PvdI. Algemene beschouwingen 2022.pers.pdf
Tekst van het document
Voorzitter, collegeleden, collega’s, meeluisterende burgers, Voor u zit een apetrotse fractievoorzitter van de Partij voor de Inwoners. Want toen ik de begroting kreeg moest ik eerst een paar keer goed kijken naar het omslag. Als je de begroting leest lijkt het nl net of je het verkiezingsprogramma van onze partij leest. De financiële overeenkomsten zijn treffend. Waar ons partijprogramma voor de verkiezingen nog door sommigen werd afgedaan als “gratis bier”, m.a.w. luchtfietserij en niet realistisch, blijkt bij deze begroting dat het wel degelijk haalbaar is. In een tijd waarin onze inwoners nu te kampen hebben met torenhoge energierekeningen, stijgende prijzen in de winkels etc. komen wij met verlaging van de OZB (2023 > 10%) , afschaffen van de hondenbelasting en verlaging van de kosten voor de bewoners-parkeerkaart. Dus veel gevraagde kostenbesparingen voor de burgers gekregen en dan toch nog zo een solide begroting met veel ruimte voor nieuw beleid. Uiteraard weet u dat dit alleen voor onze partij haalbaar was dank zij de medewerking van onze coalitiepartners. Onze gevraagde kostenverlagingen vielen in goede vruchtbare grond bij de partners tijdens de coalitieonderhandelingen en daardoor zijn ze te verwezenlijken. Met dank aan de financiële ambtenaren onder aanvoering van het boegbeeld de pho van financiën.
Want dat er een gezonde en toch zeer ambitieuze meerjaren begroting voor ons ligt is ontegenzeggelijk en tevens bijna uniek: in veel dorpen en steden om ons heen is het kommer en kwel, moet er bezuinigd worden of moeten kosten voor de inwoners worden verhoogd om een sluitende begroting mogelijk te maken. Zo niet in Noordwijk. Wat dat betreft zijn wij blij in deze gemeente te wonen Nog even terugkomend op de verlaging van belastingen. Sommige partijen komen met moties om geld dat je als gemeente niet direct nodig hebt niet terug te geven aan inwoners, maar daar andere leuke dingen voor te zoeken. Dat vinden wij vreemd: als je iets niet nodig hebt moet je het ook niet vragen. Kosten voor onze inwoners op alle fronten zijn al hoog genoeg. Natuurlijk moeten wij er, college en raad, voor zorgen dat de financiën ook in de toekomst gezond blijven. De plannen zijn ambitieus en de gewenste investeringen uitdagend. Laten we, vooral als raad die het budgetrecht heeft, zorgen dat de schuldquote niet te hoog wordt en de solvabiliteit voldoende blijft. Laten we toekomstige investeringen rationeel benaderen en ons niet te veel leiden door emotionele overwegingen of kiezersgunst. Uiteraard hebben we nog wel wat ideeën over sommige begrotingsposten. We komen daar bij de behandeling van de posten in de cie’s en raden wel op terug.
Zoals gezegd dus alle tevredenheid voor de financiële huishouding van Noordwijk. Wat meer zorgen maken wij ons over het immateriële deel van het beleid. In het hele land, de provincie en dus ook in onze gemeente zien we dat de mondigheid van de burger toeneemt. Mondigheid is vaak een gevolg van kennis en die is de afgelopen jaren in Nederland behoorlijk gestegen. Was in 1950 nog geen 5% van de Nederlandse bevolking hoogopgeleid (HBO / WO), in 2020 is dat bijna 50% en daarvan woont het overgrote gedeelte in stedelijk gebied.
Ook in Noordwijk is een groot assertiviteitsgehalte onder de bevolking. Onze partij wil die mondigheid bijvoorbeeld via een burgerberaad de komende jaren graag gebruiken om samen te bezien hoe wij in de nabije toekomst de grote behoefte aan nieuwe woningen voor starters en ouderen kunnen realiseren. Hoe wij bestaande en nieuwe bouwplannen kunnen realiseren. Voor starters, waarvan het overgrote deel kinderen van onze eigen inwoners zijn, en ouderen die op zich weer woonruimte achterlaten voor diezelfde starters en doorstromers. Wij roepen ook landelijke en provinciale overheid op ruim mee te denken in oplossingen. Er zijn bouwplaatsen voldoende, er is vraag voldoende, dus help ons met de oplossing deze twee samen te brengen. Op diezelfde markt hebben wij ook te maken met de huisvesting voor asielzoekers. Vele ngo’s en ook de landelijke overheid denken ruimhartig dat er in het op een na dichtstbevolkte land van Europa voldoende ruimte is voor een jaarlijkse bevolkingsgroei van 115.000 inwoners (dat zijn er bijna net zoveel als dat er in de gemeente Leiden wonen). Het klinkt mij als een enorme uitdaging. Vooral ook omdat deze mensen ook allemaal moeten wonen. In een markt waarin onze lokaal geboren inwoners al meer dan 7 jaar moeten wachten op een sociale huurwoning. Toch accepteren ook wij dat wij daarin onze fairshare moeten invullen, maar dan wel op basis van gelijkheid.
Statushouders moeten net als onze eigen inwoners netjes achterin in de rij aansluiten en wachten tot ze aan de beurt zijn. Een tweede zorg ligt bij onze werkzaamheden in de raad en cie’s . Daarom wil ik hier een beroep doen op mijn raads- en commissiecollega’s. Onze inwoners (en ik weet dat want wij zijn de partij voor de inwoners) willen graag een gemeente die werkt voor de inwoners en zorg draagt voor haar inwoners. Niet een gemeente en een gemeenteraad die veel bezig is met zich zelf en die eindeloos kan discussiëren over details of procedures. Ook ons lokaal bestuur kampt daardoor, net als in veel plaatsen in Nederland, met een afbrokkelend gezag. Dat komt omdat de inwoners niet altijd zien en begrijpen waar wij mee bezig zijn. En dat komt dan weer omdat veel gemeentes en dus ook in de onze gemeente én in onze raad door regelzucht en de wens om alles in ordentelijke procedures te gieten de slagvaardigheid van onze raad enorm afneemt. Wij zijn soms drukker met onszelf dan met het beleid. Er zitten gemiddeld ook maar weinig mensen op de publieke tribune. Het is niet enerverend en spannend. Het is bijna een corvee om er bij te zitten. Er zitten geen hele grote verschillen in de programma’s van alle partijen in deze raad en het is dus ook moeilijk om je te profileren.
Maar laten we ons dan richten op belangrijke thema’s voor de inwoners waarmee we verder komen, want ook hier geldt: een samenleving maak je samen. Wij nodigen alle partijen daar van harte voor uit. Tenslotte ligt een deel van de zorg ook in de voorliggende begroting. Helaas worden veel plannen nog in het “te onderzoeken” stadium gepresenteerd. Wij roepen het college op om dit stadium zo kort mogelijk te houden en zo snel mogelijk met uitvoeringsplannen te komen. Dan kunnen wij in november 2023 hier op deze plaats terugkijken op een materieel en immaterieel uitstekend jaar. Het geld is er, de kennis is aanwezig en volgens ons ook de motivatie.