Motie lid Van Dokkum (PvdA) inzake Vertrouwen in WMO
Tekst van het document
Actuele motie LID Van Dokkum, Vertrouwen in WMO De gemeenteraad van Noordwijk; In vergadering bijeen op dinsdag 26 september 2023;
Constaterende dat: -
Ook in de landelijke politiek het belang wordt ingezien van bestaanszekerheid en werken aan herstel van vertrouwen. De ISD namens onze gemeente een belangrijke taak heeft als het gaat om de bestaanszekerheid van de meest kwetsbare Noordwijkers.
Van mening dat: -
-
-
De ISD notitie op meerdere punten wantrouwen ademt en de nadelen van bezuinigingsmaatregelen voor kwetsbare inwoners en zorgverleners te weinig belicht. Vertrouwen boven wantrouwen zou moeten gaan; de primaire focus zou niet moeten liggen op mogelijke fraude of oneigenlijk gebruik of misbruik, maar op de behoeften van kwetsbare inwoners, zodat zij kunnen blijven meedoen. We uitvoerders de ruimte moeten geven om de menselijke maat toe te passen en ze niet te dwingen in een keurslijf van regels en bezuinigingen, die uitgaan van wantrouwen en de welwillende inwoners benadelen. Veel van de voorgestelde maatregelen juist de inwoners met een laag inkomen en hoge zorgkosten het hardst treffen.
Roept het college op: -
Er vanuit te gaan dat de meeste mensen deugen en in de uitvoering van de WMO te werken vanuit vertrouwen in plaats van wantrouwen. De meest kwetsbare inwoners met een bescheiden inkomen en hoge zorgkosten scherp op het netvlies te houden bij de keuze voor bezuinigingen in de WMO. Te onderzoeken of een inkomensafhankelijke eigen bijdrage op vrijwillige basis een optie is. Voordat ‘oranje maatregelen’ genomen worden, goed te onderzoeken of deze niet feitelijk ‘rood’ zijn en daarmee dus een ongewenste maatregel (zie bijlage m.b.t. scootmobiel en voorzienbaarheid van woningaanpassingen)
En gaat over tot de orde van de dag, Rommie van Dokkum, PvdA
Bijlage m.b.t. oranje maatregelen die rood lijken te zijn: Bron: Individuele maatwerkvoorzieningen vervoer (inzichtsociaaldomein.nl):
Scootmobiel algemeen gebruikelijk? Vraag: Kunnen scootmobiels als algemeen gebruikelijk worden beschouwd? De scootmobiel is specifiek bedoeld voor iemand met een beperking. Maar zo is de fiets met trapondersteuning ook begonnen. De rollator, die voorheen uit de Zorgverzekeringswet werd vergoed, is ook bedoeld voor als je een beperking hebt en die is ook algemeen gebruikelijk gemaakt. Misschien is het mogelijk om een onderscheid te maken. Wanneer de noodzaak voor een scootmobiel wordt veroorzaakt door een ziekte of handicap, dat dan wel de scootmobiel wordt toegekend en ook bijvoorbeeld tot een bepaalde leeftijd (bijvoorbeeld onder de 65). Wanneer de beperking wordt veroorzaakt door gewoon het ouder, en dus minder mobiel, worden dat iemand dan de scootmobiel zelf moet aanschaffen? Immers, de meeste mensen hebben dan net de auto verkocht. Antwoord: Een scootmobiel is inderdaad specifiek bedoeld voor iemand met een beperking. Uit de jurisprudentie blijkt dat je de voorziening daarom niet als algemeen gebruikelijk kan aanmerken. Voor wat betreft de fiets met trapondersteuning geldt dat deze ook steeds meer door mensen zonder beperking worden aangeschaft. Sparta maakt zelfs reclame voor deze fietsen, gericht op jongeren. Eenvoudige loophulpmiddelen, zoals rollators, krukken en looprekken, zitten vanaf 2013 niet meer in het basispakket van de zorgverzekering.
De reden hiervan is dat de kosten zo laag zijn dat mensen geacht worden deze wel zelf te kunnen kopen. Soms hebben zorgverzekeraars deze hulpmiddelen ook opgenomen in een aanvullend pakket. Een scootmobiel is aanmerkelijk duurder dan deze hulpmiddelen. Uit de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep, 22-08-2018, ECLI:NL:CRVB:2018:2603 (gemeente Noordenveld), blijkt duidelijk dat een dergelijk onderscheid niet toegestaan is.
Bron: Jurisprudentie woonvoorzieningen (inzichtsociaaldomein.nl):
Voorzienbaarheid en eigen verantwoordelijkheid De Centrale Raad van Beroep heeft zich op 22 augustus 2018 ECLI:NL:CRVB:2018:2603 (gemeente Noordenveld) uitgesproken over een aanvraag voor een traplift. Die werd afgewezen, omdat de gemeente oordeelde dat de betrokkene zelf moet zorgen voor een woonsituatie die past bij haar (huidige en nog te verwachten) beperkingen. De gemeente vond dat betrokkene tijdig 'leeftijdsadequaat had kunnen verhuizen'. Het college had haar daar eerder ook al op gewezen.
Desondanks gaat betrokkene in bezwaar en in beroep, beide zonder succes. Vervolgens gaat betrokkene in hoger beroep. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de Wmo 2015 inderdaad ruimte biedt om van burgers te verlangen dat ze bij een verhuizing rekening houden met hun beperkingen én de redelijkerwijs te verwachten progressie daarvan. Maar, tot op zekere hoogte. De Raad stelt dat de gemeente níet van een burger kan verlangen om preventief maatregelen te nemen en investeringen te doen, omdat zijn gezondheid later misschien verslechtert, waardoor hij dan misschien maatschappelijke ondersteuning nodig heeft. De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit. Het college krijgt de opdracht om een nieuwe beslissing op het bezwaar te nemen.