Preventie- en Handhavingsplan Alcoholwet NOORDWIJK concept
Tekst van het document
Op grond daarvan is het bijvoorbeeld niet toegestaan om op een horecaterras waar alcoholhoudende drank wordt verstrekt, tevens goederen (bijvoorbeeld strandstoelen) te verhuren. Het is op grond van deze bepaling dus niet toegestaan om op de strandgedeelten waar strandstoelen en -schermen worden verhuurd alcoholhoudende drank te verstrekken. Te behalen resultaat binnen planperiode: 12.
Bij constatering van blurring zal in elk geval worden opgetreden.
Pagina 26 van 32
5.13 Verbod bezit van alcohol 18-minners Onder andere via de Alcoholwet worden er regels gesteld aan de verstrekking van alcoholhoudende drank. Veel regels hebben betrekking op de wijze van verstrekking binnen horecabedrijven. De beperkingen die zodoende worden opgelegd aan de verstrekking van alcoholhoudende drank aan jongeren kunnen ervoor zorgen dat jongeren op zoek gaan naar andere plaatsen waar ze alcohol kunnen nuttigen, bijvoorbeeld thuis of ergens in de openbare ruimte. Het tegengaan van alcoholgebruik door jongeren in de thuissituatie valt buiten de reikwijdte van de voorliggende nota. (Bij de preventie-aanpak op basis van de Wet publieke gezondheid wordt daar wel op ingegaan.) Maar het voorkomen van drankgebruik door jongeren in de publieke ruimte is wel onderdeel van de bepalingen van de Alcoholwet. In artikel 45 is bepaald, dat personen onder de 18 jaar in de publieke ruimte geen alcoholhoudende drank mogen nuttigen. Ze mogen het zelfs niet bij zich hebben. Artikel 45 (N.B.: geen letterlijke weergave) 1. Het is personen die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt, verboden op voor publiek toegankelijke plaatsen alcoholhoudende drank aanwezig te hebben of voor consumptie gereed te hebben, met uitzondering van plaatsen waar bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse wordt verstrekt. 2.
Het eerste lid is niet van toepassing op: a. personen van 16 of 17 jaar die dienst doen in een inrichting waarin het horecabedrijf wordt uitgeoefend, waaronder begrepen het zijn van barvrijwilliger in een inrichting in beheer bij een paracommerciële rechtspersoon; b. personen van 16 of 17 jaar die handelen in opdracht van een toezichthouder als bedoeld in artikel 41; c. personen als bedoeld in artikel 24, vijfde lid. 3. Overtreding van het eerste lid wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht. 4. De in dit artikel strafbaar gestelde feiten zijn overtredingen.
Te behalen resultaat binnen planperiode: 13a.
Bij het in de publieke ruimte aantreffen van jongeren onder de 18 jaar die (in strijd met artikel
13b.
Gestreefd wordt naar een nalevingspercentage van 100 % vanaf 1 januari 2024.
45 Aw) in bezit zijn van alcoholhoudende drank zal altijd handhavend opgetreden worden.
Pagina 27 van 32
6.
Overzicht te behalen resultaten
Voor de overzichtelijkheid zijn de in het voorgaande hoofdstuk te behalen resultaten hieronder op een rijtje gezet. Te behalen resultaten binnen planperiode: 1.
In 2023 wordt artikel 2:34b APV door 75 % van de paracommerciële rechtspersonen nageleefd. Dat nalevingspercentage moet in 2026 zijn gegroeid naar 90 %.
2a.
Uiterlijk 1 januari 2024 moeten alle paracommerciële rechtspersonen die een horecabedrijf exploiteren zijn gecontroleerd op de aanwezigheid (binnen de inrichting) van een actueel, geldend bestuursreglement. Bij elk geconstateerd gebrek zal handhavend worden opgetreden in die zin, dat alsnog een (nieuw) bestuursreglement moet worden aangeleverd, al dan niet in combinatie met een nieuw aangevraagde Alcoholvergunning.
2b.
Op 1 januari 2025 moeten alle paracommerciële rechtspersonen die een horecabedrijf exploiteren beschikken over een actueel, geldend bestuursreglement.
3a.
De naleving van het minimaal vloeroppervlak is per 1 januari 2024 100 %.
3b.
Er worden geen proeverijen in slijterijen gehouden.
4.
Geen enkele lokale stunt-actie mag ongestoord voortgang vinden. Dat betekent dat bij constatering van een lokale stunt-actie altijd melding gemaakt wordt bij de NVWA. Bij landelijke stunt-acties wordt zoveel mogelijk melding gemaakt bij de NVWA.
5.
Geen happy hours waarbij korting wordt gegeven van meer dan 40%. Bij elke constatering van overtreding van het verbod wordt handhavend opgetreden.
6a.
Eind 2023 is de registratie van Alcoholvergunningen geactualiseerd en inzichtelijk.
6b.
Eind 2025 heeft 90% procent van alle horecabedrijven een juiste, actuele Aw-vergunning.
6c.
Jaarlijks wordt minimaal 25 % van alle verleende Alcoholwetvergunningen (art. 3 Aw) door middel van een bedrijfsbezoek gecontroleerd op actualiteit en dekkendheid. Zodoende wordt elke 4 jaar het hele bestand doorgelicht. Bij de controle wordt onder andere gecontroleerd op naleving van de bouweisen zoals opgenomen in artikel 10 Alcoholwet.
7.
Vanaf 1 januari 2024 moet het nalevingspercentage voor wat betreft de aan vergunningen en ontheffingen verbonden voorschriften en beperkingen groter zijn dan 80 %. Dat houdt in dat in 8 van de 10 op gemeentelijk initiatief uitgevoerde controles (waarbij controles n.a.v. een ingediende klacht dus buiten beschouwing worden gelaten) geen overtreding wordt geconstateerd.
8a.
Uiterlijk vanaf 1 januari 2025 moet de situatie zijn bereikt dat er per jaar maximaal 2 personen onder de 18 jaar en maximaal 20 personen van 18 jaar of ouder in kennelijke staat van dronkenschap op de openbare weg worden aangetroffen waarbij uit verklaringen of uit
Pagina 28 van 32
omstandigheden valt af te leiden, dat (een deel van) de alcoholhoudende drank is genuttigd in een horecalokaliteit in Noordwijk. 8b.
Gestreefd wordt naar 90% naleving van het verbod op wederverstrekking. Tegen elke geconstateerde overtreding van het verbod op wederverstrekking wordt handhavend opgetreden.
9.
Bij de controle op naleving van de bepalingen betreffende de aanwezigheid van leidinggevenden en geïnstrueerde barmedewerkers wordt gestreefd naar 70 % naleving per 1 januari 2024. Dat betekent dat bij 7 van de 10 uitgevoerde controles wordt voldaan aan de verplichte aanwezigheid. Dat percentage wordt gaandeweg verhoogd tot 90 % per 1 januari 2026.
10a.
van alle evenementen waarbij sprake is van het verstrekken van alcoholhoudende drank wordt bij ten minste 50% een controle op de naleving van alcoholregels uitgevoerd;
10b.
90% naleving van de alcohol-gerelateerde regels tijdens gecontroleerde evenementen. Dat betekent dat bij 9 van de 10 gecontroleerde evenementen waarbij sprake is van het verstrekken van alcoholhoudende drank, geen overtreding van de alcohol-gerelateerde regels wordt geconstateerd.
11a.
Als onderdeel van de behandeling van een vergunningaanvraag wordt (per direct) in alle gevallen gecontroleerd of aan artikel 10 Alcoholwet wordt voldaan. De vergunning wordt slechts verleend als aan dat artikel wordt voldaan.
11b.
Nadat een vergunning is verleend, is de controle op het voldoen aan de bouwkundige eisen (artikel 10 Alcoholwet) onderdeel van de periodiek uit te voeren check op de actualiteit en dekkendheid van de vergunning. Als, bijvoorbeeld als gevolg van een verbouwing, niet meer wordt voldaan aan de bouwkundige eisen, betekent dat dat de Alcoholwetvergunning niet (meer) dekkend is. Zie verder het gestelde ten aanzien van het toezicht op naleving van art. 3 Alcoholwet (paragraaf 5.6).
12.
Bij constatering van blurring zal in elk geval worden opgetreden.
13a.
Bij het in de publieke ruimte aantreffen van jongeren onder de 18 jaar die (in strijd met artikel 45 Aw) in bezit zijn van alcoholhoudende drank zal altijd handhavend opgetreden worden.
13b.
Gestreefd wordt naar een nalevingspercentage van 100 % vanaf 1 januari 2024.
Pagina 29 van 32
7.
Jaarlijks uitvoeringsplan
In het voorgaande hoofdstuk is aangegeven welke resultaten er behaald dienen te worden in de door het plan bestreken periode. Daartoe zullen (handhavings-) acties moeten worden ondernomen. Die acties zullen per jaar worden beschreven in handhavingsuitvoeringsplannen. Een jaarlijks handhavingsuitvoeringsplan bevat ten minste de volgende onderdelen. -
Overzicht te behalen resultaten vóór 1 januari 2027
over te nemen uit het voorliggende plan.
-
Evaluatie Uitvoeringsplan vorig jaar van de beoogde resultaten?
-
Bijstelling nodig? gewijzigde omstandigheden kunnen noodzaken tot aanpassing van de geformuleerde resultaatdoelstellingen.
-
Te behalen resultaten dit jaar benoemen van deelresultaten als stappen naar de einddoelstelling. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van een prioritering, bij voorkeur gebaseerd op een probleem- en/of risico-analyse. Bijvoorbeeld bij de planning van uit te voeren controles of bij de aanpak van achterstand bij vergunningverlening. Bij de prioritering zullen allerlei aspecten meegewogen moeten worden. In ieder geval zal een zwaar gewicht moeten worden toegekend aan de landelijk aan te houden focus op het verminderen van alcoholgebruik door jongeren.
-
Aanpak wat gaat er gedaan worden? Door wie? Op welke wijze? Met welke (handhavings-) middelen? (Handhavingsstrategie). Daarbij is het van belang dat continu wordt getoetst aan de doelstellingen van dit handhavingsbeleid, namelijk het bevorderen van de naleving van hetgeen in of bij de Alcoholwet is bepaald, met als subdoelen: - het leveren van een bijdrage aan de preventie van negatieve gevolgen van alcoholgebruik, met
wat is er gedaan en wat is de voortgang bij het behalen
name onder jongeren; -
het leveren van een bijdrage aan het behalen van de doelen zoals verwoord in het Nationaal Preventieakkoord;
-
het voorkomen van verstoringen van de openbare orde als gevolg van (overmatig) alcoholgebruik.
Pagina 30 van 32
Pagina 31 van 32
Pagina 32 van 32