CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

H. Bijlage 5 Ecologische Quickscan (1) (geanonimiseerd)

Gemeenteraadsvergadering 28 november 2023, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Raadsvoorstel ontwerpverklaring van geen bedenkingen inzake een omgevingsvergunning voor Leidsevaart 229 - 230 te Noordwijk5.544 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

integrale expertise bij ruimtelijke ontwikkeling

RAPPORT

Quickscan Wet Natuurbescherming Leidsevaart 229-230 - Noordwijk

Kenmerk

8019051985

Datum

1-02-2021

Opdrachtgever

: Van Reisen Bouwmanagement en Advies (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) N E

's Gravendijckseweg 39 2201 CZ Noordwijk

Goedkeuring (geanonimiseerd) (geanonimise rd) ([ˑC"')IJ m

Opsteller, auteur

IDDS

‘s-Gravendijckseweg 37 2201 CZ Noordwijk IDDS.NL

Postbus

|

126

2200 AC Noordwijk info@idds.nl T071-402

85 86

Datum

Handtekening

11-02-2021

(geanonimiseerd) -

Inhoudsopgave 1. Inleiding … 1.1 Aanleiding … 1.2 Doel van

het onderzoek..

1.3 Leeswijzer…

2. Opzet en uitvoering van het onderzoek … 2.1

Bureaustudie..

2.2 Veldonderzoek .

2.3 Effectenbeoordeling … 3. Beschrijving van het plangebied … 3.1 Ligging ten opzichte van beschermde gebieden en omgeving.… 3.2 Algemene beschrijving van het plangebied … 4. Wettelijk kader …. 4.1 Wet Natuurbescherming, onderdeel soorten…. 4.2 Verordening uitvoering Wet natuurbescherming Zuid-Holland.… 5. Resultaten en effectenbeoordeling … 5.1 Vleermuizen …

$.2 Grondgebonden zoogdieren … 5.3 Vaatplanten…

5.4 Vogel: 5.5 Amfibieën en reptielen… 66 Overige beschermde soorten . 6. Samenvatting conclusie en overzichtstabel … 6.1 De zorgplicht zoals weergegeven in artikel 1.11 … 6.2 De zorgplicht specifiek voor vogels

in artikel 3.

63 Overzicht van onderzochte soortgroepen en onderzoeksresultaten in het plangebied . Aanbevelingen… Checklist groen bouwen… Literatuur en bronvermelding..

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051885

221

IDDS

1. Inleiding 1.1 Aanleiding

In opdracht van Van Reisen Bouwmanagement en Advies is een flora - en faunaonderzoek uitgevoerd op de locaties Leidsevaart 229-230, te Noordwijk. Aanleiding tot het uitvoeren van dit flora- en faunaonderzoek is de voorgenomen realisering van nieuwbouw ten behoeve van een woning. 1.2 Doel van

het onderzoek

Deze quickscan flora en fauna heeft ten doel de voorgenomen plannen te toetsen aan de huidige natuurwetgeving zodat duidelijk wordt welke maatregelen moeten worden getroffen om overtreding van deze wet te voorkomen. Het plangebied is onderzocht en beoordeeld op de aanwezigheid van en betekenis voor door de Wet natuurbescherming beschermde plant- en diersoorten. Indien overtreding niet kan worden vermeden, is in het onderhavige rapport aangegeven voor welke

soorten en met welke onderbouwing ontheffing dient te worden aangevraagd. Indien aanvullend onderzoek noodzakelijk blijkt, kan op basis van de quickscan een gedegen planning daarvan worden gemaakt. 1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 2 is de opzet van het onderzoek besproken en in hoofdstuk 3 wordt nader ingegaan op het plangebied. In hoofdstuk 4 is de reikwijdte en de doelstelling uit de Wet natuurbescherming beschreven. In hoofdstuk 5 worden conclusies getrokken uit de resultaten van het bureauonderzoek en het veldbezoek, waarna in hoofdstuk 6 de conclusies zijn samengevat. Tot slot worden in de bijlagen adviezen gegeven om de ecologische structuur te verbeteren en een overzicht van de geraadpleegde literatuur gepresenteerd.

Gedeeltelijk aanzicht plangebied: de schuur en kassen worden gesloopt. Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051985

321

II!-H

2. Opzet en uitvoering van het onderzoek Het onderhavige flora- en faunaonderzoek bestaat uit twee onderdelen, te weten: een bronnen- en literatuuronderzoek en een biotooptoets (veldbezoek). De biotooptoets is door een ecoloog uitgevoerd op 15 juli 2019 in de avond bij windkracht 3, zwaar bewolkt weer, circa 19 graden Celsius. De woning en tuin aan Leidsevaart 230 blijven behouden en vallen buiten de invloedsfeer van de werkzaamheden, deze zijn daarom niet onderzocht. De conclusie van het nader onderzoek naar rugstreeppad is in $5.5 opgenomen in deze rapportage. 2.1

Bureaustudie

Het bronnen- en literatuuronderzoek omvat een bureaustudie, waarbij kaarten zijn geraadpleegd (kenmerken van het landschap waarin het plangebied zich bevindt) en de reeds bekende verspreidingsgegevens van voorkomende beschermde soorten in de regio zijn geraadpleegd. In het bronnen- en literatuuronderzoek zijn het plangebied en het omliggende gebied in een straal van ongeveer 1,5 kilometer onderzocht.

Er zijn diverse bronnen geraadpleegd om een beeld te krijgen van de verspreiding en mogelijk voorkomen van beschermde soorten in en rond het plangebied. Aan de hand van deze informatie is een inschatting gemaakt of de betreffende soorten in het plangebied voor zouden kunnen komen, gezien de habitatvoorkeur van de betreffende soorten. Een overzicht van de gebruikte literatuur is opgenomen in de literatuurlijst, die is opgenomen in de bijlage van deze briefrapportage. 2.2 Veldonderzoek

Naast een bureaustudie is een biotooptoets uitgevoerd. Dit betreft een veldbezoek met als doel een inschatting te maken van de ecologische kwaliteiten van het plangebied. De bevindingen van het bronnenen literatuuronderzoek worden in het veld getoetst en indien nodig aangevuld. Op het moment dat een biotooptoets wordt uitgevoerd, zijn niet alle soorten zichtbaar aanwezig. Diersoorten zijn bijvoorbeeld alleen nachtactief of in een bepaalde periode van het jaar afwezig. Daarom zijn de eisen die soorten/soortgroepen aan hun leefomgeving stellen met betrekking tot vaste rust- en verblijfplaatsen, voedselgebieden en migratierouten vergeleken en getoetst met de situatie in het veld. Op deze manier is ook het belang van het plangebied beoordeeld voor flora en fauna die niet zijn waargenomen gedurende de biotooptoets, maar desondanks toch mogelijk kunnen voorkomen ter plaatse van het plangebied. De resultaten van de biotooptoets betreffen uitsluitend waarnemingen binnen het plangebied. 2.3 Effectenbeoordeling Op basis van de veldkenmerken van het plangebied en de verspreiding van beschermde soorten, is beoordeeld voor welke beschermde soorten het plangebied van betekenis kan zijn. Bij deze toetsing is alleen gekeken naar de beschermde soorten uit de Wet Natuurbescherming. Deze soorten hebben een Nederlandse of Europese bescherming en moeten worden getoetst op voorkomen en effect.

Wanneer effecten optreden of verbodsbepalingen worden overtreden, dan zijn er mogelijk maatregelen nodig om de effecten te voorkomen, verzachten of te compenseren om te voldoen aan de Wet Natuurbescherming. Algemene soorten zijn niet meegenomen in deze toetsing. Deze soorten zijn zodanig algemeen in Nederland dat de gunstige staat van instandhouding niet in het geding komt door de meeste projecten. Bovendien geldt voor deze soorten een vrijstelling van de verbodsbepalingen zoals weergegeven in artikelen 3.1, 3.5 en 310 van de Wet Natuurbescherming. Wel geldt de zorgplicht ex artikel 1.11.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051885

421

3. Beschrijving van het plangebied 3.1 Ligging ten opzichte van beschermde gebieden en omgeving Het plangebied is gelegen in het buitengebied van de gemeente Noordwijk. Het ligt aan de Leidsevaart. Aan de overzijde van de vaart wordt een nieuwe weg van Voorhout naar Noordwijk gerealiseerd. Het plangebied (rode kader) ligt tussen Noordwijk-Binnen (links op de afbeelding) en Voorhout (rechts op de afbeelding)

in.

Ligging plangebied (rode kader) in het buitengebied van Noordwijk.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051985

s21

Close-up plangebied, de schuur n het midden (rode kader) een naast ggende kassen worden ges!oopt.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051985

s

Op de onderstaande kaart is te zien dat het plangebied geen deel uitmaakt van het Natuurnetwerk

Nederland (NNN: donkergroen en roze). Het gebied maakt eveneens geen onderdeel uit van een ander beschermd gebied, zoals Natura 2000 of belangrijk weidevogelgebied (lichtgroen). Binnen een straal van 5 kilometer liggen de volgende Natura 2000-gebieden: Coepelduynen 2,6km en Kennemerland-Zuid op 3,1km.

N /

° *

om J

-

—

Ligging plangebied (rode cirkel inks midden) in een straal van ca 4 km ten opzichte van ecologische hoofdstructuur EHS/NNN (donkergroen en roze), Natura2000 (gearceerd) en belangrijk weidevogelgebied PV (licht groen). Bron: http:/pzh.b3p.nlviewet/app/NNN

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051985

a

IDDS

3.2 Algemene besch g van het plangebied Leidsevaart 229 is een kwekerij van vaste planten gevestigd. De schuur en kassen naast de schuur worden gesloopt. Achter de schuur is een paardenwei. Op Leidsevaart 230 staat een woonhuis en tuin, welke behouden blijven en niet zijn onderzocht. De paardenwei loopt door achter 230.

5

D

e

>

M

Achter de haag is de kwekerij gevestigd. Het woonhuis 230 s rechts op de foto zichtbaar.

Kwekerij en kas

Paardenwei,

Kwekerij, met daarachter paardenwei en woonhuis

schuur en woonhuis

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051885

821

4. Wettelijk kader 4.1 Wet Natuurbescherming, onderdeel soorten Voor soortenbescherming geldt voor deze wet dat deze gericht is op het bereiken of herstellen van een gunstige staat van instandhouding van deze soorten. De wet maakt hiervoor een programmatische aanpak mogelijk. Binnen deze wet wordt de soortbescherming opgedeeld in drie categorieën: 1

De bescherming van alle natuurlijk in het wild levende vogels van soorten die voorkomen in de EU als bedoeld in artikel 1 van de Vogerichtlijn en de niet in die bijlage genoemde geregeld voorkomende trekvogelsoorten (art. 3.1 - 3.4). De bescherming van in het wild levende dieren en planten van soorten die voorkomen in de EU op grond van de Habitatrichtlijn (bijlagen | II IV, V) en natuurbeschermingsverdragen (art. 3.5 - 3.9). De bescherming van niet onder de bovenstaande twee categorieën vallende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen, kevers en vaatplanten voorkomend in Nederland, vermeld in de bijlage van de Wet Natuurbescherming (art. 3.10 - 3.11). Voor de zoogdier- amfibieen reptielsoorten opgenomen in deze bijlage geldt geen Europese verplichting tot bescherming. Deze soorten worden beschermd vanwege de breed in de maatschappij levende overtuiging dat deze dieren een bescherming behoeven. De andere in de bijlage opgenomen soorten worden om ecologische redenen beschermd. Hiermee geeft Nederland uitvoering aan de algemene verplichting van het Biodiversiteitsverdrag om kwetsbare en bedreigde dier- en plantsoorten te beschermen.

Verbodsbepalingen: Artikel 3.5

1. Het is verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage I bij het Verdrag van Bern of bijlage | bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen. 2. Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren. 3. Het is verboden eieren van dieren als bedoeld in het eerste lid in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen.

4. Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen. 5, Het is verboden planten van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel b, bij de Habitatrichtlijn of bijlage | bij het Verdrag van Bern, in hun natuurljke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. Uitbreiding verbodsbepalingen en mogelijkheid tot ontheffing of vrijstelling: Artikel 3.10 1. Onverminderd artikel 3.5, eerste, vierde en vijfde lid, is het verboden: a. in het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en kevers van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel A, bij deze wet, opzettelijk te

doden of te vangen; b. de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in onderdeel a opzettelijk te beschadigen of te vernielen, of c vaatplanten van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel B, bij deze wet, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen

of te vernielen.

2. Artikel 3.8, met uitzondering van het derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing op de verboden, bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat, in aanvulling op de redenen, genoemd in het vijfde lid, onderdeel b, de noodzaak voor de ontheffing of vrijstelling ook verband kan houden met handelingen: a. in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daarop volgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied; b. /m h. (niet van toepassing, zie wettekst). 3. De verboden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, en b, zijn niet van toepassing op de bosmuis, de huisspitsmuis en de veldmuis voor zover deze dieren zich in of op gebouwen of daarbij behorende erven of roerende zaken bevinden. Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051885

921

II!-H

4.2 Verordening uitvoering Wet natuurbescherming Zuid-Holland Artikel 8.1 vrijstelling ten behoeve van bestendig beheer of onderhoud en de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden. 1. De verboden, bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, van de wet, gelden niet bij de uitvoering van handelingen in het kader van: a de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daarop volgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied; (b,c‚d niet van toepassing, zie wettekst) 2. De vrijstellingen, bedoeld in het eerste lid, gelden ten aanzien van de in bijlage 6 genoemde andere beschermde soorten: Aardmuis, Bastaardkikker, Bosmuis, Bruine kikker, Bunzing, Dwergmuis, Dwergspitsmuis, Egel, Gewone bosspitsmuis, Gewone pad, Haas, Hermelijn, Huisspitsmuis, Kleine watersalamander ‚ Konijn, Meerkikker, Ree, Rosse woelmuis, Veldmuis, Vos, Wezel en Woelrat. Bovenstaande soorten zijn derhalve niet beschermd bij de voorgenomen werkzaamheden, wel geldt de zorgplicht.

5. Resultaten en effectenbeoordeling 5.1

Vleermuizen

Resultaten

bureauonderzoek

De schuur staat midden in het plangebied en wordt gesloopt. Gebouwbewonende soorten vleermuizen kunnen worden verstoord of gedood. De meest voorkomende gebouwbewonende vleermuissoort is de gewone dwergvleermuis (pipistrelllus pipistrelllus). Andere soorten die vaak of regelmatig in stedelijk gebied n gebouwen verblijven en voorkomen in Noordwijk zijn de ruige dwergvieermuis (pipistrelllus nathusii), laatvlieger (eptesicus serotinus) en watervleermuis (myotis daubentonii). Gewone grootoorvleermuis (plecotus auritus) en meervleermuis (myotis dasycneme) worden niet verwacht, omdat geschikt jachtbiotoop voor deze soorten in de omgeving ontbreekt. De kassen worden ook gesloopt, maar

zijn vanwege hun bouwaard niet geschikt voor vleermuizen. Bomen van voldoende grootte zijn in het plangebied aanwezig, waardoor de aanwezigheid van boombewonende soorten kan worden verwacht. Rosse vleermuis, watervleermuis en ruige dwergvleermuis zijn boombewonende soorten die volgens verspreidingsgegevens voor kunnen komen. Zomerverblijven bevinden zich vaak in (oude) bomen met holten. Gewone dwergvleermuis en laatvlieger kunnen holten gebruiken als paarverblijf. De bomen in het plangebied en de bomen die vallen binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden moeten worden onderzocht op holtes die voor vleermuizen geschikt zijn om in te verblijven, zoals ingerotte boomdelen, ingescheurde takken en loshangend schors. Uit onderzoeken die zijn gedaan in het kader van de Noordelijke randweg Voorhout,

blijkt dat de

Leidsevaart een vliegroute voor vleermuizen is. Voorkomen moet worden dat tijdens de bouw en in de gebruiksfase verlichting op de Leidsevaart komt te schijnen. Resultaten

veldbezoek

De schuur is geïnspecteerd op kierende pannen, open stootvoegen of andere plaatsen waar vleermuizen in kunnen verblijven. De dakpannen sluiten alle goed aan, open stootvoegen of andere kieren ontbreken. In de schuur zijn geen invliegopeningen gevonden. De schuur wordt dagelijks gebruikt en is daardoor aan verstoring onderhevig. De kassen zijn ongeschikt bevonden voor vleermuizen. Alle bomen in het gehele gebied zijn onderzocht op holtes of andere plekken waar vleermuizen in kunnen verblijven. Deze zijn niet aangetroffen. In het gebied zijn geen lijnvormige elementen. Als foerageergebied heeft het plangebied geen essentiële functie, omdat groen van betekenis ontbreekt en het meeste groen behouden blijt.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - 8019051985

1021

(detail)foto's schuur en kas Conclusie

i

vleermuizen

In het plangebied bevinden zich geen voor vleermuizen geschikte potentiële vaste rust- en verblijfplaatsen

vanwege het ontbreken van invliegopeningen in de opstallen of bomen. Als foerageergebied heeft het plangebied geen essentiële functie. Het gebied maakt geen deel uit van een lijnelement en wordt daardoor niet gebruikt als vaste vliegroute van vleermuizen. Uit vorig onderzoek blijkt de Leidsevaart een vliegroute van vleermuizen. Indien tijdens de bouw en in de gebruiksfase licht komt te schijnen op de Leidsevaart, moet er vanuit gegaan worden dat een verstoring van deze vliegroute plaatsvindt en daarmee wordt een overtreding van de Wet

natuurbescherming begaan. Om dit te ondervangen moet voorkomen worden dat tijdens de bouw en in de gebruiksfase licht op de Leidsevaart schijnt. Met inachtneming van het bovenstaande rondom de vliegroute is uitgesloten dat de voorgenomen

werkzaamheden negatieve effecten hebben op vaste rust- en/of verblijfplaatsen, vaste vliegroutes en foerageergebied van vleermuizen.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051985

1121

$.2 Grondgebonden zoogdieren Resultaten

bureauonderzoek

Op basis van verspreidingsgegevens komen geen beschermde soorten voor in of nabij het plangebied. Bunzing (mustela putorius), wezel (mustela nivalis) en hermelijn (mustela erminea) komen voor. Haas en konijn kunnen ook voorkomen. De bunzing, hermelijn en wezel zijn niet gebonden aan een bepaald landschapstype maar hebben een voorkeur voor een kleinschalig (cultuur-) landschap. Een vereiste is wel dat er voldoende dekking aanwezig is, bijvoorbeeld in de vorm van bosschages, houtstapels of heggen. De soorten komen ook wel voor in een groene bebouwde omgeving. Als verblijfplaats gebruiken ze onder meer houtstapels, oude holen van muizen, ratten en konijnen. Resultaten

veldbezoek

Tijdens het veldbezoek zijn geen zoogdieren waargenomen. In het plangebied zijn wel foerageer- en schuilmogelijkheden, in de vorm van takkenhopen of dergelijk. Het plangebied is hierdoor geschikt als biotoop voor verschillende niet beschermde zoogdieren. Conclusie grondgebonden zoogdieren Tijdens het veldbezoek zijn geen beschermde soorten zoogdieren aangetroffen. Deze worden gezien het biotoop ook niet verwacht in de toekomst. Voor eventueel aanwezige algemene zoogdieren geidt de zorgplicht (zie 86.1). 5.3 Vaatplanten Resultaten bureauonderzoek

Noordwijk is uitstekend onderzocht op planten. Van de beschermde soorten in de Wet Natuurbescherming

zijn slechts 4 soorten ooit in de regio van Noordwijk aangetroffen. Stofzaad, voor het jaar 2000 op enkele plaatsen in de Noordduinen. Glad biggenkruid, eenmaal gevonden bij De Zilk en eenmaal in het Langeveld. Ruw parelzaad, rond 1990 bij de Nieuweweg (Hillegom) en Kluwenklokje enkele keren in een wegberm, verwilderd vanuit een tuin. Op basis van de meest recente verspreidingsgegevens kan de aanwezigheid van beschermde soorten vaatplanten worden uitgesloten. Resultaten

veldbezoek

Beschermde vaatplanten zijn tijdens het veldbezoek niet aangetroffen. De kwekerij en paardenwei zijn

ongeschikt als groeiplaats. Conclusíe vaatplanten Geconcludeerd kan worden dat de aanwezige vaatplanten geen beschermde status hebben en ontwikkelingen niet in de weg staan.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051885

12121

5.4 Vogels Resultaten

bureauonderzoek

In de verspreidingsgegevens worden over de afgelopen drie jaar meerdere vogelsoorten genoemd. Huismus (passer domesticus) en gierzwaluw (apus apus), waarvan het nest jaarrond beschermd is, worden gemeld. Uilen en roofvogels worden ook genoemd in de verspreidingsgegevens, maar worden gezien het beperkte areaal aan bomen niet verwacht. Resultaten

veldbezoek

Tijdens het veldbezoek zijn huismussen waargenomen in de schuur/loods grenzend aan het plangebied en in de coniferenhaag in het plangebied. De minimaal 2 paar huismussen die in die loods broeden gebruiken het plangebied als schuil- en foerageergebied.

Man huismus bij nest in loods naast plangebied

Vrouw huismus in conifeer in plangebied met nestmateriaal

In de schuur in het plangebied zijn voor mussen geen mogelijkheden om te broeden.

In het plangebied zijn

geen (overblijfselen van) jaarrond beschermde nesten aangetroffen. Wel broeden houtduiven in het plangebied in de coniferenhaag en is het mogelijk dat andere algemene soorten, of soorten waarvan het nest niet jaarrond beschermd is, in het plangebied kunnen broeden. Conclusie vogels In het plangebied zijn geen (overblijfselen van) jaarrond beschermde nesten aangetroffen. Huismussen zijn in het gebied en de omgeving daarvan waargenomen. Huismussen broeden in de loods naast het plangebied en gebruiken het plangebied om te foerageren en te schuilen. Op het terrein waar de loods staat is onvoldoende mogelijkheid voor de huismus om te schuilen en te foerageren. Daarom doet het plangebied dienst als essentiële foerageerplaats en schuilplaats voor huismussen. Het kappen van de

coniferenhaag grenzend aan de loods mag niet gebeuren zonder ontheffing van de Wet natuurbescherming. Compensatie van foerageer- en schuilmogelijkheden voor huismus is daarvoor noodzakelijk. Het plangebied heeft eveneens een functie voor algemene broedvogels. De Wet natuurbescherming biedt bescherming aan alle in gebruik zijnde nesten en rustplaatsen van vogels. De nestbescherming geldt voor alle soorten gedurende het broedseizoen en voor een beperkt

aantal soorten jaarrond. ledere vogel s tijdens het broeden beschermd. Voor het broedseizoen geldt geen vaste periode, globaal wordt uitgegaan van half maart tot half augustus. Geadviseerd wordt de coniferenhaag en zoveel mogelijk bomen in de nabijheid van de loods waar de mussen broeden te laten staan. Het groen grenzend aan de loods mag niet gekapt worden zonder ontheffing. Indien de werkzaamheden starten binnen het broedseizoen, mogen deze pas uitgevoerd worden indien vooraf door een deskundig ecoloog i vastgesteld dat geen verstoring van broedvogels zal plaatsvinden. Tot de mogelijkheden behoort aanvangen voor het broedseizoen en doorwerken met continue verstoring tijdens het broedseizoen, zodat vogels niet tot broeden komen. Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051985

1321

Wanneer tijdens de bouw met zanddepots wordt gewerkt, moet rekening gehouden worden met oeverzwaluw. Door de depots zo af te graven dat geen steile hellingen ontstaan, wordt voorkomen dat oeverzwaluw in het depot gaat broeden. Indien de bouw komt stil t liggen in het broedseizoen kunnen ook andere vogelsoorten, waaronder kleine plevier, in het plangebied gaan broeden. Mocht de bouw stil komen te liggen, dan wordt geadviseerd vogelwerende maatregelen te nemen om te voorkomen dat vogels tot broeden komen. Hierbij kan gedacht worden aan vliegers, honden, lintjes of dergelijk. 5.5 Amfi

ën en reptielen

Resultaten bureauonderzoek

Wat betreft in Zuid-Holland beschermde amfibieën komt in Noordwijk alleen de rugstreeppad (epidalea calamita) voor. De aanwezigheid van deze soort kan op basis van biotoop op voorhand niet worden uitgesloten. Voor de zandhagedis (lacerta agilis) geldt dat niet, deze soort is afhankelijk van een ander biotoop dan grasland. Rugstreeppadden zijn warmteminnend en komen daarom vooral voor n gebieden waarvan de bodem vaak sterk opwarmt en waarin ze kunnen graven. De rugstreeppad is vooral een soort van terreinen met een hoge natuurlijke of door mensen ingebrachte dynamiek. Braakliggende bouwterreinen, groeven en zanden kleiafgravingen, (rivier)duinen en uiterwaarden vormen een ideaal leefgebied voor de rugstreeppad. Vaak is er een goed vergraafbare bodem aanwezig en is bouwmateriaal om onderte schuilen een voorwaarde. Water dat snel opwarmt moet eveneens in de buurt zijn. Met name in de duinstreek, de binnenduinrand en de tuinbouwgebieden achter de binnenduinrand is de rugstreeppad een gewone verschijning. De rugstreeppad is op 21 juní 2019 waargenomen op 560m van het plangebied.

Waarneming rugstreeppad (blauwe stip) ten opzichte van plangebied (rood kader). Resultaten

veldbezoek

Amfibieën en reptielen zijn niet waargenomen. Poeltjes of plaatsen waar regenwater kan blijven staan wat dienst kan doen als voortplantingswater zijn niet aanwezig in of nabij het plangebied. Naast het plangebied ligt een sloot die geschikt is als voortplantingswater. Los zand of andere plekken waar rugstreeppad zich kan ingraven of kan schuilen n de winter zijn in het plangebied aanwezig in de vorm van zandhopen en onder het worteldoek van de kwekerij. Conclusie amfibieën en reptielen

Beschermde reptielen kunnen op basis van verspreidingsgegevens en biotoop niet worden uitgesloten. Voor rugstreeppad is tijdens het veldbezoek het gebied geschikt bevonden. In de Zwetterpolder zijn op 560m van het plangebied 3 rugstreeppadden waargenomen in 2019. Ten oosten van de Leidsevaart zijn in juli 2019 meerdere exemplaren van rugstreeppad waargenomen. In het plangebied zijn geen waarnemingen bekend. De normale bedrijfsvoering bestaat uit het verplaatsen van los zand en het telen van vaste planten. Hierdoor is geschikt landhabitat aanwezig. Geschikt voortplantingswater is grenzend

aan het plangebied ook aanwezig. Conform het kennisdocument rugstreeppad zijn 3 bezoeken gebracht aan het plangebied om voortplantingsplaatsen te inventariseren. 12 mei van 22:30 (zon onder 21:22) tot 00:10. Windkracht 4, 15 graden en onbewolkt Géén rugstreeppadden gehoord in het plangebied en op en achter de oude vuilstort ten noorden daarvan (achter het tuincentrum) veel kikkers gehoord. Ook niet aan de overkant van de Leidsevaart waar gewerkt wordt aan de noordelijke randweg in Voorhout. 30 mei van 23:59 (zon onder 21:50) tot 01:02. Windkracht 2 to 4, 17 graden en onbewolkt: Geen rugstreeppadden gehoord. Leidsevaart229-230 - Noordwijk - REO19051985

141

20 juni van 00:22 (zon onder 22:06) tot 01:22. Windkracht 2, 17 graden en onbewolkt. Geen rugstreeppadden gehoord. In het plangebied en de directe omgeving daarvan zijn geen rugstreeppaden gehoord. De conclusie van het nader onderzoek naar de inventarisatie van voortplantingsplaatsen is dat er geen voortplantingsplaatsen van rugstreeppadden aanwezig zijn n het plangebied en de omgeving daarvan. Omdat zich in het plangebied geen sloten en poeltjes bevinden waarin rugstreeppadden zich kunnen voortplanten, is geen nader onderzoek naar ei-snoeren en/of larven verricht. Op grond van het bovenstaande hoeven geen maatregelen met betrekking tot rugstreeppad te worden genomen.Voor eventueel aanwezige algemene soorten geldt de zorgplicht. 5.6 Overige beschermde soorten Resultaten

bureauonderzoek

De volgende vissen zijn in Nederland beschermd: beekdonderpad, beekprik, elrits, gestippelde alver, grote

modderkruiper en kwabaal. Op basis van verspreidingsgegevens en kwaliteit van habitat kan aanwezigheid van deze soorten in het plangebied worden uitgesloten. Dit geldt ook voor de Europese rivierkreeft. De verschillende soorten libellen, vlinders, insecten en andere ongewervelden die vermeld worden in de Wet natuurbescherming zijn aanwezig in een ander verspreidingsgebied dan het plangebied. Deze soorten stelle hoge eisen aan hun leefomgeving. Meldingen van deze soorten in het plangebied zijn er niet. Resultaten

veldbezoek

Tijdens het veldbezoek is vastgesteld dat het biotoop ongeschikt i voor beschermde soorten libellen en vlinders, vanwege het ontbreken van poeltjes of waardplanten voor ei-afzetting. Conclusie overige beschermde soorten Met beschermde ongewervelde diersoorten hoeft op grond van biotoop en verspreidingsgegevens geen rekening gehouden te worden.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - 8019051985

18121

6. Samenvatting conclusie en overzichtstabel Uit bureaustudie en biotooptoets is naar voren gekomen dat het mogeijk is dat met de plannen vaste rusten verblijfplaatsen worden aangetast van de in de Wet natuurbescherming beschermde huismus. Wanneer rekening wordt gehouden met het broedseizoen en de coniferenhaag en meer groen rond de loods behouden blijft, worden huismussen niet verstoord en blijven essentiële foerageer- en schuilmogelijkheden behouden. Tevens is het noodzakelijk om de tuin rond de nieuwe woning groen in te richten, om de huismussen die in de loods broeden te behouden. Indien het niet mogelijk is de coniferenhaag en ander groen rond de loods te behouden, dan is een ontheffing van de Wet natuurbescherming verplicht. Geadviseerd wordt niets te kappen, omdat het zeer twijfelachtig is of een ontheffing voor het vernietigen van essentieel eefgebied van de huismus kan worden verkregen. Geadviseerd wordt daarom de coniferenhaag grenzend aan de loods en de coniferenhaag ten westen van het plangebied, eveneens als zoveel mogelijk bomen nabij de loods, te behouden. Het plaatsen van huismuskasten in de nieuwbouw kan, juist in combinatie met het aanwezige en toekomstig te planten groen, leiden tot uitbreiding van de kolonie huismussen. In plaats van of samen met huismuskasten kan ook gekozen worden om vogelschroot in de nieuwbouw vanaf de derde panlat in te bouwen.

Huismussen krijgen zo de kans zich onder de eerste rij pannen te vestigen. De zorgplicht uit de Wet natuurbescherming is altijd van toepassing. Hieronder wordt uitgelegd hoe aan de zorgplicht kan worden voldaan. 6.1 De zorgplicht zoals weergegeven in artikel 1.11 1. Een ieder neemt voldoende zorg in acht voor Natura 2000-gebieden, bijzondere nationale natuurgebieden en voor in het wild levende dieren en planten en hun dîrecte leefomgeving. 2. De zorg, bedoeld in het eerste lid, houdt in elk geval in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen kunnen worden veroorzaakt voor een Natura 2000-gebied, een bijzonder nationaal natuurgebied of voor in het wild levende dieren en planten: a.

3.

dergelijke handelingen achterwege laat, dan wel,

b. _ indien dat achterwege laten redelijkerwijs niet kan worden gevergd, de noodzakelijke maatregelen treft om die gevolgen te voorkomen, of ©. voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk beperkt of ongedaan maakt. De verboden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, en b, zijn niet van toepassing op de bosmuis, de huisspitsmuis en de veldmuis voor zover deze dieren zich in of op gebouwen of daarbij behorende

erven

of roerende

zaken

bevinden.

Invulling zorgplicht artikel 111 Zodra een niet in de Wet Natuurbescherming beschermd in het wild levende dier wordt aangetroffen tijdens de werkzaamheden kan deze worden gevangen en direct worden overgeplaatst naar een geschikte habitat

in de nabijheid van het plangebied. Vegetatie of bodemmateriaal (takken, stronken, steenhopen en dergelijke) moet gefaseerd worden verwijderd, waardoor aan amfibieën en grondgebonden zoogdieren gelegenheid wordt gegeven te vluchten.

Bij kap van de vegetatie in de winter dient men rekening te houden met zoogdieren in winterslaap, zoals de egel. Inachtneming van de zorgplicht betekent dat men het struikgewas handmatig en gefaseerd kapt, in plaats van met bulldozer of graafmachine. De egel is met name 's nachts actief. Door de werkzaamheden

overdag te plannen wordt verstoring zoveel mogelijk voorkomen.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - 8019051985

16121

6.2 De zorgplicht specifiek voor vogels in artikel 3.1 1. Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen. 2. Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. 3. Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te rapen en deze onder zich te hebben.

4. 5.

Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen. Het verbod, bedoeld in het vierde lid, is niet van toepassing indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort.

Invulling zorgplicht specifiek voor vogels in artikel 3.1 Indien de werkzaamheden starten binnen het broedseizoen, mogen

deze pas uitgevoerd worden indien

vooraf door een deskundig ecoloog s vastgesteld dat geen verstoring van broedvogels zal plaatsvinden.

6.3 Overzicht van onderzochte beschermde soorten en onderzoeksresultaten in het plangebied

Soort(groep)

Vleermuizen

Ingreep

Nader

verstorend | onderzoek

Nee

Nee

Ontheffing | Bijzonderheden/

Nee

opmerkingen

Geen verblijfplaatsen aanwezig, het plangebied heeft geen essentiële

functie voor vleermuizen.

De

Leidsevaart vormt een vliegroute.

Grondgebonden

zoogdieren Vogels

Amfibieën en reptielen Vaatplanten

Nee*

Nee

Nee

Geen verlichting tijdens bouw- en gebruiksfase op de Leidsevaart. Geen beschermde soorten aanwezig.

Nee

*Voor algemene soorten geldt de zorgplicht. * Zie conclusie en zorgplicht vogels

| Nee

Geen beschermde soorten aanwezig.

Nee

Nee

Geen beschermde soorten aanwezig.

Nee

Nee

Geen beschermde soorten aanwezig.

Mogelijk* | Nee Nee

Uitgevoerd

Nee

[@verigesoorten _ | Nee

Wij adviseren om de onderzoeksresultaten voor te leggen aan het bevoegd gezag om na te gaan of zij kunnen instemmen met de onderzoeksresultaten en bovengenoemde conclusies.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051885

17121

Aanbevelingen

Naast de consequenties die voortkomen uit de Wet Natuurbescherming geven wij in relatie tot de voorgenomen nieuwbouw de volgende aanbevelingen met als doel de ecologische structuren in de omgeving te versterken.

Voor vleermuizen zouden open stootvoegen aangebracht kunnen worden in muren, of vleermuiskasten kunnen worden geplaatst in de spouw of tegen de muur op >2,5 meter hoogte in nieuw te bouwen woningen. Eveneens kunnen vleermuisstenen worden ingemetseld (foto links boven). Zie literatuurlijst voor vermelding naar brochure vleermuisvriendelijk bouwen.

Vrijwel onzichtbare inbouw van vleermuisstenen en technische informatie over de plaatsing daarvan.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051985

1821

IDDS

Voor huismussen kan de toegang van de goot tot de eerste drie rijen dakpannen worden opgehouden. Op deze manier kunnen ze onder de dakpannen broeden. Vanaf de derde rij kan vogelschroot worden aangebracht, om de voorkomen dat mussen te ver onder het dak komen. De schroot is gemakkelijk en relatief goedkoop in te bouwen in de nieuwe woning. Ook nestkasten of mussenflats zullen dankbaar worden gebruikt door de mussen die aanwezig zijn in de loods naast het plangebied om de kolonie uit te breiden.

Huismussen hebben schuilplaatsen in de directe omgeving van het nest nodig. Hiervoor kunnen bomen en/of struiken worden aangeplant. Het planten van bomen en struwelen voor vogels en vleermuizen verdient aanbeveling. Het beste zijn, ecologisch gezien, inheemse bes- en bloemdragende struiken en planten. Een haag van meidoorn, lijsterbes en liguster langs de rand van het plangebied zorgt voor schuilen foerageermogelijkheden voor vele soorten dieren. Een kleine plaats waar een zandbad genomen kan worden door de huismus moet ook aanwezig zijn. Aan de bebouwing kan een kerkuilenkast worden opgehangen aan een gevel gericht op het noorden/oosten. Zorg ervoor dat de kast gemaakt wordt van waterdicht (niet geïmpregneerd) materiaal.

Voorbeeld van een

kerkuilenkast.

Een torenvalkkast op een hoge paal in vrij terrein is eveneens mogelijk. De omgeving van het plangebied leent zich voor de torenvalk.

Kerkuilenkast

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051885

Torenvalkkast

19121

Creëer insectenhotels. Deze kunnen worden geplaatst aan de randen van het plangebied.

Voorbeelden

van insectenhotels

Checklist groen bouwen Verstedelijking draagt bij aan het verlies van biodiversiteit, maar de bouw biedt ook kansen. Voor sommige dieren zijn onze steden en dorpen zelfs het belangrijkste leefgebied. Daar kan iedereen een steentje aan bijdragen. Met de Checklist Groen Bouwen kan iedere bouwonderneming, architect of projectontwikkelaar zijn projecten en ontwerpen natuurvriendelijker maken. Het beantwoorden van enkele simpele ja/nee vragen leidt tot eenvoudige soortbeschermingsmaatregelen. https://www.checklistgroenbouwen.nl

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051985

20121

Literatuur en bronvermelding Atlas van de Nederlandse vleermuizen,

Limpens e.a. KNNV

1997

Bats of Britain and Europe, C. Dietz en A. Kiefer, Bloomsbury 2016 www.vleermuis.net, voor up-to-date kennis van vleermuizen Kennisdocument Gewone dwergvleermuis Pipistrellus pipistrellus, versie 1.0, juli 2017, BI12 Creemers, R.C.M. & J.J.C.W. van Delft (RAVON)(Redactie) 2009. De amfibieën en reptielen van Nederland

Kennisdocument Rugstreeppad, Bufo calamita, Versie 1.0, juli 2017, BIIJ12 Kennisdocument Zandhagedis, Lacera agilis, juli 2017, BIIJ12 Stichting RAVON: www.ravon.nl Nederlandse Oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Weeda e.a. 1985-1994 Verspreidingsatlas planten. 13 mei 2014, http://www.verspreidingsatlas. nl/planten Natuurgids voor de Duin- en Bollenstreek, Vereniging voor Natuur- en Vogelbescherming Noordwijk, 2000 Tussen tulpen en de zee, Vereniging voor Natuur- en Vogelbescherming Noordwijk, 2011 Een nieuwe wet voor de natuur: Wet Natuurbescherming, artikel uit De Strandloper 48e jaargang nummer 3, juni 2016, J. van Dijk Van Aardaker tot Zwanenbloem,

Flora van de Duin- en Bollenstreek, J. Van Dijk et al, 2018 Vereniging

voor Natuur- en Vogelbescherming Noordwijk Twintig jaar Gierzwaluwen inventariseren in Noordwijk, H. Verkade, LIMOSA 88 (2015):

164-172

Sovon Vogelonderzoek Nederland: www.sovon.nl Vereniging Vogelbescherming:

www. vogelbescherming.nl

Aangepaste ijst jaarrond beschermde vogelnesten ontheffing Flora- en faunawet ruimtelijke ingreep, Ministerie van LNV, 2009

Atlas van de Nederlandse Zoogdieren, Zoogdiervereniging 2016, S. Broekhuizen et al.

Leidsevaart 229-230 - Noordwijk - R8O19051885

2121

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=11bb5dfc-c51a-4978-9988-561885852b4f