkwaliteitsgegevens
2.7.1
Bodemkwaliteitskaart Om de toepassing van vrijgekomen grond te faciliteren kunnen gemeenten voor hun eigen grondgebied een Bodemkwaliteitskaart (BKK) laten opstellen (niet verplicht). In een BKK wordt de algemene, diffuse kwaliteit van de bovengrond en ondergrond, per te onderscheiden bodemkwaliteitszone vastgelegd. Verdachte locaties zijn uitgesloten. De BKK geeft aldus een indicatie over de (milieu-)kwaliteit van vrijkomende grond uit een zone. Op basis van een BKK kan vrijgekomen grond binnen eenzelfde kwaliteitszone worden hergebruikt (in het kader van het Besluit bodemkwaliteit) zónder dat voorafgaande (partij-) keuring nodig is. De gemeente Noordwijk heeft echter alleen een Bodemkwaliteitskaart voor het deel van haar grondgebied waarvoor gebiedsspecifiek beleid is opgesteld (Offem-Zuid). Voor het overige grondgebied (waaronder de onderzoekslocatie aan de Zwarteweg) is geen Bodemkwaliteitskaart opgesteld. Gegevens over de algemene milieukwaliteit van de lokale boven- en ondergrond zijn derhalve niet bekend. Bron: -
2.7.2
Omgevingsdienst West-Holland (ODWH)
Bodemloket Het Bodemloket is een initiatief van de gezamenlijke overheden die bevoegd zijn in het kader van de Wbb (Wet bodembescherming). Het Bodemloket bevat informatie over locaties die in het kader van de Wbb zijn geregistreerd. Het Bodemloket geeft beknopte informatie over de aard van de bodembedreigende activiteiten op de locaties en geeft aan of de locatie voldoende is onderzocht of gesaneerd. Op het Bodemloket staan in de nabije omgeving van de onderzoekslocatie aan de Zwarteweg 49 te Noordwijk meerdere bodemlocaties aangegeven. Nadere informatie over de aard van de bodembedreigende activiteiten of over het uitgevoerd onderzoek op de locaties wordt op het Bodemloket niet vermeld. In tabel 2 is de informatie van het Bodemloket samengevat. Tabel 2: Locaties en activiteiten Bodemloket Bodemlocatie: (afstand tot onderzoeksloctaie) Zwarteweg 49 (ter plaatse) Zwarteweg 47 (direct oostelijk) Zwarteweg (50 meter noordwest) Zwartewater (75 meter zuidwest) De Plas (100 meter zuidoost) Bron: -
Verdachte activiteit:
Uitgevoerd onderzoek:
Status:
onbekend onbekend onbekend onbekend onbekend
onbekend onbekend onbekend onbekend onbekend
onderzoek uitvoeren historie bekend onderzoek uitvoeren voldoende onderzocht voldoende onderzocht
www.bodemloket.nl
11
2.7.3
Bodemrapportage ODWH Bij de Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) zijn bodemgegevens opgevraagd over de onderzoekslocatie aan de Zwarteweg 49 te Noordwijk. De Bodemrapportage is opgenomen in bijlage 8. In de rapportage zijn gegevens opgenomen van bodemlocaties die zijn gelegen binnen een 25 meter brede buffer rondom de locatie. In de Bodemrapportage wordt op de locatie Zwarteweg 49 echter nog het oude (veel grotere) perceel H1046 aangegeven. Het perceel H1046 is nu opgesplitst in de percelen H1182 (5.320 m2) en H1183 (1.970 m2). De huidige onderzoekslocatie betreft een deel van het noordelijke perceel H1183 (circa 1.300 m2). De bodemlocaties die in de Bodemrapportage zijn vermeld (binnen 25 meter afstand tot het oude perceel H1046) zijn deels buiten de 25 meter buffer rondom de onderzoekslocatie (op het nieuwe perceel H1183) gelegen. In onderstaande tabel 3 zijn de bodemlocaties, de verdachte activiteiten en de afstand tot de onderzoekslocatie samengevat. Tabel 3: Bodemlocaties Bodemlocatie: (afstand tot onderzoeksloctaie) Ys Gravendijckseweg/De Plas 4-6 (ter plaatse) Zwarteweg (naast 51) (direct oostelijk)
2.8
Verdachte activiteit: (van-tot) onverdacht (bouwvergunning) bloemenkwekerij (onbekend) onverdacht (onbekend)
Uitgevoerd onderzoek: (datum) Verkennend (1997) Verkennend (2016)
Beoordeling verontreiniging: niet verontreinigd; voldoende onderzocht licht tot matig verontreinigd; niet ernstig voldoende onderzocht
Veldinspectie De onderzoekslocatie is direct voorafgaand aan de uitvoering van het veldwerk op 1 maart 2019 door een ervaren en BRL2000 gecertificeerde veldwerker van VeldXpert (de heer M. Koelewijn) visueel geïnspecteerd op aanwijzingen voor chemische bodemverontreiniging en asbest. De bevindingen van de veldinspectie zijn vermeld in hoofdstuk 4 (Resultaten).
2.9
Onderzoekshypothesen Op basis van de verzamelde gegevens wordt ten aanzien van de milieukundige kwaliteit van de grond en het grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie aan de Zwarteweg 49 te Noordwijk, het volgende verwacht: Grond en grondwater: Uit het vooronderzoek zijn geen aanwijzingen naar voren gekomen voor de aanwezigheid van chemische verontreiniging in de grond. De resultaten van het eerder uitgevoerd milieukundig bodemonderzoek op de locatie zijn onbekend. Vanwege het voormalige agrarische gebruik (waarschijnlijk bloembollenteelt tot omstreeks 1970) zouden in de grond en in het grondwater evenwel (diffuus verspreide) licht verhoogde gehalten (lager dan de Tussenwaarden) aan landbouwbestrijdingsmiddelen kunnen worden verwacht. Voor de locatie of omgeving is evenwel geen bodemspecifiek bodembeleid opgesteld, waardoor vooralsnog geen verhoogde achtergrondwaarden worden verwacht. Door het gebruik na 1970 (tot voor kort) als paardenloopbak wordt geen chemische verontreiniging verwacht. Asbest: Ter plaatse van de onderzoekslocatie zelf heeft voor zover bekend nooit bebouwing gestaan. Tijdens de veldinspectie is op of aan de directe aangrenzende bebouwing (manege en naburige bebouwing) geen asbestverdachte materiaal vastgesteld. Ter plaatse van de onderzoekslocatie is voor zover bekend nooit verharding aanwezig geweest (die asbesthoudend puin kan bevatten).
De onderzoekslocatie wordt als asbestonverdacht beschouwd.
12
3
ONDERZOEKSOPZET
3.1
Afbakening onderzoekslocatie De onderzoekslocatie voor het verkennend bodemonderzoek betreft het braakliggende (onverharde) terrein gelegen aan de Zwarteweg te Noordwijk, met een oppervlakte van circa 1.300 m2.
3.2
Onderzoeksstrategie De bodem (grond en grondwater) van de locatie is verkennend onderzocht conform NEN 5740+A1 volgens de strategie voor onverdachte, niet-lijnvormige locaties (ONV-NL). Voor de monsterneming van de boven- en ondergrond zijn boringen uitgevoerd tot een diepte van 0,5 m -mv, respectievelijk tot 2 m -mv. Voor de monsterneming van het grondwater is een peilbuis geplaatst. De onderzoeksinspanning (aantallen en diepte grondboringen, peilbuizen en analyses) is samengevat in tabel 4. Tabel 4: Onderzoeksinspanning verkennend bodemonderzoek NEN 5740 strategie ONV-NL Oppervlakte: (m2) 1.000 – 1.500
3.3
Boring 0,5 m -mv 6
Veldwerk: Boring 2 m -mv 1
Boring met peilbuis 1
Mengmonsters bovengrond 1
Laboratoriumonderzoek: Mengmonsters ondergrond 1
Grondwater 1
Methode en materialen De grondboringen en de peilbuis zijn handmatig geplaatst conform de BRL 2000 en het protocol 2001 door ervaren en gecertificeerde veldwerkers. Het grondwatermonster is genomen conform protocol 2002. De opgeboorde grond is beoordeeld op textuur en op bodemvreemde bijmengingen conform NEN 5104 en NEN 5706. De resultaten van de beoordeling zijn vastgelegd in profielbeschrijvingen. Van elke te onderscheiden bodemlaag is een grondmonster genomen voor laboratoriumonderzoek. De grond- en grondwatermonsters zijn voorzien van een unieke code, koel opgeslagen en zo spoedig mogelijk (uiterlijk daags erna) aangeleverd op het laboratorium.
3.4
Laboratoriumonderzoek Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd door een geaccrediteerd laboratorium (Synlab BV). De monsters van de boven- en ondergrond zijn (op aangeven van Kragten) door het laboratorium samengesteld tot 2 mengmonsters en analytisch onderzocht op verontreinigende stoffen conform het Standaard NEN-pakket voor grond (8 zware metalen plus barium, 10 PAK’s, 7 PCB’s en minerale olie C10-C40) plus de gehalten aan lutum en organische stof. Op overige verontreinigende stoffen (zoals landbouwbestrijdingsmiddelen) is de grond niet onderzocht. Het grondwatermonster is onderzocht op stoffen conform het Standaard NEN-pakket voor ondiep grondwater (8 zware metalen plus barium, vluchtige aromaten (BTEXS), naftaleen, gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOX) en minerale olie (C10-C40)). Op overige verontreinigende stoffen (zoals landbouwbestrijdingsmiddelen) is het grondwater niet onderzocht.
13
3.5
Toetsingskader analyseresultaten Om vast te stellen of sprake is van lichte of sterke bodemverontreiniging (kader Wet bodembescherming) zijn de analyseresultaten van de grond getoetst aan de Achtergrondwaarden (AW2000) uit de Regeling bodemkwaliteit, respectievelijk aan de Interventiewaarden (I) uit de Circulaire bodemsanering 2013. De analyseresultaten van het grondwater zijn getoetst aan de Streef- (S) en Interventiewaarden (I) uit de Circulaire bodemsanering 2013. De toetsingswaarden voor grond zijn afhankelijk van de gehalten aan organische stof en lutum. Ten behoeve van de toetsing zijn de gemeten gehalten in de grond op basis van de gemeten gehalten aan lutum en humus, omgerekend naar gehalten voor een Standaardbodem (met 25% lutum en 10% organische stof).
3.6
Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid Het veldwerk is uitgevoerd door het veldwerkbureau Veldxpert BV uit Noordwijk, onder certificaat van de BRL 2000 en de protocollen 2001 en 2002. Veldxpert BV is onafhankelijk van de opdrachtgever en heeft geen belang bij de resultaten van het onderzoek. Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd door een geaccrediteerd laboratorium (Synlab BV) conform het accreditatieschema AS3000. Op het laboratoriumrapport staat een verificatienummer vermeld aan de hand waarvan de authenticiteit van het rapport via de website van het laboratorium kan worden nagegaan. Kragten aanvaardt uitsluitend opdrachten komend van buiten de eigen organisatie en verklaart geen enkel belang te hebben aan de resultaten van het onderzoek.
14
4
RESULTATEN
4.1
Veldinspectie Voorafgaand aan het veldwerk is het maaiveld van de onderzoekslocatie door een ervaren en gecertificeerde veldwerker van VeldXpert BV (de heer M. Koelewijn, geregistreerd onder K2452/12) geïnspecteerd op aanwijzingen voor chemische bodemverontreiniging en asbest in de grond. Aanwijzingen voor bodembedreigende activiteiten (zoals olievlekken, brandplekken, opslagtanks, dempingen of puinverhardingen) zijn op de onderzoekslocatie niet waargenomen. Behalve enkele spoortjes beton- en baksteenpuin zijn op het maaiveld geen aanwijzingen gevonden voor bodemverontreiniging. Om de aanwezigheid van bodemvreemde bijmengingen in de grond vast te stellen, zijn drie proefgaten gegraven en is het opgegraven bodemmateriaal visueel beoordeeld. In de grond zijn geen bodemvreemde materialen aangetroffen. De resultaten van de veldinspectie vormden geen aanleiding voor het uitvoeren van verder onderzoek naar asbest in de grond. Het verslag van de veldinspectie is opgenomen in bijlage 6.
4.2
Veldwerk
4.2.1
Plaatsen grondboringen en peilbuizen Het plaatsen van de grondboringen en de peilbuis is uitgevoerd op 1 maart 2019 door de heer M. Koelewijn van VeldXpert BV. In het veldwerkverslag (bijlage 6) is een verklaring opgenomen dat het veldwerk conform de BRL 2000 en het protocol 2001 is uitgevoerd. De locaties van de grondboringen B01 t/m B08 zijn gelijkmatig verdeeld over de onderzoekslocatie en staan aangegeven op de situatietekening in bijlage 2. De textuur van de boven- en ondergrond tot een diepte van circa 2,7 m –mv (einddiepte boring B03) bestaat overwegend uit matig fijn en matig siltig zand. De bovengrond tot circa 0,5 m -mv is matig tot sterk humeus, waarbij de ondergrond (dieper dan 0,5 m –mv) nog steeds matig tot zwak humeus is. Plaatselijk (boring B03) is in de ondergrond tussen 1,2 en 1,5 m –mv een laag zandige klei aangetroffen. In de grond zijn geen bodemvreemde bijmengingen waargenomen. In boring B03 is het grondwater aangetroffen vanaf een diepte van circa 1,2 m –mv. Voor het plaatsen van de peilbuis is boring B03 doorgezet tot 2,7 m –mv en afgewerkt met een peilbuis (filterstelling: 1,7-2,7 m –mv). De profielbeschrijvingen van de boringen zijn opgenomen in bijlage 3. Van alle aangetroffen bodemlagen zijn grondmonsters genomen voor chemische analyse. De bemonsterde trajecten staan aangegeven op de profielbeschrijvingen.
4.2.2
Monsterneming grondwater Het grondwater is bemonsterd op 8 maart 2019 door de heer M. Voorbij van Veldxpert BV (ervaren en gecertificeerde veldwerker, geregistreerd onder K2452/12). De resultaten van de grondwaterbemonstering zijn vermeld in het veldwerkverslag in bijlage 6. De veldmetingen aan het grondwater zijn samengevat in tabel 5. Tabel 5: Veldmetingen grondwater d.d. 8 maart 2019 Peilbuis: (nr) B03
Filterstelling: (m –mv) 1,7 - 2,7
Grondwaterstand: (m –mv) 1,05
Troebelheid: (NTU) 34
Zuurgraad (pH) 7,1
EGV/EC: (mS/cm) 1017
15
4.2.3
Interpretatie veldwerkresultaten Met het veldwerk zijn in de grond geen bodemvreemde bijmengingen aangetroffen of andere afwijkingen waargenomen, anders dan sporen baksteen in de laag van 0,5-1,0 m-mv bij boring B08. Op basis van het veldwerk is de grond onverdacht ten aanzien van chemische verontreiniging en asbest. Ten aanzien van de veldmetingen aan het grondwater kan het volgende worden opgemerkt. Het elektrisch geleidend vermogen (EGV of EC) van water is een maat voor de concentratie aan elektrisch geladen deeltjes (ionen of elektrolyten). De geleidbaarheid neemt toe naarmate het gehalte aan ionen hoger is. Een verhoogde EGV kan aldus een aanwijzing zijn voor de aanwezigheid van een grondwaterverontreiniging. Schoon (onbelast) grondwater heeft doorgaans een EGV lager dan 300 à 350 mS/cm. In dit geval is de gemeten EGV-waarde relatief hoog wat een aanwijzing is voor een verhoogd zoutgehalte. Vanwege de ligging van de onderzoekslocatie op relatief korte afstand van de kust is dit niet verwonderlijk. Troebelheid (of turbiditeit) in het grondwater wordt over het algemeen veroorzaakt door zwevende (onopgeloste) bestanddelen, zoals klei- of humusdeeltjes. Vanwege hun relatief grote oppervlakte hebben deze fijne gronddeeltjes de eigenschap om chemische stoffen aan zich te binden (adsorptie).
De aanwezigheid van deze deeltjes kan bij de analyse van het grondwater daarom een vertekend beeld geven van de werkelijke gehalten aan verontreinigende stoffen. Helder grondwater heeft een NTU tussen 0 en 10. Een NTU hoger dan 10 hoeft echter niet te betekenen dat het grondwatermonster niet bruikbaar is voor analyse. Als echter een verhoogde troebelheid (hoger dan 10) is gemeten en met de analyses duidelijk verhoogde gehalten zijn aangetoond, dan kan dit aanleiding zijn voor de herbemonstering en heranalyse van het grondwater. De gemeten zuurgraad (pH) is praktisch neutraal (7) en geeft geen aanwijzing voor de mogelijke aanwezigheid van verhoogde gehalten aan zware metalen in het grondwater.
4.3
Laboratoriumonderzoek
4.3.1
Samenstelling grondmengmonsters en analyses De monsters van de boven- en ondergrond (zand) zijn samengesteld tot twee mengmonsters (MM1 en MM2). Het monster van de kleiige ondergrond (boring B03: 1,2-1,5 m –mv) is niet onderzocht. De samenstelling van de mengmonsters is aangegeven in tabel 6. De beide mengmonsters zijn analytisch onderzocht op stoffen conform het Standaard NEN-pakket voor grond, inclusief lutum en humus (STAP1). Tabel 6: Samenstelling grondmengmonsters en laboratoriumonderzoek Mengmonster: MM1 MM2
Omschrijving: Bovengrond (zand) Ondergrond (zand)
Deelmonsters (boringnummer en diepte in cm –mv): B01(0-0,5), B02(0-0,5), B03(0-0,5), B04(0-0,5), B05(0-0,5), B06(0-0,5), B07(0-0,5), B08(0-0,5) B03(0,5-1,0), B03(1,0-1,2), B03(1,5-2,0), B08(0,5-1,0), B08(1,0-1,5), B08(1,5-2,0)
Laboratoriumonderzoek: STAP1 STAP1
Het laboratoriumrapport is opgenomen in bijlage 4. De analyseresultaten van de grondmengmonsters zijn getoetst aan de Achtergrondwaarden (AW2000) en aan de Interventiewaarden (I). De toetsingstabellen zijn opgenomen in bijlage 5. Uit de toetsing blijkt dat in beide grondmengmonsters geen verhoogde gehalten zijn aangetoond. De analyseresultaten van de (zandige) grondmengmonsters vormen geen aanleiding voor aanvullende analyse van het monster van de kleiige ondergrond.
4.3.2
Grondwater Het grondwatermonster is onderzocht op stoffen conform het Standaard NEN-pakket voor grondwater (STAPW). Het laboratoriumrapport is opgenomen in bijlage 4. De analyseresultaten van het grondwater zijn getoetst aan de Streef- en Interventiewaarden (toetsingskader Wbb). De toetsingstabel is opgenomen in bijlage 5. Uit de toetsing blijkt dat in het grondwater geen verhoogde gehalten zijn aangetoond. De verhoogde troebelheid die tijdens de grondwatermonstername gemeten is, geeft dan ook geen aanleiding voor herbemonstering of heranalyse.
16
4.3.3
Interpretatie laboratoriumonderzoek In de grondmengmonsters zijn geen verhoogde gehalten (hoger dan de AW2000) aangetoond. De boven- en ondergrond van de locatie kan daarom worden beschouwd als niet-verontreinigd. In het grondwater zijn eveneens geen verhoogde gehalten aangetoond, waardoor dit kan worden beschouwd als niet-verontreinigd.
4.3.4
Toetsing onderzoekshypothesen De resultaten van het veldwerk en het laboratoriumonderzoek tonen aan dat de onderzoeksstrategie ‘onverdacht’ voor de locatie een correcte keuze is geweest. In de grond en in het grondwater zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Er was geen aanleiding voor het uitvoeren van verkennend onderzoek naar asbest in de grond.
17
5
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 kan ten aanzien van de bodemopbouw en de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en het grondwater van de onderzoekslocatie aan de Zwarteweg 49 te Noordwijk, het volgende worden geconcludeerd: Bodemopbouw en grondwater De textuur van de grond bestaat tot een diepte van minimaal 2,7 m -mv overwegend uit matig fijn, matig siltig zand. Plaatselijk is in de ondergrond (vanaf 1,2 tot 1,5 m –mv) een laag zandige klei aangetroffen. In de grond zijn geen bodemvreemde bijmengingen (zoals puin of asbestverdachte materialen) aangetroffen, met uitzondering van sporen baksteen in slechts bij één boring. Het grondwater is (op 1 maart 2019) aangetroffen vanaf een diepte van circa 1 à 1,2 m –mv. Milieuhygiënische kwaliteit De boven- en ondergrond alsook het grondwater van de locatie zijn chemisch niet verontreinigd. De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding voor het uitvoeren van aanvullend onderzoek van de grond of het grondwater. De milieuhygiënische kwaliteit van de bodem vormt geen belemmering voor de bestemmingswijziging of het toekomstig gebruik voor (grondgebonden) wonen. Asbest De onderzoekslocatie aan de Zwarteweg is onverdacht ten aanzien van verontreiniging met asbest in de grond. Er is geen aanleiding voor het uitvoeren van verkennend onderzoek naar asbest in de grond.
19
BIJLAGEN
B1 TOPOGRAFISCHE LIGGING
Bron: Topografische Dienst Schaal: kaart is niet op schaal (rasterafstand 1 km) Coördinaten onderzoekslocatie: x= 89.590; y= 470.375
B1-1
B2 SITUATIETEKENING MET BOORLOCATIES
- B01, B02, B04, B05, B06 en B07: ondiepe boringen (tot 0,5 m –mv) - B03 en B08: diepe boringen (tot minimaal 2 m –mv) - B03: boring met peilbuis
B2-1
B3 PROFIELBESCHRIJVINGEN GRONDBORINGEN - legenda - profielbeschrijvingen boringen B01 t/m B08 (inclusief peilbuis)
B3-1
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
ongeroerd monster volumering
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
Boring: B01-
Boring: B02gras
0
0
0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, neutraalbruin
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, neutraalbruin
1
1
50
50
50
50
Boring: B03-
Boring: B04gras
0
0
gras
0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, neutraalbruin
gras Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, neutraalbruin
1
1
50
50
50
2
100 3 120
Klei, matig siltig, zwak humeus, zwak zandhoudend, neutraal bruingrijs 4
150
150
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, brokken klei, neutraalbruin
5
200
200
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, resten planten, neutraalgrijs
6
250 7 270
Boring: B05-
Boring: B060
0
gras
0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, neutraalbruin
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, neutraalbruin
1
50
gras
1
50
50
50
Projectnaam:
Zwarteweg
Projectcode:
WND479
Boormeester:
M. Koelewijn (VeldXpert)
Schaal:
1: 20
Getekend volgens: NEN 5104
Boring: B07-
Boring: B080
0
groenstrook
0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, sterk humeus, donkerbruin
Zand, matig fijn, matig siltig, sterk humeus, donkerbruin
1
50
groenstrook
1
50
50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, neutraalbruin
2
100
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig schelphoudend, neutraal bruingrijs
3
150
150
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin
4
200
200
Projectnaam:
Zwarteweg
Projectcode:
WND479
Boormeester:
M. Koelewijn (VeldXpert)
Schaal:
1: 20
Getekend volgens: NEN 5104
B4 LABORATORIUMRAPPORTEN - Synlab rapportnummer 12986816 (grondmengmonsters MM1 en MM2) - Synlab rapportnummer 12992754 (grondwatermonster peilbuis B03)
B4-1
SYNLAB Analytics & Services B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.synlab.nl
Analyserapport
Kragten Bert Clerx Postbus 14 6040AA ROERMOND
Uw projectnaam Uw projectnummer SYNLAB rapportnummer Rapport-verificatienummer
Blad 1 van 7
: Zwarteweg : WND479 : 12986816, versienummer: 1 : 347G9T7D
Rotterdam, 14-03-2019
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project WND479. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de geteste monsters. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters en het project zijn overgenomen in dit analyserapport. Het onderzoek is uitgevoerd door SYNLAB Analytics & Services B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SYNLAB laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 7 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Mocht u vragen en/of opmerkingen hebben naar aanleiding van dit rapport, bijvoorbeeld als u nadere informatie nodig heeft over de meetonzekerheid van de analyseresultaten in dit rapport, dan verzoeken wij u vriendelijk contact op te nemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,
Jaap-Willem Hutter Technical Director
SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 2 van 7
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg
Orderdatum 05-03-2019 Startdatum 05-03-2019 Rapportagedatum 14-03-2019
WND479 - 1
12986816
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002
Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM1 MM1 B01 (0-50) B02 (0-50) B03 (0-50) B04 (0-50) B05 (0-50) B06 (0-50) B07 (0-50) B08 (0-50) MM2 MM2 B03 (50-100) B03 (100-120) B03 (150-200) B08 (50-100) B08 (100-150) B08 (150-200)
Analyse
Eenheid
Q
droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten
gew.-% g -
S S S
88.9 <1 geen
84.7 <1 geen
organische stof (gloeiverlies)
% vd DS
S
2.3
0.6
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS
S
1.9
<1
METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
S S S S S S S S S
<20 0.23 1.6 7.6 0.06 15 <0.5 4.9 41
<20 <0.2 1.7 <5 <0.05 <10 <0.5 5.0 <20
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
001
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S <0.01 fenantreen mg/kgds S 0.21 antraceen mg/kgds S 0.03 fluoranteen mg/kgds S 0.36 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.14 chryseen mg/kgds S 0.17 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.09 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.15 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.13 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 0.13 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 1.417 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds PCB 180 µg/kgds som PCB (7) (0.7 factor) µg/kgds
S S S S S S S S
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9
002
<0.01 0.01 <0.01 0.05 0.03 0.02 0.02 0.03 0.02 0.02 1) 0.214
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9
MINERALE OLIE
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 3 van 7
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg
Orderdatum 05-03-2019 Startdatum 05-03-2019 Rapportagedatum 14-03-2019
WND479 - 1
12986816
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002
Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM1 MM1 B01 (0-50) B02 (0-50) B03 (0-50) B04 (0-50) B05 (0-50) B06 (0-50) B07 (0-50) B08 (0-50) MM2 MM2 B03 (50-100) B03 (100-120) B03 (150-200) B08 (50-100) B08 (100-150) B08 (150-200)
Analyse
Eenheid
fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
Q
001
S
<5 2) <5 2) <5 2) <5 2) <20
2)
002 2)
<5 2) <5 2) 6 2) <5 2) <20
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 4 van 7
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg WND479 12986816
- 1
Orderdatum 05-03-2019 Startdatum 05-03-2019 Rapportagedatum 14-03-2019
Monster beschrijvingen
001
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
002
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1 2
De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa. De betrouwbaarheid van het resultaat is mogelijk beïnvloed door overschrijding van de toegestane conserveertermijn.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 5 van 7
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg
Orderdatum 05-03-2019 Startdatum 05-03-2019 Rapportagedatum 14-03-2019
WND479 12986816
- 1
Analyse
Monstersoort
Relatie tot norm
droge stof
Grond (AS3000)
gewicht artefacten
Grond (AS3000)
aard van de artefacten
Grond (AS3000)
organische stof (gloeiverlies)
Grond (AS3000)
lutum (bodem)
Grond (AS3000)
barium
Grond (AS3000)
cadmium
Grond (AS3000)
kobalt
Grond (AS3000)
koper
Grond (AS3000)
kwik
Grond (AS3000)
lood
Grond (AS3000)
molybdeen
Grond (AS3000)
nikkel
Grond (AS3000)
zink
Grond (AS3000)
naftaleen
Grond (AS3000)
fenantreen
Grond (AS3000)
antraceen
Grond (AS3000)
fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)antraceen
Grond (AS3000)
chryseen
Grond (AS3000)
benzo(k)fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)pyreen
Grond (AS3000)
benzo(ghi)peryleen
Grond (AS3000)
indeno(1,2,3-cd)pyreen
Grond (AS3000)
pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) PCB 28
Grond (AS3000)
Grond: Gelijkwaardig aan ISO 11465 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934 (monstervoorbehandeling conform NEN-EN 16179). Grond (AS3000): conform AS3010-2 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934 Conform AS3000 en conform NEN-EN 16179 Idem Grond: gelijkwaardig aan NEN 5754. Grond (AS3000): conform AS3010-3 Grond: eigen methode. Grond (AS3000): conform AS3010-4 Conform AS3010-5 en conform NEN 6950 (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform NEN-EN-ISO 17294-2) Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem
PCB 52
Grond (AS3000)
PCB 101
Grond (AS3000)
PCB 118
Grond (AS3000)
PCB 138
Grond (AS3000)
PCB 153
Grond (AS3000)
PCB 180
Grond (AS3000)
som PCB (7) (0.7 factor)
Grond (AS3000)
totaal olie C10 - C40
Grond (AS3000)
Grond (AS3000)
Conform AS3010-8 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-7 conform NEN-EN-ISO 16703
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
001 001 001 001 001
Y7413069 Y6909202 Y6909198 Y7413090 Y6909184
01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019
01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019
ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 6 van 7
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg
Orderdatum 05-03-2019 Startdatum 05-03-2019 Rapportagedatum 14-03-2019
WND479 12986816
- 1
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
001 001 001 002 002 002 002 002 002
Y6908168 Y7373219 Y6909195 Y6908172 Y6908169 Y6909200 Y6908167 Y6909204 Y6908932
01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019
01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019 01-03-2019
ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 7 van 7
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg
Orderdatum 05-03-2019 Startdatum 05-03-2019 Rapportagedatum 14-03-2019
WND479 12986816
- 1
Monsternummer:
002
Monster beschrijvingen
MM2MM2 B03 (50-100) B03 (100-120) B03 (150-200) B08 (50-100) B08 (100-150) B08 (150-200)
Karakterisering naar alkaantraject benzine
C9-C14
kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie
C10-C16 C10-C28 C20-C36
stookolie
C10-C36
De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
SYNLAB Analytics & Services B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.synlab.nl
Analyserapport
Kragten Bert Clerx Postbus 14 6040AA ROERMOND
Uw projectnaam Uw projectnummer SYNLAB rapportnummer Rapport-verificatienummer
Blad 1 van 5
: Zwarteweg : WND479 : 12992754, versienummer: 1 : QTT7PT7V
Rotterdam, 20-03-2019
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project WND479. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de geteste monsters. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters en het project zijn overgenomen in dit analyserapport. Het onderzoek is uitgevoerd door SYNLAB Analytics & Services B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SYNLAB laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 5 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Mocht u vragen en/of opmerkingen hebben naar aanleiding van dit rapport, bijvoorbeeld als u nadere informatie nodig heeft over de meetonzekerheid van de analyseresultaten in dit rapport, dan verzoeken wij u vriendelijk contact op te nemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,
Jaap-Willem Hutter Technical Director
SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 2 van 5
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg
Orderdatum 13-03-2019 Startdatum 13-03-2019 Rapportagedatum 20-03-2019
WND479 12992754
- 1
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001
Grondwater (AS3000)
1 1 B03 (170-270)
Analyse
Eenheid
Q
001
METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
S S S S S S S S S
<15 <0.20 <2 <2.0 <0.05 3.3 2.1 <3 17
VLUCHTIGE AROMATEN benzeen tolueen ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen xylenen (0.7 factor) styreen
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
S S S S S S S
<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 1) 0.21 <0.2
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen µg/l S <0.02 GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan µg/l S 1,2-dichloorethaan µg/l S 1,1-dichlooretheen µg/l S cis-1,2-dichlooretheen µg/l S trans-1,2-dichlooretheen µg/l S som (cis,trans) 1,2µg/l S dichloorethenen (0.7 factor) dichloormethaan µg/l S 1,1-dichloorpropaan µg/l S 1,2-dichloorpropaan µg/l S 1,3-dichloorpropaan µg/l S som dichloorpropanen (0.7 µg/l S factor) tetrachlooretheen µg/l S tetrachloormethaan µg/l S 1,1,1-trichloorethaan µg/l S 1,1,2-trichloorethaan µg/l S trichlooretheen µg/l S chloroform µg/l S vinylchloride µg/l S tribroommethaan µg/l S
<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 1) 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 1) 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 3 van 5
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg
Orderdatum 13-03-2019 Startdatum 13-03-2019 Rapportagedatum 20-03-2019
WND479 12992754
- 1
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001
Grondwater (AS3000)
1 1 B03 (170-270)
Analyse
Eenheid
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
Q
S
001
<25 <25 <25 <25 <50
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 4 van 5
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg WND479 12992754
- 1
Orderdatum 13-03-2019 Startdatum 13-03-2019 Rapportagedatum 20-03-2019
Monster beschrijvingen
001
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1
De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Kragten Bert Clerx
Blad 5 van 5
Analyserapport
Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Zwarteweg
Orderdatum 13-03-2019 Startdatum 13-03-2019 Rapportagedatum 20-03-2019
WND479 12992754
- 1
Analyse
Monstersoort
Relatie tot norm
barium
Grondwater (AS3000)
cadmium
Grondwater (AS3000)
kobalt
Grondwater (AS3000)
koper
Grondwater (AS3000)
kwik
Grondwater (AS3000)
lood
Grondwater (AS3000)
molybdeen
Grondwater (AS3000)
nikkel
Grondwater (AS3000)
zink
Grondwater (AS3000)
benzeen
Grondwater (AS3000)
tolueen
Grondwater (AS3000)
ethylbenzeen
Grondwater (AS3000)
o-xyleen
Grondwater (AS3000)
p- en m-xyleen
Grondwater (AS3000)
xylenen (0.7 factor)
Grondwater (AS3000)
styreen
Grondwater (AS3000)
naftaleen
Grondwater (AS3000)
1,1-dichloorethaan
Grondwater (AS3000)
1,2-dichloorethaan
Grondwater (AS3000)
1,1-dichlooretheen
Grondwater (AS3000)
cis-1,2-dichlooretheen
Grondwater (AS3000)
trans-1,2-dichlooretheen
Grondwater (AS3000)
som (cis,trans) 1,2dichloorethenen (0.7 factor) dichloormethaan
Grondwater (AS3000)
Conform AS3110-3 en conform NEN 6966 (meting conform NEN-ENISO 11885) Idem Idem Idem Conform AS3110-3 (meting conform NEN-EN-ISO 17852) Conform AS3110-3 en conform NEN 6966 (meting conform NEN-ENISO 11885) Idem Idem Idem Conform AS3130-1 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3110-4 Conform AS3130-1 Idem Idem Idem Idem Idem
1,1-dichloorpropaan
Grondwater (AS3000)
1,2-dichloorpropaan
Grondwater (AS3000)
1,3-dichloorpropaan
Grondwater (AS3000)
som dichloorpropanen (0.7 factor)
Grondwater (AS3000)
tetrachlooretheen
Grondwater (AS3000)
tetrachloormethaan
Grondwater (AS3000)
1,1,1-trichloorethaan
Grondwater (AS3000)
1,1,2-trichloorethaan
Grondwater (AS3000)
trichlooretheen
Grondwater (AS3000)
chloroform
Grondwater (AS3000)
vinylchloride
Grondwater (AS3000)
tribroommethaan
Grondwater (AS3000)
totaal olie C10 - C40
Grondwater (AS3000)
Grondwater (AS3000)
Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3110-5
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
001 001
G6575546 B1831487
08-03-2019 08-03-2019
08-03-2019 08-03-2019
ALC236 ALC204
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
B5 TOETSINGSTABELLEN - grondmengmonsters MM1 (bovengrond) en MM2 (ondergrond) - grondwatermonster (peilbuis B03)
B5-1
Projectnaam Projectcode
Zwarteweg WND479
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
droge stof (gew.-%) gewicht artefacten (g) aard van de artefacten (-) organische stof (gloeiverlies) (% vd DS) KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) (% vd DS) METALEN + barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
MM1 1 or
AW
----
2,3
--
1,9
--
54,2 0,391 5,62 15,6 0,086 23,5 0,35 14,3 96,6
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN (PAK) naftaleen <0,01 -fenantreen 0,21 -antraceen 0,03 -fluoranteen 0,36 -benzo(a)antraceen 0,14 -chryseen 0,17 -benzo(k)fluoranteen 0,09 -benzo(a)pyreen 0,15 -benzo(ghi)peryleen 0,13 -indeno(1,2,3-cd)pyreen 0,13 -pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 1,417 1,42 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 (µg/kgds) PCB 52 (µg/kgds) PCB 101 (µg/kgds) PCB 118 (µg/kgds) PCB 138 (µg/kgds) PCB 153 (µg/kgds) PCB 180 (µg/kgds) som PCB (7) (0.7 factor) (µg/kgds) MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4,9
<5 <5 <5 <5 <20
I
RBK eis
0,60 15 40 0,15 50 1,5 35 140
6,8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0,20 3,0 5,0 0,050 10 1,5 4,0 20
1,5
21
40
0,35
20
510
1000
4,9
190
2595
5000
35
br
88,9 <1 Geen
<20 0,23 1,6 7,6 0,06 15 <0,5 4,9 41
1/2(AW+I)
-------21,3
a
----60,9
Monstercode en monstertraject 1 12986816-001 MM1: B01 (0-50) B02 (0-50) B03 (0-50) B04 (0-50) B05 (0-50) B06 (0-50) B07 (0-50) B08 (0-50)
Projectnaam Projectcode
Zwarteweg WND479
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
droge stof (gew.-%) gewicht artefacten (g) aard van de artefacten (-)
MM2 2 or
AW
----
0,6
--
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) (% vd DS)
<1
--
METALEN + barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
<20 <0,2 1,7 <5 <0,05 <10 <0,5 5,0 <20
54,2 0,241 5,98 7,24 0,0503 11 0,35 14,6 33,2
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN (PAK) naftaleen <0,01 -fenantreen 0,01 -antraceen <0,01 -fluoranteen 0,05 -benzo(a)antraceen 0,03 -chryseen 0,02 -benzo(k)fluoranteen 0,02 -benzo(a)pyreen 0,03 -benzo(ghi)peryleen 0,02 -indeno(1,2,3-cd)pyreen 0,02 -pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 0,214 0,214 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 (µg/kgds) PCB 52 (µg/kgds) PCB 101 (µg/kgds) PCB 118 (µg/kgds) PCB 138 (µg/kgds) PCB 153 (µg/kgds) PCB 180 (µg/kgds) som PCB (7) (0.7 factor) (µg/kgds) MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4,9
<5 <5 6 <5 <20
I
RBK eis
0,60 15 40 0,15 50 1,5 35 140
6,8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0,20 3,0 5,0 0,050 10 1,5 4,0 20
1,5
21
40
0,35
20
510
1000
4,9
190
2595
5000
35
br
84,7 <1 Geen
organische stof (gloeiverlies) (% vd DS)
1/2(AW+I)
-------24,5
a
----70
Monstercode en monstertraject 1 12986816-002 MM2: B03 (50-100) B03 (100-120) B03 (150-200) B08 (50-100) B08 (100-150) B08 (150-200)
De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde het gehalte is groter dan de interventiewaarde *** geen toetsingswaarde voor opgesteld -Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). RBK a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn.