Overzicht beantwoording technische vragen gemeenteraadsvergadering 26 oktober 2021
Tekst van het document
Overzicht beantwoording technische vragen gemeenteraadsvergadering 26 oktober 2021
Raadslid/ Fractie
Onderwerp/ Raadsvoorstel
Vraag
Antwoord
Raadslid Van Herwaarden /
Raadsvoorstel
In de commissie BME van afgelopen week werd inzake De Meerlanden verwezen naar een bijlage waarin de kosten van een mogelijke uittreding worden behandeld. Voor zover wij kunnen zien betreft dit de Samenwerkingsovereenkomst (bijlage 6a), waarin bijlage 3 de desintegratieproblematiek behandelt. Voor de beoordeling van de toetredingsovereenkomst is wat D66 betreft (mede) van belang dat er geen uittredingsclausules worden overeengekomen die uittreding prohibitief kostbaar maken. Daarmee zou De Meerlanden een belangrijke doelmatigheidsprikkel verliezen. Immers, dan kan Noordwijk praktisch niet meer terugvallen op marktpartijen.
Antwoord:
D66
Meerlanden
Met het oog daarop hebben wij de volgende vragen:
•
•
Wat wordt bedoeld met de beëindigingstermijn van 2 jaar, zoals genoemd in de bijlage op p29? Betekent die termijn dat de 5 jaar waarover op p 31 wordt gesproken niet van toepassing is? Op pagina 31 wordt gemeld dat kan worden aangesloten op jurisprudentie van de Afdeling. Daarin wordt kennelijk
•
De beëindigingstermijn wordt bepaald in een dienstverleningsovereenkomst (DVO) voor de uitvoering van het afvalbeheer door Meerlanden. Met betrekking tot het beëindigen van de DVO door de gemeente geldt een beëindigingstermijn van 2 jaar vanaf de kennisgevingsdatum. Verder wordt in de DVO bepaald dat er in die 2 jaar een actieve plicht bestaat van zowel Meerlanden als de gemeente om desintegratieschade als gevolg van het beëindigen te voorkomen of te verminderen. Als blijkt dat niet alle desintegratieschade kan worden voorkomen, dan wordt de hoogte van de desintegratieschade die voor rekening komt van de gemeente Noordwijk, berekend volgens de berekeningswijze op pagina 31 van de SW OK. Daarbij geldt een plafond voor de maximale duur waarover de desintegratieschade berekend wordt, te weten maximaal 5 jaar na beëindiging van
• •
•
gesteld dat vaste, niet af te bouwen desintegratiekosten gedurende maximaal 5 jaar vanaf de uittreding moeten worden vergoed. Er is niet gekozen dat de aankondiging van de uittreding het relevante moment is om de aanpassingsperiode te doen starten. Graag ontvangen wij een toelichting hierop. In hoeverre was/is de gemeente aan Renewi vergoeding van desintegratiekosten verschuldigd? Indien de desintegratieregeling van Renewi gunstiger is dan die van Meerlanden, in hoeverre kan de betreffende regeling van Meerlanden dan als marktconform worden gezien? In hoeverre kunnen de desintegratiekosten bij Meerlanden, binnen de huidige contractopzet, worden gedrukt door een eventuele desintegratie tijdig aan te kondigen?
de dienstverlening. Deze termijnen gelden om te voorkomen dat kosten worden afgewenteld op de andere gemeenten die •
deelnemen in Meerlanden. In de DVO wordt bepaald dat er in die 2 jaar een actieve plicht bestaat van zowel Meerlanden als de gemeente om desintegratieschade te voorkomen of te verminderen. Op het moment van aankondiging van de uittreding is niet bekend hoe hoog het deel van de vaste, niet af te bouwen desintegratieschade is. Daarom wordt in de overeenkomst bepaald dat partijen de overtuiging hebben dat het van belang is om in samenwerking de desintegratieschade te voorkomen of te verminderen, waaronder ook vaste kosten. Pas aan het eind van deze 2 jaar kan goed vastgesteld worden, welke vaste kosten niet afgebouwd konden worden. Daarover wordt dan nog een vergoeding afgesproken, die
•
gemaximeerd is op de genoemde 5 jaar. Wanneer deze vraag als doel heeft een vergelijking te maken tussen de regeling met Renewi en die met Meerlanden is het goed, dit niet te beperken tot de desintegratiekostenregeling. Het betreft immers twee verschillende juridische constructies die elk hun eigen voor- en nadelen hebben. Bij de keuze tussen partijen is dit meegewogen, alsmede ook andere factoren zoals de professionaliteit van partijen.
•
Desintegratiekosten zijn niet aan Renewi verschuldigd. Wel zal de vennootschap geliquideerd en ontbonden gaan worden, waar begeleidingskosten mee gemoeid zijn. Tijdens de liquidatiefase worden alle schulden betaald, vorderingen geïncasseerd, voorraden verkocht en contracten beëindigd. Het resterende kapitaal wordt aan de aandeelhouder (in dit geval alleen gemeente Noordwijk) uitgekeerd en hiermee eindigt de vennootschap. Wat de liquidatie de gemeente daadwerkelijk zal gaan kosten,
•
zal moeten worden bezien. Zie het antwoord op de vorige vraag. Het zijn twee geheel verschillende juridische constructies die elk hun eigen voor- en
•
nadelen hebben. Met de huidige contractopzet is er bewust voor gekozen om in het geval van opzegging te zorgen voor:
•
a. Een redelijke termijn die Meerlanden en de gemeente in staat stelt om de desintegratieschade zoveel mogelijk te voorkomen, dan wel te verminderen;
•
•
b. Een actieve plicht voor beide partijen om de desintegratieschade te voorkomen, dan wel te verminderen; c. Een duidelijke beschrijving en definiëring welke posten de desintegratieschade betrekking op heeft en hoe deze wordt berekend.
•
Deze opzet waarborgt dat beide partijen actief gaan samenwerken om desintegratieschade te voorkomen dan wel te verminderen. Deze opzet waarborgt ook dat andere gemeenten niet opdraaien voor achterblijvende kosten van een gemeente die opzegt. Dit is dus ook ter bescherming van de financiële belangen van de gemeente Noordwijk, indien een andere gemeente opzegt.