Feitelijke vragen en antwoorden Najaarsnota 2024 incl D66
Tekst van het document
Technische vragen raadsleden en commissieleden over het raadsvoorstel Najaarsnota 2024 Fractie: PvdA Vraag 1
Pag 58
Vraag De scanauto levert veel extra naheffingen op. Zijn er in verhouding ook meer onterechte naheffingen? Krijgen we daar beter grip op/krijgen we meer inzicht in hoe onterechte naheffingen tot stand komen, zodat we ze kunnen voorkomen?
2
13
Wat is de reden dat er geen grondexploitatie voor het Jan Kroonsplein wordt opgesteld?
Wat is nu het plan de campagne om de parkeerproblemen in Noordwijk Binnen aan te pakken?
3
4
29
Komt het toenemend gebruik van leerlingenvervoer ook door een toenemend aantal leerlingen dat naar het speciaal onderwijs gaat?
Antwoord Nee, er zijn geen onterechte naheffingen. We gaan ervanuit dat men hier bezwaren bedoelt. Procentueel ligt het aantal bezwaren ongeveer op hetzelfde niveau als die van op de oude manier van handhaven . Wel worden er naheffingen uitgeschreven door gebruikersfouten. Bijvoorbeeld aanmelden met een verkeerd (typefout of andere) kenteken. In feite zijn dit terechte naheffingen. Echter uit klantvriendelijkheid/ coulance worden deze in een bezwaarprocedure gegrond verklaard. Dat wij nu voorbereidingskosten afboeken beteken t niet dat we geen grondexploitatie (GREX) opstellen voor het Jan Kroonsplein. Wij mogen voorbereidingskosten 5 jaar “parkeren” voor het geval we een actief activeren of een GREX openen. Momenteel zijn we bezig om de mogelijkheden van het Jan Kroonsplein te onderzoeken. Op dit moment zijn er geen parkeerproblemen. Uit evaluatie is er geen verdere regulering van parkeermaatregelen gebleken. Dit wordt niet periodiek gemeten, maar bepaalde gebieden hebben bijzondere aandacht waaronder het Kloosterplein. De prognoses van het aantal leerlingen dat naar het speciaal onderwijs gaat is door de jaren heen redelijk stabiel (voor Noordwijk). Dit op zich is dus geen verklarende factor. Het betekent echter niet dat dit geen invloed kan hebben op de groei van het aa ntal leerlingen in het leerlingenvervoer.
Persoonlijke en gezinsomstandigheden kunnen hierin een rol hebben, doch geen grote. De grootste stijging in het aantal leerlingen dat een beroep deed op leerlingenvervoer gebeurde tussen 2022 en 2023 (+28%). In 202 4 verwachten we een daling t.o.v. 2023 (-10%), in 2025 verwachten wij geen significante stijging. Een impactvolle factor kan zijn het aantal vluchtelingen dat taalles volgt en gebruik maakt van leerlingenvervoer. Het aantal vluchtelingen dat in
5
29
De problemen in het dak van de school die te wijten zijn aan een constructiefout; hoe komt het dat die problemen pas twee jaar geleden aan het licht kwamen?
6
30
Als het gebouw KC op zee in najaar ‘23 is opgeleverd, dan zouden toch in ‘24 de gebruikelijke afschrijving/kapitaallasten al betaald moeten worden. Hoe kan het dat dit maar 4000 is in plaats van ruim 2 ton?
7
30
De specifieke UK voor voorschoolse voorzieningen is niet uitgegeven. Het totale budget is bijna 5 ton, is dat verder wel volledig benut?
8
48
Welke potjes met welke inhoud waren bij de jaarrekening over en doorgeschoven voor energie en klimaat en welk deel daarvan is alsnog benut dit jaar en welk deel is doorgeschoven?
schooljaar 2022-2023 gebruik maakte van een voorziening leerlingenvervoer is gedaald van 32 naar 7 in schooljaar 2023 -2024, wat financieel een impact heeft van ongeveer een ton. De randafwerking van het dak is de oorzaak van de lekkages in het gebouw. De randafwerking is niet goed aangebracht en is in de loop van de jaren gaan krimpen en loslaten. Hierdoor is, in het geval van regen, regenwater langs de randen en onder de dakbedek king gekomen met lekkages als gevolg. Dit probleem is dus in de loop der jaren ontstaan en niet direct zichtbaar of achterhaalbaar geweest bij/na de bouw. Het schoolgebouw KC Op Zee is in oktober 2023 opgeleverd. De aanleg van het buitenterrein heeft door de samenloop van omstandigheden vertraging opgelopen. Het project wordt naar verwachting in 2024 afgerond. Pas na realisatie van het complete project start de afschrijving. Om die reden zijn er geen lasten voor afschrijving, maar wel voor rente over het investeringsbedrag voor 2024. Het betreft hier een verhoging van een al bestaande specifieke uitkering. Het budget voor voorschoolse voorzieningen is ten opzichte van 2023 fors gestegen, van € 345.604, - naar € 495.000,-. Hier moet het beleid op worden aangepast. Het budget is daarom niet zomaar binnen de gestelde regels te besteden.
Omdat dit gehele budget een specifieke uitkering betreft moet het restant gereserveerd blijven voor besteding in latere jaren. Energietransitie– We hebben begin 2024 een start gemaakt hiermee, door inhuur van een medewerker om hieraan te werken. Deze kosten konden we ten laste brengen van CDOKE-budget. Tegelijk hebben we vastgesteld dat we het onderwerp beter konden parkeren totdat veel beter duidelijk is hoe de ontwikkeling van Aardwarmte Rijnland in Noordwijk gaat verlopen. Dit geld is om die reden geparkeerd en niet meer besteed in 2024. Naar verwacht ing gaan we in 2025 het budget wel inzetten voor de inhuur van externe uitvoering voor wijkuitvoeringsplannen en de bijbehorende participatietrajecten. Uitvoering klimaatakkoord – Dit bedrag is geparkeerd gebleven omdat we voor personele inzet gebruik maken van CDOKE -budget, en daarnaast het hele jaar vooral tijd hebben besteed aan door het Rijk
9
38
10
11
42
12
44
Voor energiearmoede zien we een budget gereserveerd van 400.000 euro, wat wordt daarmee gedaan is de planning naast het ondernemersloket?
De energietoeslag is dit jaar nog uitgekeerd. In '25 wordt dit vanuit de landelijke overheid niet meer verstrekt toch? Zijn de energieprijzen nu lager dan een jaar geleden? Maatschappelijk programma 22-25, er is 100.000 over, wat hebben we niet gedaan dan, wat aanvankelijk wel gepland was?
P44: 300.000 voor integratie uit 2016? Wat hadden we daarvoor moeten doen?
geïnitieerde en gefinancierde acties: Nationaal Isolatie Programma, Maatregelen Energie Armoede. Het voornemen is om dit bedrag in 2025 wel in te gaan zetten voor de Uitvoering Klimaatakkoord, met gebruikmaking van het Beleidsprogramma Klimaat van het Rijk dat halverwege 2023 is vastgesteld, waarin o.a. sectorbeleid en horizontale beleidsagenda’s als richtingen voor uitvoering zijn opgenomen, die verder reiken dan alleen energie. Het gaat hier om middelen die oorspronkelijk beschikbaar zijn gemaakt voor het Noodfonds met een grootte van € 1.000.000,-. Bij de verdeling daarvan is een bedrag van € 600.000 geoormerkt voor de inzet voor ondernemers, met als doelstelling ook de inzet voor preventieve maatregelen gericht op het voorkomen van toekomstige energiearmoede. Dit geld wordt ingezet voor MKB -gerichte hulp, o.a. via de voorzetting van loketdienstverlening specifiek voor Noordwijkse ondernemers. Vanuit het Rijk worden vooral inwonersgerichte acties geïnitieerd voor energie, maar zeker het kleinere MKB is eveneens gebaat bij hulp voor transitievraagstukken. Deze organiseert de gemeente zelf. Een gedeelte van dit budget (€ 250.000,-) wordt in 2025 en 2026 ingezet als dekking voor de energielasten, conform autonoom beleid in de Programmabegroting 2025-2028 In 2025 wordt de Energietoeslag niet meer uitgekeerd, gebaseerd op de verwachting van lagere energieprijzen, o.a.
door iets verlaagde energiebelasting. Er is geen gebruik gemaakt van het innovatiebudget á € 40.000 per jaar. De reden voor het niet uitgeven van deze € 80.000 is dat in eerste instantie een beroep is gedaan op de beschikbare budgetten van het welzijnsbeleid en het Gezond en Actief Leven Akkoo rd. Daarnaast is het budget voor een apart opgaven-dashboard voor het sociaal domein á € 20.000 niet uitgegeven. De reden hiervoor is dat er is aangesloten bij de organisatie brede uitwerking van het datagericht werken. Het merendeel van het gereserveerde bedrag (€ 266.000, -) is ontvangen via het gemeentefonds. Alhoewel hier dus geen betalingsverplichting tegenover stond is dit in betreffende jaarrekeningen wel gereserveerd voor uitgaven in 20 18 en later voor
kosten van opvang van asielzoekers. Uiteindelijk is dit niet nodig gebleken en wordt dit in 2024 afgeraamd. We gaan weer openbare toiletten realiseren in NW zee, hoe zit het met de openbare toiletten in de VVV, daar hebben we eerder flink in geïnvesteerd. Was daarbij de afspraak dat deze 24/7 open zouden zijn en is dat ook zo? Op welke locaties willen nog extra openbare toiletten realiseren? P47 wat gaan we nu doen voor deze middelen, doen we dat al? Wanneer wel?
13
46
14
47
15
48
P48 Cdoke wat doen we daar precies voor?
16
30
17
44
Als het gebouw KC op zee in najaar ‘23 is opgeleverd, dan zouden toch in ‘24 de gebruikelijke afschrijving/kapitaallasten al betaald moeten worden. Hoe kan het dat dit maar 4000 is in plaats van ruim 2 ton? Voor integratie en inburgering houden we geld over, was dat bij de jaarrekening ook al niet zo? Vluchtelingenwerk krijgt betaald uit een andere financieringsstroom begrijpen we, wat voorheen uit de subsidie werd betaald. Verrichten ze al met al minder inspanningen dan voorheen of is dat hetzelfde gebleven, zeker nu er ook een deel subsidie terug is gevorderd? Zo ja, was dat op verzoek van de gemeente?
Geen technische vraag
Het is niet bekend welke middelen bedoeld worden. O p pagina 47 staan meerdere budgetafwijkingen uiteengezet. Verdere toelichting is eventueel nog te vinden vanaf pagina 48 CDOKE-middelen zijn alleen bestemd voor personele kosten/inhuur van personele inzet extern die betrekking hebben op het klimaatakkoord en specifiek nader omschreven doelen en activiteiten. We gebruiken deze middelen voor het aantrekken van personeel voor werkzaamheden voor Duurzaamheid en de inhuur van externe medewerkers voor acties. Een belangrijk voordeel daarbij is dat we andere rijksbijdragen zoals voor Maatregelen energiearmoede en het Nationaal Isolatie Programma volledig aan te nemen maatregelen kunnen besteden, zonder personele overhead. Zie vraag 6
Niet de hele subsidie voor Vluchtelingenwerk wordt betaald uit de specifieke uitkering (SPUK) Inburgering, dat kan namelijk niet. Alleen twee wettelijke taken, te weten de maatschappelijke begeleiding en de participatieverklaringstrajecten worden uit rijksgeld betaald. De overige diensten die wij afnemen van Vluchtelingenwerk worden uit de gemeentelijke begrotingspost Integratie betaald, te weten: basisdienstverlening, loonkosten beroepskrachten locatie Noordwijk, cursussen Omgaan met geld, juridische ondersteuning en de uitvoering van de taakstelling huisvesting statushouders. Een deel wat op de gemeentebegroting onder Inburgering staan zijn de uitvoeringskosten van de ISD en daarbij 25.000 euro voor de gemeente voor tijdelijke ondersteuning indien nodig. Dit is ook besloten bij de vaststelling van de Beleidsnotitie Nieuwe wet inburgering van 2020.
De SPUK gelden betreft inderdaad een meeneemregeling omdat het inburgeringstraject over twee jaar loopt. Er blijft dan nu wel op Integratie ook geld over (dat is ons eigen geld!) omdat een deel van de subsidie aan Vluchtelingenwerk sinds de Wet inburgering wordt bekostigd uit de SPUK.
Fractie: NZLokaal Vraag 18
Pag
Vraag
Antwoord
Er is een overschot van € 977.000 voor naheffingsaanslag in 2024. Betekent dit dat de totale inkomsten uit de naheffingsaanslag in 2024 uitkomt op € 1.600.000 (i.e € 623.000 (begroot voor 2024) + €977.000 overschot = €1.600.000)? Klopt dit?
Ja dat klopt, hetgeen ook zo staat toegelicht op pg. 58 van de Najaarsnota 2024.
Wat is het uitgaande bedrag voor de naheffingsaanslag in de perspectiefnota voor 2025 en 2026 (exclusief de 2,6% inflatiecorrectie) ? Is dat € 1.6 miljoen of is dat € 623.000?
Vanaf welke jaar zouden de daadwerkelijke inkomsten uit de naheffingsaanslag van 2024 verwerkt worden als het uitgaande bedrag in de perspectiefnota?
19
In 2024 heeft er ook een andere verandering plaatsgevonden: de invoering van de nieuwe omgevingswet. De verwachting is dat hierdoor minder bouwaanvragen worden ingediend. Om dit mogelijke verlies te compenseren, is de verordening aangepast en zijn de leges verhoogd. De begrote inkomsten uit leges voor bouwvergunningen in 2024 bedraagt € 2.849.000. Wat zijn daadwerkelijke inkomsten in 2024? Hoeveel minder aanvragen zijn er in 2024 binnengekomen? Kunt u hier een toelichting op geven?
De geraamde opbrengsten van de naheffingsaanslagen parkeren voor 2025 is € 638.947,- (zie pg. 171 van de begroting 2025).
Vanaf komend jaar kunnen er ook structureel meer kosten via de naheffingen verhaald gaan worden. En er dus een hogere opbrengst valt te verwachten. Ondanks dat de toename van het aantal aanslagen een neerwaarts effect heeft op het tarief van de naheffingsaanslagen. Ook dit staat (uitgebreider) toegelicht op pg. 58 van de Najaarsnota 2024. De inkomsten van de bouwleges tot en met het derde kwartaal zijn €2.335.301,-. De aantallen van 2024 tot nu toe uit het zaaksysteem zijn: 254 Afwijken omgevingsplan 79 technisch aanvragen 333 totaal bouwactiviteiten. De aantallen van 2023 zijn uitgezet bij de ODWH en volgen
Fractie: D66 (binnengekomen op 25-11-2024) Vraag
Pag
20
21
5
22
5
Vraag
Antwoord
Het raadsvoorstel wekt de indruk dat van het overschot uit deze nota, € 6,7 mln, in totaal € 1,36 mln zal worden besteed aan het herstellen van de reserve Sociaal domein en in totaal € 2,35 mln wordt vrijgehouden om projectgeld later alsnog uit te geven. Dan zouden we dus netto € 3 mln ter vrije besteding overhouden. Is dat juist, of zien we dan toch een toekomstige beklemming van gelden over het hoofd?
In totaal resteert een bedrag van 6,76 miljoen in deze najaarsnota. Voorgesteld wordt om 1,36 miljoen hiervan te storten in de Reserve Sociaal Domein en het restant van 5,4 miljoen te storten in de Algemene Reserve. Er is dus geen 3 miljoen vrij te besteden, maar 5,4 miljoen. En ook over de voorgestelde storting van 1,36 miljoen in de Reserve Sociaal Domein zou de raad uiteraard nog anders kunnen besluiten.
Wat wordt exact verstaan onder 'incidentele mutaties'? In het overzicht van grote (incidentele) mutaties van totaal > 7 mln zien we geen posten die naar ons idee een incidenteel karakter hebben. Dus hoe moeten we die term begrijpen, en wat wat betekent dat voor de interpretatie van het resultaat? In het raadsvoorstel wordt alleen het bovengenoemde overzicht (>7 mln) gepresenteerd, en niet het hoofdoverzicht, dat voor alle programma's de plussen en minnen toont, en precies uitkomt op het nu verwachte resultaat. Daarmee lijken jullie impliciet aan te geven dat het hoofdoverzicht qua informatieve waarde minder relevant zou zijn. Klopt dat? Waarom zou dat zo zijn?
Het doorschuiven van de aangeven (restant)budgetten (2,35 miljoen) middels de reserves van 2024 naar 2025 zijn reeds in het saldo van deze najaarsnota verwerkt en hebben geen effect op het saldo. De term ‘incidentele mutaties’ slaat op budgetafwijkingen (overschotten of tekorten) met een éénmalig karakter. Naar ons idee zijn alle mutaties in het overzicht van de grote mutaties hoofdzakelijk eenmalig van aard. In de naheffingsaanslagen parkeren zit wellicht een gedeelte structureel. Dit wordt bij de Voorjaarsnota 2025 en Perspectiefnota 2026-2029 wederom bekeken. In het raadsvoorstel wordt opgesomd hoe het uiteindelijke resultaat van deze najaarsnota is opgebouwd. Daarom is begonnen met het overzicht van de grootste mutaties (> 7 miljoen) gevolgd door de overige mutaties boven de 80K (tekstueel) en een toelichting op het overschot van de kapitaalslasten. Na deze opbouw resulteert het resultaat van € 6.764.000,-
23
24
25
6
6
7
Graag ontvangen wij voortaan een verklaring van het verwachte resultaat, per programma, van alleen de items die per saldo aan het resultaat bijdragen. Dus van het overzicht van p. 6 onderaan, maar dan uitgesplitst per programma. Met een verklaring van de oorzaak uiteraard. Nu is te vaak onduidelijk of items nou wel of niet per saldo aan het resultaat bijdragen. Twee voorbeelden: 1 Kuuroordgelden € 0,4 mln niet uitgegeven. Draagt voor dit bedrag bij aan het saldo, maar de corresponderende negatieve reservemutatie in P10 voor hetzelfde bedrag doet je daar toch aan twijfelen. 2 Taakmutaties in P9. Dragen niet bij aan het saldo, want tegenover de extra taken staan evenveel extra middelen. Maar die staan in P10. Waarbij het ons onduidelijk is of de taakmutaties in 2025 alsnog moeten worden uitgevoerd, en zo ja, hoe dat dan in de balans zichtbaar is. Gemeenten houden vaak geld over door vertragingen in de uitvoering. Onderstaand proberen wij per programma de vertragingseffecten te duiden, waarbij we ons realiseren dat niet elk vertragingseffect resulteert in een toekomstig vrij aanwendbaar financieel resultaat; meestal omdat de niet uitgegeven gelden alsnog beschikbaar blijven voor het oorspronkelijke doel. Waar onze conclusies niet kloppen zien wij die graag gecorrigeerd.
"De laatste stand van zaken in 2024 laat zien dat de activiteiten in het kader van de begroting/de Uitvoeringsagenda over het algemeen goed op schema liggen." Hoe rijmen jullie deze conclusie met het gegeven dat van de 65 overgebleven stoplichten (van de ca 165 uit de begroting 2024) er 35 op oranje of rood staan?
Er is geprobeerd om deze budgettair neutrale budgetafwijkingen zo duidelijk mogelijk per programma in deze najaarsnota uit een te zetten. Dit doen we door middel van het toevoegen achter iedere mutatie of dit eventueel over een reserve loopt (AR algemene reserve, SD Reserve sociaal domein, etc.). Hetzelfde geldt voor de taakmutaties (TM Taakmutaties). Het budget van de taakmutaties komt voort uit de septembercirculaire en wordt hier voor 2024 begroot. De uitvoering zou ook in 2024 plaats moeten vinden. Uiteraard wordt altijd gestreefd naar verdere transparantie en verduidelijking van de planning en control documenten. Het opstellen van het voorgestelde overzicht zal vanaf de Voorjaarsnota 2025 worden toegevoegd.
Het overschot ontstaat niet altijd door vertragingen in de uitvoering. Er zijn diverse redenen waardoor er een overschot kan ontstaan (ICT goedkoper dan begroot, andere beleidskeuzes die goedkoper uitpakken en onvoorziene meevallers). Daarnaast leidt vertraging in de uitvoering ook tot overschotten. Er wordt gestreefd naar een transparante en duidelijke uitleg op alle onderdelen. Wij proberen per programma in de staatjes die we toevoegen een duiding te geven of het hier een incidenteel of structureel effect betreft en wat we doorschuiven en wat we niet doorschuiven. Als de wens voor meer informatie er is vanuit de Raad of audit commissie denken wij graag mee hoe we de informatievoorziening kunnen verbeteren Deze conclusie zou alleen getrokken kunnen worden als er een compleet beeld is. In de Najaarsnota wordt alleen het derde kwartaal en indien aanwezig het vierde kwartaal gepresenteerd. Wat niet zichtbaar is, is de stoplichtrapportage op de beleidsontwikkelingen van het eerste, tweede en grotendeels het vierde kwartaal. Dit te samen vormt het beeld dat geschetst wordt in de aangehaalde tekst.
Bij de Jaarrekening 2024 volgt uiteraard net als vorig jaar een compleet overzicht van alle beleidsontwikkelingen met een stoplicht en een gescrumde toelichting op “Wat wilde we bereiken” en “Wat hebben we daarvoor gedaan”? Er is juist gekozen voor het vermelden van beleidsontwikkelingen per
26
7
27
9
28
11
29
13
Waarom bevatten zowel de begrotingen van 2024-2027 als die van 2025-2028 beide ca 165/170 beleidsdoelen / items (beleidsproducten die in een specifiek kwartaal worden opgeleverd), en wordt er in de voor- en najaarsrapportage over ca 100 items minder gerapporteerd? Wij dachten: ah, er is sinds de raadsagenda meer focus. Maar kennelijk is dat toch niet zo - zie begroting 2025. Dus wat is de verklaring dan? Onze samengevatte verklaring voor het resultaat van dit programma (+€ 1,6 mln) is: hogere rentebaten vanwege later investeren (€ + 1,26 mln), afboeking nieggs (€ -0,7 mln), een BTW meevaller (€ 0,273 mln), plus een flinke reeks kleine meevallers (€ 0,826 mln) waarvan ca € 0,3 mln inkoopmeevallers, ca € 0,3 mln vertragingseffecten (fin adviseur, talentenprogramma, kapitaallasten) en ruim € 0,1 mln volumeontwikkeling (bezwaar, paspoorten, rijbewijzen). Rekenen wij de rentebaten ook als een vertragingseffect, dan domineren die dus: € 1,56 mln. In hoeverre is het rentebatenvoordeel tgv de nog omgekeerde yield curve (korte rente > lange rente) een verrassing? Hoe bewegelijk zijn de rentebaten op korte termijn beleggingen?
Zijn wij al geïnformeerd over het voornemen om geen GREX voor het Jan Kroonsplein op te stellen? Is het logisch dat de gemeente alle voorbereidingskosten nu voor haar rekening neemt?
kwartaal, want in het recente verleden werden alle kwartalen getoond en dit resulteerde in een ‘groene stoplichten show’. Dan staat bij de voorjaarsnota bijna alles met betrekking tot tweede tot en met vierde kwartaal sowieso op ‘groen’. Op verzoek van het college en de raad is toen gekozen voor een rapportage op kwartaalniveau. Deze aanname is naar ons idee niet correct. Ook hier zie je in de najaarsnota geen compleet beeld van de beleidsontwikkelingen. In de najaarsnota betreft dit alleen het derde en een deel van het vierde kwartaal.
De overschotten in programma 1 ontstaan niet altijd door vertragingen in de uitvoering. De hiernaast genoemde constatering kunnen wij niet (volledig) onderschrijven. Uiteraard staat per product toegelicht waarom een overschot/tekort is ontstaan.
Er is € 1.039.000,- meer rente ontvangen omdat investeringen zijn uitgesteld en daardoor een deel van de aangetrokken langlopende geldlening(en) via schatkist bankieren weer is uitgezet waarover we rente ontvangen. Daarnaast wordt er voor een bedrag van € 120.000,- minder rente betaald over kort- en langlopende leningen. Tezamen vormt dit het voordeel van €1.159.000,-. Op de vraag hoe bewegelijk de rentebaten voor de korte termijn is, geldt voor de gemeente het verloop van de rentestand voor het aanhouden van het bedrag aan middelen bij ’s Rijks schatkist (dit is niet beleggen). We zien dat die rentestand de afgelopen maanden is gedaald van 3,9% naar 3,2%. Volgens de richtlijnen van de BBV mogen wij ontwikkel/voorbereidingskosten vijf jaar parkeren in afwachting van het opstarten van een mogelijke GREX. In dit geval brengen wij de ontwikkelkosten van het Jan Kroonsplein nu ten laste van de exploitatie
30
15
Geen vertragingseffecten in dit programma.
31
15
32
19
Waarom een potentieel gunstig herverdelingseffect van 2023 in 2024 tot een nadeel leidt is ons niet duidelijk. Graag duidelijker toelichten. De verklaring valt grotendeels samen met de lagere kosten verhardingen (€ 0,492 mln op een totaal van € 0,6 mln), valt in de categorie vertraging.
33
20
Hoe kan het dat slechts 2 projecten (Zeeburg en ParallelBoulevard / Grent, samen een bescheiden deel van alle verhardingen, voor ruim 1/3 lagere kosten zorgen (totaal budget verhardingen € 1,4 mln)? Wat is de afschrijvingstermijn van verhardingen?
34
25
35
29
36
33
37
33
Onze samengevatte verklaring voor het overschot is uitvoeringsvertraging op dit programma (ruim € 2,8 mln), waarvan een groot deel (visieontwikkelingen/-uitvoering) goed voorspelbaar was. De overgebleven gelden vallen niet vrij. Dat een deel via de Algemene Reserve beschikbaar wordt gehouden, in plaats van via een bestemmingsreserve, vinden wij minder overzichtelijk. Wij zien hier € 0,36 mln uitvoeringsvertraging grotendeel negatief gecompenseerd door hogere kosten leerlingenvervoer en dakschade . Onze samengevatte verklaring van de € 1,34 mln overschot op dit programma is bijna € 1 mln investeringsvertragingen, € 0,3 mln slordig budgetteren en de rest SPUK- en inkoop meevallers . Hoe kan het dat we er pas in de loop van 2024 achter komen dat het subsidiebudget voor Optisport € 0,3 mln te hoog is? Sinds 2023 of mogelijk nog eerder bemoeien ze zich niet meer met de Tijdelijke Schelft.
omdat dit volgens BBV regels staat voorgeschreven. Dit staat los van de ontwikkeling van het Jan Kroonsplein zelf. Dit kan nog altijd een GREX worden in de (nabije) toekomst. Mee eens. Besloten is om de nieuwe verdeling niet met ingang van 2023 maar 2024 in te voeren wanneer de nieuwe beleidsperiode is ingegaan. Het ingeboekte voordeel is hiermee komen te vervallen. De overschotten in programma 2 ontstaan niet altijd door vertragingen in de uitvoering. De hiernaast genoemde constatering kunnen wij niet (volledig) onderschrijven. Uiteraard staat per product toegelicht waarom een overschot/tekort is ontstaan. Met deze investeringen zijn de grootste investeringsbedragen gemoeid en daarom zorgen die ook voor het grootste deel van de lagere kapitaallasten. De afschrijvingstermijn varieert van 20 tot 60 jaar afhankelijk van of het asfalt, elementen, reconstructiewerk, UVOR etc. betreft. De afschrijvingstermijnen zijn ook vastgelegd in de nota Nota investeringsen afschrijvingsbeleid.(de actualisatie daarvan wordt vastgesteld in de raad van december) Zie antwoord vraag 23. De reserve mutaties zullen wij, voor meer overzichtelijkheid, vanaf de Voorjaarsnota 2025 in een apart overzicht uiteenzetten.
Geen vraag, maar een constatering.
Geen vraag, maar een constatering.
Bij het opstellen van de begroting 2024 is verzuimd dit budget te verlagen.
38
41
Onze conclusie is dat het overschot van € 1,2 mln, anders dan bij andere programma's, beperkt verbonden is met vertragingen in de uitvoering. Voor zover wij kunnen zien ca + € 0,2 mln (tragere vervulling vacatures). Behalve de bonanza van de BUIG gelden (+€ 1,66 mln), het BTW nadeel (-€ 0,4 mln), de vrijval van de COA gelden uit 2016 (+€0,34 mln) is de rest van het resultaat (bijna € 0,6 mln) te wijten aan volume effecten in het gebruik van regelingen. Deze zijn deels erg summier toegelicht. Wat is de verklaring van de tegenvaller van € 0,73 mln op inkomensuitkeringen? De economie draait immers vrij goed.
39
41
40
42
Zitten de tegenvallers op jeugdhulp (ruim € 0,6 mln) ook al in de begroting van 2025 verwerkt, of komt dit er nog bovenop, als de trend zo doorzet?
41
43
42
47
De verklaring waarom de tegenvaller in de kosten leefgeld tot € 0,27 mln hogere bijdragen zou leiden, en een per saldo voordeel, zien wij graag verduidelijkt. Het duiden van de budgetafwijkingen in dit programma is een lastige, omdat we de bedragen noch de verklaringen goed begrijpen. Duidelijk lijkt dat de energietransitie een overschot van € 0,9 mln oplevert door uitvoeringsvertragingen, die overigens als zodanig niet naar oorzaak worden toegelicht. Kennelijk kunnen we de ontvangen rijksbijdragen net zo gemakkelijk doorrollen als de niet bestede bedragen bij bijvoorbeeld P4. Iets vergelijkbaars (maar dan op kapitaallasten), geldt voor oppervlaktewater en groenvoorziening, waardoor er nog € 0,07 mln aan uitvoeringsvertraging bijkomt. Maar naar het ons voorkomt zijn er nog meer vertragingen, waarvan we budgettaire effecten niet kunnen volgen. Per saldo schatten we de effecten van uitvoeringsvertragingen in op 0,9 + 0,07 +0,325 =€ 1,3 mln. En misschien nog wel meer, als CDOKE gelden ook doorrollen. (Zie vraag hieronder.)
De hiernaast genoemde constatering kunnen wij niet (volledig) onderschrijven. Uiteraard staat per product toegelicht waarom een overschot/tekort is ontstaan. Bij de toelichtingen op de budgetafwijkingen wordt vanaf de Jaarrekening 2024 gestreefd naar meer uniformiteit en transparantie.
De landelijke trend is nog steeds dat er sprake is van een stijging van de uitgaven voor bijstand. Dit is ook de reden dat de inkomsten hiervoor sterk stijgen. De stijging die nu wordt gerapporteerd is op basis van de prognose van de ISD. De stijging van de voorzieningen in natura zijn verwerkt in de begroting 2025. De kosten voor persoonsgebonden budgetten (PGB’s) zijn verder gestegen. De uitgaven hiervoor willen echter nog wel fluctueren. Eventuele bijstelling hiervan zal bij de Voorjaarsnota 2025 volgen. De aanpassing van de hoogte van de inkomsten is niet alleen van de kosten van het leefgeld afhankelijk, maar met name ook door de toename van het aantal beschikbare plekken, zoals in dezelfde toelichting is vermeld. De overschotten in dit programma ontstaan niet altijd door vertragingen in de uitvoering. De hiernaast genoemde constatering kunnen wij niet (volledig) onderschrijven. Uiteraard staat per product toegelicht waarom een overschot/tekort is ontstaan.
Op CDOKE is € 0,077 mln extra ontvangen. Als daar 1 op 1 nog te leveren uitvoeringsverplichtingen tegen overstaan, kunnen we begrijpen dat dit niet als een overschot wordt gezien. Maar is dat wel zo? Over de feitelijke besteding van de CDOKE gelden wordt alleen opgemerkt dat niet bestede bedragen naar volgend jaar worden doorgerold, maar een benadering daarvan wordt niet gegeven. Hoeveel CDOKE geld is er einde jaar naar verwachting over, en leidt dat tot extra overschot? Bij riolering hebben we een kapitaallastenvoordeel van € 0,325 mln. In andere programma's en bij oppervlaktewater/groenvoorziening worden zulke overschotten ook als zodanig aangemerkt, maar hier niet. Waarom?
CDOKE is een specifieke uitkering die een termijn heeft van drie jaar. De inkomsten worden in jaarlijkse termijnen ontvangen en begroot en hier komen jaarlijkse kosten tegenover te staan. Aan het einde van de drie jaar vindt er een afrekening plaats. Niet uitgegeven budget zal terugvloeien naar de rijksoverheid.
49
Het hier bovengenoemde overschot door lagere kapitaallasten zal niet leiden tot een tekort in de voorziening, ervan uitgaande dat de tarieven niet zijn veranderd. Is er een berekeningsfout gemaakt waardoor de lasten nu € 0,113 mln hoger zijn dan verwacht? Wat is de achterliggende berekening?
Nee, er is geen sprake van een fout. De achterliggende berekening is als volgt: de lagere kosten op het taakveld riolering van € 325.000,- (voordeel) levert een lagere vrijval van de voorziening (nadeel) op. Alleen daar komt ook bij de toerekening van btw van 21% en overhead van 14%. Dat maakt dat de vrijval van de voorziening € 438.000 lager (nadeel) is. Per saldo heeft dit dan een nadelig effect op het begrotingssaldo van € 325.000,- -/- € 438.000,- = € 113.000,- nadeel.
46
49
Zie voorgaande vraag. We hebben een - ongespecificeerd - voordeel op de afvalinzameling en verwerking. Hoeveel? Wat is de achterliggende berekening van het geraamde tekort?
De achterliggende berekening is als volgt: de lagere kosten op het taakveld afvalinzameling en -verwerking van € 400.000,- (voordeel) levert een lagere vrijval van de voorziening (nadeel) op. Alleen daar komt ook bij de toerekening van btw van 21% en overhead van 14%. Dat maakt dat de vrijval van de voorziening € 540.000 lager (nadeel) is. Per saldo heeft dit dan een nadelig effect op het begrotingssaldo van € 400.000,- -/- € 540.000,- = € 140.000,- nadeel.
47
55
Het berekende tekort van € 0,333 mln kunnen we niet geheel volgen (zie hieronder), maar is in ieder geval kennelijk niet veroorzaakt door vertraging.
De overschotten in dit programma ontstaan niet altijd door vertragingen in de uitvoering. De hiernaast genoemde constatering kunnen wij niet (volledig) onderschrijven. Uiteraard staat per product toegelicht waarom een overschot/tekort is ontstaan.
43
48
44
49
45
Omdat alleen bij riolering tegenover het voordeel in de kapitaallasten ook een nadeel staat als gevolg van een lagere vrijval uit de voorziening. En die vrijval is groter dan de kapitaallasten door de toerekening van compensabele btw en overhead. Zoals op die pagina staat toegelicht betekent dit per saldo een nadelig effect.
48
49
56
56
50
Tav ontwikkelingen grondbedrijf zijn het staatje en de toelichting erop in strijd met elkaar, er is immers juist per saldo géén resultaat toch, omdat alleen de timing van bedragen wordt verschoven, terwijl de (resultaatbepalende) verwachtingen verder helemaal ongewijzigd blijven. En waarom staat de verschoven € 2,223 mln wél in het overzicht, en de eveneens verschoven € 3,885 mln niet? Wij zijn de draad kwijt.
Het is ons niet duidelijk waarom een vergeten rentetoerekening aan een product op concernniveau tot een resultaat kan leiden, we betalen toch niet opeens meer rente? (Omgekeerd toch juist, zie het rentekostenvoordeel hierboven?) Al het bovenstaande bij elkaar opgeteld is er sprake van ruim € 7 mln vertragingseffecten. Vertragingseffecten die ontstaan door latere vacaturevervulling en door het later gereedkomen van investeringen zijn vrij aanwendbaar, de rest niet. Is dat correct? Het betoog over de tariefmaximering van de naheffingsaanslagen kunnen wij maar half volgen, maar we wachten de extra toelichting in het separate voorstel af.
51
58
52
60
Wat heeft borstkankerscanning met toerisme te maken?
53
62
Waarom wordt niet vermeld dat Noordwijk nog steeds op trede 2a toezicht staat vanwege het ontbreken van een VTH-beleidsplan? Of geldt de onlangs (in Q2, niet Q3, zie stoplicht terzake) geactualiseerde verordening handhaving en uitvoering als zodanig?
Er wordt binnen het product Grondbedrijf voor een bedrag van € 2.223.000,aan lasten verschoven van 2024 naar 2025. Dit heeft betrekking op het complex Bronsgeest. Dit leidt in 2024 tot een voordeel. Tevens wordt binnen het product Grondbedrijf voor een bedrag van €3.885.000,- aan opbrengsten verschoven van 2024 naar 2025. Dit betreft het complex Space Business Park. Dit leidt tot een nadeel in 2024. De verschuivingen hebben geen effect op het resultaat van deze najaarsnota, want dit loopt glad via de boekwaarden van de aangegeven complexen (€ 1.662.000,-). In totaal leidt dit in 2024 tot een nadeel van € 2.223.000,-. De begrote bedragen verschuiven in de tijd voor per saldo € 2.223.000,-. Dit wordt begrotingstechnisch verwerkt in verband met begrotingsrechtmatigheid. Er wordt jaarlijks rente toegerekend aan het product 252 grondbedrijf. Abusievelijk is deze begrote post bij de begroting 2024 niet meegenomen. Dit resulteert in een budgetafwijking in het grondbedrijf die in deze najaarsnota alsnog wordt begroot. De overschotten in de programma’s ontstaan niet altijd door vertragingen in de uitvoering. De hiernaast genoemde constatering kunnen wij niet (volledig) beamen. Uiteraard staat per product toegelicht waarom een overschot/tekort is ontstaan. Doordat we met de scanauto zijn gaan handhaven zijn er veel meer naheffingsaanslagen dan voorheen.
De kosten gedeeld door het aantal aanslagen daalt daardoor. Voorheen konden niet alle kosten meegenomen worden in het tarief omdat die gemaximeerd was. Vanaf 2025 komt het tarief hierdoor wel onder het grensbedrag uit. En daardoor kunnen er meer kosten worden verhaald wat tot meer opbrengsten leidt. Het budget dat benodigd is voor de krachtstroom voorziening is geregeld door de vakafdeling die ook de krachtstroom voorzieningen regelen voor grote evenementen etc. We hebben dat niet vermeld omdat Omgevingsrecht, waar VTH onderdeel van uitmaakt, geel kleurt en we alleen de volgende trede oranje en/of rood toelichten in de Najaarsnota. Zoals we hebben gedaan over vergunninghouders. Bovendien is het IBT dashboard online te raadplegen. En ook wordt de raad bij aandachtspunten schriftelijk geïnformeerd.
54
64
55
74
56
72
We hebben al een tijdje niet meer naar dit overzicht gekeken, en worstelen nu met de informatieve waarde ervan. De toelichting concludeert dat er na 2024 - dus in 2025 en latere jaren - nog € 23 mln investeringen te gaan zijn. Maar De Schelft, alsmede twee scholen zitten daar plotseling niet meer bij. Waarom niet? Wat ontbreekt er nog meer, en waarom? Als je dat niet weet kun je eigenlijk maar weinig met dat € 23 mln getal. Dus welke conclusie kunnen we er nu wél uit trekken? Dreigt 2024 een goed of slecht investeringsjaar te worden, de centrale vraag hier, waaraan kunnen we dat beoordelen? Wij zouden denken: uit, primair, het verschil tussen begroot voor uitvoering 2024 en werkelijk uitgevoerd 2024 (verwachting per 1.10). Maar dat kunnen wij niet uit het overzicht halen. Alleen werkelijk verwacht uit te voeren in 2024 is beschikbaar. Kennelijk € 20,2 mln. Dat zou best veel zijn. Maar de verwachting ten tijde van de begroting ontbreekt, waardoor we moeilijk conclusies kunnen trekken. Hieronder nog enkele vragen. Schippersvaartweg. In 2024 is er € 4,75 mln afgeraamd, en vervolgens voor € 10,6 mln gerealiseerd, met -/- € 3,7 mln nog te gaan. Waarom de aframing, waarom is vervolgens toch het hogere bedrag geïnvesteerd, en wat is nu wat precies de betekenis van die -€ 3,7 mln?
Duinpieper. De toelichting suggereert da de investering nog helemaal niet is uitgevoerd, maar het restant staat nog maar op € 0,1 mln. Hoe zit dat nu precies?
Er is er goed gekeken naar de capaciteitsplanning en de ingangsdata van de verschillende investeringen. Zo zijn de investeringen inzake de Schelft, diverse scholen en het atrium uit het jaar 2024 gehaald, aangezien deze investeringen waarschijnlijk in een later jaar zullen aanvangen. Deze investeringen komen uiteraard wel terug in het Investeringsplan 2025-2028 bij de Programmabegroting 2025-2028. Dit komt terug in de kolom BW 2024 NJN en blijft zodoende inzichtelijk.
De aframing van € 4.75 miljoen betreft het begrote bedrag met de inkomsten uit bijdrage van het rijk. De netto investering voor de gemeente bedraagt daarmee € 6,8 miljoen. De werkelijke uitgaven bedragen € 10,5 miljoen. Dit is daarmee € 3,7 miljoen boven het bedrag van de netto investering van € 6,8 miljoen. De bijdrage van het rijk van € 4,75 miljoen moet echter nog als werkelijke inkomst worden verwerkt. De investering betreft een bijdrage aan de Stg. Resonans voor renovatie van De Duinpieper en Het Duin. Deze bijdrage is al wel uitbetaald maar de uitvoering (waarbij de stichting de opdrachtgever is) is om genoemde reden vertraagd.