Presentatie Onderzoek Evaluatie armoedebeleid gemeente Noordwijk
Tekst van het document
Onderzoek Evaluatie minimabeleid Gemeente Noordwijk Michelle Ellens (michelle.ellens@kwiz.nl) KWIZ
Onderzoeksvragen 1. Hoe ziet de doelgroep voor het minimabeleid er uit? 2. Wat is het gebruik en bereik van de regelingen? 3. Wat is de omvang van de doelgroep die van geen enkele regeling gebruikmaakt?
4. Wat zijn de stapelingen in het gebruik van de minimaregelingen met andere voorzieningen in het sociaal domein? 5. Wat zijn de effecten van het lokale en landelijke beleid op de inkomens van de minima? 6. In welke situaties doet zich een armoedeval voor? 7. Wat is de kennis van de regelingen bij de doelgroep? 8. Mist men bepaalde regelingen?
Onderzoek 1 Armoedemonitor • Koppelen verschillende bestanden van gemeente en ketenpartners • Hiermee doelgroep bepaling en gebruik regelingen bepaald
2. Inkomenseffectrapportage • Effecten van gemeentelijk en landelijk beleid op maandinkomen • 6 huishoudtypen • Effecten van inkomensstijging door werkaanvaarding
3. Enquête • Mening en ervaring doelgroep minimabeleid
Armoedemonitor gemeente Noordwijk Kwijtschelding JW
BRP
Wmo
SHV
P-wet
925 huishoudens met inkomen tot 120% Wsm = 4,6% 2014: 519 minimahuishoudens; 4,1% Hierbij gaat het om de voormalige gemeente Noordwijk (m.a.w. voor de fusie van met voormalige gemeenten Noordwijkerhout en De Zilk.
Gemiddeld in andere vergelijkbare gemeenten: 6 à 7%
Vergelijking aandeel minima
Categorie
Noordwijk
Barendrecht
Waalwijk
Zuidplas
Zandvoort
Inkomensgrens
120%
120%
110%
120%
115%
Aandeel minima
4,6%
5,3%
6,9%
6,0%
10,5%
Gemiddeld aandeel minimahuishoudens in andere gemeenten: 6 à 7% Aandeel minimahuishoudens in de gemeente Noordwijk ligt daar dus onder.
Inkomensbron minimapopulatie Bijstand: 399 (43%) AOW: 186 (20%) Overige bron: 340 (37%)
Aantal
%
Vergelijkbare gemeenten
Participatiewet
399
43%
45 – 50%
AOW
186
20%
15 - 25%
Overige inkomensbron
340
37%
30 - 35%
Totaal
925
100%
100%
Kenmerken minimapopulatie De minimapopulatie bestaat uit: • 58% uit alleenstaanden; • 46% uit huishoudens in de leeftijd tussen 45 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd; • 56% uit huishoudens met een Nederlandse achtergrond; • 61% woont in Noordwijk.
Minimapopulatie per categorie I Huishoudtype Minima
Alleenstaand 7%
Eenouder gezin
13%
Niet-minima
van de 7.612 alleenstaanden
van de 668 eenoudergezinnen
Meerpersoons zonder kinderen 2%
van de 8.006 meerpersoonshuish zonder kinderen
Meerpersoons met kinderen 4%
van de 3.888 meerpershuish met kinderen
7% van alle 7.612 alleenstaanden in de gemeente hebben een minimuminkomen. En 13% van alle eenoudergezinnen.
Leeftijd Minima
8% van alle huishoudens tot 27 jaar heeft een inkomen tot 120% Wsm.
Niet-minima
8%
van de 739 huishoudens tot 27 jaar
27 tot 45 jaar 5%
van de 4.708 huishoudens tussen 27 en 45 jaar
Tot 27 jaar
45 jaar tot AOW-leeftijd 5%
van de 8.226 huishoudens tussen 45 jaar en AOW-leeftijd
AOW-leeftijd 3%
van de 6.501 huishoudens met AOWleeftijd
Minimapopulatie per categorie II Herkomst Minima
Niet-minima
van de 16.177 huishoudens met een Nederlandse achtergrond
Nederlandse achtergrond 3%
Westerse migratieachtergrond 4%
Niet-westerse migratieachtergrond
28% van alle 1.031 huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond heeft een minimuminkomen.
28%
van de 2.966 huishoudens met een westerse… van de 1.031 huishoudens met een nietwesterse migratieachterg rond
Van alle 6.554 huishoudens in Noordwijkerhout, heeft 5% een inkomen tot 120% Wsm.
Woonplaats Minima
Noordwijkerhout 5%
Noordwijk
Niet-minima
van de 6.564 huishoudens in Noordwijkerhout
4%
van de 12.709 huihsoudens in Noordwijk
De Zilk 3%
van de 901 huishoudens in De Zilk
Langdurige minima • 74% van alle minima al 3 jaar of langer afhankelijk van een minimuminkomen. • Groep langdurige minima stijgt.
Minimakinderen in beeld
5,5%
• 4% (17 kinderen) van de minimakinderen heeft ook hulp vanuit Jeugdwet
Vergelijking aandeel minimakinderen Categorie
Noordwijk
Barendrecht
Waalwijk
Zuidplas
Zandvoort
Inkomensgrens
120%
120%
110%
120%
115%
Aandeel minimakinderen
5,5%
4,7%
5,9%
4,7%
9,0%
Gemiddeld aandeel minimakinderen in andere gemeenten: 8%.
Kenmerken minimakinderen De kenmerken van de minimakinderen: • 34% van de minimakinderen woont in een eenoudergezin; • 45% is tussen de 4 en 12 jaar; • 58% van de minimakinderen heeft een nietwesterse migratieachtergrond; • 53% woont in Noordwijk.
Minimakinderen per categorie I Huishoudtype minimakinderen Minima
Eenouder gezin
14%
Meerpersoons met kinderen 4%
Niet-minima
van de 1.026 kinderen in eenoudergezinnen
14% van alle kinderen in een eenoudergezin groeit op in een huishouden met een inkomen tot 120% Wsm.
van de 6.817 kinderen in een meerpersoonshuishouden
Leeftijd minimakinderen Minima
Van alle kinderen tot 4 jaar groeit 4% op in een huishouden met een minimuminkomen.
Niet-minima
Tot 4 jaar
4%
van de 1.533 kinderen tot 4 jaar
4 tot 12 jaar
6%
van de 3.508 kinderen tussen 4 en 12 jaar
12 tot 18 jaar
6%
van de 2.802 kinderen tussen 12 en 18 jaar
Minimakinderen per categorie II Herkomst minimakinderen Minima
Van alle 684 kinderen met een nietwesterse migratieachtergrond in de gemeente Noordwijk, groeit 37% op in een huishouden met een minimuminkomen.
van de 6.219 kinderen met een Nederlandse achtergrond
Nederlandse achtergrond 2%
van de 940 kinderen met een westerse migratieachtergrond
Westerse migratieachtergrond 4%
Niet-westerse migratieachtergrond
Niet-minima
37%
van de 684 kinderen met een nietwesterse migratieachtergrond
Woonplaats minimakinderen Minima
7% van alle kinderen in Noordwijkerhout groeit op in een huishouden met een minimumInkomen.
Niet-minima
Noordwijkerhout
7%
van de 2.750 kinderen in Noordwijkerhout
Noordwijk
5%
van de 4.709 kinderen in Noordwijk
De Zilk
6%
van de 384 kinderen in De Zilk
Minimaregelingen Regeling
Inkomensgrens t.o.v. Wsm
Doelgroep
Gebruik
Bereik
Kwijtschelding gemeentelijke belastingen
Tot 100% Wsm
650 huishoudens
540 huishoudens
83%
Bijzondere bijstand
Tot 110% Wsm
763 huishoudens
224 huishoudens
29%
Inspanningspremie
Minimaal 1 jaar tot 100% Wsm
427 huishoudens
184 huishoudens
43%
Persoons ondersteunend budget
Minimaal 1 jaar tot 110% Wsm
519 huishoudens
141 huishoudens
27%
Collectieve zorgverzekering
Tot 120% Wsm
925 huishoudens
469 huishoudens
51%
Doe mee regeling
Tot 120% Wsm
925 huishoudens
161 huishoudens
17%
Jeugdfonds Sport en Cultuur
Tot 120% Wsm
428 kinderen
248 kinderen
58%
Bereik minimaregelingen 2019 83%
Kwijtschelding Bijzondere bijstand
70% 29% 20% 43%
Inspanningspremie 27%
Persoonsondersteunend budget
51%
Collectieve zorgverzekering Doe mee regeling Jeugdfonds Sport en Cultuur
Gemeente Noordwijk
30% 17%
40% 58%
35% Gemiddeld andere gemeenten
Stapeling in het sociaal domein Op huishoudniveau
Gemiddeld bij andere gemeenten: • Wmo: 25 – 30% • SDV: 10 – 15% • JW: 25 – 30%
Inkomenseffecten gemeente Noordwijk Bijdrage Rijk is groter dan bijdrage gemeente. De gemeentelijke regelingen hebben effect op de financiële situatie. Werken vanuit de bijstand loont meestal. Paren met kinderen hebben bij een loon van 130% Wsm minder totaal inkomen dan in de bijstandssituatie. • Daling landelijke toeslagen • Recht op gemeentelijke toeslagen is komen te vervallen.
Landelijke en gemeentelijke bijdragen Bijdrage gemeente
Bijdrage Rijk
Alleenstaande € 122
100% Wsm 110% Wsm
€ 47
120% Wsm
€ 47
130% Wsm
€ 383 € 383 € 383
€0
€ 356
Alleenstaande ouder met twee kinderen € 224
100% Wsm 110% Wsm
€ 128
120% Wsm
€ 128
130% Wsm
€ 1.089 € 1.125 € 1.130
€0
€ 1.134
Paar zonder kinderen € 215
100% Wsm 110% Wsm
€ 94
120% Wsm
€ 94
130% Wsm
€ 520 € 515 € 421
€0
€ 321
Paar met twee kinderen € 296
100% Wsm 110% Wsm
€ 176
120% Wsm
€ 176
130% Wsm
€0
€ 917 € 912
€ 818 € 718
Effect gemeentelijke bijdrage Huishoudtype Alleenstaande
Exclusief gemeente Inclusief gemeente
100% Wsm
110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
91 213
196 243
301 349
391 391
218 441
329 457
439 567
560 560
50 264
195 289
251 346
324 324
47 343
192 368
249 424
321 321
Alleenstaande ouder, 2 kinderen Exclusief gemeente Inclusief gemeente Paar zonder kinderen Exclusief gemeente Inclusief gemeente Paar, 2 kinderen Exclusief gemeente Inclusief gemeente
Ondanks dat de landelijke toeslagen veel hoger zijn dan de gemeentelijke bijdragen, hebben de gemeentelijke regelingen wel degelijk effect. Een paar met kinderen heeft zonder de gemeentelijke regelingen € 47 per maand voor vrije bestedingen. Met de gemeentelijke regelingen hebben zij € 343.
Werken vanuit bijstand loont meestal Groei inkomen t.o.v. bijstand: 110% Wsm
120% Wsm
130% Wsm
2% Alleenstaande
9% 11% 2%
Alleenstaande ouder
7% 6% 1%
Paar zonder kinderen
4% 2% 1%
Paar met kinderen
3% -2%
Enquête doelgroep • De doelgroep: inwoners van de gemeente Noordwijk die in 2019 een voorziening hadden vanuit de Participatiewet, een bijstandsuitkering en/of gebruik hebben gemaakt van minimaregelingen. • 940 huishoudens zijn aangeschreven. • Vragenlijst kon online en op papier worden ingevuld. • Verschillende thema’s in de vragenlijst, bijvoorbeeld: Kennis en gebruik regelingen, participatie en welzijn en leefstijl. • 203 ingevulde vragenlijsten, 24% van de doelgroep. Voldoende om uitspraken over de volledige doelgroep te doen.
Landelijke toeslagen Gebruikt u landelijke toeslagen? Ja
Nee, maar ken ik wel
Nee
1%
Zorgtoeslag
97%
Huurtoeslag
87%
Kindgebonden budget
Kinderopvangtoeslag
2%
8%
79%
15%
41%
9%
5%
12%
44%
De landelijke toeslagen zijn goed bekend. Bijna alle respondenten kennen en maken gebruik van de zorgtoeslag en huurtoeslag. Het kindgebonden budget en kinderopvangtoeslag is alleen gemeten onder huishoudens met kinderen.
Gemeentelijke regelingen Gebruikt u de regelingen? Ja
Nee, maar ken ik wel
Kwijtschelding
Nee
76%
Collectieve zorgverzekering
4%
68%
Bijzondere bijstand
10%
42%
POB/IP
22%
35%
Doe mee regeling
29%
Individuele studietoeslag
6%
20%
6%
22% 36%
59%
9%
62% 92%
2%
De kwijtschelding gemeentelijke belastingen is het meest bekend: 80% kent de regeling, 76% maakt ook gebruik van de regeling. De individuele studietoeslag is het minst bekend. Deze regeling is ook maar voor een klein en specifieke doelgroep. Bijna twee derde van de respondenten kent de Doe Mee regeling niet.
Reden geen gebruik Waarom gebruikt u sommige regelingen niet? Ik ken die regelingen niet
57%
Ik weet niet hoe ik de regelingen moet aanvragen
26%
Ik vind het aanvragen moeilijk
22%
Ik wil niet dat men weet dat ik weinig geld heb
13%
Ik vind het aanvragen te veel moeite
9%
Ik heb moeite met lezen en schrijven
8%
Ik heb de regelingen niet nodig
8%
Ze passen niet bij wat ik nodig heb
8%
Ik denk dat ik niet in aanmerking kom
Mijn inkomen is te hoog Anders, namelijk:
6% 1% 13%
Ruim de helft (57%) van de respondenten gebruikt sommige regelingen niet, omdat ze de regelingen niet kennen. Een kwart weet niet hoe hij de regelingen moet aanvragen.
Welke regelingen mist men? Zijn er regelingen die u mist? Ja, voor leuke activiteiten voor mijzelf
31%
Ja, voor zorgkosten
22%
Ja, voor reiskosten Ja, voor kosten i.v.m. (het zoeken naar) werk Anders, namelijk
21% 9% 14%
Weet ik niet Nee
24% 22%
De respondenten missen regelingen om leuke activiteiten voor zichzelf. En 1 op de 5 mist een regeling voor de zorgkosten.
Kindregelingen Gebruikt u de kindregelingen voor uw kinderen? Ja
Jeugdfonds Sport en Cultuur
Nee
61%
Schoolkosten 12 t/m 17 jaar
32%
Schoolkosten 4 t/m 11 jaar
Fietsregeling
Nee, maar ken ik wel
13%
17%
50%
48%
7%
7%
26%
52%
86%
76% van de respondenten met thuiswonende kinderen kent het Jeugdfonds Sport en Cultuur, 61% geeft aan hier ook gebruik van te maken. De fietsregeling is het minst bekend en wordt het minst gebruikt.
Effect kindregelingen Zijn er regelingen voor kinderen die u mist? Ja, voor leuke activiteiten voor mijn kind(eren)
71%
Ja, voor reiskosten
29%
Ja, voor inrichten van de babykamer/ kinderkamer
21%
Anders, namelijk: Ja, voor kosten voor een baby
18% 9%
Weet ik niet
12%
Nee
12%
71% van de respondenten met kinderen mist een regeling voor leuke activiteiten voor de kinderen. 29% mist een regeling voor de reiskosten. 12% mist geen regelingen.
Hulp en ondersteuning Vindt u dat de gemeente voldoende doet voor mensen met een laag inkomen?
Ja
56% van de respondenten vindt dat de gemeente voldoende doet voor mensen met een laag inkomen.
44% 56% Nee, want:
44% vindt dat niet. Toelichtingen die hierop zijn gegeven: • Ondanks de hulp van de gemeente kan men niet rondkomen. • Ze krijgen niet voldoende informatie over de beschikbare regelingen. • Respondenten weten niet wat de gemeente precies doet.
Participatie • Respondenten beoordelen hun mate van participatie gemiddeld met een 5,6 (op een schaal van 1 tot 10). • De meeste respondenten kunnen dus niet volledig actief participeren in de maatschappij. • De voornaamste drempels zijn: • Te weinig geld • Slechte gezondheid
Participeren en rol van gemeente Biedt de gemeente genoeg mogelijkheden om mee te doen? Er zijn genoeg mogelijkheden 21%
30%
Bijna de helft van alle respondenten vindt dat er voldoende mogelijkheden zijn om te participeren.
Er zijn voldoende mogelijkheden 49%
Er zijn niet voldoende mogelijkheden
Hoe beoordelt u het aanbod aan activiteiten in de gemeente? 3% 2% Heel erg slect 10%
Slecht 36% Redelijk 49%
Goed Heel erg goed
49% van de respondenten vindt dat het aanbod aan activiteiten redelijk is.
Welzijn en leefstijl Hoe beoordeelt u uw gezondheid? 4% 4% Heel erg slecht 17%
Slecht 33%
42% van de respondenten geeft aan dat de gezondheid redelijk is. 37% geeft aan dat de gezondheid slecht tot heel erg slecht is.
Redelijk 42%
Goed Heel erg goed
Geluk: 6,1
Gemiddeld waarderen respondenten hun geluk met een 6,1. Respondenten die niet beperkt worden door een chronische ziekte, beperking of aandoening geven gemiddeld een 7,0.
Tips en adviezen respondenten • Respondenten konden aan het einde van de vragenlijst tips en adviezen voor het minimabeleid geven. De tips zijn onderverdeeld in een aantal categorieën: • Uitbreiding van het minimabeleid/ regelingen; • Meer of betere informatie vanuit de gemeente over het minimabeleid en de regelingen; • Soepelere en snellere afhandeling van aanvragen, met meer maatwerk.
Conclusies I • Het aandeel minimahuishoudens en aandeel minimakinderen is lager dan in andere gemeenten van vergelijkbare grootte • Onder kinderen met een niet-westerse migratieachtergrond is het aandeel dat opgroeit in een minimagezin (37 procent) een stuk hoger dan onder kinderen met een andere achtergrond. Hetzelfde geldt voor alle huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond. Zij maken vaker dan gemiddeld gebruik van de verschillende minimaregelingen. • Een groot deel (74 procent) van de minimahuishoudens is al langdurig afhankelijk van een inkomen tot 120 procent Wsm en deze groep is groter dan in 2014. Dit komt overeen met de landelijke trends; ook landelijk is er een stijging te zien van de langdurige minima.
Conclusies II • De meeste regelingen hebben een goed bereik onder de doelgroep. Al zijn niet alle regelingen even goed bekend bij de inwoners • Voor alle doelgroepen is er een regeling; kindregelingen, participatieregeling voor volwassenen en AOW’ers.
• De Doe mee regeling kent een lager bereik dan het gemiddelde bereik voor een participatieregelingen bij andere gemeenten. • 2/3e van de respondenten geeft aan dat ze te maken hebben met een chronische ziekte, beperking of handicap. En (eveneens) twee derde van de respondenten geeft aan dat ze beperkt worden door hun slechte gezondheid. Dit verklaart het hoge gebruik van het duurste pakket van de collectieve zorgverzekering.
Conclusies III • Voor paren met kinderen loont werken vanuit de bijstand financieel gezien niet altijd: bij een loon gelijk aan 130 procent Wsm gaan zij er in totaal inkomen op achteruit ten opzichte van de bijstandssituatie. Daarnaast geldt voor paren zonder kinderen en alleenstaanden dat zij bij een loon van 130 procent Wsm een lager totaal inkomen hebben dan bij een loon gelijk aan 120 procent Wsm (mits zij van alle regelingen en toeslagen gebruikmaken). • Participatie: Er is voldoende aanbod en dat wordt ook goed beoordeeld. Toch lukt het relatief veel minima niet om mee te doen.
Vragen