NIEUW 260517 _Amendement verordening jeugdhulp-buitenproportioneel PGB-plan
Tekst van het document
Amendement Lid Meiland (HELDER) Aanpassing PGB-plan (proportionaliteit) De gemeenteraad van Noordwijk; In vergadering bijeen op donderdag 4 juni 2026; Wijzigt de Verordening Jeugdhulp Noordwijk 2026 alsvolgt: Oorspronkelijke tekst: •
Artikel 17, lid 2 sub g: “In het pgb-plan is opgenomen: een motivering aan de hand van 10 punten benoemd in artikel 18 (pgb-vaardigheid) waaruit blijkt dat de budgethouder of budgetbeheerder in staat is de aan een pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren.”
Wordt gewijzigd in: •
“een uitvoerbaar plan waarin de wijze van inzet van ondersteuning wordt toegelicht, voor zover redelijkerwijs van de aanvrager kan worden verwacht.”
Toelichting Niet iedere PGB-vaardige inwoner is in staat een uitgebreid beleidsmatig plan te schrijven. De beoordeling van kwaliteit en uitvoerbaarheid ligt bij het college. Dit amendement voorkomt dat administratieve eisen uitgroeien tot een onbedoelde toegangsdrempel voor inwoners die wel degelijk in staat zijn een PGB verantwoord te beheren. De huidige formulering verlangt van de aanvrager een uitgebreide motivering aan de hand van tien beoordelingspunten rondom PGB-vaardigheid. Hierdoor ontstaat het risico dat niet de daadwerkelijke geschiktheid van de budgethouder centraal staat, maar diens vermogen om een complex en uitgebreid schriftelijk plan op te stellen. Juist ouders van jeugdigen met een complexe ondersteuningsvraag besteden vaak al veel tijd aan zorg, begeleiding, afstemming met hulpverleners en contact met onderwijs. Van hen kan
niet zonder meer worden verwacht dat zij daarnaast een uitgebreid beleidsmatig document opstellen waarin zij hun eigen geschiktheid moeten onderbouwen. De Jeugdwet legt de verantwoordelijkheid voor het beoordelen van PGB-vaardigheid nadrukkelijk bij het college. Het college dient op basis van gesprekken, beschikbare informatie en de individuele omstandigheden vast te stellen of de aanvrager de aan een PGB verbonden taken verantwoord kan uitvoeren. Die beoordeling behoort niet te worden verlegd naar de inwoner zelf. Daarnaast ontstaat het risico dat mondige, hoogopgeleide of administratief vaardige inwoners eenvoudiger toegang krijgen tot een PGB dan inwoners die minder taalvaardig zijn, lager zijn opgeleid of moeite hebben met schriftelijke communicatie. Dat staat op gespannen voet met het uitgangspunt van gelijke toegang tot ondersteuning. Dit amendement borgt dat van inwoners uitsluitend wordt gevraagd wat redelijkerwijs van hen verwacht mag worden: een uitvoerbaar plan waarin wordt toegelicht hoe de ondersteuning wordt georganiseerd en ingezet. Het college blijft vervolgens verantwoordelijk voor de beoordeling van de kwaliteit, doelmatigheid en uitvoerbaarheid van die ondersteuning.
Hiermee wordt: • de toegankelijkheid van het PGB vergroot • de rechtsgelijkheid tussen inwoners versterkt • de administratieve belasting voor gezinnen verminderd • en beter aangesloten bij de bedoeling van de Jeugdwet om het PGB als volwaardig alternatief voor zorg in natura beschikbaar te houden. Het amendement draagt daarmee bij aan een evenwichtige balans tussen rechtmatigheid, uitvoerbaarheid en toegankelijkheid van het persoonsgebonden budget.
Charlotte Meiland HELDER Noordwijk